Concept-handelingen raad 18 november 2021
Tekst van het document
DIGITALE RAADSVERGADERING VIA MICROSOFT TEAMS OP 18 NOVEMBER 2021 Voorzitter: mevrouw J.M. van Bijsterveldt-Vliegenthart, burgemeester. Aanwezig zijn: mevrouw Bel, mevrouw Van den Berg, mevrouw Bij de Vaate, mevrouw De Boer, de heer Van den Brink, mevrouw Van Cooten, de heren Cüppers (vanaf zijn beëdiging) en Dag, mevrouw Enthoven, mevrouw Gaal, mevrouw Van Geenen, mevrouw Gooijer, mevrouw Grobben, de heren Harinck (tot zijn afscheid), Herrema, Den Hollander, Al Jaberi en Jaff, mevrouw Kok, mevrouw De Koning, mevrouw Lips, de heer Maruf, mevrouw Osepa, de heren Van Overbeeke, Van Rijn en Van Roon, mevrouw Van Rossum, de heren Schuurman en Stoop, mevrouw Tiekstra, de heer Töns, mevrouw Van Tricht, de heren Valk en Van Vliet, mevrouw Voogt en de heren Weiler, De Wit, Van der Woerd en Van Woudenberg. Aanwezige wethouders: de heer Brandligt, de heer Harpe, mevrouw Huijsmans, mevrouw Schrederhof en de heer Vollebregt. Raadsgriffier: de heer R.G.R. Jeene. XX. Opening en mededelingen. De VOORZITTER: Goedenavond dames en heren, kijkers thuis, raadsleden, wethouders, ondersteuners en familie van het vertrekkende en het aankomende raadslid, eenieder van harte welkom vanuit het stadhuis van Delft. Allereerst vraag ik de griffier om de namen van de raadsleden één voor één op te noemen in alfabetische volgorde. Het wordt weer spannend; het is even geleden.
U wordt gevraagd om, nadat uw naam genoemd is, in beeld te komen en uzelf present te melden. We willen u graag zien en horen. Op basis daarvan weten we of we quorum hebben en besluiten kunnen nemen. Van mevrouw Timmermans is een afmelding ontvangen. (De griffier noemt de namen op.) De VOORZITTER: Dat betekent dat we een quorum hebben en de vergadering daadwerkelijk kunnen openen. U hebt vooraf aangegeven wie de woordvoerder van uw fractie per bespreekpunt is en deze lijsten zijn vanmiddag verspreid. In die volgorde wil ik het gaan doen. Nadat deze sprekers zijn geweest, zal ik vragen wie er nog meer een termijn wil. Daarvoor kunt u dan op dat moment het handje opsteken in TEAMS. Verder kunt u tussendoor het handje gebruiken voor interrupties of punten van orde, maar natuurlijk is de griffier ook altijd bereikbaar als er even iets mis zou gaan. Er zijn voorafgaande aan de vergadering tot vandaag 12:00 uur nog moties en amendementen door de griffie ontvangen. Deze zijn op het RIS gepubliceerd. Alle moties en amendementen zijn voldoende ondersteund en maken hierbij deel uit van de beraadslagingen. U kunt eventuele extra moties en amendementen tijdens de vergadering mailen aan de griffier. Deze worden dan op het RIS geplaatst. Ik heb een paar mededelingen over moties en amendementen.
De ChristenUnie dient een extra amendement in: amendement A8.2A over de vaststelling van de nota Participatie in Delft 2022 en Verordening participatie en uitdaagrecht Delft 2022. Bij agendapunt 8.3, het voorstel van het college inzake Cultuurkader Delft, heeft Onafhankelijk Delft zich aangesloten bij amendement A8.3.A (Eerlijk betalen voor cultuur). Het tweede amendement, amendement A8.3.B (Een extra zaal voor een uitgebreider Delfts cultuuraanbod), is 1
verbeterd en is opnieuw op het RIS gezet. Deze amendementen maken hierbij onderdeel uit van de beraadslagingen. Voordat we echt van start gaan, wil ik iets zeggen over de campagne Global Goals en zal ik de heer Harinck toespreken vanwege zijn afscheid, waarna ik de heer Cüppers zal installeren als nieuw lid van de gemeenteraad van onze prachtige stad Delft. Lieve mensen, een betere wereld begint bij jezelf, bij onszelf. Nooit eerder leek ons individuele handelen zo'n impact te hebben op de wereld om ons heen. Of we ons nu wel of niet laten vaccineren, of we nu wel of niet boodschappen gaan halen bij de winkel om de hoek of deze laten bezorgen uit verre oorden en of we nu wel of niet de verwarming in huis een paar graden hoger of lager zetten, wat we doen in ons dagelijks leven, de keuzes die we maken, ze hebben gevolgen. We kunnen de impact van onze keuzes niet langer bagatelliseren onder het motto "wat heeft mijn handelen nou voor invloed ten opzichte van de grote wereld?" Alles dus. Het is zoals die prachtige uitspraak uit de Talmoed zegt: wie één mens redt, heeft de wereld gered. Zo geldt dat ook voor ons handelen: samen, ieder voor zich, het goede doen doet bergen verzetten. Daarom ben ik als voorzitter van deze raad blij dat eenieder van u als raadslid meedoet met de campagne Raadsleden adopteren een Global Goal.
Eerder sloot de gemeente Delft zich al aan bij de Gemeenten4GlobalGoals. De gemeenteraad doet daar nu een betekenisvol schepje bovenop. De zeventien Global Goals zijn duurzame ontwikkelingsdoelen die in 2015 door alle lidstaten van de Verenigde Naties zijn aangenomen en die tot 2030 samen de wereldwijde duurzaamheidsagenda vormen. Ook Nederland heeft deze agenda onderschreven. Om deze doelen te halen, is de inzet van iedereen nodig; ook lokaal, ook hier in Delft, omdat ons handelen niet alleen bepaalt hoe we de stad beter willen maken maar ook onze bijdrage bepaalt aan een betere wereld. Ik juich het toe dat de raad zijn eigen rol pakt, dat u daar als raadslid uw persoonlijk steentje aan bijdraagt en dat u zich sterk wilt maken voor een duurzame samenleving, ieder op zijn eigen manier. Als raadslid kunt u een Global Goal adopteren en richt u zich specifiek op bijvoorbeeld de energietransitie, schoon water, inclusiviteit of een einde aan armoede. Deze campagne zorgt ervoor dat u als ambassadeurs zichtbaar wordt voor de bewoners en organisaties die zich in Delft al bezighouden met de Global Goals. U kunt daarmee als volksvertegenwoordiger aansluiten bij betrokken Delftenaren. U kunt echter ook andere mensen, die nog niet meedoen, inspireren en aanmoedigen. U kunt ook onderling de samenwerking aangaan.
U hebt al gemerkt dat daardoor verbindingen in de raad ontstaan die misschien anders niet tot stand zouden zijn gekomen. Onderling in de raad met elkaar en samen met initiatieven in de stad; dat is mooi. Dat zorgt voor een sterke verbondenheid binnen de raad en een sterke verbinding met de stad. Het gaat in deze campagne over samenwerking en hoe we samen op een positieve manier, vol inspiratie en enthousiasme, stappen zetten naar een betere wereld, voor onszelf, voor onze kinderen en voor iedereen die na ons komt, opdat wij de wereld achterlaten zoals we die zelf graag gevonden zouden willen hebben. Samen met de stad, voor de toekomst van Delft, ons land en de wereld. En dan toch echt de heer Harinck. Meneer Harinck, mag ik u verzoeken te gaan staan? Geachte heer Harinck en geachte raadsleden, voordat we verdergaan met de vergadering, wil ik natuurlijk enkele woorden richten tot Marcel Harinck. Afscheidswoorden, want Marcel, je gaat in Utrecht wonen. Dat betekent dat je niet langer raadslid kan zijn van onze mooie stad Delft. Dat was je sinds december 2018 voor STIP. Normaal gesproken sta ik bij het vertrek van een raadslid altijd even stil bij zijn of haar prestaties in de raad en wat zij of hij heeft gedaan voor de stad. Maar bij jou ligt dat net even anders.
Je hebt je de afgelopen drie jaar zo intensief beziggehouden met zaken als digitalisering en privacy dat ik begon te twijfelen welke van jouw inspanningen als raadslid ik eigenlijk zou mogen noemen. Het zou natuurlijk heel eenvoudig zijn, zeker nu we weer digitaal vergaderen, om je even snel het 2
beste te wensen en "uiteraard heel veel succes in de toekomst; bedankt en tot ziens". Dat is misschien - qua privacy - heel veilig, maar ik zou je daar ook heel erg tekort mee doen. Want wat heb je veel gedaan tijdens je raadslidmaatschap! Ik noem een paar zaken, zoals het initiatiefvoorstel over digitale soevereiniteit, het privacyvriendelijke alternatief voor WhatsApp en je schriftelijke vragen over cameratoezicht op de campus van de TU en tracking cookies op de website van de gemeente. Daarnaast waren er de motie om onderzoek te doen naar het toepassen van blockchain in de zorg om de administratieve lasten te verminderen, de motie om privacy als eis op te nemen in de afspraken en vergunningen met deelvervoeraanbieders en, niet te vergeten, ook nog de motie om de mogelijkheden te onderzoeken voor een huurteam in Delft en de ja/jastickermotie om het brievenbusstickerbeleid zo aan te passen dat bewoners niet standaard meer reclame ontvangen. Dat vind ik persoonlijk iets heerlijks, niet de reclame maar de begrenzing daarvan. Marcel, we hebben je leren kennen als een trotse Delvenaar. Dat kunnen maar heel weinig STIP'ers zeggen. Ik kan me voorstellen dat je onze mooie stad en jouw geboortestad met pijn in je hart achterlaat.
We gaan je missen, ook omdat we iemand kwijtraken waarop altijd een beroep kon worden gedaan, of dat nou was als plaatsvervangend commissievoorzitter of als voorzitter van de raadswerkgroep die vorig jaar in een razend tempo de realisatie van een nieuw raadsinformatiesysteem begeleidde. Je stond altijd voor iedereen klaar, en niet omdat je geen nee kon zeggen. Dat kon je ook. In je fractie, heb ik me laten vertellen - ik kan me er ook wel iets bij voorstellen - kon je behoorlijk koppig zijn. Vaak bleek je het wel bij het rechte eind te hebben. Een tikkeltje eigenwijs ook en een duizendpoot met allerlei nevenactiviteiten, waardoor je best wel lang over je studie hebt gedaan. Maar goed, dan heb je ook wat en je had ook zoveel te doen. Je was de trekker en contactpersoon in de samenwerking van STIP met de Piratenpartij. Het initiatiefvoorstel over digitale soevereiniteit vloeide voort uit die samenwerking en wordt vanavond zelfs als hamerstuk door de raad vastgesteld. In de raad hebben we je leren kennen als een sterke debater. Luid en duidelijk aanwezig en altijd goed voorbereid ging je het debat in. Intern, in je fractie, laat je ook je voetdruk achter. Je hebt nogal wat veranderingen doorgevoerd. Je hebt veel gedaan voor de invoering van portefeuilles binnen STIP.
Je beheerde de website van STIP en je veranderde niet alleen de stijl, maar zorgde ook voor een systeem waarin ingediende moties, toezeggingen en schriftelijke vragen terugkomen. Uit coronanood geboren zorgde je ook voor een slimme onlineoverdracht in de vorm van een levende agenda. Geweldig! Het lijkt me haast overbodig om hier te vermelden dat je daarnaast ook een efficiënte werker en een strateeg bent. Marcel, ik wil je heel veel dankzeggen voor al je inspanningen als raadslid en je inzet voor onze mooie stad in de afgelopen jaren. Je hebt de bloemen en het Delftsblauwe bord meer dan verdiend. Het ga je goed! (Applaus) XX. Rapportage commissie onderzoek geloofsbrieven / voorstel tot benoeming van de heer T.D.A. Cüppers (STIP) tot raadslid van de gemeente Delft (nr. 2145857). De VOORZITTER: De commissie geloofsbrieven, bestaande uit mevrouw Lips en de heren Van Roon en Stoop, heeft geen beletselen gezien voor de benoeming van de heer T.D.A. Cüppers tot raadslid. Stemt de raad in met de rapportage van de commissie onderzoek geloofsbrieven? Dat is het geval. Daarmee stel ik vast dat hij is toegelaten. XX. Het afleggen van de verklaring en belofte door de heer Cüppers. 3
De VOORZITTER: De heer Cüppers is al binnen; hij zat al op een wethoudersstoel. Let op, wethouders! Voor je het weet, ben je je stoel kwijt. Hij neemt hier voor mij plaats. De heer Cüppers heeft aangegeven te kiezen voor de verklaring en belofte. Ik zal de verklaring en belofte op grond van artikel 14 van de Gemeentewet voorlezen. "Ik verklaar dat ik, om tot raadslid benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik verklaar en beloof dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik beloof dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als raadslid naar eer en geweten zal vervullen." Hierna legt de heer Cüppers in handen van de voorzitter de verklaring en belofte af. De VOORZITTER: Ik feliciteer u van harte. U krijgt van mij bloemen en de vroedschapspenning uitgereikt. U weet dat die penning heel belangrijk is. Bij grote hongersnoden mag u daarmee bij boeren die zich door deze stad begeven, het varken, de koe of het kalf pakken om Delftenaren die honger hebben, te kunnen voeden. Heel belangrijk. Ik schors de vergadering heel even. De vergadering wordt enige tijd geschorst. XX. Vaststellen agenda.
De VOORZITTER: Meneer Van Woudenberg van het CDA heeft voorgesteld om de Verordening behandeling bezwaarschriften Delft van de agenda te schrappen. De fractievoorzitters hebben zojuist aangegeven dit voorstel te steunen. Wenst iemand daar nog iets over te zeggen? Dat is niet het geval. Dus dat gaat van de agenda af. Het presidium stelt voor om ten aanzien van de bespreekagenda, gelet op het verdwijnen van het zojuist genoemde voorstel een totale spreektijd aan te houden van 3 uur. Dit betekent 14 minuten per fractie en 46 minuten voor het college. Gelet op het schrappen van een agendapunt hebben we de spreektijd iets ingekort ten opzichte van wat het presidium eerder had bedacht. De agenda wordt aldus gewijzigd vastgesteld. XX. Vaststelling Handelingen van de gemeenteraadsvergadering van 4 november 2021. De Handelingen worden ongewijzigd vastgesteld. XX. Vaststelling van de wijze van afdoening van ingekomen stukken week 43 en week 44 van 2021. Besloten wordt overeenkomstig de behandelvoorstellen. XX. Besluitvorming hamerstukken. INVOEGEN HAMERSTUKKEN De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. 4
Mevrouw BEL (D66): Voorzitter. Ik wil een stemverklaring afgeven bij het initiatiefvoorstel Digitale soevereiniteit. Delft zet als gemeente in op digitalisering. Het is daarbij van groot belang om ook als gemeente niet te sterk afhankelijk te worden van softwareleveranciers en big tech. Het initiatiefvoorstel geeft een aantal principes om waar mogelijk het gebruik van vrije en open software en standaarden te bevorderen. Delft geeft als stad van innovatie en technologie het goede voorbeeld en heeft daarbij wat D66 betreft oog voor bescherming van de privacy, gelijke behandeling van mensen, onze vrijheden en rechtsstatelijke bescherming. Daarom stemmen wij uiteraard voor dit initiatiefvoorstel. Mevrouw VAN TRICHT (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Wij willen een stemverklaring afgeven bij de vaststelling van de fractieverantwoording. OD stemt onder protest voor, omdat wij de rekeningen gepresenteerd krijgen die een ander heeft veroorzaakt. De heer DE WIT (Hart voor Delft): Voorzitter. Wij hoorden de opmerking van OD dat de kosten bij een ander vandaan komen. OD heeft niet alleen de partij gestolen, maar ook de stemmen van de heer Stoelinga. Als ze de waarheid zeggen, moeten ze gewoon de kosten betalen die er staan. De VOORZITTER: Meneer De Wit, mag ik u erop wijzen dat het hier enkel om stemverklaringen gaat en niet om een debat? Dus een korte stemverklaring graag.
De heer DE WIT (Hart voor Delft): Laat ik het zo zeggen: wij vinden het volkomen terecht dat de fractievergoeding voor Onafhankelijk Delft is stopgezet, want ze moeten eerst het geld terugbetalen dat ze genomen hebben van de Delftse burgers. De VOORZITTER: Nee, mevrouw Van Tricht, u heeft reeds een stemverklaring gegeven. We gaan niet in debat, want dan moet het punt geagendeerd worden. We gaan dus niet meer in debat. Mevrouw DE BOER (STIP): Voorzitter. Het is eigenlijk een beetje namens Marcel, maar wij stemmen natuurlijk volmondig voor het initiatiefvoorstel. We willen ons daarbij ook aansluiten bij de mooie woorden van mevrouw Bel. De voorstellen van de hamerstukkenlijst worden zonder beraadslaging en zonder stemming aangenomen. XX. Benoemingen: Voorstel van het college aan de raad inzake benoeming leden Adviescommissie voor bezwaarschriften (nr. 2143812). De VOORZITTER: Wil iemand stemming over deze benoemingen? Dat is niet het geval. Dan doen wij dit bij hamerslag af en is aldus besloten. XX. Initiatiefvoorstellen. De VOORZITTER: Er zijn geen initiatiefvoorstellen. XX. Gewijzigd voorstel van het college aan de raad inzake Vaststelling Nota Participatie in Delft 2022 en Verordening participatie en uitdaagrecht Delft 2022 (nr. 2134649). De VOORZITTER: Diverse fracties overwogen moties en amendementen en er wordt ook het een en ander ingediend.
Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Voorzitter. Ik ben de wethouder veel dank verschuldigd, want als hij niet even gebeld had, was ik glad vergeten om dit amendement in te dienen. Er 5
zat ook wat tijd tussen de raadsvergadering en de commissievergadering; daarmee wil ik even voor mezelf pleiten. Ik was er driftig aan begonnen, maar ik vergat het af te maken. Alle fractievoorzitters hebben het amendement aan het eind van de middag of aan het begin van de avond in hun mailbox gevonden. Het staat inmiddels op het RIS. Wat wij in de commissie hadden betoogd, is dat in de verordening en in de toelichting in de nota stond dat als over een onderwerp al participatie had plaatsgevonden volgens Delfts Doen, dat niet nogmaals hoefde. Wij vonden dat wat te kort door de bocht. Het kan best zijn dat er een thema is waarover een voorstel ingediend wordt dat leidt tot heel veel discussie of tot het afvoeren van het onderwerp. Vervolgens komt er een nieuw onderwerp ter tafel. Dan is het juist heel goed om weer Delfts Doen te doen. Dat heeft ertoe geleid dat wij een amendement hebben opgesteld waarin dat, kort gezegd, wordt toegevoegd aan de tekst. Dat moet op drie plekken, als ik het goed heb gezien: op twee plekken in de nota - in een schema en in de toelichting - en in de verordening. Kort gezegd komt het hierop neer: "onderwerpen die niet eerder onderwerp zijn geweest van participatie" wordt vervangen door "onderwerpen die in deze vorm niet eerder onderwerp zijn geweest van participatie". We veranderen dus eigenlijk niks.
We maken eigenlijk alleen maar duidelijker wat we hiermee bedoelen, namelijk dat je hetzelfde plan of hetzelfde voorstel niet twee keer onderwerp hoeft te laten zijn van Delfts Doen. Als het al in die vorm ter tafel is geweest, hoeft dat niet, maar wel als er een andere vorm wordt gepresenteerd. Dat staat in het amendement. We hebben in de commissievergadering ook gezegd dat we nog wilden nadenken over het punt waarvoor de inspreker kwam, namelijk de mogelijkheid om bij de AOK ofwel de Welstand in te spreken. Daar hebben we over nagedacht. We hebben nagevraagd en gekeken hoe dit in andere gemeenten geregeld is. We hebben daar geen goed voorbeeld van kunnen vinden. Dit laten we voor nu dus even rusten. De heer VAN DEN BRINK (STIP): De fractie van STIP vraagt zich nog af in welke mate er iets zou moeten veranderen voordat er opnieuw participatie plaats zou moeten vinden. Op zich staan we sympathiek tegenover het amendement, maar we zijn benieuwd hoe de ChristenUnie de uitvoering voor zich ziet. Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Het gaat er natuurlijk niet om dat Delfts Doen opnieuw moet als na een uitgebreid debat een amendement wordt ingediend dat het voorstel aanpast. Dat kan ook niet als je verder bekijkt hoe Delfts Doen in elkaar steekt.
Het moet ook in een bepaalde fase van het proces, maar als je die fases van het proces opnieuw gaat doen, veronderstelt dat ook opnieuw Delfts Doen. Ik weet niet of het helemaal een passend voorbeeld is, maar denk even aan Tanthof. Stel dat je daar Delfts Doen had gedaan met de scholenschuif; we zitten daar nu in een hele andere situatie. Als je zegt dat we het proces weer helemaal gaan starten maar dat over het onderwerp Tanthof al Delfts Doen is geweest, snapt iedereen dat we dat niet willen. Dat beaamde de wethouder ook. Over dat soort dingen moet je het dus hebben. Het gaat er niet om dat juist op basis van Delfts Doen een voorstel wellicht gewijzigd wordt, ook na een uitgebreid debat in de raad. Ik bedoel dus niet dat we het dan wijzigen en dat we het daarom opnieuw zouden moeten doen. Het gaat niet om woordjes, zinnen of een aanscherping van een plan dat al op die wijze is behandeld. Het blijft dus subjectief. Dat is misschien wat STIP zegt, maar ik denk dat ik het hiermee iets heb kunnen verduidelijken. De VOORZITTER: De heer Van den Brink knikt. Volgens mij breekt het licht door.
Door de fractie van de ChristenUnie wordt amendement A8.2.A (Nota en Verordening Participatie Delft 2022) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 18 november 2021 ter bespreking van het agendapunt Voorstel van het college aan de raad inzake Vaststelling Nota Participatie in Delft 2022 en Verordening participatie en uitdaagrecht Delft 2022, 6
Besluit: de nota Participatie in Delft 2022 vast te stellen met de volgende wijzigingen in het schema op pagina 10 en de toelichting op p. 11:
De onderste bullet was: • Niet eerder onderwerp van participatie De onderste bullet wordt: • In deze vorm niet eerder onderwerp van participatie Pagina 11: De gemeente Delft past Delfts Doen toe voor initiatieven van de gemeente die aan alle criteria in samenhang (a t/m d) voldoen: a) (fors) afwijken van de beleidsregels; b) grote impact hebben op de stad, indicatoren: o het aantal belanghebbenden dat iets gaat merken van de plannen; o de mate van verandering die de plannen met zich meebrengen; o trajecten uit het verleden die onrust hebben veroorzaakt voor belanghebbenden; c) wel contouren hebben (bijvoorbeeld schetsontwerp) maar ook nog voldoende mogelijkheid om met de inbreng van de stad te worden uitgewerkt; d) niet eerder onderwerp zijn geweest van participatie. d) was: niet eerder onderwerp zijn geweest van participatie d) wordt: In deze vorm niet eerder onderwerp zijn geweest van participatie Besluit tevens: De Verordening participatie en uitdaagrecht gemeente Delft 2022 te wijzigen Artikel 2 lid 5, d Was: indien al eerder participatie of een zienswijzeprocedure als bedoeld in afdeling 3:4 Algemene wet bestuursrecht over hetzelfde beleidsonderwerp heeft plaatsgevonden; 7
Wordt: Indien al eerder participatie of een zienswijzeprocedure als bedoeld in afdeling 3:4 Algemene wet bestuursrecht over hetzelfde beleidsonderwerp in deze vorm heeft plaatsgevonden. Toelichting: Een beleidsnota of plan kan fors gewijzigd terugkomen in het proces. Over het onderwerp is dan wel Delfts Doen toegepast, maar niet in dezelfde vorm. Het is dan niet logisch en onwenselijk dat er geen Delfts Doen hoeft te worden toegepast. De voorgestelde tekst verduidelijkt de bedoeling van dit criterium." De heer DE WIT (Hart voor Delft): Voorzitter. In de commissie waren we natuurlijk duidelijk over de Participatienota. Er is eigenlijk niks veranderd, terwijl de participatie vaak, meestal, niet goed gaat. De Participatienota is ook niet voorgelegd aan de belangenverenigingen, die wel heel veel verstand hebben van hoe met burgers om te gaan. Dat is natuurlijk een blunder van de grootste orde van wethouder Huijsmans. Dat is het eerste wat je gaat vragen: willen jullie er nog iets in hebben? Om een voorbeeld te geven: wij vinden dat bij bouwprojecten of gebiedsontwikkelingen de buurt actief geïnformeerd moet worden. Dat valt nergens onder. Dat valt niet onder Delfts Doen en dat valt niet onder het Right to Challenge ofwel het uitdaagrecht. Met andere woorden: het werkt allemaal goed omdat er nauwelijks inspraak is.
Dan kun je zeggen dat alles goed gaat, maar de burger ervaart dat dus niet zo. Wij vinden het ook ouderwets. Hoe gaan we bijvoorbeeld om met petities die burgers hebben? Daar staat niks over in. Petities, die vaak via internet gaan, verdwijnen bij een wethouder in een la. Die doet er iets of niks mee. Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Als ik de verordening en de nota lees, zie ik dat in Delfts Doen het informeren van de buurt wel degelijk een onderdeel is, want het gaat over het in kaart brengen van de belanghebbenden en daarmee actief in gesprek gaan. Het betrekken van de buurt en de buurtverenigingen zit dus toch juist wel in Delfts Doen? Want dat zijn belanghebbenden bij een plan. De tweede vraag loopt misschien een beetje vooruit op de rest van de termijn. De heer De Wit trekt een behoorlijk grote broek aan bij het afschieten van deze nota, maar ik zie op het RIS geen enkel voorstel van Hart voor Delft om de verordening of de nota aan te passen, zodat het meer wordt zoals de fractie wil. Waarom is dat dan niet gebeurd? De heer DE WIT (Hart voor Delft): In Delfts Doen staat dat niet. In Delfts Doen moet de burger dit allemaal zelf ondernemen. Burgers moeten dus zelf samen het initiatief nemen om Delfts Doen te gaan doen. Er is dus geen regel dat de gemeente bij gebiedsontwikkeling of andere zaken heel de buurt actief informeert.
Dat kan wat mij betreft samen met de projectontwikkelaar. Delfts Doen is meer individueel of van een belangenvereniging die uit zichzelf iets wil. Het komt niet van de gemeente vandaan. Uw tweede vraag was: waarom doet u zelf niks? Omdat dit college vier jaar de tijd heeft gehad om iets te organiseren en nu, aan het eind van de periode, met niks nieuws komt. Dit is een totaal uitgeblust college. Dit zijn partijen die helemaal niks meer met elkaar hebben. Het is gewoon een oud huwelijk waarin niet meer met elkaar gepraat wordt. Het is aan het nieuwe college, nieuwe partijen, nieuwe mensen om de inspraak beter te regelen. Wat u met uw notitie aan het doen bent … Het is allemaal heel erg laat binnengekomen, te laat om er inhoudelijk goed op in te gaan. De heer VAN VLIET (GroenLinks): In lijn met wat mevrouw Gooijer zegt: spelregel 3 van Delfts Doen staat op bladzijde 13. Daar staat: ga in gesprek met alle belanghebbenden; doe dit open en actief. Het staat er met naam en toenaam. Daar is geen woord Spaans aan. Wat wil de heer De Wit anders hebben in Delfts Doen? 8
Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Mijn vraag gaat over hetzelfde punt, maar op een andere bladzijde van de nota. Ik vraag me af of de nota gelezen is door Hart voor Delft of dat Hart voor Delft nu bij alles denkt: het college is aan het eind van zijn rit en we hoeven dus niks meer te lezen. Dat lijkt me niet heel verstandig voor het goed uitvoeren van uw volksvertegenwoordigende rol, maar vooruit. Op pagina 10 in het schema en op pagina 11 in de toelichting staat namelijk heel duidelijk dat ook bij projecten die de gemeente doet, Delfts Doen wordt toegepast. Wanneer en hoe dat gebeurt, staat in dat schema. Het is dus echt niet zo dat Delfts Doen alleen geldt als bewoners een eigen initiatief hebben. Dat is niet correct. De heer DE WIT (Hart voor Delft): Dat zit ik net te vertellen. Ik vind de verdachtmakingen van mevrouw Gooijer vreemd. Ik verwacht niet dat iemand van de ChristenUnie mij persoonlijk aanvalt. Maar goed, dat is haar nieuwe stijl. Er staat inderdaad: ga in gesprek. Maar daar staat niet bij hoe. In werkelijkheid gebeurt dat dus niet, want de belangenverenigingen zeggen dat Delfts Doen een wassen neus is. Dat jullie allemaal zo blij zijn dat het allemaal op papier staat en dat jullie geloven dat altijd alles wordt opgevolgd … Delfts Doen wordt in deze periode met heel veel projecten niet gedaan. De VOORZITTER: Graag via de voorzitter, meneer De Wit.
De heer VAN VLIET (GroenLinks): Dan toch ook de vraag wat de heer De Wit dan gaat voorstellen om het anders te doen. We zitten hier toch in de raad om samen het goede beleid neer te zetten? En dit zijn grote woorden. Wat gaat er voor Hart voor Delft dus veranderd worden in deze nota? De heer DE WIT (Hart voor Delft): Helemaal niks. Dat is kansloos. Dat doen we gewoon in de volgende periode, misschien zonder meneer Van Vliet, want u heeft geen ideeën en u doet helemaal niks. Wij zitten dus helemaal niet op dat soort dingen te wachten. Het is aan de nieuwe periode om te zeggen hoe we de inspraak beter gaan doen. Dat kunnen we dan wel "Delfts Doen" noemen, maar laten we het gewoon anders gaan noemen, want dit is allemaal mislukt. Het is niks. De heer VAN DEN BRINK (STIP): Voorzitter. Volgens mij hebben wij ons punt al in de interrupties gemaakt. We staan sympathiek tegenover het amendement van de ChristenUnie. De heer DEN HOLLANDER (PvdA): Voorzitter. De PvdA-fractie heeft al eerder haar waardering voor het voorliggende beleidsstuk uitgesproken. Om participatie - het gaat hier vooral om het fysieke domein - goed vorm te geven, is het belangrijk dat definities begrijpelijk en duidelijk zijn, dat het proces goed beschreven wordt en dat de rollen die de burgers en de overheid hebben, expliciet worden benoemd. Dit stuk voorziet daarin.
Ik had een stukje geschreven waarin ik aangaf dat ik van de gelegenheid gebruik wilde maken om toch nog te benadrukken dat participatie een kwestie van doen is. Dat is een klein beetje in lijn met de discussie van zojuist tussen de heer De Wit en mevrouw Gooijer. Ja, het staat er natuurlijk wel in dat je actief mensen moet benaderen die belanghebbend zijn, maar dat is echt een kwestie van doen en van goed nadenken daarover. Ik zou dus toch van deze gelegenheid gebruik willen maken om het college nogmaals op te roepen om daar echt zo veel mogelijk werk van te maken. Dat kan je wel enigszins vastleggen in een regeling, maar dat geldt natuurlijk niet helemaal voor de uitvoering daarvan. Daar heb je bestuurders voor nodig die er echt mee aan de slag willen gaan en die niet bang zijn voor contact met de burgers of met een bedrijf. Wij roepen het college dus op om hier de komende periode nog meer werk van te maken.
9
De heer VAN VLIET (GroenLinks): Voorzitter. Ik sluit mij graag aan bij de woorden van de heer Den Hollander, ook bij alle lof voor dit stuk en zeker bij de oproep aan het college om goed gebruik te maken van de instrumenten die geboden worden in dit stuk. Verder vindt GroenLinks het natuurlijk heel mooi dat het Right to Challenge nu heel mooi in dit stuk is verwerkt. Hoe lastig het praktisch ook is in de uitvoering, toch is het college er met de beste wil mee aan de slag om dat in goede banen te leiden. Deze nota nodigt daartoe uit. Wij hebben in de commissie gezegd dat de titel wel ongelukkig is, want in het sociaal domein verstaan we iets anders onder participatie dan in deze nota, die vooral gaat over het fysiek domein en eigenlijk over het betrekken van de inwoners van Delft bij beleid en initiatieven. We hebben overwogen om de titel te wijzigen, maar het stuk is zo doordrenkt van het woord "participatie" in alle hoofdstuktitels en in alle stukjes dat we zeiden: dan is het gek om het een andere naam te geven. Vandaar van onze kant geen amendement op dat vlak. De heer VAN OVERBEEKE (D66): Voorzitter. Ik sluit me aan bij de vorige spreker. De heer VAN WOUDENBERG (CDA): Voorzitter. Het CDA heeft in de commissie al aangegeven dat wij onder "participeren" het creëren van draagvlak verstaan om zo te komen tot een gedragen compromis.
Dat is waarvoor participatie is bedoeld, maar participatie werkt alleen als het een tweerichtingsverkeer is. De gemeente moet serieus luisteren naar bewoners, maar bewoners moeten ook openstaan voor wat de gemeente zegt. Anders kun je namelijk niet tot een gedragen compromis komen. Nogmaals, dat is waarvoor participatie bedoeld is. Belangrijk is wel dat aan de voorkant ook goed aan verwachtingsmanagement wordt gedaan. Dat kan veel problemen voorkomen. De nota en de verordening zijn wat het CDA betreft qua inhoud goed, maar de uitvoering laat af en toe te wensen over. We hebben in de commissie al vele voorbeelden uit de praktijk laten langskomen. Daarom zijn we blij dat de wethouder naar aanleiding van onze inbreng heeft aangegeven het participatiebeleid tweejaarlijks te evalueren en in de tussentijd mogelijk bij te sturen. Het amendement van de ChristenUnie zullen we steunen. Mevrouw VAN ROSSUM (SP): Voorzitter. We hebben het vanavond over inspraak van mensen over besluiten van de gemeente. Dat is natuurlijk heel belangrijk, zeker in Delft, want het gaat hier vaak mis. De SP-fractie houdt daarvan een lijstje bij. Dat lijstje wordt nog altijd langer. Het stuk dat vandaag voorligt, kunnen wij wel steunen. Daar staat niks verkeerds in, maar de vraag is natuurlijk altijd hoe zo'n boekwerk in de praktijk gaat werken. Dat kan misschien nog wel iets beter.
Het voorstel van de ChristenUnie moet ervoor zorgen dat als een plan van de gemeente verandert, zoals inderdaad de door mevrouw Gooijer genoemde scholenschuif die nu van tafel is, de inspraak opnieuw moet als er een nieuw plan komt. Volgens mij is dat heel goed. Dat zullen wij dus van harte steunen. Ik heb in de commissie een debat met de wethouder gehad over maatschappelijke betrokkenheid. Bij de SP vinden we dat als mensen in verweer komen tegen een besluit van de gemeente, in actie komen en gaan protesteren, dat eigenlijk betekent dat ze gewoon inspraak willen en die niet voldoende hebben gehad, bijvoorbeeld destijds bij het Prinsenhof, dat vol stond met demonstranten die tegen het weghalen van historische onderdelen van het gebouw waren. Dat heeft uiteindelijk geleid tot een werkgroep van inwoners die een mooi alternatief hebben gemaakt. Volgens mij is iedereen dan gelukkig. Wij zouden dus graag willen dat die maatschappelijke betrokkenheid een onderdeel wordt van de criteria om inspraak, dus Delfts Doen, toe te passen. Ik wil de wethouder nogmaals vragen of ze dat zou willen onderzoeken. Wethouder HUIJSMANS: Voorzitter. Het is alweer enige tijd geleden. Ik besprak inderdaad met mevrouw Gooijer dat het alweer anderhalve maand geleden is dat we hier in de commissievergadering met elkaar over spraken. Het is ook goed om een aantal punten weer 10
terug te horen. Het gaat erom ervoor te zorgen dat je op een goede manier met de stad in gesprek bent, zodat er bij besluiten die je uiteindelijk gaat nemen en die dan hier in de gemeenteraad voorliggen, voldoende comfort is: ja, we hebben goed met elkaar gesproken, we hebben belangen afgewogen en we nemen nu een besluit, dat recht doet aan hoe we met elkaar de stad willen zijn en aan hoe we vorm willen geven aan die stad, waarin zaken veranderen. We weten dan dat we iedereen hebben gehoord en dat iedereen ook zijn zorgpunten heeft kunnen meegeven, maar wellicht ook de punten die men heel mooi vindt van een project. Daar hebben we het uitgebreid over gehad, ook over Delfts Doen. Misschien is het goed om bij de heer De Wit even in herinnering te brengen dat over Delfts Doen in 2017 een heleboel gesprekken zijn gevoerd met belangenverenigingen en met mensen buiten. Er zijn honderden interviews geweest over "hoe wilt u betrokken worden?". Juist op basis daarvan zijn de spelregels van Delfts Doen vastgesteld. Dat is dus juist een methode waarin we al veel hebben meegenomen van de zorgen, de ideeën en de gedachten van bewoners, partners en overigens ook raadsleden. Wat dat betreft is daar dus echt breed over gesproken voordat het is meegegeven. Het is van belang dat we dat toen beschouwden als hoe wij graag de Omgevingswet wilden invullen op het punt van participatie.
Nu is het uiteindelijk ook nodig om dat vast te leggen in een verordening. Dat is wat we hier met elkaar gaan vaststellen. Dat is ook belangrijk, want we moeten niet alleen als gemeente zelf onze spelregels op orde hebben; bewoners moeten ook weten welke spelregels gehanteerd worden en hoe wij proberen om de mensen die daarin mee willen doen, zo veel mogelijk een soort gelijk speelveld te geven: daar kun je van uitgaan, we doen het op dat niveau en daar gaan we met elkaar over in gesprek. Ik hoop ook echt dat we het niet alleen nu gaan vaststellen en over twee jaar weer gaan evalueren, maar dat in de tussentijd bij de ambtenaren op de werkvloer - wat hebben jullie gedaan en hoe ging het eigenlijk? - maar ook zeker met elkaar in de raad de verwachtingen daarover worden uitgesproken en dat we een goed gesprek met elkaar hebben als we merken dat dingen toch anders lopen. Want voor die tweejaarlijkse evaluatie valt er in de tussentijd veel te leren. Volgens mij moeten we die lessen ook zo snel mogelijk met elkaar meenemen. Het heet "Delfts Doen", maar laten we het ook echt doen en laten we het ook met elkaar erover hebben, ook met de raadsleden die nog gaan komen, want we zullen zeker de komende twee jaar hier nog een heleboel projecten met elkaar bespreken waarvan we denken: dat ging goed en dat ging wat minder goed.
Ik hoop dat de SP dan niet alleen een lijstje bijhoudt van waar het allemaal fout ging, maar dat er ook een lijstje komt met waar het goed ging en dat we daar ook van kunnen leren. Dat hoop ik echt, mevrouw Van Rossum, want ik ben het met u eens dat het bij een stakeholdersonderzoek van belang is om goed te kijken hoe je ook de groepen gaat vinden die misschien wat minder goed weten hoe ze zich moeten mengen in een discussie en om ook van hen te horen hoe ze naar de veranderingen in de stad kijken en hoe ze een besluit beter zouden willen maken. Dat lijkt me dus een mooie uitdaging voor ons met elkaar. Ik kom nu bij het amendement van de ChristenUnie. Ik belde daar even over, want ik vond dat een mooie aanvulling, ook gezien de eerdere discussies. Wat het voorbeeld van de scholenschuif betreft: als je op een gegeven opnieuw een traject start over zaken die eerder zijn besproken maar die op een gegeven moment substantieel zijn gewijzigd, moet daarover natuurlijk ook opnieuw participatie kunnen plaatsvinden. Dan moet er niet gedacht worden: we hebben al een keer geparticipeerd over iets in de Tanthof; dat hoeft nu dus niet meer. Ik vind het dus een hele mooie aanscherping. Ik hoop echt dat de raad het voorstel van de ChristenUnie zal steunen, want ik vind het in ieder geval prima. De VOORZITTER: Er is behoefte aan een tweede termijn. Mevrouw VAN ROSSUM (SP): Voorzitter.
Het kan zijn dat ik het niet heb gehoord, maar ik heb toch echt het idee dat de wethouder mijn vraag niet beantwoord heeft: in hoeverre 11
kunnen we maatschappelijke betrokkenheid van mensen bij een specifiek onderwerp onderdeel maken van de criteria voor inspraak van mensen? De heer VAN RIJN (VVD): Volgens mij moet u gewoon uw werk doen. U bent degene die mensen een stem kunt geven en dat doet u ook. Ik weet dus niet wat u de wethouder vraagt. U moet gewoon uw werk doen. Mevrouw VAN ROSSUM (SP): Meneer Van Rijn zegt het al: dat doen wij ook. Maar de vraag is helemaal niet aan hem gesteld. Ik hoor het dus graag van de wethouder. Wethouder HUIJSMANS: Voorzitter. Het is een beetje zoeken binnen de criteria waaraan we in dit hele verhaal moeten voldoen. Het heeft niet echt een plekje. Volgens mij hebben we dat ook al eerder in het gesprek met elkaar geconstateerd. Dat neemt niet weg dat je met elkaar het gesprek moet aangaan over die maatschappelijke betrokkenheid en ervoor zorgen dat je ook de stille meerderheid of het grote deel van de mensen vindt die zich toch wat lastig weten te mengen in discussies. Volgens mij is dat ook even een zoektocht. Ik weet niet of we daar een heel onderzoek voor moeten uitzetten of dat we dit werkendeweg wat scherper moeten maken met elkaar. Ik ben het ook met de heer Van Rijn eens dat de maatschappelijke betrokkenheid natuurlijk voor een deel aan de orde zal komen in het gesprek vanuit de politieke partijen en ook gewoon hier in de raad.
Dat neemt niet weg dat het nu eigenlijk niet tussen de criteria voor deze nota past, maar het is natuurlijk wel een onderwerp waar we het echt nog weleens met elkaar over zullen hebben. We staan ook echt open voor suggesties voor verbetering en voor inzichten gaandeweg. Er is misschien ook nog wel ruimte om te kijken naar de gesprekken die er al eerder zijn geweest over het burgerforum en wat daarin zou passen. Volgens mij moeten we daar dus echt nog even naar gaan kijken, maar het is de vraag of je dit echt moet stoppen in een nota of in een middel of dat het gewoon een onderdeel moet zijn van de discussie die je met elkaar voert. Mevrouw VAN ROSSUM (SP): Ik vind het mooi dat u vindt dat het de rol van de SP is om de mensen naar de politiek te brengen. Zo zien wij dat ook. Dat is vanavond dus een mooie conclusie, maar als wij dat doen - wij doen dat regelmatig - wil ik daar van u allemaal ook geen klachten meer over, want die krijgen we dan altijd, omdat dat juist niet onze rol zou zijn. Dat hebben we dus bij dezen vastgesteld. Wij zullen die rol op ons nemen. De heer VAN RIJN (VVD): Ik ga graag in op dat aanbod, maar dan moet de SP vervolgens wel beloven om een integrale belangenafweging te maken. De VOORZITTER: Ik denk dat wij allen gezegd hebben wat we wilden zeggen. Ik stel voor om de beraadslaging te sluiten. Ik constateer dat de raad daarmee instemt.
In stemming komt amendement A8.2.A (Nota en Verordening Participatie Delft 2022) van de ChristenUnie. De heer AL JABERI (SP): Voorzitter. Ik kan niet stemmen. Ik zie niet dat er een stemming actief is, hoewel ik het scherm al de hele tijd ververs. De VOORZITTER: Stemt u voor, meneer Al Jaberi? Dan schrijven we dat er gewoon bij in de notulen. De heer AL JABERI (SP): Ik stem voor, voorzitter. De VOORZITTER: U stemt voor het amendement. Het amendement wordt met een digitale stemming aangenomen met 34 stemmen tegen 1 stem, waarbij mevrouw De Koning van de fractie van Hart voor Delft ertegen heeft gestemd. 12
In stemming komt het geamendeerde voorstel. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer DE WIT (Hart voor Delft): Voorzitter. We stemmen tegen, want het is inderdaad Delfts Doen door dit college, maar het is dus niet Delfts Meedoen door de burger. Daarom stemmen wij tegen. Mevrouw VAN TRICHT (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Ik kan nu ook niet stemmen, hoewel ik al vier keer heb geprobeerd het scherm te verversen. De heer AL JABERI (SP): Bij mij hielp het verversen van de browser, dus op F5 drukken. Dat was een advies van Marjon. Mevrouw OSEPA (GroenLinks): Voorzitter. Ik kan ook niet stemmen en ik heb F5 al geprobeerd. De VOORZITTER: Mevrouw Van Tricht, het is toch gelukt! Geweldig! Leve mevrouw Kok! Mevrouw Osepa, lukt het nu ook bij u? Is het allemaal gelukt? We zijn lekker bezig met z'n allen. Wat hebben we toch een fijne raad, van alle markten thuis. Mevrouw OSEPA (GroenLinks): Ik ga het gewoon opnieuw doen, maar ik stem voor. De VOORZITTER: Mooi zo. U wordt genoteerd als voorstemmer. Het geamendeerde voorstel wordt met een digitale stemming aangenomen met 33 tegen 4 stemmen, waarbij de fractie van Hart voor Delft ertegen heeft gestemd. XX. Voorstel van het college aan de raad inzake Cultuurkader Delft 2021-2030 (nr. 2124475).
De VOORZITTER: Meerdere fracties hebben dit voorstel mee teruggenomen en overwogen het indienen van een motie en/of amendement. Dat gebeurt ook met twee amendementen. De heer VAN OVERBEEKE (D66): Voorzitter. Dit keer heb ik wat meer tekst dan zojuist. Het Cultuurkader is een aantal keren in de commissie besproken. Het is mooi dat we het nu ook in de raadsvergadering bespreken. In die verschillende commissievergaderingen heb ik al veel woorden aan het Cultuurkader zelf gewijd. Ik zal mij nu dus beperken tot het amendement Eerlijk betalen voor cultuur, dat wij samen met nog een hele trits andere indieners vanavond indienen. D66 is blij dat met de brede indiening van dit amendement Eerlijk betalen voor cultuur de gemeenteraad echt een sterk signaal afgeeft. Cultuur is iets waar we eerlijk voor betalen. Dat is geen ambitie of iets wat we kunnen doen of kunnen overwegen als we ooit nog een keer een paar euro extra overhebben. Nee, eerlijk betalen voor cultuur is een basisvoorwaarde en moet een uitgangspunt zijn van het Delfts cultuurbeleid. Met dit amendement zijn de problemen in de cultuur nog niet opgelost. Er is nog niet opgelost dat voor veel bedragen in de financiële onderbouwing nog geen dekking is gevonden.
Sterker nog: het definitief beschikbaar stellen van het geld om dit amendement uit te voeren, is iets wat we aan de volgende raad moeten laten, omdat pas in 2023 het onderzoek klaar is met de precieze financiële gevolgen. Maar dit amendement is samen met het Cultuurkader wel een belangrijke stap, omdat we hiermee in ieder geval tot 2030 vastleggen dat we eerlijk betalen voor cultuur een basisvoorwaarde vinden voor een gezond cultuurbeleid.
13
De heer VAN RIJN (VVD): Voor alle duidelijkheid: wilt u die Fair Practice Code rücksichtslos gaan toepassen of wilt u eerst de uitkomsten van het onderzoek afwachten, zodat we een integraal besluit kunnen nemen? U weet immers nog helemaal niet wat de gevolgen zijn. Graag een reactie. De heer VAN OVERBEEKE (D66): Cultuur is vaak het kind van de rekening geweest als de gemeente - maar je ziet dit ook op veel andere plekken - moest bezuinigen. Te vaak zijn die bezuinigingen toen terechtgekomen bij individuele artiesten, kunstenaars of andere in de cultuur werkzame mensen, in de zin van "Ach, je kunt toch wel voor één keertje gratis optreden?" of "We betalen je niet maar je hebt toch hart voor de zaak?" Natuurlijk hebben mensen in de cultuur hart voor de zaak, maar het punt is dat de bakker dat ook heeft. Ook tegen de bakker zeggen we niet: we nemen vandaag ons halfje volkoren gratis mee, want dat is goed voor je exposure. Daarom is het goed dat we er nu voor kiezen om voortaan gewoon eerlijk te betalen voor cultuur, omdat we op die manier die mensen serieus nemen. Dat verdienen ze, net zoals ieder ander. De heer VAN RIJN (VVD): Ik krijg geen antwoord op mijn vraag. De vergelijking met de bakker is natuurlijk sowieso een beetje vreemd, maar daar gaat het hier niet over. Er komt een onderzoek naar de gevolgen van het toepassen van de code.
Dat moeten we toch eerst afwachten voordat we hier al middelen beschikbaar gaan stellen. Is D66 het daarmee eens? De heer VAN OVERBEEKE (D66): Het punt is dat we nu met dit Cultuurkader de belangrijke uitgangspunten onder het cultuurbeleid tot 2030 gaan vastleggen. Ik vind - samen met de mede-indieners, neem ik aan, want anders zouden zij dit amendement niet mede-indienen, maar dat moeten zij straks zelf maar toelichten - dat het uitgangspunt dat we eerlijk betalen voor de cultuur die we afnemen, thuishoort in het gemeentelijke cultuurbeleid. Vandaar dit amendement om dit ook zo in het Cultuurkader te schrijven, waardoor we dit voortaan wel gaan doen. De VOORZITTER: Nog een laatste puntje, meneer Van Rijn, en dan gaat meneer Van Overbeeke door. De heer VAN RIJN (VVD): Ja, nog één vraag, want ik begrijp het niet helemaal. In het amendement staat: "Op basis van verkenning beslist raad vanaf 2023 over beschikbaarstelling budget". Hier zit een randvoorwaardelijkheid in. In de toelichting staat dat de raad middelen beschikbaar gaat stellen vanaf 2023. Wat is het nu? De heer VAN OVERBEEKE (D66): Met het Cultuurkader stellen we in kwalitatieve zin de uitgangspunten vast voor het cultuurbeleid.
Ik vind dat bij die kwalitatieve uitgangspunten zo noem ik ze maar even - moet staan dat we niet rücksichtslos, zoals de heer Van Rijn het noemt, maar het gewoon fatsoenlijk vinden om de mensen die in de cultuur werken, daar ook eerlijk voor te betalen. Tot nu toe stond er dat het een ambitie zou kunnen zijn. Er worden twee scenario's genoemd: het "basis op orde"-scenario en het ambitiescenario. Dit stond bij het ambitiescenario. Met dit amendement beoog ik om eerlijk betalen voor cultuur niet op te schrijven als een ambitie, maar als iets wat we zien als horend bij "de basis op orde" onder een gemeentelijk cultuurbeleid. Door de fracties van D66, het CDA, STIP, de ChristenUnie, GroenLinks, de PvdA, Hart voor Delft en Onafhankelijk Delft wordt amendement A8.3.A (Eerlijk betalen voor cultuur) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 18 november 2021 ter bespreking van het agendapunt Cultuurkader Delft 2021-2030, Besluit: 14
•
Het Cultuurkader Delft 2021-2030 vast te stellen met de volgende wijziging in de tabel Aanpak, speerpunten uitvoering programmalijn Meedoen met Cultuur op pagina 17
De tabel was:
en de implicaties van deze wijziging worden ook doorgevoerd in de tabel financiële onderbouwing in de bijlage van het Cultuurkader. Toelichting: De Fair Practice Code (FPC) is een gedragscode in de kunst, cultuur en creatieve industrie die onder andere waarborgt dat de sector haar medewerkers en zzp'ers eerlijk betaalt. Ook kijkt de code naar een gezonde balans tussen betaalde en onbetaalde krachten bij organisaties. Daarin laat zij genoeg ruimte voor enthousiastelingen die zich vrijwillig willen inzetten voor een initiatief. Op dit moment wordt de FPC in Delft niet overal toegepast. In het Cultuurkader staat naleving van de Fair Practice Code in het Ambitie-scenario. Mensen in de culturele sector verdienen het om net als ieder ander eerlijk betaald te worden 15
voor het werk dat zij leveren. Eerlijke naleving van de FPC zou dan ook een basisvoorwaarde moeten zijn, niet een ambitie. Het college is al van plan te onderzoeken wat de effecten zijn van toepassing en naleving van de FPC. Dit onderzoek staat gepland in 2022. De effecten van naleving zijn dus niet bekend voor de beoogde vaststelling van het cultuurkader. Maar met het Cultuurkader stellen we het cultuurbeleid tot 2030 vast. De belangrijkste uitgangspunten moeten daar dus goed in staan. Indieners vinden eerlijk betalen voor cultuur een onmisbaar uitgangspunt. Daarom zetten we naleving nu al bij Basis op Orde. Wanneer de effecten bekend zijn, moeten we overgaan tot (eventueel gefaseerde) toepassing van de FPC in Delft. De raad stelt daarvoor vanaf 2023 de bijbehorende middelen beschikbaar, die volgen uit het onderzoek." De heer WEILER (STIP): Voorzitter. Ik heb ook een wat langer verhaal, maar dit is een belangrijk onderwerp en dat verdient een wat langer verhaal. In een samenleving die steeds verder polariseert en waar we op ons schermpje kijken in plaats van naar elkaar, is cultuur essentieel. Cultuur is het bindmiddel van de samenleving, zoals bondskanselier Merkel vorig jaar zei in de coronacrisis. Maar cultuur is ook gewoon leuk en een uitlaatklep voor de vaak drukke levens die we hebben.
We hebben in Delft een prachtige familie van culturele partners, die elke dag hun stinkende best doen en geweldige resultaten neerzetten. Daar moeten we trots en zuinig op zijn. Zij horen bij "de basis op orde". Het Cultuurkader laat zien dat alleen al om deze "basis op orde" uit te voeren, op korte termijn meer geld nodig is. STIP blijft hier scherp op. Dit is wat ons betreft een belangrijk thema voor de aanstaande verkiezingen en de raadsperiode daarna. STIP dient vanavond twee amendementen in. Wat de Fair Practice Code betreft sluit ik me aan bij de woorden van de heer Van Overbeeke. Ik zal ingaan op het amendement Een extra zaal voor een uitgebreider Delfts cultuuraanbod. Uit meerdere onderzoeken blijken de grote wens bij het Delftse publiek voor meer popmuziek en liveconcerten en, specifiek bij jongeren, de behoefte aan uitgaansgelegenheden. Wat dit laatste betreft danken wij de wethouder voor de toezegging in de commissie om het nachtleven in de Horeca- en retailvisie mee te nemen. Behalve het publiek hebben we in Delft ook veel talentvolle artiesten, maar voor hen is er nog geen goed podium. Voor publiek én artiest biedt een vlakkevloerzaal de uitkomst voor allerlei vormen van cultuur: van debat tot dancemuziek en van popmuziek tot cabaret. Daarnaast hoort een zaal als deze bij het formaat van onze stad, al helemaal gezien het hoge percentage jongeren in Delft.
Bijna alle theaters hebben tegenwoordig een dergelijke zaal. Ook Theater de Veste heeft deze ambitie, zoals blijkt uit zijn beleidsplan en de beeldvormende avond voor de zomer. Dit is dus een kans om hierop in te zetten. Met dit amendement willen we ten eerste als raad de ambitie uitspreken voor het faciliteren van een vlakkevloerzaal. Ten tweede willen we deze ambitie borgen in de aanpak van 2021 tot 2030. Kortom, dit amendement moet de eerste stap zijn om deze wens van vele inwoners, makers en culturele partners in vervulling te laten gaan. Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Er wordt vrij sterk een link gelegd met Theater de Veste: veel theaters hebben het al en Theater de Veste wil het ook. Dat suggereert nogal wat, zeker als je kijkt naar de kostenkant. Is het nou nodig om het daar onder te brengen of kunnen we ook breder kijken in de stad? Want ik weet dat er wellicht locaties zijn waar dit veel makkelijker te realiseren is, omdat daar al bijna de voorzieningen zijn die je nodig hebt voor een vlakkevloerzaal. De heer WEILER (STIP): Een vlakkevloerzaal, een multifunctionele middenzaal of hoe je het ook maar wil noemen, hoeft niet per definitie bij Theater de Veste. Ik denk wel dat Theater de Veste veel verstand heeft van vlakkevloerzalen en daarin dus een hele goede partner zou zijn.
Het uitgangspunt voor ons - voor STIP en de mede-indieners - is dat er zowel voor het publiek, waarvan we in diverse onderzoeken hebben gezien dat die vraag naar die zaal daar is, als voor de makers een dergelijk podium komt. Tegelijkertijd is er de opgave bij 16
Theater de Veste om tot een nieuw theater te komen met renovatie, uitbreiding, een nieuw gebouw. Die uitdagingen zijn natuurlijk wel perfect te combineren. De VOORZITTER: Ik zie mevrouw Gooijer knikken en een duimpje opsteken. Door de fracties van STIP, Onafhankelijk Delft, het CDA, D66, GroenLinks en de PvdA wordt amendement A8.3.B (Een extra zaal voor een uitgebreider Delfts cultuuraanbod) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 18 november 2021 ter bespreking van het agendapunt Cultuurkader Delft 2021-2030, Besluit: Het 'Cultuurkader Delft 2021-2030 - Cultuur, motor van Delft in ontwikkeling', vast te stellen met de volgende wijziging: Aan de tabel op pagina 27 van het document wordt onderaan een extra rij toegevoegd:
Toelichting: Sinds het sluiten van Speakers in 2013 is er sprake van een slechts beperkt aanbod van popcultuur in Delft. Dit treft zowel Delftse muzikanten als bewoners. Uit onderzoek van de gemeente zelf is gebleken dat bewoners het aanbod livemuziek / popconcerten onvoldoende vinden. Onderzoeken van de Veldacademie en Youngworks bevestigen dit en laten zien dat deze wens net als de wens om meer uitgaansgelegenheden in het bijzonder onder Delftse jongeren leven. De oplossing hiervoor ligt volgens de indieners bij een multifunctionele middenzaal / vlakke vloerzaal, die ook Delftse artiesten en makers een podium biedt. Zoals de naam doet vermoeden, is dit type zaal voor veel verschillende culturele doeleinden geschikt. Bovendien hoort een zaal als deze bij het formaat stad dat Delft is, zo blijkt uit een recente verkenning naar de Delftse culturele infrastructuur door Berenschot. Ook sluit het faciliteren van deze zaal aan bij de ambities en noodzaak van Theater de Veste om in de komende tien jaar uit te breiden. Dit blijkt uit het meerjarenbeleidsplan 2022 t/m 2025 en uit de beeldvormende raadsavond van 10 juni 2021. De wens voor een multifunctionele zaal staat wel benoemd in het Cultuurkader maar ontbreekt in de paragraaf 'Aanpak' op pagina 27.
Omdat de behoefte bij bewoners aangetoond aanwezig is en het past bij het beleid van Theater de Veste van de komende jaren, zouden de indieners het graag ook in de tabel '2021-2030' van de paragraaf 'Aanpak' (pagina 27) opgenomen zien worden." De heer VAN WOUDENBERG (CDA): Voorzitter. In de commissie heeft het CDA al aangegeven dat de programmalijn "Meedoen met cultuur" prioriteit heeft. In die programmalijn komt cultuur het dichtst bij de mensen. Specifiek denken we aan onze jeugd en onze ouderen. Met een doordacht cultuuraanbod kan onze jeugd weerbaarder worden gemaakt, waardoor zorgkosten kunnen worden voorkomen, en kunnen eenzaamheid en alleen zijn bij ouderen worden verminderd. Inhoudelijk zijn we het eens met het voorliggende Cultuurkader. Het probleem was vooral het bijpassende geld. Dit hebben we deels besproken en besloten in de begrotingsraad van 4 november. Een verdere bespreking over hoe maatregelen en pijn bij DOK zijn te verzachten, volgt in december, wanneer de motie 17
Vier ton achter de hand nog wordt besproken. Vanuit de cultuursector horen wij dat vermoed wordt dat de middelen die vanuit het Rijk, bestemd voor kunst en cultuur, naar Delft zijn gekomen, nog niet volledig zijn ingezet. Kan de wethouder aangeven wat de status daarvan is en kan hij hierop reageren? Dan de twee amendementen, ten eerste het amendement Eerlijk betalen voor cultuur. Dat wordt ook wel Fair Practice Code genoemd. Met D66 en nog vier andere partijen hebben wij dit amendement ingediend om een eerlijke betaling voor cultuur te krijgen. Dit sluit aan bij het betoog dat ik tijdens mijn algemene beschouwing hield. Ook in de commissie Algemeen hebben wij ten aanzien van de begroting gezegd dat wij willen dat de gemeente als een goed opdrachtgever een eerlijke betaling geeft aan spelers in het veld die taken uitvoeren voor de gemeente. Vanuit de Cultuurtafel is positief op dit amendement gereageerd. Dat is een bevestiging vanuit de sector zelf dat dit de juiste weg is. Het tweede amendement is het amendement Een extra zaal voor een uitgebreider Delfts cultuuraanbod. Initiatieven vanuit de Delftse samenleving moeten actief gefaciliteerd worden. Daar bedoelen we zeker geen geld mee. Het zou ook heel goed denkkracht vanuit de gemeente kunnen zijn die beschikbaar wordt gesteld. Het kader voor de komende tien jaar wordt vastgesteld. Het gaat hier dus om kaders en wensen.
Financiën en daadwerkelijke behoeften zijn nog iets anders. Die komen nog aan de orde, zoals net al in het debatje tussen de heer Van Rijn en de heer Van Overbeeke naar voren kwam. Maar het is ook goed om rekening te houden met het aanbod in de regio, zoals het Paard en theater Amare in Den Haag, maar ook zeker met het aanbod in Delft, zoals bij Lijm & Cultuur en de ondernemers in de Kromstraat. Een goede omgevingsanalyse is dus van belang om elkaar niet weg te concurreren, al lijkt er draagvlak vanuit de samenleving aanwezig te zijn voor het feit dat er in Delft iets extra's moet terugkomen. Want het idee is niet nieuw voor Delft. Het is ook goed om naar de toekomst en de wensen te kijken. Voortbordurend op wat mevrouw Gooijer net vroeg: het is wat ons betreft inderdaad breder. Het is niet al gefocust op Theater de Veste. De toekomst van Theater de Veste is nog onzeker, maar het is natuurlijk wel medebepalend voor het cultuuraanbod in Delft. Via technische vragen hebben we samen met STIP het BMC-rapport opgevraagd. Daarin worden een aantal opties en toekomstscenario's voor het theater geschetst. Daar zijn we zeer benieuwd naar en daar komen we op een later moment dus op terug. Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Onafhankelijk Delft maakt zich grote zorgen over cultuur in de toekomst in Delft, maar ook om het uitgaansleven.
In Delft waren eerst nog meerdere discotheken die bezocht konden worden, maar nu is er nog maar één uitgaansstraat waar onze jeugd en jongeren zich toe kunnen wenden. We hebben het idee dat Delft een beetje versuft. Onafhankelijk Delft zou graag een motie Nachtleven hebben ingediend om deze slaperige stad weer wat uitgaansleven in te blazen. Wij hebben echter vernomen dat nader op het nachtleven zal worden ingegaan in de snel tot ons te komen visie op de horeca. Er zijn echter natuurlijk ook culturen in de dance scene ontstaan waarvan wij nu denken dat zij onder de visie op de horeca geschaard kunnen worden, maar wel met de kanttekening dat het op ouderdom wijst om niet te begrijpen dat muziek en de danscultuur in Nederland zelfs de bron is van de huidige wereldwijde dancescene. Veel bekende dj's, zoals Tiësto, Hardwell, Afrojack en Martin Garrix, komen uit Nederland en hebben de gehele scene tot een cultuur en zelfs erfgoed gemaakt. Maar goed, hier komen wij dus nog op terug. Wat het Cultuurkader betreft: een visie voor tien jaar is een erg lange tijd om vooruit te kijken. Bovendien wordt er niet op elk aspect ingezet. Om iets te kunnen betekenen in deze lange meerjarenvisie, heeft OD het amendement Een extra zaal voor een uitgebreider Delfts cultuuraanbod en het amendement Eerlijk betalen voor cultuur dan ook mede-ingediend.
Omdat er veel staat geschreven in het Cultuurkader, maar in de geest van het uitgaansleven 18
een poppodium ontbreekt in de aanpak, ziet OD graag dat het beperkte aanbod van popcultuur in Delft wordt uitgebreid. Daartoe hebben wij het eerstgenoemde amendement mede-ingediend. Het is van belang dat wanneer inzet op popcultuur plaatsvindt, ondernemers hiervan kunnen meeprofiteren. Dat reikt voor ons verder dan gesubsidieerde partijen. OD maakt zich hard voor het feit dat het belangrijk is om in een visie van tien jaar in te zetten op dit onderwerp en dit toe te voegen aan de paragraaf "Aanpak" op pagina 27. Of er momenteel nou wel of geen geld voor is, dit mag in deze visie voor tien jaar niet ontbreken. Het amendement Eerlijk betalen voor cultuur wordt breed gedragen en is door de Cultuurtafel goed ontvangen. Een Fair Practice Code moet dan ook geen ambitie zijn, maar een status quo. Daarom zien wij graag dat de FPC in "de basis op orde" moet worden meegenomen ten aanzien van het ambitiescenario. Mevrouw OSEPA (GroenLinks); Voorzitter. In meerdere sessies in onze raad en in onze stad is het Cultuurkader al vaak genoeg en ook heel uitgebreid besproken. Wij hebben met z'n allen natuurlijk vaak gesproken over het financiële plaatje en over hoe wij samen de cultuursector overeind kunnen houden in deze uitdagende tijden. We zijn er nog niet, maar we zijn wel onderweg.