CConstaterende datDe Wolden
Koppel je AI →
Document · PDF

Brief colleges toestemming vaststelling gemeenschappelijke regeling GGD Drenthe

Besluitvormende vergadering: “D’r op an” 11 december 2025, gemeente De WoldenBij agendapunt: Raadsvoorstel wijziging GR GGD naar SamenDrenthe2.289 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Retouradres: Postbus 144, 9400 AC Assen

Aan de Colleges van B & W van de Drentse gemeenten i.a.a. de Griffies

Datum Ons kenmerk

13 oktober 2025 U250259/GM/RW

Uw kenmerk Behandeld door

G. Meijer

Onderwerp

Toestemmingsprocedure vaststelling gewijzigde gemeenschappelijke regeling GGD Drenthe

Geacht College, Op 14 april jl. zonden wij u een voorstel voor wijziging van de gemeenschappelijke regeling GGD Drenthe, met het verzoek deze voor zienswijze voor te leggen aan uw Raad. De behoefte om de gemeenschappelijke regeling GGD Drenthe te wijzigen komt voort uit de bestuurlijk breed gedragen wens om de governance op het domein van zorg en veiligheid te verbeteren door deze eenduidig te beleggen in een verbreding van de huidige gemeenschappelijke regeling van GGD Drenthe. Ook wordt ermee beoogd om het Zorg en Veiligheidshuis Drenthe (ZVHD), dat nu nog voor wat betreft de faciliterende en ondersteunende functies ondergebracht is bij de Veiligheidsregio Drenthe, meer te verbinden met het domein van Zorg en Veiligheid door deze ook onder te brengen in de gewijzigde gemeenschappelijke regeling GGD Drenthe. Voor het indienen van de zienswijzen is in eerste instantie de wettelijk daarvoor aangegeven termijn van acht weken aangegeven, namelijk uiterlijk 6 juni 2025. Veel raden hadden echter de behoefte aan een nadere toelichting op de voorgenomen wijziging van de gemeenschappelijke regeling. In overleg met de griffies is de reactietermijn daarom verlengd tot 1 oktober 2025. • Zienswijzen Inmiddels zijn de reacties van alle gemeenten bekend. Zes raden hebben aangegeven in te stemmen met de voorgenomen wijziging of hebben besloten geen zienswijze in te dienen.

Van drie gemeenten hebben wij een zienswijze ontvangen die betrekking heeft op de wijze waarop in het voorstel het beleggen van taken bij de gemeenschappelijke regeling is geregeld. Eén raad heeft een zienswijze ingediend die als strekking heeft dat een uitleg wordt gemist waarom afgezien is van Bestuurlijke Adviescommissies (BAC’s) in het voorstel, terwijl dit in het adviesrapport waarop de wijziging is gebaseerd wel is aanbevolen. Ook hebben twee raden in een zienswijze aangegeven het te betreuren dat het niet gelukt is om ook het domein van de inkoop Jeugdzorg onder te brengen in de wijziging van de gemeenschappelijke regeling GGD Drenthe. Opgeroepen wordt om hiernaar te blijven streven. Tenslotte is in een zienswijze van één van bovengenoemde raden de behoefte geuit om na de wijziging van de gemeenschappelijke regeling het functioneren daarvan te evalueren. Wij danken alle raden voor de ingebrachte reacties. 1

Hieronder gaan wij inhoudelijk in op de ingebrachte zienswijzen en geven wij aan tot welke aanpassingen in het wijzigingsvoorstel voor de gemeenschappelijke regeling dit heeft geleid. • Het onderbrengen van taken bij de gemeenschappelijke regeling. In de voor zienswijze voorgelegde wijziging van de gemeenschappelijke regeling GGD Drenthe is aangegeven op welke wijze taken kunnen worden belegd bij de gemeenschappelijke regeling. Ten aanzien van het beleggen van de zogenoemde basistaken is aangegeven dat dit de wettelijk verplicht bij de GGD te beleggen taken zijn en de taken die door het Algemeen Bestuur als basistaak worden benoemd. Hiermee wordt een verband gelegd met de besluitvormingsprocedure in het Algemeen Bestuur, waar besluitvorming bij gewone meerderheid plaatsvindt. In de zienswijzen van de raden van de gemeenten Hoogeveen, De Wolden en Meppel wordt aangegeven dat taken van gemeenten die niet wettelijk verplicht bij de GGD moeten worden belegd door besluitvorming van het Algemeen Bestuur, zonder dat gemeenten dit willen, bij de GGD kunnen worden belegd. De autonomie van gemeenten wordt hiermee doorbroken omdat men verplicht wordt een taak als basistaak bij de GGD te beleggen.

Aangegeven wordt dat het beleggen van basistaken op deze wijze zich niet verhoudt tot het gestelde over het beleggen van taken in gemeenschappelijke regelingen in Gemeentewet en in de Wet gemeenschappelijke regelingen. Allereerst merken wij op dat de aangegeven wijze van besluitvorming over het beleggen van basistaken bij de GGD niet gewijzigd is ten opzichte van de huidig geldende gemeenschappelijke regeling en in alle eerdere versies daarvan. In de praktijk is gebleken dat dit tot nu toe goed heeft gefunctioneerd in besluitvorming over het beleggen van taken, zowel basis als additioneel, bij de GGD. Ook is het daarin mogelijk gebleken dat een taak die als basistaak door het Algemeen Bestuur voor de GGD wordt benoemd niet als een verplicht af te nemen taak voor alle aan de GGD deelnemende gemeenten geldt. Ten aanzien van de Jeugdgezondheidszorg en de uitvoering van het Rijksvaccinatieprogramma, die als basistaken bij de GGD zijn belegd, is er een viertal gemeenten die in het verleden ervoor gekozen heeft om voor de leeftijdsgroep van 0 tot 4 jaar deze taak niet bij de GGD te beleggen, maar bij Icare. De autonomie van gemeenten is hierin niet ter discussie geweest. In het voorstel voor wijziging van de gemeenschappelijke regeling GGD Drenthe worden geen nieuwe taken overgedragen aan SamenDrenthe; het zijn taken die nu ook al door de GGD worden uitgevoerd.

Wat het ZVHD betreft, worden de faciliterende en ondersteunende functies voor dit samenwerkingsverband straks vanuit SamenDrenthe georganiseerd, waar dit nu nog vanuit de Veiligheidsregio gebeurt. Niettemin begrijpen wij de wens van bovengenoemde raden om deze autonomie explicieter in de regeling op te nemen. Wij hebben daarom, zoals voorgesteld door de betreffende raden, de opt-in/opt-out mogelijkheid voor het beleggen van basistaken in de gewijzigde regeling opgenomen. Gemeenten hebben daarmee dus expliciet de mogelijkheid om in te stappen, maar ook om uit te stappen als het gaat om een basistaak. Wij hebben artikel 7 en 8 daarop aangepast. De gemeentelijke autonomie hebben wij hierbij benadrukt. Om de financiële afwikkeling bij het uitstappen van een basistaak op een ordentelijke manier te regelen is een artikel 36 toegevoegd. Dit omdat het bij sommige basistaken om aanzienlijke personele en financiële consequenties kan gaan. De wijze van besluitvorming van het beleggen van een basistaak bij de gemeenschappelijke regeling hebben wij niet aangepast, aangezien de opt-in/opt-out regeling de autonomie van de gemeenten borgt. Wel is ten aanzien van basistaken een ondergrens aangegeven in de 2

participatie van het aantal gemeenten om voldoende volume en organisatorische robuustheid te kunnen garanderen om de taak kwantitatief en kwalitatief goed uit te kunnen voeren. In de zienswijze van de gemeente De Wolden is de wens uitgesproken om in de gemeenschappelijke regeling expliciet vast te leggen dat het beleggen van niet-wettelijk verplichte taken uitsluitend een bevoegdheid van de gemeenteraden is. Deze zienswijze nemen wij niet over. De Wet gemeenschappelijke regelingen bepaalt dat de taken bij het daartoe bevoegde bestuursorgaan worden belegd: dit kan de raad zijn, maar ook het college of de burgemeester, afhankelijk van de aard van de taak. Een voorbeeld daarvan is de taak die tot de bevoegdheid van het college behoort, namelijk de benoeming en inzet van gemeentelijke lijkschouwers. Uiteraard staat het een college vrij om in voorkomende gevallen de raad te betrekken en om, waar gewenst, instemming of een oordeel van de raad te vragen. Daarmee blijft de formele bevoegdheid bij het college, terwijl er toch politieke afstemming met de raad kan plaatsvinden. Ook volgen wij niet de in de zienswijzen van de gemeenten Hoogeveen, De Wolden en Meppel aangegeven aanbeveling om alleen de wettelijk verplicht bij de GGD te beleggen taken als basistaak te benoemen. (NB: hierbij wordt overigens onjuist verwezen naar artikel 7 van de Wet publieke gezondheid.

Deze taken vloeien voort uit artikel 2, lid 1 a tot en met g. van de Wet publieke gezondheid). Dit verhoudt zich namelijk niet met de bestaande situatie waarin ook andere taken dan de verplicht bij de GGD te beleggen taken al als basistaak bij de GGD zijn belegd. Hierbij horen de al eerdergenoemde Jeugdgezondheidszorg en de uitvoering van het Rijksvaccinatieprogramma. Ook zijn deze taken al sinds jaar en dag in de begrotingssystematiek als zodanig verwerkt. Graag benadrukken wij dat de taken die in het wijzigingsvoorstel voor de gemeenschappelijke regeling zijn opgenomen de huidige duurzaam bij de GGD belegde taken zijn, zowel basistaken als additionele taken. In de regeling wordt niet aangegeven of de genoemde taken als basistaak zijn opgenomen of als additionele taak. Zoals hierboven is aangegeven is in de regeling alleen gedefinieerd hoe taken als basistaak kunnen worden benoemd. Indien een reeds duurzaam bij de GGD belegde additionele taak in de toekomst als basistaak wordt benoemd behoeft de gemeenschappelijke regeling daarop niet te worden aangepast. Uiteraard is de overheveling van het Zorg- en Veiligheidshuis Drenthe van de Veiligheidsregio Drenthe naar de gewijzigde gemeenschappelijke regeling GGD Drenthe wel een nieuwe taak die ingebracht wordt in de regeling. Hierbij gaat het om de faciliterende en ondersteunde functies aan dit samenwerkingsverband.

Het gaat dus niet om een taak van het college die overgedragen wordt aan de gemeenschappelijke regeling. • Waarom zijn de bestuurlijke adviescommissies niet overgenomen in de regeling? In de zienswijze van de Raad van de gemeente Tynaarlo, die steun uitspreekt voor de wijziging van de gemeenschappelijke regeling, is gevraagd naar de reden waarom in het voorgelegde voorstel voor wijziging van de gemeenschappelijke regeling GGD Drenthe de in het adviesrapport uit 2023 voorgestelde bestuurlijke adviescommissies (BAC’s) voor enerzijds het domein van publieke gezondheid en anderzijds het domein van zorg en veiligheid niet zijn overgenomen. De reden hiervan is als volgt. Toen begin 2024 de opdracht vanuit de beide besturen van VRD en GGD gegeven is om het adviesrapport uit 2023 uit te werken in een concreet voorstel voor wijziging van de gemeenschappelijke regeling GGD Drenthe is aangegeven dat dit diende te gebeuren op basis van de hoofdlijnen van het adviesrapport. Tijdens de uitwerking is gebleken dat er geen bestuurlijk draagvlak was om de BAC’s als verplicht element op te nemen in de 3

wijziging van de gemeenschappelijke regeling. De opvatting was dat het al dan niet invoeren van BAC’s nadere uitwerking vraagt en ook afhankelijk is van wat het Algemeen Bestuur van de gewijzigde gemeenschappelijke regeling nodig acht. De Wet gemeenschappelijke regelingen biedt de mogelijkheid om als bestuur adviescommissies in te stellen. Deze ‘kanbepaling’ is overgenomen in het wijzigingsvoorstel van de gemeenschappelijke regeling. Hiermee is er meer flexibiliteit in wat bestuurlijk noodzakelijk wordt geacht voor het goed functioneren van de gewijzigde gemeenschappelijke regeling. Om hier een goed beeld van te krijgen is in het implementatietraject van de wijziging van de gemeenschappelijke regeling opgenomen dat de komende tijd interviews met diverse betrokken bestuurders zullen worden gehouden om tot een nadere invulling te komen voor de bestuursstructuur van de gemeenschappelijke regeling. Hierin zal ook nader worden onderzocht hoe de verantwoordelijkheid van Colleges voor de betreffende domeinen publieke gezondheid en zorg en veiligheid goed kan worden geborgd in het bestuur van de gewijzigde gemeenschappelijke regeling.

• Niet onderbrengen van de inkoop Jeugdzorg bij de gemeenschappelijke regeling In de zienswijzen van de raden van de gemeente Westerveld en de gemeente BorgerOdoorn wordt het feit dat het niet gelukt is om ook het domein van de inkoop Jeugdzorg onder te brengen binnen de wijziging van de gemeenschappelijke regeling GGD Drenthe een gemiste kans geacht. Opgeroepen wordt om hiernaar te blijven streven. Overigens spreken ook deze raden hun steun uit aan de wijziging van de gemeenschappelijke regeling. Wij constateren dat de meerderheid van de Drentse gemeenten er op dit moment niet voor kiest om de inkoop Jeugdzorg in de wijziging van de gemeenschappelijke regeling GGD Drenthe mee te nemen. Uiteraard blijft die mogelijkheid in de toekomst bestaan. • Evaluatie van de gewijzigde gemeenschappelijke regeling Vanuit de Raad van de gemeente Tynaarlo is in de zienswijze aangegeven eraan te hechten dat het functioneren van de gemeenschappelijke regeling na wijziging geëvalueerd wordt. Wij begrijpen deze wens. Na het inwerkingtreden van de gewijzigde gemeenschappelijke regeling zal het enige tijd nodig hebben om te kunnen beoordelen of deze naar wens functioneert. Wij kunnen ons voorstellen dat er twee jaar na inwerkingtreding vanaf 1 januari 2026 een evaluatie plaatsvindt.

Uiteraard is de monitoring van het functioneren van de organisatie ook geborgd in de planning- en control cyclus door middel van periodeen jaarrapportages. • Aanpassing van de overwegingen in de gewijzigde regeling Naast bovengenoemde aanpassingen hebben wij nog een wijziging in de gemeenschappelijke regeling opgenomen, namelijk in de overwegingen. Dit is niet teruggekomen in de zienswijzen, maar gemaakte opmerkingen door raadsleden tijdens informatiebijeenkomsten geven hier aanleiding toe. In de overwegingen in de oorspronkelijke tekst is opgenomen dat het streven erop is gericht om taken uit het sociale domein zoveel mogelijk onder te brengen bij de gemeenschappelijke regeling. Deze frase kan onjuist geïnterpreteerd worden en is daarom verwijderd in het aangepaste voorstel. • Verzoek aan raden tot het verlenen van toestemming voor wijziging Bijgaand treft u het voorstel voor de gewijzigde gemeenschappelijke regeling GGD Drenthe aan waarin bovengenoemde aanpassingen zijn doorgevoerd. Er zijn twee versies, een versie waarin de gewijzigde artikelen gearceerd zijn weergegeven en een ‘schone’ versie. Wij vragen u om uw Raad te verzoeken toestemming te verlenen voor het wijzigen van de gemeenschappelijke regeling. Toestemming kan alleen worden onthouden vanwege strijd met het recht of strijd met het algemeen belang (amenderen is niet mogelijk). Wanneer 4

binnen 13 weken geen toestemming volgt dan is deze van rechtswege verleend. In verband met de voorgenomen inwerkingtreding van de gewijzigde gemeenschappelijke regeling per 1 januari 2026 verzoeken wij uw Raad dringend te vragen uiterlijk 16 december 2025 toestemming voor vaststelling van de gewijzigde gemeenschappelijke regeling te verlenen. Hierdoor wordt het mogelijk om in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 17 december 2025 een principebesluit te nemen over de vaststelling van de wijziging van de gemeenschappelijke regeling. • Instemming door de Drentse colleges Na toestemming van de raden wordt uw College verzocht een besluit te nemen tot instemming met de gemeenschappelijke regeling en deze te publiceren in het gemeente/provincieblad. Graag ontvangen wij een afschrift van uw besluit. • Tot slot Mocht u vragen hebben naar aanleiding van deze brief, dan kunt u hierover contact opnemen met directiesecretaris Gerlof Meijer (g.meijer@ggddrenthe.nl/06-11562375). Met vriendelijke groet,

Raymond Wanders, Voorzitter

Nelleke Vedelaar Secretaris

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16303498/1