Begroting GRB Delft Rijswijk 2025-2028
Tekst van het document
Begroting GRB Delft Rijswijk 2025-2028 Beleidsbegroting Het programmaplan Programma De samenwerking tussen de gemeenten Delft en Rijswijk is in 2016 formeel van start gegaan. De Gemeenschappelijke Regeling Bedrijfsvoering (GRB) voert namens de twee gemeenten diensten uit op het vlak van IT. De dienstverlening die wordt geleverd is gericht op de werkplek, hosting en het netwerk. Beide gemeenten voeren zelf applicatiebeheer en functioneel beheer uit. Het project de nieuwe werkplek is succesvol uitgerold en gerealiseerd, zodat plaats- en tijdsonafhankelijk werken mogelijk is. Voor de vormgeving van de samenwerking zijn onder meer de volgende afwegingscriteria gehanteerd: De samenwerking moet concrete voordelen opleveren, in termen Kwaliteit, Kwetsbaarheid en Kosten (3 K's); De samenwerkingsvorm faciliteert eventuele uitbreiding in de toekomst, zowel met andere services als met andere partners; De samenwerking wordt bestuurlijk (relatief) licht ingericht. Voor de raming van baten en lasten verwijzen wij u door naar het hoofdstuk “financiële begroting inclusief meerjarenbeeld 2025 – 2028”. De begroting voor deze jaren is gebaseerd op de overeengekomen onderlinge afspraken, welke zijn geformaliseerd in de gewijzigde DVO die per 1 januari 2024 in werking is getreden.
OVERZICHT VAN DE ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN -
Lokale heffingen, waarvan de besteding niet gebonden is; Algemene uitkeringen; Dividend; Saldo van de financieringsfunctie; Overige algemene dekkingsmiddelen.
Voor een overzicht van de algemene dekkingsmiddelen verwijzen wij u door naar het hoofdstuk “financiële begroting inclusief meerjarenbeeld 2025 – 2028”.
KOSTEN VAN OVERHEAD Algemeen Met de reeds in 2017 doorgevoerde wijzigingen van het BBV is een pallet aan diverse aanpassingen doorgevoerd welke bijdragen aan betere sturingsmogelijkheden en betere vergelijkbaarheid tussen entiteiten onderling. Eén van de veranderingen betreft de kosten van de overhead. De definitie van overheadkosten in het Wijzigingsbesluit is als volgt: “Overheadkosten: alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces.” Alle kosten van de GRB, welke zijn opgenomen in de financiële begroting, zijn in beginsel aan te merken zijnde kosten van overhead (taakveld 04).
VENNOOTSCHAPSBELASTING Algemeen Met ingang van 1 januari 2016 is de wet vennootschapsbelasting ingevoerd voor ondernemingen van overheden. De GRB kan zich mogelijk ook kwalificeren als een onderneming van overheden. Uit interne analyses moet nog blijken of de GRB zich kwalificeert als onderneming in fiscale zin.
Daar de GRB in het meerjarenbeeld een sluitende begroting toont, is een berekening van een mogelijk fiscaal resultaat buiten beschouwing gelaten.
BEDRAG VOOR ONVOORZIEN Algemeen De kosten voor onvoorzien zijn onderdeel van de overige dienstverlening en daarom als zodanig niet apart opgenomen in de begroting.
Paragrafen De paragrafen geven op een aantal – door het BBV voorgeschreven – onderdelen toelichting op de beheersmatige aspecten en op de lokale heffingen. De paragrafen gaan over onderwerpen die van invloed zijn op de begroting en de financiële positie waarbij sprake is van bestuurlijke en financiële risicofactoren.
LOKALE HEFFINGEN Lokale heffingen algemeen Lokale heffingen zijn verdeeld in heffingen met een gebonden of een ongebonden bestemming. Ongebonden lokale heffingen vallen onder de Algemene dekkingsmiddelen, omdat de besteding van de opbrengst niet is gebonden aan een bepaalde taak. Dat geldt wel voor de gebonden heffingen. Deze vallen dan ook niet onder de Algemene dekkingsmiddelen. Voor de categorie rechten, zoals de leges geldt dat deze maximaal voor 100% kostendekkend mogen zijn. Kenmerk van deze rechten is dat er een concreet product of dienst tegenover staat. Geraamde inkomsten De beleidsuitgangspunten ten aanzien van lokale heffingen zijn dat deze momenteel niet van toepassing zijn en ook niet verwacht van toepassingen zullen zijn voor de GRB. Verdere informatie omtrent de geraamde inkomsten ten aanzien van lokale heffingen, een overzicht van de beleids- en tariefontwikkelingen, een opgave van de lokale lastendruk, informatie over de mate van kostendekkende tarieven en informatie over het kwijtscheldingsbeleid zijn hiermee tevens nog niet van toepassing.
WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Algemeen Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: de beschikbare weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de GRB beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken; de benodigde weerstandscapaciteit, zijnde alle risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden waarover de GRB beschikt om onverwacht en substantiële kosten, die niet zijn opgenomen in de begroting, te dekken. De volgende onderdelen worden tot de beschikbare weerstandscapaciteit gerekend: • Statische weerstandscapaciteit De statische weerstandscapaciteit betreft het vrij aanwendbare deel van de Algemene reserve. Dit deel van het reservevermogen is beschikbaar om niet begrote, substantiële tegenvallers op te vangen. Het gaat dan vooral om incidentele tegenvallers. Als sprake is van een structurele doorwerking zal in de begroting en de meerjarenraming ruimte moeten worden vrijgemaakt. •
Dynamische weerstandscapaciteit De dynamische weerstandscapaciteit bestaat uit de ruimte in de begroting om tegenvallers op te vangen. Deze omvat normaliter de post Onvoorzien. Deze post wordt ingezet voor incidentele tegenvallers die onontkoombaar, onvermijdelijk en niet uit testellen zijn. Wanneer er sprake is van een structurele doorwerking zal deze in het volgende begrotingsjaar op een andere wijze worden gedekt.
De benodigde weerstandscapaciteit is afhankelijk van de aard en de omvang van de risico’s waar de GRB mee wordt geconfronteerd (risicoprofiel) en de verschuivingen die zich daarin voordoen. Voor deze risico’s kunnen geen verzekeringen worden afgesloten of voorzieningen worden gevormd, omdat de risico’s zich niet regelmatig voordoen en niet goed meetbaar zijn. Risicomanagement Bij het risicomanagement gaat het onder meer om het vergroten van het risicobewustzijn. Risicomanagement is van iedereen in de organisatie. Door bewust om te gaan met risico’s werken we samen aan een betrouwbare GRB én daarmee aan bestuurlijke legitimiteit. Het beschikbare weerstandsvermogen en de financiële positie Voor de komende jaren ontwikkelt het weerstandsvermogen zich neutraal. De algemene reserve zal de komende jaren niet toe- of afnemen. Het neutrale saldo van de begroting 2024 en de meerjarencijfers 20252028 heeft geen effect op de ontwikkeling van de financiële positie. Hier staan geen risico’s tegenover (zie de toelichting bij het risicoprofiel). De verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en het totaal van de risico’s is hiermee neutraal. Het risicoprofiel Onderstaand is aan de hand van geïnventariseerde risico’s een specificatie opgenomen van het risicobedrag dat in relatie staat tot het weerstandsvermogen.
Bij het opstellen van de risico’s is de volgende definitie gehanteerd: een onvoorziene gebeurtenis met wellicht een negatieve materiele financiële impact waarvoor nog geen maatregelen getroffen zijn. Bij de kans van optreden is onderscheid gemaakt tussen laag (10%-40%), midden (40%-60%) en hoog (60%90%). De impact is het meest waarschijnlijke scenario qua omvang. Het uiteindelijke risico is bepaald op basis van kans * impact. Een risico is gedefinieerd als incidenteel wanneer het betrekking heeft op de eerste drie opvolgende jaren, anders heeft het een structureel karakter. Bij de beheersmaatregelen is aangegeven wat de acties zijn om het risico te mitigeren/zo klein mogelijk te houden. 1.
Risico: Onduidelijkheid over gebruik datacentrum diensten / verSaaSing op de lange termijn Risicoscore: Hoog Incidenteel / structureel: Structureel Doelstelling: Een goede samenwerking nastreven op bestuurlijk en uitvoerend niveau, waar de strategie op lange termijn van aangesloten partijen helder is. De randvoorwaarden zoals een goede en actuele DVO is hier een vast onderdeel van. Zorgen dat de samenwerking voor alle aangesloten partijen voldoende meerwaarde bied. Acties: In 2024 worden de uitkomsten van de evaluatie van de GR bekend gemaakt over de dienstverlening van de GRB en de impact van verSaasing. Hieruit kunnen acties worden genomen om de dienstverlening van de aangesloten partijen verder op af te stemmen.
2.
Risico: Geen heldere werkafspraken over de processen en of de afspraken worden niet gevolgd Risicoscore: Hoog Incidenteel / structureel: Structureel Doelstelling: Heldere afstemming over werkafspraken en meerwerk buiten om de going concern werkzaamheden en administreren van meerwerkprojecten en bijbehorende financiële afspraken. Acties: Heldere werkafspraken uitwerken en meerwerkprojecten goed administreren, rapporteren en tijdig factureren. Vooraf en tijdig afstemmen om capaciteit beschikbaar te stellen en de samenwerking verder te professionaliseren door het naleven van gemaakte afspraken.
3.
Risico: De back-up security en integriteit is niet goed geregeld Risicoscore: Hoog Incidenteel / structureel: Structureel Doelstelling: Dataverlies na een verstoring van de dienstverlening vermijden Acties: De partij die de diensten levert aan de GRB heeft actief maatregelen en procedures getroffen om dataverlies en verstoringen te vermijden en toetst deze periodiek en deelt deze met de GRB.
4.
Risico: Verstoring van de dienstverlening Risicoscore: Hoog Incidenteel / structureel: Structureel Doelstelling: Verstoring van de dienstverlening vermijden Acties: Dienstverlenende partij heeft actieve maatregelen genomen om de kans en impact van een verstoring van de dienstverlening te voorkomen of te minimaliseren. Deze worden periodiek herzien en getoetst.
Kengetallen 1) Netto schuldquote: Dit cijfer geeft inzicht in het niveau van de gemeentelijke schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft dus een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De GRB hanteert 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. De GRB bouwt geen geplande schuldenlast op. Kengetal is voor nu dan ook niet berekend. 2) Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen: Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, wordt dit kengetal zowel berekend inclusief als exclusief doorgeleende gelden. Zo wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dit betekend voor de schuldenlast. Hoe lager deze percentages, hoe beter. De GRB raamt geen doorgeleende gelden. Kengetal is voor nu dan ook niet berekend. 3) Solvabiliteitsratio: Dit cijfer geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid van de GRB. Dit cijfer geeft dus een soort toekomstvisie weer. De GRB heeft geen meerjarige verplichtingen geraamd. Kengetal is voor nu dan ook niet berekend.
4) Grondexploitatie: De boekwaarde van de voorraden grond moet worden terugverdiend bij de verkoop. Kenmerkend voor grondexploitaties is dat de looptijd meerdere jaren is. Naarmate de inkomsten verder in de toekomst liggen, brengen deze meer rentekosten en risico’s met zich mee. Een grondexploitatie van 10% of hoger wordt beschouwd als kwetsbaar. De GRB heeft geen planning/ intentie/ beleid ten aanzien van voorraden grond. Kengetal is voor nu dan ook niet berekend. 5) Structurele exploitatieruimte: Dit cijfer helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. De GRB heeft een sluitend meerjarenbeeld geprognotiseerd. Kengetal is voor nu dan ook niet berekend. 6) Belastingcapaciteit: Dit cijfer geeft inzicht in hoe de belastingdruk zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Als dit percentage laag ligt, betekent het dat de mogelijkheid zich voordoet om meer inkomsten uit belastingen te verwerven. Of dit wel of niet gebeurd is een beleidskeuze. Voor de GRB is deze beleidskeuze er niet. Inkomsten verwerven middels belastingen is geen mogelijkheid.
Beoordeling van de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie. Daar geen van de kengetallen zijn te berekenen heeft een beoordeling van de onderlinge verhouding tussen deze kengetallen niet plaatsgevonden.
ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN Algemeen In de paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen wordt, indien van toepassing zijnde, verslag gedaan over de voortgang van het geplande onderhoud en het eventuele achterstallig onderhoud aan openbaar groen, water, wegen en kunstwerken, verlichting, speeltoestellen, riolering en gebouwen. In deze paragraaf wordt aangegeven hoe kapitaalgoederen in eigendom worden beheerd. Kapitaalgoederen in eigendom De GRB bezit geen activa of andere kapitaalgoederen. Er zijn tevens geen beleidsvoornemens om kapitaalgoederen in eigen beheer te gaan onderhouden. Per onderdeel wordt nader ingegaan op de specifieke beleidskaders, beheerplannen en financiën.
FINANCIERING Algemeen De wet Financiering Decentrale Overheden (FiDO) vormt het wettelijke kader voor de financiering. De intentie van de wet is gericht op het bevorderen van de kredietwaardigheid en transparantie van het financieringsbeleid. Voor de beheersing daarvan is een aantal instrumenten geformuleerd zoals: • Het stellen van een kwantitatieve kasgeldlimiet en renterisiconorm over de begroting; • Het verplichten van een treasury-statuut, met onder meer het stellen van kwalitatieve en duurzame uitgangspunten voor uitzettingen en rente instrumenten; • Het verplichten van verantwoordingsrapportage in de jaarrekening en begroting.
Financieringsbeleid Treasury houdt zich bezig met risico’s die samenhangen met alle toekomstige kasstromen. Deze risico’s komen zowel voort uit de financieringsbehoefte, als uit eventuele wijzigingen in de bestaande activiteiten. Het treasurybeleid is primair gericht op het waarborgen van financiële continuïteit door het resultaat en vermogen te beschermen tegen financiële risico’s en de organisatie financierbaar te houden. Deze bescherming vindt plaats door de renterisico’s en risico’s uit financiële posities te vermijden en te spreiden. Er zijn momenteel geen beleidsvoornemens aangaande investeringen en/ of grondexploitaties. Financieringsbehoefte De geprognotiseerde behoefte aan lang-geld als aan kort-geld is voor de komende jaren nihil. Van een verbonden renterisico is vooralsnog geen sprake.
BEDRIJFSVOERING Algemeen Deze bedrijfsvoeringsparagraaf geeft inzicht in de stand van zaken en de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering. De focus ligt daarbij op de optimalisering bedrijfsvoering en de onderdelen daarvan welke in 2024 en verder in ontwikkeling zijn en waarvoor in de begroting middelen ter beschikking zijn gesteld. Informatietechnologie We zorgen voor de juiste techniek en middelen waarin onze digitale informatievoorziening plaatsvindt. Op het gebied van techniek en apps is steeds meer mogelijk. Echter, hoe meer we digitaal inrichten, hoe meer we afhankelijk zijn van de beschikbaarheid en goede inrichting van onze techniek. Daarom richten we ons op een robuuste technische infrastructuur en een architectuur van standaarden. Daarbij kijken we allereerst naar generieke functies en processen zodat informatie eenvoudig uitwisselbaar is en makkelijker te integreren. Informatiebeveiliging We richten ons op het beschermen van informatie tegen misbruik, verlies, diefstal en beschadiging. Hoe meer informatie we (willen) delen, hoe meer we er alert op moeten zijn dat dit veilig gebeurt. We zorgen ervoor dat bij iedere ontwikkeling de beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid van informatie en
informatiesystemen zoveel mogelijk wordt geborgd. Informatiebeveiliging is echter ook (of vooral) afhankelijk van het informatiebewustzijn bij de gebruikers. HRM bedrijfsvoering De GRB heeft geen medewerkers in dienst. Er is een externe directeur aangesteld. Het management betreft niet alleen de directievoering van de GRB, maar ook andere managementtaken ten behoeve van het IT-diensten. Algemene bedrijfsvoering De gemeente Delft levert het algemeen beheer, het management en de diensten. Voorheen werden deze kosten afzonderlijk doorberekend aan de GRB. Deze kosten worden vanaf 2024 doorberekend via een vaste opslag op de overige loonkosten en inhuur. Het algemeen beheer wordt nog wel afzonderlijk doorberekend. Kosten voor de gemeente Rijswijk met betrekking tot deelname aan de GRB betreffen: 1) Instandhouding en management 2) Energie en huisvesting 3) Verzekering 4) Informatiebeveiliging 5) Licenties Microsoft en Oracle 6) Werkplekken (virtueel en fysiek): Levering, beheer en onderhoud van infrastructuur en hardware (apparatuur) IT beheer: netwerkbeheer, systeembeheer en databasebeheer Ondersteuning bij projecten en wijzigingen Gebruikersondersteuning 7) Maatwerk, overige dienstverlening, o.a.: Disk ruimte voor specifieke toepassingen Ondersteuning van samenwerking in H4 verband De gemeente Rijswijk levert 1 fte capaciteit aan de GRB.
Het met deze inzet gemoeide bedrag wordt verrekend binnen de GRB. Overige capaciteit wordt ingevuld vanuit de gemeente Delft. De kosten van punt 1 t/m 3 vallen onder de vaste opslag op de overige loonkosten.
Kosten voor de gemeente Delft met betrekking tot deelname aan de GRB betreffen: 1) Informatiebeveiliging 2) Licenties Microsoft 3) Maatwerk, overige dienstverlening De afdeling Informatie van de gemeente Delft verzorgt overige IT diensten rechtstreeks ten behoeve van haar eigen medewerkers. Kosten die niet direct zijn toe te rekenen aan het aantal medewerkers worden door Delft en Rijswijk binnen de GRB op 50-50 basis verrekend. Kosten die wel direct toe te rekenen zijn aan het aantal medewerkers worden op basis van de verdeelsleutel “gebruikersaccounts” verrekend. Maatwerk wordt op basis van een offerte/kostenopgaaf verrekend.
VERBONDEN PARTIJEN Algemeen De opzet is dat GR de diensten levert aan Delft en Rijswijk in een samenwerkingsrelatie. Ook andere gemeenten kunnen zich hierbij aansluiten. De bedrijfsvoeringsorganisatie voert zijn werkzaamheden in de eerste fase uit met personeel van de gemeenten Delft en Rijswijk. Er wordt mogelijk toegegroeid naar een model waarbij het personeel in dienst komt bij de bedrijfsvoeringsorganisatie. Vooralsnog is hier geen sprake van. Lijst van verbonden partijen Gemeente Delft Gemeente Rijswijk Er zijn, ten tijde van de opmaak van de meerjarenbegroting 2025-2028, geen financiële risico’s geraamd ten aanzien van de verbonden partijen.
GRONDBELEID Algemeen Het grondbeleid is één van de middelen om (ruimtelijke) doelstellingen te kunnen realiseren. Het grondbeleid is daarmee ondersteunend aan de verschillende beleidsvelden. De ruimtelijke invulling is dus afhankelijk van de doelstellingen vanuit de verschillende beleidsvelden. De gegeven doelstelling van de GRB leent zich vooralsnog niet voor een nog te formuleren grondbeleid.
Financiële begroting inclusief meerjarenbeeld 2025-2028 (in euro’s)
Lasten Algemeen beheer Administratie, begroting, rekening, accountant, bankrekening Vaste kosten IT-diensten Informatiebeveiliging Rijswijk Informatiebeveiliging Delft Werk plek k en Service-desk ondersteuning + TOPdesk licenties Materiële kosten Materiële kosten (kapitaalslasten) Overige loonkosten + inhuur derden Licenties Microsoft/ Oracle Delft Rijswijk Overige dienstverlening Overige dienstverlening Rijswijk Overige dienstverlening Delft
Totaal lasten
2025
2026
2027
2028
88.669
90.974
93.340
95.766
128.004 129.793 257.797
131.332 133.167 264.499
134.746 136.630 271.376
138.250 140.182 278.432
458.199 470.112 482.335 494.876 640.044 656.685 673.759 691.277 598.720 614.287 630.258 646.645 2.408.857 2.526.891 2.650.709 2.780.594 4.105.820 4.267.975 4.437.061 4.613.392 824.250 824.250 845.681 867.668 567.942 567.942 582.708 597.858 1.392.192 1.392.192 1.428.389 1.465.527 372.746 106.499 479.245
382.437 109.268 491.705
392.381 112.109 504.490
402.582 115.024 517.606
6.323.723 6.507.345 6.734.655 6.970.723
Baten Algemeen beheer Aandeel Delft in algemeen beheer Aandeel Rijswijk in algemeen beheer Vaste kosten IT-diensten Informatiebeveiliging Rijswijk Informatiebeveiliging Delft Werk plek k en Service-desk ondersteuning + TOPdesk licenties Materiële kosten Materiële kosten (kapitaalslasten) Overige loonkosten + inhuur derden Licenties Microsoft/ Oracle Delft Rijswijk Overige dienstverlening Overige dienstverlening Rijswijk Overige dienstverlening Delft
Totaal baten
44.335 44.334 88.669
45.487 45.487 90.974
46.670 46.670 93.340
47.883 47.883 95.766
128.004 129.793 257.797
131.332 133.167 264.499
134.746 136.630 271.376
138.250 140.182 278.432
458.199 470.112 482.335 494.876 640.044 656.685 673.759 691.277 598.720 614.287 630.258 646.645 2.408.857 2.526.891 2.650.709 2.780.594 4.105.820 4.267.975 4.437.061 4.613.392 824.250 824.250 845.681 867.668 567.942 567.942 582.708 597.858 1.392.192 1.392.192 1.428.389 1.465.527 372.746 106.499 479.245
382.437 109.268 491.705
392.381 112.109 504.490
402.582 115.024 517.606
6.323.723 6.507.345 6.734.655 6.970.723
Toelichting financiële begroting inclusief meerjarenbeeld 2025 - 2028 LASTEN Algemeen beheer Onder deze post vallen de kosten voor het onderhouden van de GRB zelf. Als zelfstandig orgaan heeft de GRB een begroting, jaarrekening, directeur, goedkeuring/controle accountant, financiële administratie en bankrekening nodig. Deze kosten worden conform afspraak 50-50 verdeeld over Delft en Rijswijk. Vaste kosten IT-diensten Hieronder vallen de vaste kosten voor management van IT-diensten, energie en huisvesting (serverpark Delft) en verzekering (serverpark Delft) voor Delft en Rijswijk. Het management betreft niet alleen de directievoering van de GRB, maar ook andere managementtaken ten behoeve van het IT-diensten. Vanaf 2024 worden deze kosten doorberekend via een vaste opslag op de overige loonkosten. Kosten voor informatiebeveiliging Informatiebeveiliging richt zicht op het beschermen van informatie tegen misbruik, verlies, diefstal en beschadiging. Hoe meer informatie men (wilt) delen, hoe meer men alert moet zijn dat dit veilig gebeurt. Er wordt voor gezorgd dat bij iedere ontwikkeling de beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid van informatie en informatiesystemen zoveel mogelijk wordt geborgd. Informatiebeveiliging is echter ook (of vooral) afhankelijk van het informatie-bewustzijn bij de gebruikers.
Jaarlijks vindt een audit door een externe auditor plaats op de relevante systemen met betrekking tot DiGiD en Suwinet, in het kader van ENSIA , de verplichte audit op de Baseline Informatiebeveiliging Overheid. Het halen van een voldoende resultaat bij deze audit is voorwaarde om deze systemen te mogen blijven gebruiken. Omdat het gaat om een audit op de gezamenlijk gebruikte infrastructuur, wordt de opdracht door de GRB verstrekt namens beide gemeenten. Tot de audit behoort ook het uitvoeren van een penetratietest. Werkplekken Materiële kosten De materiële kosten bestaan (vanaf 2024) uit laptops en andere aanverwante hardware en software om het plaats en tijdsonafhankelijk werken te waarborgen. Overige loonkosten De overige loonkosten plus een vaste opslag zijn noodzakelijk om de continuïteit van de IT bedrijfsvoering te kunnen blijven garanderen en om voorbereid te zijn op de snelle ontwikkelingen in de omgeving. Licenties Microsoft/ Oracle Vanuit de GRB worden licenties geleverd aan Rijswijk en Delft. Overige dienstverlening Voor deze post geldt dat uitgaven via deze post alleen gedaan kunnen worden na toestemming van opdrachtgever binnen de overeengekomen afspraken en deze geen onderdeel uitmaken van het maatwerk. Maatwerk is structureel onderdeel van de begroting. Deze kosten zijn jaarlijks wisselend van oorsprong.
Reservering voor risico op IT-diensten gebeurt gezamenlijk door Delft en Rijswijk.
BATEN Werkplekken De baten voor de virtuele en fysieke werkplekken zijn gebaseerd op het aantal gebruikersaccounts. De baten zijn afhankelijk van de ontwikkeling van de lasten en worden indien noodzakelijk aangepast, zodat lasten en baten in balans blijven. Delft levert de werkplekken (virtueel en fysiek) aan de GRB.
Uiteenzetting van de financiële positie 1.
Een raming voor het begrotingsjaar van de financiële gevolgen van het bestaande en nieuw beleid dat in het programma is opgenomen: Er zijn geen financiële gevolgen ten aanzien van het bestaande beleid. Financiële gevolgen ten aanzien van nieuw beleid vloeien mogelijk voort na de geplande evaluatie. Daar dit niet in de lijn der verwachtingen ligt, zijn er geen financiële gevolgen geprognotiseerd ten aanzien van nieuwe beleid.
2.
Een geprognosticeerde begin- en eindbalans van het begrotingsjaar, die tenminste de posten bevat om het EMU-saldo te kunnen berekenen: Geprognosticeerde begin- en eindbalans van het begrotingsjaar kan vooralsnog niet worden opgesteld. Het EMU-saldo bepalen eveneens.
3.
Het EMU-saldo over het vorig begrotingsjaar en de berekening van het geraamde bedrag over het begrotingsjaar alsmede het jaar volgend op het begrotingsjaar: Berekeningen zijn voor de GRB nog niet mogelijk.
Toelichting op de uiteenzetting van de financiële positie De begroting is opgezet als meerjarenbegroting van de GRB. Het stijgingspercentage nominale ontwikkeling is gekoppeld aan de Consumentenprijsindex (CPI) van het CPB conform de DVO. Voor 2024 is dit percentage 3,8%. De tarieven voor 2025 zijn op grond van de “Kaderbrief begroting 2025 gemeenschappelijke regelingen van de gemeenten in de regio Haaglanden” aangepast met een percentage van 2,6% voor het materiële gedeelte en met een percentage van 4,9% voor het loongevoelige gedeelte. Voor de jaren 2026 t/m 2028 is dit eveneens aangepast met deze percentages van respectievelijk 2,6% en 4,9%. Uitzondering zijn de begrote lasten voor licenties Microsoft/ Oracle. Deze zijn opgenomen op grond van de contractuele overeenkomst met deze leverancier. De bedragen zijn exclusief BTW. De financiële begroting meerjarenbeeld 2025-2028 is gebaseerd op de onderlinge overeengekomen afspraken, welke zijn geformaliseerd in de gewijzigde DVO welke in werking is getreden per 1 januari 2024.