2602009 College van B&W - Raadsinformatie Lokale Prestatieafspraken 2026-2031
Tekst van het document
Oplegger raad Raadsinformatie Onderwerp
Lokale Prestatieafspraken 2026-2031 – Woningcorporaties/Huurdersraden/Gemeente
Portefeuillehouder
K. Schrederhof
Voorstel ingediend door
Jolijn Weisscher-Beerepoot (jweisscher@delft.nl), Pieter Rosman (Prosman@delft.nl)
Registratienummer
6355154
Datum
16 december 2025
Concept-besluit(en) Niet van toepassing. Waarom nu? De afgelopen maanden is door de woningcorporaties, huurdersraden en gemeente gewerkt aan de lokale prestatieafspraken 2026-2031. In het tripartite overleg met afvaardiging van de drie partijen op 27 november is akkoord gegeven op de inhoud ervan. Ondertekening van de stukken staat gepland voor 17 december 2025. Inhoud Gemeente, woningcorporaties en huurdersorganisaties maken op gelijkwaardige basis wederkerige afspraken over hun volkshuisvestelijke opgave in hun werkgebied. Deze afspraken worden vastgelegd in prestatieafspraken. In de Woningwet en het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting (Btiv) is het proces vastgelegd rondom het maken van de prestatieafspraken. Dit wordt ook wel een ‘tripartite’ genoemd. De basis van de prestatieafspraken zijn de in de Woningwet vastgelegde kerntaken zoals bouwen van woningen, inzet voor leefbaarheid, kwaliteit en duurzaamheid van haar woningen en de directe omgeving, betaalbaarheid en bereikbaarheid voor de doelgroepen en huisvesting bijzondere doelgroepen. In 2023 zijn - waar mogelijk - meerjarige afspraken gemaakt. De Prestatieafspraken Delft 2026-2031 zijn een actualisatie van de prestatieafspraken van vorig jaar en geven ook de verwachte resultaten in 2026 weer.
Daarbij geldt dat de meerjarige afspraken die zijn weergegeven in de middelste kolom gelijk zijn gebleven en er enkel accenten worden gelegd voor de resultaten in 2026. Dit is mede ingegeven door de onzekere situatie waar de woningcorporaties zich in de eerste helft van 2025 in bevonden vanwege de door de minister aangekondigde, maar later weer ingetrokken, huurbevriezing. Dit zorgde voor onzekerheid over o.a. investeringsmogelijkheden bij de corporaties waardoor de corporaties geen bod hebben uitgebracht voor de zomer, zoals dat in eerdere jaren wel gebruikelijk was. Daarmee kwam het proces dit jaar later op gang dan normaal gesproken. Met deze nieuwe afspraken actualiseren we de ingezette lijn van de meerjarige Prestatieafspraken uit 2023, zoals realisatie en versnelling nieuwbouw, Programma langer en weer thuis, verduurzaming van de bestaande corporatievoorraad, het Nationaal Programma Leefbaarheid & Veiligheid Delft West, de afspraken over verhuur van sociale huurwoningen (instroom, prijs) en de in 2022 gemaakte landelijke prestatieafspraken. Tevens hebben we afgesproken om in 2026 een Stedelijk Sociaal Statuut op te werken met daarin meer aandacht voor huurdersparticipatie dan in het huidige stappenplan sloop-renovatie-nieuwbouw.
Zoals gebruikelijk is ook de lijst met harde en zachte woningbouwplannen (planvoorraad) geactualiseerd en zal deze gedurende 2026 worden gemonitord. Hier zitten ook plannen bij die nog niet definitief zijn en dus uitgewerkt moeten worden maar die omwille van transparantie wel al zijn meegenomen.
Tevens wordt met de aanbieding van deze prestatieafspraken voorgesteld om een aantal openstaande toezeggingen af te doen:
Versie 08.25
• In toezegging T230608.4.4.2 zegt de portefeuillehouder toe om in het tripartite overleg met corporaties en huurders in gesprek te gaan over moeilijk verhuurbare woningen. Dit gesprek heeft plaatsgevonden en de corporaties hebben hier aandacht voor. Het is in eenieders belang om zoveel mogelijk huizen verhuurbaar te krijgen. In algemene zin geldt daarbij dat in deze tijd van schaarste in de sociale sector, er niet vaak sprake is van moeilijk verhuurbare woningen. Dat er soms veel weigeringen kunnen zijn door woningzoekenden die bovenaan de wachtlijst staat, wordt mede veroorzaakt doordat mensen voorzichtig zijn met hun opgebouwde wooninschrijfduur. • In toezegging T250612.4.4.1 zegt de portefeuillehouder toe om de besproken punten bij de evaluatie prestatieafspraken 2024 mee te nemen in de gesprekken voor de vorming van de afspraken 2026 en hier bij toezending van die afspraken daarover verslag te doen. Daarin gaat het met name over de vorm, inhoud en meetbaarheid van de prestatieafspraken. De raad heeft aangegeven behoefte te hebben aan duidelijke, begrijpelijkere afspraken met een duidelijke rapportagelijn met duidelijke betrokkenheid van de huurdersorganisaties. Dit is ook de wens van het college, van de corporaties en de huurdersorganisaties.
Deze verbeterslag bleek voor dit jaar echter niet haalbaar, gezien de verlate start van het proces dit jaar vanwege de eerder genoemde huurbevriezing. In de prestatieafspraken 2026 is daarom afgesproken om voor 2027 te werken met een nieuwe opzet voor de lokale prestatieafspraken. De focus komt (nog) meer te liggen op het meerjarig karakter, en we maken helder onderscheid tussen kwalitatieve en kwantitatieve prestatie indicatoren. Waar mogelijk vereenvoudigen we de indeling, en brengen we het aantal afspraken terug. Hierbij hebben we aandacht voor de wijze van monitoring en voortgang, inclusief de terugkoppeling hiervan naar de gemeenteraad.
Wat verandert er? Met deze nieuwe afspraken actualiseren we in continuïteit de ingezette lijn van de meerjarige Prestatieafspraken uit 2023, zoals realisatie en versnelling nieuwbouw, Programma langer en weer thuis, verduurzaming, het Nationaal Programma Leefbaarheid & Veiligheid Delft West, de afspraken over verhuur van sociale huurwoningen (instroom, prijs) en de in 2022 gemaakte landelijke prestatieafspraken. De voortgang van de prestatieafspraken wordt gedurende het jaar driemaal gemonitord. De gemeente is hiervoor initiatiefnemer en haalt de informatie op bij de corporaties. De resultaten worden besproken op het BO/tripartite wonen met de corporatiebestuurders, huurdersorganisaties en de wethouder wonen. Na afloop van het jaar vindt een evaluatie plaats waarvan de resultaten ook worden gedeeld met de gemeenteraad. Beleidskaders Dit is een jaarlijks terugkerende activiteit binnen de beleidskaders Woonvisie Goed wonen in Delft (2023-2028) en de Regionale Realisatieagenda Wonen Haaglanden (RRA; 2023). De Woningwet en het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting (Btiv) zijn de belangrijkste wettelijke kaders.
Financiën Het voorstel heeft geen financiële consequenties. Vervolg De prestatieafspraken 2026-2031 worden gemonitord en geëvalueerd. De raad ontvangt deze ter informatie. Voor 2027 zal gewerkt worden aan een nieuwe, duidelijkere en beter meetbare opzet. Participatie De huurdersraden, corporaties en de gemeente hebben op basis van gelijkwaardigheid en wederkerigheid aan deze afspraken gewerkt en ermee ingestemd.
Communicatie Er volgen nog berichten over de ondertekening van de prestatieafspraken via diverse kanalen, op basis van een opgesteld persbericht en voorzien van een fotomoment bij de ondertekening.
Pagina 2 van 3
Bijlage(n) Getekende Prestatieafspraken Delft 2026-2031 (kenmerk 6370497)
Het besluit moet gepubliceerd worden in het Gemeenteblad ☐ Ja
☐ Niet van toepassing
☒ Nee
Motie / toezegging Heeft het voorstel betrekking op een motie en/of toezegging?
☒ Ja,
het college verzoekt de raad om toezegging T230608.4.4.2 en toezegging T250612.4.4.1 als afgedaan te beschouwen
☐ Nee
Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Delft,
M Berger Loco-secretaris
AM Zwart Loco-burgemeester 19-12-2025
Pagina 3 van 3