Monitor SD De Wolden tm mei 2022 v4
Tekst van het document
Rapportage Sociaal Domein Gemeente De Wolden
WWB
Loonskostensubsidie
Participatiewet Reïntegratie
IOAZ
Werkgelegenheidsprojecten
Zorg in Natura
JEUGD
Verstrekkingen
Regionaal
Zorg in Natura
Hulp bij
Begeleiding
PGB
WMO
Rolstoelvoorziening
Begeleiding PGB
Eenheid Dienstverlening en Activering Periode:
januari – mei 2022
Vervo ersvoorziening
Samenwerking voorliggend veld
Woningaanpassing
PGB Lokaal
WerkCoach
Arbeidsmarktregio
Werkvoorziening
WVN
Inleiding Voor u ligt de monitor Sociaal domein van gemeente De Wolden over de periode januari t/m mei 2022. In de P&C kalender is opgenomen dat we de monitor Sociaal domein tweemaal leveren in 2022. Er was afgesproken dat de eerste monitor Sociaal domein geleverd zou worden tot en met maart 2022. We wilden de monitor Sociaal Domein verstrekken na het introductie programma van de nieuwe raad en daarom ontvangt u deze monitor Sociaal domein met betrekking tot de periode tot en met mei 2022. In de rapportage richten we ons op de subdomeinen participatie(-wet), (Wet) maatschappelijke ondersteuning, jeugdhulp en samenkracht en burgerparticipatie. De rapportage focust hierbij op financiën en volumeontwikkelingen in het lopende jaar. Sociaal domein over-all Via het sociaal domein ondersteunen we inwoners van de gemeente op diverse wijzen. De onderstaande tabel geeft de ontwikkeling van een aantal kengetallen over de jaren heen. Kengetallen Unieke klanten Unieke voorzieningen Wmo Unieke klanten Unieke voorzieningen zorgvolume (uren) zorgvolume (dagdelen) zorgvolume (etmalen) Participatie Unieke Uitkeringen (ex TOZO) Re-integratievoorzieningen Jeugd
2018
2019
2020
586 1.083 1.330 3.330 101.391 31.025 390 254 669
583 1.064 1.421 3.399 107.852 23.539 434 237 772
551 1.053 1.466 3.683 119.497 19.967 344 249 728
2021
2021
468 732 1.274 2.748 49.350 7.449 239 485
578 1.037 1.366 3.619 119.703 17.778 237 716
t/m mei
2022 t/m mei 421 639 1.284 3.214 49.602 7.325 236 411
Voor het sociaal domein is hiervoor in de begroting 2022 opgenomen: Bedragen * € 1.000
Taakveld
Begroot
610 Samenkracht en burgerparticipatie Programma: 01 DWD gastvrij, initiatiefrijk en stimu totaal
26 26
610 Samenkracht en burgerparticipatie 620 Wijkteams 640 Begeleide participatie 650 Arbeidsparticipatie 672 Maatwerkdienstverlening 18681 Geëscaleerde zorg 18+ 682 Geëscaleerde zorg 18Programma: 06 DWD ontwikkelt met kleur en talent totaal
454 126 1.630 665 5.147 210 622 8.853
610 Samenkracht en burgerparticipatie 620 Wijkteams 630 Inkomensregelingen 660 Maatwerkvoorziening (WMO) 671 Maatwerkdienstverlening 18+ 681 Geëscaleerde zorg 18+ Programma: 07 Gezond meedoen in DWD totaal
1.835 450 1.477 890 4.900 32 9.584
Saldo
18.463
*Boekjaar 2022 zal conform de begroting 2022 worden gepresenteerd en daarom is de oude programma indeling weergegeven.
1
Participatie (Werk en inkomen) De Wolden heeft een bijstandspercentage van < 1% van het totaal aantal inwoners van de gemeente. In mei 2022 ontvangen 235 inwoners een bijstandsuitkering. Kijken we naar het verloop vanaf 2020 dan zien we bij de bijstandsuitkeringen goed het effect (de forse stijging in 2020) van Corona terug in de grafiek. De grote vraag naar arbeid in de jaren daarna heeft ervoor gezorgd dat het aantal weer onder het niveau zit van maart 2020. Het aantal uitkeringen is al langere tijd stabiel en schommelt al 1,5 jaar voor alle vormen van uitkeringen tussen de 234 en 250. De kosten voor de uitkeringen (inclusief loonkostensubsidie) stijgen van € 3,6 mln naar € 3,7 mln. Deze stijging komt door dat de normbedragen iets zijn gestegen. We voeren dit jaar een tijdelijke regeling uit, het verstrekken van energiecompensatie van € 800 per huishouden aan gezinnen met een inkomen < 120 % van het minimum. Op dit moment is dit aan 200 huishoudens verstrekt. We verwachten dat dit naar maximaal 300 zal oplopen in de rest van het jaar. Aantallen unieke uitkeringen
WWB = Wet Werk en Bijstand (bestaat formeel sinds 2015 niet meer en is vervangen door de participatiewet)
IOAW = Inkomensvoorziening voor Oudere en gedeeltelijk Arbeidsongeschikte Werknemers IOAZ = Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen BBZ = Besluit bijstandverlening zelfstandigen *let op; ivm schaalgrootte hebben we deze tabel uit elkaar gehaald
2
Wanneer we meerjarig naar de aantallen kijken, zien we een relatief stabiel verloop. Voorspellingen zijn op dit moment lastig af te geven. Instroom en uitstroom zijn redelijk in balans. Er zijn op dit moment landelijk gezien meer vacatures dan werkzoekenden. Instroom en uitstroom Per leeftijdscategorie Het merendeel van de inwoners met een bijstandsuitkering is ouder dan 46 en ontvangt vaak al langere tijd ( > 12 maanden) een uitkering. Het gaat hierbij om inwoners die door een beperking vaak niet meer kunnen deelnemen aan het arbeidsproces.
De in- en uitstroom van bijstandgerechtigden is op maandbasis laag. De in- en uitstroom ligt gemiddeld tussen de 1 en 4. De grote aantallen in onderstaande grafiek zijn het aantal ondernemers dat TOZO heeft aangevraagd en heeft ontvangen. Deze zijn weer uitgestroomd zodra de Tozo uitkering stopt.
3
Jeugd Bij jeugd zien we een behoorlijke daling in aantal unieke cliënten en aantal voorzieningen. Hierbij moet rekening worden gehouden met het effect van de invoering van het nieuwe woonplaatsbeginsel per 1 januari 2022. Door Corona zagen we eerder juist een stijging. Dit was toen ook een landelijk beeld.
De laatste maanden zijn laag omdat facturen achteraf worden ingediend.
4
Verwijzers De jeugdhulp wordt met name door externe verwijzers toegewezen. Per verwijzer is (de zwaarte van) de doelgroep verschillend.
In deze grafiek ziet u aantallen unieke voorzieningen jeugd per verwijzer, afgezet tegen hetzelfde meetmoment vorig jaar
Ook hier zien we de daling ingezet. Alleen bij de gemeente en bij de medisch specialist zien we een lichte stijging. De verwijzingen via de huisarts zijn fors gedaald dankzij de inzet van de praktijkondersteuner huisartsen. Per interventieniveau Deze grafiek geeft de hoeveelheid zorg per interventieniveau aan. Bij een hoger niveau, hoort zwaardere zorg. Voor A-specifieke voorzieningen is vooraf de zorgzwaarte nog niet vastgelegd (A-specifiek wordt gebruikt in alle interventieniveaus en kan bijvoorbeeld gaan over medicijncontrole maar ook over intensieve gezinsbehandeling of crisis verblijf). Alleen aanbieders met een omzetbegrenzing kunnen dit toepassen. Bij facturering wordt de zorgzwaarte waarop is ingezet meegegeven.
Cumulatieve aantallen tot en met mei 2022 tov mei 2021
5
Niveau 8 is doorgaans de duurste vorm van zorg. We zien in deze grafiek een forse daling in niveau 8. De oorzaak hiervan zou kunnen worden toegerekend aan de invoering van het nieuwe woonplaatsbeginsel. Niveau 7 is daarentegen iets toegenomen. Bij ‘geen niveau’ gaat het om landelijke voorzieningen, vervoer en cliëntgebonden overeenkomsten. Ook dit onderdeel is toegenomen. Per leeftijdsgroep Zorg wordt voor een groot deel ingezet voor de leeftijdsgroep 5-12 jaar.
Hier zien we een lichte daling van het aantal klanten 5 t/m 12 jaar en een lichte stijging bij 13 t/m 17 jarigen. Spreiding per klant Tot en met mei 2022 zijn er 417 unieke cliënten met jeugdhulp. Hiervan hebben 284 cliënten 1 jeugdhulpvoorziening (bijvoorbeeld een vervoersvoorziening of dagopvang).
Aantal klanten met aantal voorzieningen (2022)
6
Instroom en uitstroom Deze grafiek geeft een overzicht van instroom en uitstroom. In onderstaande 2 grafieken zie je in december een hoge uitstroom en in januari een hoge instroom. De piek ten opzichte van de andere maanden wordt deels veroorzaakt door een aantal administratieve mutaties, zoals voorzieningen PGB die per jaar worden aangemaakt. Daarnaast zit het effect van de invoering van het nieuwe woonplaatsbeginsel per 1 januari 2022 hierin.
Groen nieuwe voorzieningen (instroom) Roo d aflopende voorzieningen (uitstroom) Aantal klanten Van januari tot en met mei zijn 69 klanten ingestroomd en 78 uitgestroomd.
7
Groen nieuwe klanten (instroom) Rood aflopende klanten (uitstroom)
8
Wmo Overzicht klantbeeld Wmo wordt in de volle breedte over verschillende leeftijdsgroepen ingezet. Het grootste aandeel wordt echter ingenomen door de groep cliënten tussen de 50 en 74 jaar. We zien een dalende trend wat betreft het gemiddelde aantal cliënten, met name op het vlak van Wmo begeleiding en de woonvoorzieningen. Het aantal cliënten dat gebruik maakt van een Wmo voorziening op PGB basis is op alle fronten binnen de Wmo dalende. Bij Wmo huishoudelijke hulp is nog steeds sprake van een stijgende trend wat betreft het aantal cliënten.
Zorgvolume Wmo huishoudelijke hulp Gemiddeld is het zorgvolume bij Zorg in natura (ZIN) van de Wmo huishoudelijke hulp gestegen, dit is in lijn met de toename van het aantal cliënten voor Wmo huishoudelijke hulp.
9
Zorgvolume Wmo begeleiding Voor Wmo begeleiding is juist sprake van een dalend zorgvolume. Dit geldt zowel voor het totale zorgvolume als het zorgvolume in uren per cliënt. Ook dit is in lijn met het, in dit geval, dalende klantbeeld, maar het is ook zeker het gevolg van het strenger indiceren zoals in de vorige monitor ook gemeld.
Voorzieningen Woningvoorzieningen/aanpassingen Het aantal voorzieningen ‘Wonen’ geeft een daling weer ten opzichte van de twee voorgaande jaren, maar ligt nog steeds boven het niveau van 2018 en 2019. Grotendeels is dit te verklaren door een toename van het aantal cliënten sinds de twee voorgenoemde jaren. De ingezette daling lijkt wel een trend te zijn die niet meer wordt beïnvloed door de Corona-periode.
10
Meerkosten De meerkosten Wmo (een tegemoetkoming in kosten van chronisch zieken en gehandicapten) laten een stijgend beeld zien. Ten opzichte van 2021 zijn er dit jaar meer voorzieningen verstrekt en is er een groter totaalbedrag uitgekeerd. Reden voor de stijging in het aantal verstrekte voorzieningen is mogelijk gelegen in het feit dat het jaar 2021 een behoorlijke daling liet zien ten opzichte van de voorgaande jaren. Dit was als gevolg van de Corona en de lockdowns in 2020 (in 2021 zijn meerkosten vergoed over het jaar 2020). De balans lijkt zich nu dus wat te herstellen. Er zijn ook hogere bedragen uitgekeerd, reden hiervoor kan gelegen zijn in een post corona effect (nu de maatschappij weer meer open was heeft men weer meer gebruik gemaakt van zorg en daarop ook meer kosten gemaakt). Omdat de piek in aanvragen al is geweest is niet de verwachting dat de stijging nog verder zal doorzetten.
Conclusie/samenvatting Wanneer we naar het sociaal domein kijken zien we in grote lijnen de aantallen (klanten/voorzieningen) afnemen. De reden hiervan lichten we toe per domein: • Participatie; de grote vraag naar arbeid heeft ervoor gezorgd dat het aantal weer onder het niveau zit van maart 2020. • Jeugd; de voornaamste reden is de invoering van het nieuwe woonplaatsbeginsel per 1 januari 2022. • Wmo; het gemiddeld aantal klanten en het gemiddelde zorgvolume laat een daling zien. Dit bestaat uit de volgende onderdelen: o Voor huishoudelijke hulp zien we een toename in klantaantal en zorgvolume. Deze toename kennen we enerzijds toe aan het voordelige abonnementstarief en anderzijds zien we de coronagerelateerde inhaalslag in de zorg. Veel mensen ondergaan nu operaties in ziekenhuizen waardoor ze na ontslag kortdurend huishoudelijke hulp nodig hebben. o Voor begeleiding zien we een daling onder andere als gevolg van strenger indiceren. o Voor woonvoorzieningen zien we een daling ten opzichte van 2020 en 2021, maar ligt nog steeds boven het niveau van 2018 en 2019. De ingezette daling lijkt een trend die niet meer wordt beïnvloed door de Corona-periode. In deze monitor is geen informatie opgenomen over de financiële stand van zaken. Dit zal plaatsvinden bij de berap 2022.
Deze zal op 1 september 2022 worden verstrekt aan de raad en op 29 september 2022 worden behandeld en vastgesteld door de raad.
11