2440548 College van B&W - Toekomst Theater de Veste
Tekst van het document
Oplegger raad Raadsinformatie Onderwerp
Toekomst Theater de Veste
Portefeuillehouder
Wethouder Van Vliet
Voorstel ingediend door
Johan Boonstoppel
Registratienummer
5958043
Datum
17 september 2024
Concept-besluit(en) N.v.t.
Waarom nu? Afgelopen voorjaar zijn de resultaten van de verkenning naar de toekomst van Theater de Veste naar de raad gestuurd, vergezeld met een raadsvoorstel (RIS nummer 2415212 Het voorstel lag voor op de raadsvergadering op donderdag 13 juni 2024, maar de gemeenteraad heeft geen besluit genomen over het voorstel, omdat het voorstel van de agenda is gehaald. Diverse fracties hebben aangegeven dat ze begrijpen dat er iets moet gebeuren met Theater De Veste, maar ook is aangegeven nog onduidelijkheid te ervaren over het vervolgproces. De meeste vragen hadden betrekking op de hoogte van het investeringsbedrag in relatie tot de financiële positie van Delft. Een ander belangrijk punt, is het gevoel dat met het voorstel een weg wordt ingeslagen, waar niet meer op kan worden teruggekomen, waardoor er nu al een beslag gelegd wordt op een fors deel van de begroting over een paar jaar. Tot slot waren er ook vragen met betrekking tot de wens tot versnelling van het proces. Het college heeft daarop toegezegd te reageren op de vragen die er leven, mede tot uiting gekomen in de concept moties en amendementen die in de week van de raadsvergadering zijn rondgegaan. Met deze oplegger wordt aan deze toezegging invulling gegeven. Inhoud Op basis van het onderzoek naar de toekomst van Theater de Veste heeft het college besloten een voorkeur uit te spreken voor scenario 1, nieuwbouw.
In het raadsvoorstel dat 13 juni op de agenda stond, wordt de raad om hetzelfde besluit gevraagd en is ook opgenomen dat onderzocht moet gaan worden of en hoe we dit voorkeurscenario kunnen realiseren. Het raadsvoorstel is daarmee geen definitief besluit om een nieuw theater te realiseren in Delft. Wel is het een besluit dat richting geeft aan de toekomst van het huidige theater en dat helder maakt welke opgave er op dit vlak ligt voor de stad. In het voorstel (RIS nummer 2415212) staat beschreven dat de komende periode eerst een financiële strategie wordt uitgewerkt waaruit moet blijken of, hoe en op welke termijn de afweging voor nieuwbouw mogelijk is. Deze financiële strategie is beschikbaar bij de Kadernota 2025 en dat vormt het eerst volgende afwegingsmoment om wel of niet verder te gaan met het voorkeursscenario nieuwbouw. Bij de Kadernota 2025 zijn ook de resultaten van o.a. het IHP Cultuur en het koersdocument maatschappelijke voorzieningen beschikbaar, zodat deze meegenomen kunnen worden in de bredere afweging. Met het uitwerken van de financiële strategie de komende periode wordt tegemoet gekomen aan de wens van een aantal raadsfracties. Deze financiële strategie zal bij aanvang nog gebaseerd zijn op de huidige financiële inschattingen, die bij het voorstel zijn meegestuurd.
Kern van de financiële strategie zal vooral gericht zijn op de financiële systematiek, of en op welke wijze het investeringsbedrag en exploitatiebedrag haalbaar te maken zijn en Pagina 1 van 3
welke keuzes er vervolgens te maken zijn. In de financiële bijlage bij het voorstel is voor de wijze van financieren reeds een aanzet gegeven, waarbij een kostprijs dekkende systematiek en een systematiek van een onrendabele top zijn beschreven. Dit zal bij de uitwerking van de financiële strategie nader worden uitgewerkt, evenals de vraag welke opbrengsten van derden redelijkerwijs te verwachten zijn. Op basis van ervaringen bij andere gemeenten kan nu al opgemerkt worden dat de realisatie van een theater primair een financiële opgave voor de gemeente is. De suggestie dat private middelen substantieel bijdragen aan de dekking van de investering komt niet overeen met ervaringen elders. In de financiële strategie worden de volgende zaken verder uitgewerkt:
-
Welke opties zijn er om het investeringsbedrag en het exploitatiebedrag te dekken? Welke opties zijn er om de structurele lasten voor nieuwbouw te dekken? Wat zijn de ervaringen bij andere gemeenten? Welke methoden worden toegepast? Hoe ziet een nadere uitwerking van een kostprijs dekkende systematiek en een systematiek van een onrendabele top eruit? Welke systematiek past het beste bij de context van Delft? Welke acties zijn op korte termijn nodig om de financiële haalbaarheid te borgen? Welke financiële tijdlijn past bij de termijnen uit het voorstel (realisatie nieuwbouw omstreeks 2040)? Welke opbrengsten van derden zijn redelijkerwijs te verwachten? Wat zijn de subsidiemogelijkheden? Welke vervolgstappen zijn er om te zetten?
Naast de financiële strategie wordt de komende periode in beeld gebracht wat er nodig is om het huidige theater in stand te houden. Daarbij kan gedacht worden aan mogelijke investeringen in toegankelijkheid, duurzaamheid en klimaatbeheersing. In het geval dat definitief besloten zou worden tot nieuwbouw zal namelijk een periode van ongeveer 10 tot 15 jaar overbrugd moeten worden. Dit is gebaseerd op de ervaring elders, waaruit blijkt dat een dergelijk traject ongeveer 10 jaar in beslag neemt. Omdat nu nog geen prioriteit wordt gegeven aan de start is rekening houden met 15 jaar realistisch. Voorafgaand aan de Kadernota 2025 zal ook dit voorstel worden afgerond, zodat ook dit betrokken kan worden bij de integrale afweging. Zoals in het voorstel staat beschreven ligt qua ambtelijke inzet nu de prioriteit bij de drie hoofdopgaven (Delft West, Energietransitie en Innovatiedistrict). In het raadsvoorstel is wel opgenomen om in de komende periode inzet te plegen op zowel het uitwerken van de financiële strategie voor een nieuw theater, als voor de voorbereiding van maatregelen voor instandhouding van het huidige theater. Dit laatste is een noodzakelijke stap in alle scenario’s. Op deze manier worden reeds belangrijke stappen gezet om een duurzaam toekomstperspectief voor Theater de Veste mogelijk te maken.
Het eerder dan in 2028 oppakken van de volgende fase (de definitiefase) is daarmee niet haalbaar, zoals gevraagd door een aantal raadsleden. De definitiefase is namelijk behoorlijk omvangrijk: locatiekeuze, participatietraject, opstellen programma van eisen inclusief kostenraming, opstellen businesscase, opzet projectorganisatie en een raadsbesluit voorbereidingskrediet. Uitwerking van de definitiefase wordt qua ambtelijke capaciteit ingeschat op ongeveer 2.000 uur en dat betreft functies die al schaars zijn en moeilijk ingevuld kunnen worden. Wat verandert er? Het college heeft eerder het raadsvoorstel over de toekomst van Theater de Veste naar de raad gestuurd. Met deze oplegger wordt extra duiding gegeven over het vervolgproces, naar aanleiding van gesprekken en debat met de raad over het voorstel. Beleidskaders Deze oplegger bevat een nadere uitwerking van de eerder toegestuurde stukken over de toekomst van Theater de Veste. Financiën N.v.t.
Pagina 2 van 3
Vervolg Deze oplegger wordt betrokken bij de raadsbehandeling van de stukken over de toekomst van Theater de Veste.
Participatie N.v.t.
Communicatie N.v.t. Bijlage(n)
Het besluit moet gepubliceerd worden in het Gemeenteblad ☐ Ja
☐ Niet van toepassing
☒ Nee
Motie / toezegging Heeft het voorstel betrekking op een motie en/of toezegging?
☒ Ja,
het college verzoekt de raad om toezegging inzicht in stappen naar nieuw theater als afgedaan te beschouwen
☐ Nee
Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Delft,
Maria Berger Loco-secretaris
Martina Huijsmans Loco-Burgemeester 04-10-2024
Pagina 3 van 3