Verzoek om maatwerk en flexibiliteit bij opvang alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV) in Drenthe
Tekst van het document
proaincieh uis Westerbrink r, Assen postadres Postbus rzz, 94oo ac Assen
(o592) 36 56 o4
www.drenthe.nl
pro'uincieprenthe
cornmissaris aan de Koning in d.e proaincie Drenthe
Ministerie van Asiel en Migratie T.a.v. minister Faber Postbus 20301.
2500 EH Den Haag
Assen, 8 mei2025 Ons kenmerk: 2025000619
Onderwerp:Verzoek om maatwerk en flexibiliteit bijopvang alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV) in Drenthe
Geachte mevrouw Faber, ln de provincie Drenthe hebben wij samen met alle gemeenten en in lijn met de heldere uitgangspunten van de Spreidingswet een verdeling van de asielopgave opgesteld. Deze verdeling, ook wel bekend als de 'Drentse puzzel', is met grote inzet en zorgvuldigheid tot stand gekomen.
Onderdeel hiervan is de bereidheid van een aantal Drentse gemeenten om opvang te bieden aan 50 alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV's). Deze bereidheid is inmiddels vastgelegd in het verdeelbesluit. Op dit moment zijn gemeenten in gesprek met het COA en hun inwoners over de realisatie van geschikte opvanglocaties voor deze jongeren. ln deze gesprekken ervaren gemeentebesturen veel maatschappelijke weerstand. Dit komt mede doordat het landelijke beleid van het COA uitgaat van opvanglocaties met minimaal 50 alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV's), lnwoners maken zich zorgen over de impact van zo'n relatief grote groep jongeren op de leefbaarheid, sociale veiligheid en de beschikbare voorzieningen - vooral in kleinere dorpen. De opvang van 50 AMV's heeft in een kleine gemeenschap nu eenmaal een andere impact dan in een stedelijke omgeving. Ook voor de jongeren zelf draagt een kleinschaligere opvang bij aan een betere integratie, omdat zij in kleinere groepen meer individuele aandacht krijgen en gemakkelijker onderdeel worden van het lokale sociale leven. Het COA begrijpt deze zorgen en wil gemeenten graag tegemoetkomen door meer flexibíliteit in de omvang van opvanglocaties mogelijk te maken. Kleinschaligere locaties zouden daarbij een optie zijn. Het COA geeft echter aan dat dit meer personeel vergt, wat in de huidige arbeidsmarkt een uitdaging is.
Belangrijker nog: het COA heeft onvoldoende ruimte om af te wijken van de kaders waar het aan moet - en wil - voldoen. Door deze kaders is de kostprijs per opvangplek alleen binnen de huidige rijksfinanciering haalbaar bij een minimale omvang van 50 AMV's.
Tijdens het overleg van de Provinciale Regietafel op 1-1 april 2025- waarbijvertegenwoordigers van de Drentse gemeenten, het COA en uw ministerie aanwezig waren - is deze problematiek besproken. Het COA lichtte toe dat, gelet op het bovenstaande, een andere en ruimere financiering nodig is om opvanglocaties met minder dan 50 plekken te kunnen realiseren. De gemeenten hebben aangegeven dat, waar nodig en wenselijk, kleinschaligere opvang echt mogelijk zou moeten zijn - en dringen daar dan ook nadrukkelijk op aan. Namens de Drentse gemeenten vraag ik u dan ook om ruimte voor lokaal maatwerk, zodat opvangvoorzieningen beter aansluiten bij de schaal en draagkracht van onze dorpen. Wij hopen op uw begrip en medewerking om dit mogelijk te maken, zodat gemeenten samen met het COA kunnen zorgen voor een menswaardige opvang die recht doet aan zowel de doelgroep als de ontvangende gemeenschap.
Wij zien uw reactie met belangstelling tegemoet. Met vriende
t,
unsma
Voorzitter Provinciale Regietafel Drenthe