1. Toelichting op Algemene uitkering, decentralisatie- en integratie-uitkeringen
Tekst van het document
Bijlage 1 Toelichting taakmutaties (Algemene Uitkering), decentralisatie-uitkeringen (DU’s) en integratie-uitkeringen (IU’s) Leeswijzer Deze bijlage bevat een nadere toelichting op taakmutaties in de Algemene uitkering en nieuwe of gewijzigde decentralisatie- en integratie-uitkeringen. De toelichting gaat over de inhoud van de mutaties (aanleiding, omvang) en over de voorgestelde verwerking van de taakmutaties in de het begrotings- en meerjarenbeeld. In de tabellen staan de financiële effecten voor Delft, in de toelichtingen worden de landelijke bedragen benoemd. Taakmutaties Specificatie Algemene uitkering 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
x € 1.000
Taakmutaties Landelijke Vreemdelingen Voorziening 'Weeffout'Jeugdzorg Basisregistratie Personen (BRP) Handelsregister KvK Taakmutaties: uitname Wet versterking regie volkshuisvesting Kinderopvang pleegouders Hervormingsagenda jeugd Taakmutaties: uitbreiding takenpakket
2025 -64 -53 -21 -14 -152 297 52 10 359
2026
2027
2028
2029
-
-
-
-
-
-
-
-
Totaal taakmutaties
207
-
-
-
-
1. Landelijke Vreemdelingen Voorziening (overheveling naar decentralisatie-uitkering) Het pilot-programma voor de Landelijke Vreemdelingen Voorziening (LVV) had oorspronkelijk een looptijd van 2019 tot en met 2021. In overleg met gemeenten en de VNG is besloten de pilot te verlengen tot en met 31 december 2024. Het kabinet heeft besloten de Rijksbijdrage aan de LVV, waarvan een gedeelte ten laste kwam van de algemene uitkering van het gemeentefonds, stop te zetten vanaf 2025. Gemeenten hebben de mogelijkheid om onderdak voor niet rechtmatig in Nederland verblijvende vreemdelingen zelfstandig te financieren. De VNG heeft de fondsbeheerders verzocht om voor het jaar 2025 nog eenmaal het bedrag van € 9,4 miljoen hiervoor uit de algemene uitkering van het gemeentefonds te onttrekken en middels een decentralisatie-uitkering aan de desbetreffende gemeenten te verstrekken. Delft ontvangt geen aanvullende uitkering.
Voorstel voor verwerking: ten laste van algemene middelen (€ 64.000 incidenteel). 2. ‘Weeffout’ Jeugdzorg Bij de decentralisatie van de jeugdzorg is de verantwoordelijkheid voor de jeugdzorg overgegaan van de provincies naar de gemeenten. In het bestuursakkoord 2011-2015 is vastgelegd dat € 90 miljoen van het provinciefonds werd overgeheveld naar het gemeentefonds. De uitname was gebaseerd op het aantal jongeren op dat moment. Bij de berekening van de bedragen is geen rekening gehouden met het feit dat de steden Amsterdam, Rotterdam en Den Haag zelf al verantwoordelijk waren voor de jeugdzorg. Hierdoor is er destijds € 10 miljoen structureel teveel overgeheveld van het provinciefonds naar het gemeentefonds. Deze ‘weeffout’ wordt nu voor het jaar 2025 hersteld door overheveling van € 10 miljoen naar het provinciefonds. Uiterlijk bij Voorjaarsnota 2026 zal de boeking voor de jaren 2026 en verder worden gedaan.
Voorstel voor verwerking: ten laste van algemene middelen (€ 53.000 incidenteel). 3. Basisregistratie Personen (BRP) Met betrekking tot de Basisregistratie Personen (BRP) vindt een drietal mutaties plaats. Alle gemeenten ontvangen een bijdrage van in totaal € 1,3 miljoen in verband met extra kosten die zij in 2025 maken die samenhangen met diverse aanpassingen in de decentrale systemen van de BRP. In het najaar van 2023 is het besluit experimenten bijhouding BRP in werking getreden. Dit experiment heeft als doel ingeschrevenen in de BRP op het woonadres te informeren over de inschrijvingen op het betreffende adres. Dit experiment betreft het doen van meldingen aan ingeschrevenen op een woonadres over inschrijvingen op of adreswijzigingen naar het betreffende adres. Het experiment moet uitwijzen of de verplichting leidt tot een lastenverzwaring (uitvoering en kosten). De gemeenten ontvangen jaarlijks gedurende de looptijd van het experiment (2023-
1
2026) een vergoeding voor de verplichte medewerking aan de evaluatie van circa € 2.400 per jaar per gemeente. Met betrekking tot de BRP wordt vanwege extra gebruik door gemeenten in 2025 een aanvullende bijdrage doorbelast van € 5,1 miljoen.
Voorstel voor verwerking: ten laste van algemene middelen (€ 21.000 incidenteel). 4. Handelsregister KvK De Kamer van Koophandel (KvK) beheert in opdracht van het ministerie van Economische Zaken (EZ) het Handelsregister. Dit register is de basisregistratie waarin alle bedrijven en rechtspersonen ingeschreven staan. Daarnaast staan alle andere organisaties die deelnemen aan het economisch verkeer in dit register. Naast private organisaties kunnen ook gemeenten, provincies, ministeries, waterschappen en overige organisaties met een publieke taak gebruik maken van het Handelsregister. Sinds 1 januari 2014 is er sprake van inputfinanciering voor het overheidsgebruik van het Handelsregister waarbij gemeenten bijdragen in de kosten. Deze mutatie heeft betrekking op een aanvullende bijdrage in de kosten voor 2025. De verhoging is een gevolg van sterk gestegen kosten en wegvallende inkomsten.
Voorstel voor verwerking: ten laste van algemene middelen (€ 14.000 incidenteel). 5. Wet Versterking regie volkshuisvesting Met de inwerkingtreding van het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting ontstaan extra werkzaamheden voor de medeoverheden. Deze werkzaamheden hebben financiële gevolgen voor gemeenten (en provincies) in de vorm van incidentele en structurele uitvoeringslasten. Ter compensatie is € 48,8 miljoen aan de algemene uitkering toegevoegd.
Voorstel voor verwerking: budget ophogen in 2026 (€ 150.000 incidenteel) en 2027 (€ 147.000). 6. Kinderopvang pleegouders Bij Voorjaarsnota 2025 is door de Rijksoverheid extra geld beschikbaar gesteld als bijdrage voor de kosten die pleegouders maken voor kinderopvang en buitenschoolse opvang van hun pleegkinderen. Deze bijdrage geldt voor alle pleegouders die gebruik maken van (vormen van formele) kinderopvang en buitenschoolse opvang (bso), ook in het vrijwillig kader. Pleegouders betalen nu een eigen bijdrage in de kosten van kinderopvang en buitenschoolse opvang; dit zijn kosten die overblijven na het ontvangen van de eventuele kinderopvangtoeslag. Besloten is om alsnog voor 2025 deze middelen eenmalig € 10,7 miljoen toe te voegen aan de algemene uitkering van het gemeentefonds. Gemeenten en pleegzorgaanbieders spreken met elkaar af hoe pleegouders aanspraak kunnen maken op deze bijdrage. NB: voor de jaren 2026 en 2027 is ook € 10,7 miljoen per jaar beschikbaar voor dit doel. Dit geld staat op dit moment gereserveerd op de begroting van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS).
Met de Nederlandse Vereniging voor Pleeggezinnen, Jeugdzorg Nederland en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) werkt het ministerie van VWS aan een wijze waarop deze middelen aan pleegouders worden uitgekeerd Voorstel voor verwerking: budget ophogen in 2026 (€ 52.000 incidenteel). 7. Hervormingsagenda Jeugd Op de begroting van het ministerie van VWS zijn in 2025 middelen gereserveerd voor de uitvoering Hervormingsagenda Jeugd. Deze middelen zijn niet volledig tot besteding gekomen. Het ministerie van VWS boekt de resterende middelen van het beschikbaar gemaakte budget voor de Hervormingsagenda Jeugd voor 2025 naar de algemene uitkering van het gemeentefonds. In totaal wordt € 2,2 miljoen overgeheveld naar het gemeentefonds. Dit bedrag bestaat voor € 1,4 miljoen uit de algemene uitvoeringsmiddelen en € 800.000 uit de investeringsmiddelen.
Voorstel voor verwerking: budget ophogen in 2026 (€ 10.000 incidenteel).
2
Decentralisatie- en integratie-uitkeringen x € 1.000
Decentralisatie-uitkeringen 1. Compensatie medewerkers sociaal ontwikkelbedrijven 2. Meerkosten Oekraïne sociaal domein 3. Aanvullende ondersteuning lokale energiehulp 4. Weerbare gemeenschappen tegen ondermijnende criminaliteit 5. Faciliteitenbesluit opvangcentra 6. Veerkracht en weerbaarheid 7. Implementatie plateau 2 8. Wet betaalbare huur 9. Vrouwenopvang 10. Capaciteit decentrale overheden klimaat- en energiebeleid (CDOKE) Totaal Decentralisatie-uitkeringen Decentralisatie-uitkeringen
2025 308 125 78 56 45 41 13 9
675 675
2026
2027
2028
2029
193 2 195 195
193
193
193
193 193
193 193
193 193
1. Compensatie medewerkers sociaal ontwikkelbedrijven (DU) NIEUW Medewerkers van sociaal ontwikkelbedrijven ondervinden nadelige gevolgen van de fiscale maatregelen uit het Belastingplan 2025. Via het amendement Van Kent is € 40 miljoen beschikbaar gekomen om medewerkers van sociaal ontwikkelbedrijven compensatie te bieden voor deze nadelige gevolgen. Op basis van de motie Klaver/Kouwenhoven is er binnen het Belastingplan 2026 een oplossing voor het financiële nadeel van een brede groep werknemers met een laag inkomen (waaronder de medewerkers van sociaal ontwikkelbedrijven) gekomen, waardoor eventuele voortzetting van deze decentralisatie-uitkering in 2026 niet aan de orde is. De grootste gemeente binnen een samenwerkingsverband rondom een sociaal ontwikkelbedrijf ontvangt de financiële middelen. Het budget dat een gemeente ontvangt, is gebaseerd op het aantal medewerkers in dienst van het sociaal ontwikkelbedrijf. Meer specifiek betreft dit de medewerkers in dienst van het sociaal ontwikkelbedrijf die vallen onder de cao Aan de Slag en de cao Sociale Werkvoorzieningen.
Voorstel voor verwerking: Werkse! heeft betaald in 2025, maar moet de compensatie nog ontvangen. Daarom budget ophogen in 2026 (€ 308.108 incidenteel). 2. Meerkosten Oekraïne sociaal domein (DU) NIEUW De verantwoordelijkheid voor de zorg en ondersteuning vanuit de Wmo, de Jeugdwet en de Wet publieke gezondheid voor de uitvoering van het basistakenpakket Jeugdgezondheidszorg, het Rijksvaccinatieprogramma en het prenataal huisbezoek ligt voor Oekraïense ontheemden bij Gemeenten. De compensatie is vastgesteld op basis van onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) naar daadwerkelijke opgevangen Oekraïense ontheemden per gemeente in het jaar 2025 en op basis van extern onderzoek naar de gemiddelde gemeentelijke zorgkosten per ontheemde. Op basis daarvan is een bedrag van € 33 miljoen beschikbaar waarbij de verdeelsleutel per gemeente is vastgesteld op basis van bovengenoemde onderzoeken.
Voorstel voor verwerking: budget ophogen in 2027 (€ 124.953 incidenteel). 3. Aanvullende ondersteuning lokale energiehulp (DU) NIEUW Het beoogde doel van deze decentralisatie-uitkering is om gemeenten de mogelijkheid te bieden om de lokale hulp voor huishoudens met een hoge energierekening en laag inkomen te intensiveren. Met de middelen uit de bestaande SPUK Energiearmoede hebben veel gemeenten al een lokale aanpak op energiearmoede opgezet. Uit de halfjaarlijkse monitor van de Nederlandse Organisatie voor toegepast natuurwetenschappelijk onderzoek (TNO) over de uitvoering van de energietransitie, blijkt dat gemeenten de doelgroep niet altijd goed kunnen vinden of bereiken. Om gemeenten hierbij te helpen, hebben het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW), de Stichting Tijdelijk Noodfonds Energie (TNE) en de VNG samengewerkt aan een portaal dat op een zorgvuldige en veilige wijze contactgegevens van aanvragers bij het TNE, die hiervoor toestemming hebben gegeven, beschikbaar stelt aan gemeenten. Gemeenten kunnen de extra middelen aanwenden voor hun bestaande lokale aanpak van energiearmoede. In combinatie met de ontvangen data maakt dit het mogelijk huishoudens gericht te benaderen, passende ondersteuning te bieden en daarbij gebruik te maken van het bestaande lokale hulpaanbod. Gemeenten ontvangen in 2025 een bijdrage van € 9,8 miljoen.
De middelen worden verdeeld op basis van het percentage energiearmoede per gemeente (zoals ook aangehouden bij de SPUK Energiearmoede).
3
NB:
de verwachting is dat in het voorjaar van 2026 aanvullende middelen voor 2026 beschikbaar worden gesteld.
Voorstel voor verwerking: budget ophogen in 2026 (€ 78.011 incidenteel). 4. Weerbare gemeenschappen tegen ondermijnende criminaliteit (DU) NIEUW Het ministerie van SZW acht het van belang om ondermijnende criminaliteit preventief tegen te gaan vanuit sociale en economische hoek. De gemeenten Almere, Delft, Dordrecht, Heerlen, Tilburg en Utrecht spannen zich hiervoor in en hebben verzocht om ondersteuning voor de voorgenomen interventies. Deze gemeenten ontvangen in totaal € 338.000 voor het uitvoeren van activiteiten in het kader van het weerbaar maken van moeilijk bereikbare gemeenschappen tegen ondermijning en het leggen van de verbinding tussen gemeente en deze gemeenschappen..
Voorstel voor verwerking: budget ophogen in 2026 (€ 56.000 incidenteel). 5. Faciliteitenbesluit opvangcentra (DU) NIEUW Vanaf 1 juli 2025 is de juridische grondslag voor deze uitkering gelegen in de Financiële verhoudingswet. Gemeenten die een opvangcentrum voor asielzoekers faciliteren ontvangen nu middelen voor de werkzaamheden in en voor de opvangcentra (Het faciliteitenbesluit tot 1 juli 2025), maar ook voor noodopvang, onderwijshuisvestingskosten, voorlichtingskosten en aanvullende bekostiging in het kader van het faciliteren van asielopvang waar niet vanuit een andere regeling aan tegemoet wordt gekomen. In totaal is voor 2025 een aanvullend bedrag van € 9,9 miljoen beschikbaar bovenop de reeds beschikbaar gestelde € 11,4 miljoen in de meicirculaire 2025.
Voorstel voor verwerking: budget ophogen in 2026 (€ 45.194 incidenteel). 6. Veerkracht en weerbaarheid (DU) NIEUW Het ministerie van SZW spant zich in voor het versterken van veerkracht en (digitale) weerbaarheid van individuen, omgevingen, gemeenschappen en de samenleving ter bevordering van de sociale stabiliteit. In totaal 19 gemeenten ontvangen in totaal een bedrag van € 898.000. Het ministerie van SZW ondersteunt deze gemeenten hiermee in hun lokale aanpak gericht op het verminderen van maatschappelijke spanningen. Gedacht kan worden aan thema’s als (online) radicalisering en extremisme, polarisatie, ongewenste buitenlandse inmenging (OBI) en discriminatie.
Voorstel voor verwerking: budget ophogen in 2026 (€ 41.250 incidenteel). 7. Implementatie Plateau 2 (DU) NIEUW Gegevens over inburgeraars die vallen onder de Wet inburgering 2021 worden op dit moment veelal handmatig (via portalen en bestanden) uitgewisseld. Dit is niet alleen foutgevoelig, maar ook zeer arbeidsintensief. Om die reden worden op dit moment voorbereidingen getroffen om de geautomatiseerde uitwisseling van gegevens binnen de inburgeringsketen (“plateau 2”) mogelijk te maken. De implementatie hiervan zal stapsgewijs vanaf 2026 gaan plaatsvinden. De bijdrage die gemeenten ontvangen, kan worden gebruikt voor eventuele investeringen die voor deze overstap nodig zijn. Het gaat om een totaalbedrag van € 4,6 miljoen en deze middelen worden evenredig over alle gemeenten verdeeld.
Voorstel voor verwerking: budget ophogen in 2026 (€ 13.304 incidenteel). 8. Wet betaalbare huur (DU) De Wet maximering huurprijsverhogingen liberaliseerde huurovereenkomsten, stelt een maximum aan de jaarlijkse huurverhogingen voor geliberaliseerde huurovereenkomsten. Gemeenten hebben sinds 1 juli 2024 handhavende bevoegdheden ten aanzien van verhuurders die zich niet aan deze maximering houden. In 2024 zijn middelen overgeboekt voor de implementatie van de wet en de daaruit volgende toezicht- en handhavingskosten in 2024. Voor de uitvoering van de wet in 2025 is een bedrag van € 1 miljoen beschikbaar. De Wet maximering huurprijsverhoging geliberaliseerde huurovereenkomsten loopt tot 1 mei 2029. Naar verwachting worden in het voorjaar van 2026 aanvullende middelen voor de periode 2026-2029 beschikbaar gesteld.
Voorstel voor verwerking: budget ophogen in 2026 (€ 9.142 incidenteel). 9. Vrouwenopvang (DU) In de Rijksbegroting 2026 is vanaf 2026 structureel € 12 miljoen toegevoegd aan de decentralisatie-uitkering Vrouwenopvang ten behoeve van extra opvangplekken. Deze middelen zijn nu verdeeld.
Voorstel voor verwerking: budget ophogen vanaf 2026 (€ 193.000 structureel).
4
10. Capaciteit decentrale overheden klimaat- en energiebeleid (CDOKE) (DU) Voor 2026 is in totaal ruim € 666 miljoen beschikbaar gesteld aan gemeenten om uitvoering te kunnen geven aan hun taken op het gebied van klimaat- en energiebeleid. Van dit budget was € 30,5 miljoen toen nog niet verdeeld. Op voorstel van de VNG, in samenwerking met de RVO, wordt € 26,5 miljoen toegekend voor plannen die gemeenten hebben op gebied van het aardgasvrij maken van wijken, het aanleggen van windparken of zonneweiden of een zero-emissie (ZE)-zone. In aanvulling op het bovenstaande resteert nog € 4 miljoen. In de brief van 16 juli 2025 heeft de minister van KGG de toezegging aan gemeenten gedaan dat ze voor de basisfinanciering uit de CDOKE minimaal kunnen rekenen op het bedrag dat zij in 2025 via de basisfinanciering hebben ontvangen. Het bedrag dat in 2025 via de basisfinanciering is uitgekeerd was gebaseerd op een verdeelsleutel die is opgesteld door Andersson Elffers Felix (AEF), welke is gebaseerd op de verschillende taken die gemeenten hebben en bijbehorende indicatoren zoals inwoners van een gemeente. Dezelfde verdeelsleutel is ook voor 2026 toegepast. Omdat het macrobedrag minder hard is gestegen dan was aangenomen in het onderzoek (o.a.
door kortingen en bezuinigingen) heeft dit als effect dat 249 gemeenten in 2026 gezamenlijk € 3,6 miljoen minder middelen zouden ontvangen dan in 2025. Gezien de toezegging van de minister van KGG is daarom een bedrag van € 3,6 miljoen toegevoegd aan de basisfinanciering van de getroffen gemeenten. Door deze correctie ontvangen zij minimaal het bedrag dat zij in 2025 hebben ontvangen. Na het corrigeren van de verdeelsleutel is € 400.000 (€ 4 miljoen - € 3,6 miljoen) over. Dit bedrag wordt conform de verdeelsleutel 2026 over alle gemeenten verdeeld.
Voorstel voor verwerking: budget ten gunste van algemene middelen in 2026 (€ 2.000 incidenteel).
5