Concept-handelingen 30 september 2021
Tekst van het document
Voorzitter: mevrouw J.M. van Bijsterveldt-Vliegenthart, burgemeester. Aanwezig zijn: mevrouw Bel, mevrouw Van den Berg, mevrouw Bij de Vaate, mevrouw De Boer, de heer Van den Brink, mevrouw Van Cooten, de heer Dag, mevrouw Enthoven, mevrouw Gaal, mevrouw Van Geenen, mevrouw Gooijer, mevrouw Grobben, de heren Harinck, Herrema, Den Hollander, Al Jaberi en Jaff, mevrouw Kok, mevrouw De Koning, mevrouw Lips, de heer Maruf, mevrouw Osepa, de heren Van Overbeeke, Van Rijn en Van Roon, mevrouw Van Rossum, de heren Schuurman en Stoop, mevrouw Tiekstra, mevrouw Timmermans, de heer Töns, mevrouw Van Tricht, de heren Valk en Van Vliet, mevrouw Voogt en de heren Weiler, De Wit en Van der Woerd. Aanwezige wethouders: de heer Brandligt, de heer Harpe, mevrouw Huijsmans, mevrouw Schrederhof en de heer Vollebregt. Raadsgriffier: de heer R.G.R. Jeene. XX. Opening en mededelingen. De VOORZITTER: Dames en heren, raadsleden, mensen op de publieke tribune, collegeleden, ambtenaren, eenieder van harte welkom in de raadzaal. We zijn er weer! Het geeft een enorm goed gevoel om jullie allemaal hier te zien zitten, betrokken mensen. Heel lang achter dat schermpje, anderhalf jaar: 5 maart 2020 was de laatste keer dat we hier met elkaar vergaderden. Nu zijn we er weer. Dat is een groot goed. Ik vind het ook een beetje een ontroerend moment; dat kan ik eerlijk zeggen. Het is echt geweldig.
Laten we na die tijd, die toch een hele heavy tijd is geweest - daar spreken we straks ook over naar aanleiding van een motie - met elkaar vaststellen dat het een zegen is dat we hier weer bij elkaar kunnen komen, elkaar weer kunnen ontmoeten, elkaar in de ogen kunnen zien, het echte debat met elkaar zullen hebben, met elkaar weer zorg en aandacht zullen besteden aan de gemeente die wij elke dag op onze schouders voelen, hier in onze besluitvorming, in onze raadzaal, waar al eeuwen mensen bijeenkomen voor onze stad, en hier ons werk zullen doen. Dus eenieder van harte welkom. Gefeliciteerd! Dat gaan we natuurlijk vieren met een taartje. Eenieder zeer welkom! (Applaus) De VOORZITTER: De mededeling is dat de heer Van Woudenberg dit hele bijzondere moment niet meemaakt. Dat is een beetje zielig voor meneer Van Woudenberg. Maar goed, hij wordt natuurlijk vervangen door de heer Valk en niet te vergeten ook door mevrouw Van Geenen. Het komt uiteindelijk dus helemaal goed. Maar dat was wel even wat ik diende te melden. Als er vanavond hoofdelijk gestemd gaat worden, beginnen we bij nummer 12, mevrouw Grobben. Eerder deze week zijn twee actuele moties ontvangen: van de fractie van Onafhankelijk Delft de motie Herdenking overledenen corona en van de fractie van Hart voor Delft de motie Brandgevaar door aanleg zonnepanelen op nieuwbouwhuizen.
De moties kunnen behandeld worden als respectievelijk punt 8.4 en punt 8.5 op de bespreekagenda. De indieners van deze moties krijgen de gelegenheid om in twee termijnen puntig van gedachten te wisselen met het college. De andere fracties hebben de mogelijkheid om na de eerste reactie van het college kort in twee zinnen aan te geven, als zij daar behoefte aan hebben, hoe zij ertegen aankijken; dat hebben we zojuist in het fractievoorzittersoverleg afgesproken. Natuurlijk mag elke fractie aan het eind van de rit ook nog een stemverklaring afleggen. Zo doen we dat nu eenmaal. Kunt u ermee leven om het bij deze twee moties op die manier te doen? Ik constateer dat de raad daarmee instemt. 1
U heeft ook nog een motie rond zien gaan over de terrassen en het beleid rondom de vergunningen. Daarvan is uiteindelijk door STIP en consorten besloten om die terug te trekken, maar die motie zal in de commissie EFB aan de hand van de coronabrief terugkomen. Dan kan daar het een en ander besproken worden en dan kunnen we daar met elkaar kijken of er veranderingen plaats moeten vinden, maar ik denk dat we dan eerst nog even een stevige discussie hebben. U weet nu dus waar die motie gebleven is. De voorzitter van het stembureau is de heer Herrema en bij zijn afwezigheid mevrouw Lips. De leden zijn de heer Valk, de heer Dag en mevrouw Kok en bij hun afwezigheid mevrouw Van Geenen, de heer Van den Brink en de heer Al Jaberi. Ik constateer dat de raad hiermee instemt. Voorafgaand aan de vergadering zijn nog moties en amendementen door de griffier ontvangen. Deze zijn op het RIS gepubliceerd en zijn inmiddels ook in hard copy ingediend, voorzien van handtekeningen. Deze moties en amendementen zijn voldoende ondersteund en maken hierbij deel uit van de beraadslaging. XX. Vaststellen agenda. De VOORZITTER: Het CDA heeft via de mail voorgesteld om het Cultuurplan, gelet op de antwoorden op de technische vragen, door te schuiven. Ik constateer dat de raad daarmee instemt. Het presidium stelt voor om ten aanzien van de bespreekagenda een totale spreektijd aan te houden van 1,5 uur.
Dit betekent 7 minuten per fractie en 21 minuten voor het college. Er is een stevig agendapunt afgegaan. We hebben net even discussie gehad in het fractievoorzittersoverleg over de vraag of we de tijd zouden terugdringen, maar gelet op het feit dat onder anderen mevrouw De Koning gevraagd had om de spreektijd juist te verlengen, hebben we gezegd dat we de spreektijd zo houden. Dat heeft de fractievoorzitter van Hart voor Delft ook aangegeven en daar konden de andere fractievoorzitters mee leven. Maar ik wil iedereen er wel toe oproepen dat de tijd niet opgemaakt hoeft te worden. Ik constateer dat de raad hiermee instemt. Aldus gewijzigd wordt de agenda vastgesteld. XX. Vaststelling Handelingen van de gemeenteraadsvergaderingen van 6 en 15 juli 2021. De Handelingen worden ongewijzigd vastgesteld. XX. Vaststelling van de wijze van afdoening van ingekomen stukken week 27 tot en met week 37 van 2021. Besloten wordt overeenkomstig de behandelvoorstellen. XX. Besluitvorming hamerstukken. INVOEGEN HAMERSTUKKEN De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer HERREMA (GroenLinks): Voorzitter. GroenLinks is zeer tevreden over het Kader Natuurinclusief bouwen en ontwikkelen. Het beleidsstuk draagt bij aan de leefbaarheid voor mens, plant en dier en stimuleert de biodiversiteit, de natuurbeleving in de stad en daarmee 2
ook het welzijn en de gezondheid van mensen. Daar is GroenLinks van overtuigd. Het is fijn dat we er nu eindelijk mee aan de slag kunnen. Het tweede punt betreft het Ruimtelijk Kwaliteitskader Schieoevers Noord. Dit is geen stemverklaring, maar ik wil gewoon nog even aandacht vragen voor dit belangrijke document. Het bepaalt de contouren van wat we op Schieoevers Noord gaan bouwen, onder andere een mooi groot park langs de Schie en hoogbouw bij Delft Campus. De komende jaren - ik denk eigenlijk de komende decennia - zullen de plannen voor Schieoevers Noord worden getoetst aan dit Ruimtelijk Kwaliteitskader. Het is met brede steun vanuit de stad tot stand gekomen. We mogen als raad best een beetje trots zijn dat we dit hier vanavond vaststellen. De VOORZITTER: Meneer Herrema, u heeft coulance gehad als eerste spreker, maar ik wil de andere raadsleden erop wijzen dat een stemverklaring echt heel kort en krachtig is. Mevrouw BIJ DE VAATE (GroenLinks): Voorzitter. In de Verordening op de begeleidingscommissie voor het ISR zijn de ambtenaren van Delft niet expliciet uitgesloten van deelname aan die begeleidingscommissie. Dat kan mogelijk tot onwenselijke situaties leiden, zoals belangenverstrengeling. GroenLinks doet daarom een appel aan alle betrokkenen om dergelijke situaties zo veel mogelijk te voorkomen.
Wat het rapport van de DRK over de jeugdzorg betreft: het is fijn om te lezen dat in Delft de raad informeel goed meegenomen wordt. Het is ook goed dat de wethouder de aanbevelingen omarmt en de raad daarbij vroeg wil betrekken. GroenLinks vindt wel dat in de H10-samenwerking de rol van de raden beter gewaarborgd kan worden. Graag zien wij dat de wethouder hierin een voorbeeldfunctie vervult voor zijn collega's binnen de regionale samenwerking. Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Voorzitter. Een stemverklaring over het rapport van de Rekenkamer. Wij gaan akkoord met de aanbevelingen van de Rekenkamer over de informatievoorziening over de jeugdzorg. Daarbij willen wij wel opmerken dat informele nooit in plaats van formele informatievoorziening kan. Wij zijn blij dat er met betrekking tot het andere stuk over de H10-jeugdzorg en de kostenstijging een toezegging van het college is om naar aanleiding daarvan met een brief te komen over wat we kunnen gaan doen om die kostenstijging ook vanuit Delft te beteugelen. Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Voorzitter. Dit is een stemverklaring over het Ruimtelijk Kwaliteitskader Schieoevers Noord. Zoals we in de commissievergadering al medegedeeld hebben, is Hart voor Delft tegen de extreem hoge bebouwingen die in dat gebied komen. Dat wil ik hier nog even benadrukken. De VOORZITTER: Kort en krachtig. Heel fijn, mevrouw De Koning.
De voorstellen van de hamerstukkenlijst worden zonder beraadslaging en zonder stemming aangenomen. XX. Benoemingen. XX. Voorstel van het presidium aan de raad inzake benoeming leden van de vertrouwenscommissie (nr. 2139728). De VOORZITTER: Kunt u met dit voorstel instemmen? Ik constateer dat de raad hiermee instemt. XX. Initiatiefvoorstellen. 3
De VOORZITTER: Er zijn geen initiatiefvoorstellen. XX. Voorstel van het college aan de raad inzake vaststelling onttrekkingsbesluiten TU Delft (nr. 2126537). De VOORZITTER: Hierover worden twee moties ingediend. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Het is bijzonder om hier weer terug te zijn. Ik begin mijn termijn meteen maar met het beantwoorden van een interruptie, want die ligt zo voor de hand dat ik zeker weet dat ik die ga krijgen. Dan kan ik de vraag dus net zo goed aan mezelf stellen: weet het CDA niet dat de parkeerplekken eigendom zijn van de TU? Het antwoord is: ja, natuurlijk weten we dat. Maar eigendom en openbaar zijn twee heel verschillende dingen. Voor vanavond is het niet relevant wie eigenaar is, maar dat deze parkeerplaatsen nu openbaar zijn in de zin van de Wegenwet. Iedereen mag er gebruik van maken en de wet wijst de gemeenteraad aan om deze status en de rechten van gebruikers te beschermen. De TU erkent dat ook, want anders had ze geen verzoek aan de gemeente gedaan om onttrekking. We hebben het vanavond niet over een paar parkeerplekken, maar om ruim 2.500 parkeerplekken op een campus die midden in de stad ligt tussen woonwijken en industriegebieden. Zoveel plekken definitief onttrekken aan de openbaarheid is een besluit met grote en definitieve impact.
Dat besluit moet je zorgvuldig nemen, waarbij de belangen van de TU maar ook de belangen van de stad blijvend geborgd zijn. Natuurlijk begrijpt ook het CDA dat de huidige situatie met gratis toegang voor iedereen niet toekomstvast is. We snappen ook dat de TU verder wil en het gebied efficiënter kan inrichten. Daarom zijn we op zich niet tegen regulering van parkeren in dit gebied, maar met dit voorstel geeft de gemeente in één klap alle zeggenschap op en daarmee alle kans om in de toekomst op te kunnen komen voor haar inwoners, gasten en ondernemers. Dat hoeft de gemeente niet te doen, want de wet bepaalt dat de gemeente het recht heeft om regulering zelf uit te voeren. Het liefst hadden wij vanavond een motie ingediend die dit regelt, maar in de commissie bleek dat dat standpunt niet op een meerderheid van de raad kan rekenen. Wel proefden wij veel sympathie van andere partijen, die hun ogen niet sluiten voor de belangen van niet-TU-gebruikers. Door het voorstel van vanavond letterlijk aan te nemen, kan de TU op elk moment eenzijdig de afspraken over toegang tot de parkeerplaatsen voor omwonenden en gasten, bijvoorbeeld buiten collegetijden, wijzigen of zelfs verbieden.
Daarom komt het CDA samen met de ChristenUnie, Hart voor Delft en de SP met een motie die het college oproept om met de TU afspraken te maken over hoe een vorm van zeggenschap voor de gemeente kan worden behouden om zo de belangen van deze groepen blijvend te kunnen waarborgen en tot die tijd het raadsvoorstel aan te houden. Die afspraak kan als bijlage bij dit raadsvoorstel worden gevoegd of als bijlage bij het convenant tussen de TU en de gemeente. Zo borgen we blijvend de belangen van de stad en zijn inwoners. Omdat we het aanhouden van raadsvoorstellen formeel niet kennen in deze raad, is het voorstel in onze motie om het voorstel nu in te trekken en later opnieuw in te dienen. Ik hoor de wethouder al zeggen "haast, haast" en "versnellingsverzoek", maar de vraag is of de TU met dit voorstel echt geholpen is. Neem bijvoorbeeld het deelgebied Aula/bibliotheek. Als je van de Schoemakerstraat komt, de Stieltjesweg opdraait en bij de hoge flat net voor het TNO-gebouw rechtsaf richting de bibliotheek gaat, kom je op de Van der Waalsweg, met links en rechts parkeerplekken. Op die kruising wil de TU een toegangscontrolesysteem neerzetten. Met het raadsvoorstel worden de parkeerplekken aan de linkerkant en de rechterkant onttrokken aan de openbaarheid, maar de Van der Waalsweg zelf blijft openbaar.
Het is en blijft een openbare weg, want in het raadsvoorstel wordt niet aangegeven dat de wegen aan de openbaarheid worden onttrokken. Daar mag de TU dan wel een slagboom neer willen zetten, maar dat mag zij niet doen. Als dit raadsvoorstel wordt aangenomen, moet de TU dus op elke parkeerplek apart toegang regelen, zodat de weg openbaar blijft. Of er moet alsnog een nieuw ontwerpbesluit de hele procedure in, dat dan 4
voor zienswijzen ter inzage wordt gelegd en dan naar de raad wordt gestuurd. Dat gaat ook wel even duren. Kortom, het kan wel. Dus graag een reactie van de wethouder: hoe zit het met de wegen die gewoon openbaar zijn in het TU-gebied? De TU wil die afsluiten, maar volgens ons mag dat niet. We komen samen met de ChristenUnie ook met een tweede motie, maar ik zal de ChristenUnie de kans geven om die motie toe te lichten. Daar sluit ik me alvast bij aan. Door de fracties van het CDA, de ChristenUnie, Hart voor Delft en de SP wordt motie 8.2.1 (Vorm van zeggenschap gemeente) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 30 september 2021 ter bespreking van het agendapunt 'Onttrekking Parkeerplaatsen TU Delft', constaterende dat: • • • •
momenteel het grootste deel van de parkeerplaatsen op de TU Delft Campus openbaar is in de zin van de Wegenwet; deze openbare parkeerplaatsen nu nog door iedereen gebruikt mogen worden, waarbij de gemeente het gebruik nader kan reguleren; de TU Delft 2.509 parkeerplaatsen op haar terrein wil onttrekken aan de openbaarheid; zodra deze parkeerplaatsen niet meer openbaar zijn, de gemeente geen zeggenschap meer heeft over deze parkeerplaatsen;
overwegende dat: • • •
•
de gemeenteraad de belangen vertegenwoordigt van alle huidige gebruikers van de parkeerplaatsen, inclusief bewoners, bedrijven en organisaties die op of nabij de TU Delft wonen of gevestigd zijn; de TU Delft aangeeft dat medewerkers, bezoekers en studenten van de TU Delft straks wel, maar andere gebruikers niet zonder meer gebruik kunnen maken van de parkeerplaatsen; er nu weliswaar over gesproken wordt dat niet-TU-gebruikers straks in de weekenden en schoolvakanties gebruik mogen blijven maken van de parkeerplaatsen, maar de TU Delft op elk moment deze afspraak eenzijdig kan veranderen of opzeggen; de gemeente Delft conform de Gemeentewet de bevoegdheid heeft om het gebruik van de openbare parkeerplaatsen op het TU-terrein te reguleren binnen het gemeentelijk stelsel van parkeerregulering;
verzoekt het college: • •
• •
het voorliggende raadsvoorstel in te trekken; eerst samen met de TU Delft tot een schriftelijke procesafspraak te komen over hoe de gemeente een vorm van zeggenschap houdt over de regulering van het gebruik van de aan de openbaarheid te onttrekken parkeerplaatsen op het terrein van de TU Delft; in deze procesafspraak met de TU Delft onder andere vast te leggen dat de parkeerplaatsen beschikbaar blijven voor niet-TU-gebruikers, in ieder geval tijdens de avonden, weekenden en schoolvakanties; op een later moment een gewijzigd raadsvoorstel, waarin deze procesafspraak is opgenomen, voor besluitvorming aan de gemeenteraad voor te leggen,
5
en gaat over tot de orde van de dag." De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Voorzitter. Ik dank het CDA hartelijk voor de uitleg van de eerste motie. Daar zijn we het helemaal mee eens; we staan helemaal achter die motie. Dan de andere motie, die naast het CDA ook met Hart voor Delft en de SP wordt ingediend. Het college heeft een besluit voor de gemeenteraad voorbereid over het onttrekken van parkeerplaatsen aan de openbare ruimte. Er ligt nu dus een besluit voor waarbij er één keuze is. Die keuze is: aannemen of verwerpen. De ChristenUnie is van mening dat de raad meer geboden had moeten worden en mogelijk zelfs bij de voorbereiding betrokken had moeten worden. De oplossing die de TU Delft vraagt, kan in principe op meerdere manieren worden ingevoerd, bijvoorbeeld met de voorgestelde onttrekking en met regulering van het parkeren door de gemeente, zoals de gemeente dat in alle wijken organiseert. Dan nog iets anders. Het heeft de ChristenUnie geschokt dat niet-TU-gerelateerde parkeerders "illegale parkeerders" worden genoemd. In heel veel, bijna alle, overheidsstukken - ik heb er heel wat gevonden - is met "oneigenlijk gebruik" altijd bedoeld "illegaal misbruik", ook als het over grond gaat. Googelt u daar maar eens op.
Onder anderen inwoners worden op deze manier in een officieel stuk van de gemeente, in een besluit, dus beticht van misbruik van parkeerplaatsen in de openbare ruimte. De ChristenUnie is van mening dat het college dit echt moet onderbouwen - dat zou wellicht kunnen - of gewoon terugnemen. Daarom dient de ChristenUnie samen met het CDA, Hart voor Delft en de SP de motie Onderbouw parkeerregulering TU Campus Delft in, want de raad heeft natuurlijk recht op onderbouwing van het begrip "oneigenlijk gebruik" en ook op onderbouwing van de niet uitgewerkte optie om zonder onttrekking op de TU Campus parkeren te reguleren. Anders is gewoonweg niet na te gaan hoe het college alle belangen evenwichtig heeft afgewogen, want nu lijkt het belang van de TU echt de boventoon te hebben gevoerd. De ChristenUnie vindt dat dit ook is op te maken uit de beantwoording van de meeste zienswijzen. College, de ChristenUnie Delft heeft in eerdere debatten over parkeren en mobiliteit gezegd: gaat u alstublieft in gesprek met de TU en andere grote instellingen over parkeren en wacht niet af totdat zij naar u toe komen met eigen oplossingen. Want nu heeft de raad eigenlijk alleen de keuze om te tekenen bij het kruisje of om tegen te stemmen. Daarom dienen we deze motie in. Ik heb overigens ook het een en ander nagezocht over de slagboom die de TU neer zou mogen zetten.
De heer VAN VLIET (GroenLinks): Is de ChristenUnie van mening dat het reguleren van het parkeren in de TU-wijk beter door de gemeente zou kunnen gebeuren? De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Dank u voor deze vraag. Misschien wel, misschien niet. Daarom vragen we juist om die onderbouwing, want die wil ik graag weten. Ik heb dit niet uitentreuren laten onderzoeken, maar de gemeente kan het zeer zeker hartstikke goed. De heer VAN VLIET (GroenLinks): Maar ik kan mij toch voorstellen dat bij het reguleren van parkeren door bezoekers, studenten en docenten de TU bij uitstek de partij is die weet wie de bezoekers zijn, die dat ook kan reguleren en die daarover kan communiceren, terwijl de gemeente dat heel erg moeilijk kan. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Ik ontken niet dat dat moeilijk is, maar er wordt op datzelfde terrein nog door meer instanties en organisaties geparkeerd. In dit stuk, de 6
besluittekst, lezen we dat de TU zegt dat die daar zelf verantwoordelijk voor zijn; punt. Verder wordt daar niets over gezegd. Wij vinden dus dat dat belang gewoon niet is benoemd en we zien dat belang ook niet terug. De heer VAN OVERBEEKE (D66): Meneer Van der Woerd stelt oneigenlijk gebruik eigenlijk gelijk aan illegaal gebruik. Ik heb "oneigenlijk" even opgezocht in de Van Dale. Daar staat gewoon: "niet overeenkomstig de bedoeling". Ik ben benieuwd of de heer Van der Woerd dat met de Van Dale eens is. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Natuurlijk ben ik het met de Van Dale eens, maar daar staat veel meer in, ook de uitleg die ik noemde. Die heb ik bij heel veel overheidsstukken geverifieerd en dat is de uitleg die de overheid gebruikt. Ik was bijna klaar. De TU mag die slagboom in principe wel neerzetten, maar dan zal ze die slagboom moeten openen voor iedereen die over die weg rijdt. Dat is dus uitermate onhandig. Door de fracties van de ChristenUnie, het CDA, Hart voor Delft en de SP wordt motie 8.2.2 (Onderbouwing parkeerregulering TU Campus Delft) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 30 september 2021 ter bespreking van het agendapunt 'Onttrekking Parkeerplaatsen TU Delft', constaterende dat: • • •
momenteel het grootste deel van de parkeerplaatsen op de TU Campus openbaar is; de TU Delft 2.509 parkeerplaatsen aan de openbaarheid wil onttrekken om zelf te bepalen wie waar mag parkeren en tegen welke voorwaarden, zoals kosten; het college parkeren (door anderen dan TU-gerelateerde parkeerders) in sommige deelgebieden 'oneigenlijk gebruik' noemt;
overwegende dat: • • • •
oneigenlijk gebruik betekent dat het een onrechtmatige en daarmee illegale handeling is (vergelijk oneigenlijk gebruik van sociale voorzieningen); sturen op wie waar parkeert net als in andere delen van de stad gezien de parkeerdruk nodig kan blijken; met de onttrekking van 2.509 parkeerplaatsen de gemeente voor eeuwig niet meer zeggenschap heeft over deze ruimte, de regulering volledig in handen is van de TU Delft, de gemeente buitenspel staat; voor een parkeerregulering op de TU Campus geen onttrekking aan de openbaarheid nodig is;
verzoekt het college om: • •
•
het zogenoemde oneigenlijk oftewel illegaal gebruik te onderbouwen; de optie dat parkeerregulering op de TU Campus zonder onttrekking van de parkeerplaatsen aan de openbaarheid niet wenselijk is, te onderbouwen, zeker in het licht van de verantwoordelijkheid van de gemeente om de belangen van verschillende betrokkenen te borgen; aan de optie zoals voorgesteld een afspraak toe te voegen waarin TU Delft en gemeente Delft overeenkomen dat onttrokken parkeerplaatsen bruikbaar blijven voor inwoners van Delft;
7
•
de opties parkeerregulering op de TU Campus zonder onttrekking met gevraagde onderbouwing en de onttrekkingsbesluiten TU Delft met toevoeging van de gevraagde onderbouwing en afspraak opnieuw aan de raad voor te leggen,
en gaat over tot de orde van de dag." Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Voorzitter. Het CDA en de ChristenUnie hebben heel veel gezegd. We hebben samen gewerkt aan het opstellen van deze moties. Hart voor Delft heeft daarbij meegediscussieerd, meegedacht en meegedaan. Eigenlijk zijn we na deze twee betogen dus klaar. De VOORZITTER: Heerlijk, mevrouw De Koning. U spaart spreektijd. Ik ben heel nieuwsgierig waarvoor. Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Dat is het voordeel van het eerst aan de twee indieners geven van het woord. De VOORZITTER: Dat is waar, maar de heer Van der Woerd wil toch iets zeggen. Blijkbaar heeft hij een interruptie. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Nou, een interruptie … Ik zie helemaal niet hoeveel spreektijd we nog hebben. Het is hartstikke goed wat mevrouw De Koning doet, maar ook zij kan niet zien hoeveel tijd ze nog heeft en ik ook niet. De heer HARINCK (STIP): Ik wil me daarbij aansluiten: we kunnen de spreektijd niet zien op de display. De VOORZITTER: We gaan even kijken. Het is natuurlijk weer even wennen nu we weer in deze ruimte zitten. We waren net gewend aan digitaal. Het ging net smooth, op één commissie na. We gaan naar de volgende spreker, mevrouw Kok van de SP. Mevrouw KOK (SP): Voorzitter. Ons wordt gevraagd om in te stemmen met het onttrekken van meer dan 2.500 parkeerplekken uit de openbaarheid.
Deze parkeerplekken liggen op het terrein van de TU. Tijdens de commissievergadering heeft de wethouder ontelbare keren het woord "misschien" gebruikt in haar antwoorden op vragen van de commissie. Er is en wordt weinig bekend over wat dit besluit precies betekent voor de bewoners in en rond de TU-wijk. Men heeft het over vertrouwen tussen de gemeente Delft en de TU, maar ondertussen werd door de woordvoerder van de TU ook gesproken over juridische stappen. Tenslotte heeft de TU zich doelen gesteld waarvoor de ruimte van de parkeerplekken nodig blijken te zijn. De SP vraagt zich serieus af of de doelen van de TU de belangen van de Delftse inwoners niet schaden. De TU groeit en groeit, terwijl de Delftse inwoner zich steeds meer een vreemde in eigen stad voelt. Dit lijkt weer een onderwerp te worden waar de raad en het college straks niet meer over gaan; hele onderdelen in de stad waar we dus niks meer over te zeggen hebben en waar onze inwoners wel last van hebben. Hele wijken krijgen parkeervergunningen in hun maag gesplitst en daar wordt dan doodleuk over verteld dat dit voor hun eigen bestwil is. Ondertussen wordt niet gekeken of de bewoners van zo'n wijk een parkeervergunning kunnen betalen en wat het betekent om € 100 per jaar te moeten ophoesten, zogenaamd alleen omdat de TU het parkeren op eigen terrein wil gaan reguleren.
De wethouder geeft zelf aan dat binnen Delft een gevecht is over wie welke ruimte kan gebruiken. Is het dan handig om deze ruimte uit handen te geven? Er komen nog vele gesprekken tussen de gemeente en de TU, omdat er nog vele onduidelijkheden zijn. Dit betekent in de ogen van de SP dat het voorstel van het college te vroeg is. De SP is bang dat er onomkeerbare beslissingen genomen gaan worden. Kortom, er moet eerst veel meer duidelijkheid komen voordat de SP zich kan scharen achter dit besluit. 8
De heer VAN VLIET (GroenLinks): Voorzitter. Laat ik vooropstellen dat GroenLinks het heel goed vindt dat er ook in de TU-wijk gereguleerd parkeren komt. Parkeren is gebruikmaken van de openbare ruimte. Dat je dat reguleert en daar al dan niet een prijs voor vraagt, is hartstikke goed. GroenLinks kan zich ook heel goed voorstellen dat het heel handig is om ervoor te zorgen dat de TU dat doet, want de TU kent als geen ander alle studenten, docenten en bezoekers en kan dat heel goed reguleren. Wat dat betreft kan GroenLinks zich dus heel goed vinden in dit voorstel om dat mogelijk te maken. Maar we moeten natuurlijk niet vergeten dat de TU-wijk een heel belangrijk deel van de stad is. We zeggen: de stad is de campus en de campus is de stad. We moeten ervoor zorgen dat we samen heel zorgvuldig omgaan met de publieke ruimte. Dat betekent dat we ervoor moeten zorgen dat in het weekend en 's avonds geen parkeergarages leegstaan en dat parkeerplekken zo veel mogelijk worden benut. Dat is essentieel. Dat vraagt een heel goede samenwerking tussen de gemeente en de TU. Wat dat betreft geef ik de opstellers van de motie groot gelijk dat ze zeggen: die samenwerking, het samen zorgdragen voor een goede ruimtelijke ordening en voor het goede gebruik van de hele stad, willen we graag borgen.
Nu gaat het over parkeren, maar GroenLinks zou ook weleens een gesprek met de TU willen hebben over studentenhuisvesting en andere zaken, waarbij we er gewoon samen voor moeten zorgen dat we goed zorgen voor de openbare ruimte. Onze vraag aan de wethouder zou dus zijn hoe er geborgd is dat we dit samen met de TU op een goede manier doen. De heer VAN DEN BRINK (STIP): Voorzitter. STIP staat net als in de afgelopen commissievergadering achter dit voorstel en heeft daar in het kort drie redenen voor. Ten eerste geeft dit voorstel de TU een middel om de campus bereikbaar te houden. De TU groeit en er is geen ruimte om iedereen met de auto te laten komen. Door te reguleren is er een extra prikkel om de fiets, de trein of het ov te pakken. Het is dus de hoogste tijd om te zorgen dat tramlijn 19 echt over de TU gaat rijden. Ten tweede helpt dit voorstel de TU Delft om de ruimte effectiever in te zetten. Parkeergarages nemen immers veel minder ruimte in dan parkeren op normale parkeerplaatsen. De heer VALK (CDA): Ik snap niet wat dit voorstel met tramlijn 19 te maken heeft. Die gaat niet door een parkeerplaats heen. Kunt u dat even uitleggen? De heer VAN DEN BRINK (STIP): Natuurlijk. Met het reguleren van parkeren willen we natuurlijk ook een prikkel creëren voor mensen om over te stappen op duurzamer vervoer, bijvoorbeeld het ov.
Dan is het natuurlijk wel zaak dat dat alternatief er ook is. Wij denken dat tramlijn 19 daar een belangrijke aanvulling in kan zijn. De heer VALK (CDA): Een van de belangrijke redenen waarom tramlijn 19 nog steeds niet rijdt, is dat de TU wat moeilijk doet. Heeft u een indicatie dat de TU haar verzet tegen tramlijn 19 gaat opgeven als dit voorstel wordt aangenomen? Want dat lees ik nergens. De heer VAN DEN BRINK (STIP): Bedankt voor deze vraag. Dit is dus ook een oproep om daar echt werk van te maken. Ik was bij mijn tweede punt. Door dit voorstel gaan we de ruimte effectiever inzetten. De extra ruimte kan de TU goed gebruiken voor educatie, studentenhuisvesting, een restaurant of simpelweg om de ruimte nog mooier te maken dan die nu al is. Tot slot is deze transitie helemaal in lijn met de doelen die we ook voor de stad hebben. Wij denken dat we aan de TU een betrouwbare partner hebben, waar we ook al veel mee in gesprek zijn, bijvoorbeeld via het convenant. Het lijkt ons dus goed om die gesprekken gewoon te blijven voeren, bijvoorbeeld over hoe we die parkeergarages goed gevuld houden over de hele dag, zodat ook bewoners daar wellicht gebruik van kunnen blijven maken. Daarom vindt STIP dat dit een logisch besluit is en dat we de TU op haar eigen terrein dit zelf kunnen laten reguleren.
9
Mevrouw KOK (SP): "Overleg met de TU" klinkt heel mooi, maar de wethouder had ook allerlei dingen met "misschien" en "in de toekomst". We moeten nu een beslissing nemen, terwijl dit soort dingen allemaal nog niet geregeld zijn. Het is helemaal niet zeker dat bewoners mogen gaan parkeren in de parkeergarages. Hoe kunnen wij dus als raad nu een beslissing voor onze bewoners nemen zonder dat we weten wat die beslissing gaat betekenen? De heer VAN DEN BRINK (STIP): Wij zijn het eens met de kaders zoals die zijn gesteld. Wij vinden het zeker ook belangrijk dat er snel duidelijkheid gaat komen voor die bewoners, maar wij kunnen ons vinden in de kaders die zijn gesteld, ook over het parkeren door bewoners. De heer VALK (CDA): Ik denk dat iedereen onderschrijft dat het goed is om afspraken met de TU te maken over de rechten van bewoners. Vindt STIP het ook een goed idee om die afspraken gewoon schriftelijk vast te leggen? De heer VAN DEN BRINK (STIP): Dank u wel voor deze vraag. Ja hoor, op zich kan dit wellicht een mooie aanvulling vormen van het convenant of de vele gesprekken die al lopen. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. Hartstikke fijn dat we hier vanavond weer in de zaal bij elkaar zitten. We mogen meteen beginnen met altijd een interessant onderwerp, parkeren in Delft.
In de eerste plaats kan ik zeggen dat we de ambities van de TU Delft om het parkeren op de campus te reguleren, begrijpen. De vraag is helder, maar in de commissievergadering hebben we wel onze zorg uitgesproken over de impact van de onttrekking op bewoners, bedrijven en bezoekers rondom de TU, want het mag niet zo zijn dat zij door dit voornemen in problemen komen, bijvoorbeeld doordat ze hun auto niet meer kwijt kunnen of alleen nog tegen onacceptabele kosten. Daarom vinden we het belangrijk daarmee sluit ik me helemaal aan bij de woorden van GroenLinks - dat we echt samen met de TU kijken naar het toegankelijke gebruik van die parkeerplaatsen. We zijn ook best benieuwd naar de reactie van de wethouder op de moties, maar wij doen ook alvast een persoonlijke oproep: kan de wethouder toezeggen dat ze bij het bestuur van de TU de urgentie benadrukt van het zo veel mogelijk beschikbaar blijven van de plekken voor nietwerknemers en niet-studenten, bijvoorbeeld door dubbel gebruik toe te staan na werktijd of in de weekenden, maar dat zij bij het bestuur van de TU ook de urgentie benadrukt van het zo veel mogelijk beschikbaar stellen en stimuleren van het gebruik van de parkeergarages op de campus? We hebben het daar ook in de commissie over gehad, maar het lijkt me mooi als we hier in de raadsvergadering die toezegging echt noteren.
De motie over het reguleren van de parkeerplaatsen zonder het onttrekken van de plaatsen aan de openbaarheid is in onze ogen een wat technische motie, maar ik wil expliciet voorstellen om de reactie van de wethouder even af te wachten. De heer VAN OVERBEEKE (D66): Voorzitter. Het is inderdaad erg fijn om hier weer te zijn en het is ook erg leuk om te beginnen met het parkeren, altijd een onderwerp dat de gemoederen bezighoudt. D66 kan de keuze van de TU heel goed volgen. Er gaat op dit moment gewoon ongelofelijk veel ruimte op aan parkeren. De TU maar ook de rest van de stad groeit en groeit en heeft ruimte nodig voor onderwijs en onderzoek. We willen woningen bouwen, ook graag op de campus. En dan wil de TU ook nog dat de campus een groene plek is waar het prettig is om er te zijn. Het is daarom belangrijk dat de parkeerplekken die er zijn, zo optimaal mogelijk benut worden. We denken dat het voorstel om de parkeerplekken daar te gaan reguleren, daar een stap in kan zijn. Ik volg ook wel de zorgen die door GroenLinks en ook de VVD zijn geuit, want hoe zorgen we er nou voor dat de parkeergarages die er zijn, in het weekend niet leegstaan? Ik sluit me dus graag aan bij de vraag die de heer Van Vliet daarover al aan de wethouder heeft gesteld. 10
Ik wil ook nog zeggen dat de parkeerregulering een deel van de oplossing is, maar dat het natuurlijk ook belangrijk is dat we blijven stimuleren dat mensen niet met de auto naar de TU hoeven te komen. Dat doen we door ervoor te zorgen dat er goede fiets- en ov-verbindingen zijn. Zo kunnen we de ruimte die parkeren inneemt van de openbare ruimte, nog verder terugbrengen en maken we van de openbare ruimte, waar dat nu nog vaak een plek voor de auto is, weer een plek voor de mensen. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Ik ben benieuwd of D66 bij die aanname het voorstel misschien niet helemaal goed heeft gelezen, want het aantal parkeerplekken op de TU Campus blijft gewoon hetzelfde. Volgens mij is de TU dus niet per se van plan om die ambitie op het punt van het streven naar misschien minder ruimte voor parkeren en meer ruimte voor fietsen te halen. Klopt dat? De heer VAN OVERBEEKE (D66): Nee, want de reden waarom de TU dit nu wil gaan reguleren, is dat zij parkeergarages neer kan zetten. Doordat je die parkeergarages stapelt, nemen ze natuurlijk heel veel minder ruimte in. Dat is één. Deel twee van mijn antwoord zou zijn dat het reguleren van parkeren natuurlijk maar een deel van de oplossing is; daar refereerde ik al aan. Een ander, minstens even belangrijk deel van de oplossing is dat je ervoor zorgt dat er goede alternatieven zijn, dus goede fietspaden en goede ovverbindingen.
Mevrouw VAN COOTEN (PvdA): Voorzitter. Het is inderdaad heel bijzonder om weer met zo'n grote groep in een zaal en in een ruimte te zitten. Wat minder bijzonder is, is dat we het over parkeren hebben, want dat doen we vaker, zeker in de commissie. We staan achter het doel van de TU met de parkeerplaatsen en de regulering. Dat sluit mooi aan bij de Mobiliteitsvisie. Dat hebben we ook in de commissie gezegd en volgens mij staat elke partij hier ook achter. In de commissie hebben we ook gesproken over de bewoners die op het terrein wonen en over het inspreken. Er wordt nauw in de gaten gehouden dat dit goed gaat komen, aldus de wethouder. We hebben ook gesproken over het weekendgebruik. We zijn er een groot voorstander van dat het terrein daarvoor toegankelijk blijft. Volgens mij heeft de wethouder daar een toezegging over gedaan. Dat zag ik ook in de brief, maar ik vind het een goede oproep van GroenLinks om dit nog een keer te bekrachtigen en daar nog een uitspraak over te doen.
De heer VALK (CDA): Mevrouw Van Cooten heeft het steeds over een toezegging van de wethouder, maar is de PvdA het met mij eens dat de wethouder, als dit voorstel aangenomen wordt, kan toezeggen wat ze wil maar dat de TU dan in haar eentje bepaalt of die parkeerplekken in de weekenden open zijn of niet? Is het dus niet gewoon beter om, zoals onze motie voorstelt, schriftelijk vast te leggen dat de gemeente daar in ieder geval zeggenschap over heeft? Dan heeft de toezegging van de wethouder ook politieke waarde. Mevrouw VAN COOTEN (PvdA): Ik voelde de vraag al aankomen, maar wij zijn er niet voor om alles vast te leggen in regels en convenanten. Als er een goede afspraak ligt - ik weet ook van de TU dat zij graag bereid is om de verbinding met de stad te houden - ga ik ervan uit dat de TU er baat bij heeft om die goede connectie met de stad te houden. Het hoeft dus niet per se in een convenant opgenomen te worden, maar ik hoor graag de reactie van de wethouder hierop. Mevrouw VAN TRICHT (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Onafhankelijk Delft wil nadrukkelijk zeggen dat we dit een kromme situatie vinden. Zonder er verder nog woorden aan vuil te maken, zijn wij blij met de opgestelde moties en zullen wij die steunen. Wethouder HUIJSMANS: Voorzitter. In de afgelopen commissievergadering hebben we hier uitgebreid over gesproken.
Toen hebben we het er met elkaar ook over gehad dat het voor de TU steeds belangrijker wordt om op het terrein grip te krijgen op hoe de ruimte wordt 11
gebruikt, want de campus wordt drukker, de TU blijft groeien en het aantal studenten blijft toenemen. We hoorden dat de TU ook dit jaar weer is gegroeid met zo'n 1.600 nieuwe studenten. Dat brengt ook weer extra medewerkers met zich mee. Dit betekent dat we daar echt slimmer moeten gaan omgaan met de schaarse ruimte die er is. Daarnaast is de TU heel hard bezig om steeds meer een CO2-neutrale campus te realiseren. Een onderdeel daarvan is bewustwording over hoe je naar de campus gaat. Met de auto mag dat voorlopig nog wel, maar er moet wel voor worden gezorgd dat de auto minder prominent aanwezig is in de ruimte rondom de panden. Dit betekent dat de TU zo wil gaan reguleren dat er geen extra parkeerplaatsen meer worden aangelegd, want er worden mooie hoeveelheden parkeerplaatsen toegevoegd aan de garages. Dat betekent ook dat terreinen die nu nog in de openlucht liggen, worden verplaatst naar de parkeergarages. Daarmee kunnen we ook zien dat de TU die parkeerplekken steeds meer netjes gaat inrichten. Dit is meteen een klein stukje beantwoording over het oneigenlijke gebruik van de TUterreinen. In de hele stad streven we ernaar om de juiste parkeerder op de juiste plek te krijgen. Mijn buurman heeft dit in de vorige periode uitgebreid aangegeven. Dit zien we ook in deze gedachte van de TU, die heeft aangegeven dat zij allemaal auto's op het terrein ziet staan.
De kentekens daarvan zijn onderzocht. Die auto's staan in heel Nederland geregistreerd. Er zijn meerdere metingen geweest. Op een gegeven moment heeft de TU gezegd dat ze op de ene of andere manier wil kunnen voorkomen dat iedereen zijn privévoorwerp op ons terrein neerzet, terwijl vervolgens natuurlijk ook heel hard wordt gewerkt om die terreinen goed te onderhouden enzovoort. Vanuit dat uitgangspunt is gezegd: we zouden die TU-parkeerplaatsen veel meer ook voor de TU en het gerelateerde parkeren willen gebruiken. Dan heb je het over medewerkers, bezoekers en studenten. Dat zijn toch flinke aantallen. De TU wil daarmee dus gaan sturen op dat duurzame mobiliteitsgedrag. Daarnaast wil zij goed weten wie waar staat, want op sommige plekken op de TU Campus is de sociale veiligheid minder. De TU wil dus ook meer grip krijgen: wie loopt waar op ons terrein en hoe wordt er gebruikgemaakt van die ruimte? We hebben het er al eerder over gehad dat de ruimte een hele tijd openbaar toegankelijk is geweest en dat daarmee sprake was van een technische openbare ruimte, terwijl het natuurlijk wel eigendom was van de universiteit. De TU heeft daarom het onttrekkingsbesluit neergelegd, omdat ze die regulering graag wil kunnen doorvoeren. De slagboom komt bij de terreinen. Het is niet zo dat alle parkeerterreinen worden onttrokken.
Er zullen ook gewoon parkeerplekken worden weggehaald, omdat die in de garages of op geclusterde terreinen zullen worden vervangen. Dit betekent dat er niet alleen aan de kant van de TU aan regulering wordt gedacht, maar dat er in de gebieden daaromheen, dus de Wippolder en de Rotterdamseweg, ook voor gezorgd is dat parkeerders die daar uitwijken, straks niet meer in de TU-wijk komen te staan en dat andersom ook degenen die in de TU-wijk moeten zijn, niet meer in die wijken komen; we hebben daar al met elkaar over gesproken. Die eerdere overloop is dus door de al ingevoerde regulering eigenlijk onmogelijk gemaakt. Er is ook al heel vaak gevraagd of die parkeerders straks niet allemaal in die woonwijken komen te staan. In de woonwijken is sprake van een tarief met vergunningparkeren en mixparkeren. Dit betekent dat je voor het eerste uur € 1 en vervolgens een veel hoger tarief moet betalen, maar als jij als bestemming de TU hebt en een kaart en een parkeerrecht hebt om daar te mogen staan, is dat in principe gratis of een heel laag bedrag. Er is een soort dagkaart van € 10 per dag voor bezoekers. Dat is echt een heel andere prijs dan in de rest van de omliggende woonwijken. Daarmee voorkomen we dus echt een overloop vanuit de TU de woonwijken in en daarmee kunnen we de bewoners helpen om niet de onjuiste parkeerders in hun straat te krijgen.
Zoals mevrouw Kok van de SP al aangaf, heb ik de vorige keer een aantal keren "misschien" moeten zeggen, omdat we op dat moment als gemeente nog geen zekerheid hadden dat het besluit over het parkeerbeleid van de TU, waarin wordt aangegeven wie waar mag staan en hoe we dat met elkaar gaan organiseren, zou worden genomen. Op dit 12
moment - ik heb het vanochtend nog even nagevraagd - hebben echter zowel de ondernemingsraad als de studentenraad en het MT een positief advies gegeven aan het college van bestuur. Daarmee zal straks het nieuwe parkeerbeleid van de universiteit worden vastgesteld. Wat staat daar onder andere in? De parkeerplekken zijn echt bestemd voor parkeerders zoals studenten en medewerkers, er zal een laag tarief zijn voor de overige parkeerders en met allerlei beperkingen wordt voorkomen dat mensen gaan uitwijken. Dat is echt afgesproken. Er staat ook in - onder andere GroenLinks vroeg daarnaar - in hoeverre er een mogelijkheid is om daar in de buiten-TU-tijden te parkeren, dus na collegetijd ofwel na zessen en in het weekend. We hebben gezien dat in dat beleid staat dat in principe iedereen daar een plekje kan hebben. Als jij in de buurt woont en geen parkeerplek in jouw wijk hebt, kun je daar - bijvoorbeeld vanuit de Wippolder bij een feestje een plek vinden. Ook mensen die naar de stad komen en met de bus of straks de tram vanaf de TU de stad in willen, kunnen bijvoorbeeld bij P Sports gaan staan. Als we straks de mooie musical krijgen, kan daar ook ergens geparkeerd worden. Dat is dus echt de bedoeling. De TU heeft ook aangegeven dat ze het zonde vindt dat de garages daar leegstaan.
Dit betekent dat zowel de garages als de terreinen met de slagboom dan beschikbaar zijn voor niet-TU-parkeerders. Er is natuurlijk ook een gedeelte in de TU waar mensen wonen, rondom de verschillende studentencomplexen. Daar is gekeken hoeveel parkeerders een plek nodig hebben. Daarvoor zijn gewoon parkeernormen uitgezocht. Er is gekeken hoeveel bezoekers die mensen zullen krijgen. Daar is gewoon een plus op gedaan. Het aantal parkeerplekken dat nu uiteindelijk daarvoor op de openbare straat gehandhaafd zal worden, is 300. Dat is veel meer dan wat werkelijk nodig is, want er zijn er rond de 230 nodig. Op de plek waar die mensen wonen, is voor hen dus echt een eigen parkeerplek te vinden. We gaan ook met de TU in gesprek over de manier waarop die plekken worden gereguleerd. Dat zal een regime zijn dat gewoon lijkt op wat we in de rest van Delft doen. Het enige verschil is dat het via de TU loopt en dat het op TU-grond gaat plaatsvinden, maar daarmee hebben we het systeem zo gemaakt dat het grootste deel van de bezoekers en de eigen medewerkers op die terreinen achter de slagboom kunnen worden georganiseerd. Voor de bewoners daar, die ook gewoon dezelfde rechten moeten hebben als bewoners elders in de stad, hebben we het georganiseerd op die openbaar toegankelijke plekken. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Ik ben heel benieuwd.
Volgens mij is er een hele mooie serie van allerlei positieve adviezen aan het college van bestuur. Hoe worden deze afspraken uiteindelijk geregistreerd? De heer VALK (CDA): De wethouder heeft het steeds over "parkeren achter de slagboom", maar mijn vraag is nog niet beantwoord. De TU wil onder andere de Van der Waalsweg afsluiten. Dat blijft een openbare weg. Die mag de TU volgens mij dus helemaal niet afsluiten, want er is geen onttrekkingsbesluit aan de raad voorgelegd om die weg af te sluiten. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor de Van der Broekweg: ook dat is een openbare weg die afgesloten gaat worden en ook dat wordt niet aan de raad voorgesteld. Hoe gaat dat in z'n werk? Want die wegen moeten openblijven. Wethouder HUIJSMANS: Ik begin met de vraag van de heer Valk. Ik heb natuurlijk niet alle techniek en alle straten precies in mijn hoofd. Op zich zou ik dit dus misschien technisch kunnen navragen, maar ik heb begrepen dat er echt terreinen worden afgesloten. Daar komt de slagboom dus te staan. Doorgaande straten worden niet onttrokken, want uiteindelijk moet je natuurlijk ook voor laden en lossen op het terrein kunnen komen. Het gaat dus echt om de delen met de bestemming "parkeren": die worden afgesloten, maar doorgaande routes worden niet afgesloten. De heer VALK (CDA): De Van der Waalsweg is geen doorgaande route.
Dat is een weg die met een U-bocht van de Stieltjesweg naar de Stieltjesweg loopt, maar het is wel een 13
openbare weg. De TU mag die weg niet afsluiten, ook niet na dit besluit, want alleen de parkeerplekken links en rechts worden nu onttrokken, maar de weg zelf niet. Dat heeft de TU gek genoeg ook niet gevraagd, maar het wordt ook niet door het college voorgesteld. De TU zal daar dus nooit een slagboom neer mogen zetten of zal, zoals de heer Van der Woerd al zei, die slagboom altijd open moeten laten staan. Iedereen die daar wil rijden, mag dat doen. Wethouder HUIJSMANS: Ik vind dit een betrekkelijk technische vraag. Ik zal dit dus echt even verder moeten uitzoeken, want ik heb niet van al die wegen de precieze gegevens. Ik krijg via de ambtelijke ondersteuning wel door dat de wegen beschikbaar blijven. Ik neem dus aan dat die slagboom daar niet wordt neergezet zoals u dat benoemt. Dan de vraag van mevrouw Van den Berg van de VVD. In het besluit zoals dat nu voorligt, straks voor het college van bestuur, zijn een aantal elementen opgenomen in de zin van: zo willen we het gaan uitwerken. Daar is ook met de gemeente over gesproken om zo weinig mogelijk rare afspraken te maken waarvan we als gemeente zeggen dat die wel heel erg afwijken van hoe wij dat in de gemeente zouden willen doen. Daar hebben we met elkaar dus echt een goed contact over.
We zijn daarmee echt als goede buren met elkaar bezig, want als dat systeem echt niet aansluit op hoe we de rest van de stad reguleren, geeft dat vooral problemen. We hebben daar met elkaar dus goede gesprekken over. Als er zaken oppoppen die enigszins ingrijpen vragen, zullen we dat met de TU moeten bespreken, maar we hebben van de TU in principe gewoon netjes op schrift gekregen welk parkeerbeleid zij voorstaat. Dat hebben we ook aan haar gevraagd, gekoppeld aan het voornemen om tot een onttrekkingsbesluit over te gaan. Op basis daarvan hebben we gezegd: dit lijkt ons de goede richting. Dat is dus de manier waarop we het doen. We hebben dus niet allemaal harde contracten tot het uiterste, want er moet nog wel wat ruimte zijn om uiteindelijk op situaties en maatwerk te kunnen ingaan. Ik heb een aantal vragen gekregen naar aanleiding van de twee moties. De vraag in hoeverre "oneigenlijk gebruik" wordt benoemd, heeft gewoon te maken met "de juiste parkeerder op de juiste plek", zoals ik net al aangaf. Want als op de TU Campus gewoon meerdere campers geparkeerd staan, kun je je afvragen of dat een voertuig is waarmee medewerkers naar de TU komen. Dat lijkt me evident.
De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Over het begrip "oneigenlijk gebruik": andersom is de term "oneigenlijk gebruik" nooit voor niet-bewonersgerelateerd parkeren in de Wippolder door TU-gerelateerde parkeerders gebruikt. In die zin is het gewoon een heel onevenwichtig gebruik van de term "oneigenlijk gebruik". De VOORZITTER: Het wordt hier niet geheel en al begrepen. Kunt u het herhalen? De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Zeker. De term "oneigenlijk gebruik" wordt nu gebruikt voor niet-TU-gerelateerde parkeerders in de TU-wijk, maar in het omgekeerde geval van TU-gerelateerd parkeren in de Wippolder in het verleden is dit begrip never nooit gehanteerd en is er ook niet gesproken over "onjuist gebruik". Hoe moet ik dat met elkaar rijmen? Wethouder HUIJSMANS: Volgens mij hebben we het er ook in het kader van de Wippolder over gehad dat we de juiste parkeerder op de juiste plek in de Wippolder willen krijgen. Dat kun je "oneigenlijk gebruik" noemen. Je kunt ook zeggen dat dat mensen zijn die daar in principe geen bestemming en geen plek hebben. Op die manier hebben we het dus natuurlijk wél benoemd. Ten aanzien van de motie wil ik aangeven dat we van alles kunnen vinden over het oneigenlijk gebruik. We hebben vanuit de gemeente gemeend dat het echt nodig is om de 14
plekken te onttrekken, ook omdat de TU een dusdanig andersoortig parkeerbeleid ten uitvoer wil brengen dat we dat als gemeente niet kunnen ondersteunen vanuit ons eigen beleid. Dat maakt het echt ingewikkeld om te sturen op bijvoorbeeld doelgroepen of om andersoortig te sturen. Dat is echt iets wat vanuit de TU, vanuit haar eigen gebruikers en medewerkers, moet worden gestuurd. In de motie wordt ook gevraagd of een afspraak gemaakt kan worden om die plekken ook beschikbaar te maken voor inwoners. Volgens mij heeft de TU in het parkeerbeleid dat zij op korte termijn gaat vaststellen, aangegeven dat zij dat zeker wil doen. Na de TU-collegetijden en in het weekend is het immers mogelijk voor inwoners om daar te gaan staan. Dan moet je wel even langs de slagboom, maar dan hoef je niet te betalen. Die mogelijkheid heeft de TU dus zeker meegenomen, vooral ook omdat er een behoorlijk volume parkeerplekken staat en omdat die in het weekend prima gebruikt kunnen worden, ook voor sporten. Volgens mij hoeven wij de zaken dan ook niet opnieuw voor te leggen. Die motie zou ik dus ontraden. De heer VALK (CDA): Heel kort: het is geen afspraak, maar een aanbod. Een aanbod kan op elk moment worden ingetrokken. Dat is echt het verschil tussen waar de motie om vraagt en wat de TU aanbiedt.
Wethouder HUIJSMANS: Het is niet een aanbod of een cadeautje, maar echt een onderdeel van het parkeerbeleid van de TU, dat zij ook heeft vastgesteld. Dat is ook de wijze waarop zij de hele parkeerregulering zal uitvoeren. Ik wil dus onderstrepen dat het niet iets is in de zin van "goh, dat mag dan wel". Nee, het is echt een onderdeel van het hele parkeerbeleid van de TU, omdat het ook voor haar eigen studenten en voor degenen rondom de TU, bijvoorbeeld voor de sportcampus, van belang is dat die plekken beschikbaar zijn op andere momenten. Het is dus echt veel meer dan een geste; het is echt gewoon een onderdeel van de afspraken. Over zeggenschap heb ik al aangegeven dat we als gemeente er geen voorstander van zijn om op particuliere grond een vorm van regulering te doen. Die vragen krijgen we vaker, maar dat is niet de wijze waarop we dat willen gaan doen. Wat die procesafspraak betreft: volgens mij heb ik aangegeven dat dit een onderdeel is van het beleid. Daarmee lijkt het me niet nodig om daar nog een motie over aan te nemen. Ook die motie ontraad ik dus. De VOORZITTER: Er is behoefte aan een tweede termijn. Het CDA heeft nog 1 minuut en 25 seconden. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Dan heel kort.
Wat betreft de wegen die afgesloten gaan worden: ik denk dat de TU daar uiteindelijk zelf ook last van heeft, maar dat de slagboom dan verkeerd is ingetekend op de plaatjes, want het zijn openbare wegen. Wat het aanbod van de TU of de afspraak betreft: de TU lijkt nu welwillend, maar kan op elk moment andere afspraken maken en we doen eeuwig afstand van onze rechten. Eeuwig is gewoon heel erg lang. Vandaar dat we de moties handhaven. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Voorzitter. Ik heb niets toe te voegen aan wat de heer Valk net zei. Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Voorzitter. Hart voor Delft maakt uit de woorden van de wethouder op dat het Wippoldergebied eigenlijk blij mag zijn dat de wethouder daar het parkeerregime ingevoerd heeft. Dat is eigenlijk een een-tweetje tussen de TU en de gemeente. Eigenlijk zijn er oneigenlijke redenen gebruikt voor de bewoners in het Wippoldergebied. Dat vind ik jammer. Daarnaast vraag ik me nog steeds af wanneer die tram gaat rijden om daar in het kader van wat de heer Van Overbeeke zei, beter ov-vervoer te krijgen en dus minder parkeren. Dat zijn 15
nog vragen waar ik mee zit, want daar heb ik nog niks over gehoord, alleen dat de tram er komt. Dat kan wel in "een heilige toekomst" zijn. De 2.500 parkeerplaatsen willen we graag door de gemeente beheerd en onderhouden zien en openbaar houden. Ook wij laten de moties dus staan. Mevrouw KOK (SP): Voorzitter. Wij hebben altijd geleerd niemand op zijn blauwe ogen te geloven. Zolang er niks vaststaat, kan het altijd teruggeroepen worden, zoals meneer Valk zegt. We hebben jaren, jaren en jaren gebruikgemaakt van die parkeerplekken en nu geven we ze straks weg. In heel Delft geven we al zoveel weg. Er is straks geen snippertje grond meer waar we zelf over gaan. Het is dus echt absoluut belangrijk om zeker te weten dat we deze grond kunnen blijven gebruiken voor bewoners. Het lijkt wel alsof TU-medewerkers en studenten belangrijker beginnen te worden dan onze inwoners. Daar kunnen wij gewoon niet achter staan. De heer VAN VLIET (GroenLinks): Voorzitter. De motie-indieners hebben zeker een punt. Tegelijkertijd blijkt uit het antwoord van de wethouder hoe zorgvuldig dit is voorbereid en dat de belangen van bewoners ook echt geborgd zijn in het beleid van de TU.
Ik zou ervoor willen pleiten dat het college aan de TU bevestigt dat deze afspraken nu gemaakt worden en dat de gemeente graag akkoord gaat met deze afspraken, gegeven het feit dat de belangen van de Delftse inwoners zo goed geborgd zijn in het beleid van de TU, zodat je dat toch goed markeert met elkaar. Mevrouw KOK (SP): Meneer Van Vliet zegt dat de belangen van de bewoners gewaarborgd zijn, maar de bewoners zijn ondertussen met parkeervergunningen op kosten gejaagd omdat de TU wil gaan reguleren. Het is nou net alsof ze daar dankbaar voor moeten zijn. Ik vraag me dus echt serieus af of de bewoners echt profijt hiervan hebben in plaats van nadeel. Wat vindt u daar zelf van? De heer VAN VLIET (GroenLinks): Ik denk zeker dat daar een belang ligt, omdat we met minder auto's de openbare ruimte juist beter kunnen inrichten. GroenLinks vindt het goed dat mensen die gebruikmaken van de openbare ruimte voor het parkeren van een auto, daar ook voor betalen. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. In de eerste plaats ben ik heel benieuwd naar de reactie van de wethouder op de vraag van GroenLinks.
Ik zou het eigenlijk ook heel fijn vinden als de wethouder iets kan zeggen over de bereidheid om de TU actief aan te spreken op het houden aan deze afspraken, zodat we dat deelgebruik daadwerkelijk gaan stimuleren en er echt voor gaan zorgen dat we ook de belangen van de bewoners, de bedrijven en de bezoekers blijven garanderen. De heer VALK (CDA): Als de VVD dat zo belangrijk vindt - daar ben ik echt heel blij mee wat is er dan tegen onze motie om dat gewoon vast te leggen? Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Ik denk dat met de lijst die de wethouder ons heeft gegeven, met een aantal heel duidelijke afspraken, een motie eigenlijk overbodig is. Dat is een toezegging die hetzelfde doel weet te bereiken. De heer VAN DEN BRINK (STIP): Voorzitter. We zijn blij dat we in de termijn van de wethouder hebben gehoord hoe het gebruik nog verder gewaarborgd is. Ik zei eerder dat het wellicht ook schriftelijk goed moet worden vastgelegd, maar we vinden het ook wel logisch dat we er vertrouwen in hebben dat de TU Delft dit goed vorm gaat geven en dat ze dat goed gaat doen. Daarmee vinden het belang om dit per se ook schriftelijk vast te leggen, minder zwaar wegen. Dus dank aan de wethouder voor het antwoord. 16
Wethouder HUIJSMANS: Voorzitter. Ik vind dat de raadsleden met elkaar de discussie over de moties moeten voeren. Ik geef ook aan dat we een heel groot deel van de genoemde punten inderdaad met de TU hebben besproken en dat die ook zo zijn georganiseerd in de besluitvorming zoals zij die in het beleid neergelegd heeft. Omdat de regulering ook moet worden doorgevoerd, zullen daarover nog afspraken worden gemaakt. Daar komt ook een overeenkomst over. Ik kan degene die die overeenkomst maakt, dus meegeven dat we enige zekerheid willen houden dat dit over vijf jaar niet weer een totaal ander verhaal wordt. Het lijkt me dus goed dat ik toezeg dat ik die markering meeneem en dat ik bij de TU aangeef: we hebben een convenant tussen de TU en de gemeente, "Campus in de stad, stad in de campus", maar laten we ook markeren dat dit niet iets vluchtigs is waarin de knoppen op een gegeven moment opeens anders zijn ingeregeld. Dat neem ik dus graag mee. Tram 19 is natuurlijk een ingewikkelde soap waarover ik al een aantal keren wat mistig moest vertellen dat met name de TU en de MRDH nog steeds met elkaar in gesprek zijn. Ik kan in ieder geval aangeven dat we echt stappen maken en dat ik op een niet al te lange termijn terugkom met hoe wij daar uiteindelijk met elkaar zijn gevaren.
Want we hebben het in de discussie ook gehad over die parkeerterreinen: het zou echt jammer zijn als straks parkeerterreinen buiten TU-tijden beschikbaar zijn terwijl we daar geen goed openbaar vervoer voor hebben. Ik hoorde de heer Valk aangeven dat die tram daar niet zoveel mee te maken heeft, maar wat mij betreft is daar een mooi volume parkeerplekken die we heel goed kunnen gebruiken om de leuke dingen in onze stad goed bereikbaar te maken. De VOORZITTER: Ik constateer dat de beraadslaging kan worden gesloten. In stemming komt motie 8.2.1 (Vorm van zeggenschap gemeente) van het CDA, de ChristenUnie, Hart voor Delft en de SP. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Puur het feit dat de wethouder wil toezeggen dat er een markering moet komen om enige zekerheid te bieden over het maken van afspraken, bewijst volgens mij het gelijk van deze motie. Wij zullen dus voor onze motie stemmen en tegen het raadsvoorstel. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Voorzitter. Idem dito. De VOORZITTER: Dat scheelt u weer spreektijd. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 14 tegen 24 stemmen, waarbij de voorzitter constateert dat de fracties van de het CDA, de ChristenUnie, Onafhankelijk Delft, de SP en Hart voor Delft ervoor hebben gestemd.
In stemming komt motie 8.2.2 (Onderbouwing parkeerregulering TU Campus Delft) van de ChristenUnie, het CDA, Hart voor Delft en de SP. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 14 tegen 24 stemmen, waarbij de voorzitter constateert dat de fracties van de het CDA, de ChristenUnie, Onafhankelijk Delft, de SP en Hart voor Delft ervoor hebben gestemd. In stemming komt het voorstel. Het voorstel wordt met een digitale stemming aangenomen met 24 tegen 14 stemmen, waarbij de voorzitter constateert dat de fracties van het CDA, de ChristenUnie, Onafhankelijk Delft, de SP en Hart voor Delft ertegen hebben gestemd. 17