CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage bij Wijzigingen tov NotaRolnemingNota

Raadsvergadering 22 mei 2025, gemeente DelftBij agendapunt: Raadsvoorstel Bestuurlijke rolneming & Verbonden partijen 2025 (2505046)1.357 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage Oplegger raad “ Nota Bestuurlijke rolneming & Verbonden partijen 2025 college B&W: 14 januari 2025 Kenmerk: 6027510

“

Wijzigingen ten opzichte van de vorige nota’s Nieuw ten opzichte van Nota Rolneming 2016: De Nota Rolneming 2016 besloeg het hele repertoire aan bestuurlijke rollen van de gemeente (zelf uitvoeren, stimuleren, laten uitvoeren of samen uitvoeren of niets doen). De hoofdboodschap was, en is gebleven in de nieuwe nota, om als gemeente bewust te zijn van je rol, en, waar mogelijk, bewust je rol te kiezen. Dit gedachtegoed over rolneming vormt nu het kader waarbinnen samenwerken met verbonden partijen, één van de mogelijke rollen is. Daarom start de nieuwe Nota, na Hoofdstuk 1 ‘Inleiding’, met een nieuw Hoofdstuk 2 gebaseerd op de nota Rolneming. Wijzigingen:  Met de toenmalige verzelfstandigingsagenda kende de Nota Rolneming 2016 een voorkeursrichting waarin de gemeente zich ontwikkelde naar ‘regie’ in het ‘netwerk’ van publieke organisaties. Met de afronding van de verzelfstandigingagenda is die voorkeursrichting losgelaten in de nieuwe nota. De rolneming wordt nu situationeel bepaald en is afhankelijk van de context van het beleidsonderwerp.  Voor praktische gebruiksgemak is de nieuwe nota uitgebreid met verwijzingen (met links) naar de bestaande kaders die gekoppeld zijn aan de verschillende bestuurlijke rollen.

Voor samenwerken met verbonden partijen is dat de verwijzing naar deel II van de Nota en voor de andere rollen naar de relevante kaders van de gemeente voor bijvoorbeeld subsidie of inkoop etc.  Het afwegingskader uit de oude Nota is gehandhaafd, maar wel gesplitst in een deel dat betrekking heeft op keuzes in rolneming (stappen 1 t/m 5) én een deel over keuzes met betrekking tot verbonden partijen (stappen 6 en 7) wat is opgenomen in Deel II, hoofdstuk 4. Weggelaten in de nieuwe nota:  Met het bereiken van de beoogde doelstelling, kon de onderbouwing en toelichting daarvan komen te vervallen. Het resterende kader, met de noodzakelijke uitgangspunten, is herschreven en, omdat ook dubbelingen met de Nota Verbonden Partijen nu kon worden verwijderd, is de tekst effectief tot een kwart teruggebracht.

Nieuw ten opzichte van de Nota Verbonden partijen 2018 Wat betreft de kaders voor verbonden partijen (Deel II: hoofdstukken 3, 4 en 5) zijn de wijzigingen de volgende:  Hoofdstuk 3 is bijna geheel nieuw. o Het hoofdstuk presenteert het perspectief op verbonden partijen. Juist om duurzaam te kunnen samenwerken en bijvoorbeeld lange-termijn investeringen te kunnen plegen in kennisopbouw, efficiënte werkwijzen, en werknemers zekerheid te kunnen bieden, is commitment van alle deelnemers vereist. Het wederzijds commitment is verzekerd door zowel bestuurlijk als financieel belang van alle partners. Dat kan als deelnemer ongemakkelijk voelen omdat je niet eenvoudig kan uitstappen, maar dat geeft juist de verzekering dat de andere deelnemers ook niet opeens kunnen uitstappen en de achterblijvers met de kosten of brokken blijven zitten. De meerwaarde zit dus juist in de beperking (‘No pain, no gain’). o Het betekent ook dat de gemeente dus eigenaar is én opdrachtgever, zoals ook in de vorige nota uiteengezet. De belangen van de eigenaar kunnen afwijken van die van opdrachtgever en daarom moeten deze verschillende ‘petten’ uit elkaar worden gehouden om goede expliciete afweging te kunnen maken bij besluitvorming. Voor Pagina 1 van 3

o

belangrijke verbonden partijen dienen de petten dan ook separaat te worden belegd. In de nieuwe nota wordt benadrukt dat de linkerhand wel moet weten wat de rechter aan het doen is, en andersom. En er wordt uitgebreider toegelicht dat de pettensystematiek een interne afstemming faciliteert en, waar nodig, discussie noodzakelijk maakt. Het is ook van belang dat de gemeente naar buiten toe eenheid van handelen toont. Bovendien introduceert de nieuwe nota de 100%-deelnemingen (dochterondernemingen) als een nieuwe categorie. Deze partijen (Werkse! Holding BV, Delft Support BV en Parkeren Delft BV) kwalificeren wel als verbonden partij (financieel én bestuurlijk belang via aandeelhouderschap) maar waarbij geen sprake is van samenwerking met andere gemeenten. Hier gaat het om uitvoering van taken die de gemeente op afstand heeft geplaatst, en waarbij de gemeente, tegelijkertijd, als enig aandeelhouder wel zeggenschap behoudt. Enig aandeelhouderschap brengt meer verantwoordelijkheid met zich mee dan in het geval van een minderheidsaandeel, waarvoor meer aandacht is in de nieuwe nota.

Hoofdstuk 4 is in hoofdlijn vergelijkbaar met de voormalige nota. Het gaat over de keuze voor het type verbonden partij, publiekrechtelijk, als één van de opties voor een gemeenschappelijke regeling (GR), of privaatrechtelijk als vennootschap (BV/NV), stichting of vereniging/corporatie. o Nieuw is hier met name dat de bedrijfsvoeringsorganisatie (bvo) structureel als optie sinds 2015 is doorgevoerd. o En de in de wet vastgelegde voorkeur voor publiekrechtelijke vorm van de verbonden partij is expliciet opgenomen in de nota met verwijzing naar de doorkruisingsleer, die is gebaseerd op jurisprudentie.

Hoofdstuk 5 bevat de beleidsregels zoals die al gelden en gaan over beloning, wel/niet zitting (mogen) nemen, verantwoordelijkheidsverdeling etc. o De wijziging in 2022 van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) is doorgevoerd. o De regionale raadsadviescommissie is als nieuwe optie op grond van de Wgr opgenomen als optie voor de raad om te overwegen. o Ook is aandacht gegeven aan de nieuwe rechtmatigheidsverantwoording door de gemeenten zelf en welke interactie er kan zijn met de rechtmatigheid bij de verbonden partij (§ 5.5.1), conform de kaders van de Commissie BBV. o In het kader van de beheersing van verbonden partijen is ook het belang van fiscale aspecten expliciet verwoord in de Nota. o Voor de 100% dochterondernemingen (zie hoofdstuk 3) is het uitgangspunt dat de gemeente de indexatiemethode toepast zoals die voor de gemeente zelf ook wordt toegepast, waarbij afspraken in de van toepassing zijnde cao worden gevolgd. (N.B. voor GR-en is de methode van toepassing zoals deze regionaal wordt afgestemd en jaarlijks vastgelegd in de regionale kaderbrief GR-en). o Als beloning ontvangen leden van de Raad van Commissarissen (RvC) van de 100%dochterondernemingen een bescheiden vergoeding (onder het maximum dat de WNT stelt) waar evenwel waardering uit spreekt voor de inzet van de leden voor de publieke zaak.

o Verschillen tussen 100%- dochterondernemingen in bedrijfsvoering, financiering, organisatie, omvang in omzet, personeel of verantwoordelijkheden, kan reden zijn maatwerk afspraken te maken over de beleidsuitgangspunten. o Voor publieke verbonden partijen is het uitgangspunt geen variabele beloning en vertrekpremie, conform de publieke praktijk. o De mogelijkheid van variabele beloning, en eventuele vertrekpremie en bijbehorende kaders wordt nu expliciet slechts van toepassing voor winstgerichte vennootschappen van gemengd publiek/private aard. Pagina 2 van 3

Hoofdstuk 6 is nieuw en de titel “Grip op verbonden partijen” verwijst naar het gelijknamige onderzoeksrapport van de Delftse Rekenkamer. o In § 6.2 wordt toelichting gegeven vanuit het perspectief van de belangen van de gemeente en andere deelnemers en het algemeen belang van de samenwerking. o De betekenis voor de bestuurlijke rollen van eigenaar en opdrachtgever en de ambtelijke ondersteuning daarvan, wordt beschreven in § 6.3. o De governance van een verbonden partij dient zo te zijn ingericht dat de basis voor vertrouwen om onderling te kunnen samenwerken is gelegd, het zogenaamde institutionele vertrouwen. Paragraaf 6.4 bespreekt het belang van persoonlijk contact om risico’s van wij/zij denken, vooroordelen en andere (menselijke) samenwerkingsproblemen te verminderen. o De laatste paragraaf (§ 6.5) gaat nader in op het verschil in betekenis tussen een beleidsevaluatie en evaluatie van de samenwerking.

Weggelaten in de nieuwe nota:  Tot slot is een deel uit oude hoofdstuk 4 in de oude Nota verbonden partijen niet teruggekeerd in dezelfde vorm in de nieuwe nota. Dat betreft het onderdeel met aanbevelingen en adviezen aan de raad en college en ambtenaren. Deze zijn nu vertaald naar kaders in het nieuwe hoofdstukken 3 en 6 als het perspectief op samenwerken en als uitgangspunten ten behoeve van houding en gedrag voor het samenwerken.  Inclusief alle hierboven genoemde toevoegingen en een enkele weglating, is de omvang van de tekst van de Nota deel II over Verbonden Partijen toegenomen met 20% (telling in woorden) ten opzichte van de vorige Nota Verbonden Partijen. Dit is het gevolg van de ontdubbeling met de Nota Rolneming, van het herschrijven van de verschillende hoofdstukken en van het herordenen door informatie naar de bijlagen te verplaatsen. Beide nota’s bij elkaar genomen is het integrale document met 20% afgenomen (telling in woorden).

Pagina 3 van 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15118509/2