1. Analyse, richting en sturing op sociale basis 6025367
Tekst van het document
Op weg naar een sterkere Delftse Samenleving Analyse en richting voor de inrichting van de welzijnsaanpak binnen de sociale basis 1.
Inleiding
Waar mensen zijn en zich tot elkaar verhouden, is er een sociale basis: een vrijwilliger bij de (sport)vereniging, een mantelzorger die voor een naaste zorgt en buren die elkaar helpen met kleine dingen. Een inloopochtend in een gebedshuis, een opbouwwerker, een taalmaatje en een vrijwilliger in een formulierenbrigade. Een jongerenwerker, de wijkagent, de woonconsulent van de corporatie, buurtvaders/-moeders en sleutelfiguren. De kracht van de gemeenschap valt of staat met de inzet van deze betrokken buurtbewoners, sleutelfiguren, vrijwilligers en betaalde krachten (professionals). De formeel georganiseerde basisvoorzieningen raken aan alle aspecten van het dagelijkse leven die meedoen mogelijk maken: ontmoeting, onderwijs, opvoeding, werk, gezondheid, bewegen en cultuur. Dit fundament noemen we de sociale basis. Het zorgt ervoor dat mensen kunnen samenleven en meedoen. In een sociale basis kunnen mensen elkaar ontmoeten, kunnen ze ontspannen, ontplooien en elkaar ondersteunen. Inwoners die een steuntje in de rug nodig hebben, kunnen dichtbij licht ondersteund worden. De sociale basis is van de inwoners zelf en kan niet opgelegd worden. De sociale basis heeft een intrinsieke waarde en gaat uit van elkaar versterkende motivaties van betrokken mensen. De sociale basis is niet maakbaar en biedt geen oplossingen voor alle maatschappelijke vraagstukken.
Wél zien wij kansen om dit fundament te versterken, samen met inwoners en gemeenschappen. Waarin zij invloed en zeggenschap hebben en eigenaarschap ervaren over hun inzet en de activiteiten die zij ontplooien in hun buurt of wijk en in de stad. De gemeente kan de sociale basis, samen met de partners in de stad, faciliteren en stimuleren. Dit betekent niet dat de relatie van de overheid tot de sociale basis vrijblijvend is: de overheid (Rijk en gemeenten) heeft verantwoordelijkheden als het gaat om onder meer bestaanszekerheid, gelijke kansen en publieke gezondheid1. Dit zijn belangrijke voorwaarden om mee te kunnen doen in de samenleving. De staat van de sociale basis in Delft Voor veel inwoners in Delft geldt dat de sociale basis op orde is. Maar er zijn ook inwoners die moeite hebben om mee te doen, door de kwetsbaarheden die zij ervaren: financieel, fysiek, mentaal of op het gebied van taal. Het ondersteuningsaanbod in de sociale basis richt zich met name op hen. Het aantal mensen dat kwetsbaarheden ervaart neemt toe en zal naar verwachting nog verder toenemen. Want de samenleving verandert, en die veranderingen gaan steeds sneller. En voor bepaalde groepen gaan die veranderingen te snel. Ook in Delft krijgen we meer en meer te maken met arbeidstekorten, stijgende lasten, individualisering, digitalisering, bestaansonzekerheid en meer vraag naar zorg.
De stijgende kosten in de jeugdzorg en de nog te verwachte stijging van de kosten in de Wmo zijn daar voorbeelden van. Om voorbereid te zijn op de maatschappelijke ontwikkelingen, hebben we onderzocht wat de staat van de sociale basis in Delft is. De analyse onderstreept dat een sterke sociale basis in de wijken een voorwaarde is om de leefbaarheid en veiligheid, de bestaanszekerheid en de houdbaarheid van de zorg in de toekomst enigszins te waarborgen. De urgentie is hoog om de focus te verplaatsen van zorg 1
De-sociale-basis-versterken-investeren-in-de-toekomst.pdf (movisie.nl).
1
en hulp naar preventie en de sociale basis. Deze brede beweging wordt ondersteund in de diverse landelijke akkoorden en programma’s2. Hierin zijn afspraken gemaakt om slim samen te werken aan meer gezondheid, preventie en een sterke sociale basis. Landelijk, en dus ook in Delft, zijn de ogen gericht op de sociale basis. Zonder sterke sociale basis zullen de kosten onverminderd stijgen. Inzetten op de brede beweging in het sociaal domein We constateren dat het voor de inwoner die hulp nodig heeft, niet altijd duidelijk is waar en waarvoor deze kan aankloppen voor hulp en ondersteuning. De inwoner ervaart nu vaak (beleidsmatige) schotten, terwijl deze geholpen wil worden, los van de manier waarop de gemeente is georganiseerd. Om in te spelen op de trends en ontwikkelingen die we zien, zetten we in op de beweging naar preventie en gezond samen. Een beweging die nodig is om samen het hoofd te bieden aan de uitdagingen van nu en van de toekomst, en om zorgkosten aan de achterkant te voorkomen. Dit vraagt structurele en integrale inzet. Ook constateren we dat in de afgelopen tien jaar in Delft veel is opgebouwd en in goede samenwerking is ontstaan. Echter, de huidige tijd, en de uitdagingen waar we voor staan, vragen om een heroriëntatie van de inrichting van de sociale basis.
Niet de zorg naar je toe halen, maar uitgaan van de kracht van de samenleving en de inzet richten op het vergroten en het versterken van het sociaal netwerk van een inwoner en een buurt. We gaan hier uit van wat inwoners zelf kunnen, door inwoners te activeren, en door inwoners in staat te stellen hun eigen leven en omgeving vorm te geven, al dan niet met behulp van het netwerk (samenredzaamheid). Dit vraagt een andere manier van denken en doen van de overheid, de professionals en de samenleving. Naar een regisserende rol op de wijkaanpak Als gemeente moeten we niet alleen investeren in een sterke sociale basis in de wijken, maar ook anders gaan werken en organiseren. Dit begint met als gemeente zelf de wijken nog beter te leren kennen. Te weten wat er goed gaat, maar ook wat er beter kan en moet. We hebben al goede ervaringen met gebiedsgericht werken in Delft-West 3. In Delft-West werken we samen met partners uit de alliantie aan een uitvoeringsagenda met initiatieven en activiteiten om de 3 wijken Buitenhof, Voorhof en Tanthof-West te versterken. En kansen te verbeteren voor bewoners en ondernemers. In bijvoorbeeld Buitenhof zijn er leefbaarheidsoverleggen op buurtniveau en is er gestart met renovatie van woningen.
Ook wordt in Delft-West expliciet de verbinding tussen fysieke ingrepen en interventies in het sociaal en veiligheidsdomein gemaakt, zodat deze elkaar versterken. De werkwijze wordt afgestemd op de uitdagingen en wensen per specifiek gebied. Leeswijzer In dit document volgt een analyse van de sociale basis in Delft. Vervolgens schetsen we de uitgangspunten voor een sterke sociale basis om de beweging te kunnen maken, te beginnen bij de welzijnsaanpak, en de scenario’s voor uitvoering. Op basis van een afweging geven we een voorkeursscenario voor de inrichting van de welzijnsaanpak en doen we een voorstel voor de fasering in de tijd.
2
Integraal Zorg Akkoord (IZA), Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA), Hervormingsagenda Jeugd, Toekomstscenario kinden gezinsbescherming (TKGB), Programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen, de Doorcentralisatie Beschermd Wonen, et cetera. 3
Delft-West is onderdeel van het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV) om de leefbaarheid en veiligheid in het gebied te verbeteren en de kansengelijkheid te vergroten.
2
2.
De sociale basis in Delft onder druk
Trends en ontwikkelingen die drukken op de sociale basis Het aantal mensen dat zorg en ondersteuning nodig heeft is hoog en neemt verder toe in de toekomst. Ook moeten we er rekening mee houden dat de complexiteit van de hulp- en ondersteuningsvragen verder toeneemt. Dit komt door (onder andere) de volgende trends en ontwikkelingen: Het aantal ouderen neemt in de komende twintig jaar toe en het aantal 80-plussers zal verdubbelen4. Met het bereiken van een hoge leeftijd krijgen steeds meer ouderen te maken met een verhoogd valrisico, dementie en andere complexe gezondheidsproblemen. De vraag naar zorg stijgt daarmee sneller dan het aanbod. Ook ervaren ouderen in grotere mate eenzaamheid. Uit onderzoek blijkt dat eenzaamheid gezondheidsrisico’s veroorzaakt 5. Als gevolg van een afnemende beroepsbevolking zullen er minder mensen zijn die kunnen werken in de zorg. Door rijksbeleid gericht op langer thuiswonen, wonen steeds meer ouderen zelfstandig. Hierdoor neemt de behoefte aan mantelzorg en informele ondersteuning toe, terwijl het aantal mensen dat informele zorg of mantelzorg kan verlenen afneemt. De bestaanszekerheid van steeds meer bewoners staat onder druk als gevolg van de energiecrisis, stijgende woonlasten en inflatie. Daarmee komen betaalbaar wonen, toegang tot betaalbare zorg, toegang tot beweegaanbod en gezonde voeding onder druk te staan.
Uit cijfers blijkt een verband tussen moeite met rondkomen en een slechtere ervaren gezondheid. In Delft leven meer huishoudens in armoede in vergelijking met het landelijk gemiddelde 6. Daardoor groeit een steeds groter aantal kinderen in onze stad op in armoede. De samenleving wordt steeds diverser (o.a. naar migratieachtergrond). Op het gebied van gezondheid nemen verschillen toe als gevolg van leefstijl (voeding/beweging). Zo zien we bijvoorbeeld dat het percentage overgewicht in Delft (39%) lager is dan het landelijk gemiddelde (50%), maar met name in Delft-West is sprake van een hoog percentage overgewicht7. In de regio Westland Schieland Delfland (WSD) ligt het percentage meisjes met psychische klachten veel hoger (40,2%) dan het percentage jongens met psychische klachten (18,3%). Het percentage mensen met een risico op een angststoornis of depressie groeit 8. Vanuit het welzijnswerk zien we al dat er meer individuele ondersteuning en maatwerk wordt geleverd. Dit gaat ten koste van collectieve preventieve ondersteuning 9. Deze trends en ontwikkelingen geven de noodzaak om de beweging naar de ‘voorkant’ te maken. De sociale basis is daar echter nog onvoldoende op ingericht en vraagt een heroriëntatie van de welzijnsaanpak.
4
Beeld voor Delft: naar verwachting is in 2040 het aantal inwoners dat 80+ is gestegen tot ongeveer 7.000. Dat is nu ongeveer 3900. 5 6
Gevolgen van eenzaamheid | Over eenzaamheid | Alles over eenzaamheid. Nota Armoede (delft.nl).
7
Een gezonde generatie in 2040: integraal plan van aanpak Brede SPUK 2024-2026. Regioplan Westland Schieland Delfland. Plan in het kader van het Regionaal Integraal GezondheidsAkkoord (RIGA), november 2023. 9 Dit werd geconstateerd bij de opstart van de pilot energietransitie in de Multatulibuurt. 8
3
Knelpunten in de sociale basis in Delft Onderzoeken naar de staat van de sociale basis in Delft laten een aantal knelpunten zien in de bestaande situatie10. Knelpunten in aanbod en programmering (kwaliteit, functionaliteit en spreiding): Het aanbod in de sociale basis in Delft is (te) versnipperd. Deels opereren de organisaties/activiteiten concurrerend aan elkaar. De aandacht voor het ondersteuningsaanbod is vooral gericht op de drie wijken in Delft-West omdat de leefbaarheid en veiligheid er onder druk staan. De onderzoekers wijzen erop de andere buurten niet uit het oog te verliezen. Een dringend vraagstuk is het gebrek aan capaciteit van cruciale uitvoerende professionals in de wijken. In interviews is specifiek het tekort aan jongerenwerk genoemd, maar ook sociaal werk en wijkregisseurs zijn genoemd. Professionals in de uitvoering hebben behoefte aan duidelijkheid over de rollen en inzet en verbeterde samenwerking tussen verschillende professionals die in de wijken actief zijn. Veel aanbod (van formele en ook informele voorzieningen) is stadsbreed georganiseerd. Dit sluit vaak niet aan op de (dynamieken in de) wijken. Andersom zijn sleutelfiguren die in de wijken actief zijn niet bekend met het stadsbrede ondersteuningsaanbod. Daarmee weten professionals en sleutelfiguren elkaar onvoldoende te vinden.
Er is een gebrek aan een overzicht van alle activiteiten en initiatieven in de wijken. Er is geen overzichtelijke sociale kaart. Er wordt een wijk- en buurtgerichte aanpak gemist waarbij de structurele verbinding met (de behoeftes van) inwoners ontbreekt. Inwoners missen ook vaste gezichten in de wijken. De wijkaccommodaties in Delft zijn vooral geschikt voor activiteiten, maar minder geschikt voor inloop en ontmoeting. Ook is er onvoldoende regie op de programmering van de wijkcentra. Deze signalen zijn in het initiatiefvoorstel Ontmoeting in de wijkcentra11 genoemd. Zo is het programmabeheer (inhoudelijke samenwerking tussen de gebruikers, activiteitenprogramma, relatie met de inwoners) bij geen enkele organisatie ondergebracht. Naar aanleiding van het initiatiefvoorstel vindt in twee accommodaties een pilot plaats12. Een aandachtspunt is het verbeteren van de toegankelijkheid en het vergroten van het bereik van voorzieningen, vooral voor groepen mensen in een kwetsbare positie. Voor inwoners is het niet altijd duidelijk waar en waarvoor ze kunnen aankloppen voor hulp en ondersteuning. Zo kan iemand met een ondersteuningsvraag zich richten tot de gemeente, Delft Support, Delft voor Elkaar of Werkse!. Inwoners ervaren dat zij van het spreekwoordelijke kastje naar de muur worden gestuurd.
Er is niet altijd sprake van warme overdracht en afstemming tussen de organisaties. Daardoor ervaart de inwoner dat deze het verhaal vaak opnieuw moet doen. Dit komt naar voren in twee onderzoeken die Muzus13, het onderwerpbureau voor sociale vraagstukken, heeft uitgevoerd op basis van gesprekken met een brede groep inwoners.
10
Een volledig overzicht van de gebruikte onderzoeken en rapporten is opgenomen onder het kopje ‘bronnen’. 2147913+Fracties+GL,+PvdA,+OD+en+CDA+-+initiatiefvoorstel+inzake+ontmoeting+in+de+wijkcentra. 12 2203026+College+van+B&W+-+Initiatiefvoorstel+inzake+ontmoeting+in+de+wijkcentra (jan 2022), Raadsinformatiebrief Wijkcentra en bewaakte speeltuinen, 1 Notubiz (maart 2023) 13 ‘Toegankelijkheid van de dienstverlening in Delft’ en het onderzoek naar de onafhankelijke clientondersteuning in Delft ‘Op weg naar verlichting’. 11
4
Knelpunten die inwoners ervaren (opgetekend door de Adviesraad Sociaal Domein): De Adviesraad Sociaal Domein (ASD) heeft gesprekken gevoerd met inwoners en organisaties over de sociale basis en de mate waarin inwoners mee kunnen doen in de samenleving. De ASD noemt in hun (ongevraagd) advies14 de volgende knelpunten die inwoners ervaren: Begeleiding, sociale ontmoetingsplekken en dagbestedingsmogelijkheden zijn cruciaal voor deelname aan het dagelijks leven. Continuïteit in deze voorzieningen is essentieel om inclusie te waarborgen, maar wordt bedreigd door mogelijke bezuinigingen, versobering van dienstverlening, jaarlijkse herindicaties en personeelswisselingen. Een overzicht en bekendheid van voorzieningen in de stad en op wijkniveau (sociale kaart) wordt door inwoners gemist. Inwoners ervaren knelpunten met betrekking tot communicatie en eenvoudiger taalgebruik. Het belang van laagdrempelige (en betaalbare) ontmoetingsplekken voor contact en hulp worden genoemd. Naast fysieke plekken gaat het om bankjes en speeltoestellen in de openbare ruimte en ontmoetingsruimte in de hoogbouw. Het huren van een ruimte in de bestaande wijkcentra wordt als te duur ervaren. Dit terwijl de huur van Delft in vergelijking met andere gemeenten een stuk lager ligt. Niet iedere inwoner beschikt over tijd en competenties om actief deel te kunnen nemen.
Samenwerking kan op een aantal punten verbeterd worden. Domein overstijgend werken wordt genoemd om preventie ruim baan te geven. Knelpunten rond opdrachtgeverschap en sturingsrol gemeente: Over de rol van de gemeente zeggen onderzoekers15 dat het beleid congruent en doordacht is, maar nog niet aan elkaar verbonden. Het integraal betrekken van thema’s als gezondheid, sport en bewegen en cultuur wordt als een gemis ervaren. De integrale sturing en opdrachtverstrekking op en aan uitvoerende partijen ontbreekt, naast structurele financieringsarrangementen. Dit heeft tot gevolg dat er (ervaren) schotten zitten tussen de beleidsterreinen en ook tussen de uitvoerende organisaties. Analyse van de huidige inrichting van de sociale basis: De sociale basis zien wij in de breedte. In de analyse van de sociale basis kijken we daarom niet alleen naar de inrichting van de welzijnsaanpak maar naar het gehele systeem om de beweging naar preventie te maken. Daarin zien we een aantal aandachtspunten: Ongelijkwaardige samenwerking | De gemeente heeft de afspraken en financieringsstructuren met de grootste maatschappelijke partners in het sociaal domein op verschillende manieren ingericht. Delft Support (de toegang) en Werkse! (begeleiding naar passend werk) zijn aan de gemeente verbonden partijen en zijn daarmee dichtbij georganiseerd.
Met de partners van Delft voor Elkaar (welzijnsaanpak) heeft de gemeente een subsidierelatie en staan daarmee meer op afstand van de gemeente. Daarnaast subsidieert de gemeente veel andere partijen die bijdragen aan de sociale basis. Financieel | De wijze waarop de financiering is georganiseerd, heeft geleid tot scheefgroei en versterkt voorgenoemd punt. De verbonden partijen en de zorgpartijen waarmee de gemeente een inkooprelatie heeft, zijn voor een groot deel conform het inflatiepercentage geïndexeerd. Voor de gemeentelijke subsidie met Delft voor Elkaar is dit niet het geval door de berekening die daaraan ten grondslag ligt. Er is zelfs sprake van een indirecte bezuiniging, omdat de organisaties wel te maken kregen met hogere kosten en cao-aanpassingen. Tevens ontvangen de netwerkpartners van Delft voor Elkaar jaarlijks een subsidie; er is geen sprake van een meerjarige subsidie. 14 15
‘Doe je mee in Delft? Gesprekken met burgers van Delft over de sociale basis en meedoen’, ASD mei 2024. Adviesrapport Sociale basis in Delft. Adviesbureau Lorenz, 2024. 5
Uiteenlopende verwachtingen | Professionals ervaren in enkele gevallen onderlinge rolverwarring als het gaat om de coördinerende, regisserende en uitvoerende rol in de sociale basis. Lokale binding ontbreekt | Een aantal netwerkpartners van Delft voor Elkaar is landelijk en/of regionaal actief. Als gemeente constateren we dat er geen bestuurlijke geworteldheid in Delft is.
6
3.
Bouwstenen om in te zetten op de beweging: starten met de welzijnsaanpak
Het versterken van de sociale basis past binnen de brede beweging in het sociaal domein. Het is een landelijke opgave die ook in Delft speelt. Deze brede beweging is niet van vandaag op morgen gerealiseerd, maar is veelomvattend en gaat over verschillende beleidsterreinen heen. Het vraagt structurele en integrale inzet. En het vraagt van de gemeente, professionals en maatschappij om anders te gaan denken, doen, werken en organiseren. Om de beweging te maken zijn een aantal bouwstenen nodig. Eén daarvan is de welzijnsaanpak. We zetten de eerste stap met de herinrichting van de welzijnsaanpak, maar ontkomen er niet aan om bijvoorbeeld ook naar de toegang, het klant contactcentrum en ons eigen subsidiebeleid te kijken. Parallelle processen Ten aanzien van de welzijnsaanpak zijn de volgende drie parallelle processen te onderscheiden: Voor de sociale basis loopt een visie traject. Deze visie gaat over het versterken van de sociale basis in Delft en de beweging die de gemeente voorstaat. In de visie beschrijven we wat voor stad we willen zijn, uitgaande van de kracht in de samenleving. Vooruitlopend op het visietraject bepalen we de uitgangspunten voor een sterke sociale basis en richten we het welzijnswerk in. In aanloop naar een nieuwe inrichting van de sociale basis heeft de gemeente de subsidierelaties met de huidige partners van Delft voor Elkaar opgezegd per 1 januari 2026.
Dit geeft de noodzaak om met ingang van 1 januari 2026 een nieuwe structuur te hebben ingericht zodat (het grootste deel van) de activiteiten binnen de welzijnsaanpak gecontinueerd worden. De welzijnsaanpak is daarmee de eerste stap. Daarnaast werken we de opdrachtgevende rol uit. Concreet starten we eind 2024 met de functie van wijkmanager in pilotvorm in Delft-West. Dat betekent verdiepen in de wijk, gesprekken voeren met de betrokken partijen, weten wat er speelt en bepalen welke slagen op inhoud en invulling van de rol gemaakt moeten worden. Ook werken we aan een monitor sociale basis. Dit geeft ons meer inzicht wat er op buurt en wijkniveau nodig is om beter aan te sluiten bij de behoeften van inwoners. Tot slot kijken we naar de inrichting van het systeem om de beweging naar preventie te maken. We richten de welzijnsorganisatie in en vertalen de visie sociale basis naar anders doen en werken.
7
4.
Uitgangspunten voor een sterke sociale basis
De beweging naar preventie en gezond samen We werken momenteel aan de visie op de sociale basis. De visie op de sociale basis is één van de bouwstenen van de beweging die de gemeente voorstaat. Een beweging die nodig is om samen het hoofd te bieden aan de uitdagingen van nu en van de toekomst. Voor een stad waar iedereen kansen krijgt en kan (blijven) meedoen. Voor een zorg die toegankelijk, betaalbaar en kwalitatief goed blijft. Voor bestaanszekerheid en betere perspectieven voor de toekomst. Voor jeugdigen om gezond op te groeien. Voor divers aanbod van basisvoorzieningen dat op orde is en blijft. Voor inwoners om een gezond en vitaal leven te leiden en minder fysieke, digitale en sociale drempels te ervaren om mee te doen. In de visie zetten we in op de versterking van het fundament van de sociale basis. Een voorschot op deze visie: De ambitie is dat Delft een verbonden stad is met veerkrachtige inwoners die naar elkaar kunnen en willen omkijken en gezien en gehoord worden. In de sociale basis ervaren inwoners en hun sociale verbanden en netwerken saamhorigheid, ondersteunen zij elkaar, hebben respect voor elkaar, luisteren naar elkaar, en hebben oog voor een ander. Inwoners die een steuntje in de rug nodig hebben, kunnen in de wijken dichtbij licht ondersteund en geholpen worden. Hier zijn we nog niet.
Het is dus zoeken naar een nieuwe balans hoe inwoners, onze partners en wij als gemeente gezamenlijk, met meer vertrouwen in elkaar, deze uitdagingen het hoofd kunnen bieden. Dan gaat het allereerst om het creëren van het bewustzijn en draagvlak dat we de aandacht moeten verleggen naar preventie en de sociale basis, maar ook dat we integraal met elkaar naar vraagstukken kijken en continuïteit bieden. De versterking van de sociale basis gaat daarbij hand in hand met het inzetten op bestaanszekerheid. Het hebben van voldoende inkomen, werk dat loont, een goede gezondheid, betaalbare en duurzame huisvesting en een adequate opleiding zijn een randvoorwaarde om mee te doen; om te ontmoeten, te ontspannen, te ontplooien en elkaar te ondersteunen. Andersom kan de sociale basis ondersteunen om de negatieve gevolgen van bestaansonzekerheid te verzachten. En, door te investeren in een sterk fundament, deels te voorkomen. Verwacht wordt dat de sociale basis een belangrijke bijdrage levert aan de opgave om de professionele zorg en ondersteuning van goede kwaliteit, betaalbaar en toegankelijk te houden voor iedereen. Er bestaan dus hoge verwachtingen van de sociale basis, maar enige terughoudendheid is geboden. De sociale basis is niet maakbaar en biedt geen oplossing voor alle vraagstukken.
Belangrijke onderdelen van die sociale basis – zoals omzien naar elkaar, vrijwillige inzet en mantelzorg – kunnen overheden niet opleggen. Die ontstaan vanuit inwoners en de samenleving zelf. Het komt voort uit de intrinsieke motivatie van mensen om elkaar te helpen en te steunen. De sociale basis heeft daarmee een waarde in zichzelf en mensen nemen deel in verschillende sociale netwerken. Dat laat zich niet in beleid vatten. Wél kunnen de gemeente en maatschappelijke partijen de sociale basis beter stimuleren en faciliteren, zodat er mooie initiatieven ontstaan die inwoners perspectief geven, en inwoners balans vinden en kunnen deelnemen aan de samenleving16. Om de noodzakelijke beweging naar preventie en gezond samen te maken.
16
De-sociale-basis-versterken-investeren-in-de-toekomst.pdf (movisie.nl), Verwey Jonker/Movisie, 2024
8
Andere mindset in het sociaal domein Om de geschetste brede beweging in het sociaal domein te maken, is een andere mindset nodig. Het vraagt van de gemeente, professionals en maatschappij om anders te gaan denken, doen, werken en organiseren. We hanteren hiervoor de volgende uitgangspunten:
17
Inzet op sociale verbinding en samenredzaamheid | Sociale verbinding draagt bij aan een langer en gezonder leven17. Inwoners zijn verbonden door families, vriendenkringen, verenigingen, netwerken, geloofsgemeenschappen, buurten of wijken en andere verbanden. Hier schuilt de kracht van de samenleving door in te zetten op het vergroten en het versterken van het sociaal netwerk van een inwoner en een buurt. Bij een hulp- of ondersteuningsvraag kijken we naar de mogelijkheden van een inwoner. Als mensen een taak niet zelfstandig (meer) kunnen uitvoeren, dan zijn ze vaak nog wél in staat om zelf te bepalen wat voor hen belangrijk is. Dit doen we met behulp van het netwerk van naasten en professionals en met inzet van de mogelijkheden die er zijn in de wijk of buurt. Zo voorkomen we dat we de zorg naar ons toehalen. Dit vraagt een andere rol van de overheid, de professionals en de samenleving. Er vormt zich een netwerk binnen de gemeenschap dat zichzelf in stand kan houden. De gemeente stuurt op stabiliteit van de netwerkomgeving en kan de juiste randvoorwaarden scheppen om ontmoeting te stimuleren.
Binnen de welzijnsaanpak zetten we concreet in op het stimuleren en faciliteren van ontmoeting langs 3 elementen: ruimte (een fysieke plek in de binnen of buitenruimte), aanbod (programma en activiteiten) en begeleiding en ondersteuning door vrijwilligers, sleutelfiguren en professionals in de wijk, dus menskracht.
Zeggenschap en eigenaarschap | Inwoners en gemeenschappen vormen zelf de sociale basis en zijn er eigenaar van. Zij zetten zich bijvoorbeeld in als actieve bewoners, voor hun buren of de buurt, voor bewonersinitiatieven, of als vrijwilliger bij een organisatie. Tegelijkertijd zien we dat veel inwoners hoge verwachtingen hebben van de overheid waar het gaat om het ‘oplossen’ van problemen. Dat kan het realiseren van eigenaarschap bemoeilijken. We zetten daarom in op het verhogen van de zeggenschap zodat inwoners meepraten over onderwerpen die direct van invloed zijn op het dagelijks leven van henzelf en dat van buurt- of wijkbewoners. Dit versterkt het gevoel van eigenaarschap door inwoners en hun netwerken bij initiatieven in de wijken. De ervaringskennis van inwoners en de kennis en het netwerk van de professionals vullen elkaar aan, voeden elkaar en er is ruimte voor schuring en experiment. Samen met bewoners wordt ontmoeting gestimuleerd en gefaciliteerd, waarbij ook inwoners inspraak hebben op de invulling, beslissingen en de verdeling van de gelden. Meer en betere ontmoetingsruimten en publieke plekken waar mensen elkaar kunnen zien en uitwisselen zijn cruciaal. Dit vraagt om enig mandaat van inwoners en ‘regelluwe‘ budgetten. Maar het vraagt ook om mandaat en eigenaarschap van de uitvoerende professionals in de wijken, inclusief de samenleving en eindgebruikers.
De gemeente luistert, verbindt, stimuleert en brengt samen en stuurt vanuit een visie met leidende principes.
Aanbod en ondersteuning in de wijken dichtbij inwoners | Voor het versterken van de sociale basis van onze inwoners is het voor een deel nodig om aanbod en ondersteuning in de wijken nog dichterbij de inwoner en laagdrempelig te organiseren om allereerst hulpvragen te voorkomen, en als ze zich al voordoen, zo te organiseren dat inwoners weten waar ze voor welke hulpvraag terecht kunnen. Dichtbij betekent ook fysieke toegankelijk, emotionele nabijheid en persoonlijke betrokkenheid. Waar het gaat om lichte ondersteuning binnen de sociale basis, in aansluiting op zorg en sociaal domein, stuurt de gemeente op collectief maatwerk vanuit de netwerkomgeving en zet in op eenvoud van voorzieningen en regelingen.
HvA_preventie_literatuurstudie_29032021_B.pdf, pag 28.
9
Hierin speelt de sociale basis een rol in de signalering en doorverwijzing. De behoeften verschillen sterk per wijk of buurt en het aanbod moet aansluiten op de behoeften en ervaringen van inwoners. Binnen de welzijnsaanpak werken we daarom aan een monitor sociale basis. Deze monitor geeft ons per buurt of wijk inzicht wat er nodig is om beter aan te sluiten bij de behoeften van inwoners.
Het integraal benaderen van vraagstukken | De brede beweging vraagt allereerst om het bewustzijn dat we de aandacht moeten verleggen naar preventie en de sociale basis. Het vraagt ook om het integraal met elkaar naar vraagstukken kijken en het bieden van continuïteit. Om zodoende met dezelfde blik naar vraagstukken te kijken, mensgericht en waarbij de inwoner centraal staat. Initiatieven, plannen en ondersteuning in de sociale basis worden nog te vaak belemmerd door schotten in beleid of versplintering van beleid. Inwoners en gemeenschappen hebben geen boodschap aan (beleidsmatige) schotten. Het opheffen van die schotten, en/of het bij elkaar brengen van middelen vanuit verschillende financieringsbronnen in één budget, maakt bijvoorbeeld samenwerking tussen verschillende partijen veel gemakkelijker en doet recht aan de diversiteit en complexiteit van de samenleving. Met partners in de stad maken we eenduidige afspraken.
Wijkgericht denken, doen, werken en organiseren | We zien kansen om de sociale basis te versterken door wijkgerichter te werken en meer op wijkniveau te organiseren, in dialoog met de inwoners. Voor de welzijnsaanpak betekent dit de wijken nog beter leren kennen: te weten wat er goed gaat, wat er beter kan en moet, maar ook te weten welke kracht al aanwezig is in de wijken. Deze inzet vindt plaats in alle wijken van Delft, maar per buurt of wijk is er maatwerk nodig. Voor de brede beweging is er geen blauwdruk voor de hele stad, maar differentiëren we naar buurt of wijk om te bepalen welke vraagstukken er spelen en welke inzet er in welke intensiteit nodig is. Het is zoeken naar een balans tussen de vraagstukken in de wijken en buurten en de beschikbare middelen. Dit doen we door het aanbrengen van focus en uit te gaan van ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’, zoals we dit in Delft-West al hanteren. We hanteren ook een flexibele schil van stadsbrede inzet die incidentele interventies vraagt op basis van signalen vanuit de buurten en wijken. Voorts werken en bewegen sleutelfiguren en professionals in de sociale basis zich in de haarvaten van de straten, de buurten en wijken. Zij zijn als vaste gezichten onderdeel van een sociaal ecosysteem waarin vanuit de behoefte van inwoners ruimte is voor ontmoeting en ondersteuning met aandacht voor ontspanning en ontplooiing.
Dit vraagt om mandaat van de professionals om zelf te schakelen.
De bovengenoemde uitgangspunten vinden ook weerklank in het richtinggevend kader voor toegang en sociaal domein van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG)18. De VNG komt tot drie waarden voor de gemeentelijke toegang en lokale teams. Dit zijn: 1. dichtbij, 2. integraal werken en 3. met mandaat. De uitgangspunten sluiten ook aan bij motie (november 2022) ‘Breng zorg en ondersteuning nog meer terug de wijken in’19. De motie spreekt uit dat het essentieel is dat de toegang tot ondersteuning bij (vragen rondom) zorg en sociale dienstverlening laagdrempelig, goed toegankelijk en vindbaar en dichtbij mensen georganiseerd is. In de motie vraagt de raad een pilot aanpak uit te werken, gericht op Delft-West en daarbij ook helder te krijgen wat inwoners m.b.t. laagdrempelige toegang tot zorg en 18
Microsoft Word - Richtinggevend kader toegang lokale teams en integrale dienstverlening (vng.nl). Maart 2024.
19
Motie+4_1_42+Breng+zorg+en+ondersteuning+nog+meer+terug+de+wijken+in+-+VVD,+CDA,+HvD,+PvdA, +GrL,+OD,+SP+(aangenomen) (notubiz.nl).
10
welzijn missen en hoe dit te organiseren. We sluiten hierop aan door als gemeente een regisserende rol op de wijkaanpak te organiseren en zelf de wijken nog beter te leren kennen.
5.
Scenario’s voor de toekomstige inrichting van de welzijnsaanpak
Uitgangspunten voor inrichting van de welzijnsaanpak Met de huidige inrichting van de welzijnsaanpak en de inrichting van en sturing op de sociale basis kunnen we niet de gewenste stip op de horizon bereiken. Dit blijkt ook uit de probleemanalyse. Bij de aanpak om de sociale basis te verstevigen, zien we de noodzaak om een duidelijke knip te maken tussen de opdrachtgevende en de uitvoerende rol. Om de beweging naar de stip op de horizon te maken, hebben we de volgende uitgangspunten geformuleerd voor de inrichting van de welzijnsaanpak: Aansluiten bij visie | Fundamenteel moeten in de inrichting de uitgangspunten van de visie op de sociale basis centraal staan (waaronder ‘sociale verbinding’, ‘wijkgericht’, ‘integraal’, ‘dichtbij’). Over de opdrachtgevende rol: Richtinggevend | Er moet duidelijkheid zijn, door heldere communicatie, doelen en verantwoordelijkheidsverdelingen. Tegelijkertijd is de opdrachtgever dienend en ondersteunend in relatie met de stakeholders. Naarmate de sociale basis meer verstevigt, zal steeds meer nadruk komen te liggen op deze faciliterende en dienende rol. Kaderstellend | Opdrachten moeten scherp geformuleerd worden, met duidelijke doelen en resultaatafspraken. Daarbij focust de gemeente zich primair op het kaderen van het wát, terwijl het hóe gezamenlijk bepaald wordt. Inspraak en dialoog zijn cruciaal.
In gezamenlijkheid | Sturing kenmerkt zich door luisteren, verbinden en stimuleren. Langdurig | Continuïteit, duurzaamheid en toekomstbestendigheid zijn veelbepalende factoren, waarbij bestuurlijk commitment noodzakelijk is. Over de uitvoerende rol: Aanjager van het nieuwe welzijnswerk | De uitvoerende partij moet de visie na- en aanjagen. Met inzet op uitgangspunten als dichtbij, inclusief, saamhorigheid, elkaar willen helpen. De uitgangspunten hiervan moeten verankerd zijn in de organisatie: zij moet zo zijn en zo handelen. Dat betekent bijvoorbeeld dat de uitvoerende partij niet primair een zorgpartij wordt, maar een organisatie die een sterke sociale basis nastreeft: dat inwoners naar elkaar omkijken, zich vrijwillig inzetten en meedoen in de maatschappij, bijvoorbeeld. Vormgever van de transitie | Daarnaast zet de organisatie primair in op eigenaarschap, zeggenschap en eigen regie van inwoners, van verenigingen en van eigen initiatieven. Daarmee is zij de feitelijke aanjager van de transitie van patiënt/cliënt naar inwoner. De organisatie moet verder responsief zijn: luisterend, dienstbaar en meedenkend, zonder direct op te schalen of wat goed gaat uit handen te nemen. Gelijkwaardig | De uitvoerende organisatie moet nastreven dat er op basis van gelijkwaardigheid met inwoners en andere partners kan worden samengewerkt.
De organisatie moet betrouwbaar zijn en een gelijkwaardige partner in de gemeenschappelijke doelstellingen. Ook met betrekking tot bijvoorbeeld mantelzorgers en vrijwilligers. Dichtbij | De organisatie moet dichtbij, wijkgericht en flexibel kunnen opereren. Ze moet herkenbaar en laagdrempelig benaderbaar zijn. 11
Flexibel | Er moet in de inrichtingsvorm sprake zijn van voldoende flexibiliteit om toe te kunnen werken naar de geschetste stip op de horizon. Besluitvormig moet daarom gefaseerd gebeuren, omkeerbaar kunnen zijn en bijsturing moet mogelijk zijn vanuit de gemeente. Efficiënt | De eventuele organisatievorm moet zo doeltreffend mogelijk zijn. Dat betekent dat er sturing op financiën mogelijk moet zijn vanuit opdrachtgever. Tegelijkertijd moet de financiering voorspelbaar, regelluw en ontschot zijn. Financiering kan deels voortvloeien uit besparing uit duurdere zorg- en bestaanszekerheidskosten die de gemeente anders vergoed zou moeten hebben. Meetbaar | Er moet zicht zijn op behaalde resultaten. Bereikte doelstellingen moeten gemonitord kunnen worden en de verantwoordelijkheden moeten helder zijn. Daarbij moet deze organisatie leidend zijn in de transitie en heen kunnen kijken over de afzonderlijke doelstellingen van eigen organisatie en partners.
Scenario’s voor de opdrachtgevende rol Voor deze nieuwe aanpak is de opdrachtgevende rol cruciaal. In de huidige situatie is deze rol belegd over verschillende organisaties waardoor deze rol niet altijd eenduidig is. In het samenspel tussen inwoners, partners en de gemeente is het essentieel te weten wat er in de buurten speelt, wat er goed gaat, wat er speelt bij de inwoners, welke initiatieven vanuit de wijken eigenstandig worden geïnitieerd, welke prestaties er geleverd worden door de verschillende partners, maar ook wat ontbreekt en wat er aangejaagd moet worden. Dit vraagt om wijkgericht programmamanagement en we starten met de functie van wijkmanager in pilotvorm in Delft-West. Dat betekent verdiepen in de wijk, gesprekken voeren met de betrokken partijen, weten wat er speelt en bepalen welke slagen op inhoud en invulling van de rol gemaakt moeten worden. Om te weten of de inzet tot de gewenste effecten leidt, sturen we op meetbare doelen en resultaten. Dit doen we in dialoog met de inwoners en partners in de stad. Om hier goed sturing aan te geven, is er eigenlijk maar één scenario mogelijk voor deze rol/functie; deze rol wordt belegd bij de gemeente, en initieel gestart in Delft-West. Scenario’s voor de uitvoerende rol Voor de uitvoerende rol zijn verschillende scenario's onderzocht.
Voor de uitgangspunten verwijzen we naar de nota Rolneming ‘Vasthouden en Loslaten: kader voor gemeentelijke rolneming in de (net)werkende stad Delft 2016-2020’ en de nota Verbonden partijen ‘Over Delftse grenzen samenwerken, 2018’. Vanuit de mate van welke afstand gewenst is, zijn er verschillende mogelijkheden: het bestuurlijk zelf doen, het een ander laten doen (inkopen), een ander helpen het te doen (subsidie), het bestuurlijk samen doen, of niet(s) doen. Omdat er sprake is van een Delfts publiek belang valt ‘niet(s) doen’ af. Van ‘samen doen’ is geen sprake, omdat het om een lokale en geen regionale taak gaat. We hebben de scenario’s van subsidie, inkoop en verbonden partij onderzocht. Scenario’s subsidie en inkoop Bij subsidie geldt dat de gemeente de uitvoering van taken overlaat aan anderen en hiervoor een financiële compensatie beschikbaar stelt. Van deze situatie was de afgelopen tien jaar sprake. Bij inkoop geldt dat de gemeente de uitvoering van taken overlaat aan anderen en hiervoor een opdracht verstrekt tegen een volledige vergoeding en eventuele winstmarge. In beide gevallen moet er een brede uitvraag gedaan worden en is er gerede kans dat regionaal of landelijk opererende welzijnsorganisaties inschrijven. Dergelijke (grote) organisaties hebben vaak een goed uitgeruste afdeling voor het inschrijven op aanbestedingen.
In dat geval is het aannemelijk dat de huidige medewerkers van de huidige organisaties overgaan van onderneming en (tijdelijk) in dienst komen bij een nieuwe partij. Ervaring leert dat de bestuurlijke geworteldheid in Delft van deze nieuwe partij ontbreekt. Het is twijfelachtig of commitment en betrokkenheid vanuit management en bestuur van die partij exclusief gericht is op Delft. Wij veronderstellen dat de financiën die Delft beschikbaar kan 12
stellen voor de welzijnsaanpak ervoor zorgt dat Delft een kleine speler is, in vergelijking met andere gemeenten. Het gevolg hiervan is dat het commitment en de investering in tijd en middelen om de stad en mensen te leren kennen beperkt zullen zijn en er onvoldoende aandacht is voor innovatie en doorontwikkeling van de medewerkers. Voor zowel subsidie als inkoop geldt dat er weliswaar meerjarige afspraken gemaakt kunnen worden, maar echte continuïteit kan daarmee niet echt geborgd worden. De verwachting is dat de sturingsrol vanuit de gemeente beperkt zal zijn. Om de echte beweging te maken, is het nodig om in buurten en wijken duurzame netwerken en verhoudingen te realiseren tussen inwoners en professionals. Dit staat haaks op de logica van de marktwerking, dus het aanjagen van concurrentie tussen aanbieders die door het aanbesteden van diensten wordt bevorderd. ‘Want bij gemeenschapsversterking is er geen sprake van een markt met concurrerende aanbieders. Het draait daarbij immers om inwoners in buurten en dorpen, die publieke waarden voortbrengen, met een bijdrage van professionals. En als er geen concurrerende aanbieders zijn, heeft aanbesteden dus ook geen logica.‘ (uit: interview Jos van der Lans20). Daarnaast zijn efficiëntie en kostenbesparing geen leidende uitgangspunten voor de toekomstige inrichting van de welzijnsaanpak.
Scenario (onderdeel van) verbonden partij Eén van de uitgangspunten is dat de inwoner centraal staat, waarbij de uitvoerende professional een cruciale faciliterende en stimulerende rol wordt toebedeeld. Een rol die een andere inzet en deels andere capaciteiten vraagt. Wij geloven dat we deze beweging het beste kunnen faciliteren door: 1. de regie en de coördinatie op de welzijnsaanpak als gemeente zelf in handen te nemen, 2. en de uitvoering dichter bij de gemeente te organiseren. In de brede beweging werken we toe naar het welzijnswerk als basisvoorziening die duurzaam en vanzelfsprekend behoort tot de sociale infrastructuur van een stad en een wijk. Het ligt voor de hand om, in antwoord op deze uitgangspunten, een Delftse partij op te (laten) richten die bestuurlijk geworteld is in Delft en directer verbonden is aan de gemeente, in lijn met de filosofie van de regiegemeente. Wij veronderstellen dat dit commitment doorstraalt naar de medewerkers van de organisatie. En wij veronderstellen dat – sturend bij oprichting en opdrachtverstrekking, in tijd en aandacht – exclusieve betrokkenheid, ruimte voor inbreng, doorontwikkeling en deskundigheidsbevordering van medewerkers en ruimte voor experiment en innovatie de professionals in hun kracht zet om nog meer toe te groeien naar de gewenste stip op de horizon.
Wij geloven erin dat als wij willen dat inwoners gezien en gehoord worden, dit begint bij een professional die gezien en gehoord wordt.
6. Voorkeursscenario en fasering Op basis van de huidige ervaringen is het uitgangspunt dat we geen brede uitvraag (meer) willen voor de welzijnsaanpak. Zoals ook uit alle eerder genoemde onderzoeken en adviezen naar voren komt, zijn continuïteit in de dienstverlening en vaste gezichten in de wijken een belangrijke voorwaarde voor de versterking van de sociale basis. Dit vraagt onder meer om meerjarige financiering en bestuurlijk commitment dat geworteld is in Delft. Daarmee vallen subsidie en inkoop buiten het voorkeursscenario. Om de gewenste beweging te maken, sluit het voorkeursscenario het beste aan bij het inrichten en verbinden van een Delftse partij. Hierdoor kan aan professionals continuïteit geboden worden in financiering en contractering. Zodoende is het mogelijk perspectief te bieden en te investeren in de ontwikkeling van medewerkers. Deze partij kan daardoor hopelijk een aantrekkelijke 20
'Jos van der Lans legt de vinger op de zere plek van aanbesteden' - Zorg+Welzijn.
13
werkgever zijn in de huidige (overspannen) arbeidsmarkt. Om elkaar scherp te houden, worden binnen het financieringsarrangement met deze Delftse partij leer- en ontwikkelopgaven opgenomen. Met betrekking tot een Delftse partij zijn er twee mogelijkheden: het oprichten van een nieuwe partij óf aansluiten bij een bestaande partij. Het oprichten van een nieuwe partij heeft als voordeel dat er als het ware een frisse start gemaakt kan worden. Nadelen zijn de hoge frictie- en overheadkosten, rolonduidelijkheid met betrekking tot een nieuwe partij en bovenal dat het oprichten van een nieuwe partij een langdurig traject is. Urgentie In aanloop naar een nieuwe inrichting van de sociale basis heeft de gemeente de subsidierelaties met de huidige partners van Delft voor Elkaar opgezegd per 1 januari 2026. Dit geeft de noodzaak om met ingang van 1 januari 2026 een nieuwe structuur te hebben ingericht zodat (het grootste deel van) de activiteiten binnen de welzijnsaanpak per die datum gecontinueerd worden. Binnen het tijdsbestek van 1 jaar is het niet mogelijk om te komen tot een volledig ingerichte en zelfstandig opperende Delftse welzijnspartij. Om de continuïteit van de dienstverlening van de welzijnsaanpak voor inwoners te borgen, is het (tussentijds) aansluiten bij een al verbonden partij van de gemeente een voor de hand liggende optie.
We denken hierbij aan Delft Support, waarbij het mogelijk is dat er een team welzijn wordt toegevoegd aan de huidige structuur van Delft Support, of als separaat onderdeel onder Delft Support te voegen. Dit heeft een aantal voordelen: Hiermee nemen we (beleidsmatige) schotten weg tussen het huidige Delft voor Elkaar en Delft Support. De inrichting hiervan kan op korte termijn gebeuren, vraagt weinig frictiekosten en zorgt voor snelle duidelijkheid bij betrokken partijen en organisaties. Delft Support sluit aan bij veel van de gewenste uitgangspunten voor de uitvoerende partij zoals geschetst bij de inrichting van het welzijnswerk. Daarnaast is doorontwikkeling naar uitgangspunten zoals ‘meer wijkgericht’ en ‘dichtbij’ mogelijk door de al vormgegeven governance. Hierboven wordt de eerste stap geschetst aan welke uitgangspunten de partij moet voldoen en hoe dit ingericht kan worden. Daarbij zijn nog de volgende belangrijke kanttekeningen te maken. Een systeemverandering is geen wondermiddel. Het versterken van de sociale basis past binnen de grotere beweging in het sociaal domein. Daarom is deze transitie breder. Bij de beweging die we willen maken, moeten we ook rekenschap geven van een noodzakelijke cultuuromslag en inzetten op ontschotting om te voorkomen dat dit tot hogere kosten leidt.
Ook dienen we te voorkomen dat het welzijnswerk vanuit het stadskantoor wordt georganiseerd in plaats van in de wijken. In het verdere traject zal nadrukkelijk aandacht zijn voor de cultuuromslag en ontschotting. Dit om te voorkomen dat nieuwe schotten worden opgeworpen. Wanneer het voorkeursscenario nader wordt uitgewerkt, raakt dit bovenal mensen. Het raakt de direct betrokkenen zoals de medewerkers van diverse organisaties. Maar het raakt ook de kwetsbare inwoners van Delft die van het ondersteuningsaanbod gebruik maken. Ook kan de genoemde beweging tot vragen en zorg bij partners in de stad leiden. Daar moet zorgvuldig mee omgegaan worden. In het verdere traject zal hier blijvend aandacht voor zijn. Voorop staan de continuïteit voor medewerkers en continuïteit van de dienstverlening van de welzijnsaanpak voor inwoners van Delft.
14
We zien kansen om met frisse blik te kijken of de huidige rol- en taakverdeling voor de werkzaamheden die worden uitgevoerd (zowel rechtmatig als doelmatig) nog op de juiste manier belegd zijn. Ook hier zal in het verdere traject aandacht aan gegeven worden.
Na een periode van twee jaar zal bekeken worden of deze constructie de gewenste beweging ondersteunt of dat het oprichten van een aparte Delftse partij die de welzijnsaanpak uitvoert alsnog wenselijk is.
Bronnen We hebben ons gebaseerd op onderstaande onderzoeken, rapporten en bronnen:
Adviesrapport Sociale basis in Delft. Adviesbureau Lorenz, 2024. Adviesrapport Scenarioplanning Delft. Adviesbureau Lorenz, 2024. Gespreksnotitie De Sociale Basis in Delft II. Adviesraad Sociaal Domein. Januari 2023. Advies Sociale Basis – ‘Doe je mee in Delft?’. Adviesraad Sociaal Domein. Mei 2024. Richtinggevend kader Toegang, lokale teams en integrale dienstverlening. Vereniging Nederlandse Gemeenten, maart 2024. Advies voor dienstverlening & samenwerking. Gids voor professionals. Muzus het onderwerpbureau voor sociale vraagstukken, februari 2024. De sociale basis versterken, investeren in de toekomst, Movisie/Verwey Jonker, september 2024. Nota Rolneming: Vasthouden en Loslaten: kader voor gemeentelijke rolneming in de (net)werkende stad Delft 2016-2020 Nota Verbonden partijen: Over Delftse grenzen samenwerken, 2018 Op weg naar verlichting, De ervaring van Delftse inwoners met onafhankelijke cliëntondersteuning. Muzus, 2024. Koersdocument Maatschappelijke Voorzieningen, Hospitality Group (verwacht eind 2024)
15