CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

2527357 College van B&W - Tweede voortgangsrapportage Nota Armoede

Commissie Sociaal Domein en Wonen 16 september 2025, gemeente DelftBij agendapunt: 2527357 College van B&W - Tweede voortgangsrapportage Nota Armoede5.204 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Oplegger raad Raadsinformatie Onderwerp

Tweede voortgangsrapportage Nota Armoede

Portefeuillehouder

Wethouder Gooijer

Voorstel ingediend door

Jiska van der Sar (jvdsar@delft.nl)

Registratienummer

6197131

Datum

16 juni 2025

Concept-besluit(en) nvt

Waarom nu? De Nota Armoede is in 2023 vastgesteld. Jaarlijks informeren we het college en de raad over de voortgang op de gestelde ambities en maatregelen aan de hand van een voortgangsrapportage. Dit doen we door middel van deze tweede raadsinformatiebrief. Eén van de uitgewerkte maatregelen betreft ‘mondzorgmijding om financiële redenen’. Hiervoor wordt, gelet op de omvang van de uitwerking, een apart document als bijlage meegezonden. Inhoud Voortgang Nota Armoede In de Nota Armoede staan drie ambities geformuleerd, inclusief bijbehorende maatregelen. We informeren het college per ambitie over welke maatregelen er al zijn uitgevoerd en welke maatregelen er voor komend jaar op de planning staan. Ambitie 1: ‘We geven perspectief aan kinderen die opgroeien in armoede’ Deze ambitie staat in de Nota Armoede als volgt beschreven: ‘Een te groot aantal kinderen in onze stad groeit op in armoede. Dat is een groot probleem, want juist de eerste levensjaren zijn zo bepalend voor wat mensen in hun leven kunnen bereiken. Wij willen kansenongelijkheid bij kinderen daarom zoveel mogelijk voorkomen en de kansen van kinderen in gezinnen met armoede verbeteren. Zodat kinderen volwaardig kunnen meedoen met onderwijs, participatie, zorg, wonen en werk, ongeacht het inkomen van hun ouders’.

Uitgevoerde maatregelen bij ambitie 1 Speaking Minds In het najaar van 2024 en in het voorjaar van 2025 hebben we twee Speaking Minds trajecten uitgevoerd, waarvan één op de Praktijkschool Pro Grotius en één op Praktijkschool Laurentius. Het is een erkende methodiek om kinderen en jongeren actief te betrekken en participatie mogelijk te maken op het thema armoede en schulden. Het werkt als volgt: de gemeente komt met een gerichte hulpvraag en de jongeren buigen zich hierover. Onder leiding van ervaren trainers brengen zij advies uit aan de gemeente, de school en andere geïnteresseerden. Verder leren de jongeren tijdens het traject hoe beleid tot stand komt, op welke wijze zij hun stem kunnen laten horen en wat hen dit oplevert. In het najaar van 2024 hebben de jongeren op de praktijkschool Pro Grotius adviezen aan de gemeente gepresenteerd over de beleidsvraag ’Hoe kunnen we de kindregelingen bekender maken’.

Pagina 1 van 9

De jongeren hebben zes adviezen gepresenteerd, waaronder het advies om een flyer te ontwikkelen met een QR code, waar alle kindregelingen opstaan. Deze flyer is ontworpen en aan de jongeren gepresenteerd. Ook gaven de jongeren het advies om een informatiepakket te ontwikkelen, dat jongeren ontvangen bij een afspraak met een organisatie zoals het JIP of de gemeente. Op dit moment verkent de gemeente de mogelijkheid om samen met het JIP een jongerenbox met informatie en gadgets te ontwikkelen, die jongeren op verschillende locaties kunnen afhalen rond hun 18e verjaardag. Het tweede Speaking Mindstraject, in het voorjaar van 2025 richtte zich op de beleidsvraag ‘Hoe kunnen de gemeente Delft en organisaties jongeren het beste leren goed om te gaan met geld’. Jongeren hebben onder andere een advies gepresenteerd om sport te combineren met les over geldzaken en een advies aan de school om veldbezoeken te organiseren, bijvoorbeeld naar een bank of schuldenescape. Aan de implementatie van de adviezen wordt nog gewerkt. Sinds de start in 2020 hebben we nu 5 Speaking Minds trajecten uitgevoerd. De gemeente heeft relevante input ontvangen van de jongeren. Hierdoor kunnen we met ons beleid beter aansluiten bij hun leefwereld en wensen.

Het is ook waardevol dat we deze jongeren ook meer uitleg hebben kunnen geven over (het voorkomen van) armoede en schuldhulpverlening en welke organisaties er hierbij kunnen ondersteunen. De opgehaalde adviezen hebben we zoveel als mogelijk geïmplementeerd. Ook komt het regelmatig voor dat we eerder gegeven adviezen nog kunnen gebruiken in andere contexten, bijvoorbeeld bij het opzetten van communicatiecampagnes. Zo werken we, op advies van de jongeren, in de jongerencampagne samen met een lokale influencer, rapper BF. Integraal kinderarmoedebeleid We intensiveren ons integraal kinderarmoedebeleid. Afgelopen jaar hebben we een signaalkaart ontwikkeld om kinderarmoede te herkennen, inclusief een webpagina op delft.nl met informatie voor scholen, JGZ en kinderopvang organisaties over hulp bij armoede en schulden. Hierin hebben we samengewerkt met partijen als Delft voor Elkaar, Delft Support en het JIP. De signaalkaart en de bijbehorende webpagina is toegelicht bij een bijeenkomst voor directeuren van kinderopvangorganisaties in Delft en wordt binnenkort ook toegelicht bij een netwerkbijeenkomst voor vrijwilligers van Delft voor Elkaar. Dit heeft tot doel dat professionals en vrijwilligers beter weten hoe ze armoede bij kinderen kunnen herkennen, dat zij zelf leren hoe ze hiermee om kunnen gaan en naar welke hulp zij kunnen doorverwijzen.

Ook in het komende jaar zetten we hier op in. Op meer dan 15 scholen in Delft zijn er brugfunctionarissen gestart. Een brugfunctionaris is een laagdrempelig aanspreekpunt en vormt een belangrijke schakel tussen ouders, leerlingen en de school. Ze zetten onder andere in op gelijke kansen, sociale inclusie en talentontwikkeling. Veel gezinnen met wie de brugfunctionaris in contact staat, leven in armoede. Juist voor deze gezinnen kan de brugfunctionaris van meerwaarde zijn, bijvoorbeeld met praktische zaken zoals hulp bij een aanvraag voor inkomensondersteuning of praten met ouders over opvoeding en ondersteuning die beschikbaar is als het even minder gaat. Kindregelingen onder de loep Een andere maatregel bij deze ambitie is om de kindregelingen onder de loep te nemen. In de eerste voortgangsrapportage hebben we geschetst dat we de inkomensgrenzen van de kindregelingen structureel hebben opgehoogd. Sinds november 2023 kunnen ouders met een inkomen tot 120% in plaats van 110% van de toepasselijke bijstandsnorm gebruik maken van de Delftpas voor €5 en de bijbehorende regelingen, maar ook van de computerregeling, de fietsregeling en het Jeugdfonds Sport en Cultuur. We zien nog geen toename in het bereik van de fiets- en computerregeling en de Delftpas, maar wel in het gebruik van het Jeugdfonds Sport en Cultuur.

Het aantal toekenningen van het Jeugdfonds Sport en cultuur is gestegen met 11%. We hebben er geen verklaring voor kunnen vinden waarom het aantal aanvragen voor een aantal kindregelingen niet stijgt, maar blijven deze ontwikkelingen monitoren en we blijven inzetten op goede communicatie over de regelingen. Hierin betrekken we ook de adviezen die vanuit het recente Speaking Minds traject zijn gekomen. Op welke maatregelen gaan we ons komend jaar richten? Samen met de Kleine Ambassade en relevante partijen in de stad organiseren een kinderconferentie. Tijdens deze dag gaan kinderen van verschillende Delftse scholen input geven over wat wij als gemeente en partners nog meer kunnen doen om kinderen in armoede te ondersteunen en hun bestaanszekerheid te vergroten. De gedachte hierachter is dat de doelgroep, de kinderen zelf, het beste kan aangeven waar hun behoeften liggen om goed mee te kunnen doen in de samenleving. Aan de hand van de kinderconferentie onderzoeken we ook hoe we ons gemeentelijk beleid nog beter kunnen laten aansluiten bij de behoeften van de kinderen.

Pagina 2 van 9

Afgelopen jaar hebben we twee Speaking Minds trajecten aangeboden. We hebben geconcludeerd dat het passender is om maximaal één Speaking Minds traject per jaar aan te bieden. We onderzoeken de mogelijkheid om het Speaking Minds traject ook aan te bieden op andere scholen. Bijvoorbeeld op een MBO of de bovenbouw van het voortgezet onderwijs. We verwachten dat we op deze manier ook weer nieuwe perspectieven kunnen ophalen voor ons armoede en schuldhulpverleningsbeleid. Ook is er met één traject per jaar meer ruimte om de gegeven adviezen goed te implementeren. We blijven ons inzetten op communicatie over de kindregelingen, zodat het bereik van de kindregelingen wordt vergroot onder de doelgroep die er recht op heeft. We hebben de adviezen van het Speaking Minds traject verwerkt in onze communicatie aanpak. Zo ontwikkelen we een communicatie aanpak om de diverse kindregelingen nog beter onder de aandacht te brengen, bijvoorbeeld via sportverenigingen. Ook is er recent bijvoorbeeld een filmpje gemaakt over het Jeugdfonds Sport en Cultuur. Ambitie 2: ‘We zetten in op bestaanszekerheid voor kinderen en volwassenen’ Deze ambitie staat in de Nota Armoede als volgt beschreven: ‘Bestaanszekerheid raakt verschillende leefgebieden zoals werk, wonen, betaalbare zorg, school en sociale relaties.

Delftenaren die moeilijk rondkomen of schulden hebben, krijgen te maken met onzekerheden op die verschillende leefgebieden. Terwijl rust op deze leefgebieden een noodzakelijke voorwaarde is om de ruimte te vinden die nodig is om je als mens te ontwikkelen en mee te doen in de samenleving. Daarom zetten we in op bestaanszekerheid voor kinderen en volwassenen. Ook om te doorbreken dat armoede van generatie op generatie wordt doorgegeven is het belangrijk om de bestaanszekerheid van inwoners te vergroten’. In de nota armoede beschrijven we verschillende maatregelen om deze ambitie te bereiken. Eén van deze maatregelen is het vergroten van het bereik van de inkomensregelingen. We vinden het belangrijk dat inwoners gebruik maken van de gemeentelijke inkomensondersteunende regelingen waar ze recht op hebben. Daarom richten we ons op het vergroten van het bereik van deze regelingen. Beeldende en anderstalige communicatiecampagne In de zomer wordt er een beeldende en anderstalige communicatiecampagne opgeleverd, met als doel om de bekendheid en het bereik van een aantal specifieke inkomensregelingen te verhogen. De campagne richt zich onder andere op het Volwassenenfonds Sport en Cultuur en de fietsregeling. De focus ligt op inwoners die de Nederlandse taal onvoldoende beheersen en het taalniveau B1 niet begrijpen.

Dit betreft zowel mensen die laaggeletterd zijn als mensen voor wie Nederlands niet de moedertaal is. Om deze doelgroep effectief te bereiken, wordt gebruikgemaakt van visuele communicatie en eenvoudige, anderstalige uitingen. We maken gebruik van belangrijke toeleiders op vindplekken in de wijken. Ook wordt in de campagne op een laagdrempelige manier verwezen naar organisaties die inwoners kunnen ondersteunen bij het aanvragen van de regelingen. De campagne is ontwikkeld in samenwerking met vertegenwoordigers van de doelgroepen. Zij hebben meegedacht over welke regelingen prioriteit verdienen én over hoe de boodschap het beste kan aansluiten bij de leefwereld van de doelgroep en hun toeleiders, zoals hulpverleners, vrijwilligers en sleutelfiguren in de wijk. Naast het vergroten van het bereik van deze specifieke regelingen, is het doel om het vertrouwen te versterken en de drempel te verlagen voor inwoners om ook andere inkomensregelingen aan te vragen. Hiermee levert de campagne niet alleen een bijdrage aan directe ondersteuning, maar ook aan het vergroten van de zelf/ samenredzaamheid op de langere termijn. Volwassenfonds Sinds 1 januari 2024 bieden we het Volwassenfonds Sport en Cultuur aan voor Delftse minima. Het Volwassenfonds geeft deze doelgroep een financiële bijdrage om deel te nemen aan sport of cultuuractiviteiten.

In 2024 hebben we ongeveer 200 inwoners hiervoor bereikt. Er is ruimte voor 400 deelnemers per jaar. De organisatie van het Volwassenfonds geeft aan dat dit een herkenbaar beeld is voor een eerste jaar: het kost tijd om de juiste doelgroep te bereiken. Daarom is het Volwassenfonds één van de regelingen die we extra onder de aandacht brengen bij de beeldende en anderstalige communicatiecampagne. Ook voeren we wijzigingen door in het Volwassenfonds, zodat het fonds nog beter aansluit op de wensen vanuit de inwoner. Zo kan een inwoner het geldbedrag ook inzetten om twee verschillende sporten uit te proberen. We zien al dat we dit jaar een stijging hebben in het aantal aanmeldingen ten Pagina 3 van 9

opzichte van vorig jaar. BerekenUwRecht Vorig jaar is de tool BerekenUwRecht gelanceerd. Met deze tool kan de inwoner op de webpagina van de gemeente in één overzicht zien voor welke toeslagen en regelingen men in aanmerking komt. De huidige tool wordt vooral gebruikt door professionals, die het overzicht van de regelingen als positief ervaren. Wel is de vragenlijst te lang en wordt er veel informatie gevraagd. Stimulansz werkt aan een doorontwikkeling van de tool met verbeterde toegankelijkheid (o.a. mobiel gebruik) en een koppeling van landelijke en lokale regelingen in één tool. We hebben onderzocht of de tool kan worden uitgebreid met een plusmodule. Daarmee kunnen inwoners na het invullen van de vragenlijsten direct regelingen aanvragen waarvoor zij in aanmerking komen. Het is echter niet haalbaar gebleken om dit binnen de gemeente in te richten, aangezien het een te complex proces is gebleken, wat extra beheer en kosten met zich meebrengt. Daarom is het voorstel om via de huidige tool direct door te verwijzen naar bestaande aanvraagformulieren van de gemeente en andere organisaties. Tot slot organiseert Stimulansz dit jaar webinars voor professionals en wordt gewerkt aan meer bekendheid onder inwoners via gemeentelijke communicatiekanalen.

Regelingen onder de loep Ook afgelopen jaar hebben we ons ingezet voor het aanpassen van huidige regelingen en het opwerken van nieuwe regelgeving, met als doel om de bestaanszekerheid van inwoners te vergroten. In 2024 hebben een individuele bijzondere bijstandsregeling opgesteld als vangnetregeling voor inwoners met een laag inkomen die ondanks het tijdelijk noodfonds energie nog kampten met een hoge eindafrekening voor energiekosten in 2023. Op het moment van schrijven onderzoeken we de mogelijkheden voor een individuele bijzondere bijstandsregeling voor de eindafrekeningen van 2024. In maart 2025 is de beleidsregel voor alleenverdienersproblematiek vastgesteld. Door een samenloop van diverse regelingen is er een kleine doelgroep van echtparen die netto onder het sociaal minimum uitkomt. Dit wordt de alleenverdienersproblematiek genoemd. Vanuit het Rijk hebben we de opdracht en de middelen gekregen om deze doelgroep te compenseren met een geldbedrag. Voor 2025 heeft het Rijk dit geldbedrag vastgesteld op €1.000,-. We zullen deze doelgroep, zover als deze bij ons in beeld is, zoveel mogelijk automatisch compenseren. In het voorjaar van 2025 hebben we onderzocht of het mogelijk is om de leenbijstand voor inrichtingskosten af te schaffen.

Als een inwoner bijzondere bijstand ontvangt voor het inrichten van de woning of voor een duurzaam gebruiksgoed zoals een koelkast, ontvangt de inwoner dit bedrag vaak in de vorm van leenbijstand. De inwoner lost een gedeelte van dit bedrag af gedurende 3 jaar. De rest van het bedrag wordt kwijtgescholden. Het is gemeentelijk beleid om te bepalen of deze bijzondere bijstand in de vorm van leenbijstand of ‘om niet’ wordt verstrekt. Het geheel afschaffen van de leenbijstand en de bijstand als gift verlenen, brengt hoge kosten met zich mee, de verwachting is dat dit minimaal €300.000 op jaarbasis kost (nog afgezien van de eventuele aanzuigende werking). Daar is momenteel geen ruimte voor in de begroting. We hebben bekeken of het afschaffen van de leenbijstand positieve effecten heeft voor de inwoner. Hier is weinig over bekend. Er is één studie beschikbaar over het afboeken van bijstandsschulden, die ook iets zou kunnen zeggen over de impact van het afschaffen van de leenbijstand. Dit onderzoek toont aan dat het alleen afboeken van bijstandsschulden gemiddeld genomen geen meetbare en significante impact gehad op werk, het gebruik van bijstand en medicijngebruik voor mentale gezondheidsproblemen. Een verklaring hiervoor zou kunnen zijn is dat veel van deze mensen ook andere schulden hebben, die niet verdwijnen bij het afboeken van bijstandsschulden.

Oftewel: de afboeking van bijstandsschulden vermindert slechts in beperkte mate de problematiek die samenhangt met schulden. Op basis van de hoge financiële impact en het feit dat er weinig bekend is over de positieve effecten van dit scenario voor de inwoner, is dit scenario niet verder uitgewerkt. Wel onderzoeken we hoe het proces rondom de bijzondere bijstand voor inrichtingskosten kunnen verbeteren. Zo onderzoeken we of we kunnen afzien van de Gemeentelijke Kredietbank als voorliggende voorziening op de bijzondere bijstand. Nu moet de inwoner eerst aantonen dat het niet mogelijk is om een lening aan te gaan bij de Gemeentelijke Kredietbank, voordat de inwoner een bijzondere bijstandsaanvraag kan indienen voor bijzondere bijstand. Ook onderzoeken we of en hoe we circulariteit meer kunnen stimuleren bij de verstrekkingen van bijzondere bijstand voor inrichtingskosten. Motie: ‘Eerste stappen tegen menstruatiearmoede’ De motie van STIP, PvdA, Groenlinks en Volt vraagt het college te onderzoeken hoe de gemeente het goede Pagina 4 van 9

voorbeeld kan geven en andere organisaties kan stimuleren menstruatieproducten beschikbaar te stellen. Ook wordt gevraagd om uitbreiding van de Menstruatieproducten Uitgiftenpunten (MUP's) en samenwerking met het Armoedefonds. In Delft zijn momenteel MUP's bij DOK in OPEN en DOK Voorhof. Ook de Voedselbank, sommige scholen en de Delftpas bieden toegang tot menstruatieproducten. Uit een uitvraag blijkt dat de bestaande MUP's weinig worden gebruikt, behalve bij de Hogeschool. Volgens het Armoedefonds werkt een MUP het best op vertrouwde, laagdrempelige plekken zoals scholen, buurthuizen en sportclubs. Een aantal partners in de stad geven aan dat ze geen signalen krijgen dat er brede behoefte is aan menstruatieproducten, wel erkennen zij het belang van laagdrempelige locaties. Daarom is samen met organisaties zoals De Rode Feniks, Koppie koffie, Sportfondsen en Wijkcentrum Buitengewoon gekeken waar de behoefte het grootst is. Enkele organisaties hebben interesse getoond in het opzetten van een MUP, waarmee een pilot wordt gestart. We monitoren het gebruik van deze punten en onderzoeken hoe we deze optimaal kunnen inzetten. Als de MUP’s goed worden gebruikt, worden ze structureel aangeboden in Delft. Voor het opzetten van deze MUP’s werken we samen met het Armoedefonds. De kosten worden gedekt uit gemeentelijke middelen.

De gemeente zet extra in op communicatie om het aanbod bekender te maken en schaamte te verminderen en zo het goede voorbeeld te geven. Ook zal de gemeente zelf ook een MUP inrichten in het stadskantoor. Pilot Bouwdepot De pilot Bouwdepot is in maart 2025 gestart. Vanuit Delft-West wordt met het Bouwdepot ingezet om de ambities bestaanszekerheid voor jongeren te vergroten en kansongelijkheid te voorkomen. Alle jongeren verdienen alle kansen op een goede toekomst. Jongeren die dakloos zijn, schulden hebben of die pech hebben met een slechte start thuis, staan echter vaak al één nul of meer achter op hun leeftijdsgenoten. Door middel van het Bouwdepot kan dakloosheid en schulden voorkomen worden. Het Bouwdepot is een lerende aanpak waarin jongeren van 17 tot 21 jaar die geen stabiele thuissituatie hebben gedurende een jaar maandelijkse schenking ontvangen om zelf te bouwen aan hun toekomst. De maandelijkse schenking bedraagt €1300 euro en wordt gegeven vanuit vertrouwen, zonder een tegenprestatie en onder begeleiding van een persoonlijk begeleider. Het Bouwdepot is bedoeld als leef-en leergeld gedurende een jaar en fungeert daarmee als stabiele basis voor de jongere zelf. Het is dus eigenlijk geen bijstand zonder voorwaarden, maar veel eerder zorg gecombineerd met het vergroten van de bestaanszekerheid.

Voorafgaand aan deelname ondertekent de jongere een overeenkomst, hiermee geeft de jongere aan mee te doen met het Bouwdepot en het geldbedrag te besteden voor de persoonlijke ontwikkeling. De jongere werkt aan vooraf gestelde doelen in een persoonlijk bouwplan en daarin worden doelen en afspraken gemaakt zodat de jongere stappen kan zetten richting een zelfstandige toekomst. Door het Bouwdepot leren jongeren om in (financiële) rust eigen keuzes te maken, verantwoordelijkheid te nemen, fouten te maken en daarvan te leren en vaak ook tijd nemen voor mentale ondersteuning. Op deze manier komen zij zelf weer achter het stuur en krijgen ze de regie over hun leven terug. In de regio Delft West bevindt zich een relatief hoog percentage van jongeren die opgroeien met een achterstand. Om ervoor te zorgen dat deze jongeren hierdoor niet verder in de problemen komen kan het Bouwdepot voor deze jongeren een nieuwe start zijn. De jongeren in dit traject kunnen hun talenten en vaardigheden ontdekken en ontwikkelen. De pilot is dit jaar gestart met een groep van 10 jongeren binnen Delft West en heeft de looptijd van één jaar. Tijdens deze periode wordt er nauw samengewerkt met de partners Jongerenacademie, JIT en KesslerPerspektief waarbij sprake is van een integrale samenwerking op verschillende domeinen.

En wordt gemonitord welke ondersteuning het beste aansluit bij de behoefte van de jongeren. De resultaten zullen worden gebruikt om te bepalen of een doorstart van de pilot met nieuwe jongeren mogelijk is. Deze doelgroep jongeren heeft (tijdelijk) meer en bredere ondersteuning nodig, waar de huidige Participatiewet nog onvoldoende in voorziet. In april 2025 heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen die de staatssecretaris oproept om bij de fundamentele herziening van de Participatiewet een voorstel uit te werken dat antwoord geeft op de Pagina 5 van 9

ondersteuningsbehoefte van deze specifieke doelgroep jongeren. De Tweede Kamer verzoekt de regering in de tussentijd deze initiatieven wel doorgang te laten vinden. Op welke maatregelen gaan we ons komend jaar richten? We zetten ons komend jaren in om de bestaanszekerheid van onze inwoners verder te vergroten. Er zijn belangrijke ontwikkelingen die gaan leiden tot aanpassingen in ons huidige beleid en die een bijdrage zullen leveren aan het vergroten van de bestaanszekerheid van de minima in Delft. Participatiewet in balans De Participatiewet in balans zal naar verwachting per 1-1-2026 stapsgewijs worden ingevoerd. De Participatiewet in balans bestaat uit drie verschillende sporen, waarvan het eerste spoor bestaat uit 21 maatregelen. De maatregelen laten de regels en ondersteuning van de Participatiewet beter aansluiten op de mogelijkheden en de omstandigheden van de mensen voor wie ze bedoeld zijn. Eenvoud, menselijke maat en vertrouwen zijn begrippen die centraal staan. De implementatie van een deel van deze veelal technische maatregelen zal ook een bijdrage gaan leveren aan het verhogen van de bestaanszekerheid voor de inwoner. Integrale samenwerking In veel gevallen is armoede niet het enige probleem waar inwoners mee te maken hebben. Bestaanszekerheid is cruciaal om inwoners mee te kunnen laten doen en is voorwaarde of voor het creëren van een stevige sociale basis.

Daarom willen we ons armoedebeleid ook beter met de andere beleidsthema’s verbinden. Bijvoorbeeld door te onderzoeken welke rol we de nieuwe welzijnspartij kunnen geven in armoedebestrijdingen en het onderzoeken hoe we ons inkomensbeleid eenvoudiger kunnen maken. Vergroten bereik regelingen We blijven ons ervoor inspannen om de bekendheid en het bereik van de regelingen te verhogen. We richten ons specifiek op toeleiders die onze doelgroep bekend kunnen maken met de regelingen en ook kunnen doorverwijzen naar/ondersteuning kunnen bieden bij het aanvragen van de regelingen. Regeling onder de loep: gemeentepolis We vinden het belangrijk dat inwoners met een lager inkomen goed verzekerd zijn voor zorgkosten. Daarom bieden we de AV Delft aan (gemeentepolis) voor inwoners met een inkomen tot 130% van de voor hen geldende bijstandsnorm. De AV Delft loopt via zorgverzekeraar DSW. We sluiten dit jaar een nieuwe overeenkomst met DSW, waarbij we op basis van behoefteonderzoek mogelijk nog aanpassingen doen aan de AV Delft, zodat de regeling nog beter aansluit bij de doelgroep. Ambitie 3: ‘We willen dat inwoners (jong en oud) goed omgaan met geld’ Deze ambitie staat in de Nota Armoede als volgt beschreven: ‘Volgens het Nibud is iemand financieel redzaam wanneer hij weloverwogen keuzes maakt, zodanig dat financiën in balans zijn op zowel korte als lange termijn.

Het in balans zijn van de inkomsten en uitgaven is belangrijk bij financiële zelfredzaamheid, maar ook het doorhebben wanneer dat niet meer het geval is en de weg naar hulp weten. Het gaat ook over het kunnen vinden van de juiste informatie en het tijdig inschakelen van hulp. Goed leren omgaan met geld gaat meestal niet vanzelf. Daarom is het belangrijk dat kinderen van jongs af aan financiële vaardigheden aanleren zoals sparen, plannen en omgaan met verleidingen. Volwassen die niet financieel zelfredzaam zijn, kunnen alsnog leren hoe zij hun administratie op orde houden, hoe ze verantwoorde financiële keuzes kunnen maken, hoe ze financiële tekorten kunnen signaleren en leren om voorbereid te zijn op (on)voorziene gebeurtenissen’. De week van het geld intensiveren Eind maart heeft de Week van het geld plaatsgevonden. Het thema van de Week van het Geld voor dit jaar was ‘Hoe maak jij je gelddromen waar?'. Tijdens deze week is er extra aandacht voor hoe kinderen en jongeren leren omgaan met geld. Tijdens deze week werden er verschillende activiteiten georganiseerd zoals gastlessen en voorstellingen op scholen.

Ook zijn er informatiebijeenkomsten georganiseerd in samenwerking met lokale initiatieven om het thema goed omgaan met geld stadsbreed onder de aandacht te brengen met activiteiten zoals ’Leren omgaan met geld‘ & ’Je wordt 18 wat verandert er?’ georganiseerd door organisatie JIP en de spreekuren bij Pagina 6 van 9

de Formulierenbrigade, DOK Informatiepunt Digitale Overheid en bij de Financiële Winkel. Om de Week van het Geld onder de aandacht van de inwoners te brengen is er anders dan vorig jaren, breed ingezet op een communicatiecampagne, die het totaalprogramma van de week van het geld onder de aandacht heeft gebracht via verschillende kanalen en netwerken. De communicatiecampagne rondom De Week van het Geld is goed ontvangen. Ook is de samenwerking met de partijen naar tevredenheid verlopen. De daadwerkelijke opkomst was bij sommige activiteiten echter lager dan verwacht. Voor volgend jaar onderzoeken we of we aanpassingen moeten doen in het programma en hoe we inwoners kunnen activeren om deel te nemen aan de activiteiten.

Subsidies We brengen Rijkssubsidies op het vlak van financiële educatie onder de aandacht van VO-scholen en mbo scholen. Jongerencampagne We vinden het belangrijk dat jongeren goed weten hoe ze hun geldzaken moeten gaan regelen als ze 18 jaar worden. We sturen informatiepakketten naar jongeren die 18 jaar worden. In het informatiepakket zit een brief waarin staat wat je als eerste moet regelen wanneer je 18 jaar wordt en de Geldwijzer “bijna 18". In 2025 is samen met jongeren en een communicatiebureau een Delftse campagne ontwikkeld ”Bijna 18, tijd om je geldzaken te fixen". De campagne richt zich op jongeren van 16 tot 18 jaar die dus bijna meerderjarig worden. Het doel is om hen bewust te maken van hun (financiële) verantwoordelijkheden bij het bereiken van de leeftijd van 18 jaar. Deze campagne is live gegaan tijdens de week van het geld zijn er twee webpagina’s gelanceerd: één voor jongeren die bijna 18 jaar worden en één voor hun ouders. (delft.nl/ikword18 en delft.nl/mijnkindwordt18). Op deze pagina’s vinden jongeren én hun ouders actuele en overzichtelijke informatie die hen helpt bij een goede start in het volwassen leven met doorverwijzing naar de juiste organisatie voor ondersteuning. Daarnaast is de traditionele brief uit het informatiepakket vervangen door een nieuwe toegankelijke folder.

De folder bevat informatie over alle belangrijke leefgebieden waar jongeren mee te maken krijgen zoals zorg, financiën, onderwijs, wonen en werk. Ook is de Ping Ping app live gegaan, een app waarbij jongeren op een leuke en laagdrempelige manier hun financiële zaken kunnen regelen. De campagne is verspreid via zowel online als offline kanalen. De campagne heeft twee weken gelopen en wordt in 2025 elke kwartaal in een lichtere versie herhaald. Versterken van het lokale netwerk In het kader van Spuk Kansrijke Wijken, thema Preventie van Armoede en Schulden werken we aan het versterken van het netwerk op dit thema. Dit doen we met een aantal partners van het Pact tegen de armoede zoals Isofa Schuldhulpmaatje, de Financiële Winkel, jongerenwerk van Delft voor Elkaar, Participe, Humanitas en een aantal andere relevante partners uit de stad zoals Stichting Onze Oogst (Jongerenwerk) het JIP Haaglanden, de Jongerenacademie, het jongerenwerk van the Mall de kennismakelaar Citydeal Kennismaken en inmiddels ook het Laurentius en het ISK. Samen met deze partners hebben we onderzocht waar nu de meest urgente bronoorzaak voor armoede en schulden bij jongeren zit. Uit deze gesprekken komt het gebrek aan financiële educatie en opvoeding bij een deel van de Delftse jongeren als het meest urgente probleem naar voren.

Onder begeleiding van Divosa zijn we in de werkgroep gestart met het formuleren van een ambitie op dit vraagstuk. De betrokken partijen hebben samen nagedacht en hebben daarbij de volgende ambitie geformuleerd; door in te zetten op financiële educatie en opvoeding van de nu 15-jarige jongeren heeft Delft over drie jaar de financieel gezondste 18-jarigen van Nederland! Door te werken vanuit een ambitie hebben we betrokkenheid en commitment voor de lange termijn weten te organiseren bij de betrokken partners. Op dit moment lopen er sessies met deze partners om gezamenlijk te bepalen wat er nodig is, wie er in het netwerk aanwezig zijn die hier een bijdrage op kunnen leveren en wie wat gaat doen om ervoor te zorgen dat we deze ambitie bereiken. Naast dat we inzetten op genoemde ambitie leren we in dit traject dus ook een samenwerkingsmethode te ontwikkelen die we in de toekomst binnen het netwerk kunnen inzetten om andere lokale vraagstukken in een netwerksamenwerking aan te pakken en versteken we het netwerk voor de lange termijn.

Op welke maatregelen gaan we ons komend jaar richten?

Pagina 7 van 9

Voor deze ambitie ‘we willen dat inwoners (jong en oud) goed omgaan met geld, hebben we in de Nota Armoede en in de Nota Schuldhulpverlening een aantal maatregelen geformuleerd, zoals scholen faciliteren bij financiële edcuatie en het verbreden van de week van het geld. We blijven inzetten op deze interventies en willen onze aanpak nog verder versterken. Dit doen we door het uitwerken van een strategie over hoe we deze ambitie, samen met onze stakeholders, zo goed mogelijk kunnen realiseren. We onderzoeken bijvoorbeeld welke rol(len) we als gemeente willen vervullen om deze ambitie te bereiken. En welke witte vlekken we zien in onze huidige aanpak. Vanuit deze strategie kunnen we onze huidige aanpak aanscherpen. Wat verandert er? nvt

Beleidskaders Nota Armoede

Financiën De uitvoering van de maatregelen passen binnen de bestaande budgetten (taakveld 63).

Vervolg Zie ‘inhoud’

Participatie Contact met partners op het armoededomein De gemeente staat in contact met veel maatschappelijke organisaties en diaconale organisaties. Denk hierbij aan partijen als de Voedselbank, het Rooms Katholiek Stadsdiaconaat, Humanitas, Delft voor Elkaar en de Stichting Urgente Noden. Veel van deze partijen spreken we periodiek; bijvoorbeeld in het ‘beleidsoverleg hulp bij financiële problemen’ of bij de bijeenkomsten van het ‘pact tegen de armoede’. Daarnaast hebben we ook regelmatig één op één contact met deze organisaties in de stad. De banden met deze organisaties zijn goed. Samen met deze partners werken we samen om geldzorgen, armoede en ook schulden tegen te gaan bij Delftenaren. De organisaties zitten in de haarvaten van de samenleving en hebben een goed beeld van wat er speelt bij de doelgroep. We vragen hen ook regelmatig om advies over hoe we gemeentelijke regelingen zo goed mogelijk kunnen laten aansluiten bij de doelgroep in Delft. Zo hebben we recent advies gevraagd over de inrichting van de alleenverdienersregeling. En dachten een aantal relevante partners, zoals KesslerPerspektief mee hoe we daklozen kunnen ondersteunen bij mondzorg.

Ook op het gebied van menstruatiearmoede zijn relevante partners, zoals De Wereldparels, Sudanese community Delft, De Turkse Sociale Culturele Vereniging, Somalische Vereniging, De Afghaanse Vereniging, Soroptimisten Platform betrokken om mee te denken om menstruatiearmoede aan te pakken. Betrekken doelgroep bij het armoedebeleid We betrekken de doelgroep bij het armoedebeleid dat we ontwikkelen. Dat doen we deels indirect; via partners in de stad die een goed collectief beeld hebben van de behoefte bij de doelgroep. Daarnaast signaleren de partners belangrijke ontwikkelingen. Zoals hierboven beschreven leggen we nieuw te vormen beleid dan ook graag ter toetsing voor aan deze partners. Ook betrekken we partijen als de Adviesraad Sociaal Domein en de Alliantieraad Delft-West bij beleidsvoorstellen. Ook betrekken we onze doelgroepen direct. Dit doen we bijvoorbeeld via het project Speaking Minds, maar ook bij

Pagina 8 van 9

de kinderconferentie die we dit najaar hopen te organiseren.

Communicatie Zie ‘Inhoud’ Bijlage(n) 1.

Raadsoplegger mondzorgmijding om financiële redenen

Het besluit moet gepubliceerd worden in het Gemeenteblad ☐ Ja

☐ Nee

☒ Niet van toepassing

Motie / toezegging Heeft het voorstel betrekking op een motie en/of toezegging?

☒ Ja,

het college verzoekt de raad om toezegging 250130.7.5. als afgedaan te beschouwen

☐ Nee

Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Delft,

Maria Berger Loco-secretaris

Joëlle Gooijer 18-06-2025

Pagina 9 van 9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15750841/1