CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

2 Conceptakte van statutenwijzig Stichting Librijn openbaar onderwijs

Raadsvergadering 1 december 2022, gemeente DelftBij agendapunt: Voorstel van het college aan de raad inzake Instemming Statuten en benoeming leden Raad van Toezicht Librijn openbaar onderwijs (nr. 2245564)7.989 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

41 alinea's met “toezicht”: 4 5 13 14 19 20 21 24 25 29 30 34 46 49 51 57 58 59 65 66 67 70 71 72 75 76 77 80 81 82 90 91 92 95 96 97 100 101 106 107 …

1

D141446/mba/mls

conceptversie d.d.: 31-10-2022

STATUTENWIJZIGING STICHTING Op *** tweeduizend tweeëntwintig verscheen voor mij, mr Klaas Johannes van den Dool, notaris gevestigd in de gemeente Delft: *** bij deze akte handelend als bestuurder van de stichting: Stichting Librijn openbaar onderwijs, statutair gevestigd Delft, (bezoek)adres: Papsouwselaan 119D, 2624 AK Delft, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 27263332; deze stichting in deze akte verder te noemen: “de stichting”. De verschenen persoon verklaarde het volgende: het bestuur van de stichting heeft geldig besloten om de statuten van de stichting in hun geheel te wijzigen; het besluit is op *** tweeduizend tweeëntwintig genomen en een exemplaar van de notulen van de vergadering, alsmede de voor het besluit benodigde goedkeuring van de Raad van Toezicht en van de gemeenteraden van de gemeente Delft en de gemeente Rijswijk zijn aan deze akte gehecht; bij het besluit is iedere bestuurder van de stichting gemachtigd tot het tekenen van de akte van statutenwijziging; de statuten van de stichting worden bij deze akte opnieuw vastgesteld als volgt: STATUTEN Begripsbepalingen Artikel 1 1. In deze statuten wordt verstaan onder: a. bevoegd gezag: de stichting als bedoeld in deze statuten; b. college van bestuur: het orgaan dat belast is met het statutaire bestuur en de vertegenwoordiging van de stichting; c.

gemeenteraad: de gemeenteraad van de gemeente Delft en Rijswijk; d. (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad: de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad verbonden aan de school/scholen, die de bevoegdheden heeft als toegekend in de Wet medezeggenschap op scholen; e. raad van toezicht: het orgaan dat belast is met de functie intern toezicht als bedoeld in artikel 17b Wpo; f. school/scholen: de door de stichting in stand gehouden openbare school/scholen voor primair onderwijs; g. schriftelijk: per post, per e-mail of via enig ander elektronisch communicatiemiddel, waarmee het mogelijk is een bericht te verzenden dat leesbaar en reproduceerbaar is, tenzij uitdrukkelijk anders is vermeld;

Westvest Notarissen

2

h.

stichting: deze stichting, zijnde Stichting Librijn openbaar onderwijs, statutair gevestigd te gemeente Delft, ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel onder dossiernummer: 27263332; i. Wpo: de Wet op het primair onderwijs, dan wel een daarvoor in de plaats komende wettelijke regeling tredende wet. 2. Tenzij anders blijkt of kennelijk anders is bedoeld, sluit een verwijzing naar een begrip of woord in het enkelvoud een verwijzing naar de meervoudsvorm van dit begrip of woord in en omgekeerd. 3. Tenzij anders blijkt of kennelijk anders is bedoeld, sluit een verwijzing naar het mannelijk geslacht een verwijzing naar het vrouwelijk geslacht in- en omgekeerd. Naam en zetel Artikel 2 1. De stichting draagt de naam: Stichting Librijn openbaar onderwijs. 2. De stichting heeft haar zetel in de gemeente Delft Doel Artikel 3 1. De stichting heeft tot doel het geven van primair openbaar onderwijs overeenkomstig artikel 46 Wpo en met inachtneming van artikel 4 van deze statuten. 2. De stichting tracht dit doel te verwezenlijken door: a. de instandhouding van één of meer scholen voor openbaar onderwijs; b. het doen geven en bevorderen van onderwijs in de zin van de Wpo en/of andere onderwijswetgeving die op de stichting van toepassing kan zijn; c.

het samenwerken met andere (rechts)personen en/of organisaties die aan de realisering van de doelstelling van de stichting kunnen bijdragen. d. en al hetgeen met vorenstaande verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin van het woord. 3. De stichting beoogt niet het maken van winst, heeft geen winstoogmerk. Karakter openbaar onderwijs Artikel 4 1. Het openbaar onderwijs draagt overeenkomstig artikel 46 Wpo bij aan de ontwikkeling van de leerlingen met aandacht voor de godsdienstige, levensbeschouwelijke en maatschappelijke waarden zoals die leven in de Nederlandse samenleving en met onderkenning van de betekenis van de verscheidenheid van die waarden. 2. De stichting oefent alle taken en bevoegdheden van het bevoegd gezag, als bedoeld in de onderwijswetgeving, uit. Middelen en beheer Artikel 5 1. De stichting hanteert alle wettige middelen die kunnen bijdragen aan de verwezenlijking van de doelstelling, de verwerving van de daartoe benodigde middelen bij overheden, bedrijven, fondsen, financiële instellingen,

Westvest Notarissen

3

loterijen en particulieren inbegrepen. Erfstellingen worden slechts onder het voorrecht van boedelbeschrijving aanvaard. Organen Artikel 6 1. De stichting kent als civielrechtelijke organen: a. het college van bestuur; b. de raad van toezicht. 2. Zowel het college van bestuur als de raad van toezicht kunnen commissies instellen, indien het college van bestuur of de raad van toezicht dat in het belang van de stichting en de met haar verbonden organisatie wenselijk of noodzakelijk acht. College van bestuur; samenstelling en benoeming Artikel 7 1. Het college van bestuur bestaat uit één of ten hoogste twee natuurlijke personen. Het aantal leden van het college van bestuur wordt door de raad van toezicht vastgesteld. 2. Alle leden, waaronder ook de voorzitter van het college van bestuur, worden benoemd door de raad van toezicht, na verkregen advies van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad en voorts met inachtneming van het bepaalde in lid 4 en lid 5. 3. Voor een besluit tot benoeming is, met inachtneming van het bepaalde in artikel 15 lid 6, een twee derde meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen vereist. 4.

Benoeming vindt plaats aan de hand van een door de raad van toezicht, vast te stellen openbare werving- en selectieprocedure en op basis van een vooraf openbaar gemaakte algemene profielschets, alsmede in geval van een meerhoofdig college van bestuur, een profielschets per zetel. De profielschets(en) bevat(ten) de deskundigheden waarover de leden van het college van bestuur dienen te beschikken. Bij het ontstaan van een vacature gaat de raad van toezicht na of de algemene profielschets dan wel de individuele profielschets voor de betreffende zetel nadere uitwerking en/of aanpassing behoeft. De gemeenschappelijk medezeggenschapsraad wordt in de gelegenheid gesteld advies uit te brengen terzake de profielschets(en). 5. Ten behoeve van de benoeming van een lid van het college van bestuur wordt een sollicitatiecommissie ingesteld waarvan in elk geval deel uitmaken een lid dat afkomstig is uit of namens het deel van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad dat uit en door het personeel is gekozen en een lid dat afkomstig is uit of namens het deel van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad dat uit en door de ouders of de leerlingen is gekozen. 6. Ieder lid van het college van bestuur is onafhankelijk ten opzichte van de overige leden van het college van bestuur, de raad van toezicht en van de (deel)belangen van de stichting.

Tot lid van het college van bestuur kan niet worden benoemd: 2.

Westvest Notarissen

4

a.

een lid van de raad van toezicht of een voormalig lid van de raad van toezicht voor een periode van vier jaar; b. een persoon die tevens de functie van intern toezichthouder vervult bij een andere onderwijsorganisatie binnen dezelfde onderwijssector als de stichting; c. een persoon die tevens de functie van intern toezichthouder vervult bij een onderwijsorganisatie buiten dezelfde in een aanpalende onderwijssector als de stichting, tenzij deze onderwijsorganisatie een ander voedingsgebied binnen hetzelfde voedingsgebied als de stichting bedient. 7. De raad van toezicht kan in geval van een meerhoofdig college van bestuur een van de leden van het college van bestuur benoemen tot voorzitter. De voorzitter van het college van bestuur wordt in functie benoemd. Het college van bestuur kan onderling vaststellen welk lid van het college van bestuur met welke taak meer in het bijzonder zal zijn belast. De onderlinge taakverdeling wordt door de raad van toezicht goedgekeurd. Een zodanige taakverdeling laat de gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle leden van het college van bestuur onverlet. 8. De leden van het college van bestuur worden benoemd voor de duur van hun arbeidsovereenkomst of voor een andere door de raad van toezicht te bepalen periode.

De vaststelling van de bezoldiging en overige arbeidsvoorwaarden van de leden van het college van bestuur geschiedt door de raad van toezicht. Bij de vaststelling van de bezoldiging en overige arbeidsvoorwaarden wordt aangesloten bij de voor bestuurders in de sector geldende normen. Jaarlijks wordt door de raad van toezicht in de jaarrekening verantwoord welke bedragen zijn toegekend aan de leden van het college van bestuur. 9. In vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien. In geval van vacatures behoudt het college van bestuur zijn bevoegdheden. 10. Het college van bestuur evalueert jaarlijks het eigen functioneren, legt de conclusies en afspraken schriftelijk vast en doet hierover verslag in het bestuursverslag (jaarverslag). Het college van bestuur als geheel en de individuele leden van het college van bestuur worden voorts periodiek geëvalueerd en beoordeeld door de raad van toezicht. De wijze waarop dit plaatsvindt, kan nader worden uitgewerkt in het bestuursreglement. 11. Leden van het college van bestuur vervullen geen nevenfuncties die conflicterend zijn met het doel van de stichting. Voor het aanvaarden van een betaalde of onbetaalde nevenfunctie door een lid van het college van bestuur wordt voorafgaand goedkeuring gevraagd aan de raad van toezicht.

De criteria die dienen als basis voor de raad van toezicht voor het verlenen of onthouden van goedkeuring aan de aanvaarding van een nevenfunctie worden vastgelegd in een reglement. In het bestuursverslag worden alle nevenfuncties van de leden van het college van bestuur vermeld. Aan leden van het college van bestuur worden geen persoonlijke leningen of financiële garanties namens de stichting verstrekt.

Westvest Notarissen

5

College van bestuur; schorsing en ontslag, defungeren, belet en ontstentenis Artikel 8 1. De raad van toezicht schorst en ontslaat de leden van het college van bestuur. Een besluit tot ontslag wordt slechts genomen na verkregen advies van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad. Voor een besluit tot schorsing of ontslag is, met inachtneming van het bepaalde in artikel 15 lid 6, een twee derde meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen vereist. 2. Indien een lid van het college van bestuur is geschorst, dient de raad van toezicht binnen drie maanden na ingang van de schorsing te besluiten tot ontslag dan wel tot opheffing of verlenging van de schorsing. Bij gebreke van een besluit als bedoeld in de vorige zin, vervalt de schorsing. Een besluit tot verlenging van de schorsing kan slechts eenmaal worden genomen en de schorsing kan daarbij ten hoogste worden verlengd voor drie maanden, ingaande op de dag waarop de raad van toezicht het besluit tot verlenging heeft genomen. 3. Het lid van het college van bestuur dat is geschorst, wordt in de gelegenheid gesteld zich in de vergadering van de raad van toezicht te verantwoorden en zich daarbij door een raadsman te laten bijstaan. Een besluit tot ontslag wordt niet genomen dan nadat het lid van het college van bestuur over wiens ontslag wordt besloten vooraf de gelegenheid is geboden om te worden gehoord. 4.

Een lid van het college van bestuur defungeert voorts: a. door zijn vrijwillig aftreden; b. doordat hij failliet wordt verklaard of aan hem surseance van betaling wordt verleend dan wel de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen - al dan niet voorlopig - op hem van toepassing wordt verklaard; c. indien titel 16, titel 19 en/of titel 20 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek op hem van toepassing wordt; d. door het verstrijken van de periode waarvoor hij is benoemd, behoudens zijn eventuele herbenoeming; e. door de beëindiging van zijn arbeidsovereenkomst met de stichting; f. door zijn ontslag door de rechtbank; g. door zijn overlijden. 5. Ingeval van ontstentenis of belet van één of meer leden van het college van bestuur, berust het bestuur tijdelijk bij de overblijvende leden of het overblijvende lid van het college van bestuur. 6. Ingeval van ontstentenis of belet van alle leden van het college van bestuur berust het bestuur tijdelijk bij één of meer door de raad van toezicht aan te wijzen personen, onverminderd de verplichting voor de raad van toezicht zo spoedig mogelijk in het bestuur te voorzien. Leden van de raad van toezicht verrichten nimmer taken van het college van bestuur. Er is sprake van ontstentenis als een vacature ontstaat door aftreden of ontslag waarbij geen directe opvolger is benoemd of door overlijden van een lid van het college van bestuur.

Onder belet wordt in deze statuten in ieder

Westvest Notarissen

6

geval verstaan de omstandigheid dat een lid van het college van bestuur tijdelijk onbereikbaar is door ziekte of andere oorzaken, of een lid van het college van bestuur is geschorst. College van bestuur; taken en bevoegdheden Artikel 9 1. Het college van bestuur is belast met het besturen van de stichting, onder toezicht van de raad van toezicht. Aan het college van bestuur komen in de stichting alle taken en bevoegdheden toe die tot het bevoegd gezag behoren en voorts al die taken en bevoegdheden die niet door de wet of de statuten aan andere organen zijn opgedragen. 2. Bij de vervulling van de taak richten de leden van het college van bestuur zich naar het doel en het belang van de stichting en de met haar verbonden organisatie; het belang van de scholen, de leerlingen en hun ouders, de belangen van de overige stakeholders, het belang van de onderwijsorganisatie en naar het belang van de samenleving en weegt deze verschillende belangen af. 3. Het college van bestuur legt verantwoording af aan de raad van toezicht en verschaft de raad van toezicht tijdig de gegevens die noodzakelijk zijn voor de goede uitoefening van de taak van de raad van toezicht. Het college van bestuur brengt aan de raad van toezicht periodiek verslag uit. In het bestuursreglement wordt de wijze waarop dit dient te geschieden vastgelegd. 4.

Het college van bestuur is slechts met goedkeuring van de raad van toezicht bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen, en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt (de rechtshandelingen als bedoeld in artikel 291 lid 2 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek). Bij de besluitvorming casu quo de goedkeuring bedoeld in de eerste volzin van dit lid, neemt het college van bestuur respectievelijk de raad van toezicht de in de onderwijswetgeving terzake opgenomen bepalingen in acht. Het ontbreken van de in dit lid bedoelde goedkeuring tast de vertegenwoordigingsbevoegdheid van het college van bestuur niet aan. 5. Het college van bestuur behoeft voorts de voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht voor: a. het vaststellen van het (meerjaren)beleidsplan en de (meerjaren)begroting; b. de vaststelling van de jaarrekening en het bestuursverslag (jaarverslag), met dien verstande dat deze goedkeuring niet wordt verleend voordat de raad van toezicht kennis heeft genomen van de bevindingen van de accountant; c. het aangaan van (financiële) verplichtingen en het doen van bestedingen en investeringen die niet zijn voorzien in de goedgekeurde begro-

Westvest Notarissen

7

ting en het maximale bedrag zoals benoemd in het bestuursreglement te boven gaan; d. het aangaan, wijzigen en verbreken van duurzame samenwerking met een andere rechtspersoon of organisatie indien die samenwerking van ingrijpende betekenis is voor de stichting en/of de met haar in een groep verbonden rechtspersonen; e. het verkrijgen, wijzigen of beëindigen van een deelneming of zeggenschap in een andere rechtspersoon en het oprichten van een andere rechtspersoon, alsmede de vaststelling en wijziging van diens statuten voor zover het college van bestuur daartoe bevoegd is; f. het beëindigen van de dienstbetrekking van een aanmerkelijk aantal werknemers tegelijkertijd of binnen een kort tijdsbestek, dan wel een ingrijpende wijziging in de arbeidsomstandigheden of voorwaarden; g. het aanpassen van de arbeidsvoorwaarden van een aanmerkelijk aantal werknemers tegelijkertijd tenzij de verplichting daartoe voortvloeit uit een collectieve arbeidsovereenkomst; h. het teweegbrengen van een belangrijke wijziging in de organisatie; i. het aanvragen van faillissement en surseance van betaling; j. het vaststellen en wijzigen van het bestuursreglement; k. onderwerpen waarover een (potentieel) tegenstrijdig belang dan wel een verstrengeling van belangen bestaat ten aanzien van één of meer leden van het college van bestuur; l.

het stichten, alsmede (het aanvaarden van) een bestuursoverdracht, samenvoeging of splitsing van een school; m. het doen van een voorstel aan de gemeenteraad tot opheffing van een school, niet zijnde enkel een nevenvestiging/locatie; n. het wijzigen van de statuten en het ontbinden van de stichting, waaronder begrepen de bestemming van het batig saldo; o. juridische fusie of juridische splitsing; p. sluiting van een vestiging/locatie; q. de vaststelling van de in de Wpo bedoelde klachtenregeling; r. de vaststelling van een treasury statuut waarin de beleidsmatige uitgangspunten en beheersmatige afspraken met betrekking tot het financiële verkeer van de stichting zijn opgenomen. Het college van bestuur behoeft geen voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht voor besluiten tot het aangaan van een lidmaatschap van een vereniging, welke vereniging tot doel heeft het gemeenschappelijke beheer, exploitatie of onderhoud van schoolgebouwen ((in)formele verenigingen van eigenaren), mits dit binnen het doel van de stichting valt. 6. De raad van toezicht kan besluiten dat indien het belang van een rechtshandeling als bedoeld in dit artikel beneden een door de raad van toezicht vast te stellen grens blijft, goedkeuring door de raad van toezicht niet is vereist. College van bestuur; vergadering en besluitvorming Artikel 10 1.

Het college van bestuur legt zijn besluiten schriftelijk vast en stelt deze op

Westvest Notarissen

8

2. 3.

4.

5.

6.

7.

8. 9.

verzoek van een ieder beschikbaar, tenzij het bepaalde in lid 6 onder a., b. of c. van toepassing is. Indien en voor zover sprake is van een meerhoofdig college van bestuur, gelden voorts de hierna volgende bepalingen. De oproeping tot de bestuursvergadering geschiedt schriftelijk aan ieder lid van het college van bestuur en wordt verzonden door het college van bestuur in opdracht van degene die het houden van de vergadering heeft verlangd. De bijeenroeping vermeldt de plaats en het tijdstip van de vergadering en de in de vergadering te behandelen onderwerpen. De termijn van oproeping bedraagt ten minste vijf dagen, de dag van oproeping en die van vergadering niet meegerekend. In spoedeisende gevallen kan de termijn van oproeping worden verkort, indien alle leden van het college van bestuur daarmee instemmen, zulks ter beoordeling van de voorzitter. Geldige besluiten kunnen slechts worden genomen indien de meerderheid van de leden van het college van bestuur ter vergadering aanwezig of vertegenwoordigd is. Een lid van het college van bestuur kan zich ter vergadering door een schriftelijk gevolmachtigd ander lid van het college van bestuur doen vertegenwoordigen.

Indien de voorschriften omtrent de oproeping niet in acht zijn genomen, kunnen niettemin geldige besluiten worden genomen met algemene stemmen in een vergadering, waarin alle leden van het college van bestuur aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Vergaderingen van het college van bestuur zijn openbaar. Het college van bestuur kan besluiten tot een besloten vergadering indien het belang van de openbaarheid niet opweegt tegen: a. het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer; b. de economische of financiële belangen van de stichting; c. het belang van voorkoming van onevenredige bevoordeling of benadeling van bij de aangelegenheden betrokken natuurlijke personen dan wel derden. Van een besloten vergadering wordt een afzonderlijk verslag opgemaakt dat niet openbaar wordt gemaakt, tenzij het college van bestuur anders beslist. In de vergadering van het college van bestuur heeft ieder lid van het college van bestuur recht op het uitbrengen van één stem. Het college van bestuur besluit bij volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen. Indien de stemmen staken ten aanzien van een voorstel, wordt het voorstel op de agenda geplaatst van een volgende vergadering. Indien de stemmen dan opnieuw staken, komt geen besluit tot stand.

Een lid van het college van bestuur neemt niet deel aan de beraadslaging en de besluitvorming indien hij daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting en de daaraan verbonden organisatie. Een lid van het college van bestuur meldt een (potentieel) tegenstrijdig belang aan de voorzitter van de raad van toezicht

Westvest Notarissen

9

en verschaft alle relevante informatie. De raad van toezicht beslist of sprake is van een tegenstrijdig belang. Het besluit wordt genomen door de overige leden van het college van bestuur, met inachtneming van het bepaalde in artikel 9 lid 5 sub k, tenzij de wet voorschrijft dat op dat moment het besluit wordt genomen door de raad van toezicht. Indien het enig lid dan wel alle leden van het college van bestuur een direct of indirect persoonlijk belang heeft/hebben dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting en de daaraan verbonden organisatie, wordt het besluit genomen door de raad van toezicht. 10. Het college van bestuur kan telefonisch, per videoconferentie of door middel van een ander communicatiemiddel vergaderen, mits alle leden van het college van bestuur die aan zodanige vergadering deelnemen elkaar kunnen verstaan. Een lid van het college van bestuur kan telefonisch, per videoconferentie of door middel van een ander communicatiemiddel aan een vergadering van het college van bestuur deelnemen, mits dat lid van het college van bestuur steeds alle andere leden van het college van bestuur kan verstaan en door die andere leden van het college van bestuur wordt verstaan. 11.

Het college van bestuur kan ook op andere wijze dan in een vergadering besluiten nemen, mits dit schriftelijk en unaniem geschiedt en alle leden van het college van bestuur in de gelegenheid worden gesteld hun stem uit te brengen en geen van de leden van het college van bestuur zich tegen deze wijze van besluitvorming verzet. Van elk buiten vergadering genomen besluit wordt mededeling gedaan in de eerstvolgende vergadering, welke mededeling in de notulen van die vergadering wordt vermeld. 12. Het college van bestuur zal met inachtneming van deze statuten, een bestuursreglement opstellen waarin aangelegenheden hen intern betreffende, daaronder begrepen de vergaderwijze, overige werkwijze en de wijze waarop de door hen te nemen besluiten tot stand komen, alsmede de eventuele onderlinge verdeling van taken, nader worden geregeld. College van bestuur; vertegenwoordiging Artikel 11 1. De stichting wordt vertegenwoordigd door het college van bestuur. Indien en voor zover sprake is van een meerhoofdig college van bestuur, geldt dat ieder lid van het college van bestuur ook afzonderlijk de stichting kan vertegenwoordigen. 2. Krachtens besluit van het college van bestuur kan aan andere personen een volmacht worden verleend om de stichting te vertegenwoordigen. De gevolmachtigde vertegenwoordigt de stichting met inachtneming van de grenzen van zijn volmacht.

Raad van toezicht; samenstelling en benoeming Artikel 12 1. De raad van toezicht bestaat uit een door de raad van toezicht te bepalen aantal leden van ten minste vijf en ten hoogste zeven natuurlijke personen. De benoeming van de leden van de raad van toezicht vindt plaats op persoonlijke titel. Is het aantal leden minder dan vijf, dan behoudt de raad van

Westvest Notarissen

10

2.

3.

4.

toezicht zijn bevoegdheden onverminderd de verplichting om onverwijlde maatregelen tot aanvulling van zijn ledental te nemen. De leden van de raad van toezicht worden benoemd door de gemeenteraad, met inachtneming van het hierna bepaalde: a. bestaat de raad van toezicht uit vijf leden dan worden twee leden van de raad van toezicht benoemd op bindende voordracht van de oudergeleding van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad, bestaat de raad van toezicht uit zeven leden dan worden drie leden van de raad van toezicht benoemd op bindende voordracht van de oudergeleding van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad; b. een lid van de raad van toezicht wordt benoemd op bindende voordracht van de personeelsgeleding van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad, niet zijnde een ouder van een leerling; c. bestaat de raad van toezicht uit vijf leden dan worden twee leden van de raad van toezicht benoemd op bindende voordracht van de raad van toezicht, bestaat de raad van toezicht uit zeven leden dan worden drie leden van de raad van toezicht benoemd op bindende voordracht van de raad van toezicht. De herbenoeming van de leden van de raad van toezicht vindt plaats door de raad van toezicht, met inachtneming van het hierna in lid 7 bepaalde.

Voor de zetels in de raad van toezicht ten aanzien waarvan de oudergeleding (op grond van lid 2 sub a van dit artikel) van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad en de personeelsgeleding (op grond van lid 2 sub b van dit artikel) van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad een hen toekomend voordrachtsrecht niet hebben uitgeoefend binnen drie maanden na daartoe door de raad van toezicht te zijn uitgenodigd, heeft de raad van toezicht een voordrachtsrecht, doch slechts voor één zittingsperiode. De voordrachten als hiervoor in dit artikel bepaald en de benoemingen geschieden met inachtneming van een door de raad van toezicht vast te stellen openbare werving- en selectieprocedure. De raad van toezicht stelt een algemeen profiel op voor zijn samenstelling naar ten minste deskundigheden, vaardigheden en diversiteit. Voor iedere vacature stelt de raad van toezicht een specifiek profiel op. Het college van bestuur en de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad worden in de gelegenheid gesteld advies uit te brengen terzake de profielschets(en). De profielschets(en) wordt/worden vooraf openbaar gemaakt. Bij het ontstaan van een vacature wordt het algemeen profiel van de raad van toezicht als geheel bekeken en gaat de raad van toezicht na of de algemene dan wel specifieke profielschets nadere uitwerking en/of aanpassing behoeft.

De profielschets(en) wordt/worden vervolgens opnieuw vastgesteld. Ten behoeve van de werving en selectie van nieuwe leden van de raad van toezicht stelt de raad van toezicht bij een vacature een wervingen selectiecommissie in, bestaande uit leden van de raad van toezicht, leden van het college van bestuur en leden van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad. De samenstelling en werkwijze van de werving-

Westvest Notarissen

11

5.

6.

7.

en selectiecommissie wordt door de raad van toezicht vastgesteld. De verdere procedure voor de benoeming van de leden van de raad van toezicht kan worden geregeld in het reglement raad van toezicht. De samenstelling van de raad van toezicht is dusdanig dat de leden ten opzichte van elkaar, de leden van het college van bestuur en welk deelbelang van de stichting ook onafhankelijk en kritisch kunnen opereren. De leden van de raad van toezicht vervullen hun taak zonder mandaat en onafhankelijk van bij de stichting en de scholen betrokken deelbelangen. Tot leden van de raad van toezicht kunnen niet worden benoemd personen die: a. lid van het college van bestuur zijn of lid van het college van bestuur zijn geweest; b. de functie van bestuurder of schoolleider vervullen bij een ander bestuur/andere school voor primair onderwijs in de regio waar de stichting actief is; c. bestuurder zijn bij een andere onderwijsorganisatie binnen dezelfde onderwijssector als de stichting; d. bestuurder zijn bij een onderwijsorganisatie in een aanpalende onderwijssector als de stichting, die binnen de gemeente Delft en de gemeente Rijswijk is gevestigd; e.

bestuurder zijn bij een organisatie buiten dezelfde onderwijssector als de stichting, tenzij deze organisatie buiten de gemeente Delft en de gemeente Rijswijk gevestigd is en deze bestuurder niet bestuurder is van een organisatie binnen een samenwerkingsverband waarvan de stichting onderdeel uitmaakt; f. lid van de colleges van burgemeester en wethouders zijn of lid van de gemeenteraden van de gemeente Delft en de gemeente Rijswijk zijn. De raad van toezicht benoemt de voorzitter van de raad van toezicht. De raad van toezicht wijst uit zijn midden een voorzitter aan. De raad van toezicht wijst uit zijn midden voorts desgewenst een vice-voorzitter aan. De raad van toezicht kan onderling vaststellen welk lid van de raad van toezicht met welke taak meer in het bijzonder zal zijn belast. Een zodanige taakverdeling laat de gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle leden van de raad van toezicht onverlet. De leden van de raad van toezicht worden benoemd voor een periode van vier jaar, met inachtneming van het hierna in dit lid bepaalde. Aftreden geschiedt na het eindigen van de benoemingsperiode, met in achtneming van een door de raad van toezicht op te stellen rooster van aftreden. Herbenoeming vindt plaats door de raad van toezicht.

Een volgens rooster aftredend lid van de raad van toezicht is onmiddellijk herbenoembaar voor een periode van vier jaar, rekening houdende met de omstandigheid dat niemand langer dan acht jaar aaneengesloten lid van de raad van toezicht kan zijn. Een in een tussentijdse vacature benoemd lid van de raad van toezicht neemt op het rooster niet de plaats in van degene in wiens vacature hij

Westvest Notarissen

12

werd benoemd en wordt mitsdien benoemd voor een periode van vier jaar. In vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien. In geval van vacatures behoudt de raad van toezicht zijn bevoegdheden. 9. De leden van de raad van toezicht hebben recht op vergoeding van de door hen in uitoefening van hun functie gemaakte kosten en ontvangen ter zake hun werkzaamheden voor de stichting een vergoeding in lijn met de in het onderwijs vigerende wet- en regelgeving voor goed bestuur. De hoogte van deze vergoedingen worden vastgesteld door de raad van toezicht. De hiervoor omschreven vergoedingen worden in het bestuursverslag van de stichting zichtbaar gemaakt en toegelicht. Leden van de raad van toezicht hebben recht op een vergoeding voor gemaakte onkosten en een niet bovenmatig vacatiegeld. De hoogte hiervan wordt door de raad van toezicht vastgesteld. Bij de vaststelling van de (onkosten)vergoedingen wordt aangesloten bij de voor intern toezichthouders in de sector geldende normen. Jaarlijks wordt door de raad van toezicht in de jaarrekening verantwoord welke bedragen zijn toegekend aan de leden van de raad van toezicht. 10. De leden van de raad van toezicht worden periodiek beoordeeld door de raad van toezicht. Jaarlijks evalueert de raad van toezicht voorts zijn functioneren als zodanig.

De wijze waarop de beoordelingen en de evaluatie plaatsvinden kan nader worden uitgewerkt in het reglement raad van toezicht. 11. Leden van de raad van toezicht vervullen geen nevenfuncties die conflicterend zijn met het doel van de stichting. Een lid van de raad van toezicht meldt de aanvaarding van een betaalde of onbetaalde nevenfunctie. In het bestuursjaarverslag worden alle hoofd- en nevenfuncties van de leden van de raad van toezicht vermeld. Aan leden van de raad van toezicht worden geen persoonlijke leningen of financiële garanties namens de stichting verstrekt. Raad van toezicht; schorsing, ontslag, defungeren, belet en ontstentenis Artikel 13 1. Een lid van de raad van toezicht kan worden geschorst en ontslagen door de gemeenteraad, al dan niet op verzoek van de raad van toezicht. Een lid van de raad van toezicht kan onder meer worden geschorst en ontslagen wegens: a. verwaarlozing van zijn taak of onvoldoende functioneren; b. onverenigbaarheid van functies of belangen; c. wijziging van de omstandigheden of andere redenen op grond waarvan zijn handhaving als lid van de raad van toezicht redelijkerwijs niet in het belang is van de stichting. 2. Een lid van de raad van toezicht kan voorts worden geschorst door de raad van toezicht wegens één van de in lid 1 genoemde gronden, voor een periode van ten hoogste drie maanden.

Indien een lid van de raad van toezicht wordt geschorst door de raad van toezicht, deelt de voorzitter van de raad van toezicht dit per omgaande schriftelijk aan de gemeenteraad mee. 3. Voor het einde van de schorsingsperiode als genoemd in het vorige lid, 8.

Westvest Notarissen

13

neemt de raad van toezicht een besluit tot verlenging dan wel opheffing van de schorsing. Een schorsing kan éénmaal worden verlengd, voor ten hoogste een periode van drie maanden, ingaande op de datum waarop het besluit tot verlenging van de schorsing wordt genomen. 4. Het betrokken lid van de raad van toezicht wordt in de gelegenheid gesteld zich te verantwoorden en kan zich daarbij doen bijstaan door een raadsman. Het besluit tot (voorstel tot) ontslag wordt niet eerder genomen dan nadat het betrokken lid van de raad van toezicht in de gelegenheid is gesteld te worden gehoord. 5. Een lid van de raad van toezicht defungeert voorts: a. door zijn vrijwillig aftreden (bedanken); b. doordat hij failliet wordt verklaard of aan hem surseance van betaling wordt verleend dan wel de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen - al dan niet voorlopig - op hem van toepassing wordt verklaard; c. indien titel 16, titel 19 en/of titel 20 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek op hem van toepassing wordt; d. door het verstrijken van de periode waarvoor hij is benoemd, behoudens zijn eventuele herbenoeming; e. door zijn ontslag door de rechtbank; f. door zijn overlijden. 6. In geval van ontstentenis of belet van één of meer leden van de raad van toezicht nemen de overblijvende leden, of neemt het overblijvende lid, de voltallige taken van de raad van toezicht waar.

Een niet voltallige raad van toezicht blijft volledig bevoegd. 7. In geval van ontstentenis of belet van alle leden van de raad van toezicht wordt door de wethouder met de portefeuille onderwijs van de gemeente een persoon aangewezen die tijdelijk met het toezicht op de stichting is belast, alsook gehouden is zorg te dragen voor het voordragen van personen tot benoeming als lid van de raad van toezicht aan de gemeenteraad, een en ander tot de gemeenteraad conform het bepaalde in artikel 12 lid 2 in benoeming van nieuwe leden van de raad van toezicht heeft voorzien. Er is sprake van ontstentenis als een vacature ontstaat door aftreden of ontslag waarbij geen directe opvolger is benoemd of door overlijden van een lid van de raad van toezicht. Onder belet wordt in deze statuten in ieder geval verstaan de omstandigheid dat een lid van de raad van toezicht tijdelijk onbereikbaar is door ziekte of andere oorzaken, of een lid van de raad van toezicht is geschorst. Raad van toezicht; taken en bevoegdheden Artikel 14 1. De raad van toezicht heeft tot taak toezicht te houden op het beleid van het college van bestuur en op de algemene gang van zaken binnen de stichting. De raad van toezicht staat het college van bestuur met raad terzijde en fungeert als klankbord. De raad van toezicht kan het college van bestuur gevraagd en ongevraagd adviseren. 2.

Bij de vervulling van de taak richten de leden van de raad van toezicht zich naar het belang van de stichting en de met haar verbonden organisatie. De

Westvest Notarissen

14

toezicht werkzaamheden worden door de leden van de raad van toezicht op naam van en onder verantwoordelijkheid van het toezichthoudende orgaan als collectief verricht. De leden van de raad van toezicht zijn niet bevoegd individueel namens de raad van toezicht besluiten te nemen en/of de raad van toezicht te binden. 3. De taken en bevoegdheden van de raad van toezicht zijn zodanig dat de raad van toezicht een deugdelijk en onafhankelijk intern toezicht kan uitoefenen. Onverminderd het overigens bij of krachtens deze statuten bepaalde, is de raad van toezicht is belast met: a. het goedkeuren van de besluiten van het college van bestuur als genoemd in deze statuten; b. het toezien op de verwezenlijking van de grondslag en de doelstelling van de stichting, het bereiken van de doelen en gewenste resultaten en het belang van de samenleving; c. het conform het vastgestelde toezichtkader houden van toezicht op het functioneren van het college van bestuur en het toezien op de naleving door het college van bestuur van de wettelijke verplichtingen en de Code Goed Bestuur in het primair onderwijs als bedoeld in artikel 171 lid 1 Wpo; d. het toezien op de rechtmatige verwerving en de doelmatige, efficiënte en rechtmatige bestemming en aanwending van financiële middelen. 4.

De raad van toezicht legt verantwoording af over de uitvoering van de taken en de uitoefening van de bevoegdheden als hiervoor genoemd, in het bestuursverslag van de stichting. 5. Het college van bestuur verstrekt de raad van toezicht gevraagd en ongevraagd alle informatie omtrent alle onderwerpen de stichting betreffende die voor een goed functioneren van de raad van toezicht naar het oordeel van de raad van toezicht nodig of dienstig zijn. De raad van toezicht kan ter zake nadere regels stellen. 6. Het college van bestuur stelt ten minste een keer per jaar de raad van toezicht schriftelijk op de hoogte van de hoofdlijnen van het strategisch beleid, van de algemene en financiële risico’s en van de gebruikte beheers- en controlesystemen. 7. De raad van toezicht is bevoegd inzage te nemen en te doen nemen van alle boeken, bescheiden, overige gegevensdragers en correspondentie van de stichting; de raad van toezicht heeft te allen tijde toegang tot alle bij de stichting in gebruik zijnde ruimten en terreinen. 8. De raad van toezicht kan voor rekening van de stichting in de uitoefening van zijn taak zich doen bijstaan door één of meer deskundigen. Raad van toezicht; vergadering en besluitvorming Artikel 15 1. De raad van toezicht vergadert ten minste zes maal per jaar en voorts zo dikwijls de voorzitter of twee of meer leden van de raad van toezicht dit wenselijk acht(en). 2.

De oproeping tot de vergadering van de raad van toezicht geschiedt schriftelijk aan ieder lid van de raad van toezicht en wordt verzonden door de

Westvest Notarissen

15

3.

4. 5. 6.

7.

8.

9.

raad van toezicht in opdracht van degene die het houden van de vergadering heeft verlangd. De bijeenroeping vermeldt de plaats en het tijdstip van de vergadering en de in de vergadering te behandelen onderwerpen. De termijn van oproeping bedraagt ten minste vijf dagen, de dag van oproeping en die van vergadering niet meegerekend. In spoedeisende gevallen kan de termijn van oproeping worden verkort, indien alle leden van de raad van toezicht hiermee instemmen, zulks ter beoordeling van de voorzitter. Een lid van de raad van toezicht kan zich ter vergadering door een schriftelijk gevolmachtigd ander lid van de raad van toezicht doen vertegenwoordigen. De voorzitter leidt de vergaderingen van de raad van toezicht; bij zijn ontstentenis of afwezigheid voorziet de vergadering zelf in de leiding. De voorzitter wijst een notulist aan. Geldige besluiten kunnen slechts worden genomen, indien alle leden van de raad van toezicht met inachtneming van het hiervoor bepaalde zijn opgeroepen en meer dan de helft van alle leden van de raad van toezicht ter vergadering aanwezig of vertegenwoordigd is.

Indien in een vergadering niet meer dan de helft van het aantal leden van de raad van toezicht aanwezig of vertegenwoordigd zijn, zal binnen veertien dagen na het houden van de eerste vergadering een tweede vergadering worden bijeen geroepen, waarin ongeacht het ter vergadering aanwezige of vertegenwoordigde aantal leden met een meerderheid van ten minste twee derde van de geldig uitgebrachte stemmen besluiten over een zodanig voorstel kunnen worden genomen. Indien de voorschriften omtrent de oproeping niet in acht zijn genomen, kunnen niettemin geldige besluiten worden genomen met algemene stemmen in een vergadering, waarin alle leden van de raad van toezicht aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Vergaderingen van de raad van toezicht zijn in beginsel niet openbaar, tenzij de wet daartoe verplicht. De raad van toezicht kan alsdan besluiten tot een besloten vergadering op grond van het bepaalde in artikel 10 lid 6 onder a., b. of c. In de vergaderingen van de raad van toezicht heeft ieder lid één stem. Tenzij anders blijkt in deze statuten, worden besluiten genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen. Een blanco uitgebrachte stem geldt als een niet uitgebrachte stem. Indien de stemmen staken, wordt het voorstel geplaatst op de agenda van een volgende vergadering van de raad van toezicht.

Indien in die tweede vergadering de stemmen opnieuw staken ten aanzien van het voorstel, komt er geen besluit tot stand. De raad van toezicht kan telefonisch, per videoconferentie of door middel van een ander communicatiemiddel vergaderen, mits alle leden van de raad van toezicht die aan zodanige vergadering deelnemen elkaar kunnen verstaan. Een lid van de raad van toezicht kan telefonisch, per videoconferentie of door middel van een ander communicatiemiddel aan een verga-

Westvest Notarissen

16

dering van de raad van toezicht deelnemen, mits dat lid van de raad van toezicht steeds alle andere leden van de raad van toezicht kan verstaan en door die andere leden van de raad van toezicht wordt verstaan. 10. De raad van toezicht kan ook op andere wijze dan in een vergadering besluiten nemen, mits dit schriftelijk en unaniem geschiedt en alle leden van de raad van toezicht in de gelegenheid worden gesteld hun stem uit te brengen en geen van de leden van de raad van toezicht zich tegen deze wijze van besluitvorming verzet. Van elk buiten vergadering genomen besluit wordt mededeling gedaan in de eerstvolgende vergadering, welke mededeling in de notulen van die vergadering wordt vermeld. 11. De leden van het college van bestuur wonen de vergaderingen van de raad van toezicht bij, tenzij de raad van toezicht aangeeft zonder het college van bestuur te willen vergaderen. 12. De raad van toezicht zal met inachtneming van deze statuten, een reglement raad van toezicht opstellen waarin aangelegenheden hen intern betreffende, daaronder begrepen de vergaderwijze, overige werkwijze en de wijze waarop de door hen te nemen besluiten tot stand komen, alsmede de eventuele onderlinge verdeling van taken, nader worden geregeld. Boekjaar en jaarstukken Artikel 16 1. Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar. 2.

Het college van bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting zodanige aantekeningen te houden, dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend. 3. Het college van bestuur stelt jaarlijks een beleidsplan en bijbehorende begroting op voor het komende boekjaar en legt deze voor het einde van het boekjaar ter goedkeuring voor aan de raad van toezicht. Na goedkeuring van de raad van toezicht stelt het college van bestuur het beleidsplan en de begroting vast, doch uiterlijk voor één januari. In overeenstemming met de doelstelling en met het oog op de continuïteit van de activiteiten stelt het college van bestuur voorts een meerjarenbeleidsplan op, alsmede een bijbehorende meerjarenbegroting. 4. Per het einde van ieder boekjaar worden de boeken van de stichting afgesloten. Daaruit wordt door het college van bestuur een balans en een staat van baten en lasten over het afgelopen boekjaar opgemaakt (jaarrekening), welke jaarstukken vergezeld worden van een rapport van een accountant binnen vijf maanden na afloop van het boekjaar. 5. De accountant wordt door de raad van toezicht benoemd en brengt gelijkelijk aan het college van bestuur en de raad van toezicht verslag uit over zijn bevindingen. 6. Het college van bestuur stelt tevens voorts een bestuursverslag op.

Bij het opmaken van het bestuursverslag schenkt het college van bestuur tevens aandacht aan de wezenskenmerken van het openbaar onderwijs. 7. De jaarstukken als hiervoor bedoeld worden binnen zes maanden na afloop van het boekjaar door het college van bestuur vastgesteld na voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht. De jaarrekening wordt en

Westvest Notarissen

17

ten blijke daarvan van vaststelling en goedkeuring door alle leden van het college van bestuur en alle leden van de raad van toezicht ondertekend. Ontbreekt de handtekening van één van hen, dan wordt daarvan onder opgave van reden melding gedaan. 8. Het college van bestuur is verplicht de in de vorige leden van dit artikel bedoelde bescheiden ten minste zeven jaar te bewaren. 9. De jaarstukken zijn openbaar en worden direct na vaststelling aangeboden aan de gemeenteraad. Statutenwijziging Artikel 17 1. Het college van bestuur is bevoegd deze statuten te wijzigen met voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht. De statuten van de stichting kunnen slechts worden gewijzigd na instemming van de gemeenteraad. De gemeenteraad kan haar instemming aan een voorgenomen statutenwijziging slechts onthouden indien de overheersende invloed van de overheid in het bestuur niet is verzekerd. 2. Voor het besluit van de raad van toezicht tot het verlenen van voorafgaande goedkeuring is een meerderheid van ten minste twee derde van de geldig uitgebrachte stemmen vereist in een vergadering waarin alle leden van de raad van toezicht aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

Indien in deze vergadering niet alle leden van de raad van toezicht aanwezig of vertegenwoordigd zijn, zal binnen veertien dagen na het houden van de eerste vergadering een tweede vergadering worden bijeengeroepen waarin alsdan, mits meer dan de helft van het aantal leden van de raad van toezicht aanwezig is, met een meerderheid van ten minste twee derde van de geldig uitgebrachte stemmen besluiten omtrent een zodanig voorstel kunnen worden genomen. 3. Bij de oproeping tot de vergadering, waarin een voorstel tot goedkeuring van de statutenwijziging zal worden gedaan, dient zulks steeds te worden vermeld. Tevens dient een afschrift van het voorstel, bevattende de woordelijke tekst van de voorgestelde wijziging, bij de oproeping te worden gevoegd. 4. Een statutenwijziging treedt eerst in werking nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt. Elk lid van het college van bestuur is bevoegd deze akte te doen verlijden. 5. De leden van het college van bestuur zijn verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en een volledige doorlopende tekst van de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het door de Kamer van Koophandel gehouden handelsregister. 6. Het hiervoor in dit artikel bepaalde is van overeenkomstige toepassing op het besluit tot juridische fusie en het besluit tot juridische splitsing. Ontbinding en vereffening Artikel 18 1.

Het college van bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Ten aanzien van een besluit tot ontbinding van de stichting is het bepaalde in het direct voorafgaande artikel van deze statuten van overeenkomstige toepassing.

Westvest Notarissen

18

2.

De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan, voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen die van haar uitgaan, moeten aan de naam van de stichting worden toegevoegd de woorden "in liquidatie". 3. De vereffening geschiedt door het college van bestuur, dan wel door een door het college van bestuur aan te wijzen (rechts)persoon. 4. Een eventueel batig saldo wordt uitsluitend uitgekeerd aan een door het college van bestuur, met goedkeuring van de raad van toezicht, aan te wijzen fiscaal erkende algemeen nut beogende instelling met een gelijksoortige doelstelling of aan een buitenlandse instelling die uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het algemeen nut beoogt en die een gelijksoortige doelstelling heeft. 5. Na afloop van de vereffening blijven de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers van de ontbonden stichting gedurende zeven jaar berusten onder een door de vereffenaars aan te wijzen natuurlijk persoon of rechtspersoon. Deze persoon is gehouden zijn aanwijzing ter inschrijving op te geven aan het door de Kamer van Koophandel gehouden handelsregister.

Extern toezicht karakter openbaar onderwijs Artikel 19 In aanvulling op de taken en bevoegdheden van de raad van toezicht en de taken en bevoegdheden van de Inspectie van het Onderwijs zoals volgt uit de Wet op het onderwijstoezicht, geldt gelet op het openbaar karakter van het onderwijs voorts het navolgende: a. de gemeenteraad kan zich vanuit haar wettelijke taak en verantwoordelijkheden voor het openbaar onderwijs wenden tot het college van bestuur van de stichting. De gemeenteraad ziet daarbij toe vanuit haar wettelijke verantwoordelijkheid voor het openbaar onderwijs; b. de gemeenteraad is bevoegd in geval van ernstige taakverwaarlozing door het college van bestuur of het functioneren van het college van bestuur in strijd met de Wpo, maatregelen te nemen die zij nodig acht om de continuïteit van het onderwijsproces te waarborgen en heeft het recht om - indien en voor zover dat noodzakelijk is - zelf te voorzien in het bestuur van de scholen en zo nodig de stichting te ontbinden.

De gemeenteraad stelt, alvorens zij overgaat tot maatregelen als bedoeld in de vorige volzin, de raad van toezicht in de gelegenheid in overleg te treden met de gemeenteraad en de mogelijkheden te verkennen en uit te voeren die noodzakelijk zijn om de gerezen bezwaren tegen het door het college van bestuur gevoerde beleid of het functioneren van het college van bestuur op andere wijze weg te nemen. ────────────── SLOTVERKLARINGEN De verschenen persoon verklaarde tenslotte: 1. De bij deze akte opnieuw vastgestelde statuten treden met ingang van ***vandaag in werking.

Westvest Notarissen

19

2.

De kosten van deze statutenwijziging komen voor rekening van de stichting. WAARVAN AKTE te Delft is verleden op de datum in het hoofd van deze akte vermeld. De verschenen persoon is mij, notaris, bekend. De inhoud van de akte is aan de verschenen persoon zakelijk opgegeven en toegelicht. De verschenen persoon heeft verklaard van de inhoud van de akte kennis te hebben genomen en daarmee in te stemmen. Daarna is deze akte door mij, notaris, beperkt voorgelezen en onmiddellijk daarna door de verschenen persoon en mij, notaris, ondertekend.

Westvest Notarissen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12038087/1