CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

2539506 Voorstel van het college aan de raad inzake Belastingverordeningen 2026

Raadsvergadering 13 november 2025, gemeente DelftBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststellen belastingverordeningen 2026 (2539506)1.498 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Oplegger raad Raadsvoorstel Onderwerp

Belastingverordeningen 2026

Portefeuillehouder

Wethouder Huijsmans

Voorstel ingediend door

Marcel Schikhof, mschikhof@delft.nl

Registratienummer

6280631

Datum

23 september 2025

Concept-besluit(en) De raad: 1. besluit vast te stellen de volgende belastingverordeningen: • Verordening onroerendezaakbelastingen Delft 2026 • Verordening reinigingsheffingen Delft 2026 • Verordening rioolheffing Delft 2026 • Verordening precariobelasting Delft 2026 • Verordening reclamebelasting Delft 2026 • Verordening kadegelden Delft 2026 • Legesverordening Delft 2026, zoals opgenomen in de bijlagen. Waarom nu? Als uitwerking van de programmabegroting worden de verordeningen tegelijk met de Programmabegroting 2026 aangeboden aan de raad voor besluitvorming. Inhoud De voorstellen in de belastingverordeningen zijn de fiscale uitwerking van de Programmabegroting 2026. Bij de OZB, de precariobelasting, de reclamebelasting, de kadegelden en de legestarieven zijn de tarieven aangepast aan de geraamde opbrengsten in de begroting voor 2026. Bij de OZB-tarieven is daarbij betrokken de prognose van de RBG voor de ontwikkeling van de WOZ-waarden bij woningen en niet-woningen. Bij de riool- en reinigingsheffingen zijn de toerekenbare kosten en de aantallen huishoudens geactualiseerd voor de berekening van de nieuwe tarieven. Wat verandert er? Met de vaststelling van de belastingverordeningen 2026 kunnen de gemeente en de RBG in 2026 rechtsgeldige belastingaanslagen opleggen met gebruik van de tarieven die zijn bepaald als uitwerking van de voorstellen in de Programmabegroting 2026.

In afstemming met de RBG is waar dat nodig is in de tekst van de verordeningen een verwijzing opgenomen naar het “Reglement automatische incasso Regionale Belasting Groep”. Dit is van toepassing bij automatische incasso. Per verordening zijn verder de veranderingen: OZB: De OZB-opbrengst stijgt met de indexatie en het nieuw areaal. Verder is geen aanvullende verhoging opgenomen.

Pagina 1 van 4

•

• •

de indexatie bedraagt 3,78%. Dit is het gewogen gemiddelde van de indexatie op het deel dat het Rijk in mindering brengt op de algemene uitkering uit het gemeentefonds (indexatie met 4,2%) en het overige deel (indexatie met CPI van 2,6%) de geraamde meeropbrengst voor het nieuw areaal bedraagt € 254.000. De tarieven zijn berekend aan de hand van de juliprognose van de RBG voor de ontwikkeling van de WOZwaarden woningen en niet-woningen.

Reinigingsheffingen: Bij de reinigingsheffingen is 100% kostendekkendheid het uitgangspunt. De tariefontwikkeling wijkt daarom doorgaans af van het CPI percentage. De toe te rekenen kosten en de aantallen huishoudens zijn geactualiseerd. Bij de reinigingsheffingen is de stijging van de bijdrage aan Avalex 5%. Doordat de indirecte kosten minder zijn gestegen en er gerekend is met een geprognosticeerde toename van 250 huishoudens zijn de tarieven voor 2026 aangepast met 2,8%. Rioolheffing: Bij de rioolheffing is 100% kostendekkendheid het uitgangspunt. De tariefontwikkeling wijkt daarom doorgaans af van het CPI percentage. Bij de rioolheffing is een structurele verhoging van € 800.000 toegepast van de toevoeging aan de voorziening voor onderhoud en vervanging. Deze is noodzakelijk vanwege de stijgende kosten voor deze activiteiten. In 2024 is gestart met een reeks onttrekkingen aan de exploitatievoorziening voor demping van de tariefstijging. Deze bedroeg bij de start € 1.000.000. Dit bedrag loopt jaarlijks met € 200.000 terug. Dit betekent dat de onttrekking in 2026 € 600.000 bedraagt. Vanwege de stijging van de toevoeging aan de voorziening voor onderhoud en vervanging met € 800.000 is de onttrekking met hetzelfde bedrag verhoogd tot € 1.400.000.

De tariefstijging wordt daarmee beperkt tot 1%, zonder de onttrekking uit de voorziening zou de noodzakelijke stijging in het voorstel op ongeveer 10% komen. De kostendekkendheid van de rioolheffing komt hiermee op 91,5%. Precariobelasting: Alle tarieven zijn geïndexeerd met het CPI-percentage voor inflatiecorrectie voor 2026 van 2,6%. Reclamebelasting: Alle tarieven zijn geïndexeerd met het CPI-percentage voor inflatiecorrectie voor 2026 van 2,6%. Kadegelden: Alle tarieven zijn geïndexeerd met het CPI-percentage voor inflatiecorrectie voor 2026 van 2,6%. Leges: Per hoofdstuk van de verordening: Hoofdstuk 1: De tarieven van 2025 zijn geïndexeerd met het CPI-percentage voor inflatiecorrectie voor 2026 van 2,6%. Vervolgens zijn de tarieven naar beneden afgerond op een veelvoud van 5 cent. Bij de landelijk bepaalde tarieven, zoals voor legitimaties en rijbewijzen zijn de tarieven ongewijzigd in afwachting van een rijksbesluit tot wijziging. In paragraaf 1.1 zijn de tarieven voor het huwelijk en de omzetting op zaterdag verlaagd met € 127,15, het tarief voor carillonspel. De reden hiervoor is dat het carillonspel dan vanaf 2026 niet meer standaard bij trouwen op zaterdag wordt gedaan, men kan dit als een aparte mogelijkheid afspreken. Vanwege een verbouwing is het wellicht niet mogelijk op elke zaterdag het carillon te gebruiken.

Verder betekent dit meer mogelijkheid voor maatwerk. In artikel 1.2 is verder opgenomen een tarief voor een eenvoudige omzetting van een geregistreerd partnerschap naar een huwelijk. Dit tarief ontbrak tot nu toe. Artikel 1.33 is aangepast en vernummerd vanwege de invoering van de Regels verkeersontheffingen RVV Delft Nieuw ingevoegd in artikel 1.39 is een tarief van € 25,00 voor de ontheffingen voor de nul-emissiezone voor de dierenambulance. Verder kunnen ontheffingen alleen nog bij het Centraal loket van het CBR worden aangevraagd, daarmee is lid 2 komen te vervallen. Hoofdstuk 2:

Pagina 2 van 4

-

-

-

Binnen hoofdstuk 2, de omgevingsvergunningen, is er kruisfinanciering tussen de projecten met een hogere bouwsom en projecten uit de categorie met de laagste bouwsommen (tot € 1 miljoen). Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wkb is er de afgelopen anderhalf jaar veel veranderd rond de leges omgevingsvergunningen. Een belangrijk effect is dat een verschuiving gaande is van activiteiten waarvoor leges kunnen worden geheven, zoals toetsing van aanvragen, naar activiteiten die uit algemene middelen bekostigd moeten worden, zoals toezicht en handhaving. Verder staan legesopbrengsten onder druk door langdurende maatschappelijke ontwikkelingen zoals de stikstofproblematiek, stijgende bouwkosten door inflatie en prijsontwikkeling op de woningmarkt voor koop en huur. Dit alles leidt tot een dalende legesopbrengst. In 2024-2025 is daarom door de betrokken afdeling met externe ondersteuning gewerkt aan een vernieuwd model voor de legesheffing bij omgevingsvergunningen. De uitgangspunten daarvoor zijn: 1. een realistische raming van de legesopbrengst en de daaraan toerekenbare kosten, wat de voorspellende werking van de begroting vergroot; 2. gegrond op landelijke ervaringscijfers maar met doorwerking van Delftse kenmerken, zoals de monumentendichtheid; 3. op basis van standaard aantallen, kengetallen en tarieven; 4.

met goede mogelijkheden voor analyse en sturing via de cyclus van planning & control. Kern van het model is het toepassen van een vast referentiejaar, wat als standaard is bepaald voor de kosten en opbrengsten en het daaruit berekende percentage aan kostendekkendheid. Voor het referentiejaar zijn soorten en aantallen aanvragen, toe te rekenen uren en overige kosten en uurtarieven genormeerd. In de tarieven voor de activiteit bouwen is een stijging van 4,91% verwerkt in de heffingspercentages en de bedragen in euro's. De reden hiervoor is dat de stijging van de cao-lonen van de afgelopen jaren nog niet was verwerkt in de tarieven, doordat deze enkele jaren niet zijn geïndexeerd, met dekking hiervoor uit de egalisatievoorziening. Hiervoor is op dit moment geen saldo meer beschikbaar in de voorziening. Het referentiejaar zal voortaan gebruikt worden als het uitgangspunt voor monitoring, sturing en analyse van de jaarlijkse realisatie. Het model kan ook worden gebruikt om de impact van een aangekondigde verandering in regelgeving te beoordelen. Zo vallen bijvoorbeeld verbouwingen nu nog niet onder de Wkb, maar het voornemen is dat dit op enig moment wel zal gebeuren. In het model kan berekend worden wat dan het effect is op de toerekenbare kosten, de legesopbrengsten en de kostendekkendheid van de leges.

Hoofdstuk 3: Alle tarieven zijn geïndexeerd met het CPI-percentage voor inflatiecorrectie voor 2026 van 2,6%. Vervolgens zijn de tarieven naar beneden afgerond op een veelvoud van 5 cent

Beleidskaders De belastingverordeningen zijn de fiscale uitwerking van de voorstellen in de Programmabegroting 2026. De paragraaf Lokale heffingen in de begroting geeft inzicht in de geraamde inkomsten, het beleid ten aanzien van de lokale heffingen en ontwikkelingen op hoofdlijnen van de diverse heffingen.

Financiën De voorgelegde belastingverordeningen zijn de uitwerking van de voorstellen in de Programmabegroting 2026. De geraamde opbrengsten zijn conform de ramingen in de begroting bij de betreffende programma's. De belastingtarieven worden aangepast met het CPI-indexatiepercentage van 2,6%, of waar toegelicht bij de afzonderlijke verordening met een ander percentage. Vervolg Met dit besluit stelt de raad zes belastingverordeningen vast. In de afzonderlijke verordeningen zijn de bepalingen opgenomen over de inwerkingtreding en de publicatie van de verordeningen en over de intrekking van de geldende verordeningen. Participatie

Pagina 3 van 4

N.v.t.

Communicatie N.v.t. Bijlage(n) • belastingverordeningen 2026: Verordening onroerendezaakbelastingen Delft 2026 Verordening reinigingsheffingen Delft 2026 Verordening rioolheffing Delft 2026 Verordening precariobelasting Delft 2026 Verordening reclamebelasting Delft 2026 Verordening kadegelden Delft 2026 Legesverordening Delft 2026 • was – wordt overzicht legesverordening Delft 2025 - 2026; • raadsbesluit belastingverordeningen 2026

Het besluit moet gepubliceerd worden in het Gemeenteblad X Ja

☐ Nee

☐ Niet van toepassing

Motie / toezegging Heeft het voorstel betrekking op een motie en/of toezegging?

X Nee

Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Delft,

M Berger Loco-secretaris

FWJ van Vliet Loco-burgemeester 24-09-2025

Pagina 4 van 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16016047/1