Bijlage 1. Evaluatie Lokale Prestatieafspraken 2025 (documentnummer 6505515)
Tekst van het document
Evaluatie Lokale Prestatieafspraken 2025 mei 2026
1. Introductie In deze Evaluatie Lokale Prestatieafspraken 2025 kijken we terug op de 25 afspraken die de gemeente Delft, de grote woningcorporaties die werkzaam zijn in Delft (DUWO, Stedelink, Vidomes en Woonbron) en de vier huurdersraden van deze corporaties met elkaar maakten voor het kalenderjaar 2025. De evaluatie is gezamenlijk gemaakt. Doel is om een beeld te geven van wat in zijn algemeenheid goed gaat, welke onderwerpen weerbarstig zijn en waar we gezamenlijk meer vooruitgang hadden willen boeken.
2. Resultaten 2025 2.1 Wijze van samenwerken In 2025 is op beleids- en bestuurlijk niveau constructief samengewerkt. Er is op zeer regelmatige basis overleg geweest. Aan de kant van de gemeente is sprake geweest van personele wisselingen, maar per 1 september was de capaciteit weer op orde. Noemenswaardige punten zijn de twee portefeuillestrategie bijeenkomsten in de eerste maanden van het jaar. Deze informatieve overleggen vormen het startpunt voor verdergaande afstemming over de portefeuillestrategieën tussen de betrokken corporaties, ter voorbereiding op het Volkshuisvestingsprogramma waar de gemeente in 2026 aan werkt. De tweede helft van 2025 stond in het teken van het opwerken van de prestatieafspraken 2026. Dit traject kwam met vertraging op gang als gevolg van de door het Rijk aangekondigde huurbevriezing, die uiteindelijk niet door is gegaan. Dat maakt dat de corporaties in 2025 in tegenstelling tot voorgaande jaren, geen bod hebben uitgebracht. Desondanks is het met gezamenlijke inspanning gelukt om de afspraken voor het einde van het kalenderjaar op te leveren en te tekenen. Positief daarin was om de LPA in gelijke tred op te werken met het inhoudelijke gesprek over de doelstellingen voor de stad. Voor Stedelink geldt dat de samenwerking met de gemeente rondom woonwagenkamp Lau Mazirel weer nieuw leven is ingeblazen.
De contacten tussen beide partijen zijn goed en men weet elkaar te vinden waar nodig. Een verbeterpunt uit 2025 dat wordt meegenomen naar 2026 is onder meer de overlegstructuur met in het bijzonder de verhouding BO & Tripartite. Beide overleggen vinden plaats op dezelfde dag en direct na elkaar, waarbij de situatie ontstaat dat huurdersorganisaties het overleg verlaten en corporatiebestuurders en gemeente met elkaar doorpraten in het BO. Dat levert ongemak op aan de kant van de huurdersorganisaties, hetgeen erkend wordt door de corporaties en gemeente. Er is een werkgroep opgericht bestaande uit gemeente, corporatie en huurdersorganisatie om te komen tot een voorstel. Inzet is om de herijkte overlegstructuur met ingang van een nieuw college van B&W in te laten gaan, gezien dan een natuurlijk wisselmoment ontstaat. Daarin wordt ook meegenomen hoe het BO/tripartite steviger in een besluitvormende rol kan komen en minder als overlegorgaan functioneert.
2
Ook is in 2025 de behoefte uitgesproken om het bestaande stappenplan sloop/nieuwbouw/ renovatie uit te breiden en een stedelijk sociaal statuut uit te werken. Daarin maken corporaties en gemeente afspraken over hun rol en verantwoordelijkheden in de oriëntatiefase die leidt tot een besluit voor sloop/ nieuwbouw/ renovatie. Dit wordt in 2026 verkend.
2.2 Prestaties Uit de inhoudelijke evaluatie per afspraak in de tertiaalmonitoren over 2025 blijkt dat er heel veel naar tevredenheid en conform afspraak is gegaan. Benoemenswaardige zaken daarin zijn: - Door het jaar heen is op verschillende momenten de planvoorraad geactualiseerd en besproken met de bouwtafel. - Op het gebied van ouderen & zorg is de inzet van flatcoaches, de seniorenmakelaar en de samenwerking binnen Gezond & Wel thuis verder uitgerold. In 2025 is de vierde pilot van Gezond & Wel Thuis start gegaan: seniorencomplex Stefanna (nabij woonzorgcentrum Stefanna). - Waar het gaat om jongeren is in 2025 ingezet op (deels) verhuren via loting door Stedelink en Woonbron. In 2025 zijn 55 woningen via loting verhuurd De evaluatie hiervan wordt uitgewerkt. - De corporaties hebben stappen gezet op het gebied van mogelijkheden voor woningdelen en hospitaverhuur en hebben daar pilots voor opgezet. - Ten aanzien van de verkoop van huurwoningen zijn in 2025 de verkoopvijvers geactualiseerd en meegenomen bij de prestatieafspraken 2026. Vidomes neemt het bezit van Bergopwaarts in Delft over. - De corporaties hebben in 2025 de afspraak met betrekking tot uitstroom uit instellingen meer personen gehuisvest dan afgesproken. De afspraak voor huisvesting van statushouders is behaald.
Echter is de taakstelling voor de gemeente Delft groter dan wat gehuisvest wordt door de corporaties. Het is Delft in 2025 niet gelukt om de taakstelling te halen, als gevolg van de koppeling van een aantal grote gezinnen aan Delft. Dit heeft geleid tot een hogere positie op de toezichtsladder van de Provincie Zuid-Holland waarover in 2026 de gesprekken worden gevoerd. - Op het vlak van duurzaamheid ligt het uitfaseren van de EFG-labels op schema, wordt ingezet op de energietransitie door aansluiting op het warmtenet en geothermie (doorzetting in 2026), wordt door de corporaties gewerkt aan het voorkomen van hittestress en zijn de energiehulpen opnieuw ingezet. - Waar het gaat om betaalbaarheid (aanvangshuur, huurprijzen, inkomensafhankelijke huurverhoging en instroom met een hoog inkomen) hebben de corporaties in 2025 alle gemaakte afspraken behaald. - Corporaties en gemeente hebben actief deelgenomen aan leefbaarheidsoverleggen en meegewerkt aan de doelen rondom leefbaarheid vanuit WijWest. Die samenwerking wordt in 2026 verder versterkt. Zaken die minder snel of goed zijn gelopen dan vooraf gewild waren er ook: - De voor 2025 afgesproken inzet op een gezamenlijk beeld van de na te streven voorraad middenhuurwoningen en de rol van nieuwbouw en liberalisaties is naar achter geschoven en wordt in 2026 opgepakt. 3
-
-
Er is onderbesteding op de bij de gemeente beschikbare middelen vanuit de SPUK energiearmoede. Voor 2026 is afgesproken dat de corporaties hier alsnog plannen voor in zullen dienen. Het is niet mogelijk gebleken om de gewenste inzage in de BRP gegevens door corporaties te realiseren. Er is een werkwijze gemaakt die (vanuit het oogpunt van de corporaties) suboptimaal werkt, maar die wel resultaten beoogt op te leveren. In 2026 wordt daarmee gewerkt.
En hoewel het gros van de afspraken goed is afgerond, blijven er afspraken over waar veel (bestuurlijk) over is gesproken in 2025 en echt nadere aandacht vragen. Het gaat dan om: - Nieuwbouw - Het tempo van de nieuwbouw - De lange termijn stadsbrede streefvooraad van sociale huur
3. Toelichting resultaten In deze paragraaf zullen de resultaten van 2025 nader worden toegelicht. Daarin wordt vastgehouden aan de indeling van de prestatieafspraken in 4 categorieën: 1. Beschikbaarheid 2. Duurzaamheid 3. Betaalbaarheid 4. Leefbaarheid In het volgende hoofdstuk staat de rapportage over het protocol vocht- en schimmelaanpak van de corporaties.
3.1 Beschikbaarheid Ook in 2025 is gebleken dat het opleveren van voldoende woningen uit nieuwbouwontwikkelingen weerbarstig is. Onder meer procedures bij de Raad van State, stijgende bouwkosten, hogere rentelasten en gebrek aan personele capaciteit bij de gemeente en marktpartijen zetten een rem op de gewenste ontwikkelingen. Daarmee komt het woningbouwprogramma in de knel. De planvoorraad tot aan 2030 is toereikend, maar laat zien dat de impact van de vorige Woonvisie duidelijk terugkomt: het percentage sociale huur exclusief studentenhuisvesting zal (conform de huidige planvoorraad) na 2030 onder de gewenste 33% liggen. Corporaties hebben de gemeente met klem gevraagd om nieuwe ontwikkellocaties. Vanuit de gemeente zijn nieuwe ontwikkellocaties echter vooralsnog niet opportuun: de inzet van de gemeente ligt op afmaken wat al gepland is. Corporaties leggen de portefeuillestrategieën naast elkaar om voor Delft inzicht te krijgen waar corporaties elkaar onderling wel of niet aanvullen en waar aandachtspunten liggen, en gespreksonderwerpen. Dit traject wordt voortgezet in 2026. Waar het gaat om optoppen van bestaande complexen en het uitbreiden van het aantal woningen in een complex blijkt ook dat hier noodzaak is van een lange adem. Vooral parkeergelegenheid 4
voor auto’s is een beperkende factor. De corporaties zien grote spanning en kramp bij initiatieven en projecten bij de gemeente, terwijl de gemeente grote ambities heeft met betrekking tot het vergroten van de woningvoorraad. Zonder een nadere afweging op ‘autoparkeren’ is een verdichtingsopgave/ optop strategie niet mogelijk. De gemeente erkent dit, maar heeft meerdere belangen te behartigen. In 2026 zal dit hoog op de bestuurlijke agenda blijven staan. Specifiek voor studentenhuisvesting is in 2025 het Actieplan Studentenhuisvesting aan de raad aangeboden en besproken. DUWO heeft een eigen bidbook ontwikkeld en deze in het najaar aan de raad gepresenteerd in een technische sessie. De ambities ten aanzien van het toevoegen van studentenhuisvesting zijn groot, maar lijken op termijn nog steeds realistisch, al zal dat weliswaar niet in 2030 al zover zijn. Het Rijk heeft in 2025 drie RHA subsidies toegekend gericht op de aanpak van de Van Hasseltlaan, de Röntgenweg en de E du Perronlaan. Als gevolg van het meermaals uitstellen van de vaststelling van de Wet Versterking Regie Volkshuisvesting zijn de afgesproken spelregels ten aanzien van woningbouwprogrammering vertraagd. Wel is, vooruitlopend op vaststelling van de wet, gestart met het uitwerken van het Volkshuisvestingsprogramma waar deze regels in zullen worden vastgelegd.
Het Volkshuisvestingsprogramma is naar verwachting in 2027 gereed. Het programma Langer & Weer thuis kent een eigen voortgangsrapportage waarin de resultaten van het programma worden geëvalueerd. In het tweede kwartaal is de programmamanager gestopt, waarna moest worden bekeken op welke wijze deze rol opnieuw ingevuld moet worden. Dit traject is opgestart eind 2025, maar loopt door in 2026 en wordt gezamenlijk met alle betrokken partijen opgepakt. De corporaties hebben in 2025 verder ingezet op de ontwikkeling van de Gezond & Wel Thuis locaties, voor drie locaties was 2025 het voortzetten van de start in 2024. - Voor de locatie Stefanna van Stedelink was in 2025 juist het startmoment. Eind 2025 zijn kennismakingsgesprekken gevoerd met de bewoners van Stefanna, een initiatief dat door bewoners zeer op prijs werd gesteld en een goede basis heeft gelegd voor de start van Gezond & Wel Thuis. - Woonbron heeft een subsidie zorggeschikte woningen toegekend gekregen voor de Prelude waarmee 51 woningen rolstoelgeschikt worden gemaakt, naast de reeds toegezegde stimuleringsregeling ontmoetingsruimte ouderenhuisvesting. - Op de locatie Parkzicht van Vidomes loopt alles op rolletjes, bij de Diepenbrockstraat begint het vertrouwen van de bewoners te komen, zijn gezamenlijke spreekuren gestart en is de eerste van drie studenten onder ‘toewijzing op motivatie’ geplaatst.
De ontwikkeling van brandveilige stallingen voor scootmobielen loopt weerbarstig vanwege het missen van een centraal aanspreekpunt bij de gemeente. In 2026 heeft de gemeente een nieuw centraal aanspreekpunt aangesteld met de verwachting om versnelling te brengen in het traject. De inzet van de seniorenmakelaar heeft tot succesvolle verhuizingen geleid in 2025 en er is veel voorwerk gedaan voor de oplevering begin 2026 van de nieuwbouw van Woonbron aan de Spoorzone. Een aandachtspunt blijft de verhouding tussen de inzet van de seniorenmakelaar voor doorstroming uit een schaarse woning en/of hulp bij verhuizing van een kwetsbare huurder die niet per definitie een schaarse woning achterlaat. De inzet van de seniorenmakelaar is gecontinueerd voor 2026. 5
Als het gaat om woningdelen zijn ook vorderingen geboekt. Vidomes heeft 3 woningen met woningdelen verhuurd. Het adverteren op Woonnet-Haaglanden is nog niet goed ingericht voor woningdelen, dit krijgt wel prioriteit dit jaar. Als de verbeterde inrichting is geprogrammeerd, kunnen corporaties meer woningen voor woningdelen gaan inzetten. Met Vidomes is een samenwerkingsovereenkomst gesloten voor woningdelen door statushouders, maar er zijn in de praktijk nog geen matches geweest. Woonbron is in september 2025 gestart met een pilot Hospitaverhuur, in samenwerking met Hospitaworden.nl, die fungeert als tussenpartij tussen de bewoner die een kamer overheeft en de kamerzoekende. De eerste ervaringen geven aanleiding te onderzoeken wat er mogelijk is om de randvoorwaarden bij te stellen, zoals het verruimen van de vrijlating huurinkomsten in geval van een bijstandsuitkering. In 2025 is uitvoerig gesproken over de afspraak die gaat over instroom bijzondere doelgroepen. Het wordt steeds lastiger om, gegeven de oplopende woningnood, voldoende ruimte vrij te kunnen maken voor deze plaatsingen. Hier hebben we meerdere keren in tripartite overleggen met elkaar over gesproken. Toch is de druk in 2025 beheersbaar gebleven en is het in 2025 gelukt om aan de afspraken te voldoen. De corporaties hebben iets meer dan de 70 uitstromers uit instellingen kunnen plaatsen conform het convenant.
Daarnaast hebben de corporaties 164 statushouders gehuisvest en 6 uitstromende AMV’ers. De huisvesting van grote (7+) gezinnen is problematisch gebleken. Een belangrijk aandachtspunt bij de plaatsing van bijzondere doelgroepen is de leefbaarheid in wijken. We zien dat de druk op sommige plekken hoog is. DUWO heeft in 2025 een statushoudercontract ontwikkeld, geënt op statushouders met een studieintentie. Daarover is veel gesproken ten aanzien van de toepassing ervan. In 2026 gaan we monitoren hoe het loopt. Waar het gaat om liberaliseren en verkopen van woningen, zijn conform andere jaren de verkoopvijvers van de corporaties meegenomen in de prestatieafspraken. Corporaties en gemeente hebben hierin de wens om in gezamenlijkheid te komen tot meer integrale afstemming en een breder gesprek over de ontwikkeling van de stad.
3.2 Duurzaamheid Op het vlak van duurzaamheid zijn in 2025 wederom stappen gezet. Meer woningen hebben een verbeterd energielabel, er zijn nieuwe WijkUitvoeringsProgramma’s opgezet en het warmtenet is gestart. De corporaties geven aan op schema te liggen. Waar het gaat om beleid rondom klimaatadaptatie is in 2025 gewerkt aan de optimalisatie van de beleidsregels. De gemeente heeft hiervoor input opgehaald bij de corporaties die gebruikt wordt voor verdere beleidsontwikkeling. Hittestress blijft een belangrijk aandachtspunt. Huurdersorganisaties hebben hier meermaals op gewezen in tripartite overleggen. De corporaties erkennen dit belang en werken aan eigen beleid en eigen aanpakken om hittestress tegen te gaan. DUWO heeft in 2025 een webpagina over hitte opgesteld waarop tips staan om de woning te verkoelen. Daarnaast heeft DUWO een intern proces opgesteld voor klachten die binnenkomen over hitte met verschillende escalaties. Aan de 6
hand van dat proces kan DUWO de huurders met hitteklachten hulp bieden die aansluit op hun situatie. De gemeente heeft een subsidieregeling opgezet voor ondersteuning bij energiearmoede. Één corporatie heeft hiervoor een deelsubsidie ontvangen, de andere corporaties werken nog aan een voorstel. Dit punt wordt meegenomen naar 2026.
3.3 Betaalbaarheid Op het vlak van betaalbaarheid zijn afspraken gemaakt over de aanpassing van de huurprijzen, inkomensafhankelijke huurverhogingen, een beperkte inzet van sociale huurwoningen voor huishoudens met een hoog inkomen en betaalbare aanvangshuren. Op al deze punten hebben de corporaties de afspraken zoals geformuleerd toegepast. Hier zijn zodoende geen nieuwe bijzonderheden op te rapporteren. Noemenswaardig daarbij is dat het in 2025 opnieuw is gelukt om ruim meer dan 70% van de woningen te verhuren aan de primaire doelgroep. Daarvoor moeten de huren afgetopt worden, wat veel impact heeft op de financiën van de corporaties. Ook goed om te benoemen dat, met instemming van de huurdersorganisaties, huurders met hogere inkomens een inkomensafhankelijke huurverhoging kunnen krijgen. De (impliciete) huurkortingen die corporaties geven – door het aftoppen van de huren voor mensen met lagere inkomens - zijn niet of beperkt voor hogere inkomens bedoeld en worden zo op maat gebracht.
3.4 Leefbaarheid In 2025 is door de corporaties en gemeente samengewerkt aan doelen behorende bij de aanpak van het Nationaal Programma Leefbaarheid & Veiligheid Delft West. De resultaten hiervan worden meegenomen in de voortgangsrapportage van het programma. De aanpak van leefbaarheid is echter breder dan enkel het NPLV. Zo zijn er in alle wijken periodieke leefbaarheidsoverleggen georganiseerd in samenwerking met gemeente, corporaties, handhaving, wijkagent, wijkbeheer en Delft voor elkaar. De frequentie verschilt per wijk. De overleggen hebben een eigen karakter, passend bij de wijk en worden veelal gezien als meerwaarde. Zowel gemeente als corporaties nemen actief deel aan deze overleggen. De wijkaanpak maakt maatwerk mogelijk, wat als positief wordt gezien. Voor 2025 is dan ook ingezet op deze aanpak, en is de meerwaarde van een stadsbreed leefbaarheidsoverleg minder aanwezig. Daarom is dit overleg dan ook niet georganiseerd, maar is er ingezet op de wijkaanpak. De realisatie van bedrijfsruimte binnen corporatiebezit is lastig. Ruimte is schaars en er zijn veel ruimtevragers voor de plinten. Bij leefbaarheid zijn ook afspraken gemaakt over de aanpak van woonfraude. Zoals reeds aangegeven is inzage in het BRP door corporaties momenteel niet mogelijk op de door corporaties gewenste manier. Er is in 2025 gewerkt aan een nieuw werkproces.
Corporaties geven aan dat er meer ruimte voor gegevensdelen nodig is om bijvoorbeeld in de aanpak van Delft West 7
problematiek beter in kaart te kunnen brengen en gerichter te kunnen samenwerken. Woonfraude aanpak zou kunnen worden opgeschaald als er bestandsvergelijking zou kunnen worden gedaan. Corporaties geven aan dat het opsporen en aanpakken van woonfraude steeds beter loopt en ook in 2026 zal worden doorgezet.
8
4. Protocol vocht- en schimmelaanpak Delft Er is een gezamenlijk protocol vocht- en schimmelaanpak van de vier corporaties. Het betreft een stappenplan (twaalf stappen). De corporaties sturen jaarlijks de uitkomsten van de onafhankelijk expert in een overzichtsrapportage ter kennisgeving naar de raad. Woonbron heeft veertien meldingen voorgelegd aan een onafhankelijke adviseur, de aanbevelingen zijn opgevolgd. Bij Stedelink gaat het om vijf meldingen die zijn voorgelegd aan een onafhankelijk bureau. Bij Vidomes en DUWO hoefde dit jaar in Delft geen enkele casus naar de onafhankelijk adviseur gestuurd te worden. Vidomes Eerdere jaren heeft Vidomes veelvuldig een onafhankelijk expert ingezet. Dat heeft ertoe geleid dat we in 2025 bij geen enkele schimmelmelding in Delft meer een expert hebben hoeven inzetten. De problematiek is nu bekend bij de complexen die schimmelgevoelig zijn, waardoor we gericht maatregelen kunnen nemen en advies kunnen geven. Natuurlijk blijven we wel een schimmelexpert inschakelen als er onduidelijkheid is, of als de huurder het niet eens is met het advies of de maatregelen die we willen nemen. Stedelink 2024 is een casemanager voor vocht- en schimmelklachten gestart en in 2025 is de afhandeling van deze klachten verder aangescherpt.
Een gezond binnenklimaat staat centraal en uitgangspunt is dat iedere woning een voldoende technische basis heeft waarmee schimmelvorming wordt voorkomen. De eerste actie na ontvangst van een vocht- en schimmelmelding is het onderzoeken van de onderliggende bouw- of installatietechnische oorzaak. In eerste instantie kijk het interne vocht en schimmel team of ze de oorzaak kunnen vaststellen. Als ze de oorzaak niet kunnen achterhalen of het niet eens worden met de bewoner wordt er een gespecialiseerd adviesbureau ingeschakeld. Samen met het adviesbureau wordt, als de oorzaak is gevonden, een structurele oplossing doorgevoerd waarbij de situatie van zowel woning als complex wordt betrokken. De volgorde in het proces is dat pas als er geen technische oorzaak is, het bewonersgedrag - zoals het belang van ventileren - aan de orde komt. Woonbron Woonbron heeft de in 2024 aangescherpte werkwijze voor het doen van onderzoek naar vocht en schimmel gerelateerde klachten voortgezet in 2025. Elke twee weken wordt met de opzichters de situatie in de regio voor wat betreft vocht & schimmel en eventuele complexe, daarmee samenhangende casuïstiek besproken. Het resultaat hiervan is dat onderzoek naar vocht en schimmel gerelateerde klachten intussen vaker geïnitieerd wordt door de opzichters van Woonbron dan dat door de bewoners wordt aangevraagd.
Dit heeft in 2025 geleid tot veertien zaken op dertien adressen, waarbij een onafhankelijk expert is ingeschakeld in de regio Delft. DUWO Bij DUWO hebben er in 2025 geen aanvullende casussen plaatsgevonden waarbij advies nodig was van een onafhankelijke expert. Als oplossing voor de schimmelklachten aan de Bagijnhof, 9
waar eerder wél een onafhankelijke expert voor is ingeschakeld, zijn de vloeren vervangen van de vier woningen.
10