Bijlage Herijking MER monitor Schieoevers (6491741)
Tekst van het document
Doorkiesnummers:
Aan
Wethouder Huijsmans, Wethouder Zwart Van
Annette Boot Afschrift aan
Datum
01-12-2025 Opsteller
Annette Boot Bijlage
Bijlage herijking MER monitor Schieoevers In de onderstaande bijlages wordt per onderdeel aangegeven wat de wijzigingen zijn die worden voorgesteld bij de herijking van de MER monitor Schieoevers.
1/9
Bijlage 1: Al vervallen op basis van ervaring Antea (n.a.v. monitoringsronde over zichtjaar 2023) Nᵒ 19
Indicator Energieneutraliteit
Beschrijving Voor nieuwe ontwikkelingen geldt dat deze energieneutraal moeten zijn voor de gebouw gebonden energie.
24
Geografische aanvaardbaarheid van woningbouw
Een bepaalde mate van overlast is acceptabel als hier een zeer aantrekkelijke woonomgeving tegenover staat. Op basis van de milieubelasting kan een zonering worden bepaald waaruit de aanvaardbaarheid van woningbouw blijkt.
29
Leefomgevingskwaliteit woningen
Woningen dienen minimaal aan de basiskwaliteit te voldoen, maar dit kan ook door middel van het treffen van compensatiemaatregelen worden bereikt.
30
Levendigheid op straat
Levendigheid is een belangrijk onderdeel van de gewenste integrale kwaliteit van Schieoevers Noord.
37
Openingstijden
Er wordt gestreefd naar een 16uursdynamiek, waarbij er ook buiten kantoortijden plekken zijn waar het levendig is.
52
Verhouding fiets parkeren/auto parkeren
De verhouding van het aantal fiets- en auto parkeerplekken geeft duiding bij de verkeersgeneratie en de modal split.
Toelichting categorie Sinds januari 2021 moet alle nieuwbouw voldoen aan de BENG eisen. Alle nieuwbouw in Schieoevers Noord zal daardoor energiezuinig zijn. Met deze nieuwe wetgeving is energieneutraliteit een vereiste geworden bij de vergunningverlening. Om deze indicator goed te monitoren is een tot op woningniveau gedetailleerde kwaliteitsindeling voor het gehele gebied nodig. Bij iedere verandering in milieuruimte is aanpassing van deze indeling nodig. Daarnaast hebben bouwkundige maatregelen aan woningen invloed op de ervaren leefomgevingskwaliteit. Er is geen passende bron beschikbaar om al deze aspecten samen goed in beeld te brengen en actueel te houden. Bestaande wet- en regelgeving zorgt ervoor dat er geen woningen gerealiseerd worden in gebieden waar geen sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Hiermee wordt een basiskwaliteit gerealiseerd. Om deze indicator goed te monitoren is een tot op woningniveau gedetailleerde kwaliteitsindeling voor het gehele gebied nodig. Bij iedere verandering in milieuruimte is aanpassing van deze indeling nodig. Daarnaast hebben bouwkundige maatregelen aan woningen invloed op de ervaren leefomgevingskwaliteit. Er is geen passende bron beschikbaar om al deze aspecten samen goed in beeld te brengen en actueel te houden.
Bestaande wet- en regelgeving zorgt ervoor dat er geen woningen gerealiseerd worden in gebieden waar geen sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Hiermee wordt een basiskwaliteit gerealiseerd. Er is geen geschikte bron om het aantal aanwezige mensen in het gebied in kaart te brengen. Indicator 12 gaat ook over levendigheid. Hiermee is er voldoende informatie beschikbaar om de levendigheid te monitoren. Hiervoor wordt verwezen naar de indicator 12, die gaat over de beleving van levendigheid. Er zijn geen gegevens beschikbaar over openingstijden en omdat deze fluctueren is het ondoenlijk om dit bij te houden. Dit is al geregeld in parkeerbeleid, waar bij de vergunningaanvraag aan wordt getoetst. Zie ook memo Antea: Met indicator 52 en 53 worden in feite de spelregels uit het MER getoetst. Dit is niet het doel van de monitoring. De
2/9
53
Verhouding parkeerplaatsen/aantal woningen
Nieuwe ontwikkelingen moeten voldoen aan Schieoevers-parkeernormen.
55
Vestigingsklimaat
Om een ecosysteem voor ondernemerschap in beeld te brengen en vergelijkbaar te maken is de Entrepeneurial Ecosystemindex (EE index) geformuleerd. Deze index bestaat uit een getal dat een optelling is van componentwaarden voor elk van de systeemelementen en randvoorwaarden van het ecosysteem. Delft heeft de hoogste EE index van Nederland.
oorspronkelijke aanleiding om deze indicatoren toch op te nemen was het strikere parkeerbeleid in Schieoevers ten opzichte van het Delfts brede beleid. Met het nieuwe, strengere, Delftse parkeerbeleid is dit verschil niet langer relevant Dit is al geregeld in parkeerbeleid, waaraan de vergunningaanvraag wordt getoetst. Zie ook memo Antea: Met indicator 52 en 53 worden in feite de spelregels uit het MER getoetst. Dit is niet het doel van de monitoring. De oorspronkelijke aanleiding om deze indicatoren toch op te nemen was het strikere parkeerbeleid in Schieoevers ten opzichte van het Delfts brede beleid. Met het nieuwe, strengere, Delftse parkeerbeleid is dit verschil niet langer relevant De EE index is een goede manier om het vestigingsklimaat in een gebied te meten. Echter, kan de benodigde onderliggende data niet op het schaalniveau van Schieoevers Noord worden opgehaald en kan die hier niet worden gemonitord. Vanuit IDD is het wenselijk om hier voor het hele IDD gebied inzicht in te hebben. De indicator zou op termijn daar kunnen worden gemonitord.
Bijlage 2: Laten vervallen in MER, want geborgd in vergunningen Nᵒ 33
Indicator Milieucontouren leefomgevingsfoto
Beschrijving De leefomgevingsfoto Schieoevers Noord biedt actuele informatie over de milieusituatie.
36
Natuur inclusief bouwen
38
Opslagcapaciteit regenwater
Natuur inclusief bouwen houdt in: verschillende soorten groen verwerken in de gebouwen om te helpen bij de biodiversiteit, klimaatverandering en een fijne beleving. Er is een puntensysteem ontwikkeld waarmee ontwikkelaars zelf kunnen bepalen hoe zij natuur inclusief bouwen willen vormgeven. Het uitgangspunt voor de ontwikkeling van Schieoevers Noord is dat voor elke vierkante meter groen 200 liter regenwater beschikbaar is. Op basis van deze norm worden eisen gesteld
Toelichting categorie Geborgd in de vergunningsprocedure, doordat het Omgevingsplan hier kaders aan stelt. De foto betreft immers een uitgangssituatie en niet een te monitoren situatie. Alleen wijzigingen in het Omgevingsplan kunnen hier een gewijzigd beeld van geven en deze worden geborgd in de vergunningsaanvraag. Geborgd in de vergunningsprocedure, in de vergunningaanvraag moet worden aangetoond dat er natuur-inclusief wordt gebouwd.
Geborgd in de vergunningsprocedure.
3/9
50
Verdeling groen, blauw en verhard oppervlak BGT
54
Verkeersgeneratie
aan nieuwe ontwikkelingen. Door deze norm te hanteren dragen de ontwikkelingen in Schieoevers Noord bij aan het klimaatbestendig houden van het gebied. De mate van verharding zal door allerlei maatregelen naar verwachting afnemen gedurende de transformatie. De verkeersgeneratie is bepalend voor de ontwikkelruimte in Schieoevers Noord. Als er te veel verkeer bij komt, lopen omliggende wegen vast.
Geborgd in de vergunningsprocedure, waarin het Hoogheemraadschap strikte eisen stelt aan de hoeveelheid verharding, water en groen. Geborgd in de vergunningsprocedure, waarbij de verkeerseffecten worden beoordeeld van een plan.
Bijlage 3: Laten vervallen in MER, want lastig te monitoren / weinig toegevoegde waarde Nᵒ 1
Indicator Aandachtspunten openbare ruimte
18
Duurzame energie
34
Modal split
39
OV-gebruik
47
Verdeling (variatie) woninggrootte
Beschrijving Locaties waar overzichtelijkheid, toegankelijkheid en veiligheid van de openbare ruimte om aandacht vraagt. Hierbij hoort ook toegankelijkheid van voorzieningen, overlast en andere aandachtspunten vanuit het sociaal domein. Met de transformatie moet een bijdrage worden geleverd aan de gemeentelijke doelstellingen: 15% van totale Delftse energiegebruik in 2020 is duurzame energie, 25% in 2030 en Delft is energieneutraal in 2050. De modal split is het vervoerswijze gebruik uitgesplitst naar modaliteit. Bij intensivering van het ruimtegebruik en de inzet op functiemenging is een verandering noodzakelijk in de mate van autoafhankelijkheid van Schieoevers Noord. Het aantal in- en uitstappers op station Delft Campus (NS) en op de overige in en nabij het plangebied gelegen OV haltes. De realisatie van verbindingen voor langzaam verkeer (zowel oostwest als noord-zuid) is nodig om het aandeel fietsers en voetgangers in de modal split te vergroten. Een diversiteit aan verschillende woninggrootten is gewenst
Toelichting categorie Dit wordt in de planvorming meegenomen en zijn randvoorwaarden. Plannen worden hieraan getoetst. Er zijn geen monitorbare data beschikbaar.
Dit zijn doelstellingen op stadsbreed niveau. Binnen de gemeente is er het Programma Energietransitie dat zich hierop toelegt. Aanvullend monitoren vanuit Schieoevers biedt weinig toegevoegde waarde. Voorlopig niet zinvol om alleen voor Schieoevers Noord te doen, maar stadsbreed via monitoringsplan mobiliteit. Mogelijk dat specifieke monitoring op Schieoevers uitvoerbaar is als de plannen (voor een groot deel) gerealiseerd zijn.
Deze data kan niet worden gerelateerd aan Schieoevers en daarmee kan geen inzicht worden verschaft in het bereik ervan.
Gedifferentieerde woningbouw is afgesproken, maar wordt geregeld vanuit het Omgevingsplan.
4/9
48
Verbindingen langzaam verkeer
De realisatie van verbindingen voor langzaam verkeer (zowel oost-west als noord-zuid) is nodig om het aandeel fietsers en voetgangers in de modal split te vergroten.
Indicator 51 geeft voldoende inzicht in diversiteit en blijft behouden in de MER monitor. Deze worden meegenomen in de Omgevingsvisie voor Delft Zuidoost, waar wordt gekeken naar het versterken van dit netwerk. Monitoring in de MER biedt weinig toegevoegde waarde.
Bijlage 4: Laten vervallen in MER, want opgenomen in de Voortgangsrapportage Nᵒ 17
Indicator Duurzaam bouwen
41
Plinten
42
Ruimte voor ateliers en creatieve werkplaatsen
43
Ruimte voor voorzieningen in de buurt
44
Ruimte voor voorzieningen voor de stad
Beschrijving Voor Schieoevers-Noord geldt een gemiddelde GPR-score van 8 over alle thema's als eis, waarbij elk thema afzonderlijk minimaal een 7,5 moet scoren. GPR = Gemeentelijke Praktijk Richtlijn voor het beoordelen van duurzaam bouwen. Plinten (de begane grond aan de straatzijde) waar andere functies in gevestigd zijn dan wonen, dragen bij aan de levendigheid op straat. In Schieoevers Noord moet plek blijven en komen voor makers en creatieve, sociale ondernemers, innovatieve bedrijven, productie-, distributie-, en reparatie bedrijven. Het doel is om de ateliers en creatieve werkplaatsen tussen 5% en 7% van het gebied te laten innemen. In Schieoevers Noord moet voldoende ruimte zijn voor voorzieningen die vooral door de bewoners worden gebruikt. Hierbij gelden Delftse voorzieningennormen. Het ontwikkelen van Schieoevers Noord zorgt voor kansen om voorzieningen te bouwen die voor de hele stad te gebruiken zijn (voortgezet onderwijs, cultuur, zwembad, festivalterrein).
Toelichting categorie Op bestaande bouw is dit niet van toepassing, bij nieuwbouw moet hieraan worden voldaan. Daarom deze indicator verschuiven naar planvormingsfase (en dus voortgangsrapportage).
Deze indicator verschuiven naar planvormingsfase (en dus voortgangsrapportage). In de vergunde/gerealiseerde situatie is dit wel heel gedetailleerde informatie en voegt weinig toe ten opzichte van indicator 8. Deze indicator verschuiven naar planvormingsfase (en dus voortgangsrapportage). In de vergunde/gerealiseerde situatie is dit wel heel gedetailleerde informatie en voegt weinig toe ten opzichte van indicator 8.
De uiteindelijk gerealiseerde voorzieningen komen bij indicator 8 aan de orde. Voorzieningen zijn per definitie voor de buurt of stad, in de uitgangspunten wordt geen onderscheid gemaakt tussen buurt- en stadsniveau. Vooraf op sturen vraagt om verplaatsing naar planvormingsfase (en dus voortgangsrapportage). De uiteindelijk gerealiseerde voorzieningen komen bij indicator 8 aan de orde. Voorzieningen zijn per definitie voor de buurt of stad, in de uitgangspunten wordt geen onderscheid gemaakt tussen buurt- en stadsniveau. Vooraf op sturen vraagt om verplaatsing naar planvormingsfase (en dus voortgangsrapportage).
5/9
Bijlage 5: Indicator elders monitoren en doorlinken naar MER Nᵒ 6
Indicator Aanwezigheid van gidssoorten
11
Beleving van (milieu)overlast
12
Beleving van levendigheid
13
Bevolkingssamenstelling
14
Bomen
20
Ervaren gezondheid
25
Gevoelstemperatuur, hittestress
32
Medeverantwoordelijkheidsgevoel bewoners
45
Sociale kwaliteit/ cohesie
Beschrijving Een hulpmiddel bij natuur inclusief bouwen en het realiseren van ecologische stepping stones zijn gidssoorten. Door een plek of gebouw in te richten voor één van deze soorten wordt ook leefruimte geboden aan andere soorten (volgsoorten) Deze belevingsindicator geeft duiding bij het beoordelen van de gezondheidsdoelstellingen/ mate waarin overlast wordt ervaren door bewoners vanuit Omnibus-enquête. Dit is een belevingsindicator voor inzicht in de levendigheid in Schieoevers Noord. Het bieden van woonruimte voor een heterogene bevolking is wenselijk voor sociale inclusiviteit en culturele diversiteit. Uitgangspunt voor Schieoevers Noord is dat er in iedere straat bomen aanwezig zullen zijn. De ervaren gezondheid is een belevingsindicator die duiding geeft bij de beoordeling van de gezondheidsdoelstellingen. Hittestress kan ontstaan in omgevingen met veel verstening. Als onderdeel van klimaatadaptatie is het van belang om dit te voorkomen. Aan de hand van de gevoelstemperatuur kan relatieve warmte en koelte worden gemonitord. Het gevoel van medeverantwoordelijkheid voor de leefbaarheid in de buurt is een indicator voor sociale inclusiviteit. Dit is een indicator voor sociale inclusiviteit. Aan de hand van de onderstaande stellingen wordt de gemiddelde samenhang van de buurt berekend. De mensen in deze buurt kennen elkaar nauwelijks.
In deze buurt gaan mensen prettig met elkaar om/ Ik voel me thuis bij de mensen in deze buurt/ Ik woon in een gezellige buurt waar veel saamhorigheid is
Toelichting categorie Dit wordt gemonitord in de Nationale Databank Flora en Fauna. De data kan daar worden verkregen en in de MER monitor worden opgenomen.
Dit wordt gemonitord in de Omnibus-enquête. De data kan daar worden verkregen en in de MER monitor worden opgenomen.
Dit wordt gemonitord in de Omnibus-enquête. De data kan daar worden verkregen en in de MER monitor worden opgenomen. Dit wordt stads breed gemonitord. De data kan daar worden verkregen en in de MER monitor worden opgenomen. Dit wordt stads breed gemonitord. De data kan daar worden verkregen en in de MER monitor worden opgenomen. Dit wordt gemonitord in de Omnibus-enquête. De data kan daar worden verkregen en in de MER monitor worden opgenomen. Dit wordt gemonitord in de Nationale Hittestresskaart. De data kan daar worden verkregen en in de MER monitor worden opgenomen.
Dit wordt gemonitord in de Omnibus-enquête. De data kan daar worden verkregen en in de MER monitor worden opgenomen. Dit wordt gemonitord in de Omnibus-enquête. De data kan daar worden verkregen en in de MER monitor worden opgenomen.
6/9
49
Verbondenheid met de buurt
58
Woontevredenheid
Een goed contact tussen bewoners en gebruikers en een gevoel van verbondenheid met het gebied is een indicator voor sociale inclusiviteit. De mate van tevredenheid over de eigen buurt van bewoners is een belevingsindicator voor de woningbouwdoelstelling.
Dit wordt gemonitord in de Omnibus-enquête. De data kan daar worden verkregen en in de MER monitor worden opgenomen. Dit wordt gemonitord in de Omnibus-enquête. De data kan daar worden verkregen en in de MER monitor worden opgenomen.
Bijlage 6: Indicator nu in MER monitoren/beschrijven, maar later bij IDD en vanuit daar doorlinken Nᵒ 10
Indicator Oorspronkelijke bedrijven
21
Ervaren vestigingsklimaat
Beschrijving De in Schieoevers Noord aanwezige bedrijvigheid wordt gekoesterd. Inzicht in het aanwezig blijven van oorspronkelijke bedrijven is daarom gewenst. De beoordeling van het vestigingsklimaat door aanwezige bedrijven is een belevingsindicator die duiding geeft bij het evalueren van de economische doelstellingen.
Toelichting categorie Dit past meer bij de doelstellingen van het Innovatiedistrict Delft (IDD) dan die van Schieoevers alleen. Daarom daar laten monitoren en in de MER monitor aan doorlinken. Dit past meer bij de doelstellingen van het Innovatiedistrict Delft (IDD) dan die van Schieoevers alleen. Daarom daar laten monitoren (bijvoorbeeld d.m.v. enquêtes) en in de MER monitor aan doorlinken.
Bijlage 7: Indicator nu in MER monitoren/beschrijven, maar later bij Mobiliteit en vanuit daar doorlinken Nᵒ 16
Indicator I/C verhoudingen op de wegvakken en kruisingen
31
Logistieke en autoluwe zones
Beschrijving De I/C-verhoudingen (I/C = intensiteit/capaciteit) geven de mate van verzadiging van kruisingen en wegvakken aan en zijn daarmee bepalend voor de doorstroming. Bij een te hoge I/C verhouding ontstaan files en reistijdverlies. Er is speciale aandacht voor logistieke ontvlechting met als inzet een veilige openbare ruimte en het voorkomen van hinder. Hierbij is het ruimtelijk mogelijk om het werk- en industrieverkeer strategisch te scheiden van de langzaam verkeersstromen.
Toelichting categorie I/C modellen zijn onderdeel van de planvorming bij aanpassingen van de infrastructuur. Pas zinvol om na realisatie te monitoren (bijv. o.b.v. kentekens). Mogelijk mee te nemen in stads brede monitoring vanuit mobiliteit.
Meenemen in mobiliteitsmonitor Delft, pas zinvol om na realisatie te monitoren (bijv. o.b.v. kentekens).
7/9
Bijlage 8: Indicator alleen t.b.v. MER monitoren Nᵒ 2
4
Indicator Aandeel kennisintensieve maakindustrie Aantal arbeidsplaatsen Aantal inwoners
5
Aantal woningen
7
Aanwezigheid van voor gidssoorten ingericht habitat Aanwezigheid van voorzieningen
3
8 9
Bedrijvenmix
15 22
Diversiteit in bedrijfsruimten FMI
23
FSI
26
Groene verbindingen
27
35
Hergebruik grondstoffen Aandachtspunten water (knelpunten) MXI
40
OV-verbindingen
46
Totale oppervlakte niet-wonen Verdeling type woningen
28
51 56
Werkprogramma
57
Woonruimte voor zorgdoelgroepen
Beschrijving Aandeel kennisintensieve maakindustrie (High Tech Systems and Materials) als aandeel van het totaal en als aandeel van het totaal in getransformeerde gebieden (bvo bedrijfsruimte, aantal vestigingen en aantal arbeidsplaatsen). De doelstelling is het vergroten van het aantal arbeidsplaatsen om werkplekken in de stad te blijven bieden voor de groeiende bevolking. Het totaal aantal inwoners van Schieoevers Noord zal naar verwachting groeien door de transformatie. Een belangrijke doelstelling voor Schieoevers Noord is het bijdragen aan de woningbouwopgave van Delft. Een hulpmiddel bij natuur inclusief bouwen en het realiseren van ecologische stepping stones zijn gidssoorten. Door een plek of gebouw in te richten voor één van deze soorten wordt ook leefruimte geboden aan andere soorten (volgsoorten) De locatie en mate van clustering van voorzieningen is belangrijk voor de levendigheid, het aantal en beschikbaarheid van voorzieningen zijn van belang voor de sociale doelstellingen. Om de (nieuwe) bedrijven die we in Schieoevers Noord een plaats willen geven te kunnen ondersteunen, stellen we een zonering in. Verschillende vormen van bedrijvigheid (afhankelijk van aard en omvang) kunnen hiermee op specifieke locaties binnen Schieoevers Noord worden gehuisvest. Uitgangspunt daarbij is het juiste bedrijf op de juiste plek.
Er is een palet aan bedrijfsruimte bepaald dat de innovatieve maakindustrie maximaal faciliteert. Er is heel bewust gekozen voor een combinatie van werken en wonen in Schieoevers Noord. De FMI beschrijft de mate van functiemenging voor wonen en werken binnen een gebied. De FMI wordt berekend door 100x fte/ (fte + woningaantal). De FSI (floor-space-index) geeft de verhouding tussen het bebouwde bruto vloeroppervlak en de oppervlakte van het terrein. Een FSI van 1,0 betekent dus dat er op 1 hectare grond (100x100 m) 10.000m2 bebouwd oppervlak is. De aanwezigheid van groene verbindingen wordt getoetst aan de visie op de groene structuur (in ontwikkeling). Het gaat bijvoorbeeld om de verbinding richting het van Leeuwenhoekpark, het spoor en een oost-westverbinding in het verlengde van de Gelatinebrug. De wens is om vrijkomende grondstofstromen in bouwprocessen zoveel mogelijk direct in te zetten als grondstof op locatie. In principe geldt voor alle getransformeerde gebieden dat het gebied zonder problemen een norm bui van 90 mm/uur aan kan. Is dit niet het geval, dan is sprake van een knelpunt op het gebied van wateroverlast (klimaatadaptatie). De verhouding tussen wonen en niet-wonen kunnen we uitdrukken met de MXI (Mixes Use Index). De definitie van MXI is: De bruto vloeroppervlakte voor wonen gedeeld door de totale vloeroppervlakte in een gebied.
Een verbetering van de OV-situatie is nodig om de benodigde mobiliteitsverschuiving te realiseren. De totale oppervlakte niet-wonen is een grove indicator voor de ruimte die er voor arbeidsplaatsen beschikbaar is. Diversiteit in woningaanbod (incl. sociale woningbouw en studentenwoningen) maakt onderdeel uit van de strategie om een levendig gemengd stedelijk gebied te creëren. De beoogde verdeling van het programma werken (bedrijfsruimte, zelfstandige kantoren, commerciële voorzieningen in m2 bvo) is opgebouwd naar ontwikkelfase en deelgebied. Voor zorgdoelgroepen is aangepaste woonruimte gewenst in de vorm van sociale huurwoningen met een gezamenlijke gemeenschappelijke ruimte en een opvanglocatie voor zwerfjongeren.
8/9
Bijlage 9: Overzicht van nieuwe dashboards Gemengd stedelijk gebied Nᵒ
Indicator
5 8 12 22 23 35
Aantal woningen Aanwezigheid van voorzieningen Beleving van levendigheid FMI FSI MXI
Leefomgeving Nᵒ
Indicator
6 7 11 14 20 25 26 27 28
Aanwezigheid van gidssoorten Aanwezigheid van voor gidssoorten ingerichte habitat Beleving van (milieu)overlast Bomen Ervaren gezondheid Gevoelstemperatuur, Hittestress Groene verbindingen Hergebruik grondstoffen Aandachtspunten water (knelpunten)
Ruimte voor bedrijvigheid Nᵒ
Indicator
2 3 9 10 15 21 46 56
Aandeel kennisintensieve maakindustrie Aantal arbeidsplaatsen Bedrijvenmix Oorspronkelijke bedrijven Diversiteit in bedrijfsruimten Ervaren vestigingsklimaat Totale oppervlak niet-wonen Werkprogramma
Sociaal inclusief en cultureel divers Nᵒ
Indicator
4 13 32 45 49 51 57 58
Aantal inwoners Bevolkingssamenstelling Medeverantwoordelijkheidsgevoel bewoners Sociale kwaliteit/ cohesie Verbondenheid met de buurt Verdeling type woningen Woonruimte voor zorgdoelgroepen Woontevredenheid
Bereikbaar Nᵒ
Indicator
16 40 54
I/C verhoudingen op de wegvakken en kruisingen OV-verbindingen Verkeersgeneratie
9/9