2245563 College van B&W - Monitor CO2-uitstoot, energieverbruik en opwekking in Delft
Tekst van het document
Oplegger raad Raadsinformatie Onderwerp
Monitor CO2-uitstoot, energieverbruik en opwekking in Delft
Portefeuillehouder
Wethouder Zwart
Voorstel ingediend door
Robert van der Lande rvdlande@delft.nl
Registratienummer
5296390
Datum
8 november 2022
Concept-besluit(en) Niet van toepassing. Inhoud Er zijn door CE Delft twee rapporten opgesteld om inzicht te geven in de broeikasgas uitstoot in Delft. -
“Monitoring CO2 uitstoot en energie gemeente Delft 2013-2020”: de tweejaarlijkse monitor die inzicht geeft in de ontwikkeling van broeikasgasemissies, energieverbruik en de lokale opwekking van duurzame energie in de gemeente Delft.
-
“Broeikasgasemissies in 1990 binnen de gemeente Delft”: een rapport dat de huidige emissies van de gemeente Delft vergelijkt met de emissies in 1990. Dit is het internationaal gebruikte referentiejaar voor het terugdringen van broeikasgasemissies. Ook de doelstellingen in het Nationaal Klimaatakkoord - in 2030 55% minder uitstoot – zijn gesteld ten opzichte van 1990. Gemeente Delft rapporteerde haar uitstoot tot nu toe ten opzicht van 2013 omdat de meetmethodes zoals die nu worden gebruikt niet eenduidig met terugwerkende kracht kunnen worden toegepast op 1990.
Het rapport “Monitoring CO2 uitstoot en energie gemeente Delft 2013-2020” kijkt naar de periode 2013-2020 en maakt onderscheid tussen 3 sectoren: wonen, werken en verkeer. De belangrijkste conclusies zijn als volgt: -
De broeikasgasemissies binnen de gemeente Delft zijn sinds 2013 gedaald met 23%. Deze wordt voor tweederde veroorzaakt door de verduurzaming van de nationale elektriciteitsmix. Het overige deel wordt veroorzaakt door afname van emissies in de sector “werken” en in mindere mate in de sector “wonen”.
-
Het energieverbruik is in dezelfde periode met 9% gedaald. Dit komt grotendeels op het conto van de sector ‘verkeer’ en heeft twee oorzaken: 1. De A4 is sinds 2016 in gebruik en hierdoor gaat er minder verkeer over de A13. De A13 ligt op Delfts grondgebied, de A4 niet. 2. De intensiteit van het wegverkeer is in 2020 als gevolg van de COVID-19 pandemie sterk afgenomen. Het energieverbruik van de sector “wonen” is in de periode 2013-2020 nagenoeg onveranderd gebleven, het energieverbruik van de sector “werken” laat een lichte daling zien. Dat kan deels veroorzaakt worden door bedrijven die hun activiteiten binnen de gemeentegrenzen hebben beëindigd.
-
De productie van lokale hernieuwbare energie is sterk gestegen. Dat komt met name door de sterke stijging van de productie van hernieuwbare elektriciteit (729%) op woningen en grote daken. Ook de productie van lokale hernieuwbare warmte is flink gestegen. Dat betreft WKO-systemen (warmte-koude opslag). Daarnaast speelt bij de hernieuwbare energieproductie het lokaal gebruik van biobrandstoffen een rol: deze worden in toenemende mate bijgemengd in de brandstof. Dat ligt buiten de invloedssfeer van de gemeente. Het aandeel lokale hernieuwbare productie op het totale energieverbruik in 2020 was 3,2%.
De studie “Broeikasgasemissies in 1990 binnen de gemeente Delft” heeft, omdat er in 1990 met andere definities werd gemonitord, een schatting gemaakt van de emissies in 1990 op basis van de zogenoemde “verbruiksbenadering” die geschikt is om te vergelijken met de wijze waarop momenteel wordt gemonitord. De belangrijkste conclusies:
-
De emissies in 2020 waren met een daling van 355 kiloton 43% lager dan in referentiejaar 1990 toen nog 828 kiloton werd uitgestoten. Een groot deel van deze daling (156 kiloton) valt in de categorie afvalverwerking binnen de gemeentegrenzen.
De verdeling van de emissies over de sectoren “wonen”, “werken” en “verkeer” is sinds 1990 niet wezenlijk veranderd. Waarom nu? De uitkomsten van de rapporten zijn meegenomen in de doelstelling Duurzame stad in de programmabegroting 2023-2026. Essentie: wat verandert er? Delft is op weg naar een klimaatneutraal 2050: er wordt dan geen CO2 meer uitgestoten. Landelijk is het tussendoel 2030 gesteld op 55% reductie ten opzichte van 1990 waarbij beleid zich richt op 60%. De CO2-uitstoot in 1990 was 828 kiloton en in 2020 was dit 465 kiloton, een afname van 44%. De daling van 44% in 2020 was nog niet terug te zien in de Jaarstukken 2021; hier werd gerapporteerd versus 2013 in plaats van 1990 wat een afname van 22% liet zien. Beleidskaders Het monitoren van de CO2 uitstoot van Delft past binnen de ambitie Delft Energie Neutraal 2050. Deze ambitie is onderdeel van het Delftse duurzaamheidsbeleid zoals beschreven in de nota “Bouwen aan een Duurzaam Delft” uit 2018. Participatie Niet van toepassing Financiën Het opstellen van de CO2 monitor kost circa 15.000 euro per twee jaar. Dit zijn telkens incidentele kosten waarvoor geen meerjarig contract is aangegaan en dus geen meerjarige verplichting op rust. Dekking hiervoor valt binnen het programma energietransitie, in de programma begroting onderdeel van Duurzaam Delft met in 2023 middelen vanuit de reserve Beleid en uitvoering.
Vervolg De CO2 monitor wordt tweejaarlijks opgesteld. Dit geeft echter beperkt inzicht in de voortgang van de energietransitie in Delft. Uitgebreidere monitoring is ontworpen en wordt najaar 2022 gedeeld met het college van B&W en de raad. Bij het jaarverslag 2022 zal deze brede monitor voor het eerst worden opgesteld. Communicatie Gemeente Delft rapporteert haar CO2 uitstoot in het jaarverslag. De rapporten zijn door CE Delft toegelicht aan de raadswerkgroep energietransitie. Bijlage(n) Broeikasgasemissies in 1990 binnen gemeente Delft Monitoring CO2 Uitstoot en Energie gemeente Delft
Het besluit moet gepubliceerd worden in het Gemeenteblad ☐ Ja
☒ Nee
☐ Niet van toepassing
Motie / toezegging Heeft het voorstel betrekking op een motie en/of toezegging?
☐ Ja, ☒ Nee
het college verzoekt de raad om motie ….. / toezegging … als afgedaan te beschouwen
Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Delft,
M. Berger Loco-secretaris
M. Huijsmans Loco-Burgemeester