2314169 Voorstel van het college aan de raad inzake Delegatiebesluit Omgevingswet gemeente Delft 2023
Tekst van het document
Oplegger raad Raadsvoorstel Onderwerp
Delegatiebesluit Omgevingswet gemeente Delft 2023
Portefeuillehouder
Wethouder Huijsmans
Voorstel ingediend door
M. Gulmus, mgulmus@delft.nl
Registratienummer
5462175
Datum
28 maart 2023
Concept-besluit(en)
De gemeenteraad van Delft besluit: Vast te stellen het Delegatiebesluit Omgevingswet gemeente Delft 2023
Artikel 1 Aan het college van burgemeester en wethouders worden de volgende bevoegdheden gedelegeerd: 1. De bevoegdheid tot het vaststellen van delen van het omgevingsplan in de volgende gevallen: I. het wijzigen van het plan in verband met juridisch-technische wijzigingen, redactionele aanpassingen en correcties; II. het wijzigen van het plan als gevolg van (wijzigen van) instructieregels van het Rijk of de provincie; III. het wijzigen van het plan in verband met het vertalen van wijzigingsbevoegdheden en uitwerkingsverplichtingen in bestemmingsplannen conform de daarin opgenomen wijzigings- en uitwerkingsregels; IV. het wijzigen van annotaties; V. het wijzigen van het plan in verband met het vertalen van verleende omgevingsvergunningen (niet tijdelijk) in afwijking van het omgevingsplan; VI. het wijzigen van het plan in verband met het omzetten van door de raad vastgestelde verordeningen naar omgevingsplanregels; VII. het wijzigen van het plan in verband met het omzetten van raadsbeleid(sregels) naar omgevingsplanregels; 2. De bevoegdheid tot het nemen van een voorbereidingsbesluit als bedoeld in artikel 4.14 lid 1 van de Omgevingswet. Artikel 2 Het college van burgemeester en wethouders verstrekt de raad jaarlijks een overzicht van de krachtens artikel 1 sub 1 genomen besluiten.
Artikel 3 Het college van burgemeester en wethouders informeert de raad vóór inwerkingtreding van een voorbereidingsbesluit zoals genoemd onder artikel 1 sub 2. Artikel 4 Dit besluit in werking te laten treden op de datum van inwerkingtreding van de Omgevingswet.
Inhoud Onder de Omgevingswet staat één integrale regeling per gemeente centraal. Het is dan ook van belang dat de integraliteit behouden blijft. Delegatie van bevoegdheden zoals in deze oplegger voorgesteld zorgt ervoor dat het college snel kan handelen op grond van actuele inzichten of omstandigheden. Grondslag delegatie De Omgevingswet maakt het mogelijk dat de gemeenteraad enkele bevoegdheden kan delegeren aan het college van burgemeester en wethouders. Dit betekent dat het college bepaalde besluiten kan nemen/ taken kan uitvoeren zonder dat daarvoor een besluit van de gemeenteraad noodzakelijk is. Delegeren van deze bevoegdheden versnelt de procedure voor het wijzigen van het omgevingsplan en daarmee dus ook de besluitvorming. Op die manier wordt ervoor gezorgd dat het Omgevingsplan altijd actueel blijft. Dit draagt bij aan de klantgerichtheid; onjuistheden of wijzigingen van het Rijk kunnen immers sneller worden verwerkt in het Omgevingsplan. Delegatie vindt plaats op grond van artikel 2.8 Omgevingswet (hierna: Ow) als het gaat om de bevoegdheid tot het vaststellen van delen van het omgevingsplan. Daarnaast is het eveneens mogelijk om ingevolge art. 4.14 lid 5 Ow de bevoegdheid tot het nemen van een voorbereidingsbesluit aan het college te delegeren. Het delegeren van bevoegdheden zorgt ervoor dat procedures worden versneld zoals ook wordt beoogd met de Omgevingswet.
Delegatiebesluit Het delegatiebesluit vormt een afzonderlijk besluit en maakt geen onderdeel uit van het omgevingsplan. Het besluit geeft de reikwijdte van de bevoegdheid weer, bepaalt binnen welke grenzen en onder welke voorwaarden de bevoegdheid kan of moet worden uitgeoefend, en, voor zover nodig, binnen welke termijn. De mogelijkheid om delen van het omgevingsplan via delegatie in of aan te vullen of te wijzigen, biedt ruimte voor toedeling van bevoegdheden op maat. Hiermee kan ervoor worden gezorgd dat de uitvoering van het beleid, ook als dat aanpassing van het omgevingsplan is, bij het uitvoerende orgaan wordt neergelegd. Het is niet mogelijk om de regelgevende bevoegdheden integraal over te dragen. Het is aan de gemeenteraad om te bepalen of en op welke wijze en in welke gevallen toepassing wordt gegeven aan deze bevoegdheid tot delegatie. De aanpassing van het omgevingsplan door het college op grond van het delegatiebesluit moet aan dezelfde eisen voldoen als een door de gemeenteraad aangebrachte wijziging. Tegen een wijziging op grond van het delegatiebesluit kan op dezelfde wijze in rechte worden opgekomen als tegen de vaststelling van het plan door de gemeenteraad. Tegen het delegatiebesluit kunnen geen rechtsmiddelen worden aangewend.
De gemeenteraad kan op grond van artikel 10:18 Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) het delegatiebesluit te allen tijde intrekken.
Toelichting voorstel 1. Het wijzigen van delen van het omgevingsplan I.
Juridisch-technische wijzigingen, redactionele aanpassingen en correcties Hieronder worden wijzigingen verstaan die het omgevingsplan actueel houden. Dit zijn acties waarbij geen inhoudelijke keuzes worden gemaakt, maar die nodig zijn om de tekst beter leesbaar te kunnen maken of te verduidelijken. Het gaat niet om inhoudelijke of beleidsmatige aanpassingen, maar wijzigingen die nodig zijn om de plantekst up-to-date te houden dan wel beter leesbaar te maken.
II.
Instructieregels Rijk of provincie Dit zijn planwijzigingen als gevolg van wijzingen van instructieregels door het Rijk of de provincie. Gemeenten dienen zich te houden aan deze instructieregels. Om deze reden zal wijziging van een instructieregel leiden tot wijziging van het omgevingsplan.
III.
Vertalen van wijzigingsbevoegdheden en uitwerkingsverplichtingen Onder de huidige Wet ruimtelijke ordening (Wro) kennen we de instrumenten wijzigingsbevoegdheid en uitwerkingsplicht. Wanneer deze instrumenten in een bestemmingsplan zijn opgenomen heeft het college
de bevoegdheid om het bestemmingsplan te wijzigen. Het tijdelijke omgevingsplan is samengesteld uit onder andere alle geldende bestemmingsplannen. De wijzigingsbevoegdheden en uitwerkingsplichten zoals opgenomen in bestemmingsplannen zijn daarmee onderdeel van het tijdelijke omgevingsplan. Deze instrumenten keren echter niet terug in de Omgevingswet; het college kan daarom na inwerkingtreding van de Omgevingswet geen wijzigingsplan of uitwerkingsplan meer vaststellen. De raad is immers bevoegd om het omgevingsplan te wijzigen. Door het delegeren van deze bevoegdheden kan het college onder de in het bestemmingsplan opgenomen voorwaarden- ook na inwerkingtreding van de Omgevingswet- een wijzigingsplan of uitwerkingsplan verwerken in het omgevingsplan. IV.
Annotaties Annotaties zijn kenmerken gekoppeld aan een regel uit het omgevingsplan. Met annotaties kan gericht worden gezocht in planregels, als een soort zoeksleutel die alleen de relevante regels en artikelen laat zien. Het annoteren maakt het zoeken naar regels makkelijker voor de burger. Het omgevingsplan zal regelmatig moeten worden aangepast met nieuwe annotaties om het zoeken makkelijker te maken. Delegeren van deze bevoegdheid versnelt het proces en daarmee ook de klantgerichtheid van het plan.
V.
Vertalen van verleende omgevingsvergunningen De Omgevingswet bepaalt dat de verleende vergunningen, waarbij is afgeweken van het omgevingsplan (zg. afwijkactiviteiten) binnen vijf jaar worden verwerkt in het omgevingsplan. Deze verplichting geldt voor activiteiten die blijvend (niet tijdelijk) in strijd zijn met het omgevingsplan. Het doel van deze regeling is dat het omgevingsplan een actueel, integraal en consistent geheel blijft. In de geest van de Omgevingswet is het belangrijk om afwijkactiviteiten op vlotte en consistente wijze in te passen in het omgevingsplan, zodat niet enkel sprake is van een administratieve ad hoc verwerking van de toegestane activiteit. Dit zal waarschijnlijk één keer per jaar plaatsvinden.
VI.
Omzetten van verordeningen De gemeenteraad stelt verordeningen vast. Alle verordeningsregels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving moeten worden opgenomen in het omgevingsplan. Het vertalen van de verordeningen naar het omgevingsplan gebeurt beleidsneutraal en is een actie waarbij geen inhoudelijke discussie of keuzes plaatsvinden. Het delegeren van deze bevoegdheid betekent dat het college de ‘omgevingsregels’ uit de verordeningen versneld kan verwerken in het omgevingsplan en dat de raadsagenda wordt ontzien.
VII.
Omzetten van raadsbeleid(sregels) Deze bevoegdheid ziet op planwijzigingen die voortvloeien uit vastgesteld raadsbeleid. Het gaat dan vaak om beleidsdocumenten die kaderstellend van aard zijn zoals beleidsregels of daarmee naar aard en strekking te vergelijken documenten. Zodra de gemeenteraad beleidsregels heeft vastgesteld die zien op de fysieke leefomgeving kan het college deze doorvertalen in het omgevingsplan. Daarmee wordt dubbele besluitvorming voorkomen.
2..
Het nemen van een voorbereidingsbesluit. Het doel van een voorbereidingsbesluit is het voorkomen van ongewenste ontwikkelingen die in strijd zijn met toekomstig beleid of een toekomstige ontwikkeling van (een deel) van de stad, die nog nader moet worden uitgewerkt. Delegatie van het nemen van een voorbereidingsbesluit biedt de mogelijkheid voor het college om direct een voorbereidingsbesluit te nemen wanneer een snelle reactie op ontwikkelingen in de praktijk nodig is. Het voorbereidingsbesluit wijzigt het omgevingsplan omdat de voorbeschermingsregel direct in het omgevingsplan worden opgenomen. Met een voorbeschermingsregel kun je onder andere regels uit het omgevingsplan (tijdelijk) buiten werking stellen. Daarbij geldt wel het eerbiedigen van bestaand gebruik en bestaande bouwwerken. Het voorbereidingsbesluit vervalt in ieder geval na een jaar en zes maanden (1,5 jaar), of voor zover binnen die termijn het besluit over vaststelling van het omgevingsplan is bekendgemaakt, op het tijdstip waarop het omgevingsplan in werking treedt of is vernietigd.
Waarom nu? Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet kan de gemeenteraad betreffende bevoegdheden delegeren aan het college van B&W. De inwerkingtreding van de Omgevingswet is voorzien op 1/1/2024. Essentie: wat verandert er? Op grond van de Omgevingswet kan de gemeenteraad besluiten de bevoegdheid tot het vaststellen/ wijzigen van delen van het omgevingsplan en het nemen van een voorbereidingsbesluit te delegeren aan het college. Dit is goed voor efficiency; het college is immers het orgaan dat het voorstel voor wijzigingen/ aanpassingen van het omgevingsplan voorbereidt. Voor burgers verandert er niets. Die kunnen ook tegen wijzigingen op grond van het delegatiebesluit in beroep. Tegen een voorbereidingsbesluit is bezwaar/ beroep niet mogelijk, maar dit staat los van delegatie. Delegatie zoals onder de Omgevingswet is nieuw en is niet hetzelfde als het vaststellen van wijzigingsplannen en uitwerkingsplannen op grond van de huidige Wet ruimtelijke ordening (hierna: Wro) waarvoor het college bevoegd is. Hieronder wordt dit nader toegelicht. Artikel 2.8 Ow vs. Art. 3.6 Wro Artikel 2.8 Omgevingswet is niet hetzelfde, ook geen voortzetting van artikel 3.6 Wro. Artikel 3.6 Wro heeft een beperktere strekking (o.a. de bevoegdheid tot het wijzigen of uitwerken van een bestemmingsplan).
Indien het college van burgemeester en wethouders op grond van het delegatiebesluit een besluit tot aanpassing van het omgevingsplan neemt, dan wordt het omgevingsplan daadwerkelijk gewijzigd. Het besluit is dus geen zelfstandige planfiguur zoals bij artikel 3.6, eerste lid, onder a en b, Wro het geval is. Dit voorkomt dat er gelaagdheid in regelgeving ontstaat, zoals nu het geval bij de uitwerking of wijziging van het bestemmingsplan. Anders dan artikel 3.6 Wro, hoeft bij artikel 2.8 Ow niet al op het tijdstip van het vaststellen van het delegatiebesluit te zijn aangetoond dat de gedelegeerde aanpassingen van het omgevingsplan zullen voldoen aan het wettelijke kader. Ook hoeft niet worden ingegaan op de wijze waarop de rechtszekerheid voor belanghebbenden zal zijn geborgd. Beleidskaders Artikelen 2.4, 2.8 en 4.14 Omgevingswet.
Participatie Dit delegatiebesluit is op 13-2-2023 besproken in de raadswerkgroep Omgevingswet.
Financiën Niet van toepassing
Vervolg
Het college kan de gedelegeerde bevoegdheden uitoefenen en besluiten zonder tussenkomst van de gemeenteraad wijzigen van het omgevingsplan vast te stellen. Communicatie Na vaststelling van het besluit bekendmaken door plaatsing in het gemeenteblad en publicatie op officiëlebekenmakingen.nl. Bijlage(n) -
Raadsbesluit (Delegatiebesluit Omgevingswet gemeente Delft 2023)
Het besluit moet gepubliceerd worden in het Gemeenteblad ☒ Ja
☐ Nee
☐ Niet van toepassing
Motie / toezegging Heeft het voorstel betrekking op een motie en/of toezegging?
☐ Ja,
het college verzoekt de raad om motie ….. / toezegging … als afgedaan te beschouwen
☐ Nee
Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Delft,
M. Berger Loco-secretaris
F.W.J. Vliet, van Loco-burgemeester