2435463 Voorstel van de cie. RV aan de raad inzake Rekenkamerrapport Energietransitie-Duurzame participatie
Tekst van het document
Oplegger raad Raadsvoorstel
Onderwerp
Rekenkamerrapport Energietransitie; Duurzame participatie
Portefeuillehouder
Commissie Ruimte en Verkeer
Voorstel ingediend door
Bastian Zoodsma
Registratienummer
Invullen documentnummer Djuma
Datum
5 september 2024
Concept-besluit(en) 1.
Aanbeveling 1 (Participatie), aan de raad, over te nemen: ‘’Ontwikkel als raad een gemeentebrede aanpak voor participatie, waarmee elke keer heldere uitgangspunten kunnen worden meegegeven aan het college.’’
2.
Aanbeveling 2 (Participatie), aan de raad en het college, over te nemen: ‘’Maak als raad en college in 2024 afspraken over de rol van de raad bij participatie én de ruimte voor inwoners.’’
3.
Aanbeveling 3 (Participatie), aan het college, over te nemen: ‘’Verantwoord bij participatietrajecten expliciet hoe informatie tot stand komt en hoe de inbreng van participanten heeft doorgewerkt.’’
4.
Aanbeveling 1 (Realisatie), aan de raad, over te nemen: ‘’Heroverweeg in 2024 de formulering van de doelstelling voor opwek en warmte en het uitgangspunt van betaalbaarheid.’’
5.
Aanbeveling 2 (Realisatie), aan het college, over te nemen: ‘’Rapporteer als college in 2024 waar mogelijk over de (kwantitatieve) impact van de projecten op de doelen.’’
6.
Aanbeveling 3 (Realisatie), aan de raad: ‘’Maak afspraken over de informatiebehoefte en maak hiervoor gebruik van de raadswerkgroep‘’, En aan het college:
.
‘’Maak als college in 2024 in ieder geval de afhankelijkheden en risico’s inzichtelijk van de verschillende activiteiten en externe factoren’’, over te nemen.
7.
Het college te verzoeken de raad binnen een jaar, dus voor 17 september 2025, te informeren over de opvolging van de aanbevelingen, volgens artikel 8 van de Verordening Delfts Rekenkamer 2023.
Pagina 1 van 5
Waarom nu? Het kabinet heeft de doelstelling om in 2050 klimaatneutraal te zijn, en wil daarvoor in 2030 55% CO2-reductie realiseren (ten opzichte van 1990; er wordt daarbij ingezet op 60%). In lijn met dit beleid streeft de gemeente Delft naar klimaatneutraliteit in 2050 en 55% CO2- reductie in 2030. De Energietransitie is voor de gemeente een belangrijk onderwerp. Daarom heeft het ook de aandacht gekregen vanuit de Rekenkamer. In het recente verleden heeft de Delftse Rekenkamer geen onderzoeken uitgevoerd naar de Energietransitie of het bredere duurzaamheidsbeleid van de gemeente. Daarom is door de Rekenkamer besloten om een onderzoek in te stellen, met als doel om meer zicht aan de raad te geven op de resultaten van het beleid en de participatie, om vanuit daar lessen te trekken voor de verdere invulling van de Energietransitie. Daarbij ligt enerzijds de focus op het brede beleid en anderzijds op de eerste buurt, de Multatulibuurt. De scope is hierbij afgebakend tot de Energietransitie, te weten besparing van energie, opwek van energie en warmte (de transitie naar aardgasvrije woningen/gebouwen) en het overkoepelende doel van minder CO2-uitstoot. Andere aspecten van duurzaamheid - denk aan klimaatadaptatie, mobiliteit, afval of circulariteit - worden in dit onderzoek niet meegenomen Inhoud
Vraagstelling en werkwijze Het onderzoek bestaat uit twee onderdelen. Ten eerste zoomt het onderzoek in op participatie, dus hoe de burgers en bedrijven bij de Energietransitie worden betrokken door de gemeente. Participatie speelt namelijk een belangrijke rol bij de Energietransitie. Daarnaast kijkt het onderzoek of de gemeente Delft op koers ligt om de gestelde beleidsdoelen te bereiken (realisatie). In dit onderzoek staan daarmee twee vragen centraal: 1. Draagt de opzet en uitvoering van de participatie bij aan een betere planvorming, uitvoering en doelrealisatie? 2. Ligt de gemeente Delft op koers met de realisatie van de Energietransitie (duurzame opwek, besparing, warmte en CO2-uitstoot)? Bij de eerste vraag kijkt dit onderzoek naar het warmteplan én het warmte-uitvoeringsplan in de Multatulibuurt. Deze buurt is in Delft geselecteerd als eerste buurt met een eigen uitvoeringsplan.
Conclusies Algemene beeld: In algemene zin rijst uit dit onderzoek een vrij positief beeld over de Energietransitie in de gemeente Delft, zowel op terrein van participatie als realisatie. De uiteindelijke invulling van de participatie is door gemeente én stakeholders over het algemeen als succesvol beoordeeld. Dat kwam mede door de intensieve aanpak van de gemeente. Deze intensieve aanpak is wel lastig uit te breiden naar andere wijken, zeker als er meer wijken tegelijkertijd een participatietraject gaan doorlopen. De gemeente ligt verder op schema om de mijlpalen die zij heeft gesteld voor CO2- uitstoot en warmte te behalen. Dat is een mooi resultaat en ook te danken aan de eigen inspanningen. De haalbaarheid van de mijlpalen op opwek en besparing is wel risicovol. Voor het uiteindelijke doel, CO2-neutraliteit in 2050, ligt de gemeente dus wel op koers. De routekaart die de gemeente heeft ontwikkeld, biedt de raad naar verwachting welkome mogelijkheden om in de toekomst (bij) te sturen. Conclusies Participatie: 1. De participatie voor het Warmteplan was goed opgezet, de terugkoppeling kon beter. 2. De participatie in de Multatulibuurt was intensief én volgens stakeholders en gemeente succesvol. De aanpak is lastig om op te schalen naar andere buurten. 3. De Delfts Doen-aanpak werd in de Multatulibuurt losgelaten.
Warmte-uitvoeringsplannen vragen om een andere participatieaanpak, vastgesteld door de raad. Conclusies Realisatie: 1. De gemeente is goed op weg om tussentijdse mijlpalen te behalen voor CO2-uitstoot en warmte, maar de realisatie van mijlpalen op opwek en besparing is risicovol. De gemeente hanteert concrete doelen voor de Energietransitie.
Pagina 2 van 5
2.
3.
De raad wordt conform afspraak geïnformeerd, maar de informatievoorziening is nog niet toereikend om voldoende strategisch te sturen. Informatie over risico’s die voortkomen uit bijvoorbeeld onzekere middelen en afhankelijkheden tussen projecten ontbreekt nog. De raad stuurt zelf niet expliciet op de inhoud van de informatievoorziening. De routekaart stelt de gemeente in staat om inzichtelijk te maken wat de verwachte impact is op de doelen en brengt de raad naar verwachting meer in positie om strategisch te sturen.
Aanbevelingen Op basis van deze conclusies volgen een aantal aanbevelingen. Uit het onderzoek rijst een vrij positief beeld. Om die reden zijn de aanbevelingen gericht op het plaatsen van accenten in het beleid en de uitvoering dan op ingrijpende herzieningen. Participatie: 1. ‘’Ontwikkel als raad een gemeentebrede aanpak voor participatie, waarmee elke keer heldere uitgangspunten kunnen worden meegegeven aan het college.’’ (aan de raad) 2.
‘’Maak als raad en college in 2024 afspraken over de rol van de raad bij participatie én de ruimte voor inwoners.’’ (aan de raad en het college)
3.
‘’Verantwoord bij participatietrajecten expliciet hoe informatie tot stand komt en hoe de inbreng van participanten heeft doorgewerkt.’’ (aan het college)
Realisatie: 1. ‘’Heroverweeg in 2024 de formulering van de doelstelling voor opwek en warmte en het uitgangspunt van betaalbaarheid.’’ (aan de raad) 2.
‘’Rapporteer als college in 2024 waar mogelijk over de (kwantitatieve) impact van de projecten op de doelen.’’ (aan het college)
3.
‘’Maak afspraken over de informatiebehoefte en maak hiervoor gebruik van de raadswerkgroep‘’ (aan de raad) EN ‘’Maak als college in 2024 in ieder geval de afhankelijkheden en risico’s inzichtelijk van de verschillende activiteiten en externe factoren.’’ (aan het college)
Bestuurlijke reactie college De bestuurlijke reactie van het college op de conclusies en aanbevelingen vindt u op pagina 13 van het Rapport. Het college spreekt zijn complimenten uit aan de Rekenkamer voor de volledigheid, diepte en kwaliteit van het onderzoek. Het rapport is voor het college een mooie bevestiging van de aanpak van de Energietransitie. Het college ziet dat het cruciaal is dat de raad nauw betrokken blijft bij de Energietransitie. Ook achten zij het van belang om de komende jaren in gesprek te blijven over de dilemma’s die de Energietransitie met zich mee brengt. Participatie Het college benadrukt dat de aanpak in de Multatulibuurt lastig uit te breiden is naar meerdere wijken, omdat het arbeidsintensief en kostbaar is. Het college werkt aan de opzet van volgende uitvoeringsplannen en zal deze aanpak na de zomer met de raad bespreken. De Energietransitie is volgens het college een kans om een buurt integraal de verbeteren en te verduurzamen, die ambitie houdt het college dan ook graag vast. Aanbeveling 1: Het college geeft mee dat er al een gemeentebrede aanpak ligt met de nota ‘Participatie in Delft’ en de Verordening ‘Participatie en Uitdaagrecht Delft’.
De aanbeveling om een lerende aanpak te borgen onderschrijft het college, in dat kader meldt het college dat zij het participatiebeleid evalueert en de evaluatie, naar verwachting, in Q4 2024 kan delen met de raad. Specifiek voor de Energietransitie ligt er vanuit de raad geen participatieaanpak. Mocht de raad dit willen, geeft het college aandachtspunten mee.
Pagina 3 van 5
Aanbeveling 2: Het college herkent dat er afspraken nodig zijn tussen de raad en het college, en dat het zinvol is om deze afspraken expliciet met elkaar te maken. Het college vindt een gesprek tussen de raad en het college echter niet de juiste methodiek om inwoners de juiste verwachtingen te laten meekrijgen bij participatie. Het verwachtingsmanagement dient immers plaats te vinden tijdens de gesprekken met inwoners door de ambtenaren. Aanbeveling 3: Het college neemt deze aanbeveling over. Bij het opstellen van het Warmteplan is de terugkoppeling als onvoldoende ervaren door de participanten. Het college zal bekijken hoe de kwaliteit van de terugkoppeling in het vervolg verbeterd kan worden. Realisatie Aanbeveling 1: Het college merkt op dat de raad de doelstellingen voor opwek en warmte al heeft geherformuleerd, door het goedkeuren van de Routekaart Klimaatneutraal 2050. De aanbeveling aan de raad om het uitgangspunt van betaalbaarheid te formuleren, ondersteunt het college. Aanbeveling 2: Het college onderschrijft de aanbeveling. Dit kan echter niet voor alle projecten. Het college nuanceert daarnaast de verwachting dat scherp inzichtelijk kan worden hoe efficiënt een investering is. Aanbeveling 3: Het college neemt de aanbeveling aan het college over en onderschrijft de aanbeveling aan de raad.
De huidige werkwijze van de Rekenkamer, de raad en het college van openheid en een lerende blik is zeer waardevol. Dat is de werkwijze die het college graag behoudt, ook in andere evaluatiemomenten met de gemeenteraad. Het college spreekt de intentie uit dat we gezamenlijk dit proces bewaken waarbij openheid en samen leren de kern is die we samen willen blijven waarmaken. Graag blijft het college komende jaren in gesprek met de raad over de Energietransitie.
Commissiebehandeling Het Rekenkamerrapport en de bijbehorende aanbevelingen zijn door de commissie Ruimte en Verkeer besproken in de commissievergadering van 5 september 2024. Tijdens de behandeling deed Wethouder Zwart de volgende toezegging: ‘’Wethouder Zwart zegt toe in de Wijkuitvoeringsplannen, die met de raad worden besproken, gebruik te gaan maken van de waarden die in het Rekenkamerrapport Energietransitie zijn genoemd en daarop te reflecteren.’’ Ondanks de toezegging van de wethouder worden er nog wel meerdere amendementen en moties overwogen door de fracties. De Volt-fractie overweegt een amendement inzake het opnemen van de toelichting van de aanbevelingen in het raadsbesluit en de vorm van het raadsbesluit. Zou het raadsbesluit niet uitgebreider, of juist minder precies moeten? De D66-fractie overweegt een motie over een afwegingskader voor participatie per buurt, op basis van de zes participatieprincipes (waarden) vanuit het rapport van de Rekenkamer.
Wat verandert er? Het is aan zowel de raad alsook het college om op basis van dit Rapport uitvoering te geven aan de aanbevelingen (als deze worden overgenomen) en het Rapport als geheel. Dit Rapport is niet bedoeld om nieuw beleid te maken, maar om advies te geven aan de raad en het college over het beleid en de uitvoering inzake de Energietransitie. Beleidskaders De werkzaamheden van de Delftse Rekenkamer zijn vastgelegd in de Verordening Delfts Rekenkamer 2023.
Financiën De gemaakte kosten voor het onderzoek zijn gedekt binnen de beschikbare financiële middelen die de Rekenkamer tot zijn beschikking heeft.
Pagina 4 van 5
Vervolg Als de raad de aanbevelingen overneemt, is het aan de raad én het college om de aanbevelingen uit te voeren. Het college koppelt uiterlijk 17 september 2025 terug wat hij gedaan heeft met de aanbevelingen die aan hem gericht zijn. Het is aan de raad om vervolg te geven aan de aanbevelingen die aan de raad zijn gericht.
Participatie De Rekenkamer heeft diverse partijen betrokken bij de totstandkoming van het rapport. Er zijn interviews afgenomen met betrokken ambtenaren en bestuurders. Ook hebben er gesprekken plaatsgevonden met externe samenwerkingspartners en inwoners. De geïnterviewden zijn aangedragen door de ambtelijke organisatie. Ook is er gesproken met een afvaardiging van de gemeenteraad. Communicatie N.v.t. Bijlage(n) 1. 2.
Begeleidende brief Rapport Rekenkamer: Duurzame participatie, Onderzoek naar de Energietransitie in Delft.
Het besluit moet gepubliceerd worden in het Gemeenteblad ☐ Ja Motie / toezegging Heeft het voorstel betrekking op een motie en/of toezegging?
☒ Nee
☐ Ja,
☐ Niet van toepassing
het college verzoekt de raad om motie ….. / toezegging … als afgedaan te beschouwen
☒ Nee
Hoogachtend, Commissie Ruimte en Verkeer
Lisette (L.J.F.) de Jongh Swemer, voorzitter
Bastian Zoodsma, griffier
Pagina 5 van 5