Notitie DES
Tekst van het document
Dorps Energie Strategieën Notitie over de ondersteuning van lokale energie-initiatieven
Inhoudsopgave 1.
Inleiding ....................................................................................................3 1.1.
Doelstelling .............................................................................................3
1.2.
Scope van deze notitie ..............................................................................4
2.
Ondersteuning aan lokale energie-initiatieven .................................................5 2.1.
Dorps Energie Strategieën .........................................................................5
2.2.
In kaart brengen van lokale energie-initiatieven en/of plannen .......................6
2.3.
Benutten van de kennis die er al is .............................................................6
2.4.
Ondersteunen wat er op gang komt of wat al aan de gang is ..........................6
3.
Voorwaarden voor financiële ondersteuning...................................................10 3.1.
Uitgangspunten ......................................................................................10
2.2. Definities kleine en grote lokale energie-initiatieven ........................................10 2.4. Voorwaarden voor financiële ondersteuning ...................................................11 2.5. Inzetbaarheid en voorwaarden van de financiële ondersteuning ........................11 4.
Begroting .................................................................................................14
Pagina 2 van 14
1.
Inleiding
In 2040 wil gemeente De Wolden haar eigen energieverbruik duurzaam opwekken. Om dit te behalen willen we in 2030 70% van ons elektriciteitsverbruik duurzaam opwekken en ons gasnetwerk voor 100% gevuld hebben met groengas. In 2040 willen we vervolgens 100% van ons elektriciteitsverbruik duurzaam hebben opgewekt. Dit is een grote opgave die we alleen samen kunnen realiseren. Samen met onze inwoners, ondernemers en andere betrokkenen in de gemeente. In de Energiestrategie De Wolden 2025-2040 wordt daarom het belang van lokale energie-initiatieven benadrukt. Een lokaal energie-initiatief is een groep mensen die samen hun dorp of buurt willen vergroenen. Dat doen ze door met buurtgenoten duurzame energie of warmte op te wekken en/of de buurt te helpen met het besparen van energie. Lokale energieinitiatieven kunnen informeel van aard zijn, of op een formele manier zijn georganiseerd in de vorm van een energiecoöperatie1 en/of een energiegemeenschap2.
In de Energiestrategie wordt een splitsing gemaakt tussen de opgave voor 2030 en die voor 2040. De opgave voor 2030 betekent op het gebied van duurzame elektriciteit een invulling van de Regionale Energie Strategieën Drenthe (RES). Deze opgave is gebonden aan landelijk en provinciaal gemaakte afspraken en kaders. De opgave voor 2040 biedt meer ruimte voor alternatieve oplossingen en daarbij willen we met de Dorps Energie Strategieën (DES) ook de ruimte geven aan dorpen om hun eigen duurzame energie of warmte op te wekken, te besparen, op te slaan Als gemeente willen we gebruik maken van de initiatieven en ideeën van onze eigen inwoners op het gebied van duurzame energie, -opslag en -besparing. Met deze notitie maken we duidelijk hoe onze ondersteuningsstructuur voor lokale energie-initiatieven eruitziet. Daarmee is deze notitie een verdere uitwerking van de Energiestrategie.
1.1. Doelstelling Met onze ondersteuningsstructuur voor lokale energie-initiatieven willen we het volgende bereiken: 1. Het bieden van een ondersteuning voor lokale energie-initiatieven, zodat er in al onze dorpen ten minste één lokaal energie-initiatief kan worden opgericht en gerealiseerd. 2. Het bieden van mogelijkheden voor lokale energie-initiatieven om alternatieve oplossingen of plannen op te stellen voor het behalen van de RES-doelstelling in de vorm van onderzoeken. 3. Het samen met de lokale energie-initiatieven realiseren van de resterende gemeentelijke opgave om in 2040 100% duurzame elektriciteit op te wekken (ongeveer 0,04 – 0,06 TWh).
1 Een energiecoöperatie is een juridische entiteit en staat ingeschreven bij de Kamer van
Koophandel. De coöperatie richt zich in de praktijk vaak op het opwekken, besparen, lokaal verbruiken en/of besparen van duurzame energie en/of warmte. 2 Een samenwerking waar bewoners, ondernemers, overheden en andere betrokkenen in een gebied onderdeel van uit kunnen maken. Deze omgevingspartijen kunnen eigenaar zijn van (een deel van) de productie-installatie, maar kunnen de opgewekte stroom ook delen, opslaan of verkopen. Dit past bij het nieuwe energiesysteem, dat een lokaal karakter kent. Vaak krijgt de energiegemeenschap vorm in een energiecoöperatie.
Pagina 3 van 14
4. In combinatie met het Warmteprogramma, samen met de lokale energieinitiatieven, werken aan een DES per dorp en/of afgebakend gebied met ten minste de focus op een aardgasvrije warmtevoorziening.
1.2. Scope van deze notitie Deze notitie gaat over de ondersteuning van lokale energie-initiatieven die aan de slag willen met het opwekken, besparen, lokaal gebruiken en/of opslaan van duurzame elektriciteit en/of warmte. Maar duurzaamheid is breder dan alleen energie. Er zijn ook initiatieven die zich bijvoorbeeld richten op meer groen in de wijk, of op circulariteit. Om die reden willen we ook lokale energie-initiatieven steunen die breder zijn dan alleen de energietransitie. Dit doen we in samenwerking met onze partners. De ‘aanjager lokale energie-initiatieven3’ is ondersteunend voor een goede afstemming en het leggen van verbinding met deze partners.
De ‘aanjager lokale energie-initiatieven’ is het centrale aanspreekpunt binnen de gemeente die lokale energie-initiatieven ondersteunt en begeleidt met het maken van hun plannen en het (eventueel) zoeken naar financieringsmogelijkheden of ondersteuningsmogelijkheden die buiten de gemeente worden aangeboden. 3
Pagina 4 van 14
2. Ondersteuning aan lokale energie-initiatieven In dit hoofdstuk maken we duidelijk op welke manier we ondersteuning bieden aan lokale energie-initiatieven en hoe de verschillende ondersteuningsinstrumenten zich tot elkaar verhouden. Eerst gaan we in op de Dorps Energie Strategieën en vervolgens op de verschillende ondersteuningsstructuren.
2.1. Dorps Energie Strategieën Met de DES krijgen dorpen en/of samenwerkende gebieden de mogelijkheid om eigen lokale energie-initiatieven op te zetten. De gemeente wil deze initiatieven de ruimte geven om de resterende energie-opwekopgave richting 2040 in te vullen. Daarbij zien we een koppelkans met de warmtetransitie waarbij ieder dorp en/of afgebakend gebied door middel van een Uitvoeringsplan helderheid krijgt over de transitie naar een duurzame warmtevoorziening. In De Wolden kiezen we ervoor om de opwekopgave te combineren met de warmtetransitie door middel van een DES, zoals we ook in Ansen hebben gedaan4. Daarbij willen we initiatieven die vanuit de dorpen zelf komen ondersteunen. Lokale energie-initiatieven die zich richten op het besparen, opwekken of opslaan van duurzame energie, en/of die zich richten op het duurzaam verwarmen van gebouwen, kunnen ondersteuning krijgen van de gemeente om een plan uit te werken en waar mogelijk uit te voeren. Bij het opstellen van de plannen hebben we meerdere gesprekken gevoerd met lokale energie-initiatieven om hun ondersteuningsbehoefte scherp te krijgen. Ook hebben we lessen getrokken uit de Proeftuin Aardgasvrije Wijken in Ansen.
Figuur 1: Ondersteuningsstructuur lokale energie-initiatieven
Met de ondersteuningsstructuur die de gemeente aanbiedt willen we lokale energieinitiatieven helpen met het maken en uitvoeren van hun eigen DES. In het bovenstaand
4 https://dewoldengeeftenergie.nl/aardgasvrijansen/
Pagina 5 van 14
figuur staat weergegeven hoe deze structuur eruitziet. Onderstaand gaan we per pijler in op de werking ervan.
2.2. In kaart brengen van lokale energie-initiatieven en/of plannen In onze dorpen zijn inwoners bezig met de energietransitie of met duurzaamheid in brede zin. Om de lokale energie-initiatieven goed te kunnen ondersteunen vinden we het belangrijk om in beeld te krijgen welke initiatieven er al zijn en welke plannen er in de dorpen al liggen. Daarbij gebruiken we de Dorpsvisie als vertrekpunt. Hierover gaan we ook in gesprek met Dorpsbelangen. Daarbij kijken we welke ondersteuning we kunnen bieden en in hoeverre de plannen aansluiten op gemeentelijke ambities, of dit in toekomst kunnen doen
2.3. Benutten van de kennis die er al is Er is in onze gemeente veel kennis aanwezig op het gebied van duurzaamheid en de energietransitie. Zo zijn er lokale energie-initiatieven actief met het aardgasvrij maken van hun dorp, het opwekken van duurzame energie en/of het verduurzamen van woningen. Daarbij hebben de initiatieven kennis en ervaring opgedaan. Ook zijn bewoners zelf aan de slag gegaan met bijvoorbeeld het verduurzamen van hun woning. We vinden het belangrijk dat deze kennis wordt gedeeld zodat alle lokale energieinitiatieven in onze gemeente kunnen profiteren van de reeds opgedane kennis en ervaringen. Ook vinden we het belangrijk dat deze kennis een plek krijgt in gemeentelijk beleid. Daarom zetten we, mede op verzoek vanuit de samenleving, een Denktank energietransitie op waar lokale energie-initiatieven, Dorpsbelangen, betrokken inwoners en andere geïnteresseerden bij elkaar kunnen komen om mee te denken op het gebied van duurzame energie en met gemeentelijk beleid op het gebied van de energietransitie. Deze denktank wordt gefaciliteerd door de gemeente en geïnteresseerden kunnen zich hiervoor bij de gemeente aanmelden via de ‘aanjager lokale energie-initiatieven’.
De denktank komt in principe eens per kwartaal bij elkaar en we zien de volgende mogelijkheden voor de denktank: • Het delen van kennis en ervaringen met elkaar, ter inspiratie voor andere lokale energie-initiatieven. • Het onderzoeken van de mogelijkheden voor innovatieve mogelijkheden om duurzame energie op te wekken, op te slaan, te besparen en/of lokaal te verbruiken. • Het adviseren van de gemeente op het gebied van beleid voor de energietransitie. • Het vinden van samenwerkingsmogelijkheden tussen verschillende initiatieven en/of projecten. • Andere opties die vanuit de denktank zelf naar voren komen en onze ambities ondersteunen. Daarnaast staan we ook open voor andere vormen waarin inwoners en andere geïnteresseerden mee willen denken en willen participeren bij de energietransitie.
2.4. Ondersteunen wat er op gang komt of wat al aan de gang is Veel lokale energie-initiatieven willen aan de slag, of zijn al aan de slag met het opwekken, opslaan, besparen en/of lokaal verbruiken van duurzame energie en/of warmte. De gemeente wil deze initiatieven graag ondersteunen. In de Energiestrategie
Pagina 6 van 14
DES-loket
staat omschreven dat we hiervoor een DES-loket gaan opzetten. Bij dit online loket kunnen lokale energie-initiatieven zich aanmelden. Een hiervoor aangestelde ‘aanjager lokale energie-initiatieven’ zal vervolgens met de initiatiefnemers kijken naar de mogelijkheden en welke ondersteuning er nodig is. Denk aan financiële ondersteuning in de vorm van subsidie, aan ondersteuning bij het maken van een plan, of bij het bepalen in hoeverre het plan kansrijk is. De lokale energie-initiatieven kijken samen met de ‘aanjager’, die de initiatieven gedurende het gehele proces zal begeleiden, naar de verschillende mogelijkheden. Deze mogelijkheden zijn zowel eigen regelingen, als juist ook aansluiten bij bestaande en toekomstige provinciale en landelijke regelingen. De komende periode zal het platform online beschikbaar komen en kunnen lokale energieinitiatieven zich aanmelden via www.dewoldengeeftenergie.nl/des. Het DES-loket bestaat uit meerdere pijlers (zie figuur 2) waar we onderstaand op ingaan.
Reisbegeleiding: ondersteuning bij het maken en uitwerken van plannen van lokale energieinitiatieven door 'aanjager'
Subsidieregeling: subsidie voor het uitvoeren van activiteiten door lokale energieinitiatieven
Pilot energiemanagementsysteem: twee pilots voor energiemanagementsystemen in twee dorpen of afgebakende gebieden (hiervoor volgt een apart plan van aanpak). Onderzoekskosten DES & inwonersalternatieven: financiële middelen voor specifieke onderzoeken voor de DES of voor inwonersalternatieven binnen de RESvoorwaarden van de gemeente
Figuur 2: Schematische weergave DES-loket
Reisbegeleiding Uit gesprekken met lokale energie-initiatieven blijkt dat het voor lokale energieinitiatieven vaak lastig is om een duurzaam project te organiseren en te realiseren. Vaak loopt men tegen onduidelijke wet- en regelgeving aan, weten initiatiefnemers niet welke ondersteuning er is of bij wie men voor de ondersteuning terecht kan. Daarom biedt de ‘aanjager lokale energie-initiatieven’ ondersteuning bij het maken van plannen en het eventueel realiseren hiervan, het vinden van de juiste ondersteuning en het oplossen van knelpunten. De aanjager is verantwoordelijk voor de gehele reisbegeleiding van de lokale energie-initiatieven en dient als het aanspreekpunt. Echter, de aanjager neemt het proces niet over maar begeleidt het lokale energie-initiatief. De regie blijft dus ten alle tijde bij het lokale energie-initiatief. De reis start altijd met een aanmelding via het online DES-loket op dewoldengeeftenergie.nl/des. Subsidieregeling lokale energie-initiatieven Met de subsidieregeling bieden we financiële ondersteuning aan lokale energieinitiatieven. Dit bestaat uit ondersteuning die aanvullend is op andere regelingen, zoals vanuit Europa, het Rijk of de Provincie. Als een aanvraag binnenkomt zal eerst door de gemeente worden gekeken of er elders subsidies zijn en/of er ondersteuning beschikbaar
Pagina 7 van 14
is. Als dit niet het geval is zal worden gekeken of het initiatief vanuit de gemeente kan worden ondersteund. Het grote verschil met bestaande regelingen is, dat een initiatief niet als een stichting of coöperatie hoeft te zijn geformuleerd om een aanvraag in te kunnen dienen. Daarnaast kan ook vaker per fase een aanvraag worden gedaan door hetzelfde initiatief. Dit neemt de grootste drempels weg om een lokaal energie-initiatief op te starten en/of om activiteiten te organiseren zonder dat er inkomsten zijn vanuit bijvoorbeeld een zonnepark, een windmolen of een anders duurzaam energieproject in lokaal eigendom. Voor de financiële ondersteuning is er vanuit de begroting voor een periode van twee jaar €20.000,- per jaar beschikbaar. In het volgende hoofdstuk vindt u aan welke voorwaarden lokale energie-initiatieven moeten voldoen voor financiële ondersteuning. Pilot energiemanagementsysteem Met het energiesysteem van de toekomst gaan we meer energie lokaal opwekken, gebruiken en opslaan. In het land zijn er al verschillende lokale energie-initiatieven aan de slag met een energiemanagementsysteem. Zo’n systeem brengt vraag en aanbod bij elkaar en helpt bewoners om op woningniveau lokaal opwekte energie te gebruiken of op te slaan zodra die wordt opgewekt of om met elkaar te delen.
Door deze slimme samenwerking kan de energie zoveel mogelijk binnen een afgebakend gebied blijven en kan het elektriciteitsnet worden ontlast en mogelijk ook de energierekening worden verlaagd. Als gemeente zien we veel potentieel in een energiemanagementsysteem per dorp en/of afgebakend gebied. Wel moeten we hier eerst ervaringen mee opdoen. Daarom wordt er voor een periode van twee jaar €10.000 per jaar gereserveerd voor twee pilots met een energiemanagementsysteem in twee dorpen of afgebakende gebieden. Eén van die dorpen zal Ansen zijn, waar samen met de energiecoöperatie energieKansen in de komende periode een energiemanagementsysteem beschikbaar zal worden gesteld aan de inwoners van de schoolkring Ansen. Dit past binnen de vastgestelde DES van Ansen. De ervaringen die we in Ansen opdoen, kunnen we gebruiken in het tweede dorp of afgebakend gebied waar we in 2027 met een pilot van start willen gaan. Hiervoor hanteren we de volgende voorwaarden: • Een energiemanagement is opgenomen in een Dorps Energie Strategie, of: • Het lokale energie-initiatief moet een plan indienen bij het DES-loket, of gezamenlijk met de gemeente opstellen, om binnen een dorp of een afgebakend gebied met een energiemanagementsysteem aan de slag te gaan. • Er is een maximaal bedrag van €10.000,- beschikbaar, dat in de vorm van een éénmalige subsidie beschikbaar wordt gesteld.
• Het lokale energie-initiatief moet georganiseerd zijn in een formele rechtsvorm en voldoen aan de vereisten zoals die staan omschreven in hoofdstuk 3. Binnen de pilot is er in principe ruimte voor twee initiatieven van €10.000 per initiatief, mocht er per initiatief een lager bedrag aan worden gevraagd, dan kunnen meer initiatieven aanspraak maken op subsidie. Daarbij geldt voor de initiatieven die aan de bovenstaande voorwaarden voldoen: wie het eerst komt, wie het eerst maalt. Na uiterlijk twee jaar wordt de pilot geëvalueerd en zal worden gekeken of het wenselijk is dat de gemeente energiemanagementsystemen financieel blijft ondersteunen en wat de mogelijkheden hiertoe zijn. Onderzoekskosten DES & inwonersalternatieven Voor lokale energie-initiatieven is het vaak kostbaar om onderzoeken uit te voeren naar de haalbaarheid en uitvoerbaarheid van hun plannen. Daarom stelt de gemeente jaarlijks een budget van €50.000,- beschikbaar dat specifiek bedoeld is voor het doen van onderzoeken naar de haalbaarheid en uitvoerbaarheid van hun initiatief. Dit onderzoeksbudget is dus, naast de reguliere subsidieregeling, beschikbaar en lokale
Pagina 8 van 14
energie-initiatieven kunnen samen met de ‘aanjager’ kijken welke ondersteuning er nodig is en welke onderzoeken er uitgevoerd moeten worden. Dit kunnen onderzoeken zijn om een inwonersalternatief uit te werken in het kader van de RES-opgave voor 20305. Inwonersalternatieven in het kader van de RES moeten voldoen aan Europese, landelijke en provinciale wet- en regelgeving en kunnen enkel gaan over de opwek van duurzame elektriciteit met zonne- en/of windenergie. Daarnaast is het budget beschikbaar om onderzoeken te doen voor een DES. Hierbij moet het onderzoek zich richten op de haalbaarheid en uitvoerbaarheid van een lokaal energie-initiatief op het gebied van de opwek, opslag, besparing en/of het lokaal gebruiken van duurzame energie en/of warmte. Lokale energie-initiatieven die aanspraak willen maken op onderzoeksbudget kunnen zich aanmelden via het DES-loket en samen met de aanjager werken aan een plan. Hiervoor dient er een plan van aanpak te worden ingediend bij de gemeente waaruit duidelijk wordt waar het lokale energie-initiatief mee aan de slag wil gaan en wat men voor de omgeving wil gaan bereiken. Ook moet duidelijk zijn in hoeverre het initiatief aansluit op de gemeentelijke doelstellingen uit de Energiestrategie en/of het Warmteprogramma.
Zodra de aanjager akkoord is met het plan van aanpak en het onderzoeksvoorstel, dan stelt de aanjager gezamenlijk met het lokale energie-initiatief een onderzoeksuitvraag op. Een voorwaarde voor het beschikbaar stellen van de CDOKE-middelen is namelijk dat de gemeente de opdracht formeel uitzet. Voor de lokale energie-initiatieven die voldoen aan de voorwaarden uit deze notitie geldt: wie het eerst komt, wie het eerst maalt.
5 Dit geldt niet voor het inwonersalternatief binnen de verkenning windenergie waarvoor
éénmalig een bedrag beschikbaar is gesteld.
Pagina 9 van 14
3. Voorwaarden voor financiële ondersteuning In dit hoofdstuk gaan we in op de uitgangspunten en de voorwaarden voor de financiële ondersteuning die de gemeente gaat bieden aan lokale energie-initiatieven. Daarbij hebben we het zowel over de onderzoeksmiddelen als de subsidieregeling.
3.1. Uitgangspunten Veel initiatieven zijn maatwerk trajecten en laten zich niet in een vast kader vastleggen. Daarom is het belangrijk dat we er ook zo mee omgaan. Het benaderen van een initiatief als een maatwerk traject vergt vertrouwen van beide kanten. Om dit vertrouwen te krijgen wil de gemeente uitgaan van de volgende punten: • Vast aanspreekpunt voor lokale energie-initiatieven. Door met een vast aanspreekpunt te werken wordt het overzichtelijk voor aanvragers waar ze terecht kunnen. Dit aanspreek punt zorgt voor en onderhoudt de communicatie tussen de gemeente en het initiatief. • Het eigenaarschap ligt bij de inwoners, zij zullen de initiatiefnemers zijn. Zo wordt er vanuit de gemeenschap zelf draagvlak gecreëerd en sluit het initiatief beter aan bij de wensen van de omgeving. • We willen graag werken vanuit een gelijkwaardige positie. We bieden raad en daad waar dat nodig is op verzoek van het initiatief, maar de gemeente zal nooit het initiatief overnemen. • Het initiatief moet een gemeenschappelijk doel dienen. Het initiatief moet bijdragen aan een verbetering van de leefomgeving of bijdragen aan een vermindering van uitstoot van CO2. • Open en transparant. De gemeente wil graag in een dialoog samenwerken om tot een gewenst resultaat te komen. • Fouten maken mag.
Een initiatief krijgt de ruimte en tijd om te ontwikkelen, hierbij is ruimte om fouten te maken, de gemeente wil aan alle initiatieven een eerlijke kans geven om zich te ontwikkelen en tot een succes te worden.
2.2. Definities kleine en grote lokale energie-initiatieven Het is nodig om onderscheid te maken tussen de verschillende soorten lokale energieinitiatieven. Uit een inventarisatie blijkt dat er verschillende behoeftes zijn ten aanzien van de gevraagde ondersteuning. Dit blijkt ook uit gesprekken die zijn gevoerd met verschillende energie coöperaties in de gemeente. We kunnen de lokale energieinitiatieven verdelen in kleine en grote initiatieven. Kleine energie-initiatieven Kleine energie-initiatieven zijn projecten in een wijk, buurt of woongebouw. Inwoners werken samen om energie te besparen of zelf energie op te wekken. Voorbeelden hiervan zijn: • Samen zonnepanelen kopen • Isolatieadvies geven of warmtescans maken • Een klein energie-opslagsysteem voor een buurthuis. • Een appartementencomplex verduurzamen • Erfmolens Grote energie-initiatieven Grote energie-initiatieven zijn projecten die op grote schaal voorzien in hernieuwbare energie. Hierbij zijn vaak grote energiecoöperaties en de gemeente betrokken, deze projecten zijn belangrijk om de doelstellingen vanuit de Regionale Energiestrategie (RES)
Pagina 10 van 14
en de DES te halen en zijn actief in de vorm van een energiecoöperatie, energie- of warmtegemeenschap. Voorbeelden hiervan zijn: • Zonne-carports • Warmtenet voor een wijk of bedrijventerrein • Wijk- of buurtopslag van energie • Dorpsmolens • Collectieve groengasprojecten • Buurtisolatieaanpak maken en uitvoeren
2.4. Voorwaarden voor financiële ondersteuning Voor financiële ondersteuning in de vorm van een subsidie of in de vorm van onderzoekskosten komen enkel lokale energie-initiatieven uit gemeente De Wolden in aanmerking. Verder moet het initiatief voldoen aan: • Een lokaal energie-initiatief met ondersteuning van minimaal 3 andere inwoners, maatschappelijke organisaties of bedrijven (bijvoorbeeld op een bedrijventerrein) samenwerkend aan energieopwekking of -besparing. • Initiatief moet een vorm van organisatie hebben (geen rechtsvorm verplicht). • Indien het initiatief geen rechtsvorm is, dan moet uit minimaal drie ondersteuningsverklaringen van andere personen blijken dat de aanvrager namens het lokaal energie-initiatief de subsidie aanvraagt. Hiervoor moet het op dewoldengeeftenergie.nl het beschikbare formulier voor steunverklaringen worden ingevuld. • Als een onderneming betrokken is bij de aanvraag, dan moet er een oprichtingsakte, statuten, opgave van subsidies, vergoedingen of tegemoetkomingen (waarin staat welke overheidssteun de onderneming heeft ontvangen en welke de onderneming nog krijgt) en een de-minimisverklaring worden bijgevoegd. • De aanvrager kan ook onderdeel zijn van een bestaand of in oprichting zijnde initiatief. • De subsidie moet binnen 1 jaar worden uitgegeven.
• De aanvrager moet kennis delen met andere initiatieven en meewerken aan communicatie doeleinden van de gemeente. Als aan deze voorwaarden is voldaan vragen we een plan van aanpak waarin staat: • Wat de aanleiding is (probleemomschrijving); • Wat de motivatie is en wat de doelstellingen zijn; • De tijd en de plaats van het initiatief; • De verwachte eindresultaten; • Een financiële onderbouwing. Dit plan moet worden goedgekeurd door de gemeente. Hiervoor is de ‘aanjager lokale energie-initiatieven’ van gemeente De Wolden verantwoordelijk. De ‘aanjager’ kijkt samen met het lokale energie-initiatief of de subsidieregeling of het onderzoeksbudget het meest passend is.
2.5. Inzetbaarheid en voorwaarden van de financiële ondersteuning De subsidie waar lokale energie-initiatieven onder voorwaarden aanspraak op maken kunnen worden ingezet in verschillende fases van een initiatief. Onderstaand maken we ook duidelijk of de subsidieregeling of het onderzoeksbudget van toepassing is, zoals staat omschreven in hoofdstuk 2: 1. Tijdens de oprichtingsfase:
Pagina 11 van 14
a. Notariskosten (subsidieregeling); b. Kosten zaalhuur/catering voor informatiebijeenkomsten (subsidieregeling); c. Kosten van ledenwervingsactiviteiten, te denken aan het ontwikkelen van promotiemateriaal, drukkosten en het ontwikkelen van een website. Maar ook te denken aan een buurtactie of evenement met als doel leden te werven of te informeren (subsidieregeling). 2. Als het lokale initiatief al loopt: a. Kosten voor de uitvoering van haalbaarheidsonderzoeken (onderzoeksbudget); b. Kosten voor het laten opstellen van een businesscase (onderzoeksbudget); c. Kosten voor de organisatie van informatiebijeenkomsten en/of kennisdeling over innovatieve duurzame energieoplossingen in de wijken of dorpen (subsidieregeling); d. Kosten voor het laten opstellen van een Dorpsenergiestrategie met uitvoeringsplanning. Zo ver dit plan overeenkomt met het gemeentelijke Warmteprogramma (onderzoeksbudget); e. Kosten voor onvoorziene, niet hierboven genoemde ideeën die van belang kunnen zijn voor de uitvoering of voorbereiding van het project (subsidieregeling of onderzoeksbudget). 3. In de uitvoerende fase van een initiatief: a. Proceskosten in de realisatiefase van een lokaal energieproject (subsidieregeling); b. Kosten voor gemeentelijke legeskosten (subsidieregeling). Er is in de regeling ruimte voor uitzonderingen, ook met betrekking tot de maximale hoogte van de aan te vragen bedragen.
Op deze manier kunnen we in het geval van een goed idee dat bijdraagt aan de energietransitie toch ondersteuning bieden. Wil het lokale energie-initiatief hier aanspraak op maken, dan dient het te motiveren waarom er moet worden afgeweken van de bovenstaande voorwaarden. De beslisbevoegdheid hiervoor ligt bij het college van B&W van gemeente De Wolden. Wel geldt dat het initiatief altijd moet voldoen aan de uitgangspunten en de doelstellingen zoals die staan omschreven in deze notitie. Daarnaast zijn ook kosten onder geen beding subsidiabel zoals: • Uurloon van initiatiefnemers/deelnemers en/of deelnemers van het energieinitiatief • Exploitatiekosten (behalve voorlichting & werving). Overzicht financiële ondersteuning Per lokaal energie-initiatief gelden per jaar de volgende maximale bedragen: - Subsidieregeling: €7.000,- per lokaal energie-initiatief, per fase geldt daarnaast een maximaal bedrag: o Oprichtingsfase: € 3.500,o Lopende fase: € 7.000,o Uitvoeringsfase: € 7.000,- Onderzoeksbudget: €20.000,- per lokaal energie-initiatief Onderstaand de mogelijkheden voor ondersteuning overzichtelijk weergegeven. Let op: de soorten kosten in de onderstaande tabel zijn ter indicatie. Ook andere kosten die bijdragen aan de verschillende fasen van het lokale energie-initiatief kunnen vallen onder de subsidieregeling of het onderzoeksbudget.
Het maximumbedrag dat per jaar per lokaal energie-initiatief kan worden aangevraagd kan onder geen beding worden overschreden.
Pagina 12 van 14
Fase
Soort kosten
Subsidie
Oprichting
Notariskosten Kosten zaalhuur/catering Kosten ledenwervingsactiviteiten Haalbaarheidsonderzoeken
x x x
Lopende fase
Opstellen businesscase Organisatie informatiebijeenkomsten en/of kennisdeling Opstellen Dorpsenergiestrategie Onvoorziene ideeën die van belang kunnen zijn voor uitvoering project Uitvoerende fase
Proceskosten realisatiefase Kosten voor gemeentelijke leges
Onderzoeksbudget
Maximaal bedrag per jaar €3.500 €3.500 €3.500
x
€20.000
x
€20.000 €7.000
x
€20.000
x
x
€7.000 (subsidie) €20.000 (onderzoek) €7.000
x
€7.000
x
x
Pagina 13 van 14
4. Begroting Voor de ondersteuning van lokale energie-initiatieven zijn tot en met 2030 de onderstaande financiële middelen beschikbaar. Na uiterlijk één jaar zal de huidige ondersteuningsstructuur worden geëvalueerd en wordt gekeken of er aanvullende middelen nodig zijn voor de subsidieregeling en het energiemanagementsysteem.
Subsidieregeling Energiemanagementsysteem Onderzoeksbudget
2026 20.000 10.000
2027 20.000 10.000
2028
2029
2030
2031
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
Pagina 14 van 14