CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

2307093 BIJ1 - inclusieagenda

Commissie Sociaal Domein en Wonen 23 februari 2023, gemeente DelftBij agendapunt: 2303027 College van B&W – Inclusieagenda1.351 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Betreft: Inclusie-agenda Delft, 16 februari 2023

Geachte commissieleden, Delft BIJ1 gelooft erin dat Delft een werkelijk inclusieve en toegankelijke stad kan zijn, waarin niemand door de Gemeente Delft of door individuele inwoners van de stad blijvend wordt buitengesloten. Helaas zien wij in de oplegger over de inclusie-agenda (20 januari 2023) te weinig concrete actiepunten. Dit zijn onze vragen en aanvullingen: 1. De oplegger leest niet als een agenda met duidelijke actiepunten, maar als een inventarisatie. Waarom heeft het zes jaar geduurd voordat deze inventarisatie is gemaakt? Er zijn door de jaren heen meerdere Delftenaren geweest die het gesprek hierover met de gemeente wilden aangaan en die ook oplossingen hebben aangedragen. Wij zien geen bereidheid van de gemeente om in de spiegel te kijken en eerlijk te reflecteren op de eigen inclusie, intern of in de oplegger. 2. Waarom is de inventarisatie incompleet? Waarom zijn er geen initiatieven gezocht om de toegankelijkheid voor onderstaande groepen te bevorderen? Er zijn een aantal groepen die niet of nauwelijks in de oplegger worden genoemd: ●

●

● ●

Doven en slechthorenden - terwijl toegang tot taal een basisrecht is en afspraken op het gemeentehuis voor alle partijen beter kunnen verlopen als er ook een Tolk Nederlandse Gebarentaal (NGT) bij aanwezig is. Mensen met mobiliteitshulpmiddelen - scootmobiels en rolstoelen worden alleen genoemd in combinatie met Delftenaren van 65+ jaar, terwijl er Delftenaren van alle leeftijden zijn die zich door ontoegankelijk OV en ontoegankelijke openbare ruimte niet vrij door de stad kunnen bewegen of bijv. naar hun werk kunnen forenzen. Neurodivergente mensen, zoals met AD(H)D of ASS, worden nergens genoemd. Kinderen met een handicap en hun zorgverleners (vaak de ouders) worden niet genoemd, met uitzondering van kinderen met een leerachterstand of die om een andere reden speciaal onderwijs nodig hebben.

3. Het is onvoldoende duidelijk wat de Gemeente Delft zelf al doet om inclusie te bevorderen. Hoe ondersteunt de gemeente werknemers met handicaps? Zijn er überhaupt medewerkers met een handicap? Hoe gaat zij de dienstverlening verbeteren voor Delftenaren met handicaps? De oplegger noemt het toegankelijkheidskeurmerk van de website, maar dit is een leeg klopje op de borst. Het keurmerk draait om de toegankelijkheid op de verschillende apparaten waarmee de website bezocht kan worden, niet of de website toegankelijk is voor alle gebruikers. Zo zijn er geen eigen mogelijkheden om de tekst te vergroten of voor te laten lezen, waarmee de site moeilijk tot niet te gebruiken is voor blinde en slechtziende mensen. De taal is niet overal op B1-niveau. Veel gemeentelijke diensten zijn niet op de website beschikbaar, terwijl het gemeentehuis en de raadszaal niet toegankelijk zijn voor Delftenaren die mobiliteitshulpmiddelen gebruiken. Kortom, er is op dit vlak alleen al veel ruimte voor verbetering.

4. Toegankelijkheidsplatform: in de oplegger wordt voorgesteld een toegankelijkheidsplatform op te zetten, waarin ervaringsdeskundigen aan tafel zitten. Dit werk, en alle andere activiteiten waarbij de gemeente de inzet en expertise van ervaringsdeskundigen nodig heeft, moet voldoende betaald worden. De gemeente mag bij het opstellen en uitvoeren van beleid niet rekenen op gratis vrijwilligerswerk van mensen die continu worden buitengesloten van de samenleving. Ook omdat dit een groep is die gemiddeld vaker moet leven van een inkomen onder of rond de armoedegrens. 5. Trainingen: wat voor trainingen zijn er nodig voor de werknemers van de gemeente Delft? Welke trainers wil de gemeente hiervoor inschakelen? Onthoud hierbij dat trainingen die de ervaringen van gehandicapte mensen nabootsen vaak een tegenovergesteld effect hebben, dit is al wetenschappelijk aangetoond. Wij vragen ons ook af hoe de gemeente nagaat of de trainingen het beoogde effect hebben. Wij adviseren hier onder andere een Training Privilege en Macht en een training Intersectionaliteit en Inclusieve Taal. 6. Mobiliteit: de omschrijving van aandachtspunten met betrekking tot mobiliteit is gebrekkig. Het is ons duidelijk dat de gemeente onvoldoende in beeld heeft wat de behoeften zijn van de beoogde doelgroep.

We verwijzen daarom opnieuw naar punten 1 en 4 uit deze brief, waarin we het belang van inspraak van gehandicapte Delftenaren benadrukken. Verder wordt niet verklaard waarom er pas in 2022 een nieuw straat perspectief is aangenomen en niet eerder. 7. Werk en inkomen: de nadruk van deze inventarisatie ligt op mensen met leerachterstanden en mentale beperkingen die hen gedeeltelijk tot volledig arbeidsongeschikt maken. De nadruk moet niet liggen op iemands handicap, maar op het systeem waardoor het Delftenaren moeilijk wordt gemaakt te participeren. Veel gehandicapte mensen kunnen met redelijke aanpassingen op de werkvloer prima aan de slag. In de praktijk gaat dit vaak mis, omdat het onduidelijk is of de verantwoordelijkheid voor deze aanpassingen bij de werkgever, de gemeente of het UWV ligt. Ook hier vragen wij de gemeente om te reflecteren: hoeveel gehandicapte ambtenaren en andere werknemers hebben jullie in dienst? Hoeveel gehandicapte werkzoekenden hebben jullie sinds 2016 afgewezen omdat het niet handig was om de benodigde en zeer redelijke aanpassingen te maken? Het UWV kan helpen om hulpmiddelen in kaart te brengen en bruggen te slaan tussen gemeente, werkgevers en werknemers.

Zo kan de gemeente het goede voorbeeld geven en de verantwoordelijkheid nemen, zodat gehandicapte werknemers niet tussen wal en schip vallen en de werkgevers duidelijkheid hebben over hun rol hierin. 8. Wonen: Het is een feit dat er onvoldoende betaalbare woningen zijn voor álle Delftenaren. We waarderen dat er extra scootmobielstallingen worden geregeld, maar dat zorgt er nog niet voor dat alle Delftenaren met een handicap een passende woning of betaalbare en toegankelijke gehandicaptenparkeerplaats hebben. Gehandicapte Delftenaren moeten voorrang krijgen als er toegankelijke woningen beschikbaar komen en de gemeente moet met een concreet plan komen om meer woningen toegankelijk te maken. 9. Vrije tijd: de oplegger noemt enkele initiatieven op het gebied van sport, maar cultuur ontbreekt vrijwel volledig. Feestdagen en andere culturele evenementen die als doel hebben om alle Delftenaren bij elkaar te brengen moeten toegankelijk zijn. Denk aan een Tolk Nederlandse Gebarentaal (NGT), een schrijftolk en omschrijvingen, rolstoeltoegankelijkheid op alle locaties en prikkelarme plekken. Cultuur is een grondrecht voor alle Delftenaren; aanpassingen voor gehandicapte stadsgenoten zijn geen ludieke actie om een cultureel evenement of de stad zelf extra

mee op de kaart te zetten. Wanneer de gemeente een evenement subsidieert of op een andere manier ondersteunt, moet toegankelijkheid de basis zijn. 10. Gezondheid, welzijn en ondersteuning: de oplegger stelt dat de gemeente als doel heeft dat alle Delftenaren zo veel mogelijk zelfredzaam zijn. Toch is het ontzettend moeilijk voor gehandicapte Delftenaren om thuis en op het werk de voorzieningen en hulpmiddelen te krijgen die nodig zijn voor een zelfstandig en onafhankelijk leven. Het duurt soms jaren voordat de aangevraagde hulp eindelijk wordt toegekend, de kwaliteit laat te vaak te wensen over en de tijd en energie die gestoken moet worden in de administratieve rompslomp is als een tweede voltijd baan. Heeft de gemeente goed zicht op deze problematiek? Wat zijn de concrete stappen die ze gaat zetten om deze processen te vereenvoudigen en versnellen? Tenslotte missen we bewijs dat de gemeente oog heeft voor intersectionaliteit: het feit dat mensen meerdere handicaps kunnen hebben en/of op meerdere manieren kunnen afwijken van ‘de norm’, waardoor hun uitdagingen in de samenleving zich kunnen opstapelen. Intersectionaliteit wordt expliciet genoemd in het VN-verdrag, maar ontbreekt in de oplegger. Daarnaast is inclusie niet beperkt tot gehandicapte Delftenaren.

Wij verzoeken de gemeente goed om zich heen te kijken en zich af te vragen: wie zitten er nog niet bij ons aan tafel wanneer we over inclusie praten? Verwacht niet dat Delftenaren zelf komen aankloppen om gratis arbeid voor de gemeente te komen verrichten, maar ga zelf actief op zoek naar de Delftenaren die nog niet vertegenwoordigd zijn. In conclusie, de handicap die iemand heeft is niet de beperking. Hoe de samenleving reageert op handicaps, zorgt ervoor dat mensen beperkt worden in hun leven. Hier valt in Delft nog veel winst te behalen. De gemeente heeft de taak het goede voorbeeld te geven en de rest van de stad te helpen innoveren. Dit gaat het best in samenwerking met de stad. We hoeven het wiel niet opnieuw uit te vinden. Wij kijken daarom uit naar de reactie van de commissie.

Met strijdbare groet, Delft BIJ1

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met delft@bij1.org

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12436205/1