Bijlage 1 20260415 - korte evaluatie PUK (Djuma nr 6472714)
Tekst van het document
Ruimte en Economie Advies Doorkiesnummers:
Aan
ntb Van
Eveline Berghout Afschrift aan
Memo Datum
Onderwerp
27-01-2026
Beknopte evaluatie nieuwe werkwijze Plan uitwerkingskader (PUK) – (versie 15 april 2026)
Opsteller
Eveline Berghout Bijlage
Aanleiding Op 1 februari 2022 heeft het college positief besloten over het Advies herijking van het PUK (zaaknummer 4747794), hierna: “werkwijze PUK”. Als onderdeel van de implementatie van de werkwijze PUK heeft het college gevraagd een evaluatie uit te voeren en de werkwijze eventueel aan te scherpen. In de jaren voorafgaande aan 2022 werden er ca. 5 PUK’s per jaar opgesteld. De verwachting was dus dat er eind 2022 voldoende ervaring had moeten zijn over de nieuwe werkwijze PUK. In de praktijk blijkt dat er de afgelopen jaren echter minder PUK’s ‘nieuwe stijl’ zijn vastgesteld dan verwacht. Het betreft de volgende PUK’s: • Van Hasseltlaan (vastgesteld door B&W: 4 juli 2023) • PUK Kindcentra Tanthof-West (vastgesteld door B&W: 6 februari 2024) • PUK Palamedesstraat (vastgesteld door B&W: 17 juni 2025) • PUK Duijndam kavel, Rotterdamseweg 266a (vastgesteld door B&W: december 2025) Dit is onvoldoende om de werkwijze PUK uitgebreid te kunnen evalueren. De werkwijze gaat immers niet alleen om het opstellen van het document zelf, maar juist ook over het werken met het PUK na vaststelling, bijvoorbeeld tijdens de fase van bouwplanbegeleiding en gesprekken met initiatiefnemers en betrokkenen. Daar is nog onvoldoende ervaring mee. Er wordt daarom voorgesteld om de evaluatie in 2 stappen uit te voeren: 1.
Verbeteringen op basis van eerste ervaringen De eerste ervaringen die zijn opgedaan met bovenstaande PUK’s worden in de praktijk al direct meegenomen met de nieuw op te stellen PUK’s. Dit zijn verbeteringen die in de basis passen binnen de werkwijze en waar dus geen grote wijzigingen op de werkwijze voor nodig zijn. Deze verbeteringen zijn in deze memo nader toegelicht en kunnen worden gezien als een eerste beknopte evaluatie. De resultaten van de beknopte evaluatie worden in Q2 2026 (voor de collegewissel) voorgelegd aan het college, met het verzoek deze te bekrachtigen. Daarna is het voorstel deze ter informatie aan te bieden aan de raad.
2. Uitgebreide evaluatie Naar verwachting worden de volgende PUK’s in 2026 ter besluitvorming aan het college voorgelegd: • Scholen Tanthof-Oost • Bieslandsekade Ook zal er in 2026 actief worden gewerkt met de reeds vastgestelde PUK’s, waardoor er ook ervaring wordt opgedaan met de fase van bouwplanbegeleiding en gesprekken met initiatiefnemers en betrokkenen. Het voorstel is om in 2027 (mits er in 2026 2 PUK’s zijn vastgesteld) een uitgebreidere evaluatie van de werkwijze PUK op te starten. In het collegebesluit van 2022 zijn overigens geen concrete kaders meegegeven over de scope van de uitgebreidere evaluatie. Aangezien het PUK raakvlakken heeft met veel onderwerpen is het verstandig om hier wel kaders voor mee te geven. In deze memo zijn beide stappen nader toegelicht.
Stap 1: Verbeteringen op basis van huidige ervaringen De beschreven ervaringen zijn ingebracht door de penvoerders van het PUK (stedenbouwkundigen van R&E Advies) op basis van diverse signalen en adviezen uit eerdere gesprekken met initatiefnemers, betrokkenen, collega’s, AOK en de Raadswerkgroep Leefomgeving etc. Er zijn dus geen specieke interviews afgenomen t.b.v. deze beknopte evaluatie. Verbetering 1: We sluiten actief en zichtbaar aan bij het participatietraject van de initatiefnemer Zoals ook in Delfts Doen is vastgelegd ligt de verantwoordelijkheid voor het participatietraject bij de initatiefnemer. Als er een PUK wordt opgesteld is de initatiefnemer doorgaans een andere partij dan de gemeente. De ervaring bij de Van Hasseltlaan leert dat betrokkenen op zijn minst hadden willen worden geinformeerd door de gemeente over het PUK, zowel over de inhoud, de status als het proces. Op de eerste participatieavond bleek slechts zeer beperkt tijd voor de gemeente beschikbaar om het PUK toe te lichten. DuWo presenteerde aansluitend een plan wat qua aard en omvang een aanzienlijke impact heeft op de buurt, maar wat nog niet was getoetst aan het PUK. De combinatie van de gebrekkige duiding van het PUK en een ogenschijnlijk concreet plan riep achteraf gezien meer vragen en onrust op dan nodig was geweest.
Bij de bewonersavond van de Palamedesstraat is gekozen om als gemeente actiever aanwezig te zijn om zowel over de inhoud als het proces van het PUK in gesprek te kunnen. Ook heeft Woonbron ervoor gekozen om niet 1 concreet plan te presenteren, maar meerdere modellen. Deze combinatie leverde het goede gesprek op. Verbetering 2: Concreet waar moet In de werkwijze is aangegeven dat we geen concrete oplossing bieden in het PUK, maar vooral een uitnodigend en inspirerend document willen 2/6
maken. Voor sommige ambities werkt dat heel goed, omdat je flexibel wil blijven om bepaalde zaken uit te werken. Die flexibiliteit levert echter ook onzekerheid op, zowel voor omwonenden als voor initatiefnemers. Dit gaat met name over de ruimtelijke randvoorwaarden, zoals rooilijnen, bouwhoogtes en massaopbouw. Bewoners zijn bijvoorbeeld bezorgd over uitzicht, privacy en bezonning. En initatiefnemers willen graag zekerheid over de te realiseren massa en de daarmee samenhangende businesscase. Voor de Van Hasseltlaan is in een latere fase door de gemeente bijvoorbeeld concreter onderzoek gedaan naar de rooilijnen en gevolgen voor de bezonning. Dit bood voor omwonenden de geruststelling dat de schaduw als gevolg van de ontwikkeling niet onevenreding zou toenemen en bood voor DuWo de zekerheid binnen welke contouren ze konden ontwerpen. Voor de nog op te stellen PUK’s zal daarom nog kritischer worden bekeken welke criteria echt randvoorwaardelijk moeten zijn en welke wellicht wat meer flexibel kunnen blijven. Dit vraagt om maatwerk per locatie. Ook het zelf vooraf toetsen van een PUK op de ruimtelijke impact en haalbaarheid is een noodzakelijke stap om een goede afweging te kunnen maken en partijen niet met een onmogelijke opgave op pad te sturen.
Verbetering 3: Focus op locatiespeciek Parallel aan de nieuwe werkwijze PUK zijn ook “De 10 principes voor het bouwen in Delft” opgesteld. Door al het relevante beleid op 1 online plek toegankelijk te maken, is het niet meer nodig om die beleidseisen in het PUK op te nemen. Het PUK kan zich daarmee concentreren op de maatschappelijke meerwaarde: Wat is het belang van de wijk, stad en/of regio bij deze ontwikkeling? Bij het opstellen van de eerste nieuwe PUK’s is te zien dat er de neiging is om vastgesteld beleid toch ‘voor de zekerheid’ te herhalen in het PUK. Nu er ambtelijk meer bekendheid is met de werkwijze PUK en de 10 Delftse Principes merken we dat de input vanuit de verschillende vakdisciplines bondiger wordt en meer locatiespecifiek. Dit is een verbetering en vergroot de helderheid en leesbaarheid. Dit zal bij de nieuw op te stellen PUK’s verder worden aangescherpt waar mogelijk. Verbetering 4: Naast randvoorwaarden en onderzoeksvragen ook verdiepingsvragen De Werkwijze PUK ging er vanuit om randvoorwaarden en onderzoeksvragen vast te stellen. Bij het opstellen van het eerste nieuwe PUK bleek echter dat er ook thema’s waren die niet zozeer een randvoorwaarde zijn en waar ook geen onderzoek voor nodig is, maar wel om verdieping vragen bij de verdere uitwerking. In het PUK zijn nu de volgende 3 type criteria opgenomen: 1.
Randvoorwaarden: dit zijn eisen waar het plan aan moet voldoen. 2. Onderzoeksvragen: hier ziet de gemeente ruimte om mogelijk af te wijken van het vastgestelde beleid. De antwoorden op deze
3/6
onderzoeksvragen kunnen dienen als onderbouwing voor het gemotiveerd afwijken van beleid. 3. Verdiepingsvragen: deze gaan over de kwaliteit van de ontwikkeling. De antwoorden op deze vragen helpen bij de verder uitwerking voor het voeren van het goede gesprek en het maken van de juiste afweging. Deze systematiek werkt tot nu toe goed, en zal in de nieuw op te stellen PUK’s ook worden gehanteerd. Verbetering 5: We werken continu aan een compact, helder en uitnodigend PUK In het PUK vormen beelden en teksten samen de ruimtelijke randvoorwaarden voor een ontwikkeling. De wijze waarop dit nu wordt gepresenteerd wordt nog niet altijd als optimaal ervaren. De teksten zijn soms nog te uitgebreid en de beelden en teksten komen nog niet altijd samen. Ten opzichte van het eerste ‘nieuwe PUK’ (de van Hasseltlaan), zijn er in de PUK’s daarna al verbeteringen doorgevoerd. Met name in de PUK Palamedesstraat is het gelukt om een compactere tekst te schrijven en de beelden helder te ordenen. Dit wordt positief ervaren en zal in de nog op te stellen PUK’s ook worden toegepast. Ook is er in de laatste PUK’s meer ruimte gegeven aan de analyse van de omgeving. De bestaande omgeving vormt vaak een belangrijk kwalitatief uitgangspunt, omdat we immers bouwen in een bestaande stad. Voor een compact, helder en uitnodigend PUK is niet 1 standaard oplossing te bedenken, elke locatie vraagt om maatwerk.
We zullen bij de komende PUK’s o.a. het volgende onderzoeken en aanscherpen indien mogelijk: • Een krachtige voorkant: Dit wekt nieuwsgierigheid en zet de toon voor het document: het moet uitnodigen om te lezen. • Overtuigende beelden en visuele verhalen. Verspreid door het PUK inspirerende beelden (fotografie, historische landschappen, referentie of schetsen van ambities) die de lezer visueel meenemen. Beeld én tekst versterken elkaar: beeldkeuze sluit aan bij inhoudelijke thema’s. • Wervende toon en aansprekende taal. Ambtelijke (vak)termen vermijden waar het kan.
4/6
Stap 2: Voorstel voor scope van uitgebreide evaluatie De werkwijze PUK gaat niet alleen over het opstellen van een document. Het maken van een PUK is een van de stappen om te bouwen aan de stad van de toekomst. Het PUK heeft daardoor relaties met veel facetten van de ontwikkeling van de stad, zoals planning, participatie, besluitvorming, haalbaarheid etc. Voor de uitgebreide evaluatie wordt geadviseerd om deze te richten op het primaire doel van de evaluatie. Doel evaluatie Het aanscherpen van de werkwijze, gebaseerd op ervaringen van betrokkenen bij de vastgestelde PUK’s. Er is nadrukkelijk geen behoefte aan een geheel nieuwe werkwijze. Te evalueren thema’s • Rol van het PUK in het proces: o Zijn de plannen maatschappelijk relevanter geworden? o Was het een goede basis voor gesprekken? o Is het proces helderder en misschien wel vlotter verlopen? o Wat zijn de voordelen van een PUK, mede i.r.t.
andere instrumenten? • Gesprek met de stad (let op: initatiefnemer blijft verantwoordelijk voor de participatie) o Is de rol van de gemeente en het PUK voldoende helder? o Kan de gemeente een meer begeleidende rol hierin hebben? o Wat hebben belanghebbenden nodig om het gesprek te kunnen voeren met gemeente en initiatfnemer? • Inhoud van het PUK o Is het PUK voldoende compact, helder en uitnodigend? o Welke onderdelen van het PUK dragen bij aan een goede ontwikkeling? o Welke onderdelen dragen niet bij? o Zijn er onderdelen die missen? • Kosten van het PUK o Wat hebben de PUK’s gekost aan ambtelijke inzet? o Past dit binnen de gemeentelijke leges? • Wanneer een PUK? o Aanvankelijk gekoppeld aan ‘Lijst verzwaard advies’. Is dit nog actueel? Is dit hanteerbaar? • Rol van de raad o Vaststelling van het PUK is een collegebevoegdheid. De raad wordt na vaststelling geïnformeerd, dit lijkt vooralsnog voldoende. Wil de raad sturen op gebiedsniveau of locatieniveau? Te betrekken stakeholders • Stedenbouwkundige: penvoerder • Stadsbouwmeester • Beleidsadviseurs: inhoudelijk input • Projectleiders: projectbeheersing, proces en planning 5/6
• Ambtelijk opdrachtgever • Bestuurlijk opdrachtgever • Gemeenteraad / Raadwerkgroep Leefomgeving • AOK • Initiatiefnemers: waaronder Woonbron (2x), Duwo, Magis, scholen (2x) Belanghebbenden, omwonenden die actief betrokken zijn geweest bij de participatie Aanpak Het voorstel is om een onafhankelijke evaluatie te laten uitvoeren (mogelijk een extern bureau of inzet/ expertise vanuit een andere afdeling van de gemeente). Het opdrachtgeverschap ligt bij R&E Advies.
6/6