2302015 College van B&W - Bestuurlijke reactie op het rapport Nationale Ombudsman “Meedoen zonder beperkingen”
Tekst van het document
Oplegger raad Raadsinformatie Onderwerp
Bestuurlijke reactie op het rapport Nationale Ombudsman “Meedoen zonder beperkingen”
Portefeuillehouder
Joëlle Gooijer
Voorstel ingediend door
Bram Ligtenberg (bligtenberg@delft.nl)
Registratienummer
5351783
Datum
10 januari 2023
Concept-besluit(en) N.v.t. Inhoud Inleiding De Nationale Ombudsman heeft in zijn rapport ‘Meedoen zonder beperkingen’ van 13 september 2022 de financiële problemen van jongeren met een beperking in de Wajong en de Participatiewet aan de orde gesteld. Hij stelt vast dat er in Nederland twee miljoen mensen met een beperking wonen. Uit verschillende onderzoeken naar jongeren met een beperking blijkt dat zij het financieel niet makkelijk hebben. De Nationale ombudsman maakt zich zorgen over de financiële redzaamheid van deze jongeren. De overheid dient volgens de Nationale Ombudsman het sociale zekerheidsstelsel zo in te richten dat het uitgaat van de burger en wat die nodig heeft van de overheid. Een dergelijke verandering in het stelsel is helaas niet op korte termijn te realiseren. In dit onderzoek doet de Nationale Ombudsman vier aanbevelingen die de overheid direct kan uitvoeren. Hieronder staan de aanbevelingen en de reactie van het college op deze aanbevelingen. 1. Informeer jongeren – proactief – in begrijpelijke taal, al vóór de 18e verjaardag Overheidsinstanties dienen jongeren met een beperking actief en in begrijpelijke taal te informeren over hun rechten en plichten en de voorzieningen waarvan zij gebruik kunnen maken. Gemeenten kunnen scholen benaderen om jongeren met een beperking vroegtijdig in beeld te krijgen en hen te informeren over hun mogelijkheden.
Maar ook na de middelbare school hebben jongeren met een beperking behoefte aan informatie. Het is belangrijk om informatie laagdrempelig aan te bieden via bijvoorbeeld sociale media. Daarnaast kunnen belangenorganisaties en gemeentelijke jongerenteams een waardevolle rol spelen in het verspreiden van informatie. Collegereactie Het college is het eens met de Nationale Ombudsman dat het voor jongeren belangrijk is om hen in begrijpelijke taal en voor hun 18de verjaardag te informeren over hun rechten en plichten en de voorzieningen waarvan zij gebruik kunnen maken. Iedere jongere in Delft die 18 jaar wordt krijgt het NIBUD-boekje “De Geldwijzer Bijna 18” en de flyer van het Jongeren Informatie Punt: “Regel je shit”. Deze zijn speciaal geschreven voor jongeren en gaan in op alle financiële zaken waarmee jongeren te maken krijgen als ze 18 jaar worden. Daarnaast is onze website in Heldere Taal geschreven. Ook is de gemeente Delft aangesloten bij de Nederlandse Schuldhulp Route. Een onderdeel van de Nederlandse Schuldhulp Route is het kanaal Moneyfit (https://moneyfit.nl), speciaal voor jongeren. Daarnaast sluiten we ons elk jaar aan bij de Week van het Geld. Verschillende scholen en organisaties in Delft nemen hieraan deel (https://www.delft.nl/inkomen/hulp-bij-schuld/week-van-het-geld).
2. Zorg voor persoonlijke begeleiding. Jongeren met een beperking hebben vaak hulp nodig bij hun administratie, het aanvragen van een uitkering en voorzieningen en contacten met instanties. Daarom is het belangrijk dat deze jongeren persoonlijke begeleiding krijgen. Deze begeleiding moet onafhankelijk zijn van de overheid en goed op de hoogte zijn van de wet- en regelgeving. Cliëntondersteuning vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning kan hierin voorzien. De cliëntondersteuner staat als persoonlijk begeleider naast de jongere en kan ondersteuning bieden bij hulpvragen op het gebied van onder meer werk, inkomen, welzijn, wonen en zorg. Deze persoon is op de hoogte van de ondersteuningsbehoefte van jongeren met een beperking, heeft contacten met instanties, weet de weg en zorgt ervoor dat informatie onderling wordt uitgewisseld. Indien gewenst kan de cliëntondersteuner optreden als intermediair tussen overheidsinstanties en jongeren. Ook hebben jongeren hierdoor de mogelijkheid een band op te bouwen met hun begeleider. Dit maakt dat ze makkelijker contact opnemen als ze vragen hebben. Het is dan ook belangrijk dat jongeren weten dat ze gebruik kunnen maken van cliëntondersteuning. Gemeenten dienen dit actief aan te bieden. Collegereactie Het college deelt de zorg van de Nationale Ombudsman wanneer het gaat om het actief aanbieden van cliëntondersteuning.
Delft voor Elkaar biedt in Delft onafhankelijke cliëntondersteuning. Net als in veel andere gemeenten is ook in Delft de bekendheid over de onafhankelijke cliëntondersteuning laag. De meeste jongeren weten niet dat ze deze ondersteuning kunnen krijgen. Juist omdat dit een landelijk probleem is, stelt het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een subsidie beschikbaar om deze functie te verbeteren. Delft gaat deze subsidie aanvragen. Voor dit moment zorgen de medewerkers van het Jongeren Informatie Punt ervoor dat jongeren bij Delft voor Elkaar terecht komen. Veel jongeren met een beperking volgen onderwijs op een Praktijkschool of via Voortgezet Speciaal Onderwijs (Pro-VSO). Specifiek voor deze leerlingen hebben we in Delft een sluitende aanpak. Dat wil zeggen dat alle leerlingen terwijl ze nog op het Pro-VSO zitten al door de Jongerenacademie besproken worden en dat bepaald wordt of de jongere na zijn schoolperiode nog een vervolgopleiding kan volgen of dat aan het werk gaan de beste optie is, of een passende dagbestedingsplek. De Jongerenacademie monitort tot aan 27 jarige leeftijd of dit goed verloopt en de jongere blijft meedoen. Jongeren die aan het werk willen, krijgen direct begeleiding zodat ze niet tussen wal en schip vallen.
Ten slotte is de dienstverlening van de Jongerenacademie en het Jongeren Perspectief Fonds er speciaal voor jongeren tussen de 18 en 27 jaar. De jongerenacademie helpt jongeren onder andere bij het vinden van werk, een opleiding en/of het aanvragen van een uitkering. Het Jongeren Perspectief Fonds is er op gericht om jongeren met schulden weer toekomstperspectief te bieden door hun schulden af te lossen en hulp te bieden bij het behalen van een startkwalificatie. Buiten het Jongeren Perspectief Fonds kunnen jongeren ook via een regulier schuldhulptraject geholpen worden bij schulden. 3. Zorg dat werken van toegevoegde waarde is, ook in deeltijd. Werken met een uitkering brengt vaak een forse administratieve belasting met zich mee en geen of weinig financieel voordeel. Dit ontmoedigt jongeren met een beperking om aan het werk te gaan, terwijl werk hen veel kan bieden: zelfontplooiing, structuur, sociale contacten, beroepstrots, een eigen inkomen en een bijdrage aan de maatschappij. Jongeren met een beperking ervaren echter belemmeringen door allerlei administratieve drempels en doordat werken niet of nauwelijks loont. Op de lange termijn wegen de administratieve lasten, het uitblijven van een financieel voordeel en bijbehorende stress zwaarder dan de voordelen van werken.
Door de administratieve lasten te verlichten en werken lonend te maken, zorgt de overheid ervoor dat de redenen die jongeren hebben om aan het werk te gaan, ook redenen zijn om aan het werk te blijven. Collegereactie Het college vindt het belangrijk dat iedereen die kan werken dat ook doet. Dat geldt ook voor jongeren met een beperking. Voor Inwoners die door medische of psychische belemmeringen een grotere afstand tot de arbeidsmarkt hebben vraagt Werkse! bij het UWV een medisch advies op. Als dit medisch advies het vermoeden van de
belemmering bevestigt wordt, eventueel met terugwerkende kracht, inkomstenvrijlating verstrekt: 25% gedurende 6 maanden en aansluitend 15% voor onbepaalde tijd. De aanbevelingen voor verdere aanpassing van de Participatiewet die de Nationale Ombudsman doet zijn voor het Rijk bedoeld. Er ligt nu een voorstel bij de Eerste Kamer om de bijverdienregels in de Participatiewet aan te passen. 4. Zorg voor financiële zekerheid. Zorg ervoor dat jongeren met een beperking weten waar ze aan toe zijn als ze gaan werken naast hun uitkering. De overheid moet deze jongeren meer zekerheid bieden over hun inkomen, ook als sprake is van een onregelmatig aantal arbeidsuren en wisselende inkomsten bij flexibele contracten. Het is voor hen immers belangrijk dat ze kunnen overzien wat de financiële gevolgen zijn van veranderingen in hun werkzame uren. Het verruimen van bijverdiengrenzen, direct verrekenen van inkomsten en het instellen van een bufferbudget kunnen hierbij helpen. Meer duidelijkheid over hun financiën betekent dat jongeren makkelijker de stap naar werk zetten en ook de stap om eventueel meer of minder te gaan werken, afhankelijk van hun belastbaarheid. Collegereactie Het college onderschrijft de noodzaak van zorg voor financiële zekerheid. Daarnaast moet werken van toegevoegde waarde zijn, ook in deeltijd. In Delft ondersteunt de jongerenacademie deze jongeren.
Zij bieden hulp op maat. Ook kijken zij samen met de jongere wat de mogelijkheden zijn op het gebied van re-integratie. Wanneer een jongere via Werkse! aan het werk gaat, krijgt die informatie over de financiële gevolgen. Jongeren met een bijstandsuitkering en een deeltijdbaan kunnen in Delft kiezen voor de zogenaamde ‘Surplus-regeling’. Die regeling zorgt ervoor dat het inkomen altijd op één vast moment in de maand wordt uitgekeerd en dat het inkomen elke maand gelijk is. De Surplus-regeling werkt op deze manier: • De jongere geeft de werkgever toestemming om het salaris over te maken naar de gemeente • De gemeente rekent aan de hand van de loonstrook de hoogte van de uitkering uit en verrekent de inkomsten. • De jongere ontvangt een vast bedrag op een vast moment in de maand. Dat bedrag bestaat uit salaris en uitkering samen. • Reiskosten en andere vergoedingen betaalt de gemeente apart uit.
Waarom nu? Dit rapport van de Nationale Ombudsman sluit aan bij een van de speerpunten van het college: Delft kansrijk voor iedereen. Jongeren moeten uitzicht hebben op een kansrijke toekomst. Essentie: wat verandert er? Onze inzet was en is om zoveel mogelijk in lijn met de aanbevelingen van dit rapport te (blijven) werken.
Beleidskaders Niet van toepassing.
Participatie Niet van toepassing. Financiën Niet van toepassing.
Vervolg Niet van toepassing.
Communicatie Niet van toepassing. Bijlage(n) Rapport Nationale Ombudsman “Meedoen zonder beperkingen”
Het besluit moet gepubliceerd worden in het Gemeenteblad ☐ Ja
☐ Nee
☒ Niet van toepassing
Motie / toezegging Heeft het voorstel betrekking op een motie en/of toezegging?
☐ Ja,
het college verzoekt de raad om motie ….. / toezegging … als afgedaan te beschouwen
☒ Nee
Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Delft,
M. Berger Loco-secretaris
A.M. Zwart Loco-burgemeester