Aanbiedingsbrief College Delft aan raad Tussentijdse rapportage Regiovisie Aanpak Huiselijk Geweld Haaglanden
Tekst van het document
Samenleving Advies bezoekadres: Stationsplein 1 2611 BV Delft IBAN NL21 BNGH 0285 0017 87 t.n.v. gemeente Delft Behandeld door MLGJ Robben Retouradres : Postbus 78, 2600 ME Delft
Telefoon 06-52738739 mrobben@delft.nl Internet www.delft.nl
Gemeenteraad
Telefoon 14015
Datum
Onderwerp
28-09-2021
Tussentijdse rapportage uitvoering Regiovisie Huiselijk geweld Haaglanden 2019 - 2022
Ons kenmerk
4650156 Uw brief van Uw kenmerk Bijlage
Geachte leden van de raad, Nadat de colleges van centrumgemeenten Delft en Den Haag in juli 2019 de Regiovisie Aanpak huiselijk geweld Haaglanden 2019-2022 aan hun respectievelijke raden hadden aangeboden, is deze in Delft op 28 november 2019 en in Den Haag op 6 februari 2020 vastgesteld. We hebben onszelf daarin hoge ambities gesteld. Dit vanuit de maatschappelijke noodzaak om een duidelijke stip op de horizon te zetten: het duurzaam stoppen van geweld. Vanaf voorjaar 2019 is parallel aan dit besluitvormingsproces gestart met het uitvoeringsprogramma. In de periode tussen 2019 en nu is een aantal stappen gezet in de aanpak huiselijk geweld.. Met de bijgevoegde tussentijdse rapportage brengen wij u op de hoogte van deze stappen en geven we een doorkijk naar de prioriteiten voor de komende periode. Wij doen dit aan de hand van de in de regiovisie geformuleerde ontwikkelopgaven en onze inzet hierop geven wij weer door middel van onderstaande stoplichtenrapportage: Voorspoedige voortgang. Dit prestatieniveau zal worden doorgezet. Actie en inzet voldoende. Er zijn aandachtspunten te benoemen voor de komende jaren. Inzet nodig en knelpunten actief aanpakken. De uitvoering heeft vanaf het voorjaar 2020 vertraging opgelopen als gevolg van de coronacrisis.
De prioriteit lag zowel bij gemeenten als bij alle ketenpartners bij het binnen de maatregelen uitvoeren van de primaire processen en daarbij zo goed als mogelijk zicht houden op de veiligheid in gezinnen. In bijgaande tussentijdse rapportage reflecteren we ook op de aanbevelingen van het Verwey-Jonker Instituut (VJI) vanuit haar onderzoek ‘Kwestie van een lange adem: kan huiselijk geweld en kindermishandeling echt stoppen?’.
Datum
28-09-2021 Ons kenmerk
4650156
We zijn nu ongeveer halverwege de looptijd van ons uitvoeringsprogramma. Voor de meeste ontwikkelopgaven staan de stoplichten op oranje; een enkele op groen of rood. We constateren dat de actie en inzet overall voldoende is. Er blijven aandachtspunten en een enkel knelpunt bestaan. Deze pakken we actief aan. Ondertussen zien we in de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling nieuwe ontwikkelingen op ons af komen. Deze stellen ons de komende jaren voor extra uitdagingen. Een van deze uitdagingen betreft het Toekomstscenario Kind- en gezinsbescherming en de ontwikkelingen die daar bij horen. We anticiperen hierop in de keuzes van inzet en prioritering voor de regiovisie. We gaan de komende jaren: 1. nog meer gezamenlijk optrekken en kennis samenbrengen: Dit doen we niet alleen omdat we daarmee als professionals van elkaar leren, maar ook om dubbel werk en schotten tussen verschillende beleidsdomeinen te slechten. We zetten hiervoor extra gezamenlijke training en scholing in. Lopende pilots als MDA++ en Beter Samenspel krijgen een structureel karakter. We zetten in op de verdere versterking van de lokale teams. 2. meer dan nu inzetten op meten en gezamenlijk duiden wat we slimmer kunnen doen: Dit doen we om zicht te krijgen op wat professionals en organisaties nu doen en of we als gemeenten moeten/kunnen bijsturen.
We gebruiken dit ook om als gemeente zelf te kunnen verbeteren en om te kijken waar gezinnen waarde aan hechten, wat voor hen echt werkt. 3. (het sociale netwerk van) de gezinnen nog beter betrekken bij onze aanpak: Het sociaal netwerk -via school, vrijwilligers en zelforganisaties in de wijk- is immers de beste toegang tot kwetsbare gezinnen voor preventie en vroegsignalering, maar kan ook ondersteunend en drempelverlagend zijn voor het vragen van advies of doen van een melding voor hulp en ondersteuning. Dat is zeker voor de doelgroep die wel slachtoffer is, maar niet of moeilijk open staat voor hulp belangrijk. 4. blijvend inzetten op preventie, vroegsignalering en ondersteuning dichtbij het gezin: Het voorkomen van huiselijk geweld en vroegtijdige inzet voorkomt niet alleen veel leed, maar is ook goedkoper dan latere inzet op complexere problematiek. Bovendien geeft eerder inzetten van hulp een beter en duurzamer resultaat. 5. blijvend inzetten op risicofactoren en duurzaam herstel: Door dit te doen voorkomen we voortzetting van (intergenerationele) problematiek. De komende jaren zetten we daarom in op de systeemgerichte aanpak van risicofactoren en meer gezamenlijke scholing en training hierin. We inventariseren welke vraag en aanbod er is op het gebied traumascreening met een aansluitend behandelaanbod in de regio Haaglanden.
Vanuit het landelijk programma Geweld hoort nergens thuis blijkt dat hier behoefte aan is en dat de inzet op trauma goede resultaten geeft. Gezien het bovenstaande is verder werken volgens het huidige (hoge) prestatieniveau noodzakelijk Dat is tegelijkertijd ook een uitdaging door krapte op de arbeidsmarkt en daardoor soms capaciteitstekort bij zowel zorg- als strafpartners. 2/3
Datum
28-09-2021 Ons kenmerk
4650156
De gemeenten en de ketenpartners in regio Haaglanden blijven zich gezamenlijk inzetten op het verminderen van huiselijk geweld. We zijn nu halverwege de uitvoering van de regiovisie. Er zijn stappen gezet in de goede richting, maar de aanpak huiselijk geweld blijft een kwestie van een lange adem. Blijvende aandacht en inzet is nodig voor een sluitende aanpak en goede samenwerking in de keten en de regio. Na afloop van de looptijd van de regiovisie presenteren wij in een eindrapportage de op dat moment behaalde resultaten. Wij gaan er van uit u met deze tussentijdse rapportage voldoende geïnformeerd te hebben over de stand van zaken rondom de uitvoering van de regiovisie Huiselijk geweld en Kindermishandeling. Hoogachtend, het college van burgemeester en wethouders van Delft,
S. Brandligt Loco-burgemeester
M. Berger Loco-secretaris
3/3