2237465 Voorstel van het college aan de raad inzake Afwijzen verzoek opheffing geheimhouding
Tekst van het document
Oplegger raad Raadsvoorstel Afwijzen verzoek opheffing geheimhouding
Onderwerp
Portefeuillehouder
Marja van Bijsterveldt
Voorstel ingediend door
Bonnie Kaptein (bkaptein@delft.nl)
Registratienummer
5209150
Datum
15 september 2022
Concept-besluit(en) -
Afwijzen verzoek opheffing geheimhouding op grond van:
• • •
Artikel 5, lid 1 en onder c Woo Artikel 5, lid 2 en onder e Woo Artikel 5, lid 2 en onder f Woo
Voor zover het ziet op de zwart gelakte gedeeltes van het document. -
Het verzoek tot opheffing van de geheimhouding conform hetgeen reeds openbaar is gemaakt formeel te bevestigen.
Inhoud Op 2 november 2021 is er een wob verzoek binnen gekomen van het NRC. In dit verzoek vraagt het NRC om informatie over een opdracht verstrekt door de gemeente aan het bedrijf Nuance door Training en Advies (NTA). Het NRC vraagt specifiek informatie over de opdracht voor een onderzoek naar de islamitische infrastructuur in gemeente Delft. Het NRC geeft daarbij aan dat het wilt achterhalen of, en zo ja in hoeverre, de gemeente bekend was of is met de onderzoeksmethode van NTA en wat hierover is afgesproken. Op 28 januari 2022 is er een besluit genomen op dit verzoek; enkele documenten zijn gedeeltelijk verstrekt en een enkel document is in zijn geheel geweigerd. Een van de documenten waarop het wob-verzoek betrekking had was het document “NTA bestuursrechtelijke aspecten, opdrachtgeverschap en privacy”. Dit document is gedeeltelijk (dus met zwart gelakte passages) verstrekt. Om uw raad zo goed mogelijk te kunnen informeren is het volledige document (ongelakt) onder geheimhouding met u gedeeld. NRC heeft een bezwaarschrift ingediend tegen het genomen besluit op het wob-verzoek op 22 februari 2022. Daarna is er door uw raad op 10 maart 2022 geheimhouding opgelegd op dit document. Het bezwaarschrift, voor zover het ziet op dit document, moet worden aangemerkt als een verzoek om opheffing van de geheimhouding.
Dit heeft bezwaarmaker, in casu NRC, ook aangegeven tijdens de hoorzitting in de bezwaarprocedure. In het advies van de adviescommissie bezwaarschriften is dit ook opgenomen. Het college heeft het advies van de adviescommissie bezwaarschriften opgevolgd en legt u in het verlengde van het advies van de adviescommissie bezwaarschriften dit raadsvoorstel voor. Hiermee wordt het verzoek om opheffing van de geheimhouding afgewezen voor zover het ziet op de zwart gelakte gedeeltes. De gronden voor het opleggen van de geheimhouding gelden immers nog onverkort. Bij besluit van 21 april 2022 is het bezwaarschrift, voor zover het ziet op de overige stukken, ongegrond verklaard (met inachtneming van het vorenstaande).
Kort gezegd zijn de afwijzingsgronden als volgt: Het betreft bedrijfs- en fabricagegegevens die door natuurlijke personen of rechtspersonen vertrouwelijk aan de overheid zijn medegedeeld; het belang van openbaarheid weegt niet op tegen de bescherming van andere dan vertrouwelijk aan de overheid verstrekte concurrentiegevoelige bedrijfs- en fabricagegegevens; het belang van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van personen is zwaarwegender dan het belang van informatieverstrekking. Bijv. namen van personen. NTA heeft aangegeven nog steeds bezwaar te hebben tegen de openbaarmaking van de zwart gelakte gedeeltes van het document. Het belang van NTA hierin geldt dus nog onverkort. Voor zover het verzoek om opheffing geheimhouding ziet op de reeds openbaar gemaakte gedeeltes wordt geadviseerd om het verzoek toe te kennen. Waarom nu? Feitelijk verandert er niets. Het is een bevestiging van de praktijk en betreft slechts een juridisch-technisch besluit. Dit voorliggende besluit verduidelijkt dat de eerder opgelegde geheimhouding alleen betrekking heeft op de zwart gelakte gedeeltes van het document. In het raadsbesluit wordt de geheimhouding in overeenstemming gebracht met de praktijk, namelijk alleen de geheimhouding op de zwart gelakte gedeeltes handhaven.
We volgen hiermee het advies van de adviescommissie bezwaarschriften om dit deel van het bezwaarschrift aan te merken als een verzoek om opheffing van de geheimhouding.
Essentie: wat verandert er? De motivering van de geheimhouding is aangepast naar de nu geldende Wet Open Overheid (Woo). Ten tijde van het oplegging van de geheimhouding was de Wet Openbaar Bestuur (Wob) nog van toepassing. Omdat er geen overgangsrecht is opgenomen is de Woo (per 1 mei 2022) direct van toepassing. Beleidskaders -
Woo, artikel 5 Gemeentewet, artikel 25, lid 3
Uitwerking in het besluit 1.
Het verzoek tot opheffing van de geheimhouding af te wijzen voor zover het ziet op de zwart gelakte gedeeltes van het document, op grond van de volgende artikelen uit de Wet open overheid (Woo).
a.
Artikel 5, lid 1 en onder c (oud: artikel 10, lid 1 en onder c Wob)
Artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder c, van de Woo bepaalt dat het verstrekken van informatie achterwege blijft voor zover dit bedrijfs- en fabricagegegevens betreft die door natuurlijke personen of rechtspersonen vertrouwelijk aan de overheid zijn medegedeeld. Onder bedrijfsgegevens moet op grond van vaste rechtspraak worden verstaan: al die gegevens waaruit wetenswaardigheden kunnen worden afgelezen of afgeleid met betrekking tot de technische bedrijfsvoering of het productieproces, dan wel met betrekking tot de afzet van producten of de kring van afnemers of leveranciers. Cijfers of gegevens die de financiële bedrijfsvoering en financiële stromen betreffen, worden eveneens als bedrijfs- en fabricagegegevens aangemerkt. Openbaarmaking die ertoe leidt dat de concurrentiepositie van natuurlijke personen of rechtspersonen kan verzwakken, dient achterwege te blijven. Dat sprake is van een wettelijke verplichting tot het vertrekken van bepaalde informatie, doet op grond van de parlementaire geschiedenis niet af aan de vertrouwelijkheid die belanghebbende veronderstelde en mocht veronderstellen. Het belang genoemd in bovenstaande bepaling is nog steeds relevant. Openbaarmaking geeft inzicht in risico’s, methoden en technieken die de werkwijze van NTA bij het opzetten en uitvoeren van een onderzoek met zich meebrengt.
Uit de begeleidende mail bij het document blijkt duidelijk dat het document vertrouwelijk is verstrekt.
In het onderhavige geval heeft verzoeker niet aannemelijk gemaakt dat het belang van het openbaar maken zwaarder zou moeten wegen dan het bovenstaande belang. In de te verrichten beoordeling is daar derhalve rekening mee gehouden. De opgelegde geheimhouding moet dan ook gehandhaafd blijven, voor zover het ziet op de gelakte gedeeltes van het document, en het verzoek tot opheffing ervan moet worden afgewezen voor zover het ziet op de gelakte gedeeltes van het document. b.
Artikel 5, lid 2 en onder e (oud: artikel 10, lid 2 en onder e Wob)
Op grond van artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder e, van de Woo blijft verstrekking van informatie achterwege wanneer het belang van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van personen zwaarwegender is dan het belang van informatieverstrekking. Een dergelijk belang is aan de orde wanneer documenten gegevens zoals namen, maar ook meer indirecte gegevens bevatten waarmee de identiteit van de betrokken personen achterhaald kan worden. In het document is hiervan sprake. Openbaarmaking hiervan dient geen redelijk doel en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de betrokkenen weegt in dit verband zwaarder. De afwijzingsgrond blijft dan ook gehandhaafd. Voor personen die niet naar de aard van hun functie in de openbaarheid treden, dient door verzoeker aannemelijk te worden gemaakt dat het algemene belang van openbaarmaking in het onderhavige geval zwaarder moet wegen. In het onderhavige geval heeft verzoeker niet aannemelijk gemaakt dat van een dergelijk zwaarwegender belang sprake is. In de te verrichten beoordeling is daar derhalve rekening mee gehouden. c.
Artikel 5, lid 2 en onder f (oud: vergelijk motivering artikel 10, lid 2 en onder g Wob))
Artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder f, van de Woo bepaalt dat het verstrekken van informatie achterwege blijft voor zover het belang van openbaarheid niet opweegt tegen de bescherming van andere dan vertrouwelijk aan de overheid verstrekte concurrentiegevoelige bedrijfs- en fabricagegegevens. Subsidiair is deze afwijzingsgrond in aanvulling op artikel 5, lid 1 en onder c van toepassing. Op grond van artikel 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht is het bestuursorgaan verplicht om het betrokken bedrijf te vragen of er bedenkingen bestaan tegen openbaarmaking. Het betrokken bedrijf persisteert in haar bedenkingen inzake de openbaarmaking. 2.
Het verzoek tot opheffing van de geheimhouding conform hetgeen reeds openbaar is gemaakt formeel te bevestigen, onder verwijzing naar hetgeen reeds is verstrekt aan verzoeker bij brief van 11 februari 2022 (horend bij besluit met kenmerk 4745897).
Participatie n.v.t.
Financiën n.v.t
Vervolg Verzoeker opheffing geheimhouding ontvangt het besluit waarin wordt aangegeven dat zijn verzoek deels wordt afgewezen. Verzoeker heeft hierop reeds een zienswijze mogen geven, hiervan heeft hij geen gebruik gemaakt. De opgelegde geheimhouding blijft doorlopen voor de duur van 5 jaar (vanaf 10 maart 2022). Communicatie n.v.t. Bijlage(n) 1. 2. 3. 4.
Raadsbesluit geheimhouding Bezwaarschrift als een verzoek opheffing geheimhouding Advies van de bezwaarcommissie Concept besluit raad op verzoek opheffing geheimhouding
Het besluit moet gepubliceerd worden in het Gemeenteblad ☐ Ja
☐ Nee
☒ Niet van toepassing
Motie / toezegging Heeft het voorstel betrekking op een motie en/of toezegging?
☐ Ja,
het college verzoekt de raad om motie ….. / toezegging … als afgedaan te beschouwen
☒ Nee
Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Delft,
M. Berger Loco-secretaris
A.M. Zwart Loco-burgemeester