Verslag 2e fase begrotingsonderzoek 2025
Tekst van het document
Provinciehuis Westerbrink 1 Assen Postadres Postbus 122, 9400ACAssen
+31 592365555 post@drenthe.nl
www.provincie.drenthe.nl
volg ons op ()
•
O
Aan: de raad van de gemeente De Wolden Postbus 20 7920AA ZUIDWOLDE
provincieDrenthe Gemeente De Wlde ngekomen
zaak nr:
22 JUZZ
cloc.nr: ircielirìo
ilsiililiilliillililiiiliilliill
Assen, 21 juli 2025 Ons kenmerk 32/BPJ/2025001033 Behandeld door de heer G.C. van Geffen (0592) 36 55 80 Onderwerp: Verslag 2e fase begrotingsonderzoek 2025
Geachte raad, ln onze briefvan 17 december 2024, kenmerk 51/5.13/2024001874, hebben wij u meegedeeld dat wii besloten hebben tot het van toepassing verklaren van het repressief financieel toezichtregime voor het begrotingsjaar 2025, en de begroting van uw gemeente voor kennisgeving aan te nemen. Dit op grond van het eerste fase onderzoek (onderzoek op hoofdlijnen) naar uw financiële positie. lnmiddels hebben wij het meer gedetailleerde tweede fase begrotingsonderzoek afgerond. De resultaten van dit onderzoek zijn op 25 juni 2025 door onze ambtelijke toezichthouders met een delegatie van uw gemeente besproken. Het verslag van het overleg is als bijlage bij deze brief gevoegd. ln dit verslag treft u op hoofdiijnen opmerkingen, verbeterpunten en eventueel gemaakte afspraken aan zoals die zijn besproken. Een afschrift van deze brief zenden wij aan het college van Burgemeester en Wethouders van uw gemeente. Hoogachtend, G n
drs. R.J. Valkema themamanager Bestuur, Public Affairs & Juridische zaken Bijlage Verslag 2e fase begrotingsonderzoek gemeente De Wolden Afschrift aan het college van Burgemeester en Wethouders van De Wolden, Postbus 20, 7920 AA Zuidwolde
Verslag 2e fase begrotingsonderzoek gemeente De Wolden — woensdag 25 iuni 2025 Aanwezig namens de gemeente: de heren R. Hooch Antink, H. van ljzendoorn, J. de Boer, R. Zwart, E. Veurink en B. Krom en de dames A. Assink en M. Niemeyer Aanwezig namens de provincie: de heer G.C. van Geffen en de dames l. van der Laan en H. Wolters Gesproken over: • de begroting over 2025 is tijdig ingediend en er is in het begrotingsjaar sprake van structureel en reëel evenwicht (SRE). De meerjarenraming is niet siuitend gepresenteerd. Er zijn door de toezichthouder correcties toegepast daar waar budgetten naar aard structureel zijn. De provincie zal de gemaakte correcties toezenden, hebben betrekking op de bijdrage aan de Omgevingsdienst en enkele kleinere correcties op het overzicht van incidente!e baten en lasten; • het komende begrotingsjaar en het meerjarig perspectief. Desgevraagd geeft de provincie aan dat wanneer het begrotingsjaar 2026 niet structureel en reëel in evenwicht is, in de meerjarenraming aannemelijk moet worden gemaakt dat dit evenwicht uiterlijk in 2029 tot stand zal worden gebracht; • de gemeente geeft aan dat het ombuigingenboek deels is verwerkt in de Kadernota. De Kadernota laat een gunstiger beeld zien onder andere door een voorschot van 80% op de voorjaarsnota.
De gemeente ¡s voornemens gebruik te maken van de mogelijkheid om een deel van het surplus binnen de Algemene reserve als structureel dekkingsmiddel in te zetten, waarbij rekening wordt gehouden met de voorwaarden. Wel wordt als gevolg van de Kadernota een lagere inzet hiervan verwacht. De inzet van deze middelen wordt tijdig afgestemd met de provincie; • taakstellingen. De gemeente geeft desgevraagd aan dat de opgenomen taakstellingen voor 2026 gerealiseerd kunnen worden door de leges. De besluitvorming hierover zal nog plaatsvinden in 2025. De taakstellingen in het meerjarenperspectief zijn minder hard. De provincie geeft aan dat taakstellingen worden beoordeeld op hardheid en haalbaarheid. Dit betekent dat ze concreet en ten minste op programmaniveau ingevuld moeten zijn. Het proces om dit te concretiseren moet ook vastliggen. En vraagt aandacht om de taakstellingen van een goede toelichting te voorzien; • kengetallen. De provincie geeft aan dat de berekende structurele exploitatieruimte niet juist lijkt te zijn, deze zouden op grond van de cijfers hoger moeten zijn. De gemeente gaat dit na; onderhoud kapitaalgoederen. Desgevraagd geeft de gemeente aan dat de Nota kapitaalgoederen naar verwachting in september in de Raad behandeld kan worden. Ook Wegen en Groen zullen dit jaar geactualiseerd worden. De plannen voorzien in onderhoudsniveau B en C.
De gemeente geeft aan dat het huidige onderhoudsniveau hoger is dan de norm. De huidige budgetten zijn dan ook leidend voor de beheerplannen. De gemeente gaat ervan uit dat de budgetten toereikend zijn om het vastgesteld onderhoudsniveau te halen en te behouden. De provincie vraagt aandacht voor het opnemen van geactualiseerde gegevens in het informatieformulier bij de Begroting 2026 op dit onderdeel: geprognosticeerde balans. De provincie geeft aan dat ondanks verbeteringen ten opzichte van de vorige begroting er nog wat aandachtspunten zijn. De tellingen zijn niet juist en de balans sluit nog steeds niet aan op het overzicht van reserves en voorzieningen. De provincie vraagt hier aandacht voor;
3
•
•
•
•
•
•
•
•
overzicht incidentele baten en lasten. Voor het begrotingsjaar zijn enkele correcties doorgevoerd daar waar budgetten naar aard structureel zijn. De toeiichting is bepalend of iets als incidenteel kan worden aangemerkt. Verder sluit het overzicht voor wat betreft de reservemutaties niet geheel aan bij het overzicht van reserves en voorzieningen en ontbreekt een overzicht van structurele toevoegingen en onttrekkingen. De provincie vraagt hier aandacht voor; de gemeente geeft desgevraagd aan dat zij bij de berekening van de Algemene uitkering nog steeds constante prijzen hanteert en deze op basis van de Meicirculaire raamt. De methode van lopende prijzen kan volgens de provincie een meer realistischer beeld geven. De gemeente is voornemens om bij de Kadernota 2027 na te gaan of zij dat ook willen gaan toepassen. De provincie vraagt of de berekeningen van de Algemene uitkering bij de inzending van de Begroting 2026 meegezonden kunnen worden. De gemeente pakt dit op; weerstandsvermogen. Uit de paragraaf blijkt niet of er een norm ten aanzien van de gewenste ratio of ten aanzien van een gewenste hoogte van de Algemene Reserve is vastgesteld. De gemeente geeft aan dat dit nog niet het geval is.
Aangegeven wordt dat zij het belang hiervan zien en dat zij het gesprek in de gemeente willen gaan voeren hoe je de balans tussen de risicos en het gewenste weerstandsvermogen ziet; de onbenutte belastingcapaciteit. De provincie geeft aan dat de onbenutte belastingcapaciteit meegenomen mag worden in de berekening van de weerstandsratio. Verder wordt aangegeven dat de opgenomen berekening in de Begroting 2025 lager is dan deze feitelijk is; lokale heffingen. De provincie geeft aan dat het opgenomen dekkingspercentage in de paragraaf niet juist lijkt te zijn. Deze is hoger opgenomen dan deze in werkelijkheid is. De gemeente pakt dit op bij de Begroting 2026. Verder is de opbouw van de WOZ-waarden niet helder, de provincie vraagt hier aandacht voor; verbonden partijen. De ramingen voor de gemeentelijke bijdragen zijn niet in alle gevallen opgenomen in de paragraaf. Daarmee is niet helder of de ramingen overeenkomen met de vastgestelde begroting van de verbonden partijen. Zo is de raming voor de bijdrage Publiek Vervoer niet opgenomen in de paragraaf. Verder zijn de bijdragen die zijn opgenomen in de paragraaf niet in alle gevallen gelijk aan de begroting van die verbonden partij. De provincie vraagt hier aandacht voor; grondbeleid.
De provincie geeft aan dat de opgenomen bedragen in de Begroting niet overeenkomen met hetgeen is vermeld op het inlichtingenformulier bij de begroting en vraagt hier aandacht voor; de Jaarrekening 2023 en 2024. De provincie geeft aan dat de structurele component in de Jaarrekening 2023 groter lijkt te zijn dan door de gemeente aangegeven op het inlichtingenformulier bij de Begroting 2025. Desgevraagd geeft de gemeente aan dat vaststelling van de jaarrekening 2024 is voorzien in de vergadering van 4 juli 2025. ln concept zijn de stukken inclusief een goedkeurende verklaring van de accountant aan de raad toegezonden. De jaarrekening sluit met een positïef resultaat van € 2,4 miljoen. Voorgesteld wordt een deel hiervan toe te voegen aan de Algemene Reserve.