3.1 Was-wordt tabel Beleidsregels beschermd wonen
Tekst van het document
Was-wordt-tabel Beleidsregel Beschermd wonen, Beschermd thuis (centrum)gemeente Delft
Tekst Beleidsregel Beschermd wonen, Beschermd thuis (centrum)gemeente Delft 2022 Titel
Tekst Beleidsregel Beschermd wonen, Beschermd thuis (centrum)gemeente Delft
Toelichting
Beleidsregel Beschermd wonen, Beschermd thuis (centrum)gemeente Delft
Het jaartal wordt geschrapt. Zo kan in de verordening bij bepaalde artikelen nauwkeurig verwezen worden naar het stuk waarin aspecten van de verordening verder zijn uitgewerkt. In dit geval deze beleidsregel beschermd wonen.
Het college van burgemeester en wethouders gelet op: • De Algemene wet bestuursrecht; • De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; • Artikel 15 van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Delft 2024; overwegende dat: het noodzakelijk is om met betrekking tot de beoordelingsvrijheid bij de uitvoering van de wet aan te geven op welke wijze daarmee wordt omgegaan en daartoe beleidsregels wenst vast te stellen; besluit vast te stellen: Beleidsregels Beschermd Wonen, Beschermd thuis (centrum)gemeente Delft
Er zijn enkele technische wijzigingen doorgevoerd
Artikel 1. Begripsbepalingen Hoofdstuk 2. (landelijke)toegang Artikel 2.1 Melding Artikel 2.2 Onderzoek en aanvraag Artikel 2.3 Toegangscriteria Artikel 2.4 Passende centrumgemeente/regio Artikel 2.5 Besluit centrumgemeente
De artikelnummerring is geheel herzien en nu opgebouwd per hoofdstuk. Daarbij zijn bij het artikel zorgprofielen ook de subartikelen nu genummerd.
Titel Beleidsregel Beschermd wonen, Beschermd thuis (centrum)gemeente Delft 2022
Intulé Het college van burgemeester en wethouders gelet op: • De Algemene wet bestuursrecht; • De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; • De Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Delft 2022; overwegende dat: het college met betrekking tot de beoordelingsvrijheid bij de uitvoering van de wet het noodzakelijk vindt om aan te geven op welke wijze daarmee wordt omgegaan en daartoe beleidsregels wenst vast te stellen; besluit vast te stellen: Beleidsregels Beschermd Wonen, Beschermd thuis (centrum)gemeente Delft 2022 Artikelnummering Artikel 1. Begripsbepalingen Hoofdstuk 2. (landelijke)toegang Artikel 2. Melding Artikel 3. Vertrouwenspersoon Artikel 4. Onderzoek Artikel 5. Toegangscriteria Artikel 6. Passende centrumgemeente/regio
Tot slot valt het artikel over privacy
Artikel 7. Besluit centrumgemeente Artikel 8. Wachtlijst Artikel 7. Overbruggingszorg Artikel 8. Tijdelijk verblijf Artikel 9. Overdracht van cliënten Artikel 10. Andere wenscentrumgemeente Hoofdstuk 3. Maatwerkvoorziening beschermd wonen of beschermd thuis Artikel 11. Aard en omvang ondersteuning in ondersteuningsplan Artikel 12. Duur van de toekenning Artikel 13. Zorgprofielen Hoofdstuk 4 Wijze van verstrekking Artikel 14. Regels voor het persoonsgebonden budget (pgb) Artikel 15. Budgetplan Artikel 16. Hoogte persoonsgebonden budget Hoofdstuk 5. Overige bepalingen Artikel 17. Privacy Artikel 18. Inwerkingtreding en titel
Artikel 1 Begripsbepalingen 1. Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, de Algemene wet bestuursrecht en de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Delft 2023. 2. Aanvullend wordt in deze beleidsregels verstaan onder: - Centrumgemeente: gemeente die door het Rijk is aangewezen om zorg en ondersteuning i.h.k.v. bescherming en opvang te financieren. In dit geval gemeente Delft; - Regio: regio DWO bestaande uit de gemeenten Delft, MiddenDelfland, Pijnacker-Nootdorp en Westland; - Wenscentrumgemeente: centrumgemeente van een andere
Artikel 2.6 Wachtlijst Artikel 2.7 Overbruggingszorg Artikel 2.8 Tijdelijk verblijf Artikel 2.9 Overdracht van cliënten Artikel 2.10 Andere wenscentrumgemeente Hoofdstuk 3. Maatwerkvoorziening beschermd wonen of beschermd thuis Artikel 3.1 Aard en omvang ondersteuning in ondersteuningsplan Artikel 3.2 Duur van de toekenning Artikel 3.3 Zorgprofielen Artikel 3.3.1 Beschermd wonen (24/7) Artikel 3.3.2 Beschermd thuis Artikel 3.3.3 Beschermd thuis-geclusterd Artikel 3.3.4 Module Dagbesteding (inclusief noodzakelijk vervoer) Artikel 3.3.5 Begeleiding van de dagbesteding Artikel 3.3.6 Vervoer naar de dagbestdeing Artikel 3.3.7 Dagbesteding door Safehouses Artikel 3.3.8 Overbruggingszorg Hoofdstuk 4 Wijze van verstrekking Artikel 4.1 Regels voor het persoonsgebonden budget (pgb) Artikel 4.2 Budgetplan Artikel 4.3 Hoogte persoonsgebonden budget Hoofdstuk 5. Overige bepalingen Artikel 5.1 Inwerkingtreding en titel
weg. Dit wordt door de wet geregeld en hoeft niet in de beleidsregel te worden opgenomen
1. Alle begrippen die in deze beleidsregel worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, de Algemene wet bestuursrecht en de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Delft 2024. 2. Aanvullend wordt in deze beleidsregels verstaan onder: - centrumgemeente: gemeente die door het Rijk is aangewezen om zorg en ondersteuning in het kader van bescherming en opvang te financieren. In dit geval gemeente Delft; - regio: regio DWO bestaande uit de gemeenten Delft, MiddenDelfland, Pijnacker-Nootdorp en Westland; - wenscentrumgemeente: centrumgemeente van een andere regio in Nederland waar een inwoner naartoe wil verhuizen;
Het betreft kleine technische wijzigingen en aanpassingen van jaartallen Er is een beschrijving voor het begrip “safehouse” toegevoegd.
regio in Nederland waar een inwoner naartoe wil verhuizen; - Wooninitiatief: wanneer er minimaal 3 en maximaal 26 bewoners op 1 adres, of binnen een straal van 100 meter wonen, waarin ten minste één gemeenschappelijke verblijfsruimte aanwezig is die geschikt is voor het ontplooien van gezamenlijke activiteiten. - Overbruggingszorg: zorg die ter overbrugging wordt geleverd in afwachting van de beschikbaarheid van een passende plek in een accommodatie van een beschermd wonen instelling.
Artikel 2. Melding, tweede lid 2. Delft Support (toegang van de gemeente Delft) voert de indicatiestelling voor Beschermd wonen, beschermd thuis en beschermd thuis-geclusterd uit voor de regiogemeenten in DWO. Artikel 3 Vertrouwenspersoon De melder kan zich bij zijn melding laten bijstaan door een vertrouwenspersoon. Dit kan een naastbetrokkene zijn, een patiëntenvertrouwenspersoon of een onafhankelijke cliëntondersteuner. De wenscentrumgemeente – waar de cliënt zich meldt – zal de melder daarop wijzen. Artikel 4. Onderzoek Artikel 4. Onderzoek Elke melding bij een centrumgemeente voor beschermd wonen wordt gevolgd door een onderzoek en een besluit door de centrumgemeente van de gemeentelijke regio waar de aanvrager zich wil vestigen. Dit betreft de wenscentrumgemeente als een cliënt zich elders wil vestigen. Artikel 6. Passende centrumgemeente/regio artikel 6. Passende centrumgemeente/regio Het is de combinatie van de wens van de cliënt met zorginhoudelijke criteria die de doorslag geven bij het besluit of
- wooninitiatief: wanneer er minimaal 3 en maximaal 26 bewoners op 1 adres, of binnen een straal van 100 meter wonen, waarin ten minste één gemeenschappelijke verblijfsruimte aanwezig is die geschikt is voor het ontplooien van gezamenlijke activiteiten; - overbruggingszorg: zorg die ter overbrugging wordt geleverd in afwachting van de beschikbaarheid van een passende plek in een accommodatie van een beschermd wonen instelling. - safehouse: een veilige woonvorm waar ex-verslaafden, na een behandeling in een kliniek, kunnen werken aan het leren omgaan met verleidingen, het vormgeven van hun leven na de verslavingsperiode en terugkeer naar de eigen leefsituatie. Door een intensief programma inclusief dagbesteding, worden clienten binnen gemiddeld een jaar na start van de begeleiding toegerust om weer volwaardig en met vertrouwen deel te nemen aan de maatschappij
2. Delft Support (toegangsorganisatie van de gemeente Delft) voert de indicatiestelling voor Beschermd wonen, beschermd thuis en beschermd thuis-geclusterd uit voor de regiogemeenten in DWO.
Artikel 2 wordt artikel 2.1 Voor organisatie is “toegangs” toegevoegd om de rol van Delft Support duidelijker te beschrijven
Artikel vervalt
Dit artikel vervalt, omdat het al in de verordening is opgenomen. Hierdoor verschuift de nummering van de verdere artikelen
Artikel 2.2 Onderzoek en aanvraag Elke melding bij een centrumgemeente voor beschermd wonen wordt gevolgd door een onderzoek en een aanvraag. Hierop volgt een besluit door de centrumgemeente van de gemeentelijke regio waar de aanvrager zich wil vestigen. Dit betreft de wenscentrumgemeente als een cliënt zich elders wil vestigen.
Het artikelnummer wijzigt van 4 naar 2.2 Verder is de eerste zin iets herschreven en opgedeeld in 2 zinnen om ook de aanvraag een plek te geven.
Artikel 2.4 Passende centrumgemeente/regio Het is de combinatie van de wens van de cliënt met zorginhoudelijke criteria die de doorslag geeft bij het besluit of de
De nummering van het artikel wijzigt van 6 naar 2.4 Daarbij is de eerste alinea iets
de centrumgemeente/regio passend is voor de cliënt om zich te vestigen. Aanbevolen wordt de gemeente van herkomst van de cliënt te betrekken bij het onderzoek en onderstaande criteria te hanteren: a. Aanwezigheid van een positief sociaal netwerk (familie en vrienden) om: i. beschermd wonen te voorkomen; ii. uitstroom naar vormen van zelfstandig wonen te bevorderen. b. Voorwaarden voor succesvolle trajecten, zoals: i. (reeds ingezette) actieve schuldhulpverlening; ii. een bestaande relatie met GGZ of andere hulpverlening; iii. reeds ingezette scholing, (vrijwilligers)werk, of passende dagbesteding; iv. eventueel aanwezige veiligheidsrisico’s op de huidige woonplek; v. de behoefte aan een specifieke aanpak of een specifieke voorziening. c. Gegronde redenen om tegemoet te komen aan de wens van een cliënt, anders dan de hierboven genoemde voorwaarden. Artikel 8 Wachtlijst Artikel 8 Wachtlijst Indien er niet direct toegang is tot de gewenste plek, dan komt de aanvrager op een wachtlijst. Gemeenten zijn vanaf het moment dat met de cliënt wordt gesproken over de plaatsing in een instelling transparant over de wachtlijsten. Artikel 9. Overdracht van cliënten Artikel 9. Overdracht van cliënten Gemeenten dragen zorg voor een warme overdracht van cliënten, maar ook instellingen hebben een verantwoordelijkheid om aan een warme overdracht van cliënten mee te werken.
De overdracht van een cliënt vindt plaats onder regie van centrumgemeenten. Hierbij maken de betrokken instellingen in elk geval afspraken over: a. de datum van overgang; b. de instelling die de cliënt opneemt; c. de overdracht van de persoonlijke gegevens. Artikel 10. Andere wenscentrumgemeente Artikel 10. Andere wenscentrumgemeente
centrumgemeente/regio passend is voor de cliënt om zich te vestigen. Het college betrekt de gemeente van herkomst van de cliënt te betrekken bij het onderzoek en onderstaande criteria te hanteren: 1. Aanwezigheid van een positief sociaal netwerk (familie en vrienden) om: a. beschermd wonen te voorkomen; b. uitstroom naar vormen van zelfstandig wonen te bevorderen. 2. Voorwaarden voor succesvolle trajecten, zoals: a. (reeds ingezette) actieve schuldhulpverlening; b. een bestaande relatie met GGZ of andere hulpverlening; c. reeds ingezette scholing, (vrijwilligers)werk, of passende dagbesteding; d. eventueel aanwezige veiligheidsrisico’s op de huidige woonplek; e. de behoefte aan een specifieke aanpak of een specifieke voorziening. 3. Gegronde redenen om tegemoet te komen aan de wens van een cliënt, anders dan de hierboven genoemde voorwaarden.
herschreven, waardoor het niet lijkt of het college in deze regeling ook aan andere gemeenten handelingen oplegt. Tot slot is de manier van nummeren in het artikel aangepast, waardoor het beter leesbaar is.
Artikel 2.6 Wachtlijst Indien er niet direct toegang is tot de gewenste plek, dan komt de aanvrager op een wachtlijst.
Het artikelnummer wijzigt van 8 naar 2.6 De laatste zin is geschrapt omdat het de indruk wekt dat het iets bepaald over het handelen van andere gemeenten.
Artikel 2.9 Overdracht van cliënten Het college draagt zorg voor een warme overdracht van cliënten, maar ook instellingen hebben een verantwoordelijkheid om aan een warme overdracht van cliënten mee te werken. De overdracht van een cliënt vindt plaats onder regie van centrumgemeente. Hierbij maken de betrokken instellingen in elk geval afspraken over: a. de datum van overgang; b. de instelling die de cliënt opneemt; c. de overdracht van de persoonlijke gegevens.
Het artikelnummer wijzigt van 9 naar 2.9 Het begin van de eerste alinea is aangepast omdat het de indruk wekte dat het iets bepaald over het handelen van andere gemeenten.
Artikel 2.10 Andere wenscentrumgemeente
Het artikelnummer wijzigt van 10
Als uit het onderzoek bij de gemeente van aanmelding Als uit het onderzoek bij de gemeente van aanmelding (centrumgemeente A) volgt dat het beschermd wonen het beste in (centrumgemeente A) volgt dat het beschermd wonen het beste in een andere centrumgemeente (wens)centrumgemeente B) kan een andere centrumgemeente (wens)centrumgemeente B) kan plaatsvinden of als een cliënt zelf naar wenscentrumgemeente B plaatsvinden of als een cliënt zelf naar wenscentrumgemeente B gaat, neemt de aangewezen contactpersoon van de gaat, neemt de aangewezen contactpersoon van de centrumgemeente A contact op met de aangewezen contactpersoon centrumgemeente A contact op met de aangewezen van de andere (wens)centrumgemeente B: contactpersoon van de andere (wens)centrumgemeente B: a. Centrumgemeente A of de cliënt meldt zich bij centrumgemeente B. a. Centrumgemeente A of de cliënt meldt zich bij b. Centrumgemeente B besluit op basis van eigen onderzoek centrumgemeente B. of de cliënt toegang tot een instelling voor beschermd wonen krijgt of b. Gemeente B besluit op basis van eigen onderzoek of de neemt het onderzoek van centrumgemeente A over. cliënt toegang tot een instelling voor beschermd wonen krijgt of c. Centrumgemeente A en centrumgemeente B maken neemt het onderzoek van gemeente A over. afspraken over het organiseren van een (warme) overdracht van de c.
Gemeente A en gemeente B maken afspraken over het cliënt. organiseren van een (warme) overdracht van de cliënt. Artikel 13 zorgprofielen, tussen Beschermd thuis en Module dagbesteding (inclusief noodzakelijk vervoer
naar 2.10 Overal is consequent het woord centrumgemeente gebruikt, anders wekt dat mogelijk verwarring
Artikel 3.3.3 Beschermd Thuis-geclusterd 1. Beschermd thuis-geclusterd is er voor cliënten die beperkt zelfredzaam zijn en waarbij sprake is psychiatrische stoornissen of ernstige psychosociale problematiek die een beschutte woonomgeving nodig hebben in de nabijheid van gemeenschappelijke voorzieningen. 2. Bij geclusterd wonen, wonen cliënten in zelfstandige woningen die naast – of bij elkaar gelegen zijn en nabij een gemeenschappelijke voorziening (binnen 100 meter) of met meerdere cliënten in onzelfstandige eenheden in een gebouw of in elkaars directe nabijheid. 3. De nabijheid van gemeenschappelijke voorzieningen draagt bij aan de benodigde beschutting. 4. Voor Beschermd Thuis- geclusterd gelden de volgende algemene criteria: a. De woningen/wooneenheden zijn van of op naam van de aanbieder. b. Er is sprake van scheiding van wonen en zorg. Cliënten betalen zelf huur aan de zorgaanbieder, betalen zelf overige vaste lasten en zorgen zelf voor eten en drinken. De zorg wordt bekostigd uit de indicatie. c. Cliënten hebben nog niet alle basisvaardigheden om volledig zelfstandig te wonen, maar een beschermde intramurale setting is voor hen (nog) niet (meer) nodig.
Artikel 13 in de oude, is artikel 3.3 in de nieuwe versie. Tussen de kopjes Beschermd thuis en Module dagbesteding (inclusief noodzakelijk vervoer) wordt het kopje Beschermd Thuis-geclusterd toegevoegd. Alle paragrafen met een schuingedrukt kopje hebben een subartikelnummer gekregen
d. Begeleiding vindt plaats op afspraak. e. Begeleiding is 24 uur per dag oproepbaar en kan indien eventuele opvolging nodig is, waar nodig binnen 15 minuten ter plaatse zijn. f. Er is regelmatig (gevraagd en ongevraagd) contact met de cliënt om na te gaan hoe het gaat met de cliënt (signalerende functie). g. De cliënt kan zelf de hulpvraag onderkennen en formuleren. De cliënt kan deze hulpvraag over het algemeen uitstellen tot het volgende contactmoment met de begeleider. Ook als de hulpvraag niet uitgesteld kan worden en begeleiding ter plaatse nodig is, kan cliënt enige tijd met een maximum van 15 minuten wachten totdat de begeleiding ter plaatse is. h. Er wordt intensieve begeleiding op meerdere levensdomeinen geboden waaronder het aansturen of overnemen van taken, coachen en aanleveren van vaardigheden of het motiveren en stimuleren, aansluitend bij eigen mogelijkheden en talenten. Ook verzorging en verpleging, voor zover niet vallend onder de zorgverzekeringswet, horen tot de ondersteuning. i. Cliënten zijn qua problematiek doorgaans stabiel. De psychiatrische symptomen zijn bij tijd en wijle lastig onder controle te krijgen, dan is intensivering van zorg (of bijstelling van medicatie) en behandeling gewenst dan wel een tijdelijke time out op een pauzeplek. j.
De begeleiding is mede gericht op het beheersbaar houden van de gedragsproblematiek en het bieden van stabiliteit voor de psychiatrische problematiek o.a. door medicatiebegeleiding en beheersbaar houden van de verslaving. k. Beschermd Thuis-geclusterd onderscheidt zich van ambulante begeleiding in die zin dat er bij Beschermd Thuis sprake is van een noodzaak tot inzetten van onplanbare zorg, 24 uurs bereikbaarheid en indien nodig opvolging ter plaatse. Artikel 13 zorgprofielen, onder begeleiding van de dagbesteding, vierde lid
4. Dagbesteding wordt per dagdeel toegekend en bestaat uit de volgende twee intensiteiten; a. De toekenning dagbesteding basis gaat uit van dagbesteding gedurende 1 tot en met 5 dagdelen, met een gemiddelde van 3 dagdelen per week. b. De toekenning dagbesteding plus gaat uit van dagbesteding gedurende 6 tot en met 10 dagdelen, met een gemiddelde van 8 dagdelen. Beide intensiteiten kunnen indien nodig met een vergoeding voor (rolstoel)vervoer toegekend worden.
4. Delft Support bepaalt, samen met de cliënt en de Aanbieder, welke ondersteuning het meest geschikt is om de resultaten te bereiken. In de treden omschrijving wordt het aantal dagdelen beschreven wat aan cliënten geboden wordt als dagprogramma. Hierbij is het overzicht als volgt: a. Trede 1 → 7-10 dagdelen, b. trede 2 → 5-6 dagdelen, c. trede 3 → 3-4 dagdelen, d. trede 4 → 1-2 dagdelen.
Artikel 13 zorgprofielen, tussen Vervoer naar dagbesteding en Overbruggingszorg Artilkel 3.3.7 Dagbesteding door Safehouses 1. Aanbieders die de beschermende woonvorm Safehouses aanbieden, zijn verplicht dagbesteding te organiseren en aan te bieden aan hun cliënten. 2. Bij Safehouses vormt dagbesteding een integraal onderdeel van het hersteltraject. Dagbesteding wordt door de eigen Aanbieder op de locatie aangeboden. artikel 16. Hoogte persoonsgebonden budget artikel 16. Hoogte persoonsgebonden budget 1. De tarieven als bedoeld in artikel 17 lid 2 van de verordening, gerelateerd aan de diensten beschermd wonen en beschermd thuis, zijn gemaximeerd op de volgende bedragen: Beschermd Wonen/Beschermd Thuis Maximale uurtarieven vanaf 2023 100% Beschermd Thuis Basis € 99,13 per etmaal Beschermt Thuis Plus € 151,58 per etmaal Beschermd Thuis-geclusterd Basis € 107,05 per etmaal Beschermd Thuis-geclusterd Plus € 161,12 per etmaal Beschermd Wonen Basis € 198,91 per etmaal Beschermd Wonen Plus € 252,99 per etmaal Dagbesteding € 38,67 per dagdeel Vervoer dagbesteding BW € 17,75 per dag Vervoer rolstoel dagbesteding BW € 28,78 per dag De tarieven als bedoeld in artikel 17 lid 3 van de verordening, gerelateerd aan de diensten beschermd wonen en beschermd thuis, zijn gemaximeerd op de volgende bedragen:
artikel 4.3 Hoogte persoonsgebonden budget De tarieven als bedoeld in artikel 17 lid 2 van de verordening, gerelateerd aan de diensten beschermd wonen en beschermd thuis zijn in de Nadere regels maatschappelijke ondersteuning Delft vastgesteld.
Artikel 13 in de oude, is artikel 3.3 in de nieuwe versie. De tekst van dit lid is geheel herschreven. Dit geeft meer duidelijkheid.
Artikel 13 in de oude, is artikel 3.3in de nieuwe versie. Tussen de kopjes Vervoer naar dagbesteding en Overbruggingszorg wordt een kopje Dagbesteding door Safehouses toegevoegd Artikel 16 in de oude, is artikel 4.3 in de nieuwe versie. De inhoud van dit artikel is weggehaald omdat de tarieven die met de uitvoering van de Wmo samenhangen zijn ondergebracht in de Nadere regels
Beschermd Wonen/Beschermd Thuis Maximale uurtarieven vanaf 2023 80% Beschermd Thuis Basis € 79,30 per etmaal Beschermt Thuis Plus € 121,26 per etmaal Beschermd Thuis-geclusterd Basis € 85,64 per etmaal Beschermd Thuis-geclusterd Plus € 128,90 per etmaal Beschermd Wonen Basis € 159,13 per etmaal Beschermd Wonen Plus € 202,39 per etmaal Dagbesteding € 30,94 per dagdeel Vervoer dagbesteding BW € 14,20 per dag Vervoer rolstoel dagbesteding BW € 23,02 per dag Artikel 17. Privacy Artikel 17. Privacy Bij verzamelen en verwerken van de persoonsgegevens wordt de AVG in acht genomen. De privacywetgeving heeft betrekking op de gehele procedure.
Dit artikel vervalt omdat dit wettelijk is voorgeschreven. Het hoeft daarom niet ook in de beleidsregel te worden opgenomen
Artikel 18. Inwerkingtreding en titel artikel 18. Inwerkingtreding en titel 1.Deze Beleidsregels treden in werking op de dag waarop de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Delft 2021 in werking treedt en werken terug naar 1 januari 2022. 2.Per gelijke datum wordt de Beleidsregel Maatschappelijke ondersteuning Delft 2020 ingetrokken.
artikel 5.1 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze beleidsregel treedt in werking op de dag waarop de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Delft 2024 in werking treedt. 2. Per gelijke datum wordt de Beleidsregel Beschermd wonen Beschermd thuis (centrum)gemeente Delft 2022 ingetrokken. 3. Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregels Beschermd wonen, Beschermd thuis (centrum)gemeente Delft.
Artikel 18 in de oude wordt artikel 5.1 in de nieuwe versie De inhoud van het artikel is aangepast aan de jaartallen en situaties die betrekking hebben op deze beleidsregel
3.Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels Beschermd wonen, Beschermd thuis (centrum)gemeente Delft 2022.
Toelichting Toelichting Artikel 13 Zorgprofielen 7.1 Beschermd wonen Het doel van Beschermd Wonen is dat een cliënt met een (zeer) intensieve of een zeer specifieke begeleidingsvraag een zo groot mogelijke mate van zelfredzaamheid bereikt en behoudt en een mogelijke crisis dan wel maatschappelijke teloorgang wordt
Algemene Toelichting Hierna zullen de zorgprofielen, de regels voor PGB, het budgetplan en de hoogte PGB nader worden toegelicht. Zorgprofielen Beschermd wonen Het doel van Beschermd Wonen is dat een cliënt met een (zeer)
De toelichting is aangepast aan de situatie dat de tarieven zijn overgezet naar de nadere regels, Daarbij is de inhoud aangepast zodat deze relevant is voor deze versie van het document
voorkomen. Het gaat om het toewerken naar meer herstel zowel maatschappelijk als persoonlijk en het vergroten van de eigen regie. Het kan zijn dat stabilisatie van de mate van zelfredzaamheid voorop staat, maar anders wordt toegewerkt naar uitstroom naar Beschermd Thuis of naar zelfstandig wonen met ambulante begeleiding. 7.2 Beschermd thuis Het doel van Beschermd thuis is dat een cliënt met een intensieve begeleidingsvraag in staat is om zelfstandig te wonen en daarbij een zo groot mogelijke mate van zelfredzaamheid bereikt en behoudt, niet in een crisissituatie raakt, meedoet, een sociaal netwerk opbouwt en behoudt, een zinvolle daginvulling heeft of aan activiteiten deelneemt die gericht zijn op persoonlijk herstel. Vanuit beschermd thuis wordt gewerkt aan uitstroom naar volledig zelfstandig wonen, eventueel met ambulante begeleiding. Voor een klein deel van de cliënten zal (geclusterd) wonen permanent de best passende woonvorm blijven of zal op termijn doorstroming naar beschermd wonen binnen de Wmo of de Wlz nodig worden. 7.3 Module dagbesteding Dagbesteding als er geen voorliggende mogelijkheden zijn: uitgangspunt is dat werk (betaald of onbetaald) of opleiding voor eenieder het streven is, en indien dit niet mogelijk blijkt te zijn dat andere activiteiten worden ontplooid.
De centrale vraag rondom het al dan niet toekennen van dagbesteding is uiteraard in hoeverre dagbesteding noodzakelijk is. Indien er voorliggende mogelijkheden zijn (opleiding, een traject toeleiding naar werk, betaald of vrijwilligerswerk), dan worden deze eerst aangesproken en wordt er geen dagbesteding vanuit BW toegekend. Artikel 14 t/m 16 Regels voor PGB, budgetplan en hoogte PGB De wet biedt zorgvragers of hun wettelijk vertegenwoordigers de mogelijkheid om hun zorg in te kopen met behulp van een persoonsgebonden budget (pgb). Het pgb is een verstrekkingsvorm die bij uitstek geschikt is voor mensen die zelf de regie over hun leven kunnen voeren. Het pgb is per definitie ‘maatwerk’ en een goed alternatief voor cliënten die binnen de bestaande voorzieningen geen of onvoldoende passende zorg vinden. Bij de aanvraag van een
intensieve of een zeer specifieke begeleidingsvraag een zo groot mogelijke mate van zelfredzaamheid bereikt en behoudt en een mogelijke crisis dan wel maatschappelijke teloorgang wordt voorkomen. Het gaat om het toewerken naar meer herstel zowel maatschappelijk als persoonlijk en het vergroten van de eigen regie. Het kan zijn dat stabilisatie van de mate van zelfredzaamheid in eerste instantie voorop staat, maar het perspectief is altijd toewerken naar uitstroom naar Beschermd Thuis (-geclusterd) of naar zelfstandig wonen met ambulante begeleiding. Beschermd thuis Het doel van Beschermd Thuis is dat een cliënt met een zeer intensieve begeleidingsvraag in staat is om zelfstandiger te wonen met geplande begeleiding en ongeplande begeleiding op afroep. En daarbij een zo groot mogelijke mate van zelfredzaamheid bereikt en behoudt, niet in een crisissituatie raakt, meedoet, een sociaal netwerk opbouwt en behoudt, een zinvolle dagbesteding heeft of aan activiteiten deelneemt die gericht zijn op persoonlijk herstel. Er wordt toegewerkt naar uitstroom naar volledig zelfstandig wonen, zo nodig met ambulante begeleiding.
Beschermd thuis- geclusterd Het doel van Beschermd Thuis-geclusterd is dat een cliënt met een intensieve zorgvraag die nog een bepaalde mate van beschutting nodig heeft, in een woonvorm woont met nabijheid van anderen wat structuur/ veiligheid biedt en bijdraagt aan het oefenen met sociale interactie. Cliënten kunnen hun hulpvraag onderkennen en enige tijd uitstellen, waardoor er geen 24/7 nabijheid van toezicht nodig is. Cliënten houden een zo groot mogelijke mate van zelfredzaamheid en werken toe naar zelfstandig wonen en volledige deelname aan de maatschappij. Zij bouwen een sociaal netwerk op, nemen deel aan werk, opleiding of volgen dagbesteding als onderdeel van het begeleidingsprogramma binnen geclusterd wonen. Module dagbesteding Dagbesteding als er geen voorliggende mogelijkheden zijn: uitgangspunt is dat werk (betaald of onbetaald) of opleiding voor eenieder het streven is, en indien dit niet mogelijk blijkt te zijn dat andere activiteiten worden ontplooid. De centrale vraag rondom het al dan niet toekennen van dagbesteding is uiteraard in hoeverre dagbesteding noodzakelijk is. Indien er voorliggende mogelijkheden zijn (opleiding, een traject toeleiding naar werk, betaald of
maatwerkvoorziening kan de klant aangeven dat hij de maatwerkvoorziening in de vorm van een pgb wenst. Vervolgens ontvangt hij schriftelijk informatie waarin wordt aangegeven de soort en omvang van de maatwerkvoorziening. Aan de hand van die informatie moet hij een budgetplan opstellen en bij de gemeente indienen. Daarna vindt de beoordeling van het budgetplan plaats. Aan het verstrekken van een pgb is wel een aantal voorwaarden verbonden. In artikel 11 van de Verordening is vastgelegd hoe de hoogte van het pgb wordt vastgesteld. Delft kiest voor de mogelijkheid tot differentiatie in de hoogte van het pgb bij verschillende typen hulpverleners in de domeinen van zorg. zorg die geleverd wordt door een aanbieder die niet door de gemeente gecontracteerd is, maar wel voldoet aan de gestelde kwaliteitseisen van de gemeente zoals geformuleerd bij gecontracteerde zorg zorg die geleverd wordt door een ZZP’er die zorgprofessional is informele zorg die geleverd wordt door het sociale netwerk zoals familie in de eerste en tweede graad of behorend tot het sociale netwerk van de zorgvrager De situatie waarin het door de cliënt beoogde aanbod duurder is dan het aanbod van het college betekent niet bij voorbaat dat het pgb om die reden geheel geweigerd wordt.
Cliënten kunnen zelf bijbetalen wanneer het tarief van de door hen gewenste aanbieder duurder is dan het door het college voorgestelde aanbod. Betaling mantelzorgers met een pgb Binnen het afwegingskader valt mantelzorg onder ”eigen kracht en netwerk” en staat daar in principe geen betaling tegenover als deze beschikbaar is. Aan de andere kant kan de zorgvrager door middel van een pgb de zorg inkopen binnen zijn informele netwerk, en dit kan ook de mantelzorger zijn. In artikel 11 lid 3 sub d van de Verordening is opgenomen dat de hulp uit het sociaal netwerk een vaste maandelijkse tegemoetkoming kan aanvragen. Deze tegemoetkoming moet dan wel door de hulp als inkomen op het belastingformulier worden aangegeven.
vrijwilligerswerk), dan worden deze eerst aangesproken en wordt er geen dagbesteding vanuit BW toegekend. Regels voor PGB, budgetplan en hoogte PGB De wet biedt zorgvragers of hun wettelijk vertegenwoordigers de mogelijkheid om hun zorg in te kopen met behulp van een persoonsgebonden budget (pgb). Het pgb is een verstrekkingsvorm die bij uitstek geschikt is voor mensen die zelf de regie over hun leven kunnen voeren. Het pgb is per definitie ‘maatwerk’ en een goed alternatief voor cliënten die binnen de bestaande voorzieningen geen of onvoldoende passende zorg vinden. Bij de aanvraag van een maatwerkvoorziening kan de cliënt aangeven dat deze de maatwerkvoorziening in de vorm van een pgb wenst. Vervolgens ontvangt de klant schriftelijk informatie waarin wordt aangegeven de soort en omvang van de maatwerkvoorziening. Aan de hand van die informatie moet de klant een budgetplan opstellen en bij de gemeente indienen. Daarna vindt de beoordeling van het budgetplan plaats. Aan het verstrekken van een pgb is wel een aantal voorwaarden verbonden. In artikel 16 (oude nummering) van deze beleidsregel stonden de tarieven voor diverse pgb vormen. Deze tarieven staan nu in de Nadere regels maatschappelijke ondersteuning gemeente Delft en worden daarom hier weggehaald.
Betaling mantelzorgers met een pgb Binnen het afwegingskader valt mantelzorg onder ”eigen kracht en netwerk” en staat daar in principe geen betaling tegenover als deze beschikbaar is. Aan de andere kant kan de zorgvrager door middel van een pgb de zorg inkopen binnen het informele netwerk, en dit kan ook de mantelzorger zijn. In artikel 3.1, derde lid van de Nadere regels is opgenomen dat de hulp uit het sociaal netwerk een vaste maandelijkse tegemoetkoming kan aanvragen. Deze tegemoetkoming moet dan wel door de hulp als inkomen op het belastingformulier worden aangegeven. Trekkingsrecht en administratieve zaken De zorgvrager dient een overeenkomst af te sluiten met de betrokken zorgverlener(s). De zorgvrager krijgt het geldbedrag op een account
Trekkingsrecht en administratieve zaken De zorgvrager dient een overeenkomst af te sluiten met zijn zorgverlener(s). Hij krijgt het geldbedrag op een account bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB). De budgethouder stuurt de factuur van de zorgverlener naar de SVB die het bedrag overmaakt, nadat zij een arbeidsrechtelijke toets op de werkgeversverplichtingen van de budgethouder heeft gedaan. Na afloop van de verantwoordingsperiode stort de SVB het resterende deel terug naar de gemeente. Deze werkwijze geldt niet voor pgb’s ten behoeve van hulpmiddelen of materiële verstrekkingen, deze pgb’s worden direct op de rekening van de klant gestort. Controle en verantwoording De Sociale Verzekeringsbank is verantwoordelijk voor de uitvoering van de betalingen, controle op de zorgovereenkomst en de uitvoering van alle werkgeversverplichtingen. Het college is inhoudelijk verantwoordelijk, zij dient te toetsen of de gedeclareerde zorg verloopt conform de doelen en werkwijze van het zorgplan. Periodiek verricht de medewerker Team Wmo, dan wel de Toezichthouder Wmo huisbezoeken om te checken of: de zorgverlening verloopt conform de doelen en werkwijze zoals geformuleerd in het zorgplan zorgverlener(s) de gecontracteerde zorg effectief leveren en zich houden aan de kwaliteitsafspraken budgethouder alle verplichtingen nakomt.
Besteding pgb in het buitenland Er bestaat geen recht op pgb voor zover het is bestemd voor besteding in het buitenland, tenzij het college hier vooraf expliciet toestemming voor verleent. De cliënt dient uiterlijk een maand voor het verblijf in het buitenland om toestemming te vragen bij het college. Als de cliënt niet tijdig aan het verblijf in het buitenland toestemming van het college heeft gekregen, wordt de maatwerkvoorziening ingetrokken en eventueel wordt tot terugvordering overgegaan. Een maximale termijn van 13 weken wordt aangehouden als termijn dat in het buitenland verbleven kan worden met een pgb. Na 13 weken wordt de beslissing voor de maatwerkvoorziening ingetrokken. De eisen uit de wet, Verordening en deze beleidsregels gelden ook voor besteding van het pgb in het
bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB). De budgethouder stuurt de factuur van de zorgverlener naar de SVB die het bedrag overmaakt, nadat zij een arbeidsrechtelijke toets op de werkgeversverplichtingen van de budgethouder heeft gedaan. Na afloop van de verantwoordingsperiode stort de SVB het resterende deel terug naar de gemeente. Deze werkwijze geldt niet voor pgb’s ten behoeve van hulpmiddelen of materiële verstrekkingen, deze pgb’s worden direct op de rekening van de klant gestort. Controle en verantwoording De Sociale Verzekeringsbank is verantwoordelijk voor de uitvoering van de betalingen, controle op de zorgovereenkomst en de uitvoering van alle werkgeversverplichtingen. Het college is inhoudelijk verantwoordelijk, zij dient te toetsen of de gedeclareerde zorg verloopt conform de doelen en werkwijze van het zorgplan. Periodiek verricht de medewerker Team Wmo, dan wel de Toezichthouder Wmo huisbezoeken om te checken of: de zorgverlening verloopt conform de doelen en werkwijze zoals geformuleerd in het zorgplan; de zorgverlener(s) de gecontracteerde zorg effectief leveren en zich houden aan de kwaliteitsafspraken; de budgethouder alle verplichtingen nakomt. Besteding pgb in het buitenland Er bestaat geen recht op pgb voor zover het is bestemd voor besteding in het buitenland, tenzij het college hier vooraf expliciet toestemming voor verleent.
De cliënt dient uiterlijk een maand voor het verblijf in het buitenland om toestemming te vragen bij het college. Als de cliënt niet tijdig aan het verblijf in het buitenland toestemming van het college heeft gekregen, wordt de maatwerkvoorziening ingetrokken en eventueel wordt tot terugvordering overgegaan. Een maximale termijn van 13 weken wordt aangehouden als termijn dat in het buitenland verbleven kan worden met een pgb. Na 13 weken wordt de beslissing voor de maatwerkvoorziening ingetrokken. De eisen uit de wet, Verordening en deze beleidsregels gelden ook voor besteding van het pgb in het buitenland. Het recht op pgb vervalt per definitie als de cliënt geen hoofdverblijf meer heeft in de gemeente Delft.
buitenland. Het recht op pgb vervalt per definitie als de cliënt geen hoofdverblijf meer heeft in de gemeente Delft. Artikel 18 Inwerkingtreding Deze beleidsregel treedt met terugwerkende kracht in werking ten behoeve van onderbouwing van besluiten die vanaf 1 januari 2022 zijn genomen.