2508101 Voorstel van het college aan de raad inzake Integraal Huisvestingsplan Cultuur
Tekst van het document
Oplegger raad Raadsvoorstel Onderwerp
Integraal Huisvestingsplan Cultuur
Portefeuillehouder
Wethouder Van Vliet
Voorstel ingediend door
W. Snijder (wsnijder@delft.nl)
Registratienummer
6084914
Datum
18 februari 2025
Concept-besluit(en) De raad besluit: 1. Kennis te nemen van het Integraal Huisvestingsplan (IHP) Cultuur; 2. De projecten uit het IHP cultuur met de grootste urgentie (De Buurtfabriek, een cultuurfunctie in het Kabeldistrict, een bibliotheekfiliaal in Tanthof, het creëren van ruimte voor cultuur in scholen en in wijkaccommodaties) te betrekken bij de integrale afweging in de Kadernota 2025; 3. Het opstellen van een investerings- en uitvoeringsplan cultureel vastgoed in relatie met het Ontwikkelperspectief Maatschappelijke Voorzieningen 2024 te betrekken bij de Kadernota 2025. Waarom nu? In het Cultuurkader Delft 2021-2030 wordt geconstateerd dat de culturele basisinfrastructuur nog niet op orde is. Er zijn diverse vastgoedopgaven en de culturele infrastructuur past nog niet bij een gemeente die groeit naar 120.000 inwoners. Om een culturele infrastructuur te realiseren die past bij de omvang en het profiel van Delft met de juiste culturele voorzieningen op de juiste plek is een Integraal Huisvestingsplan (IHP) Cultuur opgesteld. Het college heeft de toezegging (T230629.6.1.6) gedaan om eind 2024 met een IHP Cultuur een financiële doorkijk te geven op investeringen in culturele huisvesting. De uitkomsten van het IHP Cultuur moeten het mogelijk maken om op korte termijn een afweging te kunnen maken over de verbouwing van het Rietveld Theater.
De raad kan de informatie uit het IHP Cultuur en de motie M 5.3.7. betrekken in de besluitvorming over het Rietveld Theater. Ook kunnen de uitkomsten van het IHP Cultuur worden betrokken bij de Kadernota 2025. Inhoud Het IHP Cultuur maakt het mogelijk onderbouwd te sturen op de culturele infrastructuur. Het biedt inzicht in de ruimtelijke opgaven en de indicatieve investeringsopgaven en hoe deze geprioriteerd en gefaseerd kunnen worden. Het IHP Cultuur laat per type cultuurvoorziening zien welke (aanvullende) indicatieve ruimteclaims en indicatieve investeringskosten in de bestaande portefeuille de komende 15 jaren (2025-2040) benodigd zijn. Het IHP Cultuur heeft het karakter van een levend document dat idealiter om de 4 jaar geactualiseerd wordt naar de meest recente ontwikkelingen. Om te komen tot het opstellen van het IHP Cultuur is een match gemaakt tussen de (eerste inzichten) van de verwachte vraag naar (op basis van de beleidsvisie op cultuur) en het huidige aanbod van de cultuurvastgoedportefeuille (in eigen beheer gemeente en van derden). Op basis van deze match zijn voor het bestaande cultuurvastgoed en aanvullende (ruimtelijke) claims, potentiële ruimtelijke programma’s gedefinieerd en indicatieve investeringen geraamd om te voldoen aan de potentiële toekomstige en normatieve vraag.
Om de potentiële toekomstbestendige cultuurvastgoedportefeuille in kaart te brengen is onder andere gebruik gemaakt van het ‘Ontwikkelperspectief Maatschappelijke Voorzieningen 2024’ met de daarbij behorende Delftse referentienormen maatschappelijke voorzieningen uit 2021. Op basis van voorgaande is indicatief de potentiële programmering van de onderzochte cultuurfuncties gedefinieerd met bijbehorende indicatieve investeringen die (met name) in de grotere gebiedsontwikkelingen nodig zijn. Daarnaast kunnen in bestaande woonwijken verschillende wijkprojecten de uitbreiding van cultuurprogrammering ondersteunen (bijvoorbeeld initiatieven als de Buurtfabriek) en kan mogelijk gebruik gemaakt Pagina 1 van 5
worden van geprognosticeerde ontwikkelingen/-investeringen van overige maatschappelijke voorzieningen (bijv. bij school- en welzijnsvoorzieningen) of aan de hand van multifunctionele voorzieningen (bijv. gebedshuizen die ruimte bieden voor cultureel medegebruik of herbestemming als culturele plek). Regelmatig vinden cultuuractiviteiten plaats in niet gemeentelijke panden. Het aanbod van cultuurvastgoed in bezit van private eigenaren (derden) is voor het IHP Cultuur globaal geïnventariseerd en meegenomen in de programmatische analyse en match tussen vraag en aanbod van cultuurvoorzieningen in de stad. Voor dit cultuurvastgoed van derden is geen gedetailleerd onderzoek uitgevoerd naar de toekomstige wensen en/of huisvestingsknelpunten en consequenties voor aanvullende investeringskosten en exploitatielasten (voor derden c.q. gemeente aan de hand van aanvullende subsidiebedragen). Een goed voorbeeld van niet gemeentelijk vastgoed waar culturele activiteiten plaatsvinden zijn de diverse kerken. Daar komen vaak koren samen en vinden concerten plaats. Naar verwachting zijn daar nog mogelijkheden voor het vergroten van de ruimte voor cultuur. In een vervolgtraject kan verder onderzocht worden wat nodig is om dergelijk bestaand vastgoed optimaal te benutten voor cultuur.
In het IHP Cultuur is zoveel mogelijk rekening gehouden met de aanbevelingen, die door de Delftse Rekenkamer (DRK) in de brief ‘Plek voor cultuur’ (RIS 2445603) over cultureel vastgoed in Delft zijn gedaan. Het betreft met name het inventariseren van het huidige cultureel vastgoed ten opzichte van wensen en ambitie, wat moet gebeuren op het gebied van cultureel vastgoed en wat prioriteiten zijn voor het op orde brengen van de basisinfrastructuur. Andere aanbevelingen kunnen bijvoorbeeld op pandniveau een handvat bieden in het vormgeven van een uitvoeringsplan. De belangrijkste conclusies van het IHP Cultuur zijn: • •
•
• •
•
•
De huidige culturele vastgoedportefeuille waar culturele voorzieningen worden aangeboden bedraagt ca. 27.000 m2 BVO; De totale indicatieve ‘normatieve’ vastgoedbehoefte voor cultuurfuncties neemt toe tot ca. 39.500 m2 BVO in 2040. Als wordt gekozen om Theater de Veste te vervangen en uit te breiden, dan komt het indicatieve aanbod aan cultuurfuncties uit op ca. 30.500 m2 BVO (27.000 m2 BVO huidige portefeuille + 3.500 m2 BVO mogelijke uitbreiding Theater de Veste na 2035). Er ontstaat een normatief ruimtelijk tekort van ca. 9.000 m2 BVO (39.500 m2 BVO minus 30.500 m2 BVO) de komende 15 jaar aan culturele functies. NB1: Het indicatieve ruimtelijk-functionele tekort is voor een groot deel al aanwezig vanaf 2025-2035. NB 2. De gebruikte referentienormen (op basis waarvan de normatieve programmering is gemaakt) is een eerste globale richting, deze dienen verder beleidsmatig te worden vertaald en bepaald. Het (ruimtelijk-programmatisch) tekort aan podia en theaterfuncties beslaat in totaal 5.500 m2 BVO. Het investeringsvolume voor aanvullende culturele voorzieningen is indicatief € 27 mln. (dit zijn bouwkosten en exclusief: BTW, grond, inrichting, beheer en onderhoud, onvoorzien en gemeentelijke apparaat, eventueel Theater de Veste, de al in de begroting beschikbare middelen voor Museum Prinsenhof, Rietveld, Agathaplein).
Dit geeft een eerste indruk van de omvang van de investeringen zonder dat er investeringsramingen aan ten grondslag liggen. De gewenste normatieve toevoeging van culturele functies in de stad kunnen voor een deel worden opgevangen c.q. worden toegevoegd aan de gebiedsontwikkelingen in de stad tussen 2025 en 2040. Met name in de gebiedsontwikkelingen Schieoevers en IDD zijn mogelijkheden om een culturele voorzieningen toe te voegen. Daarnaast kunnen in bestaande woonwijken verschillende wijkprojecten de uitbreiding van cultuurprogrammering ondersteunen (bijvoorbeeld initiatieven als de Buurtfabriek) en kan mogelijk gebruik gemaakt worden van geprognosticeerde ontwikkelingen/-investeringen van overige maatschappelijke voorzieningen (bijv. bij school- en welzijnsvoorzieningen) of aan de hand van multifunctionele voorzieningen (bijv. gebedshuizen die ruimte bieden voor cultureel medegebruik of herbestemming als culturele plek). Concrete kansrijke initiatieven om in te investeren zijn de komende 5 tot 10 jaar: de Buurtfabriek, een cultuuren/of culturele broedplaatsfunctie in het Kabeldistrict, een bibliotheekfiliaal in Tanthof, het creëren van ruimte voor cultuur in scholen en in wijkaccommodaties en het aansluiten bij de Routekaart Verduurzaming Vastgoed. Deze projecten geven mede invulling aan de opgaven Delft West, IDD en de energietransitie.
In het IHP Cultuur worden de volgende aanbevelingen gedaan:
•
Er is een indicatieve ruimtelijk-functionele uitbreiding benodigd van ca. 12.000 m2 BVO aan cultuurfuncties. Hierbij dient rekening gehouden te worden met het realiseren van 3 x 3.000 m2 BVO in drie periodes van 5 jaar. 3.000 m2 BVO kan ingevuld worden met de mogelijke uitbreiding van Theater de Veste (in de periode 2035-2040). Projecten die voor de periode 2025-2035 al concreet op het vizier staan zijn: de Buurtfabriek, een cultuur- en/of culturele broedplaatsfunctie in het Kabeldistrict, een bibliotheekfiliaal in Tanthof, het creëren van ruimte voor cultuur in scholen en in wijkaccommodaties en het aansluiten bij de Routekaart Verduurzaming Vastgoed. Het is aan te bevelen hiervoor middelen te reserveren en de projecten de komende periode uit te werken in een investeringsplan;
Pagina 2 van 5
• •
• • •
•
Het IHP Cultuur dient als basis voor verdere integrale (ruimtelijk-functionele en financiële) sturing. Ook in relatie tot de overige Maatschappelijke Voorzieningen die de gemeente de komende 15 jaar wenst te ontwikkelen (zie ‘Ontwikkelperspectief Maatschappelijke Voorzieningen 2024’); Om integrale keuzes te kunnen maken dienen afwegingscriteria te worden gedefinieerd en bepaald voor: o het initiëren van uitbreidingsvragen aan cultuurvastgoed in eigen portefeuille en o het omgaan met vragen van culturele gebruikers die huisvesting van derden willen betrekken c.q. laten realiseren. Er dient nader onderzoek te worden gedaan naar de koppelkansen uit de Routekaart Verduurzaming Vastgoed en natuurlijke momenten in cultuurvastgoed, met name in de periode 2030-2040; Het IHP Cultuur is een dynamisch plan, dat vraagt om tijdige bijsturing en bijstelling, dit in aansluiting met andere IHP’s binnen de gemeente. Aan te bevelen is om na twee jaar het IHP te herijken en na vier jaar de analyse volledig te herzien; Het onderhouden, vervangen, ruimtelijk-functioneel aanpassen en uitbreiden van de cultuurportefeuille vraagt daarnaast om een gefaseerde aanpak. Er is (nu) nog geen concreet uitvoeringsplan.
Aan te bevelen is om de uitkomsten van dit IHP Cultuur te betrekken in de Strategische Investering Agenda (SIA) medio 2025 en een prioritering aan te brengen in een uitvoeringsplan Cultureel Vastgoed (eerste tranche) en die voor te leggen aan de raad eind 2025/begin 2026; Ook is aan te bevelen om de beleidsuitgangspunten ten aanzien van culturele voorzieningen (Cultuurkader) nader ruimtelijk te concretiseren en uit te werken in concrete ruimtelijk-functionele concepten, dit om handvatten te bieden voor het opstellen van een uitvoeringsplan met een bijbehorend investeringsplan voor culturele voorzieningen.
In het IHP Cultuur is een indicatieve financiële opgave benoemd. Deze zijn gebaseerd op kengetallen van bouwkosten, prijspeil 2024 (excl. BTW, grond, inrichting, beheer en onderhoud, onvoorzien en gemeentelijke apparaat). Bepaalde kosten zoals grondkosten en inrichting kennen een te brede bandbreedte om onderdeel te laten zijn van een kengetal. Veel van deze kosten zijn vooraf niet bekend en elk project is anders. Het IHP Cultuur laat een fasering zien van investeringen op basis van de normatieve groei voor cultureel vastgoed (opgebouwd uit de verschillende functies) per 5-jarige periode, 2025-2030 / 2030-2035 / 2035-2040 incl. investeringen in eigendomsobjecten gemeente. Op basis hiervan wordt uitgegaan van gemiddeld 3.000 m2 BVO per 5 jaar aan cultureel vastgoed aanvulling op de bestaande portefeuille. Gezien de verwachte geplande projecten die de gemeente op stapel heeft en de normatieve groei van ca. 9.000 m2 BVO in 15 jaar is een globale investeringskostenraming opgesteld. Op basis van actuele cijfers en kengetallen worden de totale indicatieve stichtingskosten in de periode 2025-2040 voor aanvullend cultuurvastgoed door de groei van de stad geraamd op ca.
€ 27 mln., prijspeil 2024 (exclusief BTW, grond, inrichting, beheer en onderhoud, onvoorzien en gemeentelijke apparaat, eventueel Theater de Veste, de al in de begroting beschikbare middelen voor Museum Prinsenhof, Rietveld, Agathaplein). Gezien de opgave die uit het IHP Cultuur blijkt en de noodzakelijke prioritering en fasering van culturele vastgoedprojecten ligt het voor de hand bovenstaande aanbevelingen over te nemen en een uitvoeringsplan cultureel vastgoed op te stellen. En de projecten uit het IHP cultuur met de grootste urgentie te betrekken bij de integrale afweging in de Kadernota 2025, te weten: -
Rietveld Theater; De Buurtfabriek; een cultuurfunctie in het Kabeldistrict; een bibliotheekfiliaal in Tanthof; het creëren van ruimte voor cultuur in scholen het creëren van ruimte voor cultuur in wijkaccommodaties.
Deze projecten geven mede invulling aan de opgaven Delft West, IDD en de energietransitie. Waar van toepassing sluiten we bij de Routekaart Verduurzaming Vastgoed. In de Programmabegroting 2025 – 2028 is als uitwerking van de aangenomen motie M 5.3.7 (Herbestemming van middelen voor de uitvoering van het IHP Cultuur) besloten € 3 miljoen van de algemene reserve, voorwaardelijk te herbestemmen voor culturele huisvestingsopgaven als onderdeel van het investeringsprogramma van Delft. In de aangenomen motie M7.2.1. Verbouwing Rietveld Theater wordt het college verzocht door te gaan met de planvorming van de verbouwing van het Rietveld Theater en de integrale beslissing hierover te nemen bij de besluitvorming over het IHP Cultuur. De afweging van het project Rietveld Theater in relatie tot het IHP Cultuur wordt voorgelegd in een afzonderlijke oplegger voor de raad. Wat verandert er?
Pagina 3 van 5
Met het IHP Cultuur kunnen keuzes gemaakt worden ten aanzien van de prioritering en fasering van culturele vastgoedprojecten.
Beleidskaders De volgende gemeentelijke beleidsdocumenten dienen als basis voor het IHP Cultuur: • • • • • • • •
Cultuurkader 2021-2030 Omgevingsvisie Delft 2040 en Agenda Delft 2040 Woonvisie 2023-2028 Rapport Referentienormen maatschappelijke voorzieningen Delft (2021) Ontwikkelperspectief Maatschappelijke Voorzieningen (2024) Vastgoedbedrijf analyse, 2019 (Een nieuwe vastgoednota wordt in 2025 voorgelegd aan de raad) Stedelijk Programmeren: stadsbeeld en gebiedsbeelden Plek voor Cultuur: Rekenkamerbrief over Cultureel Vastgoed in Delft, 5-11-2024, RIS 2445603
Financiën In het Integraal Huisvestingsplan Cultuur is voor de periode 2025-2040 een indicatieve, fasegewijze, financiële opgave benoemd voor investeringen in cultureel vastgoed, circa € 27 miljoen op basis van prijspeil 2024 (dit zijn bouwkosten en exclusief: BTW, grond, inrichting, beheer en onderhoud, onvoorzien en gemeentelijke apparaat, eventueel Theater de Veste, de al in de begroting beschikbare middelen voor Museum Prinsenhof, Rietveld, Agathaplein). Indien besloten zou worden uitvoering te geven aan de investeringsplannen, zullen in de uiteindelijke situatie per 2040, met een indicatieve afschrijvingstermijn van gemiddeld 25 jaar, jaarlijkse kapitaallasten volgen, oplopend tot circa € 1.080.000 voor afschrijvingen. In de investeringsbegroting wordt geen rekening gehouden met een rentecomponent. Toekomstige investeringen kunnen leiden tot een aanvullende financieringsbehoefte en rentelast. Dit geeft een eerste indruk van de omvang van investeringen en kapitaallasten. In de Programmabegroting 20252028 is nu voor deze kapitaallasten, alsmede voor onderhoud en beheer van het vastgoed, geen financiële ruimte opgenomen. Als opmaat naar de Kadernota 2025 wordt in de raadsbrief Handelingsperspectief 2026 een beschouwing gegeven van de inhoudelijke en financiële uitdagingen voor de stad.
Dit betreft met name incidenteel gedekt beleid, oplopende kapitaallasten, sociaal domein, moties en de strategische investeringsagenda (met investeringsvoorstellen voor o.a. vastgoed, groei van de stad en Schieoevers). Ook wordt een afwegingskader geïntroduceerd om voorstellen met een financiële impact te beoordelen. Het afwegingskader houdt rekening met urgentie, uitvoeringskracht en financiële ruimte. Het voorstel zal getoetst worden aan het Handelingsperspectief 2026. Naast urgentie en uitvoeringskracht is hierbij ook de benodigde financiële ruimte te bezien. Omdat die ruimte vooralsnog niet beschikbaar is, is een integrale afweging belangrijk, moet onderzocht worden of de benodigde financiële ruimte gecreëerd kan worden en welke keuzes hiervoor noodzakelijk zijn. Dit onderzoek is onderdeel van de voorbereiding van de Kadernota 2025. Eerst bij de integrale afweging van voorstellen voor de Kadernota 2025 kan hierover zekerheid ontstaan. Voor de besluitvorming over het voorstel dient met dit voorbehoud rekening te worden gehouden. Vervolg Op basis van het IHP Cultuur wordt het voorstel gedaan om bij de integrale afweging in de kadernota 2025 projecten uit het IHP Cultuur te betrekken en een uitvoeringsplan en bijbehorend investeringsplan op te stellen. Per concreet project dat uit het investeringsplan volgt wordt een voorstel ter besluitvorming aan de raad voorgelegd.
Dit IHP Cultuur wordt eens in de 4 jaar herzien. De planning hiervoor wordt afgestemd op dat van het IHP Onderwijs. Participatie Wanneer op basis van het IHP Cultuur een uitvoeringsplan cultureel vastgoed wordt opgesteld, dan zullen huurders, (potentieel) gebruikers en anderszins betrokkenen hierbij betrokken worden. Communicatie
Pagina 4 van 5
Publicatie via verschillende gemeentelijke communicatiekanalen. Bijlage(n) -
Rapport Integraal Huisvestingsplan Cultuur Raadsbesluit
Het besluit moet gepubliceerd worden in het Gemeenteblad ☐ Ja
☐ Niet van toepassing
☒ Nee
Motie / toezegging Heeft het voorstel betrekking op een motie en/of toezegging?
☒ Ja,
het college verzoekt de raad om de toezegging (T230629.6.1.6) te komen met een Integraal Huisvestingsplan Cultuur als afgedaan te beschouwen.
☐ Nee
Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Delft,
M Berger Loco-secretaris
FWJ van Vliet Loco-burgemeester 21-02-2025
Pagina 5 van 5