CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

2324348 Voorstel van de R&A-commissie aan de raad inzake Advies jaarstukken 2022

Raadsvergadering 29 juni 2023, gemeente DelftBij agendapunt: Gewijzigd voorstel van het college aan de raad inzake jaarstukken 2022 (nr. 2325367)3.618 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Van Datum Pfh. Steller e-mail Programma Griffienr.

: Rekening & Auditcommissie : 16 juni 2023 : n.v.t. : A.I. de Boer : adboer@delft.nl : alle programma’s : 2324348

Onderwerp

: Advies Rekening- & Auditcommissie jaarstukken 2022

Gevraagde beslissing: Instemmen met de volgende adviezen van de Rekening- & Auditcommissie over de jaarstukken 2022: A. Advies 2022-1: Onderzoek de mogelijkheden om te rapporteren op brede welvaart B. Advies 2022-2: Standaardiseer de financiële paragraaf in raadsvoorstellen 1. Aanleiding en bevoegdheid De opdracht voor de Rekening- & Auditcommissie (R&A) voor het opstellen van een advies bij de jaarstukken vloeit voort uit de “Verordening Rekening & Auditcommissie”. De R&A-commissie is afgelopen weken aan de slag geweest om zich een oordeel te vormen over de jaarstukken. De commissie richt zich in haar adviestraject op de planning & control-aspecten van de jaarstukken. In dit advies treft u de weergave van de bevindingen en aanbevelingen aan. 2. Proces De gemeentelijke jaarstukken zijn op 19 mei 2023 beschikbaar gesteld. Op 26 mei 2023 heeft de commissie het concept-accountantsverslag en een collegebrief over de opvolging van de uitgebrachte adviezen ontvangen ten behoeve van bespreking in de R&Avergadering van 31 mei 2023. Het definitieve accountantsverslag en de collegereactie hierop zijn op 9 juni ontvangen, waarna het verslag en de collegereactie zijn gepubliceerd op het RIS. Tijdens de R&A-vergaderingen is door zowel de accountant alsook de R&A-commissie waardering uitgesproken voor de kwaliteit van de jaarrekening.

Ten aanzien van tijdige aanlevering van jaarstukken van verbonden partijen geldt dat van niet alle geprioriteerde verbonden partijen de jaarstukken tijdens het adviestraject zijn ontvangen. De jaarstukken van Yes!Delft en de Coöperatieve Vereniging beheer Groengebieden waren ten tijde van publicatie van dit advies nog niet beschikbaar. De R&A-commissie verzoekt het college zijn invloed blijvend aan te wenden in het kader van tijdige toezending. Dit met het oog op het belang van tijdig beschikbare verantwoordingen over de inzet van publieke middelen en benodigde bijsturingsmogelijkheden, wanneer daartoe aanleidingen bestaan vanuit de verantwoordingen. Tijdens het adviestraject zijn door R&A-leden verschillende technische vragen gesteld; de commissie dankt de ambtelijke organisatie voor de ontvangen antwoorden. Omdat de antwoorden ook voor overige raadsleden verheldering kunnen bieden, is het overzicht met de vragen en antwoorden bij de vergaderstukken van de R&A-vergadering van 14 juni en de commissie Algemeen van 22 juni 2023 gepubliceerd. 1

3.

Aandachtspunten en adviezen bij jaarstukken 2022

3.1 Aandachtspunten Omdat het accountantsverslag onderdeel uitmaakt van de bestuurlijke behandeling worden niet alle adviezen van de accountant hier in detail herhaald. Wel benadrukt de R&A-commissie richting college en raad het belang van de aandachtspunten die de accountant meegeeft. Leesbaarheid blijft aandachtspunt Hoewel de leesbaarheid en informatiewaarde van de jaarstukken over het algemeen goed zijn, benadrukt de commissie dat dit altijd een belangrijk aandachtspunt blijft, met mogelijkheden voor verbetering. De commissie is dan ook erg blij met de samenwerking tussen leden van de commissie en de ambtelijke organisatie in de werkgroep Leesbare Begroting en Jaarstukken. In dit kader sluit de commissie zich ook aan bij de oproep van de accountant om de informatiewaarde nog verder te verbeteren door vaker redengevend te zijn en een toelichting te geven op het effect op het bereiken van doelstellingen op de langere termijn en wat het college hiervan vindt. De commissie is zich hierbij bewust van het terugkerende dilemma tussen enerzijds de behoefte om zo goed mogelijk geïnformeerd te zijn en anderzijds de wens om de omvang van de jaarstukken enigszins behapbaar te houden.

Overzicht stand van zaken investeringen en meer kwalitatieve duiding Naar aanleiding van een vraag in de R&A-vergadering van 31 mei 2023 is vanuit de ambtelijke organisatie een totaaloverzicht met de stand van zaken investeringen ontvangen. Dit overzicht werd door de commissie erg gewaardeerd en was tegelijkertijd aanleiding voor een heel aantal vragen. Hierbij werd geconstateerd dat juist de (in dit geval mondelinge) toelichting en kwalitatieve duiding bij ontwikkelingen, de raad helpt om een oordeel te vormen. De commissie stelt voor om volgend jaar weer een dergelijk overzicht aan te leveren en hierbij al zoveel mogelijk de door de commissie gestelde vragen mee te nemen (desgewenst in een eerder stadium nog nader af te stemmen met de commissie en/of griffier). In zijn algemeenheid merkt de commissie op dat juist iets meer kwalitatieve duiding bij ontwikkelingen, bijvoorbeeld met betrekking tot investeringen of risico’s, het eenvoudiger maakt om een oordeel te vormen bij de cijfers. 3.2 Adviezen Om de kwaliteit van de planning & control-cyclus verder te verbeteren heeft de commissie een tweetal aanbevelingen opgesteld. Daarnaast wordt hieronder de opvolging van aanbevelingen uit voorgaande jaren bezien.

Advies 2022-1: Onderzoek de mogelijkheden om te rapporteren op brede welvaart De accountant stelt dat lokale overheden in steeds grotere mate te maken hebben met complexe duurzaamheidsopgaven zoals klimaatadaptatie en het verbeteren van de leefomgeving. Om beter op deze opgaven te kunnen sturen adviseert de accountant om klimaaten duurzaamheidsdoelstellingen onderdeel te laten zijn van de P&C-cyclus. Hiervoor zullen opgaven, kansrijke maatregelen en indicatoren moeten worden geïdentificeerd en verankerd moeten worden in de P&C-cyclus. De accountant raadt aan hierbij ook gebruik te maken van de Monitor Brede Welvaart van het CBS. Deze monitor biedt een vaste set aan indicatoren om de ontwikkeling van welvaart in de brede zin van het woord (economisch, ecologische en sociaalmaatschappelijk) in kaart te brengen. In andere gemeenten, bijvoorbeeld de gemeente Haarlem, gebeurt dit inmiddels. 2

In zijn reactie meldt het college inmiddels stappen genomen te hebben om klimaat- en duurzaamheidsdoelstellingen onderdeel te maken van de P&C-cyclus. De commissie beveelt aan om te onderzoeken in hoeverre de Monitor Brede Welvaart gebruikt kan worden om zoveel mogelijk aan te sluiten op landelijke indicatoren en metingen en een vergelijkbaar inzicht te geven. De commissie vraagt het college om uiterlijk in november 2023, in een reactie op dit advies, aan te geven in hoeverre het college het rapporteren op de indicatoren uit de Monitor Brede Welvaart zinvol en mogelijk acht, welke moeilijkheden hij voorziet en welke consequenties dit heeft qua benodigde middelen of ambtelijke capaciteit. De commissie benadrukt hierbij dat zij niet voor ogen heeft om nieuwe doelen en indicatoren toe te voegen aan de in de bijlage bij de begroting 2023 beschreven doelen en indicatoren. De Monitor Brede Welvaart zou vooral bij kunnen dragen aan het eenvoudiger inzichtelijk maken en vergelijkbaar maken van bereikte resultaten. Advies 2022-2: Standaardiseer de financiële paragraaf in raadsvoorstellen Met betrekking tot het zicht op de financiële positie van de gemeente merkt de accountant op dat standaardisering van de financiële paragraaf in raadsvoorstellen zou kunnen helpen om de grip op de financiële conditie van de gemeente te vergroten.

De commissie ondersteunt dit advies, maar trekt dit graag breder. Na het bekijken van de paragraaf ‘Financiën’ in een aantal recente raadsvoorstellen, wordt opgemerkt dat de informatiewaarde in deze paragraaf erg wisselend is. Uiteraard is dit afhankelijk van de aard van het raadsvoorstel, maar ook bij vergelijkbare voorstellen worden de financiële consequenties verschillend beschreven. Zo worden ze soms uitgebreid beschreven en toegelicht. Soms wordt expliciet verwezen naar eerdere besluiten of relevante passages uit de P&C-documenten en soms wordt volstaan met de opmerking dat een voorstel uitvoerbaar en haalbaar is uit een eerder vastgesteld investeringskrediet De commissie vraagt het college om met een voorstel te komen voor een standaard-format in de paragraaf ‘financiën’ in raadsvoorstellen, dat de raad moet helpen om, zonder al te veel zoeken, te oordelen over de effecten van de voorgestelde besluiten en de relatie met eerdere P&C stukken. Hierbij kan het college ook aangeven bij welk soort raadsvoorstellen dit format gebruikt wordt en bij welke dit niet nodig wordt geacht (bijvoorbeeld vanwege de aard van het voorstel, of de geringe impact van het te nemen besluit).

3

3.3 Follow up openstaande R&A-adviezen voorgaande jaren: Hieronder wordt ingegaan op de beoordeling door de R&A-commissie van de follow up van adviezen uit voorgaande jaren. Bij elk advies is via een √ (vinkje voor afgewikkeld) of een O (openstaand) aangegeven wat de status bij de jaarrekening 2022 is.

Advies 2021-1: Betrek de raad vroegtijdig bij het ontwikkelen van nieuwe indicatoren. Toelichting R&A-advies De afgelopen jaren heeft de commissie regelmatig geconstateerd dat sommige van de indicatoren, die gebruikt worden om te bepalen of een doel bereikt is, minder bruikbaar zijn dan vooraf gehoopt. Het is aan de hand van deze indicatoren dan ook niet altijd even eenvoudig om te bepalen in hoeverre uitgaven en inspanningen hebben bijgedragen aan het wel of niet behalen van een doel. De commissie realiseert zich dat niet alles even meetbaar is en dat het zoeken van de juiste indicatoren bij elk doel een ingewikkelde opgave is. Bovendien kan een gekozen indicator in de loop der jaren minder bruikbaar blijken te zijn en zou het tussentijds veranderen van indicatoren het moeilijker maken om verschillende jaren te vergelijken. Het begin van een nieuwe raadsperiode met mogelijk nieuwe doelen en bijbehorende indicatoren lijkt de commissie daarom bij uitstek een goed moment om de te gebruiken indicatoren nog eens goed tegen het licht te houden. De commissie stelt voor dat het college, voordat de te gebruiken indicatoren weer voor vier jaar worden vastgelegd, met de raad in gesprek gaat over de indicatoren.

Bijvoorbeeld door de te gebruiken indicatoren voor te leggen aan de raad en deze te bespreken op een beeldvormende avond, zodat de raad vooraf de kans heeft om input te geven over de bruikbaarheid van de voorgestelde indicatoren. Collegereactie november 2022 (2246579) Hiertoe heeft op 7 september jl. een raadsavond plaatsgevonden. De concept-indicatoren zijn voorafgaand hieraan op 19 augustus jl. toegezonden, om alvast input te kunnen leveren om op deze avond te kunnen bespreken. De presentatie en een aanvullende beantwoording gestelde vragen zijn aan raads- en commissieleden ter beschikking gesteld. Verder geldt dat meetbare streefcijfers ook gekoppeld kunnen zijn aan specifieke beleidsnota’s of projectrapportages en niet per definitie onderdeel van een programmabegroting hoeven te zijn. Dit maakt dat op meerdere momenten het gesprek over indicatoren is te voeren. Stand van zaken bij de jaarstukken 2022: √ De commissie dankt de ambtelijke organisatie voor de beeldvormende avond op 7 september 2022 en het verslag over de opvolging hiervan. Voor wat betreft de opmerking dat er soms ook meetbare streefcijfers aan specifieke projectnota’s worden verbonden, spreekt de commissie uit dat het ook in dit soort gevallen op prijs gesteld wordt als raads- en commissieleden vooraf geconsulteerd worden over de verwachte bruikbaarheid van voorgestelde indicatoren.

De commissie beschouwt dit advies als afgedaan.

4

Advies 2021-2: Reflecteer op de verhouding tussen incidentele en structurele baten en lasten en geef een doorkijkje naar de verwachtingen voor de komende jaren. Toelichting R&A-advies De commissie ziet in de jaarstukken een spanning in de verhouding tussen de incidentele baten en lasten ten opzichte van de structurele baten en lasten. De commissie vraagt zich af welke negatieve effecten het college ziet als er relatief veel incidentele baten en lasten zijn. Leidt dit bijvoorbeeld tot een minder efficiënte bedrijfsvoering of hogere kosten? En hoe beïnvloedt dit de mogelijkheden om vooruit te kijken? De commissie vraagt het college om in een notitie te reflecteren op de huidige verhouding tussen incidentele en structurele baten en lasten en de effecten hiervan en hierbij ook in te gaan op de verwachtingen hierover voor de komende jaren. Collegereactie november 2022 (2246579) Zoals bij de behandeling van de jaarstukken 2021 toegelicht door het college, zou dit invulling krijgen via extra aandacht voor dit onderwerp in de programmabegroting en niet via een notitie. Zie hiertoe ook de paginaverwijzingen in de onderstaande toelichting. Als er relatief veel incidentele baten en lasten zijn, heeft dit niet direct negatieve effecten. Het niveau van incidentele baten en lasten zegt niets over de efficiency van de bedrijfsvoering en/of het niveau van de kosten.

Voor behoud van een gezonde financiële positie dienen structurele lasten gedekt te worden door structurele baten. Vanuit het financieel toezicht door de provincie wordt aan de begroting de eis gesteld dat deze structureel en reëel in evenwicht is. Dit betekent dat de structurele baten ieder jaar de structurele lasten dekken en dat de ramingen realistisch zijn. Als de begroting niet structureel en reëel in evenwicht is, moet aannemelijk zijn dat dit evenwicht uiterlijk in het laatste jaar van de meerjarenraming tot stand wordt gebracht. Om vast te stellen of sprake is van een structureel evenwicht, corrigeren we de begroting en meerjarenraming voor incidentele baten, lasten en reservemutaties en presenteren we het structurele begrotingssaldo (zie Programmabegroting 2023-2026, tabel en toelichting op pag. 14). Een positief saldo betekent dat sprake is van structureel evenwicht. Tevens staan in een overzicht (zie Programmabegroting 2023-2026, tabel en toelichting op pag. 206-207) de incidentele lasten, baten en reservemutaties. Hiermee ontstaat een volledig en eenduidig inzicht in de incidentele posten die het begrotingssaldo beïnvloeden. Correctie voor incidentele lasten verbetert het structureel evenwicht, correctie voor incidentele baten verslechtert het structureel evenwicht.

Als incidentele baten en lasten in omvang aan elkaar gelijk zijn, verandert er per saldo niets aan het structurele evenwicht. In het algemeen geldt dat wanneer structurele baten lager zijn dan structurele lasten de financiële ruimte in de komende jaren kleiner wordt. Een positief structureel evenwicht betekent niet automatisch dat er ruimte is voor extra uitgaven, een negatief structureel evenwicht betekent niet per definitie dat bezuinigd moet worden. Het structureel evenwicht geeft uitsluitend een beeld van het begrotingssaldo ná eliminatie van alle incidentele lasten, baten en reservemutaties. Hierdoor ontstaat inzicht in de robuustheid van de begroting. De achterliggende gedachte hierbij is dat een begroting waarin structurele lasten gedekt worden door incidentele baten op termijn niet houdbaar is en leidt tot een ongunstige financiële positie. 5

Voor de beoordeling van het begrotingsevenwicht schrijft het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) het gebruik van het financiële kengetal Structurele exploitatieruimte voor. Dit kengetal vergelijkt de structurele baten en structurele lasten met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Stand van zaken bij de jaarstukken 2022:O De commissie dankt de ambtelijke organisatie voor de uitgebreide toelichting en het opnemen van een uitgebreidere alinea in de programmabegroting. De commissie merkt wel op dat de toelichting erg (financieel-) technisch is, terwijl de commissie ook benieuwd is naar bijvoorbeeld de impact op de bedrijfsvoering. Kan je als gemeente goed anticiperen op incidentele gelden, of leidt dit ertoe dat bijvoorbeeld investeringsbeleid of het personeelsbeleid minder efficiënt gevoerd kan worden? En hoe ziet het college dit voor de komende jaren? Etc. De commissie zou hier graag nog een korte reactie op krijgen, bijvoorbeeld in een presentatie in één van de R&A-vergaderingen na het reces. De commissie beschouwt het advies daarom nog niet als afgedaan. Advies 2020-1: Ontwikkel een infographic waarop in één oogopslag voor alle programma’s te zien is welke nagestreefde doelen bereikt zijn en welke niet.

Toelichting R&A-advies De commissie merkt op dat de jaarstukken van de gemeente Delft over het algemeen goed te lezen zijn en ziet dat de verbeteringen waar de commissie in eerdere R&A-adviezen aandacht voor heeft gevraagd, ook dit jaar nog steeds zichtbaar zijn. Wel merkt de commissie op dat het, met name voor de wat minder geoefende lezer, moeilijk kan zijn om de hoofdlijnen uit de jaarstukken te halen en een koppeling te maken tussen de financiële en beleidsmatige resultaten. Een overzichtelijke weergave van de voortgang met betrekking tot alle door het college gestelde doelen zou het voor de Delftse burger en andere geïnteresseerden makkelijker maken om de hoofdlijnen van de jaarstukken te doorgronden. Te denken valt aan een ‘lekensamenvatting’ of een leeswijzer, maar de commissie vraagt zich hierbij ook af of meer tekst de oplossing is. In voorgaande jaren is juist geadviseerd om de hoeveelheid tekst eerder te beperken dan uit te breiden. Een visueel aantrekkelijk overzicht heeft daarom de voorkeur van de commissie. De commissie is erg te spreken over de infographic op pagina 15 van het jaarverslag waarin de financiële resultaten in één oogopslag te zien zijn. De commissie denkt dat het voor zowel de Delftse burger als de raad waardevol is als ook de beoogde en bereikte beleidsdoelen in één oogopslag zichtbaar zouden zijn.

In de programmaverantwoording wordt dit (naar aanleiding van een eerder R&A-advies) per programma aan het begin van elk hoofdstuk met groene en rode smileys weergegeven, maar een overzicht waarin dit voor alle programma’s op één of twee pagina’s wordt weergegeven is er niet. De commissie adviseert daarom om bij de volgende jaarstukken ook een infographic te ontwikkelen, waarop in één oogopslag voor alle programma’s te zien is of de nagestreefde doelen behaald zijn. Collegereactie november 2021 (2146866) Dit advies wordt overgenomen. We gaan er daarbij vanuit dat gedoeld wordt op de indicatoren waarvoor de resultaten nu reeds bij elk programma met de kleuren groen of rood inzichtelijk worden gemaakt. Deze indicatoren lenen zich uitstekend om ook via een infographic in beeld gebracht te worden. De resultaten van de indicatoren zullen hiertoe in de jaarstukken 2021 ook op één centrale plek worden weergegeven. Zoals in juni jl. bij eerste bespreking van het R&A6

advies reeds toegelicht, zal dit overigens wel meer dan één pagina vergen. Dit vanwege het aantal vastgestelde indicatoren in combinatie met benodigde leesbaarheid.

Collegereactie november 2022 (2246579) Collegereactie: De infographic zal invulling krijgen via één integraal overzicht van de beleidsindicatoren bij elkaar, dat vóór de beleidsprogramma’s in het boekwerk wordt opgenomen. Bij de jaarrekening 2022 zullen we daar een start mee maken. Een voorproefje hiervan zal getoond worden tijdens de commissie R&A van 23 november a.s. Stand van zaken bij de jaarstukken 2022: √ De commissie constateert dat het op 23 november 2022 gepresenteerde overzicht van de beleidsindicatoren bij elkaar is opgenomen in de jaarstukken. Dit geeft een beeld van het aantal ‘groene en rode smileys’ in het geheel, waarbij in de hoofdstukken over de specifieke programma’s dieper ingegaan wordt op de bereikte resultaten. De commissie beschouwt dit advies als afgedaan. Advies 2020-2: Onderzoek ‘Horizontaal verantwoorden’ als mogelijkheid om de onzekerheden met betrekking tot het sociaal domein te verkleinen. Toelichting R&A-advies In het concept-accountantsverslag stelt de accountant dat de onzekerheden met betrekking tot het sociaal domein verkleind kunnen worden als de gemeente voldoende zekerheid vanuit de eigen beheersing opbouwt. Hiervoor is het van belang dat de binnen de gemeente beschikbare informatie op een gestandaardiseerde wijze wordt verzameld en gedocumenteerd.

Op deze manier hoeft er geen sprake meer te zijn van onzekerheden in de zorglevering en vervalt de afhankelijkheid van de productieverklaringen van zorgleveranciers. Op de vergadering van 2 juni 2021, voegde de accountant hieraan toe dat er ook gemeenten zijn waar pilots worden uitgevoerd met zogenaamd ‘horizontaal verantwoorden’ waarbij zorgleveranciers inhoudelijke rapportages aan gemeenten verstrekken, die dan vergeleken kunnen worden met de informatie die de gemeente zelf al in huis heeft, waardoor een oordeel gevormd kan worden over de zorglevering. Op een vraag vanuit de commissie of er voor deze methode extra middelen of extra ambtelijke capaciteit nodig zijn, antwoordde de accountant dat dit naar zijn verwachting niet substantieel het geval is. De commissie adviseert het college om de mogelijkheid tot het implementeren van de systematiek van ‘horizontaal verantwoorden’ te onderzoeken en hierover voor de commissievergadering van 24 november 2021 aan de commissie R&A te rapporteren. Collegereactie november 2021 (2146866) Dit advies wordt overgenomen. De onzekerheden met betrekking tot het sociaal domein zijn in de jaarstukken 2020 ten opzichte van voorgaand jaar gedaald. Dat neemt niet weg dat de gemeente Delft afhankelijk blijft van een tijdige aanlevering van productieverantwoordingen door zorgaanbieders.

Zoals beschreven in het accountantsverslag 2020 beschikt de gemeente reeds over de nodige informatie ter onderbouwing van de prestatielevering. Wij onderzoeken op welke wijze hierin een verbeterslag gemaakt kan worden, waarbij deze informatie op structurele wijze wordt gedocumenteerd, waardoor de informatie kan gaan dienen als onderbouwing voor de prestatielevering. Hiermee kan de onzekerheid met het betrekking tot het sociaal domein verder afnemen, alsmede de afhankelijkheid van tijdige aanlevering productieverantwoordingen door zorgaanbieders. 7

Collegereactie november 2022 (2246579) Momenteel is het onderzoek waaruit moet blijken of de beschikbare informatie uit zorgdossiers kan dienen ter onderbouwing voor de prestatielevering van ingediende zorgfacturen nog gaande. Derhalve is het momenteel niet mogelijk om hieromtrent al conclusies te trekken. In de eerste commissievergadering R&A van komend jaar zal hierover een nadere toelichting worden gegeven (op 1 februari 2023). Voor de goede orde, het onderzoek richt zich op het vaststellen van de prestatielevering van ingediende zorgfacturen vanuit de beschikbare informatie binnen de gemeente en niet op de eventuele mogelijkheid voor de implementatie van ‘horizontaal verantwoorden’ Stand van zaken bij de jaarstukken 2022: O De commissie dankt het college voor de op 14 juni 2023 ontvangen notitie, waarin de inzet om onzekerheden in het sociaal domein te verkleinen beschreven wordt. De commissie wordt echter graag nog geïnformeerd, bijvoorbeeld in een presentatie aan de commissie, over de resultaten van het eerder aangekondigde onderzoek over de bruikbaarheid en de (on)mogelijkheden van horizontaal verantwoorden. Het advies wordt op dit moment nog niet als afgedaan beschouwd. 4.

Verdere procedure De commissie R&A hoort graag een mondelinge reactie van het college op het R&A-advies tijdens de commissievergadering Algemeen van 22 juni 2023 en verzoekt het college om een schriftelijke stand van zaken over de opvolging van de adviezen aan te bieden ten behoeve van de commissievergadering R&A van 24 november 2023. Het R&A-advies over de jaarstukken wordt na bespreking in de commissie Algemeen van 22 juni 2023 voor vaststelling in de raadsvergadering van 29 juni 2023 aangeboden. Hoogachtend, namens de Rekening & Auditcommissie,

T.D.A. Cüppers

A.I. de Boer

, voorzitter.

, griffier.

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12885954/1