CConstaterende datDe Wolden
Koppel je AI →
Document · PDF

C. VRD Ontwerpbegroting 2024

Gemeenteraad 29 juni 2023, gemeente De WoldenBij agendapunt: Verzamelvoorstellen GR-en12.783 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

ONTWERPBEGROTING 2024 VRD

1

Voorwoord Voor u ligt de begroting van 2024 van Veiligheidsregio Drenthe. We delen in deze begroting onze plannen en laten zien hoe we de plannen willen uitvoeren. Als gevolg van de evaluatie van de Wet veiligheidsregio’s is een wijziging van deze wet te verwachten. De in 2022 gepubliceerde Contourennota van het Ministerie van Justitie en Veiligheid bepaalt deels de richting van de veiligheidsregio’s voor de toekomst. In deze begroting is dan ook terug te lezen dat we ons vast voorbereiden op de wetwijzigingen die vanuit het Rijk op ons afkomen en die moeten leiden tot versterking van crisisbeheersing, brandweerzorg en informatievoorziening. Tegelijkertijd vervullen we onverminderd onze huidige maatschappelijke taken op het gebied van crisisbeheersing, GHOR en brandweer. Een aantal grotere maatschappelijke thema’s hebben invloed op de inhoud van deze taken, maar raken ook onze interne bedrijfsvoering. Deze thema’s hebben we apart toegelicht, zodat zichtbaar wordt hoe zij in de volle breedte impact hebben op ons werk. Ten aanzien van het Programma Brandweerzorg, dat de brandweer in Drenthe toekomstbestendig moet maken met gelijkwaardige brandweerzorg in plaats van gelijke brandweerzorg, is 2024 een belangrijk jaar: de contouren hoe die brandweerzorg er dan uit moet gaan zien, worden steeds scherper.

Daarmee is de brandweer volop in transitie en is 2024 – net als 2023 – een jaar waarin we extra aandacht moeten schenken aan onze brandweervrijwilligers om hen in al deze veranderingen stevig vast te houden. Deze extra aandacht en enkele vakinhoudelijke wijzigingen waarvoor bijscholing nodig is, maken een extra impuls voor de brandweer noodzakelijk. Financieel is er een aantal opvallende zaken in deze begroting: het opvangen van een uitzonderlijk hoge loon- en prijsontwikkeling; een uitzetting van de bijdrage vanuit het rijk (Bdur) voor kwaliteitsverbetering crisisbeheersing en de noodzaak voor tijdelijke impuls voor vakbekwaamheid van brandweermensen. Ook 2024 belooft een dynamisch jaar te worden waarin alle onderdelen van de VRD volop in beweging zijn en zich actief voorbereiden op de wijzigingen die komende jaren op ons afkomen. In deze uitdagende tijden liggen volop kansen om met lef, flexibiliteit en innovatiekracht vorm te geven aan de veiligheidsregio van de toekomst!

Het dagelijks bestuur

2

Leeswijzer: organisatiebrede thema’s apart benoemd De VRD staat midden in de samenleving. Ontwikkelingen in de samenleving volgen elkaar ogenschijnlijk steeds sneller op en hebben een groot effect op de taakuitvoering van de VRD. Kenmerkend is dat deze thema’s daarnaast vaak ook impact hebben op de eigen bedrijfsvoering. Deze autonome ontwikkelingen in de samenleving raken de VRD dus intern en extern en kunnen dan ook niet los van elkaar worden gezien. Voor deze organisatiebrede thema’s is gekozen ze thematisch in deze begroting op te nemen, zodat de onderlinge samenhang zichtbaar blijft. Dit geldt voor de volgende thema’s: Klimaatadaptatie, duurzaamheid en energietransitie; Data en informatie als essentiële schakels; Veranderend vakmanschap en arbeidsmarktontwikkelingen. Daarnaast bevat de begroting toelichting aan de hand van de gebruikelijke thema’s: Crisisbeheersing en Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR); Brandweer Drenthe; Bedrijfsvoering. Na de tekstuele toelichting volgt een overzicht van de kosten volgens de missielijnen van de VRD: 1. Wij treden op bij calamiteiten en crises. 2. Wij vergroten de bewustwording over fysieke veiligheid. 3. Wij zijn onderdeel van de samenleving. 4. Wij zijn een flexibele en wendbare netwerkorganisatie.

Tenslotte zijn de benodigde paragrafen met financiële toelichtingen, de financiële begroting en meerjarenraming en de toelichting per risico opgenomen.

3

Klimaatadaptatie, duurzaamheid en energietransitie Dat het klimaat verandert door menselijk handelen, staat niet meer ter discussie. Wereldwijd zijn de gevolgen daarvan steeds merkbaarder en ingrijpender. Om de effecten van de klimaatverandering te beperken, staan de thema’s duurzaamheid en energietransitie hoog op alle maatschappelijke agenda’s. Tegelijkertijd wordt de samenleving al geconfronteerd met de gevolgen van klimaatverandering en is klimaatadaptatie een actueel thema. Al deze ontwikkelingen hebben gevolgen voor de taakuitvoering van de VRD. Er is sprake van een enorme ontwikkeling van nieuwe kennisdomeinen waarop advisering wenselijk is. Te denken valt daarbij aan zonneweides, waterstofproductie en -transport, energieopslagsystemen en windturbines. Klimaatverandering brengt ook nieuwe inzichten en nieuwe kennis op al bestaande dossiers, waardoor kennisontwikkeling op die dossiers meer dan ooit een continu proces is. Denk bijvoorbeeld aan de impact van droogte en hitte op evenementenadvisering, zorgcontinuïteit en natuurbrandbeheersing. Ten aanzien van duurzaamheid heeft de VRD als overheidsorganisatie ook haar eigen verantwoordelijkheid en wil vandaaruit bijdragen door een duurzame organisatie te zijn. Het klimaatkwadrant (zie afbeelding) biedt houvast voor de rollen en taken die de VRD op dit gebied heeft.

De onderste twee kwadranten gaan over de externe rol die de VRD vervult in de voorbereiding op incidenten als in de bestrijding ervan. De bovenste kwadranten duiden de impact voor de eigen organisatie.

Wat wil de VRD bereiken? -

-

Brede focus op ‘Natuurbrandbeheersing’; Versterken van de kennispositie op nieuwe dossiers Drenthe als evacuatieregio voor hoogwater voorbereiden via bestaande structuren en netwerken Uitvoering geven aan integraal duurzaamheidsbeleid binnen de eigen organisatie.

Klimaatkwadrant van VR IJsselland (ter illustratie)

Wat gaat de VRD daarvoor doen in 2024? Brede focus op natuurbrandbeheersing In het rapport ‘Natuurbrandsignaal’, uitgegeven in januari 2023, staat dat Nederland te maken krijgt met meer en intensere natuurbranden, waarbij de kans op onbeheersbare natuurbranden steeds groter wordt. In combinatie met een verdere verdichting van ons land zal dit leiden tot een grotere impact: niet alleen op natuurgebieden, maar in bredere zin op gezondheid, welzijn, bebouwde omgeving, natuur en economie. Droogte en warmte versterken elkaar waardoor het natuurbrandrisico sneller toe neemt dan het klimaat verandert. Een van de grootste aanbevelingen in het rapport is om het risico van natuurbrand mee te wegen bij de ruimtelijke inrichting. Hiervoor is verbinding en het creëren van een gezamenlijk beeld met

4

mogelijke oplossingen nodig tussen alle partners. Denk aan de provincie, Prolander1, gemeenten, de VRD vanuit de primaire processen van crisisbeheersing en brandweer, waterschappen, recreatieondernemers, natuurorganisaties en -beheerders en andere relevante partners. Het rapport wijst nadrukkelijk naar de veiligheidsregio om deze arbeidsintensieve netwerkrol nadrukkelijk te faciliteren naar alle partners. Bewustzijn creëren bij alle partners en rekening houden met de ruimtelijke inrichting is dan de opdracht en voorwaarde voor eenieder. Met deze verschuiving van natuurbrandbestrijding naar natuurbrandbeheersing, is dit thema niet langer een thema dat alleen de brandweer aan gaat. Natuurbrandbeheersing vraagt van de brandweer, crisisbeheersing en GHOR én alle netwerkpartners tijd en energie om het risico op maatschappelijk ontwrichtende natuurbranden zoveel mogelijk te beperken. Het voorbereiden op risico’s voor gezondheid, vitale infrastructuur, lokale economie, toerisme en effecten op de ruimtelijke inrichting zijn daarin verbindende factoren. Versterken van kennispositie op nieuwe dossiers Er wordt onverminderd energie gestoken in het op peil brengen en houden van kennis. Dit kost tijd en inspanning, omdat er veel nieuwe kennisdossiers zijn ontstaan.

Nieuwe ontwikkelingen in deze dossiers volgen elkaar in hoog tempo op en wet- en regelgeving is niet of nauwelijks aanwezig of verouderd. Het opbouwen van kennis loopt daardoor parallel met de ontwikkelingen die plaatsvinden op deze dossiers. Daarnaast wordt op andere wijzen gezocht naar borging van de kaders op basis waarvan advisering plaatsvindt. Bijvoorbeeld door dit kader door kennisinstituten te laten toetsen. De VRD wisselt continu kennis uit met netwerkpartners en past nieuwe kennis breed toe binnen de eigen organisatie. Drenthe als evacuatieregio voor hoogwater voorbereiden Drenthe heeft niet direct te maken met het risico van hoogwater. Daar staat tegenover dat de hogere ligging van onze regio zich er goed voor leent om bij te dragen bij een eventuele overstroming in de lagere delen van het land. Drenthe is voor zo'n situatie evacuatieregio. Daar geven we invulling aan vanuit het principe van naoberschap. Er worden geen uitgebreide plannen gemaakt over de wijze waarop we eventuele evacuees gaan opvangen, maar zetten de bestaande crisisorganisatie en het uitgebreide netwerk van de VRD in om de opvang in goede banen te leiden.

Integraal duurzaamheidsbeleid binnen de eigen organisatie Naast het feit dat klimaatverandering effect heeft op de hulpverleningstaken van de VRD, heeft de veiligheidsregio als overheidsinstelling ook een maatschappelijke rol en voorbeeldfunctie naar de samenleving. Duurzaamheidsbeleid gaat verder dan maatregelen op het gebied van huisvesting en mobiliteit: op die gebieden volgt de VRD het beleid van de Drentse gemeenten. Duurzaamheid gaat ook over het verduurzamen van opleidingen, risico- en crisisbeheersing en incidentbestrijding. Bovendien worden thema’s als duurzame inzetbaarheid, sociale veiligheid en diversiteit steeds belangrijker. De wijze waarop de VRD invulling geeft aan duurzaamheid in brede zin van het woord gaat steeds vaker het verschil maken bij het behouden en werven van medewerkers en vrijwilligers. Het ontwikkelen en bijstellen van en invulling geven aan duurzaamheidsbeleid is voor de komende jaren een continu proces.

1

Prolander is een Gemeenschappelijke Regeling van de provincies Drenthe en Groningen en is de uitvoeringsorganisatie voor het landelijk gebied in beide provincies.

5

Data en informatie: essentiële schakels met kansen en consequenties Er is geen proces meer denkbaar waarbij data en informatie geen essentiële rol spelen. Dat is bij de VRD niet anders. Of het nu gaat om de meldkamer, de crisisorganisatie, crisisbeheersing en GHOR, brandweer of de interne bedrijfsvoeringsprocessen: zonder data en informatie wordt het ingewikkeld. Daarbij is de snelheid van ontwikkelingen ongekend hoog en voortdurend sneller dan gedacht. Het is belangrijk om steeds mee te gaan in ontwikkelingen, om te voorkomen dat een achterstand wordt opgelopen die niet meer in te halen is. Als het gaat om data en informatie zijn de volgende thema’s binnen de VRD te onderscheiden, die permanente aandacht krijgen en tot het reguliere takenpakket horen:

Kansen -

Informatievoorziening en informatiemanagement De informatievoorziening (IV) zorgt ervoor dat alle informatie beschikbaar is die je nodig hebt om bedrijfsprocessen goed te laten verlopen. Denk daarbij niet alleen aan ICT en applicaties, maar ook data, (werk)afspraken en -procedures, documentatie, communicatiestructuren, en persoonlijke competenties. Want ook de mensen in de organisatie zijn onderdeel van de informatievoorziening. Het is een complex geheel van informatieprocessen, informatiesystemen, mensen, afspraken, techniek en data. Continuïteit en betrouwbaarheid zijn noodzakelijk. De basis moet op orde zijn. Het blijven vernieuwen en ontwikkelen van de informatievoorziening, door innovaties uit de markt toe te passen, samen met partners te ontwikkelen en te experimenteren, garandeert dat de informatievoorziening ook op orde blijft en maximaal wordt benut.

Consequenties -

Informatieveiligheid en privacy Vanuit de landelijke samenwerking van veiligheidsregio’s wordt gewerkt aan het versterken van de cyberweerbaarheid van de veiligheidsregio’s. Dit gebeurt op basis van de informatiebeveiligingstandaard die verplicht is voor overheidsorganisaties. Onderdeel daarvan is het organiseren van de functies ‘monitoring van dreigingen en kwetsbaarheden’ (SOC, Security Operations Centre) en ‘incident response op digitale incidenten’ (CERT, Computer Emergency Response Team). Daarnaast is ook aandacht voor ethische aspecten: niet alles wat door technologische ontwikkelingen mogelijk wordt, is vanuit ethisch oogpunt wenselijk.

-

Cybergevolgbestrijding De crisisorganisatie heeft een rol in het beperken van de maatschappelijk effecten van een cyberaanval of grootschalige uitval van digitale systemen. De crisisorganisatie wordt regelmatig getraind in het omgaan met cybergevolgbestrijding en kennis en vaardigheden op dit thema wordt voortdurend vergroot. Daarnaast wordt actief gewerkt aan het vergroten en onderhouden van het netwerk om zo de onderlinge samenwerking te versterken.

Wat wil de VRD bereiken? -

Aansluiten bij voorziene landelijke ontwikkelingen voor informatievoorziening.

Wat gaat de VRD daarvoor doen in 2024? Aansluiten bij landelijke ontwikkelingen voor informatievoorziening Het ministerie van Justitie en Veiligheid werkt aan een versterking van crisisbeheersing en brandweerzorg. Het doel hiervan is om beter voorbereid te zijn op bovenregionale en landelijke crises en incidenten. De evaluatie van de Wet veiligheidsregio’s en recente crises zijn hiervoor de input geweest. In de contourennota die hierover al is verschenen, wordt de informatievoorziening tussen Rijk, veiligheidsregio’s, politie en andere relevante partners als essentieel genoemd.

6

“Informatiemanagement is een primair proces naast brandweerzorg en crisisbeheersing. Deze taak en rol noodzaken de veiligheidsregio’s om zowel hun eigen regionale informatievoorziening en -beveiliging, als de gezamenlijke informatievoorziening met het Rijk en de andere partners, op orde te hebben. Dat is een cruciale randvoorwaarde om een betrouwbare informatiepositie in rampenbestrijding en crisisbeheersing blijvend in te vullen. Om hieraan te voldoen is continue ontwikkeling essentieel.” 2 Het Rijk werkt aan drie grote ontwikkelingen: 1. Creëren van een wettelijke basis voor gemeenschappelijke informatievoorziening in alle fasen van crisisbeheersing en brandweerzorg. Informatievoorziening is als basisproces één van de belangrijke steunpilaren voor de taakuitvoering van de veiligheidsregio’s in de crisisbeheersing en is ook wettelijk zo vastgelegd. Gemeenschappelijke informatievoorziening is essentieel om flexibele en effectieve netwerksamenwerking te realiseren. Ook is het een belangrijke basis voor crisisbesluitvorming ten tijde van daadwerkelijke crises. 2. Inrichting Knooppunt Coördinatie Regio’s-Rijk (KCR2) en wettelijke borging.

Er bestaat een noodzaak voor een gemeenschappelijke informatievoorziening in alle fasen van de crisisbeheersing met alle relevante crisispartners, publiek en privaat waarbij netcentrisch werken het uitgangspunt is: tijd- en plaatsonafhankelijk waarbij alle betrokken partijen op hetzelfde moment over de actuele informatie beschikken. Met KCR2 realiseren het ministerie van Justitie en Veiligheid en de veiligheidsregio’s als onderdeel van de crisisorganisatie en in nauwe aansluiting op het Nationaal Crisiscentrum en in samenwerking met andere departementen en crisispartners, een netwerkorganisatie en werkwijze die gaat helpen om gelijktijdig en gezamenlijk 24/7 over een compleet veiligheidsbeeld te beschikken. 3. Wettelijke borging van de taak(uitvoering) van informatiemanagement en KCR2. Wettelijke borging is noodzakelijk ten aanzien van: o Eén gezamenlijk knooppunt voor een gemeenschappelijke informatievoorziening op het terrein van crisisbeheersing en brandweerzorg, met gestandaardiseerde koppelvlakken, eenduidige definities en heldere (wettelijke) afspraken over het delen van informatie (waaronder het gebruik van persoonsgegevens). o Verplicht gebruik door de veiligheidsregio’s en het Rijk, alsmede de instandhouding hiervan, met inachtneming van de hierboven beschreven elementen.

o Toezicht en handhaving op het toepassen van architectuur(standaarden), beveiligingsnormen en op het beheer en de informatieveiligheid. Niet alleen voor de veiligheidsregio’s zelf, ook in de keten van meldkamers, risico- en crisisbeheersing. Er zijn vanuit het Rijk middelen beschikbaar gesteld, zodat de VRD uitvoering kan geven aan de extra eisen die door landelijke ontwikkelingen aan de informatievoorziening en informatiemanagement gesteld gaan worden.

2

Ministerie van Justitie en Veiligheid, Contourennota Versterking Crisisbeheersing en Brandweerzorg, 06-122022, p. 24.

7

Veranderd vakmanschap en arbeidsmarktontwikkelingen Met de veranderende samenleving veranderen ook de eisen die gesteld worden aan het vakmanschap van alle medewerkers bij de VRD en in de crisisorganisatie. Niet alleen de inhoud van het vak verandert; ook aan de competenties die nodig zijn om goed invulling te geven aan het werk worden andere eisen gesteld. Het bijblijven in het vakgebied kost daardoor vaak meer inspanning in de vorm van tijd, energie en training dan tot nu toe het geval was. Een ander punt van aandacht is de toenemende arbeidsmarktproblematiek: al enkele jaren is sprake van schaarste aan beschikbare professionals op een aantal specifieke domeinen. Dat betekent dat vacatures vaak moeilijk kunnen worden ingevuld. Om in de toekomst flexibel en wendbaar te blijven is het van belang om goed na te denken over de mogelijkheden om het personeelsbestand tijdig aan te vullen én te verjongen. Nieuwe generaties beschikken immers over andere vaardigheden en hebben andere verwachtingen van werkgevers. Deze uitdaging is zichtbaar dwars door de organisatie, maar specifiek op de meldkamer. Ten aanzien van brandweervrijwilligers zijn specifieke maatschappelijke knelpunten te zien.

Vrijwilligers zijn korter verbonden aan de VRD dan voorheen en moeten hun schaarse tijd verdelen over meer prioriteiten, zoals de balans werk/privé, andere maatschappelijke rollen of andere vrijwilligersfuncties. Bij de in gang gezette transitie van gelijke naar gelijkwaardige brandweerzorg is het aanpassen van het huidige bedrijfsmodel en blijvend inspelen op de wensen en behoefte van de vrijwilliger van de toekomst een belangrijk uitgangspunt in het waarborgen van voldoende aanwas.

Wat wil de VRD bereiken? -

Een aantrekkelijke werkgever zijn, meebewegen met het werk en inzetten op talent. Voldoende vrijwilligers werven: nu en in de toekomst. De netwerkfunctie inzetten om personele vraagstukken samen met partners op te lossen. Moderne werkwijze van advisering. Versterken van haar kennispositie om de taak richting samenleving en gemeenten te vervullen. Invulling geven aan veranderend vakmanschap op de Meldkamer Noord-Nederland.

Wat gaat de VRD daarvoor doen in 2024? Een aantrekkelijke werkgever zijn, meebewegen met het werk en inzetten op talent De definitie van goed werkgeverschap is: ‘ondersteuning bieden bij het bereiken van de plek waar elke medewerker zich het best voelt, de beste versie van zichzelf kan zijn en werkgeluk ervaart’. Een medewerker wordt ingezet op het werk dat er te doen is en op de plek waar hij of zij het meeste tot zijn/haar recht komt en waarde toevoegt. En daarmee dan ook het meest productief is voor de organisatie. Talent is daarbij bepalend. Dat is primair in de organisatie, maar kan ook daarbuiten. Dat vraagt flexibiliteit van medewerkers, die daar op hun beurt afwisseling, ontwikkeling, vitaliteit en de voldoening van het werk doen dat past bij hun talent voor terug krijgen. Om medewerkers in de gelegenheid te stellen hun vakmanschap op orde te houden, worden voldoende mogelijkheden geboden om trainingen en opleidingen te volgen. Het gaat hierbij zowel om het bijhouden van vakinhoudelijke kennis, als om het ontwikkelen van competenties en vaardigheden die nodig zijn om het (veranderende) werk kwalitatief goed en efficiënt uit te voeren. Voldoende vrijwilligers: nu en in de toekomst Om mee te bewegen en voldoende potentieel te behouden streeft de VRD naar een minder zwaar eisenpakket, zodat het brandweerwerk aantrekkelijker blijft.

Het krijgen en houden van voldoende vrijwilligers is een integraal onderdeel van het Programma Brandweerzorg dat verderop in deze begroting is beschreven. Daarbij wordt ook geïnvesteerd in een meer inclusieve cultuur op 8

brandweerposten: het is van belang ervoor te zorgen dat een brede groep mensen zich thuis voelt op brandweerposten. Daarnaast wordt meer aandacht besteed aan het informeren van werkgevers in Drenthe wat het betekent wanneer medewerkers ook brandweervrijwilliger zijn. Onderzoek van het NIPV leert dat verbeterde informatie leidt tot een grotere bereidheid onder werkgevers om medewerkers toe te staan onder werktijd bij te dragen aan de vrijwillige brandweer. Netwerkfunctie inzetten om personele vraagstukken samen met partners op te lossen De VRD zet samen met de GGD in op versterking van haar positie op de arbeidsmarkt, onder andere door verbinding aan te gaan met onderwijsinstellingen, gemeenten en andere partners. De mogelijkheden om personeel onderling voor langere of kortere tijd uit te wisselen en andere vormen van samenwerken worden onderzocht. Moderne wijze van advisering Met de veranderingen die op stapel staan voor zowel de brandweer als voor crisisbeheersing, verandert ook de rol van de adviseurs binnen de VRD. Zo vraagt de ontwikkeling van gelijke naar gelijkwaardige brandweerzorg om versterking van advisering over veiligheid aan de voorkant van de veiligheidsketen: de veiligheidsketen werkt immers als een systeem van communicerende vaten en om dat systeem in evenwicht te houden heeft elke wijziging invloed op de andere onderdelen in het systeem.

Daarnaast werd al eerder geconstateerd dat de nieuwe rol van adviseurs op het gebied van klimaatadaptatie en energietransitie veel tijd en energie vraagt, omdat het hier gaat om nieuwe kennisdossiers. Dit betekent dat het vak van adviseur bij de VRD volop in beweging is, zowel bij crisisbeheersing, de brandweer als bij bedrijfsvoering. Niet alleen op vakinhoud, maar ook op het gebied van benodigde competenties die nodig zijn om invulling te kunnen geven aan een andere manier van adviseren. Invulling geven aan veranderend vakmanschap op de Meldkamer Noord-Nederland Met de veiligheidsregio's Fryslân en Groningen vindt samenwerking plaats in de Meldkamer NoordNederland (MNN). Die samenwerking is in 2023 herijkt door vaststelling van convenant samenwerking uitvoering meldkamerfunctie en de (herziene) overeenkomst werkgeverschap. De effecten hiervan worden nu structureel in deze begroting. De drie veiligheidsregio’s hebben daarmee een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de MNN. Onderkend is dat een aantal centralisten de werkzaamheden op de meldkamer niet tot hun pensioen kan vervullen. Hun mobiliteit en arbeidsfitheid vraagt aandacht. De drie regio’s hebben een inspanningsverplichting voor het zoeken naar passend werk voor centralisten die willen doorstromen naar ander werk.

Met elkaar zorgen de drie regio’s voor een 24/7 beschikbaarheid van een calamiteitencoördinator op de meldkamer. De VRD zal daartoe “Om niet” personele bijdrage leveren aan de functie van calamiteitencoördinator van 0,7 fte. Dit is een verhoging van 0,4 fte, die opgevangen wordt binnen het bestaande personeelsbestand.

9

Crisisbeheersing en GHOR Crisisbeheersing (team crisisbeheersing en GHOR en de crisisorganisatie) spant zich in om rampen en crisis te voorkomen, zo klein mogelijk te houden of zo snel mogelijk te beheersen. De crisisorganisatie is in staat om zowel gekende als ongekende crises aan te kunnen. Dat gebeurt met medewerkers van de VRD, van de 12 gemeenten en andere crisispartners. Uitgangspunten van crisisbeheersing zijn een flexibel crisismodel, een breed crisisnetwerk en een goed voorbereide crisisorganisatie. De komende jaren wacht de VRD een stevige versterkingsoperatie op het gebied van crisisbeheersing, geïnitieerd en gestuurd vanuit het Rijk. Hoewel crisisbeheersing in de afgelopen 10 jaar naar een hoger niveau is getild, maken de crises van de afgelopen jaren duidelijk dat het stelsel van crisisbeheersing nog meer verstevigd moet worden. Het doel daarvan is om in toekomstige crises met name op bovenregionaal en landelijk niveau de samenwerking te verbeteren.

Het kabinet heeft naar aanleiding van de Evaluatie Wet veiligheidsregio’s aangekondigd om zo snel mogelijk te komen tot een verbeterd, toekomstbestendig, samenhangend stelsel voor onder andere crisisbeheersing en brandweerzorg.3 Het is voor de VRD essentieel om tijdig en proactief op deze voorziene landelijke ontwikkelingen in te spelen, om te voorkomen dat de veiligheidsregio achter de feiten aan gaat lopen: in de hedendaagse hectiek zijn eenmaal opgelopen achterstanden nauwelijks in te halen.

Wat wil de VRD bereiken? -

Verbeteren van de afstemming en samenwerking tussen Rijk en veiligheidsregio. Verbeteren inbedding van de GHOR binnen crisisbeheersing. Meer aandacht voor internationalisering. Optimaliseren van het gebruik van het actuele veiligheids- en gezondheidsbeeld. Uniformeren van het kwaliteitsniveau van bevolkingszorg en regie op crisiscommunicatie.

Wat gaat de VRD daarvoor doen in 2024? Verbeteren afstemming en samenwerking Rijk-regio’s Veiligheidsregio’s en nationale partners investeren in het versterken van de aansluiting en verbinding tussen het Rijk en de regio’s. Zo worden landelijke crisisplannen indien nodig vertaald naar regionale crisisplannen waarbij de rol en inzet van de veiligheidsregio wordt vastgesteld. Door de kwaliteit van de crisisorganisatie en –functionarissen meer op elkaar af te stemmen wordt de samenwerking tussen de regio's en het rijk vergemakkelijkt. Aandachtspunt bij het vertalen van landelijke plannen naar de regionale plannen is het verschil tussen de Randstedelijke context en de plattelandscontext van de Drentse omgeving Verbeteren inbedding GHOR binnen crisisbeheersing. De GHOR moet als essentieel onderdeel van het stelsel van crisisbeheersing beter worden ingebed. Daarbij hoort ook een verduidelijking van de GHOR-taak in geval van regiogrensoverschrijdende of landelijke crises van langere duur. Die verduidelijking komt terug in de aanpassing van de Wet veiligheidsregio’s. In Drenthe geldt dat de GHOR-taak wordt geleverd vanuit de GGD. Deze taak wordt nu organisatorisch ingebed bij de VRD voor een betere verbinding met de organisatie van crisisbeheersing. Internationalisering Drenthe is een grensregio.

Dat betekent dat er samen met aangrenzende, Duitse regio’s een wederzijdse verantwoordelijkheid is ten aanzien van gezondheid en veiligheid tijdens incidenten en crisis. Er is samenwerking met Duitse hulpdiensten bij het voorkomen en beperken van risico's en de eventuele gevolgen van incidenten. De VRD onderhoudt het internationale netwerk en betrekt

3

Ministerie van Justitie en Veiligheid, Contourennota Versterking Crisisbeheersing en Brandweerzorg, 06-122022, p.2.

10

netwerkpartners bij planvorming, oefening en training. De nabije toekomst richt zich op het tijdig delen van informatie en het gezamenlijk prepareren op crisis en rampen. Zorgcontinuïteit tijdens crises De GHOR streeft ernaar dat slachtoffers bij rampen en crises de best mogelijke zorg krijgen en dat voorkomen wordt dat er nog meer slachtoffers vallen. Daarom zorgt GHOR dat betrokken organisaties - zoals ziekenhuizen, ambulancedienst, huisartsen en GGD - in die situaties één geneeskundige hulpverleningsketen vormen. Daarnaast ondersteunt en adviseert de GHOR zorginstellingen en overheden in hun voorbereiding op crises. De GHOR is de schakel tussen het zorgnetwerk, de veiligheidspartners en het openbaar bestuur en is voorbereid om flexibel en wendbaar te voldoen aan de vraag vanuit gemeenten en netwerkpartners in de aanpak van gekende en ongekende crises. Herijking bevolkingszorg Bevolkingszorg speelt een cruciale rol in de crisisbeheersing. Op landelijk niveau heeft een herijking van bevolkingszorg plaats gevonden. Uniformering van het kwaliteitsniveau van bevolkingszorg de regierol van de veiligheidsregio bij crisiscommunicatie zijn twee belangrijke pijlers. Drenthe haakt aan op deze landelijk ontwikkelingen en kent binnen crisisbeheersing haar eigen project herijking bevolkingszorg.

11

Brandweer Drenthe Het wordt steeds lastiger om brandweervrijwilligers te vinden die kunnen voldoen aan alle eisen die aan de brandweer gesteld worden en om ze vervolgens (langdurig) te binden. Ook op andere gebieden wordt het steeds ingewikkelder om binnen de bestaande werkwijze aan de steeds hogere kwaliteitseisen te voldoen. Dit geldt bijvoorbeeld voor verschillende aspecten van vakbekwaamheid. De grenzen aan van wat nog mogelijk is zijn in veel gevallen bereikt, bijvoorbeeld als het gaat om vakbekwaamheid van medewerkers, paraatheid van de brandweer en kennis van nieuwe risico’s om veilig op te kunnen treden. Om in de toekomst goede brandweerzorg te blijven leveren is het noodzakelijk goed in te spelen op de ontwikkelingen in de samenleving. Daarbij moet voldoende oog zijn voor een acceptabele belasting van brandweermensen én beheersbare kosten van brandweerzorg in zijn totaliteit. ‘Van gelijke naar gelijkwaardige brandweerzorg in Drenthe’ – ook wel bekend als Programma Brandweerzorg - is een aanpassingsproces in 2019 ingezet: het moet in vijf tot tien jaar geleidelijk tot een toekomstbestendig model van brandweerzorg leiden. Dat vraagt lef, flexibiliteit en biedt volop kansen om innovatief vorm te geven aan de toekomst van de brandweer in Drenthe.

De inspanningen voor de nabije toekomst richten zich op het in stand houden van de huidige brandweerzorg en gelijktijdig veranderen om de brandweerorganisatie van de toekomst te realiseren. Deze transitie wordt via vier programmalijnen uitgevoerd: a. Behapbare basis. Door brandweerwerk veiliger, eenvoudiger en meer op maat van het verzorgingsgebied te organiseren, kunnen posten zich efficiënter en effectiever voorbereiden. Dit moet ertoe leiden dat huidige inspanningen voldoende blijven voor eisen van de toekomst, waarmee de trend van toenemende inspanning voor gelijkblijvende kwaliteit wordt gekeerd. b. De samenleving betrekken. Hulp uit de directe omgeving is van grote waarde en kan beter aansluiten op het werk van de brandweer worden. Dit moet leiden tot snellere en effectievere hulpverlening. c. Ondersteuning op afstand. Door leidinggevenden te ondersteunen met specialistische kennis en repressieve coaching wordt brandwerk minder kennisintensief. Dit leidt tot lagere vakbekwaamheidslasten met behoud van veiligheid en kwaliteit. d. Vitale brandweerposten. Vakbekwame, fitte, mentaal weerbare en sociaal verbonden posten zijn voorwaardelijk voor een toekomstbestendige brandweer. Brandweerzorg is een onderdeel van de veiligheidsketen: dit systeem werkt als communicerende vaten.

Aanpassingen in de brandweerzorg hebben rechtstreeks invloed op de andere schakels binnen de veiligheidsketen, waaronder risicobeheersing.

Wat wil de VRD bereiken? -

-

Voortzetting van de implementatie van het Programma Brandweerzorg in het algemeen en daarnaast in het bijzonder aandacht voor: o Versnellen van de programmalijn ‘Ondersteuning op afstand’. o Duurzame inzetbaarheid van vrijwilligers bevorderen. Herstellen van de vakbekwaamheidskloof. Uitvoeren van verbeterpunten keuringslocaties brandweerkeuringen. Verschuiving van adviestaken van risicobeheersing.

Wat gaat de VRD daarvoor doen in 2024? Implementatie van het Programma Brandweerzorg In de periode 2019-2022 is een grondige verkenning uitgevoerd op welke wijze het Programma Brandweerzorg vorm kon krijgen. In 2023 is gestart met de implementatie van een traject waarbij 12

een verandertempo wordt gehanteerd dat past bij een organisatie die voor een groot deel bestaat uit vrijwilligers en die recht doet aan het opgebouwde vertrouwen bij de medewerkers en bij de samenleving. De strategie voor het vormgeven van toekomstbestendige brandweerzorg is gebaseerd op experimenteren en ontdekken met kleine stappen, waardoor op elk moment getoetst kan worden of de ontwikkeling voldoende aansluit bij de ontwikkelingen in de samenleving. Bij de uitvoering van het programma wordt het principe "nieuw voor oud" gehanteerd. Desondanks bestaat de mogelijkheid dat bestuurlijke keuzes ontstaan als gelijkwaardige veiligheid niet gegarandeerd kan worden. Naast het lopende Programma Brandweerzorg waarbinnen tal van activiteiten worden uitgevoerd, ligt in 2024 de focus op: Versnellen van de programmalijn ‘Ondersteuning op afstand’ Door de snelheid van (technologische) ontwikkelingen en gevolgen van bijvoorbeeld klimaatadaptatie en energietransitie nemen risico’s in de samenleving in snel tempo toe en veranderen van aard. Dit leidt tot een breed scala aan incidenten waar de brandweer zich onmogelijk nog op voor kan bereiden op de manier zoals die tot nu gebruikelijk is. Het is niet langer mogelijk om qua kennisniveau vakbekwaam te blijven: de grens is bereikt. Dit leidt tot extra risico’s voor de veiligheid van brandweerpersoneel.

Het is daarom noodzaak om de programmalijn ‘Ondersteuning op afstand’ te versnellen: door leidinggevenden bij de brandweer tijdens de inzet op afstand te ondersteunen met noodzakelijke kennis wordt de veiligheid beter geborgd en neemt de belasting qua kennisniveau op deze groep brandweermensen niet langer toe. Duurzame inzetbaarheid van vrijwilligers bevorderen Het werven, boeien en binden van brandweervrijwilligers wordt steeds lastiger. Er is al langere tijd een trend dat brandweervrijwilligers zich steeds minder lang binden aan de brandweer. Dit levert hogere opleidingskosten op, omdat er vaker nieuwe brandweervrijwilligers moeten worden opgeleid. Daarnaast is het op een aantal plekken steeds lastiger om nieuwe mensen te werven die volledig willen en kunnen voldoen aan de eisen die op dit moment gesteld worden. Het is belangrijk te onderzoeken wat er moet veranderen om brandweervrijwilligers aan te kunnen trekken én hoe deze mensen langer aan de brandweer verbonden kunnen blijven. Er wordt dus gezocht naar nieuwe mogelijkheden om duurzame inzetbaarheid te bevorderen om brandweervrijwilligers langer vast te houden en de brandweerorganisatie te stabiliseren. Dit zou bijvoorbeeld kunnen door de opleidingseisen naar beneden bij te stellen. En dan noodzakelijke kennis en ervaringen aan te vullen door slimme (informatie) technologie.

Hiervoor is het noodzakelijk dat landelijke eisen worden bijgesteld. Als niet wordt geïnvesteerd in organisatorische en technologische innovatie, dan zal het aantal beschikbare vrijwilligers langzaam afnemen. En dat lijdt tot afname van paraatheid en kwaliteit, wat veiligheidsrisico’s voor eigen personeel en samenleving tot gevolg heeft. Herstellen van de vakbekwaamheidskloof De vakbekwaamheid van medewerkers staat onder druk. Enerzijds omdat door maatschappelijke ontwikkelingen de eisen aan kennis en kunde die gesteld worden sneller gaan dan voor brandweervrijwilligers is bij te benen. Maar er is meer aan de hand: als gevolg van het incident bij De Punt in mei 2008 en de conclusies die volgden na het onderzoek van het incident is binnen de brandweer in Nederland een nieuwe brandweerdoctrine opgesteld: basisprincipes voor brandbestrijding. Het doel is om brandbestrijding veiliger en eenvoudiger te maken. Deze basisprincipes zijn inmiddels verwerkt in de landelijke les- en leerstof. Nieuwe brandweermensen worden opgeleid volgens deze principes. Voor het zittende personeel is een bijscholing gepland, omdat de gevolgen voor het dagelijkse werk groot zijn. Deze bijscholing is gestart, maar in de praktijk lijken de gevolgen groter dan vooraf verwacht.

Daarnaast heeft de bijscholing tot op heden versnipperd plaatsgevonden, dat komt vooral door oefenbeperkingen tijdens de COVID-19 pandemie. Al met al heeft de bijscholing nog niet het gewenste effect, waardoor binnen een brandweereenheid verschil van werkwijzen ontstaat tussen oude principes van brandbestrijding en de nieuwe. Het is van groot belang dat deze vakbekwaamheidskloof zo snel mogelijk wordt gedicht.

13

Verbeterpunten keuringslocaties brandweerkeuringen In 2022 is een projectgroep gestart met het verbeteren van het beleid en de uitvoering van de verplichte medische brandweerkeuringen (PPMO). Onderdeel van dat project is een onderzoek of de keuringslocaties die de VRD gebruikt voldoen aan de eisen die aan keuringslocaties gesteld worden. Het gaat daarbij om arbo-eisen, eisen vanuit het landelijke PPMO-protocol en eisen vanuit de keuringsinstantie. De resultaten van dat onderzoek volgen in de loop van 2023, waarna zo snel mogelijk de keuringslocaties aangepast worden waar dat nodig blijkt te zijn. Afhankelijk van de uitkomsten van het onderzoek kan dit doorwerken tot in 2024. Verschuiving van adviestaken van risicobeheersing Als gevolg van de Wet kwaliteitsborging die op 1 januari 2024 in gaat wordt in de komende jaren stapsgewijs de bouwplantoetsing uitbesteed aan private partijen, uitgezonderd gelijkwaardigheidsvraagstukken. De ruimte die daardoor bij risicobeheersing ontstaat wordt gebruikt om te kunnen voldoen aan de toenemende vraag naar advisering als expertise op brandveiligheid. Bijvoorbeeld op het gebied van nieuwe vraagstukken als gevolg van de energietransitie; brandveiligheid in zorginstellingen en in de woonomgeving. Kenmerkend voor de advisering van risicobeheersing is de risicogerichte aanpak die betere resultaten geeft dan regelgerichte advisering.

14

Bedrijfsvoering De belangrijkste taak van bedrijfsvoering is het ondersteunen van de primaire processen. De VRD is een wendbare en flexibele organisatie die 24/7 paraat staat om bij incidenten en crisis op te treden. Dat vraagt ook om een wendbare en flexibele bedrijfsvoering die naast de standaard bedrijfsvoeringsprocessen ook de noodzakelijke 24/7 paraatheid maximaal ondersteunt. De afgelopen jaren is ingestoken op het verbeteren van diverse bedrijfsvoeringsprocessen om zo tot een toekomstbestendige bedrijfsvoering te komen. Ook in 2024 richt bedrijfsvoering zich op het borgen van continuïteit, het actualiseren en flexibiliseren van bedrijfsvoeringsprocessen en het efficiënt en kostenbewust werken. Belangrijk onderdeel daarin is de steeds verdergaande samenwerking met GGD Drenthe op onderdelen en processen die door beide organisaties gezamenlijk opgepakt kunnen worden. Vanwege het maatschappelijk belang van veiligheidsregio’s wordt onderzocht of de sector als vitaal moet worden aangemerkt vanuit het Rijk. Verwacht wordt dat er begin 2024 meer inzicht is in de consequenties van de vitaliteitsbeoordeling die in 2023 plaatsvindt.

Wat wil de VRD bereiken? -

Afronden van de implementatie van het waarderingsmodel Baarda. Implementatie van de Wet open overheid.

Wat gaat de VRD daarvoor doen in 2024? Implementatie waarderingsmodel Baarda In 2023 wordt gestart met de implementatie van het nieuwe waarderingsmodel Baarda. De VRD is een flexibele en waardengedreven organisatie. De organisatie is wendbaar, flexibel en is adaptief aan de veranderende opgave. De organisatie kijkt anders naar werk: in termen van werkzaamheden in plaats van functies en het verbinden van de juiste mensen aan deze werkzaamheden. Daarom wordt in 2023 de overstap naar een nieuw waarderingsmodel gemaakt dat bijdraagt aan eerlijk en transparant belonen en waarbij de medewerker wordt gewaardeerd op basis van zijn persoonlijke toegevoegde waarde. Model Baarda is een rollenwaarderingsmodel waarmee de organisatie medewerkers flexibel kan inzetten, passend bij de toegevoegde waarde die iemand kan leveren. Die toegevoegde waarde bestaat uit het probleemoplossend vermogen en de kennis die iemand heeft in bepaalde werksituaties. De implementatie start in 2023 en wordt zorgvuldig uitgevoerd. In 2024 heeft iedere medewerker van de VRD een rol en een beeld van zijn of haar groeipad. Implementatie Wet open overheid De Woo (Wet open overheid) vervangt de Wob (Wet openbaarheid bestuur), maar heeft een veel bredere scope.

De Woo ziet niet alleen toe op de wijze waarop belanghebbenden informatie kunnen opvragen bij overheidsinstellingen, maar verplicht overheidsinstellingen ook om actief documenten uit diverse categorieën openbaar te maken. Verder bepaalt de Woo dat de documenten die worden gepubliceerd, aan bepaalde eisen moet voldoen en dat documenten deels moeten worden gepubliceerd op een (nog nader in te richten) digitaal platform PLOOI. De implementatie vraagt om een meerjarige gestructureerde aanpak en betrokkenheid van diverse disciplines binnen de VRD en GGD, zoals juridisch, ICT, document-/archiefbeheer en communicatie. De structurele materiële kosten hangen samen met licenties voor hulpprogramma’s om documenten te screenen en te zwarten op persoons- en andere vertrouwelijke gegevens, alsmede kosten voor het publiceren van documenten op de nog nader in te richten digitale portal ‘PLOOI’ van de overheid.

15

Vertaling rollen naar missielijnen. De rollen zoals hierboven toegelicht maken onderdeel uit van de hieronder aangegeven missielijnen. Voor de vertaling van de rollen naar kosten wordt verwezen naar onderstaande uitwerking.

Wij treden op bij calamiteiten en crises Een calamiteit of crisis in Drenthe dient zo goed mogelijk te worden bestreden, waarbij schade en onrust zoveel mogelijk worden voorkomen of beperkt. Veiligheidsregio Drenthe geeft structuur aan het multidisciplinair optreden van hulpverleningsdiensten, overheden en private partijen die een rol hebben in crisisbestrijding, ongeacht de aard van de crisis. Afhankelijk van het type crisis heeft Veiligheidsregio Drenthe een adviserende, faciliterende of coördinerende rol, of een combinatie daarvan. Monodisciplinair coördineert GHOR Drenthe de geneeskundige hulpverlening en levert Brandweer Drenthe de benodigde brandweerzorg tijdens calamiteiten en crises.4

Programma Calamiteiten en Crises Incidentbestrijding Operationele informatievoorziening Techniek en logistiek Vakbekwaamheid Crisisbeheersing GHOR Investeringen Personeel Saldo lasten Incidentbestrijding Techniek en logistiek Investeringen Vakbekwaamheid Personeel Saldo baten Totaal programma Calamiteiten en Crisis

Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten Saldo Baten Baten Baten Baten Baten Saldo

Jaarrekening

Begroting

Begroting

2022

2023

2024

4.803 208 1.760 2.150 222 1.316 2.958 8.880 22.297 1 46 125 3 104 280 22.017

4.742 152 1.607 1.799 247 1.352 3.404 8.673 21.974 0 30 113 12 26 181 21.793

4.781 152 1.607 1.799 247 1.441 3.464 9.686 23.176 0 30 113 12 26 181 22.995

Meerjarenraming 2025

4.806 152 1.607 1.799 247 1.501 3.524 10.462 24.096 0 30 113 12 26 181 23.915

2026

4.825 152 1.607 1.799 247 1.549 3.584 10.948 24.709 0 30 113 12 26 181 24.528

2027

4.702 142 1.529 1.787 247 1.323 3.343 8.557 21.630 0 30 113 2 257 402 21.228

Toelichting bij de tabel: Een toename van kosten als gevolg van loon- en prijsontwikkelingen. De kapitaalslasten nemen toe conform eerdere afspraken. Hierna wordt ter informatie kort opgesomd welke kosten onder de verschillende posten worden verantwoord: Onder Incidentbestrijding worden de kosten van de vrijwilligers en de medewerkers op de meldkamer verantwoord. Onder Operationele informatievoorziening zijn de kosten opgenomen voor soft- en hardware voor navigatie en paraatheidsystemen. Onder Techniek en logistiek staan de kosten voor het onderhoud materieel. Onder Vakbekwaamheid staan de kosten voor het opleiden en oefenen van het repressieve brandweerpersoneel. Onder Crisisbeheersing de kosten verantwoord noodzakelijk voor het in stand houden van de Drentse crisisorganisatie. Bijvoorbeeld de kosten voor de zelftest en oefenen in de veiligheidsketen. Onder de GHOR staan de kosten voor de dienstverleningsovereenkomst met de GGD. Onder de Investeringen worden de kosten van vervanging van het materieel verantwoord.

4

Teksten missielijnen overgenomen uit de beleidsvisie 2020-2023

16

-

Onder de kosten Personeel worden de salariskosten van de medewerkers 24uursdienst, Operationele informatievoorziening, Techniek en logistiek, Vakbekwaamheid, Crisisbeheersing verantwoord.

Wij vergroten de bewustwording over fysieke veiligheid We creëren bewustwording bij inwoners, bedrijven en organisaties over het voorkomen van calamiteiten en we bieden handelingsperspectieven om zelfredzaamheid en samenredzaamheid te bevorderen. Een deel van de voorlichtingsactiviteiten doen we zelf en daarnaast maken we zo optimaal mogelijk gebruik van de kennis en kunde van onze netwerkpartners om het bereik van onze boodschap zo groot mogelijk te maken. Partners maken op hun beurt weer gebruik van de VRD als netwerkorganisatie. Er is structureel extra aandacht voor niet- en minder zelfredzame mensen, omdat zij bij calamiteiten en crises kwetsbaarder zijn.

Programma Bewustwording Risicobeheersing Personeel Saldo lasten Risicobeheersing Personeel Saldo baten Totaal programma Bewustwording

Jaarrekening

Begroting

Meerjaren raming

2022

2023

2024

Lasten Lasten Saldo Baten Baten Saldo

303 3.229 3.532 0 38 38 3.494

130 3.154 3.284 0 10 10 3.274

130 3.522 3.652 0 10 10 3.643

Meerjarenraming 2025

130 3.804 3.934 0 10 10 3.925

2026

130 3.981 4.111 0 10 10 4.102

2027

130 3.112 3.242 0 94 94 3.148

Toelichting bij de tabel: Een toename van kosten als gevolg van loon- en prijsontwikkelingen. Hierna wordt ter informatie kort opgesomd welke kosten onder de verschillende posten worden verantwoord: Onder Risicobeheersing worden de kosten verantwoord voor (brand)veilig leven. De kosten bestaan uit het geven van voorlichting onder meer op scholen en het voeren van campagnes, zoals de Bock-campagne. De Personeelskosten bestaan uit de salariskosten voor Risicobeheersing.

We zijn onderdeel van de samenleving De VRD kan haar taken alleen effectief uitvoeren als zij in verbinding staat met de samenleving en daar onderdeel van uitmaakt. De VRD is immers van en voor de samenleving: de samenleving is het grootste netwerk van de VRD. We geven hier op diverse manieren vorm aan: We gaan actief het gesprek over veiligheid aan met inwoners, bedrijven, organisaties en medeoverheden in Drenthe. We werken nauw samen met partners die vergelijkbare doelen voor ogen hebben en ondersteunen of coördineren naar behoefte in de bijbehorende netwerkstructuren. Brandweerzorg wordt in het grootste gedeelte van Drenthe georganiseerd samen met de inwoners van Drenthe via het systeem van brandweervrijwilligers. Brandweerposten zijn daardoor stevig verankerd in de Drentse samenleving.²

17

Programma Samenleving Jeugdbrandweer Huisvesting Saldo lasten Jeugdbrandweer Huisvesting Saldo baten Totaal programma Samenleving

Lasten Lasten Saldo Baten Baten Saldo

Jaarrekening

Begroting

Begroting

2022

2023

2024

30 2.251 2.281 7 951 957 1.324

48 2.198 2.246 6 943 949 1.297

48 2.198 2.246 6 943 949 1.297

Meerjarenraming 2025

2026

48 2.198 2.246 6 943 949 1.297

2027

48 2.198 2.246 6 943 949 1.297

48 2.133 2.181 6 903 909 1.272

Hierna wordt ter informatie kort opgesomd welke kosten onder de verschillende posten worden verantwoord:

-

Onder de kosten van Jeugdbrandweer worden de kosten verantwoord voor het in stand houden van de jeugdbrandweerteams. Onder Huisvesting worden de kosten verantwoord voor het beheer en onderhoud van de gebouwen, voor zover dat de verantwoordelijkheid is van de VRD als gebruiker.

We zijn een vitale en flexibele organisatie De VRD moet flexibel en wendbaar zijn om snel in te kunnen spelen op trends en ontwikkelingen in de samenleving en tijdens calamiteiten en crises. Dat vraagt om een flexibele en wendbare organisatie met vitale en flexibele medewerkers. Door te organiseren en sturen vanuit waarden, kan de organisatie zo optimaal mogelijk functioneren en snel inspelen op veranderingen. Die flexibiliteit en wendbaarheid gebruiken we ook in onze netwerken. Afhankelijk van het thema en de behoefte van onze netwerkpartners kiezen we de rol die het best past in dat netwerk: adviserend, faciliterend, coördinerend of een combinatie daarvan. Het uiteindelijke doel is om een sterk netwerk te vormen, omdat een sterk netwerk een randvoorwaarde is voor optimale onderlinge samenwerking.²

Programma Organisatie ICT Organisatiekosten Investeringen Personeel Saldo lasten Organisatiekosten Investeringen Personeel Saldo baten Totaal programma Organisatie

Lasten Lasten Lasten Lasten Saldo Baten Baten Baten Saldo

Jaarrekening

Begroting

Begroting

2022

2023

2024

882 1.101 400 4.036 6.419 128 0 47 176 6.243

804 1.061 400 3.942 6.207 111 0 12 123 6.084

804 1.061 400 4.403 6.667 111 0 12 123 6.544

Meerjarenraming 2025

804 1.061 400 4.755 7.020 111 0 12 123 6.897

2026

2027

804 1.061 400 4.976 7.241 111 0 12 123 7.118

804 890 400 3.890 5.983 85 5 117 207 5.776

Toelichting bij de tabel: Een toename van kosten als gevolg van loon- en prijsontwikkelingen. Hierna wordt ter informatie kort opgesomd welke kosten onder de verschillende posten worden verantwoord:

-

Onder de kosten van ICT worden de kosten verstaan voor het beheer, onderhoud en vervanging van de informatiesystemen. Onder Organisatiekosten zijn de facilitaire kosten, landelijke contributies, kosten salaris- en financieel systeem verantwoord. Onder Investeringen staan de kosten van automatisering hardware. Onder Personeel staan de salariskosten van het ondersteunend personeel (directie, financiën, P&O, secretariaat, I&A en facilitair).

18

Financiële en algemene dekkingsmiddelen Dit hoofdstuk geeft inzicht in de dekkingsmiddelen die de VRD ter beschikking staan voor de uitvoering van de taken. Het betreft hier de gemeentelijke- en de rijksbijdrage. Onder de post overige kosten is opgenomen de nog aan producten toe te wijzen compensatie voor prijsontwikkeling.

Dekkingsbronnen Gemeentelijke bijdrage Bdur Saldo baten Overige kosten Heffing vennootschapsbelasting Onvoorzien Saldo lasten Totaal aan dekkingsbronnen

Baten Baten Saldo Lasten Lasten Lasten Saldo

Resultaat voor bestemming Mutatie reserves Resultaat na bestemming

Lasten

Jaarrekening

Begroting

Begroting

2022

2023

2024

Meerjarenraming 2025

2026

2027

27.563 5.404 32.967 99 0 0 99 32.868

28.378 5.211 33.589 1.359 0 0 1.359 32.230

31.578 6.909 38.487 4.002 0 0 4.002 34.486

33.638 6.909 40.547 4.507 0 0 4.507 36.041

34.530 6.909 41.439 4.387 0 0 4.387 37.052

27.328 5.022 32.350 918 0 0 918 31.432

-210 39 -171

-217 217 0

8 -8 0

8 -8 0

8 -8 0

8 -8 0

Toelichting bij de tabel: De gemeentelijke bijdrage neemt toe op basis van loon- en prijsstijgingen en de overige genoemde ontwikkelingen zoals aangegeven in de kaderbrief. De post overige kosten zoals hierboven aangegeven bevat de extra middelen en de compensatie prijsontwikkeling.

19

Paragrafen 1. Inleiding De van toepassing zijnde paragrafen op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording voor de VRD zijn: Weerstandvermogen en risicobeheersing Financiering Verbonden partijen Bedrijfsvoering Onderhoud kapitaalsgoederen De paragraaf bedrijfsvoering is geïntegreerd in de missielijn Vitale en flexibele organisatie en wordt hieronder niet toegelicht. De paragrafen Grondbeleid en Lokale heffingen zijn niet van toepassing voor de VRD.

2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Het weerstandsvermogen geeft de relatie aan tussen de risico’s waar geen maatregelen voor zijn getroffen en de weerstandscapaciteit die de gemeenschappelijke regeling heeft om de niet begrote kosten op te vangen. De paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing is als volgt opgebouwd: Risicobeleid Weerstandscapaciteit Risico-inventarisatie per 31 december 2022 Weerstandspositie Kengetallen a. Risicobeleid In 2021 heeft de werkgroep GRIP op GR-en, bestaande uit Drentse griffiers en VDG-bestuur, de notitie ‘Samen werken voor Drenthe’ opgesteld. In de notitie, die vanaf 2022 van toepassing is voor de gemeenschappelijke regelingen, worden ten aanzien van de weerstandsparagraaf de volgende werkafspraken gemaakt: 1. Weerstandscapaciteit is aanwezig bij de deelnemers en in beperkte mate bij de gemeenschappelijke regeling. 2. Het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijk regelingen vermeldt in de begroting het verschil tussen benodigd en beschikbaar weerstandsvermogen in totaal en naar rato voor de afzonderlijke deelnemers. 3. Een algemene reserve is toegestaan om ontwikkelingen in het loon- en prijspeil af te dekken, met een maximale omvang van 2,5% van de lasten van het betreffende jaar. 4. Als de verwachting is dat de ontwikkelingen in het loon- en prijspeil boven de maximale omvang van 2,5% uitkomt, is afwijken van de richtlijn van 2,5% mogelijk.

Hiervoor doet het DB van de gemeenschappelijke regeling een gemotiveerd voorstel aan het algemeen bestuur. 5. Het bedrag boven het vastgestelde maximum van de algemene reserve, vloeit naar rato van de deelnemersbijdrage terug naar de deelnemers. De Veiligheidsregio Drenthe heeft deze afspraken in zijn geheel overgenomen en uitgevoerd. b. Weerstandscapaciteit Voor het berekenen van de weerstandscapaciteit mag op basis van de richtlijnen van het Gemeenschappelijk financieel Toezichtkader (GTK) alleen de Algemene Reserve worden meegenomen. De weerstandscapaciteit geeft aan in welke mate de VRD in staat is de risico’s in financiële zin op te vangen. Op basis van de notitie “Samen werken voor Drenthe” heeft de Algemene Reserve van de VRD een bestemming gekregen en kan deze alleen worden ingezet voor het opvangen van loon- en prijsontwikkelingen. De VRD heeft daardoor zelf geen beschikbaar weerstandsvermogen. De hoogte van de algemene reserve bedraagt 2,5% van de totale begrote lasten, zijnde 2,5% van € 34.179.960 = € 854.499.

20

In onderstaande tabel is de stand van de reserves weergegeven:

c.

Risico-inventarisatie per 31 december 2022

Uit bovenstaande tabel blijkt dat alle risico’s zijn gewogen naar de kans dat ze zich kunnen voordoen en de financiële impact die ze voor de VRD kunnen hebben. Op geld gewaardeerd betekent dit een bedrag van € 4.815.000. Bij het inventariseren van de risico’s hebben wij het voorzichtigheidsprincipe in acht genomen. Dit betekent dat wij rekening houden met alle mogelijke risico’s op balansdatum. Risico’s doen zich normaal gesproken niet gelijktijdig voor. Risico’s algemeen Klimaateffecten De ontwikkelingen in het klimaat hebben invloed op de primaire processen van de brandweer. Het risico op grotere calamiteiten als gevolg van klimaatontwikkelingen neemt toe, wat zorgt voor extra inzet van vrijwilligers en middelen. Bij de inzet van de brandweer op deze grotere calamiteiten staat het reguliere proces onder druk.

21

Beschikbaarheid en prijs van energie De gas- en elektriciteitsprijzen hebben de afgelopen tijd ongekende hoogtes bereikt. Door de lopende contracten heeft dit voor de jaarrekening 2022 nog geen gevolgen. Het contract voor gas loopt per 1 januari 2023 af. Voor elektra heeft de VRD nog een lopend contract. Door het opnieuw moeten aanbesteden van een overeenkomst voor gas zullen de kosten vanaf 2023 aanzienlijk toenemen. In de begroting 2023 is hiermee geen rekening gehouden. Risico’s personeel en organisatie Ontwikkelingen 2e loopbaanbeleid/Functioneel Leeftijdsontslag Voor brandweermedewerkers die na 2016 in dienst zijn gekomen heeft de werkgever na 20 jaar de verplichting om te zorgen voor een andere functie. Maatregelen hiervoor zijn al in gang gezet, maar het is nog onzeker of dit op termijn tot de gewenste resultaten zal leiden. Medewerkers worden aangespoord of ondersteund om zelf initiatief te nemen om ander werk te vinden Door externe ontwikkelingen op het gebied van de huidige FLO-regeling dreigen de regio’s met hogere kosten te maken te krijgen die niet in de voorziening zijn meegenomen. Arbeidsmarktproblematiek In de huidige arbeidsmarkt worden we steeds vaker geconfronteerd met moeilijk in te vullen vacatures, het potentieel in de vijver waaruit gevist wordt neemt steeds meer af.

Er is een risico dat onze dienstverlening in gevaar komt als we niet de juiste man/vrouw tijdig genoeg op de juiste plaats weten te krijgen en we daardoor hogere kosten maken voor werving en selectie of inhuur en inwerken. Risico’s financieel/economisch Loonontwikkelingen boven compensatie De bestemmingsreserve loon- en prijsontwikkelingen is maximaal 2,5% van de begrote lasten op basis van de notitie “Samen werken voor Drenthe”. Voor de loon- en prijsontwikkelingen in de begroting wordt uitgegaan van de CPB reeksen; Prijs Bruto binnenlandsproduct, Prijs overheidsconsumptie beloning werknemers. Prijsontwikkelingen boven compensatie De bestemmingsreserve loon- en prijsontwikkelingen is maximaal 2,5% van de begrote lasten op basis van de notitie “Samen werken voor Drenthe”. Voor de loon- en prijsontwikkelingen in de begroting wordt uitgegaan van de CPB reeksen; Prijs Bruto binnenlandsproduct, Prijs overheidsconsumptie beloning werknemers. Onverwachte ontwikkelingen groot brandweermaterieel Ten aanzien van het groot brandweermaterieel worden we meer en meer geconfronteerd met ontwikkelingen, zoals regelgeving en schaarste, waarop niet te sturen is. Hieronder vallen de aanbestedingstrajecten die veelal langer duren dan verwacht. Om het vervangende materieel langer in stand te houden worden daardoor extra kosten gemaakt.

Ook snelle veranderingen op technisch vlak spelen hier een rol, meestal leiden deze ontwikkelingen tot een hogere vervangingsprijs. Risico’s huisvesting Ontwikkelingen huisvesting nieuwbouw Als er stagnatie in de nieuw te bouwen kazernes ontstaat, moeten extra kosten gemaakt worden om de huidige kazernes langer in stand te houden, dan wel tijdelijke andere locaties gehuurd worden om het materieel te kunnen stallen.

22

Risico’s ICT en informatievoorziening Digitale verstoring/Cybercrime De ontwikkelingen op het gebied van ICT gaan snel, dit geeft kansen, maar brengt ook risico’s met zich mee. Door de toenemende afhankelijkheid van digitale systemen komen bij uitval hiervan als gevolg van bijvoorbeeld stroomuitval of datadiefstal onze processen in gevaar. Dit kan een grote impact hebben op onze primaire processen en dan met name de acute hulpverlening. Risico’s brandweer Verstoring van het huidige opleidings- en oefensysteem De maatschappelijke trend dat mensen zich steeds minder lang binden is ook bij vrijwilligers te merken: zij nemen eerder afscheid van de organisatie. Dit brengt het risico met zich mee dat er een tekort ontstaat aan geschoolde en geoefende vrijwilligers. Om voldoende vrijwilligers beschikbaar te hebben voor de primaire taken van de organisatie moeten hogere kosten worden gemaakt voor opleiden en oefenen. d. Weerstandspositie De weerstandspositie wordt uitgedrukt in een ratio. Deze ratio wordt, overeenkomstig de regels in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) berekend door het aanwezige weerstandsvermogen te delen door de financiële totaalwaardering van de risico’s. Het Nederlands Instituut voor Risicomanagement (NARIS) heeft een beoordelingsmatrix opgesteld om de weerstandsratio te kunnen kwalificeren.

Door het ontbreken van weerstandsvermogen bij de VRD is de ratio voor de VRD 0. De VRD is onvoldoende in staat om de mogelijke risico’s zelf op te vangen en zal bij het zich voordoen van deze risico’s een beroep doen op de bij gemeenten aanwezige weerstandscapaciteit.

e. Kengetallen De BBV schrijft een verplichte set van vijf financiële kengetallen voor. De kengetallen grondexploitatie en belastingcapaciteit zijn niet van toepassing op de VRD. Naast het opnemen van deze kengetallen vindt ook een beoordeling plaats van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie. Door middel van de genoemde kengetallen wordt ‘de

23

structureel en reëel sluitende begroting’ onderbouwd. Hierna volgt een overzicht van de kengetallen. Om een beeld te krijgen van de financiële positie van de VRD zijn vier voor ons verplichte toepasbare financiële kengetallen ontwikkeld: 1. netto schuldquote 2. solvabiliteit 3. taakvelden 4. structurele exploitatieruimte Netto schuldquote/ Netto schuldquote gecorrigeerd Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de VRD ten opzichte van de totale inkomsten en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie.

Langlopende schulden Kortlopende schulden Financiele activa Vorderingen Liquide middelen Subtotaal Totale baten Netto schuldquote

2024 17.140.582 4.312.297 4.318 954.686 250.000 22.661.883 39.750.290 50,9%

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12878763/1