2245565 College van B&W - Feitenrelaas en evaluatie wateroverlast 15 augustus 2022
Tekst van het document
Oplegger raad Raadsinformatie Onderwerp
Feitenrelaas en evaluatie wateroverlast 15 augustus 2022
Portefeuillehouder
F. van Vliet
Voorstel ingediend door
M. Dofferhoff, mdofferhoff@delft.nl, 06-23025917
Registratienummer
5318215
Datum
1 november 2022
Concept-besluit(en) N.v.t.
Inhoud Naar aanleiding van de extreme bui op 15 augustus 2022 zijn er door de PvdA fractie schriftelijke vragen gesteld. In de beantwoording van de schriftelijke vragen heeft het college aangegeven in samenspraak met het Hoogheemraadschap van Delfland te werken aan een feitenrelaas en een evaluatie. In de beantwoording is aangegeven, dat het feitenrelaas en de evaluatie nagezonden zouden worden aan de raad, als onderdeel van de beantwoording van de Schriftelijke Vragen. Door middel van deze raadsinformatie willen wij u informeren over het feitenrelaas en de opgestelde evaluatie. 15 augustus 2022 Op 15 augustus 2022 heeft een zeer zware onweersbui boven de gemeente Delft gehangen. In heel Delft is overlast van deze bui ervaren. Het zwaartepunt van de overlastmeldingen lag in de binnenstad.
In totaal zijn er 124 meldingen binnengekomen, deze meldingen gaan over ondergelopen kelders, water op straat, water in de woning, overstortende riolering en dergelijke. Al deze meldingen worden beantwoord en bij situaties waar verbeteringen aan het openbaargebied mogelijk zijn gaan we dit oppakken. De 1e ronde van beantwoording heeft 4 weken in beslag genomen.
Feitenrelaas • 19:15: De bui begon en was niet voorspeld. Hierdoor zijn geen preventieve maatregelen genomen • 19:24: De dienstdoende peilbeheerder van het Hoogheemraadschap ontving een waarschuwing vanuit het monitoringssysteem omtrent acute extreme neerslag en stijgende waterpeilen in de binnenstad van Delft • 19:28: De peilbeheerder heeft op basis van de neerslaghoeveelheid en de hoge peilstijging in de binnenstad de maatregel in werking gesteld om de binnenstad af te sluiten van de Schie, in lijn met het neerslagprotocol B “Afsluiten” betekent in dit geval het optrekken van een aantal klepstuwen en apart bemalen van het afgesloten deel van de binnenstad, via gemaal Duyvelsgatbrug • 19:35: De waterstand (meetpunt nabij Duyvelsgatbrug) bereikt het hoogste punt van NAP -0,32 m (voorafgaand aan de bui circa NAP -0,45 m) • 20:20: Het waterpeil was weer terug op streefpeil • Naderhand is geconstateerd dat één van de stuwen (die op het achterom) ‘niet’ heeft gewerkt, nadere analyse laat zien dat in de aansturing van de klepstuwen een noodscenario is ingebouwd dat bij een hogere waterstand binnen de klepstuwen ten opzichte van de boezem de klepstuw op het achterom open blijft staan. • De bui duurde circa 20 minuten en viel op Delft en Delfgauw. De hoeveelheid regen die is gevallen betrof maximaal 45 mm.
De herhalingstijd van deze bui lag volgens de statistiek voor buien van korte duren (KNMI) tussen de 100 en 500 jaar, daarmee boven de ontwerpnormen voor het gehele systeem van riolering, grondwater en oppervlaktewater. Na de bui zijn door medewerkers van de gemeente op verschillende locaties verzakkingen in de straat afgezet. De gehele week na 15 augustus 2022 hebben medewerkers werkzaamheden in de openbare ruimte uitgevoerd. De werkzaamheden betroffen het vrijmaken van kolken, maar ook het verhelpen van onveilige situaties die als gevolg van de wateroverlast waren ontstaan. Direct na de bui is door de gemeente contact gezocht met het Hoogheemraadschap van Delfland, om in gesprek te gaan over de ontstane situatie en het voorkomen van eventuele problemen in de toekomst. Evaluatie Naast de opsomming van de feiten, is gekeken naar de factoren (zowel beïnvloedbaar, als niet- beïnvloedbaar) die hebben bijgedragen aan de ervaren overlast. Daarbij is het goed om te beseffen dat het samenhangende systeem vraagt om een samenhang van oplossingen. Er is niet één knop waaraan je kunt draaien om het systeem weerbaarder te maken. Gezien de klimaatverandering kan de kans op dit soort buien verder toenemen. De aard en omvang van de buien zijn niet beïnvloedbaar; wel kunnen maatregelen beoordeeld worden op de mate waarin ze de (ongewenste) gevolgen van de buien beperken.
In de evaluatie is met name gekeken naar de werking van de klepstuwen en het afvoersysteem. Klepstuwen In de afgelopen 10 jaar zijn de klepstuwen meer dan 30 keer met succes ingezet, maar in dit geval heeft het sluiten van de klepstuwen conform neerslagprotocol B, de wateroverlast bij Rietveld/Raam niet kunnen voorkomen. In het watersysteem zelf zal het Hoogheemraadschap van Delfland kijken naar een optimalisatie van het systeem, meer specifiek naar de computertechniek achter de bediening van de klepstuwen. Hierbij zal worden onderzocht of het mogelijk is om meer stuwen ‘open’ te laten in het geval dat het waterpeil in de gracht hoger is dan in de boezem. Daarmee wordt geen overlast voorkomen, maar het beperkt de negatieve invloed van de stuwen. Dit is vergelijkbaar aan de werking van de klepstuw op het achterom. Deze functioneerde zoals de regeling was bedoeld: er was hoger water in de binnenstad dan in het boezemsysteem waardoor deze klepstuw open bleef staan. Afvoersysteem Naast het sluiten van de klepstuwen zijn er een aantal zaken geconstateerd die te maken hebben met (de werking van) het afvoersysteem. Als een belangrijke oorzaak van de overlast bleek dat enkele kolken waren geblokkeerd door veel blad. Door de droge en hete periode voorafgaand aan de bui was er namelijk relatief veel blad van de bomen gevallen.
Conform het huidig beleid wordt ‘natuurlijk afval en veegvuil’ gedurende de zomermaanden op beeldniveau C (en in de
binnenstad op niveau B) onderhouden. Onder deze condities kan het voorkomen dat er tijdelijk meer ‘natuurlijk afval en veegvuil’ op straat ligt. Het ligt in de rede om in dat geval te overwegen het beeldkwaliteitsniveau te verhogen (bijvoorbeeld naar niveau B resp. A). Het is echter niet waarschijnlijk dat de problemen zoals die van 15 augustus daarmee voorkomen kunnen worden. Los daarvan, is het de vraag of het beperkte effect de fors hogere kosten (ca. €1 mln p/jr) zou verantwoorden. Verder is geconstateerd dat de grond heel droog en hard was, waardoor een groot deel van het water niet (zoals gebruikelijk tijdens regenbuien) in de bodem geïnfiltreerd is. Ook dit is een niet-beïnvloedbare factor, als gevolg van de weersomstandigheden voorafgaand aan de bewuste regenbui. De periode voorafgaand aan 15 augustus was extreem droog en warm. Tenslotte is gekeken naar de bijdrage die (eventueel verstopte) kolken gehad kunnen hebben in de overlast. Volgens het huidige beleid worden de kolken in Delft jaarlijks één keer leeggezogen; in de binnenstad twee keer per jaar. Gezien de enorme hoeveelheid regenwater die verwerkt moest worden, is vastgesteld dat de toestand van de kolken nauwelijks een rol van betekenis heeft gespeeld bij het verwerken van het regenwater. De grootste bottle-neck was immers het gehele stelsel, dat volledig overbezet was.
Conclusie Het belangrijkste is een andere / vertraagde vorm van afwatering. Waar mogelijk worden daar al voorbereidingen voor getroffen. Daarnaast kunnen tuinen en daken verder vergroend kunnen worden met een vertraagde afvoer als gevolg. Door de afvoer van regenwater vanuit de tuin en het dak te vertragen loopt het systeem bij korte intense buien minder snel vol. Al moet hierbij wel opgemerkt worden dat bij een dergelijk extreme bui als die van 15 augustus 2022 het systeem zelfs met die maatregelen snel vol zal zitten. De verwachting is dat alleen een combinatie van verschillende maatregelen zal helpen. Op korte termijn zal het college een communicatieplan uitwerken waarbij laagdrempelige klimaat-adaptieve maatregelen centraal staan die bewoners zelf kunnen treffen. Verschillende locaties in Delft, waar het in het verleden regelmatig mis is gegaan bij heftige regenval, zullen daarbij speciale aandacht krijgen. Afhankelijk van de situatie moet daar mogelijk maatwerk worden geboden. In die gevallen waar dat nodig is, zal dat in overleg met de bewoners worden opgepakt. Tenslotte is geconstateerd dat de gemeente Delft en het Hoogheemraadschap van Delfland meer gebruik zouden kunnen maken van elkaars kennis en gegevens (bijv. data van regenmeters).
Beide partijen zijn voornemens om die samenwerking verder uit te bouwen, bijvoorbeeld vanuit het kader van de samenwerking binnen Netwerk Afvalwaterketen Delfland. Waarom nu? In de beantwoording van de schriftelijke vragen van de PvdA is aangegeven, dat het feitenrelaas en de evaluatie nagezonden zouden worden aan de raad, als onderdeel van de beantwoording van de Schriftelijke Vragen. Wethouder van Vliet heeft aangegeven de raad uiterlijk in november te informeren over het feitenrelaas en de evaluatie. Essentie: wat verandert er? Op dit moment niets.
Beleidskaders -
Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan
Participatie n.v.t.
Financiën Aan deze oplegger zijn geen financiële consequenties verbonden. Eventuele maatregelen en onderhoud aan het klepstuwsysteem komen voor rekening van het Hoogheemraadschap van Delfland. Vervolg n.v.t. Communicatie n.v.t. Bijlage(n) geen
Het besluit moet gepubliceerd worden in het Gemeenteblad ☐ Ja
☒ Nee
Motie / toezegging Heeft het voorstel betrekking op een motie en/of toezegging?
☐ Ja, ☒ Nee
Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Delft,
M. Berger Loco-secretaris
M. Huijsmans Loco-Burgemeester
☐ Niet van toepassing