240930 Memo keuze vervolg warmte-uitvoeringsplannen 5915863 5915863
Tekst van het document
Ruimte en Economie Advies 0
Aan
De leden van de gemeenteraad Delft Van
Het college van burgemeester en wethouders Afschrift aan
Kenmerk
5915863
Memo
Datum
08-10-2024 Opsteller
S. Arjen RijsdijkPauwels
Onderwerp
Keuze vervolg warmte-uitvoeringsplannen
Bijlage
Delft wil, in lijn met de nationale doelstelling uit het klimaatakkoord, in 2050 aardgasvrij zijn. De Routekaart Delft Klimaatneutraal 2050, het richtinggevende beleidsstuk voor de Delftse energietransitie en vastgesteld op 16 mei 2024, wijst op de noodzaak van het aardgasvrij maken van woningen. Dit verloopt in Nederland hoofdzakelijk door middel van gebiedsgerichte (warmte-)uitvoeringsplannen. Een warmte-uitvoeringsplan beschrijft de gebiedsgerichte aanpak om over te gaan van aardgas naar duurzame alternatieven en wordt opgesteld in participatie met het gebied. De eerste buurt in Delft waar een warmte-uitvoeringsplan wordt opgesteld is de Multatulibuurt. De keuze ligt nu voor waar in Delft de volgende warmteuitvoeringsplannen worden opgesteld.
1
Doel en leeswijzer Het doel van dit memo is het onderbouwen van het besluit om de volgende warmteuitvoeringsplannen op te stellen in Voorhof en Buitenhof en het maken van afspraken voor het vervolgproces. Daartoe somt het memo eerst de afwegingen op waarop het besluit is gebaseerd. Vervolgens bespreekt het memo de definitie en onderdelen van een warmte-uitvoeringsplan en hoe de warmte-uitvoeringsplannen zich verhouden tot het bredere proces van de warmtetransitie en wetgeving. Daarna komen de overwegingen aan bod die de aanpak van de vervolg warmteuitvoeringsplannen inkleuren, namelijk: (i) het door de gemeenteraad gedragen uitgangspunt van integraliteit, (ii) de opgedane ervaring van Delft (in de Multatulibuurt) en andere gemeenten en (iii) buurteigenschappen en de technisch-juridische mogelijkheden van de ontwikkeling van een warmtenet op basis waarvan de aanpak en bijbehorende participatie varieert en wordt vormgegeven. Tot slot wordt, op basis van het bovenstaande, een voorstel gedaan voor uitgangspunten bij de participatieaanpak en een aantal procesafspraken voor het vervolg van de warmte-uitvoeringsplannen in Voorhof en Buitenhof.
2
Afwegingen keuze vervolg warmteuitvoeringsplannen
0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/67dbd67821681_TEMP_OPDF
Onderstaande afwegingen vormen de kern van de onderbouwing om te komen tot de keuze voor de volgende warmte-uitvoeringsplannen in Voorhof en Buitenhof. In december 2021 heeft de raad het Warmteplan Delft 2021 vastgesteld. Hierin staat het doel om voor 2030 20% van de bestaande woningen in Delft aardgasvrij te maken. Dit plan geeft per buurt inzicht in de voorkeurstechniek voor de toekomstige duurzame warmtevoorziening. Ook staat erin welke 13 buurten als kansrijk worden geacht om met een uitvoeringsplan te starten vóór 2030. De meeste van deze buurten liggen in Voorhof en Buitenhof en tellen op tot ongeveer 20% van de woningen in Delft. In 2022 is een aanvullende stadsanalyse gedaan op de zachte factoren, om te zien waar in de stad potentie bij bewoners zit om zich in te zetten voor hun buurt en de overgang naar schone energie. Hieruit komen buurten naar voren waarbij het in sociaal opzicht een uitdaging is om een warmte-uitvoeringsplan op te stellen, buurten waar het geen bezwaar is en buurten die kansrijk zijn om te starten, waaronder de Multatulibuurt. De buurten in Voorhof en Buitenhof zijn van de laatste twee categorieën. In Voorhof en Buitenhof is een collectief warmtenet volop in ontwikkeling (Warmtenet Delft fase 1).
Het finaal investeringsbesluit om 6.000 corporatiewoningen – in flatgebouwen verspreid door de wijken – aan te sluiten is genomen en de startvergunning voor de geothermiebron is onherroepelijk geworden. De gemeenteraad heeft besloten om overdimensionering mogelijk te maken door twee subsidies vanuit Fonds Delft 2040 met het oog op uitbreiding tot 15.000 woningaansluitingen in Voorhof en Buitenhof. Deze uitbreiding staat bekend als fase 2. Fase 1 en 2 zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. De gemeente stelt momenteel de aanpak op van fase 2. Het is wenselijk om de uitvoering van fase 2 te laten aansluiten op de uitvoering van fase 1. Fase 2 heeft voornamelijk betrekking op particuliere woningeigenaren (deels in VvE's). Omdat zij zelf bepalen of zij willen aansluiten en investeren is het belangrijk om hen tijdig - en dus in deze fase al - bij de vormgeving te betrekken. Warmteuitvoeringsplannen zijn daarvoor het instrument van de gemeente. Tot slot is er bovendien de urgentie om verduurzaming van woningen ingrijpend aan te pakken in Delft-West. De woningen dateren van eind jaren ’60 en begin jaren ’70 en hebben veelal een relatief lage WOZ-waarde. Met name in Buitenhof en Voorhof komen veel lage energie labels voor, terwijl de eigenaren vaak een onder gemiddeld of laag inkomen hebben.
Dit leidt tot energiearmoede, maar ook tot gezondheidsproblemen door stress en door tocht, vocht en soms schimmelvorming in de woning. Door hier aan de slag te gaan met warmte-uitvoeringsplannen en bewoners te betrekken en te laten participeren bij de warmtetransitie, kan de gemeente extra ondersteunen en ontzorgen bij verduurzaming. Zo kan de gemeente ook uitvoering geven aan de wens van de raad om de energietransitie integraal aan te pakken (motie Energie in de wijken). Denk hierbij aan het benutten van koppelkansen op fysiek en sociaal vlak, zoals met herinrichting van de openbare ruimte als gevolg van rioolvervanging en met Delft West, maar bijvoorbeeld ook met extra aandacht voor reguliere beheertaken op het gebied van schoon, heel en veilig. Uit de eerste twee afwegingen kwam de Multatulibuurt naar voren om mee te starten. Dit is in september 2022 door het college besloten. De eerste twee afwegingen samen met de overige afwegingen leiden tot de keuze om de eerstvolgende warmte-uitvoeringsplannen op te stellen in Voorhof en Buitenhof. Waarom eerst warmte-uitvoeringsplannen in gebieden waar collectieve warmtevoorzieningen beoogd zijn 0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/67dbd67821681_TEMP_OPDF 2/12
Een belangrijk uitgangspunt voor de energietransitie is om als gemeente prioriteit te geven aan gebieden waar grootschalige collectieve warmtevoorzieningen de voorkeurstechniek zijn. Dit omdat deze oplossing qua nationale kosten het meest haalbare en betaalbare alternatief is, de meeste impact heeft op CO2-reductie, ten opzichte van andere oplossingen helpt om netcongestie te voorkomen en gemeentelijke regie vergt. Daarom onderzoekt de gemeente momenteel de haalbaarheid van uitbreiding van het warmtenet in Voorhof en Buitenhof in technisch, financieel, juridisch en organisatorisch opzicht. Dit is ook de reden om warmte-uitvoeringsplannen te maken in deze gebieden waar de warmtetransitie als eerste in ontwikkeling is. In andere buurten van Delft wordt ook samengewerkt met bewoners om energie te besparen en te verduurzamen, maar in eerste instantie niet in de vorm van gebiedsgerichte warmte-uitvoeringsplannen. Als er energie is in de samenleving om gezamenlijk aan de slag te gaan, sluit de gemeente aan en kijkt samen met het initiatief hoe zij daaraan kan bijdragen, zoals bijvoorbeeld bij het verduurzamen van VvE's.
3
Wat is een warmte-uitvoeringsplan Voordat het vervolgproces in Voorhof en Buitenhof wordt geschetst is het belangrijk specifiek te definiëren wat gemeente Delft verstaat onder een warmteuitvoeringsplan. Een warmte-uitvoeringsplan wordt opgesteld in participatie met de buurt (of ander geografisch afgebakend gebied) en beschrijft de gebiedsgerichte aanpak om over te gaan van aardgas naar duurzame alternatieven. Die alternatieven zijn afhankelijk van de kenmerken van het gebied, zoals bebouwingsdichtheid, energetische kwaliteit van de bebouwing en de aanwezigheid van duurzame bronnen. Omdat gemeenten het beste beeld hebben van de buurten en mogelijke alternatieven is in het Klimaatakkoord afgesproken dat zij de regierol hebben in de aanpak. Een warmte-uitvoeringsplan: • beschrijft de keuze van duurzame warmtetechniek(en), benodigde maatregelen en onderbouwt de uitvoerbaarheid en betaalbaarheid. • biedt inzicht en handelingsperspectief aan bewoners, ondernemers en andere gebouweigenaren in het gebied en aan de uitvoerende partners. • is een samenhangend plan met duidelijke verantwoordelijkheden, rollen en taken, en biedt de basis voor het uitvoeren van de warmtetransitie. • is gericht op volledig aardgasvrij, en dus naast ruimteverwarming ook op warm water en koken op schone energie. Dat kan gefaseerd in tussenstappen van bijvoorbeeld schone ruimteverwarming of isoleren.
• is niet bedoeld om de uitvoering te plannen en te organiseren. Er staat beschreven waar de gemeente de komende jaren naartoe werkt. Het is het vertrekpunt voor de uitvoering. Relatie met (toekomstige) wetgeving en het Warmteprogramma Warmte-uitvoeringsplannen zijn geen op zichzelf staand proces, maar moeten gezien worden binnen de context van bredere beleidsvorming en veranderende wetgeving. Het toekomstige Warmteprogramma is de opvolger van het Warmteplan Delft 2021. Dit Warmteprogramma wordt door alle gemeenten in Nederland voor 20261 opgesteld. In het Warmteprogramma Delft 2026-2035 maakt de gemeente kenbaar in welke wijken de gemeente de komende 10 jaar aan de slag gaat. Voor die wijken worden als eerste (warmte-)uitvoeringsplannen opgesteld. 1
De RES regio Rotterdam Den Haag is voornemens het warmteprogramma eind 2025 vast te stellen. 0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/67dbd67821681_TEMP_OPDF 3/12
Indien de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) wordt aangenomen2, beschikt de gemeente over de bevoegdheid wijken aan te wijzen waar op termijn de gaslevering wordt beëindigd. De (mogelijke) inzet van deze bevoegdheid: wordt ingezet bij het wijzigen van het omgevingsplan door de gemeenteraad, richt zich op het volledig aardgasvrij worden van alle gebouwen in dat gebied, is voorzien van noodzakelijke waarborgen zoals participatie, de beschikbaarheid van een alternatieve energievoorziening en betaalbaarheid. Wanneer de gemeente voornemens is de aanwijsbevoegdheid in te zetten, dienen het (warmte-)uitvoeringsplan en bijbehorende participatieproces als onderbouwing voor deze inzet. Vooralsnog is er geen sprake van wijzigingen van het omgevingsplan of inzetten van de aanwijsbevoegdheid. Naast de wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie, ligt er een wetsvoorstel Wet collectieve warmtevoorziening (Wcw) dat invloed heeft op de governance en het proces van komen tot een collectieve warmtevoorziening. Hoewel de exacte samenhang tussen wet en uitvoeringsplannen nog niet bekend is, zal bij het opstellen van de warmte-uitvoeringsplannen rekening worden gehouden met de komst van deze wet.
4
Overwegingen bij aanpak vervolg warmteuitvoeringsplannen
4.1 Integrale aanpak warmte-uitvoeringsplannen Gemeente Delft wil warmte-uitvoeringsplannen in met name kwetsbare wijken integraal oppakken in samenhang met andere thema’s zoals leefbaarheid, veiligheid en openbare ruimte. Integraliteit zal dus ook het uitgangspunt zijn in de warmte-uitvoeringsplannen in Voorhof en Buitenhof. Dit komt voort uit de Motie Energie in de wijken (2021), met daarin de volgende overwegingen: Dat de impact van de energietransitie op de samenleving groot is en dat daarmee gesproken kan worden van een maatschappelijke transitie; Dat voor het draagvlak en de slaagkans van deze maatschappelijke transitie het van belang is om breed te kijken naar de opgaven in de meest kwetsbare wijken; Het in het belang is van de snelheid van de energietransitie om winwinsituaties te vinden met belangrijke wijkopgaven zoals werkloosheid, eenzaamheid, klimaatadaptatie, veiligheid of anderszins; De opdracht is om in kaart te brengen welke andere belangrijke uitdagingen in de met name kwetsbare wijken spelen en deze in samenhang met de energietransitie op te pakken. In de afdoening (11 april 2023) is namelijk voorgenomen om in warmte-uitvoeringsplannen buurt voor buurt invulling te geven aan de koppelkansen met verduurzaming door inwoners en waar mogelijk samen te werken: Per kwetsbare buurt zal worden bekeken welke opgaven worden opgepakt.
Hiervoor zal worden geïnvesteerd in het gesprek met buurtbewoners en zal hulp worden geboden. Er is aansluiting nodig bij wat er speelt bij bewoners. Zo kan een 2
De Tweede Kamer stemde op 23 april in met het wetsvoorstel. De behandeling in de Eerste Kamer wordt nu schriftelijk voorbereid 0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/67dbd67821681_TEMP_OPDF 4/12
gecombineerde aanpak worden gestart met aandacht voor bijvoorbeeld het verbeteren van de openbare ruimte, schuldenproblematiek en gezondheid. En dan kunnen er stappen worden gezet in bijvoorbeeld het tegengaan van energiearmoede, het bestrijden van eenzaamheid of het creëren van werkgelegenheid3.
4.2 Aanpak en ervaringen WUP Multatulibuurt De Multatulibuurt kwam zowel in het Warmteplan Delft 2021 als in de Stadsanalyse zachte factoren (2022) naar voren als kansrijk om mee te starten. Dit leidde in september 2022 tot de keuze en het collegebesluit voor het opstellen van een WUP voor de Multatulibuurt. De ervaringen in het proces bieden inzichten en lessen om mee te nemen in de warmte-uitvoeringsplannen in Voorhof-Buitenhof. Afgelopen jaar vond in de buurt een intensief participatietraject plaats. In het najaar van 2022 is, samen met het project realisatie rioolvervanging, gestart met het opstellen van een Buurtpaspoort van de Multatulibuurt; een kwalitatief onderzoek naar de beleving van bewoners in de buurt. Sindsdien is brede participatie en communicatie opgezet vanuit de leefwereld van bewoners, is de gemeente laagdrempelig aanwezig in de buurt en worden initiatieven van bewoners gestimuleerd en ondersteund. Bewoners zijn gestimuleerd om na te denken over verduurzaming en om energie te besparen. Samen met woningeigenaren is onder begeleiding van een onafhankelijk bureau een open proces doorlopen om te komen tot een keuze voor een duurzame toekomstige warmtetechniek en de maatregelen die daarvoor nodig zijn. Naast de warmtepomp en airco met elektrische boiler is de mogelijkheid van een toekomstig warmtenet hierin meegenomen.
De gemeente stuurt niet op de techniekkeuze en is op zoek naar de oplossing(en) met het meeste draagvlak onder woningeigenaren en woningcorporaties. Najaar 2024 is het warmte-uitvoeringsplan gereed voor besluitvorming. Er is veel over geparticipeerd en daar is betrokkenheid en vertrouwen mee verkregen en we verwachten dat dit plan op draagvlak van de inwoners kan rekenen. Na besluitvorming door het college worden woningeigenaren (verder) gestimuleerd en ondersteund om maatregelen te nemen om aardgasvrij te worden. Het Rijk heeft financiële ondersteuning toegekend om deze woningen volledig te isoleren (Volkshuisvestingsfonds). Ook woningcorporaties zetten de komende jaren stappen om de woningen in deze buurt aardgasvrij te maken. Tegelijk vindt er een herinrichting en rioolvervanging plaats en een intensivering van inzet op sociaal vlak ten behoeve van de sociale samenhang, leefbaarheid en veiligheid in het kader van het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid in Delft West. Zo pakken we kansen op de thema’s energietransitie, buitenruimte en sociaal om gelijktijdig de buurt in te trekken of communicatiemomenten te combineren om onze zichtbaarheid en impact te vergroten. Al met al een langjarige en intensieve integrale aanpak om de buurt toekomstbestendig te maken.
Afgelopen jaar is veel ervaring opgedaan in de aanpak en geleerd in sociaal, technisch en financieel opzicht. Zo is geleerd dat veel verschillende bewoners bereikt kunnen worden en betrokkenheid kan ontstaan door met verschillende gemeentelijke afdelingen en partners gezamenlijk de buurt in te gaan, en zo persoonlijk en laagdrempelig het gesprek met inwoners te voeren. Ook 3
Raadsvoorstel Motie energie in de wijken: https://delft.notubiz.nl/document/12668604/1/2317235+Voorstel+van+het+college+aan+ de+raad+inzake+motie+Energie+in+de+wijken#:~:text=Motie%20Energie%20in%20de %20wijken%20is%20aangenomen%20in%20november%202021,en%20met %202030%20Rijksmiddelen%20komen. 0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/67dbd67821681_TEMP_OPDF 5/12
is geleerd dat door samen met woningeigenaren op te trekken in het onderzoeken van de mogelijke warmtetechnieken vertrouwen kan worden gewonnen. Tegelijk is gebleken dat er behoefte is aan concrete informatie over bijvoorbeeld de kosten en implicaties van aansluiten op een warmtenet. Daarom is het belangrijk hieromtrent eerst goed voorbereid te zijn voordat het participatieproces start en een duidelijk traject uit te stippelen. Deze lessen nemen we mee in het vervolgproces. In 2024 heeft de Delftse Rekenkamer onderzoek gedaan naar de energietransitie, onder meer naar de participatie in de Multatulibuurt. Geconcludeerd is dat de invulling van de participatie intensief en volgens gemeente én stakeholders succesvol is. Deze intensieve aanpak is wel lastig uit te breiden naar andere wijken, zeker als er meer wijken tegelijkertijd een participatietraject gaan doorlopen. Als aanbeveling wordt meegegeven om in volgende aanpakken te blijven evalueren en heldere uitgangspunten te formuleren.
De volgende waarden zijn daarbij aangedragen door de Delftse Rekenkamer: inclusie: is de vorm zo toegankelijk mogelijk voor betrokkenen? deliberatie: is de manier van gesprek, discussie en besluitvorming zuiver? transparantie: is het transparant wie, wanneer, waar en hoe over spreekt en besluit? zeggenschap: zijn de checks & balances op orde, (hoe) gaat verantwoordelijkheid samen met zeggenschap? efficiency: hoeveel geld, tijd en energie vraagt het? democratische vaardigheden: is iedereen voldoende toegerust om mee te doen, verantwoording te dragen voor het besluit en voor de uitvoering? De rekenkamer voegde daaraan toe dat per geval verschillende waarden van belang kunnen zijn: Je kunt niet op elke democratische waarde 100% scoren, het is altijd gemankeerd. Het is de kunst om de variatie aan vormen zo te maken dat de democratische kwaliteit zo hoog mogelijk is, gegeven de situatie en mogelijkheden. In de warmte-uitvoeringsplannen expliciteren wij de waarden zoals die door de Delftse Rekenkamer zijn aangereikt en zoals door de wethouder is toegezegd4.
4.3 Ervaringen andere gemeenten Ook landelijk is inmiddels aardig wat ervaring opgedaan met de aanpak van warmte-uitvoeringsplannen. Hoewel er wisselende successen zijn behaald, komt overal naar voren dat maatwerk per gebied en een intensieve persoonlijke benadering essentieel zijn. In het Programma Duurzame Wijkwarmte Zuid-Holland (DuWijZH) heeft de provincie Zuid-Holland in samenwerking met 9 gemeenten de leerpunten van 10 wijkwarmteprojecten gebundeld (april 2023)5. Op het gebied van het betrekken van inwoners wordt het volgende geconcludeerd: Het is belangrijk om verder te gaan dan alleen het organiseren van participatietafels met intrinsiek gemotiveerde bewoners. Buiten deze tafels zijn veel bewonersgroepen die geraakt worden door de overgang naar warmte onvoldoende vertegenwoordigd. Juist achter de voordeur van die bewoners liggen veel sociaal-maatschappelijke koppelkansen. Om die te kunnen benutten, is het essentieel om zelf in de wijk vertegenwoordigd te zijn en contacten te leggen met organisaties die al in de wijken actief zijn. Hiermee wordt ook de kans vergroot op een rendabele businesscase voor het warmtenet, omdat het aandeel mogelijke afnemers toeneemt als er in de wijk wordt samengewerkt. Daarnaast is het belangrijk om langjarige consistente en continue samenwerking en 4
Waarden Rekenkamerrapport Energietransitie Gemeente Delft (raadsinformatie.nl) Leerpunten uit het programma Duurzame Wijkwarmte Zuid-Holland: https://www.zuidholland.nl/publish/pages/31615/elena-leerpunten_uit_duwijzh_def.pdf 5
0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/67dbd67821681_TEMP_OPDF 6/12
communicatie te hebben. Warmtenetten zijn langjarige projecten waarop afnemers ook na realisatie nog kunnen aansluiten en waarover zij ook nadien nog vragen kunnen hebben. Ook in de proeftuinen van het Programma Aardgasvrije Wijken is ervaring opgedaan met het verduurzamen van wijken. Daaruit komt onder andere naar voren dat wettelijke bevoegdheden voor gemeenten een belangrijke, maar nog ontbrekende schakel zijn om tot een betaalbare transitie te komen. Uit de proeftuinen blijkt dat een aanpak op basis van vrijblijvendheid het lastig maakt om voldoende commitment op te bouwen voor collectieve technieken en dus ook om het beoogde tempo van verduurzaming te bereiken. Een gevoel van urgentie ofwel een stok achter de deur is nodig om de uitvoering van de warmtetransitie te laten slagen. Een voorbeeld is het inzetten van een eenmalige tijdelijke subsidie. Zo subsidieerde gemeente Rotterdam 90% van de aansluitkosten van een warmtenet voor particuliere eigenaren, maar slechts bij het eerste aanbod. De hoogte van subsidie voor aansluitingen in de toekomst was onzeker.
4.4 Bij een warmte-uitvoeringsplan staat participatie centraal Een buurt of wijk aardgasvrij maken kan alleen tot stand komen als er voldoende betrokkenheid is vanuit bewoners. Maar bewoners - vooral in kwetsbare wijken zoals deze - hebben vaak andere zorgen dan om bezig te zijn met de warmtetransitie, hebben onvoldoende vertrouwen in instanties, beheersen de Nederlandse taal soms in beperkte mate, vinden zichzelf te oud om eraan mee te doen, kunnen onvoldoende overzien wat de warmtetransitie voor hen betekent en wat er van hen wordt gevraagd, of zijn het bijvoorbeeld niet eens met de (voorgenomen) keuze voor een warmteoplossing. Dat betekent dat er aandacht nodig is voor participatie en communicatie en hier veel tijd en energie in gestoken moet worden. Per fase én per buurt of gebied in Voorhof-Buitenhof kunnen het participatieniveau (informeren, raadplegen, adviseren, coproduceren), de vorm en de methoden bij de totstandkoming van een warmte-uitvoeringsplan verschillen. De volgende zaken spelen hierin een rol: Verschillende doelgroepen, zoals (sociale) huurders, woningeigenaren en appartementseigenaren in VvE's hebben verschillende invloedsruimte. Eigenaren beslissen zelf hoe ze aardgasvrij willen worden; of ze een warmtepomp willen of een andere individuele oplossing, of dat ze op een collectief warmtenet willen aansluiten of niet.
Daarbij vraagt het een investering en raakt het mensen in hun huis. Particuliere huurders zijn afhankelijk van de verhuurder en sociale huurders van de woningcorporatie (waarbij de zeggenschap wettelijk is vastgelegd). Daarnaast zijn er eigenaren van overige gebouwen, zoals het maatschappelijk vastgoed, die hun eigen afwegingen moeten maken. Verschillende doelgroepen doorlopen ook verschillende processen. Waar een eigenaar van een grondgebonden woning zelf beslist over aardgasvrij worden, zijn appartementseigenaren met een collectieve aansluiting afhankelijk van de besluitvorming in de VvE. Dit zijn meerjarige besluitvormingstrajecten. Verschillende kenmerken van de gebouwde omgeving in de verschillende buurten zijn bepalend voor de participatie; zoals de verhouding hoogbouw en grondgebonden woningen, maar ook de aanwezigheid van 0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/67dbd67821681_TEMP_OPDF 7/12
maatschappelijke voorzieningen en verschillen in isolatiegraad vragen om een andere aanpak. Daarnaast is het verschil in organisatiegraad van bewoners per buurt bepalend voor de participatie, sommige buurten hebben een bewonersbelangenvereniging waar mee samengewerkt kan worden, andere niet.
Bovenstaande zaken vragen, samen met de omvang van de opgave en het collectieve karakter van een warmtenet (het slaagt alleen als voldoende mensen meedoen), om een zorgvuldig, open en transparant participatieproces.
5
Hoe ziet de aanpak voor volgende warmteuitvoeringsplannen in Voorhof en Buitenhof eruit In grote delen van Voorhof en Buitenhof is een warmtenet maatschappelijk gezien de beste warmteoplossing. Er wordt een warmtenet aangelegd (fase 1) dat overgedimensioneerd is om inbreiding naar andere delen van de wijken mogelijk te maken. Netverder onderzoekt de haalbaarheid van fase 2. In het aardgasvrij maken van deze wijken zal het warmtebedrijf een grote rol spelen. Tegelijk hoeft een warmtenet op dit moment niet de beste keuze te zijn voor elk individueel huishouden, en kan het bijvoorbeeld voor flats of grondgebonden eengezinswoningen verschillend zijn. Dit kan in de tijd veranderen. Daarom zal de gemeente in de aanpak van de warmte-uitvoeringsplannen in een participatieproces met de woningeigenaren en overige vastgoedeigenaren het gesprek voeren hoe zij het beste aardgasvrij kunnen worden. Welke warmtetechniek is voor hen het beste en welke isolatie- en andere maatregelen zijn daarvoor nodig? In het participatieproces is het warmtenet een mogelijke oplossing, maar niet de enige. Het is van belang dat eigenaren zelf een goed geïnformeerde keuze kunnen maken. Daarbij is de keuze aan de eigenaren, maar neemt de gemeente wel regie door het warmtenet als voorkeurstechniek (vanuit kostenefficiëntie en congestie) te ondersteunen en mogelijk te maken.
Er wordt niet één warmte-uitvoeringsplan voor heel Voorhof en Buitenhof opgesteld. Een gebied met de omvang van Voorhof en Buitenhof maakt in fasen de overstap naar schone energie. Een duurzame warmtevoorziening ontwikkelen en aanleggen kost tijd en vereist intensieve samenwerking met partners als vastgoedeigenaren, bewoners, netbeheerder en warmteleverancier. Dat is de ervaring bij de ontwikkeling van Warmtenet Delft fase 1 en zal bij een uitbreiding niet anders zijn. Ook de overstap naar alternatieve individuele warmteoplossingen is een proces van lange adem, waarbij individuen in hun eigen tempo stappen zetten. De organisatie en participatie van het opstellen van warmteuitvoeringsplannen zal daarom gefaseerd in geografisch afgebakende deelgebieden moeten plaatsvinden. De volgorde van warmte-uitvoeringsplannen in buurten of gebieden moet uitgewerkt worden. Dit is onder meer afhankelijk van de resultaten van de raadpleging en bijvoorbeeld van de technisch-juridische mogelijkheden om eigenaren in deelgebieden een aansluiting op een warmtenet te kunnen aanbieden. Maar bijvoorbeeld ook de planning van rioolvervanging of locaties waar woningcorporaties met verduurzamen aan de slag gaan zijn van invloed op de volgorde van uitvoeringsplannen in deelgebieden of buurten. Doordat er straks al
0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/67dbd67821681_TEMP_OPDF 8/12
een backbone ligt van fase 1 hoeft er niet per definitie vanaf de bron buurtgewijs van oost naar west gewerkt te worden. Mede afhankelijk van het karakter en van wat er speelt, krijgen volgende warmte-uitvoeringsplannen een eigen, op de buurt toegespitste, participatieaanpak. Zo zal in de ene buurt, waar veel corporatiebezit is dat al gerenoveerd is en wordt aangesloten op het warmtenet in fase 1, een minder intensieve participatieaanpak plaatsvinden dan in een andere buurt met bijvoorbeeld veel diversiteit in woning- en gebouwtypen, verschillende eigenaren en een goed georganiseerde bewonersbelangenvereniging. Ook de integrale aanpak zal per buurt verschillen, passend bij de fysieke en sociale uitdagingen van die buurt. In de ene buurt liggen er mogelijkheden om de werkzaamheden integraal op te pakken met de gevel tot gevel aanpak, in andere buurten zoeken we de integrale samenwerking meer op het vlak van leefbaarheid, gezondheid, veiligheid, energie besparen en klimaatadaptatie, zowel intern als met externe partijen zoals Wij West, Delft voor Elkaar, 015Duurzaam en Klimaatmaat.
5.1 Uitgangspunten en procesafspraken Concreet leidt dit tot een aantal uitgangspunten bij de participatieaanpak en een aantal procesafspraken voor het vervolg. De uitgangspunten zijn: Buurt voor buurt in gesprek: vanwege de omvang van Voorhof en Buitenhof zal de organisatie en participatie van het opstellen van warmteuitvoeringsplannen gefaseerd in geografisch afgebakende deelgebieden plaatsvinden. Pas als bekend is of fase 2 haalbaar en betaalbaar is, en wat het concreet voor inwoners betekent, kan de uitvoering van de participatie starten (anders duurt het proces voor inwoners te lang). Actief en integraal de buurten in: we zijn ons bewust dat de overstap op duurzame warmte veranderingen met zich meebrengt, waaronder kosten achter de voordeur en de betaalbaarheid daarvan. We gaan daarom actief in gesprek met de inwoners, waarbij de mix van participatiemethoden voor een zo groot mogelijk bereik van de verschillende doelgroepen wordt gezocht die past bij de buurt (bijvoorbeeld grote bijeenkomsten, huis-aanhuis of per VvE). Ook de integrale aanpak zal per buurt verschillen, passend bij de fysieke en sociale uitdagingen van die buurt. Individuele keuzevrijheid en collectieve ondersteuning: Het warmtenet is voor grote delen van Voorhof en Buitenhof maatschappelijk gezien de beste warmteoplossing, maar we weten niet of dat voor elk individueel huishouden de beste keuze is.
Dat moeten we verder uitzoeken en dat kan in de tijd veranderen door bijvoorbeeld het toegekend krijgen van Rijkssubsidies. We gaan in gesprek met de woningeigenaren en informeren hen daarbij objectief over de verschillende warmtetechnieken voor hun situatie, als alternatief voor aardgas. Daarbij is de keuze aan de eigenaren, maar neemt de gemeente wel regie door uitsluitend het warmtenet te ondersteunen en mogelijk te maken. Daarnaast (maar ook als onderdeel van bovenstaande uitgangspunten) expliciteren wij in de warmte-uitvoeringsplannen de waarden zoals die door de Delftse Rekenkamer zijn aangereikt en zoals door de wethouder is toegezegd aan de raad: inclusie: wij kiezen voor een mix van participatiemethoden en communicatiemiddelen die zo goed mogelijk aansluiten bij de behoeften van de verschillende doelgroepen. 0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/67dbd67821681_TEMP_OPDF 9/12
deliberatie: ons streven is erop gericht om inwoners adequaat te informeren en voldoende ruimte te geven om met de gemeente en met elkaar over oplossingen na te denken. transparantie: wij maken helder en uitlegbaar welke keuzes voor ons liggen en wie welke besluiten (kunnen) nemen. zeggenschap: wij geven aandacht aan de balans tussen zeggenschap en verantwoordelijkheid. efficiency: bij de aanpak van de warmte-uitvoeringsplannen wordt de verhouding tussen kosten en opbrengsten in het oog gehouden. democratische vaardigheden: wij geven aandacht aan de vraag of en hoe inwoners voldoende zijn toegerust voor deelname aan de participatieprocessen.
De procesafspraken zijn: 1. Actief en integraal bij uitvoering Warmtenet Delft fase 1 Bij de uitvoering van fase 1, wanneer leidingen aangelegd worden (vanaf najaar 2024) en de eerste gebouwen aangesloten zullen worden, informeren de woningcorporaties de betrokken huurders door de wijken in te gaan. De gemeente sluit hierop aan om inwoners actief te informeren over het brede verhaal van het warmtenet in Delft en de werkzaamheden in de openbare ruimte. Dit is mede van belang voor het creëren van draagvlak voor een goede start van fase 2. Om invulling te geven aan de integrale aanpak bij energietransitie en meer voor huurders in kwetsbare wijken te kunnen betekenen, worden bij het actief de wijk ingaan verbindingen gelegd en win-win situaties gezocht met andere thema's als sociale samenhang, leefbaarheid en de buitenruimte. Door intern samenwerking te zoeken met bijvoorbeeld de afdeling gebiedsbeheer kan extra aandacht en prioriteit voor meldingen op het gebied van schoon, heel en veilig bijdragen aan meer vertrouwen in de gemeente. En door bijvoorbeeld extern samen te werken met de corporaties, Delft voor Elkaar, 015Duurzaam en Klimaatmaat kunnen tegelijk stappen worden gezet in energie besparen, sociale cohesie en vergroenen. Dit is geen warmte-uitvoeringsplan op zichzelf, maar wel onderdeel van het WUP-proces. 2.
Raadpleging sociaal draagvlak Warmtenet Delft fase 2 In een vroeg stadium mensen betrekken en inzicht krijgen in wat mensen belangrijk vinden rondom het warmtenet is essentieel. Zo laten we de ontwikkeling zo goed mogelijk aansluiten bij de wensen en waardes van de mensen die de gevolgen ervan ervaren. Daarom participeren woningeigenaren in het ontwikkeltraject van uitbreiding van het warmtenet. Dit doen we in eerste instantie door middel van een raadpleging over de vormgeving van fase 2. Dit is in de huidige fase (concretisering duurt nog een aantal jaar) een goede manier om eenmalig een representatieve en grote groep te bereiken, en op legitieme wijze invloed te geven op de keuzes die de gemeente nu moet maken over de vormgeving van het warmtenet. Denk bijvoorbeeld aan mate van ontzorging, deelname aan het warmtebedrijf, duurzaamheidseisen, socialisering, etc. Zo worden de eigenaren bovendien tijdig en op uniforme wijze geïnformeerd. Concreet zijn voor de zomer van 2024 de ongeveer 4.000 woningeigenaren van Voorhof en Buitenhof uitgenodigd mee te doen aan het online onderzoek. Met aanbelacties in de buurt is extra uitleg gegeven en extra respons opgehaald. De resultaten vormen input voor de ontwikkeling van fase 2 en biedt aanknopingspunten voor het uitwerken van de volgorde van buurten. 0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/67dbd67821681_TEMP_OPDF 10/12
3. Uitwerken strategie en volgorde van buurten Warmtenet Delft fase 2 Omdat het zo'n groot gebied is, kunnen we niet de fases van de WUP zoals in de Multatulibuurt seriematig buurt voor buurt doorlopen. Er zullen onderdelen van het buurtpaspoort, scope bepaling en ontwerp deels parallel en deels van tevoren ingevuld moeten worden. We nemen de volgende stappen. Er wordt een schets (buurtpaspoort) per buurt uitgewerkt, op basis van de in het voorgaande genoemde factoren, zoals fysieke kenmerken, eigendomsverhoudingen, organisatiegraad van bewoners, resultaten van de raadpleging, koppelkansen als rioolvervanging of gebiedsontwikkelingen. Zo ontstaat een overzicht van kansrijke buurten om te starten en inzicht waar meer of minder intensieve participatie nodig is. In buurten met veel particulier bezit is veel gemeentelijke inzet op participatie nodig. Daar waar woningcorporaties eigenaar zijn, zoals de Gillisbuurt of Het Rode Dorp, geven zij (grotendeels) zelf invulling aan het participatieproces. Tegelijk onderzoekt het warmtebedrijf de haalbaarheid en betaalbaarheid van heel fase 2, en de mogelijkheid om deelgebieden gefaseerd aan te kunnen sluiten (ontwerp zogenaamde Warmte Overdracht Station-gebieden). Op basis hiervan wordt, in overleg met interne betrokken afdelingen en externe partners (o.a.
warmtebedrijf, woningcorporaties), de strategie en volgorde van buurten bepaald en de buurtgerichte participatie vormgegeven. We nemen daarbij de leerervaringen van elders in het land mee. 4. Starten participatieproces per buurt Als helder is wat uitbreiding van fase 2 concreet voor inwoners betekent, kan het participatieproces van de WUP in de buurten of deelgebieden starten. Afhankelijk van de snelheid die het warmtebedrijf kan maken en de beschikbare capaciteit kunnen 1 of meerdere buurten tegelijk starten. In eerste instantie gaat de gemeente per buurt of gebied met de particuliere en overige eigenaren het gesprek aan over de verschillende mogelijke warmtetechnieken en bijbehorende maatregelen. Daarvoor gaat ze op zoek en in gesprek met actieve bewoners(groepen) en stakeholders om samen de mix van participatiemethoden voor een zo groot mogelijk bereik van de verschillende doelgroepen in de buurt te bepalen, bijvoorbeeld huis-aan-huis, in grote bijeenkomst(en) of via de kanalen die een (bewoners)organisatie zelf heeft. Mogelijk kan aangehaakt worden bij lopende participatieprocessen en contacten die daarbij al gelegd zijn. Ook wordt gedacht aan een locatie in de wijk waar de verschillende technieken fysiek aanwezig zijn (warmtepomp, boilervat, afleverset), zodat het tastbaar wordt en gesproken kan worden over wat de implicaties zijn.
Inwoners kunnen zo een goed geïnformeerde afweging maken. Het resultaat is een beeld van hoeveel draagvlak er is voor de verschillende warmtetechnieken. In tweede instantie, als bewoners een concreet aanbod krijgen voor een aansluiting op het warmtenet, zal ook een belangrijke rol weggelegd zijn voor de warmteleverancier/het warmtebedrijf om inwoners individueel hierover te informeren. Daarnaast kan in de participatie en communicatie ook gedacht worden aan samenwerking met andere partners zoals bijvoorbeeld energiecoöperatie Deelstroom Delft. De besluiten die het college op basis van dit memo neemt, zijn: 0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/67dbd67821681_TEMP_OPDF 11/12
-
Prioriteit te geven aan de uitwerking van de warmte-uitvoeringsplannen van de wijken Voorhof en Buitenhof Bovenstaande voorgestelde uitgangspunten en procesafspraken als aanpak vast te stellen voor de warmte-uitvoeringsplannen in Voorhof en Buitenhof
0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/67dbd67821681_TEMP_OPDF 12/12