2602028 Schriftelijke vragen VVD inzake Veiligheid Vrouwen in Delft
Tekst van het document
schriftelijke vragen. over Veiligheid van Vrouwen in Delft Delft, 6 januari 2026 Geacht college van burgemeester en wethouders, Naar aanleiding van de beantwoording van technische vragen, hebben wij aan u de volgende vragen: 1. Onderschrijft het college dat onveiligheidsgevoelens in de openbare ruimte, met name bij vrouwen, een structureel maatschappelijk probleem vormen dat ook in Delft aandacht behoeft, los van het aantal formele meldingen? 2. Op basis van de antwoorden op technische vragen blijkt dat er “geen signalen” zijn van onveilige plekken. Welke typen signalen beschouwt het college als voldoende aanleiding om beleid of maatregelen te ontwikkelen, en waarom vallen signalen uit media, maatschappelijke organisaties of inwoners die zich onveilig voelen hier kennelijk niet onder? 3. Acht het college het wenselijk dat de gemeente momenteel geen concreet inzicht heeft in waar, wanneer en waarom vrouwen zich in Delft onveilig voelen in de openbare ruimte? Zo ja, waarom; zo nee, welke aanvullende stappen gaat het college zetten om dit inzicht alsnog te verkrijgen? 4. Is het college bereid om de bestaande metingen (zoals de Veiligheidsmonitor, Omnibus of het DIP) structureel te benutten of aan te passen zodat veiligheidsbeleving expliciet naar gender en locatie kan worden uitgesplitst? Zo nee, waarom niet? 5. Is het college bereid om, op basis van bestaande en nog te
verzamelen inzichten, te komen tot een samenhangende aanpak gericht op het vergroten van de veiligheidsbeleving van onder andere vrouwen in de openbare ruimte, en de raad hierover te informeren? Zo nee, waarom niet? Met vriendelijke groet, Namens de fractie van de Delftse VVD, Olivier van Warmerdam Commissielid Delftse VVD
Eerder gestelde Technische Vragen & Antwoorden 1. In welke mate heeft de gemeente scherp inzicht in wáár vrouwen zich in Delft onveilig voelen, en waarom zich hier zo voelen? Veiligheidsbeleving kan voor elk persoon en elke situatie verschillen. De veiligheidsmonitor en de omnibus geven inzicht in de veiligheidsbeleving in de Delftse wijken en buurten. De vraag achter de onveiligheidsgevoelens komt in de Omnibus aan bod en wordt tot op buurtniveau geregistreerd. Uit cijfers over onveiligheidsgevoelens komt niet naar voren waarom vrouwen zich specifiek op bepaalde plekken zich onveilig voelen. De gemeente is bekend met de bij Omroep Delft gemelde onveilige plekken en hecht veel belang aan de veiligheidsbeleving in de stad. Daarom werkt de gemeente al lange tijd samen met partners aan het vergroten van de veiligheidsbeleving in de stad. Afhankelijk van de locatie en de aard van de problematiek kunnen de organisatorische, sociale en/of fysieke maatregelen verschillen. Bij sommige plekken zijn inmiddels al maatregelen genomen of staan maatregelen ingepland.
2. Wat is het verbeterplan om deze plekken veiliger te maken – als deze er is? Behalve incidentele meldingen, die bij de gemeente worden gemeld, waarop wordt geacteerd door het nemen van maatregelen (verlichtingsniveau en snoeien) is er op dit moment geen informatie en geen signalen (ook niet van samenwerkingspartners zoals de politie) die wijst op aanwezigheid van onveilige plekken in de stad. Om meer signalen op te halen is begin december het Delfts Internet Panel (DIP) ingezet om onderzoek te doen naar o.a. onveiligheid. Hierin worden respondenten onder andere gevraagd of er onveilige plekken zijn in de buurt, wat de oorzaak van onveiligheid is en wat er nodig is om op die plek het veiligheidsgevoel te verhogen. 3. Is het college voornemens aanpassingen te maken in de openbare ruimte om het gevoel van veiligheid te vergroten, gelet op de nieuwe visie openbare ruimte? De visie openbare ruimte biedt een gemeente breed prioriteringskader m.b.t. gebruik en inrichting. (Sociale) veiligheid is daarin benoemd als een basisvereiste voor nieuwe inrichtingsplannen. Dit betekent dat bij het opstellen van inrichtingsplannen de uitgangspunten van sociaal veilig ontwerpen waaronder zichtbaarheid (verlichting, zichtlijnen, sociale ogen etc.), een eenduidige inrichting, toegankelijkheid en kwaliteit (schoon/heel) basisvereisten blijven.
2