Invulling structurele taakstelling 2022 ev.pdf
Tekst van het document
Voorstellen invulling structurele taakstelling sociaal domein vanaf 2022
1. Inleiding Om binnen het sociaal domein op termijn weer een goede balans tussen uitgaven en inkomsten te hebben is een structurele taakstelling van € 1,3 miljoen berekend. In deze notitie biedt het college de gemeenteraad voorstellen aan om invulling te geven aan die structurele taakstelling. De taakstelling wordt ingevuld met maatregelen die betrekking hebben op de uitvoering van de Jeugdwet, de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en minimabeleid en bijzondere bijstand. We stellen voor om een deel van de taakstelling in te vullen met de maatregelen die ook worden voorgesteld bij de invulling van de taakstelling voor 2021 en die een structureel karakter hebben. Daarnaast worden voorstellen gedaan die betrekking hebben op de Wmo en minimabeleid en bijzondere bijstand. Deze voorstellen zijn niet nieuw. Ze zijn eerder gepresenteerd bij de Kaderbrief 20212024 en ook tijdens de raadsbijeenkomst op 3 februari 2021 aan de orde geweest. Wat betreft het onderdeel ‘minimabeleid en bijzondere bijstand’ doen wij een vergelijkbaar voorstel als bij de Kaderbrief 2021-2024. Wij stellen voor om de huidige regelingen te heroverwegen en op basis wat er in deze tijd nodig en wenselijk is, vervolgens te kijken naar de mogelijkheid om een meer geïntegreerd beleid te voeren. Deze integrale aanpak vraagt meedenken, overleg en afstemming van meerdere partijen, vooral de adviesraden.
Tot slot is er nog een onderdeel ‘Interne maatregelen’ opgenomen. Waar voorstellen worden gedaan die (in)directe gevolgen voor inwoners en/of organisaties hebben, acht het college het noodzakelijk om ook aan te geven wat de interne gevolgen zijn.
2. Jeugdwet De maatregelen die hieronder in het kader van de uitvoering van de Jeugdwet worden genoemd, zijn dezelfde die voor de invulling van de taakstelling 2021 worden genoemd. Deze maatregelen hebben dus een structureel karakter. Daarnaast worden ook de vijf projecten kort belicht. Deze zijn in een afzonderlijk voorstel aan u voorgelegd.
Woord vooraf 1
De maatregelen en investeringen met betrekking tot de jeugdhulp hebben niet alleen als doel om een effectievere en efficiëntere hulpverlening te realiseren, maar ook om te leiden tot besparingen. Het is niet altijd mogelijk om die besparingen goed te duiden in euro’s. Zo gaat bijvoorbeeld van de inzet van de toezichthouder jeugd vooral een preventieve werking uit; iets wat niet wordt of is gedaan, laat zich zeer beperkt tot niet registreren. Door de inzet van de praktijkondersteuner jeugd bij de huisartsen willen we ook voorkomen dat duurdere zorg moet worden ingezet. Het is echter niet exact te bepalen hoe dat traject van zwaardere zorg eruit had gezien en wat daarvan de kosten zouden zijn. Bij elke maatregel is een besparing vermeld met daarbij de opmerking dat het gaat om een (globale) inschatting. We stellen voor om de effecten van de maatregelen en investeringen in 2023 te evalueren en daar waar nodig bij te stellen
Bezuinigingsmaatregelen vanuit 2021 Bezuinigingsmaatregel
Beoogde besparing
Toelichting en maatschappelijk effect
25.000
Beleidsaa npassing via raad nodig? Nee
1
Terugdringen instroom
2
Doorstroom en uitstroom bespoedigen, behandel- en begeleidingsduur verkorten
35.000
Nee
Niet ‘u vraagt, wij draaien’, maar samen toewerken naar de gewenste situatie. Als er geen duidelijk doel is of geen commitment van de ouders, dan wordt er geen jeugdhulp uit de categorie ‘zwaar’ ingezet. Dit kan leiden tot frustratie en discussie bij inwoners en aanbieders en toename bezwaar. Ook dit vereist een goede samenwerking met huisartsen.
2
Verder inzetten op versterken basis en normaliseren als tegenwicht op problematiseren en te snel zorg inzetten. Meer inzet op eigen kracht, het netwerk en voorliggende voorzieningen. Minder inzet op individuele voorzieningen. Dit kan discussies met ouders opleveren en leiden tot bezwaren. Dit vereist een goede samenwerking met de huisartsen. De POH Jeugd is dé schakel in de samenwerking tussen gemeente en huisartsen.
3
Van Jeugdwet naar wet langdurige zorg (WLZ)
TOTAAL
40.000
Nee
Er zit een grijs gebied tussen de Jeugdwet en de WLZ. Kinderen met ontwikkelperspectief vallen onder de Jeugdwet. In sommige gevallen is het perspectief echter zeer beperkt. In dat geval zou de zorg onder de Wlz moeten vallen ipv de Jeugdwet. Voor de ouders en kind kan een wijziging van zorg/aanbod een behoorlijke impact hebben. De zorg voor het kind is met de WLZ wel duurzaam goed geborgd. Het kind mag in ieder geval niet de dupe worden van het vraagstuk Jeugdwet of WLZ.
100.000
Eerder in gang gezette maatregelen Er is al eerder een aantal maatregelen in gang gezet. Die worden hieronder benoemd. 1. 2. 3. 4. 5.
Buurtgezinnen; Aanscherpen beleidsregels; Toezichthouder; Zorgmakelaar; POH-jeugd. 1. Buurtgezinnen
Buurtgezinnen kunnen een grote rol hebben in het leven van de kinderen en daardoor hoeven we minder/geen gebruik te maken van andere opvangmogelijkheden die onder de Jeugdwet vallen. Buurtgezinnen biedt deze gezinnen een geselecteerd gezin in de buurt aan, dat het kind regelmatig opvangt. Hierdoor groeit het kind op met extra aandacht en stabiliteit van het meeleefgezin. Buurtgezinnen legt een basis voor duurzame en gelijkwaardige relaties tussen de gezinnen. Dit stimuleert de gezonde ontwikkeling van het kind. De opvang geeft ouders hersteltijd waardoor ze positiever in de opvoeding kunnen staan. Buurtgezinnen ondersteunt de gezinnen. In 2020 maakten 6 Woldense kinderen gebruik van de tweedelijns jeugdhulpvorm ‘logeren’. Dit kostte gemeente De Wolden in totaal € 52.000 euro per jaar. Stichting Buurtgezinnen helpt 3 tot 5 Woldense gezinnen per jaar. Dit kost de eerste twee jaar ongeveer € 13.000 euro per jaar plus de kosten per koppeling. De kosten per koppeling, de eerste twee jaren (dat kunnen ook meerdere broertjes en zusjes zijn): € 3.250 euro. Daarna wordt een koppeling tussen Buurtgezin en vraaggezin duurzaam bestendigd, waardoor er voor die koppelingen geen kosten meer zijn. Belangrijke nuancering:
3
-
Sommige kinderen hebben specialistische zorg nodig en komen niet in aanmerking voor een Buurtgezin; - Aan de andere kant ontlast een Buurtgezin niet alleen de ‘logeerzorg’; een Buurtgezin kan allerlei lichte hulpvragen oppakken die anders mogelijk bij de tweede lijn zouden belanden. De besparing is dus breder dan alleen op ‘logeerzorg’. Echter, dit is zo breed dat dit niet goed te berekenen is. De inzet van buurtgezinnen is per januari 2021 operationeel. De verwachting is dat we met deze inzet € 20.000 besparen. Dit wordt ook gemonitord, maar het is nu nog te vroeg om iets te zeggen over de daadwerkelijke besparing. Besparing: € 20.000
2. Aanscherpen beleidsregels jeugdhulp Indicaties voor een persoonsgebonden budget werden vooral gesteld aan de hand van wat algemeen gebruikelijk is. Zorg die boven het algemeen gebruikelijke uitkomt, komt in aanmerking voor een indicatie. De beleidsregels zijn aangepast vanuit het idee om alleen te indiceren wat nodig is om bepaalde doelen te bereiken. Daarmee kunnen veel indicaties verminderd worden. Met de aanscherping is het doel in de beschikking leidend in plaats van boven gebruikelijke zorg die ouders bieden. Jeugdhulp is bedoeld om kinderen te helpen zo snel als mogelijk weer op eigen benen te staan. Ook de inzet van een persoonsgebonden budget (PGB) is hiervoor bedoeld. Bij PGB is tevens het uitgangspunt dat een ouder geen hulpverlener kan zijn voor zijn/haar eigen kind. Ook t.a.v. huiswerkbegeleiding kunnen we met de aanscherping van de beleidsregels beter sturen. Het (in nauwe samenwerking met de uitvoering) aanscherpen van de beleidsregels richt zich tot nu toe vooral op het persoonsgebonden budget (PGB). We zien de kosten voor PGB flink dalen. De hypothese is dat dit een direct gevolg is van de aangescherpte beleidsregels. In 2019 geeft gemeente De Wolden aan dit specifieke onderdeel van de jeugdhulp € 280.910 uit. In 2020, met de aangescherpte beleidsregels, geeft gemeente De Wolden nog € 104.982 uit.
In 2021 worden de beleidsregels nog verder aangescherpt, met meer focus op álle financieringsvormen (dus ook zorg in natura (ZIN)). Feitelijke daling in kosten op het PGB-onderdeel in 2020: € 175.928 Belangrijke nuancering: -
Het is mogelijk dat de daling in PGB-kosten zorgt voor een stijging bij ZIN. Dit is echter in veel gevallen niet zo; er is door de nieuwe beleidsregels bepaald dat bepaalde vormen van jeugdhulp nu onder gebruikelijke zorg vallen. - Er kunnen ook andere oorzaken zijn voor een deel van de daling, bijvoorbeeld doordat veel jeugdigen 18 jaar zijn geworden en niet meer onder de Jeugdwet vallen. Besparing: € 50.000 3. Toezichthouder jeugdhulp In januari 2020 is de toezichthouder jeugd van start gegaan bij de SWO. Eerst is gewerkt aan een plan van aanpak wat vervolgens tot uitvoering is gebracht. Door Corona kon niet alles worden uitgevoerd. Wel is gewerkt aan kwaliteitsverbetering, zoals bijvoorbeeld een 4
uitgebreide kennismaking/screening van (nieuwe) PGB-aanbieders, toetsing van de zorgovereenkomsten PGB. De toezichthouder speelt ook een rol bij de toetsing van de prestatielevering. Hierbij controleren we de inzet t.o.v. hetgeen in de beschikking is afgesproken. Voor 2021 richt de toezichthouder zich op ZIN en dan specifiek op aanbieders die 100% van de beschikking verzilveren. Dat kan een duiding zijn van onregelmatigheden. De verwachting is dat de inzet van een toezichthouder (na aftrek van de kosten van aanstelling van € 15.000) een netto besparing oplevert van € 10.000,-. Besparing: € 10.000
4. Zorgmakelaar De kosten voor kinderen die door gecertificeerde instellingen (GI’s) zijn verwezen, zijn naar verhouding het hoogst. Dit betreft veelal complexe situaties. We zagen dat GI’s niet goed thuis zijn in het inkoopmodel. Inzet en inschatting benodigde ondersteuning werden daarom regelmatig overgelaten aan de aanbieder. Niet altijd werd tijdig afgestemd met de betreffende gemeente. In het kader van het Drentse transformatieplan is daarom voorzien in de aanstelling van twee zorgmakelaars. Deze werken voor alle 3 de GI’s in Drenthe en t.b.v. alle Drentse gemeenten. Medio 2020 is de zorgmakelaar in Drenthe van start gegaan. Eerst is gewerkt aan een goede analyse. Hieruit is de opdracht aan de zorgmakelaar voortgekomen. In november 2020 is de zorgmakelaar aan de slag gegaan met de uitvoering van deze opdracht. Zo is een samenwerkingsprotocol opgesteld om de samenwerking tussen gecertificeerde instellingen (GI) en gemeenten te verbeteren. De zorgmakelaar heeft ook geregeld dat alle GI-medewerkers zijn getraind op het gebied van ons inkoopmodel. De verwachting is dat de zorgmakelaar netto een besparing oplevert van € 20.000. De kosten voor de zorgmakelaar worden gefinancierd uit het transformatiebudget van de jeugdhulpregio. Besparing : € 20.000.
5. Inzet POH-jeugd De ervaring met deze inzet laat zien dat het aantal verwijzingen vanuit de huisartsenpraktijk naar de tweede lijn terugloopt en de POH(=praktijkondersteuner huisarts)-jeugd veel zaken in praktijk zelf kan afhandelen. Mocht alsnog doorverwijzing nodig zijn dan heeft de vraagverheldering al plaatsgevonden, waarna een verwijzing kan plaatsvinden via de huisarts. Uit de ervaringen in de praktijken Ruinen en Ruinerwold zien we dat ruim 20% van de verwijzingen die bij de praktijkondersteuner Jeugd terechtkomen nog maar verwezen worden naar de 2e lijn. Uit een meting over een periode van 4 maanden blijkt dat van 28 casussen die door de huisarts zijn doorverwezen naar de POH-Jeugd, hiervan uiteindelijk 6 casussen worden doorverwezen naar de tweedelijns jeugdzorg; 7 casussen gaan na 1 gesprek naar het voorveld en 15 casussen worden afgehandeld door de praktijkondersteuner zelf. Zonder inzet van de praktijkondersteuner waren al deze casussen in de tweedelijns jeugdzorg terechtgekomen. Dat levert een aanzienlijke 5
besparing op. De kosten voor de inzet in deze 2 praktijken zijn: € 12.000 op jaarbasis. We willen de inzet van praktijkondersteuners in De Wolden graag verder verbreden. De verwachting was dat de inzet een besparing zou opleveren van netto € 35.000,-. Dit wordt ruimschoots behaald. Besparing: € 50.000
Voortzetting projecten In een afzonderlijk raadsvoorstel wordt voorgesteld om de volgende projecten per 1 januari 2022 structureel voort te zetten: a. b. c. d. e.
Schoolmaatschappelijk werk (SMW) 12+; Begeleid Zelfstandig Wonen-huis Zuidwolde; Opzetten van ‘Moeders van De Wolden’; Thuiscoaches De Wolden; Praktijkondersteuner huisartsen.
Bij dat raadsvoorstel zitten collegevoorstellen met uitvoerige informatie over de verschillende projecten. De projecten vragen een financiële investering aan de voorkant. De (in veel opzichten moeilijk meetbare) hypothese is dat de projecten aan de achterkant geld én positieve effecten in het leven van Woldense inwoners opleveren.
6
3. Maatschappelijke ondersteuning (Wmo) De structurele maatregelen die hieronder in het kader van de uitvoering van de Wmo worden voorgesteld, zijn onderverdeeld in: 1. Dezelfde maatregelen die ook worden voorgesteld voor de invulling van taakstelling 2021; 2. Maatregelen die ook bij de Kaderbrief 2021 zijn gepresenteerd en ook in de raadsbijeenkomst op 3 februari 2021aan de orde zijn geweest.
A. Maatregelen overeenkomstig invulling taakstelling 2021
Bezuinigingsmaatregel
Beoogde besparing
Beleidsaanpassing via raad nodig? Nee
Toelichting en maatschappelijk effect
1
Het algemeen gebruikelijk maken van bepaalde woonvoorzieningen
2.000
2
Het innemen van scootmobielen waar geen gebruik van wordt gemaakt
PM (5.00015.000)
Nee
PM (02.500)
Nee
Heronderzoek uitvoeren bij cliënten die hun scootmobiel weinig gebruiken. Bij geen gebruik, de voorziening aanwenden voor anderen en verzekering en onderhoudscontract stopzetten. In wooncomplexen tilliftenpools realiseren voor gezamenlijk gebruik: bijvoorbeeld 1 tillift per vleugel of galerij.
3
Het maken van tilliftenpools
7
Strakker indiceren bij verhuizing van een aangepaste woning naar een woning waarbij aanpassingen nog moeten worden gerealiseerd. Eenvoudige woonvoorzieningen niet meer vergoeden, zoals eenvoudige douchestoelen, eenvoudige toiletstoelen, drempelhulpen en het nivelleren van drempels bij de voordeur en/of achterdeur. We doen een groter beroep op eigen kracht en eigen financiële middelen.
Hierdoor moet een cliënt mogelijk langer wachten op persoonlijke verzorging. 4
5
Check op rechtmatigheid 100% facturaties
Toepassen 5% boeteclausule bij late facturatie aanbieders
PM (5.00015.000)
Nee
PM (5.00015.000)
Nee
Controle van facturen voor Wmo begeleiding waarbij 100% in rekening wordt gebracht, terwijl er normalerwijze ook sprake is van zogenaamde ‘no show’ en vakanties. Onrechtmatige betalingen worden terug- en ingevorderd. Deze maatregel stimuleert zorgaanbieders om correct te factureren. Conform contract bij facturen die te laat worden aangeleverd 5% van het factuurbedrag in mindering brengen, tenzij sprake is van overmacht. Dit vooraf goed communiceren. Deze maatregel leidt tot snellere facturatie en eerder inzicht in kosten.
6
Maandlonen omzetten in uurlonen
3.000
Nee
Alle maandlonen PGB omzetten naar uurlonen. Hierdoor sluit de betaling beter aan op de daadwerkelijk geleverde zorg. Uurlonen zijn beter controleerbaar. Dit leidt tot een toename van de administratieve lasten van budgethouders die nu nog maandlonen hanteren. Zij moeten met hun zorgverlener een nieuwe overeenkomst sluiten en gewerkte uren controleren en laten uitbetalen door de SVB.
7
Aanpassen werkprocessen toegang
PM (5.00015.000)
Nee
8
1. Nog beter checken op de mogelijkheid om voorliggende voorzieningen in te zetten. 2. Strakker verwijzen naar het sociaal netwerk.
3. Indicaties niet direct te hoog inzetten. 4. Strenger controleren op het behalen van de doelen in de zorgplannen. 5. Indicaties waar geen verbetering wordt verwacht (zonder uitzicht op WLZ) administratief verlengen (scheelt inzet capaciteit medewerkers SWO).
8
PGB-tussentarief voor ZZP-aanbieders van begeleiding individueel
5.000
Ja
Dit betekent een groter beroep op eigen kracht en voorliggende voorzieningen. Voor ZZP-aanbieders die individuele begeleiding bieden op PGB-basis niet meer het professionele tarief hanteren, maar een tussentarief tussen professioneel tarief en een netwerktarief. ZZP-aanbieders ontvangen minder inkomsten.
TOTAAL
51.250
B. Maatregelen uit Kaderbrief 2021-2024 3.1 Verlagen mantelzorgcompliment Inleiding Het mantelzorg-beleid als onderdeel van het totale Wmo-beleid, kent de volgende uitvoeringselementen: 1. Inzet mantelzorgconsulenten; 2. Uitvoering mantelzorgcompliment; 3. Uitvoering jaarlijkse dag van de mantelzorg. Alle drie onderdelen worden uitgevoerd door de Stichting Welzijn De Wolden. Het mantelzorgbeleid richt zich op alle leeftijdsgroepen. Speciale aandacht is er voor jonge mantelzorgers. Voorstel Het jaarlijkse compliment verlagen van € 300 naar € 200 per mantelzorgontvanger. Achtergrond van het voorstel 9
De Wolden is een van de weinige gemeenten die het mantelzorgcompliment in de vorm van een geldbedrag verstrekt. Binnen die gemeenten behoort De Wolden met een bedrag van maximaal € 300 per jaar per mantelzorgontvanger tot de koplopers. Overigens doen veel mantelzorgers geen beroep op het compliment, omdat ze het mantelzorgen als vanzelfsprekend ervaren. Degene die mantelzorg ontvangt, kan daarmee zijn/haar waardering ondersteunen voor het werk van de mantelzorger. Een verlaging van dat bedrag tot € 200 betekent nog steeds een substantieel bedrag om de waardering richting mantelzorger(s) te ondersteunen. Wat levert het op en per wanneer Het financiële effect bedraagt ca. € 40.000 per jaar en kan per 1 januari 2022 ingaan. Wat zijn de maatschappelijke effecten van deze besparing Hoewel het een lager bedrag is, blijft het een substantieel bedrag om te geven aan de mantelzorger(s). Uitvoeringskosten Niet van toepassing. Past binnen de bestaande (personeels)budgetten.
3.2 Stimuleren gebruik algemene voorzieningen Voorstel Het voorstel is om door middel van het meer creëren en gebruik maken van algemene, voorliggende voorzieningen de kosten van ondersteuning kunnen worden verlaagd. Achtergrond van het voorstel Samen met een aantal lokale partners zoals de Stichting Onafhankelijke Clientondersteuning, Stichting Welzijn De Wolden en een aantal zorgaanbieders willen we kijken welke algemene voorzieningen we kunnen ontwikkelen. De extra inzet die De Wolden doet op het gebied van onafhankelijke cliëntondersteuning kan ook gezien worden als een algemene voorziening. Het primaire doel van die inzet is dat problemen van inwoners worden opgelost danwel dat er snel een verwijzing naar de juiste zorg is. Een secundair doel is om met die inzet ook (hogere) kosten voor zorg en ondersteuning te besparen. Wat levert het op en per wanneer We verwachten hier op termijn een besparing van € 45.000 te kunnen realiseren. Het onderzoeken van de mogelijkheden vergt tijd en overleg. Deze zijn echter goedkoper dan de maatwerkvoorzieningen. Uitvoeringskosten Niet van toepassing. Past binnen de bestaande budgetten.
3.3 Meerkostenregeling Inleiding
10
De Regeling Meerkosten is een regeling voor inwoners met een chronische ziekte of handicap. Inwoners die als gevolg van de chronische ziekte of handicap extra kosten maken, kunnen mogelijk in aanmerking komen voor een tegemoetkoming vanuit de Regeling Meerkosten. Voorwaarden zijn dan wel dat de betreffende inwoner over het voorgaande jaar een inkomen heeft tot 120% van de bijstandsnorm die van toepassing is, en hij/zij aantoonbare meerkosten heeft als gevolg van de chronische ziekte en/of beperking. Er kan een tegemoetkoming worden aangevraagd voor de volgende kosten: - Eigen bijdrage Wmo en/of Wlz-voorziening; - Wettelijk eigen risico zorgverzekering; - Bezorgde kant-en-klaar maaltijden; - Aanschaf hulpmiddelen of woningaanpassing. De tegemoetkoming bedraagt maximaal € 450 per persoon. Voorstel Een mogelijke besparing kan gerealiseerd worden door de inkomensgrens te verlagen naar 110% de bijstandsnorm waardoor minder inwoners in aanmerking komen voor een tegemoetkoming. Daarnaast kan het bedrag persoon neerwaarts worden bijgesteld. Behalve voor de meerkostenregeling wordt de inkomensgrens van 120% ook gehanteerd bij het kindpakket en de collectieve ziektekostenverzekering. De overige regelingen (zie onderdeel ´Minimabeleid en bijzondere bijstand) hebben een inkomensgrens van 110%. Een andere optie is om het bedrag per persoon naar beneden bij te stellen.
Een argument om dat te doen is de verlaging van de eigen bijdrage Wmo door de invoering van het abonnementstarief, waardoor inwoners ongeacht inkomen en vermogen, maximaal € 19 per maand betalen. In dit voorstel gaan we uit van een verlaging van de tegemoetkoming tot maximaal € 200 per persoon. Sinds de invoering van de meerkostenregeling in 2016 bedragen de jaarlijkse uitgaven ca. € 150.000. Wat levert het op en per wanneer Een verlaging van de tegemoetkoming naar € 200 per persoon levert naar verwachting een besparing op van € 65.000 per jaar. Indien de formele besluitvorming (aanpassing verordening door gemeenteraad en aanpassing beleidsregels door het college) tijdig kan plaatsvinden, kan de besparing vanaf 1 januari 2022 worden gerealiseerd. Wat zijn de maatschappelijke effecten van deze besparing Het maatschappelijk effect is dat de doelgroep met een inkomen tot 120% van de bijstandsnorm een lagere tegemoetkoming per persoon ontvangt. Uitvoeringskosten Niet van toepassing. Past binnen de bestaande (personeels)budgetten.
3.4 Verlagen normtijden thuishulp Inleiding In De Wolden zijn er ruim 600 inwoners met een indicatie voor thuishulp (voorheen: ‘hulp in het huishouden’). In de thuishulp onderscheiden wij twee categorieën: 1. Thuishulp basis: betreft het overnemen van lichte huishoudelijke taken. 11
2. Thuishulp plus: betreft het aanleren van vaardigheden met als doel het huishouden weer zelf te kunnen doen, oftewel samen opwerken in het huishouden. Ook wordt het wel ingezet bij mensen met dementie die geen regie meer kunnen voeren. Voor het toekennen of indiceren van thuishulp hanteert de gemeente momenteel nog ruime, van voor 2015 geldende normen. Na 2015 zijn veel gemeenten overgegaan tot het aanpassen van deze normen, De Wolden heeft hier destijds bewust niet voor gekozen. Uitgaande van de 4 uitspraken van de Centrale Raad van Beroep op 10 december 2018 is het mogelijk de normtijden huishoudelijke hulp aan te passen, mits maatwerk mogelijk blijft. Het voorstel is dan ook om de gemeentelijke normtijden voor de thuishulp aan te passen. Onderdeel: Deze maatregel wordt uitgevoerd door de toegang. Maatschappelijk effect: Het maatschappelijk effect zal zijn dat een aantal inwoners minder huishoudelijke hulp krijgt dan tot nu toe en mogelijk dus zelf meer hulp moeten organiseren. Financieel effect: Op basis van ervaringen van andere gemeenten, wordt de besparing geraamd op € 300.000,00 per jaar. De besparing kan gefaseerd worden gerealiseerd vanaf 1 januari 2022. Dit betekent dat we voor 2022 vooralsnog uitgaan van een besparing van € 150.000. Voor het realiseren van een structurele besparing is een eenmalige investering nodig. Die wordt geschat op € 130.000.
Daarbij gaat het in hoofdzaak om kosten in verband met tijdelijk extra personele inzet (consulent; administratieve ondersteuning). Hoe te sturen op de realisatie? Na het vaststellen van een nieuw normenkader zullen alle inwoners met een indicatie Wmo thuishulp hierover worden geïnformeerd. Binnen een projectmatige opzet zullen alle indicaties worden herzien en krijgen de inwoners na een gesprek met een consulent een nieuwe beschikking. De te realiseren besparing zal worden gemonitord middels een hiervoor ontworpen dashboard.
12
4. Participatie, minimabeleid en bijzondere bijstand De structurele maatregelen in dit onderdeel staan vermeld, zijn onderverdeeld in: a. Dezelfde maatregelen die ook worden voorgesteld voor de invulling van taakstelling 2021; b. Maatregelen die ook bij de Kaderbrief 2021 zijn gepresenteerd.
A. Maatregelen overeenkomstig invulling taakstelling 2021 Bezuinigingsmaatregel
Beoogde besparing
1
Besparing op de post Diverse kosten
15.000
Beleidsaanpassing via raad nodig? Nee
2
Efficiency voordelen WSW-bedrijven
Pm
Nee
Totaal
Toelichting en maatschappelijk effect Dit budget wordt niet volledig gebruikt en kan daarom krapper. De WSW-bedrijven maken een efficiency slag. Daaraan is nog niet een bedrag te koppelen.
15.000
B. Maatregelen uit Kaderbrief 2021-2024 Inleiding Dit onderdeel van het overzicht van te nemen maatregelen wijkt af van de voorgaande onderdelen jeugdhulp en Wmo. Een vergelijkbare uitwerking als van de andere onderdelen vergt meer tijd en afstemming. Daarom wordt op dit moment volstaan met een weergave van: 1. Welke regelingen hebben we allemaal?; 2. Wat houden ze in en voor welke doelgroep zijn ze bedoeld?; 4.1 Sociaal participatiefonds Inhoud regeling en doelgroep De regeling is bedoeld om inwoners met een laag inkomen in staat te stellen mee te doen aan maatschappelijke activiteiten. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om: - Abonnement tijdschrift of krant; - Lidmaatschap sportvereniging; - Bezoek aan theater, bioscoop, concert, museum, dierentuin of attractiepark; - Lidmaatschap bibliotheek. De jaarlijkse vergoeding bedraagt maximaal € 304. De inkomensgrens ligt op 110% van de bijstandsnorm. 13
4.2 Collectieve zorgverzekering minima Inhoud regeling en doelgroep De regeling is bedoeld om inwoners met een laag inkomen goed verzekerd te laten zijn. De regeling wordt in samenspraak met Zilveren Kruis aangeboden. De bijdrage vanuit de gemeente bedraagt € 10 per maand ofwel €120 per jaar. De inkomensgrens ligt op 120% van de bijstandsnorm.
4.3 Individuele inkomenstoeslag Inhoud regeling en doelgroep De individuele inkomenstoeslag wordt vertrekt aan inwoners van 21 jaar of ouder die al 3 jaar of meer van een laag inkomen (maximaal 110% van de bijstandsnorm) moeten rondkomen en geen uitzicht op een hoger inkomen hebben. Inwoners wenden deze vergoeding meestal aan om gebruiksgoederen die aan vervanging toe zijn, te vervangen zoals koelkast, fornuis, bankstel. De hoogte van de vergoeding is afhankelijk van de gezinssamenstelling en bedraagt tussen de € 579 en € 737 per jaar. De inkomensgrens ligt op 110% van de bijstandsnorm.
4.4 Kindpakket Inhoud regeling en doelgroep Gezinnen met een laag inkomen en (een) kind/kinderen tot en met 17 jaar kunnen een beroep doen op het kindpakket. In tegenstelling tot andere (kind)regelingen worden er geen bedragen overgemaakt, maar worden er vergoedingen ‘in natura’ gegeven. Het kan daarbij gaan om een smartphone, kledingcheque, zwemabonnement, speelgoed, onderhoud fiets. De inkomensgrens ligt op 120% van de bijstandsnorm.
4.5 Individuele studietoeslag Inhoud regeling en doelgroep Deze regeling is bedoeld voor inwoners van 18 jaar en ouder die een opleiding volgen, maar door een beperking niet in staat zijn om het minimumloon te verdienen. De toeslag bedraagt maximaal € 2.500. De inkomensgrens ligt op 110% van de bijstandsnorm.
14
4.6 Tegemoetkoming studiekosten Inhoud regeling en doelgroep Deze regeling is bedoeld voor inwoners met een laag inkomen en schoolgaande kinderen tot 18 jaar. De tegemoetkoming geldt voor het volgend van voortgezet, middelbaar of hoger onderwijs. De hoogte van de tegemoetkoming bedraagt maximaal: € 175,- per jaar voor de kosten van het voortgezet onderwijs; € 424,- als het kind voor het eerst naar het voortgezet onderwijs gaat € 350,- als het kind naar het middelbaar of hoger onderwijs gaat De inkomensgrens ligt op 110% van de bijstandsnorm.
4.7 Bijzondere bijstand Inhoud regeling en doelgroep De bijstand is een sociaal vangnet en is opgebouwd uit algemene bijstand en bijzondere bijstand. De algemene bijstand voorziet in normale omstandigheden in de noodzakelijke kosten van het bestaan. Mensen die echter te maken krijgen met uit bijzondere omstandigheden voortvloeiende noodzakelijke kosten waarin de bijstand niet voorziet, kunnen onder voorwaarden recht hebben op bijzondere bijstand voor die kosten. Bijzondere bijstand geldt voor inwoners van 18 jaar of ouder. Bij het bepalen van de hoogte van de uitkering wordt gekeken naar de noodzakelijkheid van de kosten en de hoogte van inkomen/vermogen. Voorbeelden van kosten zijn: rechtshulp, bewindvoering, reiskosten naar ziekenhuis, medische kosten. Ook noodzakelijke duurzame gebruiksgoederen zoals wasmachine, koelkast, televisie en gasfornuis vallen onder de bijzondere bijstand.
Totaal bedrag 2020 Voor het minimabeleid en de bijzondere bijstand waren de uitgaven in 2020 ca. € 720.000.
Voorstel: a. Het college stelt voor om het huidige beleid te heroverwegen. Op basis wat er in deze tijd nodig en wenselijk is, wordt gekeken naar de mogelijkheid om een meer geïntegreerd beleid te voeren. Deze integrale aanpak vraagt meedenken, overleg en afstemming van meerdere partijen en kost meer tijd. b. Aan deze heroverweging een taakstelling van € 150.000 te koppelen. Het is niet waarschijnlijk dat deze besparing al met ingang van 2022 volledig kan worden gerealiseerd, omdat daarvoor het 2e halfjaar 2021 een te korte aanloopperiode lijkt.
15
5. Interne maatregelen
Ambtelijke ondersteuning en efficiency Het college gaat ervan uit dat door het realiseren van besparingen danwel het afschaffen van voorzieningen er minder aanspraak op wordt gedaan. Dat zou op termijn moeten leiden tot minder ambtelijke inzet. Daarnaast gaat het college ervan uit dat er efficiency voordelen behaald kunnen worden waarbij het mogelijk is dat ‘de kost voor de baat’ uit gaat en er dus investeringen nodig zijn om dit mogelijk te maken. We werken dit richting begroting verder uit. We ramen de reductie van uitvoeringskosten in deze kadernota sociaal domein netto op 10% van het totaal, dus € 130.000.
16
6. Totaal overzicht maatregelen Overzicht structurele besparingsmaatregelen
2022
2023
2024
2025
25.000 35.000 40.000 100.000
25.000 35.000 40.000 100.000
25.000 35.000 40.000 100.000
25.000 35.000 40.000 100.000
150.000 0 0 250.000
150.000 0 0 250.000
150.000 0 0 250.000
150.000 0 0 250.000
50.000
50.000
50.000
50.000
maatregelen 2021 8 maatregelen verlagen mantelzorgcomplimenten stimuleren gebruik algemene voorzieningen meerkosten verlagen normtijden maatregelen 2022 totaal wmo
50.000 40.000 22.500 65.000 120.000 247.500 297.500
50.000 40.000 45.000 65.000 300.000 450.000 500.000
50.000 40.000 45.000 65.000 300.000 450.000 500.000
50.000 40.000 45.000 65.000 300.000 450.000 500.000
participatie maatregelen 2021 maatregelen 2022 en verder totaal participatie
15.000 0 15.000
15.000 0 15.000
15.000 0 15.000
15.000 0 15.000
Minimabeleid / Bijzondere bijstand
75.000
150.000
150.000
150.000
Lagere bijdrage aan de SWO 10% van totaal maatregelen € 1,3 miljoen
130.000
130.000
130.000
130.000
TOTAAL structurele maatregelen
767.500 1.045.000 1.045.000 1.045.000
jeugd terugdringen instroom doorstroom uitstroom jeugdwet naar wlz maatregelen 2021 : 3 maatregelen buurtgezinnen, aanscherpen beleidsregels, toezichthouder, zorgmakelaar, poh 'er maatregelen 2021 : 6 nieuw maatregelen geen extra maatregelen 2022 maatregelen 2022 en verder totaal jeugd wmo algemeen gebruik voorzieningen, innemen scootmobielen, tilliftenpools, rechtmatigheidscheck, boeteclausule, maandlonen, werkprocessen, tussentarief
TE REALISEREN structurele taakstelling
1.300.000 1.300.000 1.300.000 1.300.000
NOG TE realiseren
532.500
17
255.000
255.000
255.000