Bijlage 1. Zienswijze gemeente Delft op Ontwerp Luchthavenbesluit Rotterdam The Hague Airport
Tekst van het document
Ruimte en Economie Advies bezoekadres: Stationsplein 1 2611 BV Delft IBAN NL21 BNGH 0285 0017 87 t.n.v. gemeente Delft Behandeld door L. Voogelaar Telefoon 14015
Retouradres : Postbus 78, 2600 ME Delft
lvoogelaar@delft.nl
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat Directie Participatie
Internet www.delft.nl Telefoon 14015
Zienswijzeformulier via website
Datum
Onderwerp
14-04-2026
Zienswijze gemeente Delft op ontwerp Luchthavenbesluit RTHA
Ons kenmerk
6459198 Uw brief van Uw kenmerk Bijlage
Geachte heer/mevrouw, De gemeente Delft heeft met belangstelling kennis genomen van uw Ontwerp Luchthavenbesluit voor Rotterdam The Hague Airport (RTHA) en het bijbehorende milieueffectrapport (MER) dat met ingang van 20 maart 2026 tot en met 30 april 2026 ter inzage ligt. Wij maken hierbij gebruik van de mogelijkheid om te reageren op dit Ontwerp Luchthavenbesluit. Uitgangspunten gemeente Delft De gemeente Delft komt, net als alle andere gemeenten, op voor de belangen van haar inwoners. De vliegbewegingen van en naar RTHA hebben effect op de kwaliteit van leven van onze inwoners. In positieve zin maken inwoners gebruik van de RTHA, maar in negatieve zin ervaren zij ook met name geluidshinder. Daarnaast kent onze gemeente ook nog een ander belang, namelijk het behouden van een goede belevingswaarde van het Bijzonder Provinciaal Landschap. Wij waarderen het dat belangrijke elementen uit het eindproduct van het participatieproces zijn overgenomen in het Ontwerp Luchthavenbesluit RTHA, zoals maatregelen gericht op het verminderen van vertragingen en het beperken van nachtvluchten. Wij verzoeken u evenwel onderstaande zienswijzen alsnog in het definitieve Luchthavenbesluit te betrekken. Zienswijze 1.
Bevriezen van het aantal positievluchten op aantal gebruiksjaar 2019
In het Ontwerp Luchthavenbesluit RTHA is vanaf 06.30 uur voor positievluchten per gebruiksjaar een grenswaarde van maximaal 48 vliegtuigbewegingen opgenomen. In gebruiksjaar 2019 was sprake van 25 positievluchten en in gebruiksjaar 2025 van 15 positievluchten.
Datum
14-04-2026 Ons kenmerk
6459198
Daarnaast wordt het aantal vertragingen in de avond afgebouwd naar maximaal 180 in 2023 (een halvering ten opzichte van gebruiksjaar 2019). Vliegtuigen die in de avond niet meer mogen landen op RTHA moeten uitwijken naar een andere luchthaven. Aangezien deze vliegtuigen de volgende dag wel vanaf 07.00 uur van RTHA moeten vertrekken, kan dit tot een toename van het aantal positievluchten leiden. Alsdan zou de hinder van de avond zich kunnen verplaatsen naar de ochtend. Dit is niet gewenst. Wij verzoeken u dan ook om het maximaal aantal positievluchten te bevriezen op 25 per gebruiksjaar (gelijk aan gebruiksjaar 2019). 2.
Innovatieruimte met toename van aantal vliegtuigen
In het Ontwerp Luchthavenbesluit RTHA wordt het aantal vluchten per jaar voor vijf jaar bevroren op 17.860 slots per jaar (vergelijkbaar met het niveau van 2019). Vijf jaar na de inwerkingtreding van het Luchthavenbesluit kan tussen 09:00 en 21:00 uur innovatieruimte beschikbaar gesteld worden, bestaande uit 4.380 slots waarbij (maximaal) de helft beschikbaar is voor het gebruik van vliegtuigen op volledig sustainable aviation fuels (SAF). De resterende ruimte wordt gebruikt door elektrisch of waterstof aangedreven luchtvaart. Mochten er niet voldoende SAF beschikbaar of betaalbaar zijn of de transitie naar waterstof/elektrisch langer duren, dan zijn er geen extra slots mogelijk vanaf RTHA. Hierdoor vindt een verdere reductie van emissies (PM10 en NOx) plaats. Het aantal vliegtuigbewegingen is wat betreft geluidhinder voor mens en dier meer bepalend dan het vliegen met inzet van fossielvrije energiebronnen, zoals SAF elektrisch of waterstof. Er is in het Ontwerp Luchthavenbesluit RTHA echter niet opgenomen op welke wijze deze groei binnen de innovatieruimte gaat plaatsvinden (gefaseerd of per direct) en in hoeverre naast de positieve milieueffecten van het reduceren van de emissies PM10 en NOx er sprake is van negatieve effecten ten aanzien van geluidhinder voor mens en dier. Wij verzoeken u hierover een kader op te nemen (bijvoorbeeld een gefaseerde toename).
Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, het college van burgemeester en wethouders van Delft,
M Berger Loco-secretaris
FWJ van Vliet Loco-burgemeester
2/2