2216219 Theater De Veste - Theatervoorziening in Delft - to be or not to be
Tekst van het document
THEATER
D=
VEST= Brief aan de formateur en Gemeenteraad Delft
Betreft: Theatervoorziening in Delft: to be or not to be
Geachte formateur, geachte raad,
Delft, 14 april2022
Het lijkt voor iedere bestuurder buiten kijf te staan dat de stad Delft een passende theatervoorziening moet hebben. Tegelijkertijd is dat vanaf het volgend jaar niet adequaat geregeld en op een termijn van L0 jaar helemaal niet meer. ln het komende collegeprogramma is het essentieel dat "de
theatervoorziening Theater de Veste in de komende collegeperiode duurzaam gezekerd wordt". ledereen lijkt ervan overtuigd dat een theater, passend bij de huidige maat van Delft én bij die van de toekomst, een minimale basisvoorzieningvormt. Passend bij het karaktervan een universiteitsstad, de door Delft geambieerde centrumfunctie, de Delftse populatie én het innovatieve karakter van de stad. Een schouwburgvoorziening is aantoonbaar essentieel voor steden: op het gebied van het vestigingsklimaat, het bezoekersklimaat, sociaal-maatschappelijk én economisch. De ambities van de stad zijn in de Omgevingsvisie Delft 2040 helder geformuleerd. De gemeente Delft zal tot 2040 ongeveer 15.000 nieuwe woningen ontwikkelen. Hierdoor zal de bevolking met meer dan 30.000 inwoners toenemen. Dit betekent een nóg groter beroep op de maatschappelijke voorzieningen. De situatie van Theater de Veste is ernstig: de stad Delft heeft een duurzaom bestoan ten oonzien von de exploitotie van het theoter niet geborgd. Hierdoor loopt de continuiteit van het theater reëel gevaar
vanaf 2023. Deze dreiging staat grotendeels los van corona en is ontstaan door forse gemeentebezuinigingen (27O.OO euro in de afgelopen 10 jaar) en door aanzienlijke kostenstijgingen, eveneens door de jaren
heen. Het gaat hierbij om o.a. cao-stijgingen, indexeringen, stijgende energieprijzen en een zeer hoge en stijgende huursom. Een groot deel van de kostenstijgingen ontstaat bovendien door de aanzienlijke kosten voor het onderhoud, kosten die steeds hoger worden vanwege de levensduur van het gebouw (zie rapport MJOP KWK Huisvesting) en door de stijgende gemeentelijke huur van het gebouw: bijna 6 ton per jaar. ln vrijwel iedere benchmork komt Delft er op de punten gemeentesubsidie en huurprijs slecht uit. Ten gevolge de budgettaire context is er vonaf 2023 een structureel tekort, waardoor het theater de basiskosten niet meer afdoende kan dekken: de kosten voor pand, personeel, organisatie. Verdere bezuiniging is niet mogelijk: de activiteiten bedruipen zichzelf, met aanvullende hulp van de Vrienden, sponsors en externe fondsen. De personele basisformatie is al zeer compact: het theater werkt met 14,85 fte (!). De ondergrens wordt vanaf 2023 fors negatief doorbroken, met als gevolg: bedreiging van
voortbestaan. Dankzij tijdelijke rijksregelingen (rond Corona) en het beleid van het theater zelf, is er nu eindelijk wel een bedrijfsrisicoreserve, waarvan het verleden geleerd heeft dat die als sneeuw voor de zon kan verdwijnen, en die overigens nog niet op een verstandig niveau zit. Onderzoeksbureau BMC onderzocht in opdracht van de gemeente de podiumkunstvoorziening van Delft (rapport BMC'Naar een toekomstbestendig voorzieníngenniveau podiumkunsten in Delft, 2020) De conclusie is: het gebouw van Theater de Veste voldoet niet meer aan de eisen van de huidige tijd, en nog minder aan die van de groeiambities in de toekomst. Theoter de Veste is met 500 stoelen één 1
THEATER
D=
VESTE von de kleinste stadstheaters von Nederland en eveneens een van de zeldzame stadstheaters ¡n Nederland zonder een kleine multifunctionele vlakke vloer-zaal. Opvallend in een stad met zo veel jonge inwoners, aangezien dit type zaal ultiem aansluit bij de wensen en beleving van jongere bezoekers op het gebied van festival, muziek en theater. BMC geeft aan dat de consequentie van deze factoren ís (o.a.) dat Delft niet aan de vraag kan voldoen van het publiek, dat de concurrentie van steden in omringende steden steeds groter wordt en dat
theatergezelschappen o.m. vanwege de beperkingen in bezoekerscapaciteit Delft overslaan. Met olle gevolgen von dien ten oonzien von het vestigings- en bezoekersklimoot, economische foctoren en socioal-maatschoppetijke factoren voor de stod Detft. Om nog te zwijgen over de effecten op de groeiombities von de stad. Een theater dat past bij Delft als stad van de toekomst essentieel. BMC benoemt dat Delft zich landelijk gezien positief onderscheidt met het inhoudelijk aanbod van
Theater de Veste. We merken nu al in de praktijk dat die positie door bovengenoemde beperkingen onder druk staat. AIs we ons niet mee kunnen ontwíkkelen zal de rendobiliteit en de progrommering in een negotieve spiroal belanden. Als je aantrekkelijk wilt zijn voor de inwoners die je graag wilt is het
theater een basisvoorziening. BMC zegt in het advies dat nieuwbouw voor Theater de Veste binnen víjf tot tien ioor onølwendbdar is. Besluiten dienen daarom op korte termijn genomen te worden, gezien de benodigde looptijd van nieuwbouw, die nu al zeer beperkt is. Minstens zo belangrijk: de keuze rond nieuwbouw is ook von essentiële invloed op de onderhoudskosten van het huidige gebouw, en daormee op de hoogte von het structurele explo¡tatietekort in de komende joren.ln geval van instandhouding van het huidige gebouw zullen de onderhoudskosten, en daarmee het exploitatietekort, fors hoger worden. Terwijl indien voor nieuwbouw gekozen wordt, de onderhoudskosten voor het huidige gebouw flink omlaag gaan. En daarmee het exploitatietekort beduidend kleiner wordt. Zie de bijlage voor de becijfering op basis van het rapport van Bureau KWK dat heeft gekeken naar het meerjaren-onderhoudsplan. Het jaar 2O22is een cruciale periode voor de gemeente Delft om besluiten te nemen over de
continuiteit van het theater. De essentie in vraagstelling is: wil de stad Delft een stadstheater of niet: to be or not to be. Zonder structurele borging kon het theoter niet door en kon de stad zijn podiumkunstvoorziening niet houden. Het goot om onvermijdelijke kosten die minimoolen bosaol nodig zijn om een theotervoorziening te kunnen drooien. Er is dan ook op korte termijn een besluit nodig over hoe Delft zijn theatervoorziening kan behouden én ontwikkelen. Wij vragen de formateur om dit belangrijke onderwerp, gezien de noodzaak en onvermijdelijkheid van deze kwestie, bij het coalitieakkoord te agenderen zo dat "de theatervoorziening Theater de Veste in de komende collegeperiode duurzaam gezekerd wordt". Vanzelfsprekend ben ik bereid om nadere toelichting te geven. Hoogachtend,
Mede na
Har
ak, voorzitter Raad van Toezicht,
Ma
Directeur Theater de Veste
B¡jlage: exploitatietekort Theater de Veste: scenario's wel / geen nieuwbouw
2
THEATER
D=
VEST= BIJLAGE (1 uit 1-)
Exploitatietekort Theater de Veste: scenario's wel / geen nieuwbouw ln de meerjarenbegroting22-25 die wij opstelden in 2021-, werd in 2022 een tekort van 382K geprognotiseerd. ln deze meerjarenbegroting was voorlopig rekening gehouden met een meerjarenonderhoudsdotatie van 365K per jaar. ln afwachting van nader onderzoek door Bureau KWK. Recent hebben wij de meerjarenbegroting opnieuw doorgerekend met correctie in verband met
mondiale prijsstijgingen, inflatie en cao-stijgingen. De uitkomst is dat het tekort in de komende in de jaren 23 t/m 25 jaarlijks even boven of onder de -400K uitkomt. Let wel, hierin is rekening gehouden met een mjop-dotatie van 365K, zoals we eerder in ons mee rja ren be Ieidspla n en -begroti n g 22-25 hadde n bere ke nd.
Onlangs heeft Bureau KWK het rapport opgeleverd ten aanzien van het meerjaren-onderhoudsplan bij 2 verschillende scenario's:
L. Nieuwbouw en
2. lnstandhouding huidig gebouw Dit aa'ngezien de vraag voor nieuWbouw voorligt, en het onderhoud van invloed is op ons structurele
exploitatíetekort.
De uitkomst van Bureau KWK in dit rapport (d.d. L8-3-22) voor de jaarlijkse dotatie is als volgt: 1. Jaarlijkse dotatie bij een planhorizon 17 jaar (2022t/m 2032) en direct daarna nieuwbouw (kort): 2L7.60I euro.
2. Jaarlijkse dotatie bij een planhorizon 25 jaar en ook daarna verder, zonder nieuwbouw maar met
instandhouding (lang): 463.933 euro.
Dit zou betekenen dat als we de dotatie aanpassen in onze meerjarenbegroting, dat we
7. bÍj een planhorizon vøn 77 jaar (scenørîo nieuwbouw): uitkomen op een fors kleíner tekort,
nomelîjk op een jaørlìjks tekort van 250.000 euro. 2. bíj een planhorizon van 25 jdar en ook daarna verder (scenario geen nÍeuwbouw møor
ínstandhoudíng) uitkomen op een nog groter tekort, namelijk een jøarlijks tekort vdn 497.000 euro
3