L. Uitstroomconvenant.pdf
Tekst van het document
28 oktober 2021
Woningcorporaties
----------····-··········-·---·-Actium
Woonborg
N aam: Monique Boeijen Datum:
N aam: Esther Borstlap D atum:
------·-----------Woonservice
Woonconcept
N aam: Sanne Portengen Datum:
·--·····-·-·······-··-·····---···--··-·----.
_____________. ................ .....,.
N aam: Datum:
Domesta
Stichting Eelder Woningbouw
N aam: Datum:
N aam: Datum: ··---------····--·--··--·--····--·--·-·--·--··---
----------········-····················-·······-·····-·· Woningstichting De Volmacht
N aam: D atum:
N aam: Datum:
,-----
! _________________ i N aam: L_Datu�.:-------·····················-·------'
Uitstroomconvenant zelfstandig wonen in Noord- en Midden-Drenthe en Zuidwest-Drenthe
8
Zorgaanbieders:
Naa : Lenneke Koppenhol Datum:
Naam: Michel Hovinga Datum:
Stichting Phusis
GGZ Drenthe
Naam: Datum: ·-··-··-···-·-·---
Naam: Datum:
········----·-------·-----··-------·-------·-·---·------------------------
Naam: Datum:
Naam: Datum:
Naam: Datum:
Naam: Datum:
Naam: Datum:
Uitstroomconvenant zelfstandig wonen in Noord- en Midden-Drenthe en Zuidwest-Drenthe
9
Zorgaanbieders:
Naam: Datum: ·-·----··-·-----················-·------
Naam: Datum:
Naam: Datum:
Naam: Datum:
---------·-········---
················-·-------------
Naam: Datum:
Naam: Datum:
Naam: Datum:
Naam: Datum:
Naam: Datum:
Naam: Datum:
Uitstroomconvenant zelfstandig wonen in Noord- en Midden-Drenthe en Zuidwest-Drenthe
10
Van beschermd wonen en maatschappelijke opvang naar zelfstandig(er) wonen in de wijk Voorstel woningcorporaties uitvoering Actieprogramma Weer Thuis Gedachten en insteek vanuit een theoretisch model Regio Assen
Inleiding Bij beschermd wonen, medisch verblijf en maatschappelijke opvang ligt de focus de komende jaren voornamelijk op maatschappelijk herstel in de eigen omgeving. Het doel is dat mensen (al dan niet met behulp van hun eigen sociale netwerk) zo lang mogelijk thuis kunnen wonen en dat ze, waar nodig, passende ondersteuning krijgen. De dienstverlening van de zorgaanbieders in regio Assen richt zich dan ook op het stimuleren van de zelfredzaamheid en het realiseren van uitstroom naar meer zelfstandig wonen waar dat mogelijk is. Naar aanleiding van de implementatie van het Rapport Dannenberg over beschermd wonen naar beschermd thuis is het Actieplan Weer Thuis opgesteld en zijn door de drie sectoren (gemeenten, zorgaanbieders en woningcorporaties) intenties voor samenwerking in de uitstroom uitgesproken. Voorliggend document is opgesteld door de hierboven genoemde woningcorporaties. Dit betreft een voorstel aan gemeenten en zorgorganisaties om uitvoering te geven aan het actieprogramma. Dit voorstel leggen wij voor aan de gemeenten en zorgorganisaties in de regio Assen ter bespreking en verdere uitwerking. In het Actieprogramma Weer Thuis zijn drie intenties uitgesproken: 1. Regionale spreiding 2. Zorg voor voldoende woningen 3.
Zachte landing in de wijk In dit voorstel gaan we in op alle drie intenties Met uitvoering van dit voorstel vervallen de lopende afspraken tussen corporaties en zorgorganisaties over het beschikbaar stellen van woningen. In 2018 heeft KAW een onderzoek uitgevoerd naar de prognoses uitstroom beschermd wonen en de match met de beschikbare geschikte voorraad. Hieruit kwam naar voren dat er jaarlijks gemiddeld 144 cliënten uitstromen in de regio Assen. Voorliggend voorstel gaat uit van de cijfers zoals door de regiogemeente Assen zijn gepresenteerd.
Regionale spreiding Het verdelen van de uitstroom van bewoners die in een instelling wonen, is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de gemeenten in de regio Assen. In eerste instantie is de herkomstgemeente verantwoordelijk voor de betrokken bewoner. Als dat niet kan is de gemeente verantwoordelijk, waar de bewoner graag wil wonen. Hierover maken de gemeenten samen afspraken. De corporaties stellen voor om de jaarlijkse uitstroom cliënten te verdelen naar rato van het aantal inwoners per gemeente. Vervolgens stellen de corporaties woningen beschikbaar op basis van de omvang van het bezit van de corporaties in deze gemeente. Van het totaal aantal mutaties dat jaarlijks plaatsvindt in de regio gaat maximaal 5% naar uitstroom beschermd wonen, medisch verblijf en maatschappelijke opvang. Dit voorstel geeft optimaal invulling aan de inclusieve samenleving door een evenredige verdeling van kwetsbare bewoners in wijken en dorpen. Ook voorkomen we hiermee dat de druk op de grote kernen, waaronder Assen, te groot wordt. We zien namelijk dat de voorkeur van cliënten hoofdzakelijk uitgaat naar het stedelijk gebied, waardoor zowel de druk op de woningmarkt als de druk op leefbaarheid toeneemt. Om tot een regionale spreiding te komen zien wij het als noodzaak om te werken vanuit een theoretisch model, waarbij we zorgorganisaties vragen om te sturen op dit model.
Zonder de wensen van de cliënt uit het oog te verliezen.
Zorg voor voldoende woningen Gezien de druk op de woningmarkt is het voor de woningcorporaties van belang om inzicht te hebben in de omvang van de uitstroom en de omvang van de woningen die zij beschikbaar willen stellen voor bewoners die uitstromen uit beschermd wonen, medisch verblijf en maatschappelijke opvang*, in relatie tot reguliere woningzoekenden en andere bijzondere doelgroepen. Ook zijn hierover afspraken gemaakt met gemeenten in de prestatieafspraken en tussen de corporaties in Thuiskompas. Binnen Thuiskompas hebben de corporaties afgesproken dat elke corporatie maximaal 20% vrije beleidsruimte heeft om bijzondere doelgroepen te huisvesten of anderszins af te wijken van de reguliere toewijzing. Dit betekent 20% van de woningen die jaarlijks vrijkomen, na aftrek van de woningen voor statushouders. De woningcorporaties Woonconcept, Domesta, Woonservice, Woonborg, Stichting Eelder Woningbouw, De Volmacht en Actium willen een bijdrage leveren door regionaal per jaar maximaal 5% van het jaarlijks aantal vrijkomende woningen beschikbaar te stellen aan cliënten die willen uitstromen uit beschermd wonen, medisch verblijf en maatschappelijke opvang naar zelfstandig wonen. We beschikken momenteel alleen over feitelijke cijfers voor de uitstroom van beschermd wonen.
De uitstroom vanuit maatschappelijke opvang en medisch verblijf moeten nog in beeld worden gebracht en komen hier nog bij. In onderstaande tabel is dit per corporatie uitgewerkt. Eerst is gekeken naar het aantal inwoners van een gemeente en de omvang van het bezit (verhuureenheden) van de corporaties. Het aantal cliënten dat jaarlijks uitstroomt wordt eerst verdeeld over de gemeenten en daarna over de corporaties naar rato van hun aandeel bezit. In onderstaande tabel is uitgegaan van een verwachte uitstroom van in totaal 105 cliënten (beschermd wonen) die zelfstandig gaan wonen (bron: potentiële uitstroom regio Assen A En B Arrangementen, gemeente Assen).
Opgave uitstroom beschermd wonen per gemeente 2020 op basis van inwonertal Gemeente
Aantal inwoners peildatum 1-1-2020
Aandeel inwoners t.o.v. totaal aantal inwoners in de regio Assen (in %) 2020
Opgave aantal te huisvesten cliënten per gemeente 2020 op basis van verwachte uitstroom zorginstellingen
Assen
67.601
21
22
Midden-Drenthe
33.216
10
11
Noordenveld
31.945
10
10
Hoogeveen
55.334
17
18
De Wolden
23.926
7
8
Meppel
33.329
10
11
Aa en Hunze
25.337
8
8
Westerveld
19.119
6
6
Tynaarlo
33.472
10
11
TOTAAL
323.279
100
105
*Beschermd wonen: cliënten met psychische problematiek en/of verstandelijk beperkt met een WLZ en Wmo indicatie die intramuraal wonen. *Maatschappelijke opvang: dak- en thuislozen die worden opgevangen in een collectief verblijf bijvoorbeeld bij Leger des Heils.
*Medisch verblijf: cliënten die worden behandeld door GGZ in een open of gesloten instelling
Aandeel corporatiebezit per gemeente in % op 1-1-2020
Woonconcept Assen MiddenDrenthe Noordenveld Hoogeveen De Wolden Meppel Aa en Hunze Westerveld Tynaarlo
Domesta 4%
Woonservice Actium 2% 94% 67%
50%
De Volmacht
Woonborg
33% 16% 3% 100% 9%
47%
91%
Stichting Eelder Woningbouw
84%
79%
21%
100% 53%
opgave gemeente Woonconcept Domesta Woonservice Actium Assen MiddenDrenthe
22 *
1
21
11
8
3
Noordenveld
10
Hoogeveen
18
De Wolden
8
Meppel
11
Aa en Hunze
8
Westerveld
6
Tynaarlo
11
TOTAAL
105
Stichting De Eelder Volmacht Woonborg Woningbouw
2 9
8
47%
8
1 8
10
1 6
2
6
5
6
16
5
6
19
8
9
42
Opgave per corporatie per gemeente 2020 (aantal beschikbaar te stellen woningen)
Jaarlijks worden bovenstaande tabellen geactualiseerd op basis van de mutaties van het afgelopen jaar en de prognoses uitstroom vanuit de zorgorganisaties. De gegevens in bovenstaande tabel zijn gebaseerd op de verwachte uitstroom voor 2020. Uitgangspunt is een maximale regionale spreiding. Uitgangspunt is dat de woningen betaalbaar zijn voor de doelgroep. Het woningaanbod van Woonconcept in Assen zit overwegend in de categorie ‘duur’ en is daarmee niet bereikbaar voor deze doelgroep. Dit lost Woonconcept op door elders in haar werkgebied in de regio Assen woningen beschikbaar te stellen. Hieronder geven wij inzicht in hoeveel woningen er in totaal gemiddeld jaarlijks per corporatie vrij komen door huuropzegging binnen de regio Assen. Gemiddeld is dit ca. 8 á 10% van de totale voorraad.
Gemiddeld aantal woningen dat jaarlijks muteert (peildatum 1-1-2020) Woonconcept
Domesta
Woonservice
Actium
De Volmacht
Woonborg
610
218
154
1190
130
250
Stichting Eelder Woningbouw 61
Ons streven is om van de jaarlijkse mutaties jaarlijks ca. 5% als richtinggevend percentage beschikbaar te stellen aan cliënten die uitstromen uit beschermd wonen, medisch verblijf en maatschappelijk opvang. Dit maakt deel uit van de vrije beleidsruimte woonruimteverdeling Thuiskompas. Indien er een grote toename komt van het aantal te huisvesten statushouders kan het percentage van 5% onder druk komen te staan en is het wenselijk hierover in gesprek te gaan. Daarnaast willen we monitoren hoe het gemiddeld aantal mutaties zich verhoudt tot het richtinggevend percentage van 5%. Wij stellen voor om ook te onderzoeken in hoeverre de voorraad aan particuliere woningen in het realiseren van de uitstroom kan worden meegenomen.
Zachte landing in de wijk Met een zachte landing in de wijk verstaan we ondersteuning (formeel/informeel), dagstructuur/ besteding met daarnaast hulp op afstand, 24/7 bereikbaarheid t.a.v. begeleiding, logeren bij terugval, werk en leren, netwerk en herstel. Dit zien wij als gezamenlijke verantwoordelijkheid van in eerste instantie de zorgorganisaties en gemeenten. Als corporaties voelen wij ons verantwoordelijk om te zorgen voor betaalbare woningen. Graag willen wij ook met de huurderorganisaties in gesprek over wat zij kunnen bijdragen aan het voorbereiden van de wijk op deze opgave.
Faciliteren zorgorganisaties Zorgorganisaties hebben vaak voorkeur voor het huisvesten van cliënten in de grotere kernen vanuit financiële overwegingen en de nabijheid van voorzieningen. Om regionale spreiding mogelijk te maken en de benodigde begeleiding te kunnen realiseren stellen de corporaties aan de gemeenten voor om binnen de zorgindicatie financiering te regelen voor de onrendabele gebieden (een plus). Daarmee worden de zorgorganisaties ook in de mogelijkheid gesteld om hun werk decentraal goed uit te voeren.
Organiseren Coordinatieplatform en hoofdlijn werkproces Om de spreiding en huisvesting van uitstromende cliënten goed te laten verlopen stellen de corporaties voor om een Coördinatieplatform bijzondere doelgroepen in te stellen waarin de gemeenten (Wmo) en zorgorganisaties die gecontracteerd zijn door de gemeenten zijn vertegenwoordigd. De corporaties stellen voor om alle bijzondere doelgroepen m.u.v. statushouders en urgenten via dit transferpunt te huisvesten. Dit Coördinatieplatform is een ‘transferpunt’ en houdt bij welke zorgorganisatie zoekt, welke cliënt er aan de beurt is en of het huisvestingsproces goed verloopt. Ook bewaakt het platform dat de zorgindicatie in lijn is met de woonvorm. Het platform heeft een secretaris die gefinancierd wordt door de gemeenten. De secretaris van het Platform fungeert als coördinator en contactpersoon tussen corporaties en zorgaanbieders voor het zelfstandig wonen in de vorm van proefwonen. De secretaris houdt bij welke zorgaanbieder zoekt, wie er aan de beurt is en of het proces goed verloopt. Om in aanmerking te komen voor proefwonen moet er een indicering zijn van Thuiswonenplus of ambulante begeleiding. De corporaties hanteren als randvoorwaarden voor het zelfstandig wonen het binnen het Actieprogramma ontwikkelde Instroomprofiel (bijlage 1).
Hiermee spreken de corporaties hun voorkeur uit om de uitstroom niet via de reguliere weg, dat wil zeggen inschrijven bij Thuiskompas, te laten verlopen maar via het Coördinatieplatform. Dit zorgt voor een meer passende woning en omgeving voor de cliënt waar begeleiding georganiseerd kan worden.
Uiteraard moet daarbij zoveel mogelijk rekening worden gehouden met de wensen van de cliënt. Het platform evalueert drie keer per jaar overstijgend over het werkproces rondom het wonen. Hierin worden de bevindingen uit de praktijk besproken. De corporaties zijn aanwezig bij en maken deel uit van de evaluaties. De corporatie biedt de woningen aan via het concept ‘proefwonen’. Dit houdt in dat we de woning eerst verhuren aan de zorginstelling met een begeleidingscontract met voorwaarden tussen cliënt en zorgorganisatie (koppeling wonen en zorg).Na een periode van maximaal 1 ½ jaar van Proefwonen met tussentijdse evaluatiemomenten wordt het huurcontract op naam van de client gezet (omklappen) Indien er een nieuwe beschikking nodig is voor proefwonen, dan volgt er een gesprek met de Wmo. De Wmo draagt er zorg voor, dat de beschikking proefwonen aansluit op de beschikking zelfstandig wonen.
Zoekprofiel aan te leveren bij Coördinatiepunt uitstroom Naam persoon Geslacht Geboortedatum Huidig adres Naam begeleidende zorgorganisatie Ambassadeur zorgorganisatie: naam, telefoonnummer en emailadres Gemeente van herkomst (dat is de woongemeente voorafgaande aan de BW gemeente; kan dezelfde zijn) Eventueel inschrijfnummer Thuiskompas Is het proces van de klantreis doorlopen? Is er een indicatie voor beschermd wonen of medisch verblijf en wat is de einddatum van de indicatie? Of is er sprake van uitstroom vanuit maatschappelijke opvang? Sinds wanneer heeft de cliënt een BW beschikking?
Woonwensen: Indien niet de gemeente van herkomst wenselijk is, welke gemeente biedt dan de meeste kans op succesvol wonen. Gemeente en plaats/wijk Voorkeur 1: Voorkeur 2: Voorkeur 3: Soort woning, opp. Zijn er zaken waar rekening mee gehouden kan/moet worden? Wat is de hoogte van het inkomen (na uitstroom) i.v.m. passend toewijzen op basis van een inkomensverklaring van het afgelopen jaar van Belastingdienst (0800-0543)
Zijn er zaken vanuit het verleden waar rekening mee gehouden moet worden, zodat er perspectief blijft op een positieve ontwikkeling in het zelfstandig wonen
In te vullen door coördinatiepunt: Datum ontvangst zoekprofiel: Woongemeente: Naam woningbouwcorporatie:
Ambassadeur/aanspreekpunt woningbouwcorporatie: naam, telefoonnummer en email
Later in te vullen door coördinatiepunt: Adres aangeboden woning: Ingangsdatum huurcontract:
Voor akkoord getekend door de client:
Datum ondertekening
BIJLAGE 4 WERKWIJZE COORDINATIEPUNT Uitgangspunten voor het inrichten van een coördinatiepunt voor de uitstroom van alle bijzondere doelgroepen w.o. uitstroom maatschappelijke opvang, medisch verblijf en beschermd wonen m.u.v. statushouders in de regio Assen. 1. De regie op het coördinatiepunt ligt bij de gemeenten, corporaties stellen woningen beschikbaar op basis van het aanwezig zijn van een zorgindicatie. 2. Een onafhankelijk coördinator heeft de regiefunctie en wordt betaald door de gemeenten. Hij/zij organiseert de match tussen cliënt/zorgaanbieder en de betreffende corporatie in de betreffende gemeente (in principe de gemeente van herkomst). 3. Het coördinatiepunt krijgt de opdracht om uit te gaan van het uitgangspunt van regionale spreiding over 9 gemeenten (Westerveld, de Wolden, Hoogeveen, Meppel, Midden-Drenthe, Noordenveld, Assen, Tynaarlo en Aa en Hunze). 4. Het coördinatiepunt stroomlijnt de verdeling van cliënten op basis van datum binnenkomst van de aanmeldingen (zoekprofielen). 5. De stappen en verantwoordelijkheden in de Klantreis zijn uitgangspunt voor het Coördinatiepunt en zijn daarbij een handreiking/handleiding. 6. Het coördinatiepunt bewaakt dat het zoekprofiel, dat wordt aangeleverd door de zorgorganisatie, volledig is. 7. Elke corporatie, gemeente en zorgorganisatie zorgt voor 1 aanspreekpunt voor het coördinatiepunt.
Monitoringaspecten (onderdeel van de opdracht aan het coördinatiepunt) 1. Het coördinatiepunt rapporteert: - Over de aantallen woningen per corporatie en gemeenten die ter beschikking zijn gesteld (halfjaarlijks) - Over de bereikte regionale spreiding in vergelijking tot de voorgestelde regionale spreiding. 2. Over de aantallen cliënten per zorgorganisatie, die zijn uitgestroomd 3. Het coördinatiepunt haalt bij zorgorganisaties en gemeenten de prognoses op m.b.t. de toekomstige aantallen te huisvesten cliënten. (half- en jaarlijks)
Processchema voor het coördinatiepunt De zorgorganisatie levert een zoekprofiel aan bij het coördinatiepunt en het coördinatiepunt stuurt dit naar een corporatie en informeert de zorgaanbieder naar welke corporatie
In de fase van doorstroom ( 6 maanden voordat er een woning beschikbaar is ,vindt het eerste contact plaats tussen de zorgorganisatie, client en de corporatie (die in het zoekprofiel wordt vermeld). De zorgaanbieder initieert dit eerste gesprek. Dit gesprek gaat over zoekprofiel en verwachtingen wederzijds over zelfstandig wonen Dan is er nog geen woning maar het coördinatiepunt wordt na afloop hierover geïnformeerd door de zorgorganisatie (zoekprofiel) is definitief
Het coördinatiepunt zet vervolgens de vraag om een woning uit bij de betreffende corporatie met het bijbehorende zoekprofiel.
Het aanspreekpunt van de corporatie vraagt de betreffende collega’s (wijkconsulenten of verhuurmedewerkers) een woning te zoeken en beschikbaar te stellen.
Er wordt een woning aangeboden aan de zorgorganisatie en samen met de client wordt een afspraak gemaakt in de driehoek (corporatie, zorg en client) om de aspecten van de woning en woonomgeving te bespreken
De woningcorporatie sluit een tijdelijk huurcontract (driepartijenovereenkomst) af met de client en koppelt dit terug naar het coördinatiepunt
BIJLAGE 5: PRIVACY-PROTOCOL UITSTROOMCONVENANT NOORD- EN MIDDEN DRENTHE Definities: I.
II.
III. IV.
V.
Persoonsgegevens: alle informatie over een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon (‘de Betrokkene’); als identificeerbaar wordt beschouwd een natuurlijke persoon die direct of indirect kan worden geïdentificeerd, met name aan de hand van een identificator zoals een naam, een identificatienummer, locatiegegevens, een online identificator of van een of meer elementen die kenmerkend zijn voor de fysieke, fysiologische, genetische, psychische, economische, culturele of sociale identiteit van die natuurlijke persoon. Verwerking: een bewerking of een geheel van bewerkingen met betrekking tot Persoonsgegevens of een geheel van Persoonsgegevens, al dan niet uitgevoerd via geautomatiseerde procedés, zoals het verzamelen, vastleggen, ordenen, structureren, opslaan, bijwerken of wijzigen, opvragen, raadplegen, gebruiken, verstrekken door middel van doorzending, verspreiden of op andere wijze ter beschikking stellen, aligneren of combineren, afschermen, wissen of vernietigen van gegevens. Betrokkene: geïdentificeerde of identificeerbaar natuurlijk persoon op wie de verwerkte Persoonsgegeven betrekking hebben.
Inbreuk in verband met Persoonsgegevens: een inbreuk op de beveiliging die per ongeluk of op onrechtmatige wijze leidt tot de vernietiging, het verlies, de wijziging of de ongeoorloofde verstrekking van of de ongeoorloofde toegang tot doorgezonden, opgeslagen of anderszins verwerkte gegevens (‘Datalek’). Toezichthoudende autoriteit: een onafhankelijke overheidsinstantie verantwoordelijk voor het toezicht op de naleving van de wet in verband met de verwerking van Persoonsgegevens. In Nederland is dit de Autoriteit Persoonsgegevens.
a) Wanneer Partijen bij het uitvoeren van het Convenant persoonsgegevens verwerken, zullen Partijen de persoonsgegevens op een behoorlijke en zorgvuldige wijze verwerken en zich houden aan de wettelijke voorschriften die volgen uit de Wet- en regelgeving. Partijen zullen voldoende technische en organisatorische maatregelen treffen om een op het risico afgestemd beveiligingsniveau te waarborgen voor de verwerkte persoonsgegevens. De Partijen dienen daarbij rekening te houden met de stand van de techniek, de uitvoeringskosten, de aard, de omvang, de context en de qua ernst uiteenlopende risico’s voor de rechten en vrijheden van personen. De Maatschappelijke organisaties en de Verhuurder zullen elkaar desgevraagd en onverwijld informeren over de wijze waarop zij invulling geven aan haar verplichtingen op grond van voorgenoemde Wet- en regelgeving. b) Partijen zullen de ter verwerking verkregen persoonsgegevens niet voor eigen doeleinden verwerken en niet voor andere of verdergaande doeleinden verwerken dan redelijkerwijze nodig is ter uitvoering van dit Convenant, tenzij hiervoor schriftelijke toestemming is verleend. c) Partijen informeren elkaar onverwijld over ieder verzoek en/of iedere klacht van de Toezichthoudende autoriteit ten aanzien van de persoonsgegevens die worden verwerkt bij het uitvoeren van dit Convenant.
d) Partijen verlenen medewerking wanneer een cliënt een verzoek indient ter uitoefening van zijn of haar rechten zoals, maar niet beperkt tot, het recht op inzage, verbetering, verwijdering, bezwaar maken tegen de verwerking van de persoonsgegevens en een verzoek tot overdraagbaarheid van de eigen persoonsgegevens. e) Partijen informeren de betrokken wederpartij(en) binnen twee werkdagen over ieder rechterlijk bevel, dagvaarding, wettelijke verplichting of anderszins verplichting tot het delen van persoonsgegevens met derden. f) Partijen informeren de betrokken wederpartij(en) zonder onredelijke vertraging, doch uiterlijk binnen 48 uur, zodra zij kennis heeft genomen van een inbreuk in verband met de beveiliging van betreffende persoonsgegevens en verstrekt daarbij alle noodzakelijk geachte informatie. g) Partijen zullen aan de betrokken wederpartij(en) de volgende informatie verstrekken in geval van een inbreuk in verband met de beveiliging van betreffende persoonsgegevens: i. een gedetailleerde omschrijving van de inbreuk in verband met de beveiliging van betreffende persoonsgegevens; ii. type/soort persoonsgegevens dat daarbij betrokken is; iii. van hoeveel personen de persoonsgegevens daarbij betrokken zijn; Uitstroomconvenant zelfstandig wonen in Zuidoost-Drenthe
iv. de identiteit van de personen die daarbij betrokken zijn; v. de getroffen maatregelen om negatieve gevolgen voor de betrokkene(n) te beperken en de betreffende inbreuk te verhelpen; vi. de oorzaak van de inbreuk in verband met de beveiliging van betreffende persoonsgegevens; vii. de duur van de inbreuk en het ontstaansmoment. h) De eventuele kosten die gemaakt worden om de inbreuk in verband met de beveiliging van betreffende persoonsgegevens op te lossen, komen voor rekening van degene die de kosten maakt, tenzij de inbreuk is ontstaan door het niet-nakomen van dit Convenant, dan komen de kosten voor rekening van de betreffende partij. i) Communicatie over de inbreuk in verband met de beveiliging van betreffende persoonsgegevens zal altijd geschieden in overleg. j) Als een Partij in strijd handelt met dit artikel en/of relevante Wet- en regelgeving op het gebied van bescherming van persoonsgegevens, dan zal zij de betrokken wederpartij(en) vrijwaren tegen aanspraken van derden ter zake.
Uitstroomconvenant zelfstandig wonen in Zuidoost-Drenthe