240624 Memo energiearmoede 2024-2025
Tekst van het document
Programma's en Projecten
bezoekadres: Stationsplein 1 2611 BV Delft IBAN NL21 BNGH 0285 0017 87 t.n.v. gemeente Delft 0-1 0Internet www.delft.nl Telefoon 14015 0 Aan
Maaike Zwart, Joelle Gooijer en Karin Schrederhof Van
Suzan Mannens Afschrift aan
Ons kenmerk 5904295 Datum
24-06-2024
Memo
Opsteller
Suzan Mannens Bijlage
Onderwerp Aanpak Energiearmoede 2024-2025
Inleiding Volgens onderzoek van het CBS en TNO viel in 2020 9,5% van de huishoudens in Delft binnen de definitie van energiearmoede. In 2022 was dat 10,4%. Ook landelijk is een stijging te zien. Het grootste deel van huishoudens met energiearmoede woont in een sociale huurwoning (51%). In deze memo beschrijven we 6 instrumenten waarmee we energiearmoede in 2024 en 2025 in Delft aanpakken. De meeste instrumenten worden gefinancierd uit de tweede tranche specifieke uitkering (SpUK) energiearmoede. Het Rijk verstrekt deze uitkering (€2.371.933 voor 2024 en 2025) aan Delft onder voorwaarde dat deze middelen worden besteed aan ondersteuning van huishoudens (huurders en eigenaar bewoners) met een laag besteedbaar inkomen die te maken hebben met hoge energielasten als gevolg van gestegen energieprijzen in combinatie met de lagere energetische kwaliteit van de woningen. De middelen moeten gericht zijn op het structureel verlagen van de energierekening of het energieverbruik van een woning. Het is niet toegestaan de middelen als financiële compensatie uit te keren. De eindtermijn van de besteding van de middelen is 31 december 2025. Opbouw memo Eerst lichten we toe wat energiearmoede is en wat de statistieken zijn in Delft. Vervolgens lichten we de aanpak en de bijbehorende instrumenten toe. We eindigen met gerelateerde projecten die er spelen en een financieel overzicht.
Energiearmoede Energiearmoede is een combinatie van factoren. In deze memo gaan we uit van de definitie die we ook in het Isolatieplan Delft hebben opgenomen. Met energiearmoede worden huishoudens bedoeld met - (categorie 1) een laag inkomen en een slecht energielabel (huizen met een laag definitief energielabel, label D of lager) en - (categorie 2) met een laag inkomen en een hoog energieverbruik/hoge energierekening (meer dan 10% van het besteedbaar inkomen en/of onvoldoende bestedingsruimte voor het doen van noodzakelijke uitgaven na het betalen van de energierekening).
0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/6690ffa08d8a5_TEMP_OPDF
Energiearmoede in Delft In 2022 viel 10,4% van de huishoudens in Delft binnen de definitie van energiearmoede. De wijk Buitenhof kende in 2022 met 21,7% het hoogste percentage energiearmoede in Delft, gevolgd door Voorhof (12,5%) en Vrijenban (10,8%). Uit het dashboard van Nederlandse Schuldhulproute (NSR) kunnen we de cijfers van 2023 halen. Dat geeft een vergelijkbaar beeld (zij gebruiken een iets andere definitie). In 2023 zijn er in Delft 7.730 woningen met een laag label (E, F en G) en laag inkomen tot 120%. In onderstaande tabel is een verdeling weergeven. Type woning Sociale verhuur Particuliere verhuur Koop Onbekend
Verdeling energiearmoede NSR 2023 51% 20% 25% 4%
Aanpak energiearmoede 2024-2025 Uitgangspunten Omdat de groep ‘sociale huur’ verreweg de grootste groep vormt, zetten we met de aanpak vooral in op huurders van sociale huurwoningen. Ook zetten we in op het verbeteren van de energetische kwaliteit van woningen. Sociale huurders/samenwerking met de corporaties Het grootste deel van de huishoudens met energiearmoede in Delft (51%) woont in een corporatiewoning. Deze doelgroep heeft zelf weinig tot geen mogelijkheden iets aan de huurwoning te doen en is voor een groot deel afhankelijk van partijen zoals de corporaties en de gemeente om de energierekening te verlagen. Het ligt dan ook voor de hand dat we in de aanpak de nadruk leggen op de huurders van de corporaties. Als we deze doelgroep niet meenemen, hebben we geen effectieve aanpak energiearmoede. De corporaties hebben zelf gezien hun brede taakveld en de op landelijk niveau gemaakte prestatieafspraken niet de middelen om extra of versneld energiebesparende projecten uit te voeren. Zeker in deze regio niet, omdat Haaglanden en Rijnmond de regio’s zijn met de grootste kloof tussen de opgave en de middelen. De gemeente heeft deze middelen wel in de vorm van de SpUK energiearmoede.
Er zijn landelijk voorbeelden van gemeenten (zoals Den Haag, Rotterdam en Zaanstad) die met de SpUk energiearmoede projecten financieren die de energielasten van sociale huurders verlagen, zonder dat sprake is van staatssteun. Deze insteek betekent overigens niet dat we op de stoel van de corporaties gaan zitten. De aanpak energiearmoede moet aanvullend zijn op landelijke verplichtingen die de corporaties zelf hebben voor hun woningbezit. Woningen met een slechte energetische kwaliteit Energiearmoede hangt af van verschillende factoren: een laag inkomen en óf hoge energiekosten óf een woning met een relatief lage energetische kwaliteit (slechte energielabels). Wij kunnen als gemeente met de huidige beschikbare middelen voor energiearmoede (SpUK) geen invloed uitoefenen op het inkomen van inwoners. 0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/6690ffa08d8a5_TEMP_OPDF 2/10
Ook de betaalbaarheid van energie valt buiten onze invloedsfeer. We kunnen inwoners wel helpen om minder energie te gebruiken, waardoor de energiekosten (bij gelijk blijven van de energieprijzen) zouden moeten dalen. De grootste winst is te behalen bij de aanpak van de energetische kwaliteit van woningen, bij onder andere gespikkeld bezit en VvE’s. Landelijk (en we hebben geen aanwijzingen dat dit in Delft anders is) is de sterkste toename in de energiearmoede te vinden bij de huishoudens van de energetisch slechtste woningen (label G en F). Het zijn niet perse inwoners met de laagste inkomens. Het zijn vaak wel huurders die geen zeggenschap hebben over hun woning of woningeigenaren met onvoldoende financiële middelen. Uit onderzoek van TNO1 blijkt dat huishoudens waarvan de woning is gerenoveerd meer besparen op hun maandelijkse energiekosten dan huishoudens met een nietgerenoveerde woning. Bij huishoudens waar een fixer/energiecoach langs is geweest, is de besparing ruim de helft tot twee derde minder dan gerenoveerde woningen. Renovaties hebben ook nog eens het sterkste positieve effect op het wooncomfort. Doelstelling We spannen ons tussen 2024 en 2026 in om minimaal 4.000 huishoudens intensief te ondersteunen. Dit aantal is ambitieus, maar met goede inzet ook haalbaar. We informeren een nog groter aantal huishoudens over mogelijkheden om energiearmoede aan te pakken.
Dit heeft tot effect dat energiearmoede en de gevolgen hiervan worden teruggedrongen. Met hoeveel procent de energiearmoede in 2026 moet zijn teruggedrongen, kunnen we niet concreet bepalen. Energiearmoede hangt af van meerdere factoren. Als we inzetten op het verbeteren van de energetische staat van de woning (dus isoleren naar beter energielabels) maar de energieprijzen stijgen drie keer zo hard, neemt energiearmoede naar verwachting niet af. Afhankelijk van de energieprijzen en de maatregelen die we nemen, kunnen we in zo’n geval wel de groei van aantallen huishoudens met energiearmoede remmen. Vandaar de keuze om aan te geven hoeveel huishoudens we willen bereiken. Instrumenten De aanpak bestaat uit 6 instrumenten die we inzetten om energiearmoede terug te dringen. Het gaat om instrumenten gericht op sociale huurcomplexen en het verbeteren van de energetische kwaliteit van de woningen. Daarnaast zetten wij reeds ingezette aanpak voort, dat vaak is gericht op kleine elektriciteits- en gasbesparingen. Sommige instrumenten kunnen op korte termijn worden uitgevoerd of worden gecontinueerd. Andere maatregelen moeten verder worden uitgewerkt en afgestemd met (mogelijke) partners. 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Energiebesparen bij sociale huurwoningen Gespikkeld bezit Inzicht, advies en begeleiding VvE’s Energiehulpen Witgoedregeling Holy Folie
1. Energiebesparen bij sociale huurwoningen
1
TNO rapport Effectmetingen van steunmaatregelen energiearmoede (juli 2023)
0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/6690ffa08d8a5_TEMP_OPDF 3/10
In november 2023 startte de Campagne energiehulp. Hiervoor sloegen de vier corporaties en de gemeente de handen ineen. Samen bieden zij energiehulp aan huurders van deze corporaties. Hiermee is de basis gelegd voor samenwerking tussen de corporaties en de gemeente op het gebied van energiearmoede. In 2024 werken we deze samenwerking verder uit en stimuleren we de woningcorporaties nog meer maatregelen te treffen. De vorm waarin is nog niet definitief. We adviseren te werken volgens een samenwerking zoals de gemeenten Den Haag, Rotterdam en Zaanstad met de corporaties zijn gestart. Zij hebben afgesproken zich in te spannen dat de SpUK energiearmoede daadwerkelijk wordt omgezet in acties die de huurders van woningcorporaties helpen aan lagere energielasten. De corporaties profiteren hier zelf niet van maar doen dit omdat ook zij zien dat energiearmoede een probleem is dat aangepakt moet worden. De corporaties krijgen de ruimte zelf projecten op te zetten die hun huurders helpen energie te besparen. Bijvoorbeeld waterzijdig inregelen, warmtepomp boilers voor een heel complex en zonnepanelen. Deze projecten worden gefinancierd uit de SpUK energiearmoede. De ‘opbrengst’ van deze projecten moet bij de huurder komen in de vorm van een lagere energierekening of lagere servicekosten als gevolg van lager energieverbruik.
De ingediende projecten mogen nadrukkelijk niet tot huurverhoging leiden voor de huurder of waardevermeerdering van het corporatiebezit. In de bijlage is een overzicht opgenomen van gemeenten en corporaties die zich samen inspannen om de SpUK energiearmoede daadwerkelijk om te zetten in acties die de huurders van woningcorporaties helpen aan lagere energielasten. 2. Gespikkeld bezit – pilot aanpak Bij gespikkeld bezit staan particuliere koop – en sociale huurwoningen door elkaar in appartementencomplexen of rijtjeswoningen. De particuliere koopwoningen vallen buiten de onderhouds- of renovatiewerkzaamheden die de corporaties uitvoeren. Huiseigenaren in deze situatie hebben vaak niet de financiële middelen om zelf de werkzaamheden uit te laten voeren. Met als gevolg dat renovatie helemaal niet plaatsvindt (bij VvE’s) of in het straatbeeld duidelijk onderscheid zichtbaar is in sociale huur en koopwoningen. Met de eerdere toekenning van middelen uit het Volkshuisvestingsfonds (VHF) wordt een begin gemaakt met het verduurzamen van gespikkeld bezit in hoogbouw in Delft West. De pilot die we vanuit energiearmoede op willen zetten, wordt een aanvullende aanpak bovenop de ‘VHF-aanpak’. De pilot energiearmoede richt zich in eerste instantie op grondgebonden gespikkeld bezit. Vanuit de aanpak energiearmoede werken we samen met een corporatie aan een pilot aanpak gespikkeld bezit.
Daar waar sprake is van gespikkeld bezit en de corporatie verduurzamingsplannen heeft, zoekt de gemeente aansluiting met particuliere huiseigenaren om na te gaan welke ondersteuning zij nodig hebben om bij de aanpak aan te sluiten. 3. Inzicht, advies en begeleiding VvE’s VvE’s vormen een groot deel van de Delftse woningvoorraad. Als een (grote) VvE stappen zet richting verduurzamen, levert dat een grote bijdrage aan het terugdringen van energiearmoede. Dit is de nieuwe tekst: Delft kent 1.600 VvE’s met meer dan 11.000 woningen. Zo’n 21% van de woningen in de Delft is onderdeel van een VvE. Hier komt ook energiearmoede voor. De ca. 110 grootste VvE’s in Delft hebben bij elkaar bijna 9.000 appartementen. Door deze VvE’s te ondersteunen bij de verduurzaming 0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/6690ffa08d8a5_TEMP_OPDF 4/10
wordt niet alleen substantiële bijdrage geleverd aan doelstellingen voor wat betreft verduurzaming van de bebouwde omgeving, maar tegelijkertijd ook flinke stappen gezet voor wat betreft het terugdringen van energiearmoede. In het isolatieplan Delft zijn al maatregelen genoemd om deze woningvoorraad te verduurzamen. Ook Volkshuisvestingsfonds heeft geld toegekend om VvE’s te verduurzamen. De aanpak energiearmoede versterkt deze aanpakken en biedt zo mogelijkheid om nog meer VvE’s te ondersteunen. Het verduurzamen binnen een VvE is ingewikkeld door complexe besluitvorming en splitsingsaktes. Ook de houding en mogelijkheden van de bewoners van de VvE, de organisatiegraad en vooral de reserves spelen mee. We zetten verschillende instrumenten in om VvE’s met energiearmoede te helpen: Inzicht in de totale opgave We maken een kwantitatieve en kwalitatieve analyse van de omvang, wensen en behoeften van Delftse VvE’s. Hierdoor krijgen we inzicht in de opgave en wat er nodig is om te verduurzamen. Specifiek weten we dan waar energiearmoede is en wat er nodig is om deze VvE’s te ondersteunen. Dit vormt de basis voor een weloverwogen aanbod voor VvE’s met energiearmoede. Inzicht per VvE Om VvE’s zover te krijgen dat zij maatregelen kunnen (laten) nemen, is inzicht in het gebouw en de te nemen maatregelen nodig.
Daarbij is het belangrijk om een helder beeld te krijgen van of een VvE bijvoorbeeld organisatorisch en financieel de zaken op orde heeft. Dit inzicht kunnen wij bieden door scans aan te bieden; juist ook aan VvE’s die minder goed zijn georganiseerd. Het verkrijgen van dit inzicht is ook belangrijk om te bepalen aan welke randvoorwaarden (nog) moet worden voldaan voordat kan worden overgegaan tot verdere begeleiding, het opstellen van een maatwerkadvies of het daadwerkelijk laten uitvoeren van duurzaamheidsmaatregelen. Procesbegeleiding en ondersteuning Juist bij VvE’s met een lage organisatiegraad komen achterstallig onderhoud, gebrekkige isolatiegraad en energiearmoede voor. Om deze groep te helpen om maatregelen te nemen, hebben deze VvE-besturen meerjarig ondersteuning nodig. Met de beschikbare middelen kunnen we proactief procesbegeleiding bieden aan VvE’s. Deze procesbegeleiding ondersteunt onder meer bij het verkrijgen van inzicht in de stappen die VvE's moeten zetten, ondersteunt bij het laten uitvoeren van de maatregelen en ondersteunt bij het aanvragen van (rijks)subsidies voor het nemen van isolatiemaatregelen.. 4. Energiehulpen Energiehulpen zijn betaalde krachten. Zij komen op verzoek van inwoners in de woning. Daar brengen zij gratis kleine energiebesparende maatregelen aan. Ook geven zij tips om door middel van gedrag energie te besparen.
Sinds 2022 zijn de energiehulpen bij ongeveer 2.000 huishoudens binnen geweest. We zetten dit instrument voort. 5. Witgoedregeling De witgoedregeling vergoedt een bedrag van € 500,- voor een nieuwe, energiezuinige koelkast, koelvriescombinatie òf wasmachine. De witgoedregeling is gekoppeld aan de Energiehulp. Het is daardoor geen op zichzelf staande regeling 0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/6690ffa08d8a5_TEMP_OPDF 5/10
die uitsluitend om het apparaat gaat maar om een combinatie van maatregelen waarmee energie kan worden bespaard. Sinds de start van dit instrument, zijn 500 vouchers uitgedeeld. We zetten dit instrument voort. 6. Holy Folie Een Holy Folie team bestaat uit studenten van de Social Hub. Zij bezoeken studentenhuizen. Deze studentenhuizen melden zichzelf hiervoor aan. Het Holy Folie team brengt exemplaren van kleine energiebesparende maatregelen aan, waarna de bewoners zelf de tijd krijgen om de rest van de maatregelen toe te passen. Het team laat een informatiebrief achter met verschillende maatregelen die studenten zelf kunnen ondernemen om energie te besparen. Ook laat het team een brief achter gericht aan de huisbazen, die de bewoners zelf kunnen sturen. De Holy Folie aanpak is gestart in 2023 en heeft ook voor 2024 subsidie aangevraagd om de werkzaamheden uit te voeren. Relaties met andere domeinen, plannen en programma’s Isolatieplan Delft De aanpak energiearmoede sluit nauw aan bij het Isolatieplan Delft. In dat plan zijn vier doelgroepen beschreven. Daaronder ook de doelgroep met een laag inkomen die woont in een woning met een slecht energielabel. De aanpak energiearmoede vult de aanpak uit het Isolatieplan aan met meer ondersteuning aan de corporaties, aandacht voor kleine energiebesparende maatregelen en tenslotte voor uitgebreidere aandacht voor VvE’s.
Sociaal domein De samenwerking tussen energiearmoede en het sociaal domein, meer specifiek armoedebestrijding en schuldhulpverlening, is het meest intensief bij de energiehulpen. We intensiveren de samenwerking in de toekomst nog meer. Het is bijvoorbeeld belangrijk dat alle consulenten van Werkse! en Delft Support weten welke regelingen er voor inwoners zijn en hoe zij energiearmoede kunnen herkennen. Daarnaast kunnen de energiehulpen inwoners met een laag inkomen wijzigen op verschillende regelingen van de gemeente. Wonen In de nationale prestatieafspraken staat dat de corporaties alle woningen met energielabel E of lager aanpakken en omvormen naar woningen met een energielabel D of hoger. Inzetten op een goed geïsoleerde en gasvrije sociale huurwoningvoorraad, is bovendien een belangrijk instrument in de aanpak van energiearmoede. Dit wordt meegenomen in de prestatieafspraken. Alliantie Wij West Energiearmoede is het grootst in Buitenhof, daarna volgt de wijk Voorhof en ook in Tanthof heeft bijna 10% van de huishoudens energiearmoede. Deze drie wijken vallen binnen Delft West. We werken in deze wijken zoveel mogelijk vanuit de alliantiegedachte: huurderscommissie, corporaties, gemeente en bewoners zetten zich samen in voor energiearmoede.
Financiën In bijlage 1 is te zien welke middelen er voor energiearmoede 2024-2025 beschikbaar zijn en hoe ze worden verdeeld over de 6 instrumenten. In totaal is er € 3.969.933 beschikbaar in 2024 en 2025. De middelen bestaan uit - SpUK Energiearmoede 2e tranche 2024-2025 (€2.371.933) en resterende middelen SpUK Energiearmoede 1e tranche 2022-2023 (€1.035.000).Totaal € 3.406.933 0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/6690ffa08d8a5_TEMP_OPDF 6/10
-
Rijksmiddelen voor ‘flankerend beleid energiearmoede’ (€343.000) Uit de reserve beleid en uitvoering naar programma Duurzame Stad. In totaal € 430.000 evenredig te verdelen over 4 jaar. Voor 2024 en 2025 is jaarlijks € 110.000 beschikbaar.
De tijd om de middelen uit te geven is krap. De eindtermijn van de besteding van het grootste deel van de middelen (de SpUK energiearmoede) is 31 december 2025. Geld uit die SpUK dat we tot die tijd niet hebben uitgegeven, moeten we terugbetalen aan het Rijk. Door de middelen te spreiden over verschillende instrumenten en uitvoerende partijen, vergroten we de kans dat we de middelen daadwerkelijk voor het doel kunnen uitgeven.
0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/6690ffa08d8a5_TEMP_OPDF 7/10
Bijlage 1: Overzicht van instrumenten aanpak energiearmoede Instrument Energiebesparen bij sociale huurwoningen
Doelgroep Huurders
Gespikkeld bezit
Huur en koop (waarbij de gemeente koop ondersteunt) Huur en koop
Inzicht, advies en ondersteuning van VvE’s - Inzicht in de totale opgave VvE’s -
Inzicht per VvE
-
Procesbegeleiding VvE’s
Huur en koop
Energiehulpen
Huur en koop
Witgoedregeling
Huur en koop
Holy Folie Communicatie Ambtelijke capaciteit Totaal
Studentenhuizen
Dekking SpUK Energiearmoede 2e tranche 2024-2025 (€2.371.933) en resterende bedrag SpUK Energiearmoede 1e tranche 2022-2023 (€1.035.000) SpUK Energiearmoede 2024-2025
Planning Vanaf Q3 2024-2025
Doel 2.000 woningen
Vanaf Q3 2024-2025
nnb
20 VvE’s per jaar Rijksmiddelen voor ‘flankerend beleid energiearmoede’ (€343.000) Rijksmiddelen voor ‘flankerend beleid energiearmoede’ Uit de reserve beleid en uitvoering naar programma Duurzame Stad (€ 110.000 per jaar) SpUK Energiearmoede Rijksmiddelen voor ‘flankerend beleid energiearmoede’ SpUK Energiearmoede SpUK Energiearmoede SpUK Energiearmoede SpUK Energiearmoede € 3.969.933
0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/6690ffa08d8a5_TEMP_OPDF 8/10
Vanaf Q2 2024-2025
2024-2025 2024-2025
2024
750-1.000 woningen in 2025 1.200 adressen
50 studenten huizen
Bijlage 2: Overzicht van gemeenten en corporaties die zich samen inspannen huurders van woningcorporaties aan lagere energielasten te helpen Onderstaande gemeenten hebben binnen de regels van staatsteun een aanpak ingezet waarbij de woningcorporaties de ruimte krijgen zelf plannen op te zetten en uit te (laten)voeren. Alle plannen hebben tot doel de energierekening van de huurders te verlagen. De corporaties profiteren hier zelf niet van maar doen dit omdat ook zij zien dat energiearmoede een probleem is dat aangepakt moet worden. De Rijksmiddelen in de vorm van SPUK energiearmoede maken de uitvoering van deze plannen mogelijk. Op deze manier kan de grootste doelgroep binnen energiearmoede (de huurders bij woningcorporaties) worden geholpen aan een lagere energierekening, Deze doelgroep heeft zelf weinig tot geen mogelijkheden iets aan de huurwoning te doen en is voor een groot deel afhankelijk van partijen zoals de corporaties en de gemeente. Den Haag De gemeente Den Haag stelde een convenant op met de corporaties. Samen spraken zij af zich in te spannen het energieverbruik van de doelgroep te verminderen. De gemeente verstrekt een deel van de SPUK energiearmoede aan de corporaties, zodat dit bedrag kan worden benut om de energielasten van deze huurders te verlagen.
Te denken valt onder meer, maar niet uitsluitend, aan het waterzijdig inregelen van blokverwarming of soortgelijke CV-systemen, het aanbrengen van zonnepanelen en/of het plaatsen van douches met een warmteterugwinsysteem bij (studenten) woningen met gedeelde badkamers. Het gaat uitsluitend om maatregelen die de energierekening van de huurder verlagen. De in te dienen projecten zijn extra projecten, dat wil zeggen dat de projecten geen regulier of gepland onderhoud zijn of reeds onderdeel uitmaken van de planning van de corporaties voor woningverbetering en het ook niet gaat om versnelling van bestaande projecten. Inmiddels zijn de beschikbare middelen bijna helemaal besteed. De ervaring is dat de extra middelen de corporaties de gelegenheid geven de energiekosten van hun huurders te verlagen. De corporaties zouden deze maatregelen niet uit eigen middelen financieren, omdat zij er zelf niet beter van worden en er te weinig middelen zijn om dit soort extra’s te financieren. Hun eigen middelen zetten de corporaties in voor meer toekomstbestendige maatregelen zoals isolatie. Voor bv Tl-verlichting die nog werkt, is het voor een corporatie niet noodzakelijk deze te vervangen door energiezuiniger verlichting. Met de middelen van de gemeente kan deze verlichting toch worden vervangen. Hier profiteert de huurder direct van.
Andere voorbeelden van genomen maatregelen in Den Haag zijn waterzijdig inregelen, warmtepomp boilers voor een heel complex en zonnepanelen (voor collectief gebruik). Doordat de gemeente de kosten volledig financiert, hoeft de corporatie ook geen servicekosten te verhogen. Op deze manier profiteert de huurder volledig van de maatregelen en hoeft de woningcorporatie geen afweging te maken tussen investeren in energiebesparende maatregelen of onderhoud/toekomstbestendige maatregelen. Zaanstad De gemeente Zaanstad en alle woningcorporaties tekenden het Zaans Convenant energiearmoedebestrijding Wonigbouwcorporaties en gemeente. Ook zij spannen zich samen in het energieverbruik van de huurders in corporatiewoningen te verminderen. Uitgangspunt daarbij was; 1. Verdeling geld conform energielabel, 2. Alle maatregelen die volgens de SPUK middelen uitgevoerd mogen worden en 3. Woco’s mochten zelf kiezen welke maatregelen het beste passen bij hun huurders en bezit (plan met activiteiten), mits ze de huur maar niet verhogen. De voorbeelden van maatregelen die de woco’s hebben ingediend: zon PV, batterij, led-verlichting, isolatie/tochtmaatregelen. In Zaanstad is gekozen voor een subsidierelatie. Zij leggen daarbij een Dienst van algemeen economisch belang op (DAEB), zodat ze wegblijven van staatssteun. 0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/6690ffa08d8a5_TEMP_OPDF 9/10
Haarlem De gemeente Haarlem subsidieert een verwarmingssysteemaanpak die volledig wordt uitgevoerd door de woningcorporatie. De woningcorporatie heeft hiervoor een subsidieaanvraag ingediend bij de gemeente. Met dit geld voert de corporatie zelf de aanpak uit. Met de verwarmingssysteemaanpak wordt het verwarmingssysteem bij huishoudens geoptimaliseerd, bijvoorbeeld door waterzijdig inregelen, doorspoelen van oude radiatoren en het plaatsen van radiatorventilatoren. Waar mogelijk worden de werkzaamheden gelijktijdig met het reguliere onderhoud van de cv-installatie of plaatsing van een nieuwe installatie uitgevoerd. Capelle aan den IJssel Deze gemeente heeft de basis van het convenant van de gemeente Den Haag overgenomen en er kleine wijzigingen aan toegevoegd. Onder andere woningcorporatie Woonbron heeft met de beschikbare subsidie ledverlichting aangebracht in een zorgcomplex. Rotterdam De gemeente Rotterdam past een uitgebreidere versie van het Haagse convenant toe: alle maatregelen zijn toegestaan als deze de energierekening van de sociale huurders maar dalen. Een externe jurist heeft onderzoek gedaan naar staatssteun. Er blijkt veel mogelijk te zijn als de DAEBregeling wordt toegepast.
Voorwaarden zijn dat de verhuurder de huur niet mag verhogen naar aanleiding van de toegepaste maatregel, het vastgoed niet binnen 6 jaar mag verkopen en er moet een terugvorderingsvereiste zijn. De corporaties hebben de middelen ingezet voor zonnepanelen, extra isolatie en vervroegd vervangen van ketels. De ingediende projecten waren extra, aanvullend op bestaande plannen of zorgden ervoor dat projecten vervroegd konden worden uitgevoerd.
0/mnt/SAN/_hosted_documents/opdf_files/opdf_temp_files/6690ffa08d8a5_TEMP_OPDF 10/10