2317225 College van B&W - raadsinformatiebrief Delftse jeugd(hulp) eerste kwartaal 2023
Tekst van het document
Oplegger raad Raadsinformatie Onderwerp
Raadsinformatiebrief Delftse jeugd(hulp) eerste kwartaal 2023
Portefeuillehouder
Wethouder Gooijer
Voorstel ingediend door
Maxine Werff (mwerff@delft.nl)
Registratienummer
5475234
Datum
18-04-2023
Concept-besluit(en) De raad neemt kennis van de raadsinformatiebrief Delftse jeugd(hulp) eerste kwartaal 2023 en stemt in met de afdoening van toezegging T220616.4.8.1.
Inhoud Hierbij ontvangt u de derde periodieke raadsbrief jeugd(hulp). Deze brief volgt na de 1e (kenmerk: 2213180) die op 16 juni is behandeld in de commissie SDW en de 2e (kenmerk: 2239500) die is behandeld op 30 september. De opzet is tot op heden overwegend positief ontvangen door uw raad, waarin we mede conform toezegging T220616.4.8.1 informeren over actualiteiten en thematisch onderwerpen uitlichten: voortgang beleidskader jeugdpreventie, versterken verwijzingen bij de huisarts, en we zoomen in op het containerbegrip ambulante specialistische jeugdhulp. Het samenspel tussen jeugdhulp en onderwijs en de ondersteuning voor jongeren 18-/18+ worden in de volgende raadsinformatiebrief behandeld.
1 Actualiteiten In dit hoofdstuk leest u belangrijke landelijke, regionale en lokale ontwikkelingen in het jeugdstelsel.
Hervormingsagenda In de vorige raadsbrief van oktober 2022 bent u op de hoogte gebracht van de ontwikkeling van de landelijke hervormingsagenda Jeugdhulp. De gesprekken tussen de 5 partijen, het ministerie van VWS, zorgaanbieders, cliënten(vertegenwoordigers), professionals en de VNG verlopen nog steeds stroef. Het streven is om in april 2023 tot gezamenlijke afspraken te komen over de noodzakelijke aanpassingen in de jeugdzorg, met passende financiële afspraken, voor nu en op de lange termijn.
Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid Delft West Sinds de zomer van 2022 is de gemeente Delft aangesloten bij het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV) van de rijksoverheid. Met deze deelname kan voor langere termijn extra worden geïnvesteerd in de Delftse wijken: Voorhof, Buitenhof en Tanthof-West. In maart 2023 zijn de doelen van het NPLV ondertekend, waarbij het eerste doel luidt: ‘De jeugd krijgt de kans om het beste uit zichzelf te halen’. Het welzijn en de toekomst van onze Delftse jeugd staat binnen het programma hoog op de agenda. Een mooie kans, die we samen met (in)formele partners, jongeren en hun ouders gaan benutten.
Nieuwe verordening Jeugdhulp De verordening Jeugdhulp bevat regels van de gemeente Delft, vastgesteld door de gemeenteraad, op grond van de Jeugdwet. De Jeugdwet geeft aan dat de gemeente zorgdraagt voor de toegang en toeleiding naar jeugdhulpvoorzieningen. De huidige verordening Jeugdhulp dateert uit 2015, het jaar dat de jeugdhulp officieel onder verantwoordelijkheid van de gemeente kwam te vallen. Na acht jaar ervaring met de Jeugdwet is er meer
inzicht in het verloop van de verschillende processen en sturingsmogelijkheden, daarom wordt in de tweede helft van 2023 een nieuwe verordening voorgelegd aan de raad. In de nieuwe verordening is extra aandacht voor de afbakening van jeugdhulp, zoals het benutten van preventief aanbod en de positie van voorzieningen van de Wmo en het passend onderwijs. Daarnaast zijn de stappen van aanvraag tot afronding van zorg nader uitgewerkt. Op die manier wordt de lezer beter meegenomen in de aanmeldingsprocedure voor jeugdhulp.
Uitwerking voorrang jeugdhulp voor kinderen met beschermingsmaatregel Er heerst een voortdurende crisis in de jeugdbescherming. De jeugdbeschermers hebben een te hoge caseload, de uitstroom van personeel blijft hoog, de werving van gekwalificeerde jeugdbeschermers verloopt moeizaam. Het gevolg is dat er onvoldoende jeugdbeschermers zijn om direct te koppelen aan een gezin waarvoor door de rechter een jeugdbeschermingsmaatregel is uitgesproken. Dit is een ongewenste situatie. De GI’s kunnen maar net de veiligheid bieden die nodig is. Bovendien komt de benodigde jeugdhulp door erg lange wachttijden (langer dan 3 maanden) vaak te laat op gang waardoor de jeugdbeschermers extra tijd moeten besteden aan het gezin om het gemis aan jeugdhulp te compenseren. Hierdoor neemt de werkdruk nog meer toe. De urgentie om een crisismaatregel in de regio in te zetten is in de afgelopen maanden duidelijk gebleken. Ook landelijk wordt dit probleem en de urgentie hiervan erkend. In een brief aan de Tweede Kamer van 11 november jl. zijn hiervoor een aantal maatregelen genoemd, waaronder het verlenen van voorrang op jeugdhulp aan kinderen met een maatregel. Het NJi gaat hiervoor een afwegingskader ontwikkelen dat naar verwachting in het tweede kwartaal van 2023 gereed zal zijn. Echter, voor de GI’s in onze regio is het van belang om nu op korte termijn voor verlichting te zorgen.
We gaan daarom nu als crisismaatregel voor een bepaald aanbod van bepaalde aanbieders voorrang op jeugdhulp regelen. Met ingang van 6 april 2023 krijgen jeugdigen (nieuwe instroom) met een maatregel (OTS, JR, voogdij) voorrang op het ontvangen van jeugdhulp zoals omgangsbegeleiding, opvoedondersteuning, ambulante spoedhulp, voorkomen uithuisplaatsing, aanbod voor gezinnen met een beperking, j-GGZ bij acute onveiligheid en alle verblijfshulp bij acute onveiligheid. De aanbieder plaatst in dat geval het betreffende kind bovenaan de eigen wachtlijst en gaat direct in overleg met de betreffende GI over de te starten hulp, tenzij er een kind in het vrijwillig kader is met een duidelijk zwaardere urgente hulpvraag.
2 Preventie in het jeugddomein Voortgang beleidskader jeugdpreventie In december 2021 is het ‘Beleidskader Jeugdpreventie: een Delftse (op)voedingsbodem’ (kenmerk: 4661860) vastgesteld door de Delftse gemeenteraad. Nieuwe ontwikkelingen en ervaringen binnen het jeugdveld zorgen voor een veranderende context voor de uitvoering van het beleidskader. Dat vraagt ons de aanpak rond jeugdpreventie continu bij te stellen. Het beleidskader is gebaseerd op drie pijlers: (1) het lokaal opgewerkte Manifest ‘Opvoeden en opgroeien in Delft Uitgangspunten voor de duurzame inrichting van het stelsel’ (hierna: Manifest), (2) het Actieplan Sociaal Domein en (3) H10 Regiovisie ‘De toekomst is nu!. In het beleidskader zijn de uitgangspunten van het Manifest vertaald naar de praktijk doormiddel van acties gericht op vernieuwen, versterken, borgen of afronden. Deze acties geven een beeld hoe gewerkt wordt aan de uitgangspunten, maar zijn niet alomvattend. De stand van zaken van de acties staat beschreven in bijlage 1.
Stand van zaken Met de diverse acties uit het beleidskader is ingezet op het structureel versterken van het voorliggende veld voor jeugdigen en gezinnen. We hebben de meeste pilots afgerond, de projecten geborgd in de reguliere werkwijze en de nieuw opgestarte zaken zijn structureel gemaakt.
Hoe verder? Naast bovengenoemde resultaten hebben wij met maatschappelijke partners een analyse uitgevoerd van alle vrijtoegankelijke voorzieningen. De analyse biedt inzicht hoe het voorliggend veld voor jeugdigen en gezinnen verder kan worden versterkt, te verdelen in vier thema’s: • Ouderschap • De overgang naar volwassenheid (16-27 jaar) • Onderwijs-jeugdhulp • Mentaal welzijn en eenzaamheid
Binnen het thema Ouderschap wordt bijvoorbeeld onderzocht welke mogelijkheden er zijn om meer laagdrempelige en informele hulp te organiseren voor ouders en gezinnen. In de volgende raadsinformatiebrief in het derde kwartaal kan dit thema nader worden toegelicht.
3 Thema uitgelicht: pilot versterken verwijzingen van huisartsen Aanleiding Huisartsen zijn in de Jeugdwet opgenomen als wettelijke verwijzers naar de specialistische (niet vrij-toegankelijke) jeugdhulp. Naast Delft Support zijn zij in de gemeente Delft de grootste verwijzers binnen het jeugddomein. Uit gemeentelijke databronnen blijkt dat huisartsen jeugdigen met psychosociale hulpvragen met name doorverwijzen naar de Jeugd-GGZ. Andere verwijzers, zoals Delft Support, verwijzen vaker ook naar andere jeugdhulpaanbieders. Gegeven de diversiteit aan hulpvragen van jeugdigen is het opvallend dat huisartsen voornamelijk doorverwijzen naar één jeugdhulpaanbieder, terwijl er een divers aanbod is. Zelf geven huisartsen aan minder tijd en expertise te hebben in het maken van een brede analyse, waarbij omgevingsfactoren gelijk worden meegenomen in de probleemverheldering. Daarnaast hebben zij beperkte kennis van het vrij-toegankelijke aanbod in de gemeente. Om huisartsen hierin te ondersteunen – en jeugdigen passender door te verwijzen – is samen met partners de keuze gemaakt om een pilot ‘Functionarissen Jeugd’ (FJ) te starten.
Pilot ‘Functionaris Jeugd’ Daar waar andere gemeenten gekozen hebben voor een ‘POH kind en jeugd’, is hier in Delft in samenspraak met de belangrijkste stakeholders niet voor gekozen. De reden hiervoor is dat huisartsen behoefte hebben aan adviserende ondersteuning in plaats van laagdrempelige behandelingen in de praktijk aan te bieden. Hierdoor is ervoor gekozen om medewerkers van Delft Support te positioneren binnen huisartsenpraktijken als Functionaris Jeugd. De FJ voorziet huisartsen van een advies, op verzoek van de huisarts, over de meest passende verwijzing voor jeugdigen. Het advies van de FJ over de juiste route binnen de jeugdhulp zorgt ervoor dat huisartsen worden ontzorgd. De aanwezigheid van de medewerkers op locatie bevordert tevens de samenwerking met Delft Support als lokale toegang naar jeugdhulp. Het creëert vertrouwen en vergemakkelijkt de (in)formele afstemming. De huisartsenpraktijk is voor jeugdigen en hun ouders vaak een vertrouwde omgeving, wat de verwijzing naar de FJ laagdrempelig maakt. Kortom: met deze inzet worden huisartsen gefaciliteerd, zodat zij hun rol als verwijzer zo goed mogelijk kunnen uitvoeren.
Resultaten Sinds de Functionarissen Jeugd bij een aantal huisartspraktijken in Delft zijn gepositioneerd, nemen de toewijzingen van de huisartsen naar de specialistische jeugdzorg af. De afname van het aantal toewijzingen in 2021 en 2022 is te zien in figuur 1. Het versteken van de verwijzingen van huisartsen is onderdeel van het Actieplan Sociaal Domein.
Aantal toewijzingen huisarts 1.750 1.700 1.650 1.600 1.550 1.500
1.691
1.450
1.488
1.400 1.350
2021
2022
Figuur 1: Toewijzingen huisartsen Jeugdhulp 2021 en 2022
We zien ook dat er in 2022, ten opzichte van 2021, een verandering in de verwijzingen van de huisartsen heeft plaatsgevonden. Er wordt minder vaak verwezen naar de Jeugd GGZ en kindergeneeskunde, maar vaker naar een ambulante jeugdhulpvoorziening. Figuur 2 laat het aantal verwijzingen van de huisartsen per categorie Jeugdhulp zien.
Verwijzingen huisarts per categorie 180
1.015
2022
235
1.227
2021 0%
20% Jeugd-ggz Jeugdhulp ambulant Dagbehandeling Jeugdhulp crisis
40%
266
60%
215
80%
100%
Kindergeneeskunde Landelijk ingekochte zorg Jeugdhulp verblijf (excl. behandeling) Jeugdhulp verblijf (incl. behandeling)
Figuur 2: aantal verwijzingen huisartsen per categorie 2021 en 2022 In de eind rapportage van het actieplan Sociaal Domein, die rond de zomer wordt aangeboden aan de raad, worden de financiële resultaten van het versterken van de verwijzingen van huisartsen meegenomen.
Vervolg De evaluatie van de pilot laat zien dat zowel de huisartsen als functionarissen Jeugd positief zijn over de samenwerking. Huisartsen die meedoen aan de pilot enthousiasmeren ook andere praktijken. De positieve resultaten op het gebied van de samenwerking, het versterken van de verwijzingen waardoor passende zorg wordt ingezet resulteert erin dat de inzet van de functionaris jeugd wordt opgenomen in de reguliere werkwijze. Niet alle huisartsen hebben een FJ in hun praktijk ter ondersteuning. Er zijn een aantal huisartsen die zelf een praktijkondersteuner GGZ (POH-GGZ) in hun praktijk hebben georganiseerd. Daarnaast zijn er een aantal praktijken waar er wegens ruimtegebrek geen FJ geplaatst kan worden.
4 Specialistische jeugdhulp In de laatste raadsinformatiebrief van het derde kwartaal 2022 hebben wij in hoofdlijnen van bewegingen in de jeugdhulp (instroom en uitstroom) met u gedeeld. In deze paragraaf geven wij u op hoofdlijnen een overzicht van de jeugdhulp in 2022, vergeleken met 2021. Daarnaast zullen wij dieper inzoomen op het containerbegrip ‘ambulante jeugdhulp’. In 2022 betrof 76% van de jeugdhulpvoorzieningen een vorm van ambulante jeugdhulp. In 2022 ontvingen 2318 Delftse jeugden een vorm van specialistische jeugdhulp. In tabel 1 is te zien dat het aantal cliënten met specialistische jeugdhulp (excl. lokale inkoop en pgb) in 2022 nagenoeg gelijk is gebleven t.o.v. 2021.
Specialistische jeugdhulp 2500 2000 1500 2203
1000
2316
2318
500 0
Unieke cliënten
Tabel 1: unieke cliënten met specialistische jeugdhulp
Specialistische jeugdhulp bestaat uit verschillende categorieën. Van alle specialistische jeugdhulp zijn de meeste voorzieningen een vorm van ambulante jeugdhulp. Figuur 3 en 4 laten de verdeling van de specialistische jeugdhulp in de gemeente in 2021 en 2022 zien. Opvallend is dat het percentage jeugdhulp met verblijf is afgenomen, dit is in lijn met de wens om kinderen zoveel mogelijk thuis te helpen.
2021
2022 332
344 234
267
2128
2148
75% Ambulant
76% Ambulant
10% Verblijf
8% Verblijf
2% Crisis
2% Crisis
12% Jeugdbescherming en reclassering
12% Jeugdbescherming en reclassering
0,25% JeugdzorgPlus
0,32% JeugdzorgPlus
1% Landelijk ingekochte hulp
2% Landelijk ingekochte hulp
Figuur 3: Unieke cliënten specialistische jeugdhulp
Figuur 4: Unieke cliënten specialistische jeugdhulp
per perceel 2021
per perceel 2022
Ambulante jeugdhulp Figuur 3 en 4 laten zien dat binnen de specialistische jeugdhulp het meest gebruik wordt gemaakt van ambulante voorzieningen. Ambulante jeugdhulp is zorg en ondersteuning op locatie van een zorgaanbieder (zonder verblijf), in de thuissituatie van de jeugdigen of elders. In Delft gebeurt dit op twee manieren: 1. Ambulante jeugdhulp door een aanbieder van specialistische jeugdhulp. 2. Ambulante ondersteuning door Delft Support.
Onder ambulante jeugdhulp vallen veel verschillende soorten hulp. Tabel 2 laat de verdeling van verschillende typen ambulante jeugdhulp in de gemeente Delft zien. Hierin is te zien dat het grootste deel van de cliënten GGZhulp of een vorm van jeugd- en opvoedhulp ontvangt. Onder Jeugd-GGZ valt onder andere basis- en specialistische jeugd-GGZ, maar bijvoorbeeld ook diagnostiek en behandeling voor dyslexie. Onder jeugd- en opvoedhulp vallen producten zoals individuele begeleiding en gezinsbegeleiding o.a. bij gedragsproblematiek. Type hulp
Unieke cliënten in 2022*
Dagbehandeling
175
Jeugd- en opvoedhulp
924
Kindergeneeskunde
219
Jeugd-GGZ
1.497
Tabel 2: uitsplitsing ambulante jeugdhulp per categorie in 2022
* Een cliënt kan meerdere vormen van hulp ontvangen en daarom in meerdere van de typen worden meegeteld. Waarom nu? Het college heeft, naar aanleiding van het debat in de gemeenteraad (september 2021) over het Delftse rekenkameronderzoek ‘Informatievoorziening jeugdzorg’ (2138727), toegezegd om tweemaal per jaar te informeren over het jeugddomein via een raadsinformatiebrief (eerste en derde kwartaal). Essentie: wat verandert er? Niet van toepassing
Beleidskaders De informatie uit de raadsinformatie ‘Delftse jeugd(hulp)’ put uit de regionale jeugdhulpmonitor Haaglanden, cijfers uit de lokale databron, het Actieplan Sociaal Domein en het beleidskader jeugdpreventie. Wellicht ten overvloede, de informatie in deze brief is gebaseerd op verschillende databronnen. Vergelijkingen van Delft op landelijk niveau maken we met behulp van een andere databron dan vergelijkingen in de regio Haaglanden. Gepresenteerde data is zo veel als mogelijk afkomstig uit 2022. Sommige ontwikkelingen in het jeugddomein zijn beter te duiden over een tijdbestek van meerdere jaren. Participatie Niet van toepassing
Financiën Niet van toepassing Vervolg In het derde kwartaal van 2023 zal het college de volgende rapportages over Delftse jeugd(hulp) 2023 aan de gemeenteraad aanbieden. Communicatie Niet van toepassing. Bijlage(n)
-
Bijlage 1: Stand van zaken acties beleidskader jeugdpreventie
Het besluit moet gepubliceerd worden in het Gemeenteblad ☐ Ja Motie / toezegging Heeft het voorstel betrekking op een motie en/of toezegging?
☒ Nee
☒ Ja,
☐ Niet van toepassing
het college verzoekt de raad om toezegging T220616.4.8.1 als afgedaan te beschouwen
☐ Nee
Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Delft,