2307091 College van B&W - Renovatie Rietveld theater
Tekst van het document
Oplegger raad Raadsinformatie Onderwerp
Renovatie Rietveld theater
Portefeuillehouder
Frank van Vliet
Voorstel ingediend door
Klaas Mast Kmast@delft.nl/ Marc Knijnenburg MKnijnenburg@delft.nl
Registratienummer
5408025
Datum
14 februari 2023
Concept-besluit(en) N.v.t.
Waarom nu? De gemeente wil het pand Rietveld 49 volledig gebruiken voor podiumkunstenvoorstellingen en repetities. Dit sluit aan bij de extra gewenste ruimte voor podiumkunsten in Delft en de wens van Rietveld Theater (SRT) om de activiteiten uit te breiden. Ook wil de gemeente het pand verduurzamen en de gedoogsituatie ten aanzien van geluid naar de omgeving aanpakken. Op basis van deze uitgangspunten is in samenspraak met de SRT en Delfts Toneel Gezelschap (DTG) een Programma van Eisen (PVE) opgesteld d.d. 09-06-2021. Dit PVE heeft als basis gediend voor de indicatieve investeringsraming van € 1,9 miljoen (waarvan € 1,4 miljoen indirecte en directe bouwkosten) waarover de raad in februari 2022 een besluit heeft genomen. In de achterliggende periode is het PVE uitgewerkt richting Voorlopig Ontwerp (VO). Zoals aangegeven in het voortgangsbericht van 11 oktober 2022 met kenmerk 5311599 blijkt uit de raming bij het concept Voorlopig Ontwerp (VO) dat de bouwkosten beduidend hoger liggen. In deze oplegger treft u een nadere analyse van de verschillen aan en een voorstel voor het vervolg. Inhoud Na het besluit van februari 2022 heeft de gemeente Delft gewerkt aan een VO gebaseerd op het PVE uit 2021. Het concept VO is vertaald naar een raming.
Zoals aangegeven in het voortgangsbericht van 11 oktober 2022 blijkt uit deze raming dat de bouwkosten aanmerkelijk hoger zijn dan de bouwkosten die bij het PVE zijn geraamd. De bouwkosten zijn bij het PVE geraamd op € 1.400.000 en maken, naast de bijkomende kosten ad € 500.000, onderdeel uit van de totale investeringskosten van € 1.900.000. De bijkomende kosten bestaan uit oa. voorbereiding- en begeleidingskosten, heffingen, omzetbelasting en een post voor onvoorziene uitgaven. Uit de raming bij het concept VO volgt dat de bouwkosten uitkomen op een bedrag van € 3.100.000. Indicatief zou het totale investeringsbedrag uitkomen op € 4.100.000. In deze raadsoplegger staat onder meer beschreven wat de verschillen in de bouwkosten veroorzaakt. Deze forse overschrijding is de reden geweest voor een scherpe analyse. In deze oplegger treft u deze op hoofdlijnen aan. Vanwege de overschrijding is het afronden van een VO op basis van het besluit van februari 2022 niet mogelijk. In de oplegger is om deze reden een beschrijving opgenomen van de manier waarop de raad in een volgende fase een keuze kan maken, of en op welke manier het pand Rietveld 49 wordt gerenoveerd. Oorzaken overschrijding bouwkosten De verschillen in de bouwkosten worden veroorzaakt door voortschrijdend inzicht bij de nadere uitwerking van de (wettelijke) gestelde minimale eisen uit het PVE.
Dit betekent dat het PVE onvoldoende concreet was. Met name de technisch samenhangende maatregelen voor geluid, ventilatie en klimaat vergden nadere uitwerking en zijn in de Pagina 1 van 5
VO-fase verdiept. Bij de uitwerking is sprake van opeenvolgende maatregelen en hierdoor meerkosten. Tegelijkertijd zijn er significante verschillen in de opslagen voor de indirecte bouwkosten o.a. door de kosten voor logistiek en bouwplaats voorzieningen. In combinatie met functionele verbeteringen ten opzichte van het PVE en de effecten van prijsontwikkelingen is sprake van een substantieel verschil. Vanwege de forse overschrijding op de bouwkosten moeten er aanvullende keuzes worden gemaakt over het vervolg. Voor een reële raming van de bijkomende kosten (in het PVE geraamd op € 500.000) is meer inzicht in de bouwkosten nodig. De voorliggende analyse is om deze reden gebaseerd op het substantiële verschil (€ 1.700.000) tussen de bouwkosten in de PVE-raming (€ 1.400.000) en het concept VO-raming van € 3.100.000. Op hoofdlijnen is het verschil in te delen in 3 categorieën: 1. 2. 3.
Nadere inhoudelijke (technische) verdieping Aanvullende functionele verbeteringen Prijsontwikkeling
€ 1.000.000 - € 1.200.000 € 200.000 - € 300.000 € 280.000 - € 400.000
Een aanvullende technische toelichting is beschikbaar als bijlage 1. Vervolg en perspectief Het substantiële verschil tussen de PVE-raming en de VO-raming leidt tot verschillende overwegingen en dilemma’s. De gemeente en SRT trekken gezamenlijk de conclusie dat het concept VO niet haalbaar is binnen het taakstellend budget. Het huidige PVE kan hiermee niet volledig als uitgangspunt dienen voor het vervolgtraject. Tegelijkertijd blijven de ambities voor extra ruimte voor podiumkunsten in Delft en het uitbreiden van activiteiten door SRT onveranderd. Cruciale factor hierbij is dat wijzigingen op het PVE - eventueel in de vorm van het neerwaarts bijstellen van functionele bruikbaarheidseisen - van invloed kunnen zijn op de haalbaarheid van de toekomstige businesscase van SRT. Alternatieve aanvullende dekking via cofinanciering is niet zonder meer voorhanden en dekking van een aanvullend investeringsbedrag via een hogere kostprijsdekkende huur is voor SRT niet te dragen en is hiermee onrealistisch. De komende maanden benutten we, in samenwerking met SRT, voor een nadere verdieping en uitwerking op basis van alle kennis en onderzoeken die tot dusver beschikbaar zijn. Dit doen we op basis van het parallel uitwerken van drie verschillende scenario’s.
De scenario’s en het uiteindelijke benodigde investeringsniveau bieden een goed kader voor de raad weloverwogen een keuze te kunnen maken over het wel of niet voortzetten van de geplande renovatie van het Rietveld theater, inclusief de inhoudelijke en financiële kaders. De uit te werken drie scenario’s zijn: 1. Het verder uitwerken van het huidig concept VO (gericht op de ambities voor een podiumkunstenpand). Op basis van de ambitie voor een podiumkunstenpand wordt waar nodig het PVE bijgesteld en een verdiepingsslag gemaakt naar een volwaardig VO. Hiermee wordt helder of, en op welke wijze, een optimaal functioneel podiumkunstenpand met extra ruimte kan worden gerealiseerd. Het uitbreiden van activiteiten door SRT maakt hier onderdeel van uit. Om beter zicht te hebben op de financiële consequenties wordt, mede als vertrekpunt voor de overige scenario’s, een volwaardig VO uitgewerkt. Bij de uitwerking worden technische en waar nodig functionele optimalisaties onderzocht en waar mogelijk ingepast. Dit betekent concreet ook een actualisatie van (ambities en uitgangspunten uit) het PVE waarmee een nieuwe basis wordt gelegd. 2. In het tweede scenario wordt gestreefd naar een optimum waarin functioneel meer mogelijk wordt gemaakt voor het faciliteren van de beoogde podiumkunstenactiviteiten en dat Rietveldtheater de mogelijkheid biedt hun verdienvermogen te vergroten.
In beeld wordt gebracht welke investeringen in het pand inhoudelijk de meeste toegevoegde waarde hebben en in balans zijn met optimale exploitatiemogelijkheden van het theater. 3. Een basis variant (gericht op wettelijke kaders). Deze variant gaat uit van groot onderhoud dat aansluit bij het huidig gebruik en de focus op het continueren van de podiumkunstenactiviteiten. Maatregelen ter verbetering van de functionele bruikbaarheid worden alleen meegenomen voor zover deze gebaseerd zijn op het huidige gebruik van de diverse ruimtes. De uit te voeren maatregelen worden in dit scenario geprioriteerd op basis van wettelijke kaders en de reguliere instandhouding. De uitkomsten per scenario zijn bepalend voor de functionele bruikbaarheid voor hoofdgebruiker SRT. Dit heeft effect op de haalbaarheid van de businesscase van SRT op termijn. Inzicht over de toekomstige exploitatielasten Pagina 2 van 5
en opbrengsten, voor zowel de gemeente als SRT, aan de hand van een integrale businesscase zijn hierdoor belangrijk onderdeel van het vervolg. De scenario’s worden uitgewerkt tot een VO-investeringsraming (bouw- en bijkomende kosten) en een integrale businesscase (exploitatie effecten voor gemeente en SRT). Het uitvoeren van een risicoanalyse is onderdeel van de vervolgfase. In deze fase wordt ook de impact van inflatie zichtbaar gemaakt, en ook een voorstel hoe daar mee om te gaan. Ter referentie wordt verder, aan de hand van een bandbreedte, inzicht geboden in indicatieve nieuwbouwkosten. SRT heeft de gemeente eerder gevraagd de mogelijkheid te onderzoeken om het pand aan hen te verkopen en daarmee ook de verantwoordelijkheid voor de renovatie bij hen neer te leggen. Op dit moment wordt dit niet gezien als een kansrijk alternatief. In het eerste kwartaal van dit jaar wordt de gemaakte afweging nog eens kritisch bekeken. Als dit tot nieuwe inzichten leidt, zal dit in de scenario’s worden meegenomen.
Wat verandert er? De gemeenteraad heeft in de vergadering van 3 februari 2022 het benodigde budget voor de renovatie van Rietveld 49 vastgesteld. Het Programma van Eisen is hierbij aangemerkt als uitgangspunt voor het vervolg van het proces (ontwerp, aanbesteding, uitvoering). Het concept VO op basis van het huidig PVE is niet haalbaar binnen het taakstellend budget. Het huidige PVE kan hiermee niet volledig als uitgangspunt dienen voor een vervolgtraject. Bij het verder vormgeven in een volwaardig VO wordt het PVE op onderdelen opnieuw afgewogen. Bij het VO worden ook alternatieve scenario’s gepresenteerd. Op basis daarvan wordt besloten of, en op welke manier, het pand gerenoveerd wordt. Beleidskaders Cultuurkader 2021 – 2030: Het cultuurbeleid is gericht op een culturele basis die past bij Delft en wenselijk is voor de demografische groei en ontwikkeling van de stad de komende decennia. Podiumkunstenvoorzieningen dragen bij aan een bruisend cultureel klimaat en aan de aantrekkelijkheid en het vestigingsklimaat van de stad. De beoogde functie van het object Rietveld Theater als podiumkunstenpand speelt hierin een belangrijke rol. SRT draagt met name bij aan de programmalijnen ‘meedoen met cultuur’ en ‘stedelijke aantrekkelijkheid’. Het gemeentelijke object Rietveld 49 wordt sinds 2012 succesvol door Stichting Rietveld Theater (SRT) gebruikt als theater.
De stichting stelt talentvolle podiumkunstenaars in de gelegenheid om optredens te verzorgen en faciliteert hen met bijvoorbeeld productionele- en marketingkennis. Het Delfts Toneelgezelschap (DTG) bespeelt, al sinds 1975, het podium boven het Rietveld Theater. De culturele activiteiten van SRT en DTG in het pand Rietveld 49 worden zeer gewaardeerd. SRT is al jaren groeiende qua programmering en verzorgt jaarlijks ongeveer 200 voorstellingen voor 15.000 bezoekers. SRT loopt echter in het huidige pand (gemeentelijk monument), een voormalige openbare school gebouwd in 1900, tegen de grenzen van de mogelijkheden aan. Ook de locatie van het pand, gesitueerd in een woonomgeving, brengt specifieke eisen met zich mee. Momenteel is voor de geluidsdruk naar de omgeving sprake van een gedoogsituatie. De omgevingsdienst Haaglanden (ODH) accepteert de situatie in afwachting van de maatregelen bij renovatie. Ervan uitgaand dat de theaterfunctie op deze locatie wordt behouden, is niets doen hiermee geen optie. De renovatie zorgt ervoor dat een ‘monumentaal schoolgebouw met theaterfunctie’ wordt gerenoveerd naar een toekomstbestendig podiumkunsten pand met hierbij passende gebruiksmogelijkheden.
Het verbeteren van de gebruiksmogelijkheden stelt, mede op basis van een externe toets, hoofdgebruiker SRT in staat om een gezonde exploitatie te voeren, waarbij de kostendekkende huurprijs ook feitelijk kan worden opgebracht. Na renovatie, met maatregelen die vanuit monumentaal perspectief acceptabel zijn, krijgt de stad een pand met mogelijkheden voor een uitgebreid aanbod aan podiumkunstvoorstellingen en repetities. Het vernieuwde podiumkunstenpand past hiermee beter bij de samenstelling van de stad nu en op termijn, en levert een belangrijke bijdrage aan culturele activiteiten in Delft. Daarnaast draagt toekomstgerichte ontwikkeling en gebruik van het pand bij aan het behoud van cultureel erfgoed. Het object Rietveld 49 maakt onderdeel uit van de vastgoedportefeuille van de gemeente. In de nota Vastgoedbedrijf analyse 2019 zijn beleidskaders opgenomen voor deze portefeuille. Het onderhoudsbeleid is hier Pagina 3 van 5
onderdeel van. Het onderhoudsbeleid geeft de prioriteiten en kaders aan, waarbinnen het Vastgoedbedrijf het onderhoud van de objecten uitvoert, waarvoor we als eigenaar verantwoordelijk zijn. Het object Rietveld 49 wordt op basis van dit beleid onderhouden op basis van sober en doelmatige instandhouding. Het wijzigen, aanpassen of verbeteren van het bestaande voorzieningenniveau is geen onderdeel van de instandhouding, en is dus niet opgenomen in de onderhoudsbegroting. Voor verduurzaming van de vastgoedportefeuille is een routekaart opgesteld. Deze geeft weer hoe de gemeente haar vastgoedportefeuille gefaseerd wil verduurzamen. De ambitie voor monumentale objecten is hetzelfde als voor de overige gebouwen in onze vastgoedportefeuille. De uitwerking betreft echter veel meer maatwerk en daaruit moet blijken in welke mate de gestelde ambities realistisch zijn. Toegankelijkheidseisen komen voort uit de Besluit Toegankelijkheid of Bouwbesluit. Financiën Op basis van de uitgewerkte scenario’s komt het college met een voorkeursscenario, inclusief dekkingsvoorstel. Naast de investeringskosten worden de exploitatie effecten voor zowel de gemeente als SRT aan de hand van een integrale businesscase in beeld gebracht. Dit betreft uiteindelijk een separaat voorstel voor de benodigde extra dekking. Vervolg We verwachten de scenario’s in het 3e kwartaal van 2023 te kunnen presenteren.
Afhankelijk van het genomen besluit kan een eventueel DO volgen in het 4e kwartaal 2023.
Participatie De gemeente en SRT streven met de verbouwing van Rietveld 49 hetzelfde doel na, weliswaar vanuit verschillende rollen en verantwoordelijkheden als eigenaar en gebruiker. SRT deelt het voorstel voor het vervolgproces. Voor de volgende fase zetten we in op een intensieve samenwerking. SRT heeft uitgesproken zich te willen inspannen om gezamenlijk te werken aan het vervolg en hierbij als een volwaardige partner mee te willen denken. Vanuit het oogpunt dat de exploitatie voor zowel eigenaar en gebruiker toekomstbestendig moet zijn, is de samenwerking tussen de gemeente en SRT cruciaal voor een goed resultaat. Vanwege de specifieke locatie is de directe omgeving betrokken bij de concept plannen. Er heeft op 21 juni 2022 een bewonersbijeenkomst plaatsgevonden, waarbij de aannemer en de architect het Voorlopig Ontwerp (voor zover toen gereed) hebben gepresenteerd. De omgeving is hierbij vooral kritisch geweest over de plannen vanwege de druk op de omgeving in relatie tot geluid en verkeersbeweging. Het algemeen beeld is wel dat de bewoners de activiteiten van het Rietveld Theater waarderen. In het vervolgtraject zullen omwonenden ook betrokken worden. Communicatie In samenwerking met SRT communiceert de gemeente naar de stad over het verloop van het proces en over belangrijke mijlpalen daarin.
Bijlage(n) Bijlage 1, met kenmerk 5408028, aanvullende globale toelichting op de verschillen in de bouwkosten.
Het besluit moet gepubliceerd worden in het Gemeenteblad ☐ Ja
☒ Nee
☐ Niet van toepassing
Motie / toezegging Heeft het voorstel betrekking op een motie
☐ Ja,
het college verzoekt de raad om motie ….. / toezegging … als afgedaan te beschouwen Pagina 4 van 5
en/of toezegging?
☒ Nee
Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Delft,
G. Born Loco-secretaris
A.M. Zwart Loco-burgemeester
Pagina 5 van 5