20250716 - reactienota zienswijzen concept Energiestrategie
Tekst van het document
Reactienota zienswijzen – Concept Energiestrategie De Wolden 2025-2040 De Concept Energiestrategie De Wolden 2025-2040 heeft van 4 juni 2025 tot 16 juli 2025 ter inzage gelegen. Daarnaast is op maandag 23 juni 2025 een bijeenkomst voor geïnteresseerden georganiseerd, waarbij inwoners van onze gemeente en andere betrokkenen hun ideeën hebben kunnen inbrengen over de Energiestrategie. Gedurende de periode van terinzagelegging van het ontwerp zijn er acht zienwijzen ingediend, die tot een aantal wijzigingen van de Energiestrategie heeft geleid en tot een aantal correcties. Eén zienwijze is na de terinzagelegging binnengekomen, maar besloten is om deze alsnog te behandelen. Anonimisering Op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens is het niet toegestaan de persoonsgegevens (NAW-gegevens) van natuurlijke personen te verwerken, zonder bijvoorbeeld een wettelijke grondslag, dringende noodzaak of toestemming van de betreffende personen. In deze reactienota zijn indieners van deze zienswijzen daarom niet met naam en toenaam genoemd. Indien sprake is van rechtspersonen worden deze wel vermeld. Samenvatting reacties op de zienswijzen Onderstaand vindt u een samenvatting van de reacties op de ingediende zienswijzen: •
•
•
•
• • •
•
Zienswijze 1: De gemeente heeft de rollen die zij inneemt en de inzet die zij pleegt om de Energiestrategie uit te voeren verduidelijkt in de Energiestrategie en hiervoor een aparte bijlage opgenomen in de Energiestrategie. De verdere punten hebben niet tot wijziging van de Energiestrategie geleid en zonodig worden meegenomen in de uitvoering van de Strategie. Zienswijze 2: De zienswijze leidt niet tot inhoudelijke wijzigingen van de Energiestrategie, met uitzondering van de correctie van 0,0175 TWh en een verduidelijking m.b.t. de verwachte afstandsnormen bij windenergie. Zienswijze 3: de zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de Energiestrategie, met uitzondering van de verduidelijking van de rol van de gemeente in een toegevoegde bijlage. Zienswijze 4: In de Energiestrategie is verduidelijkt waarom er geen zonneenergie langs de A28 kan worden opgewekt. Ook zijn de paginanummers toegevoegd. Verder leidt de zienswijze niet tot aanpassingen van de Energiestrategie. Zienswijze 5: De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de Energiestrategie. Zienswijze 6: De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de Energiestrategie. Zienswijze 7: De gemeente heeft de rollen die zij inneemt en de inzet die zij pleegt bij de uitvoering van de Energiestrategie verduidelijkt in bijlage 2 van de Energiestrategie.
De overige punten uit de zienswijze leiden niet tot een wijziging van de Energiestrategie. Zienswijze 8: De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de Energiestrategie.
Op de volgende pagina vindt u de zienswijzen samengevat en voorzien van onze reactie. Voor de volledige inhoud van de zienswijzen wordt verwezen naar de bijlage. Het verslag van de bijeenkomst vindt u ook in een aparte bijlage.
1
ZIENSWIJZEN Zienswijze 1: Energiecoöperatie Ruinen Samenvatting zienswijze: de indiener stelt een aantal punten aan de orde: De Energiestrategie betreft afwisselend de periode 2022-2040 en 2025-2040; wie gaat er wat doen om tot realisatie van de Energiestrategie te komen?; doelstellingen 2030 en 2040 moeten, goed onderbouwd, verhoogd worden gezien de vele onzekerheden die voor de deelprojecten nog aanwezig zijn; vraagt zich af hoeveel budget er (intern en extern) van de gemeente en provincie nodig is om tot realisatie van de Energiestrategie te komen en hoeveel budget er beschikbaar is; stelt dat opwekken van energie via Zon op Gebouw vertraagd, omdat "meerdere daken constructief niet sterk genoeg zijn" en is er t/m 2024 nog maar 30% van de doelstelling van 0,060 TWh gerealiseerd. Het is de indiener niet duidelijk wat de redenering is om de doelstelling van 0,060 TWh te handhaven zonder dat er extra maatregelen worden getroffen om "Zon op Gebouw" verder te activeren. Zo wordt het behalen van de doelstelling twijfelachtig zeker omdat de makkelijke projecten al zijn gerealiseerd; Bij "Zon op Gebouw" projecten waar de netcongestie geen rol speelt kunnen dakeigenaren mogelijk met een financiële prikkel gestimuleerd worden om hun dak te voorzien van zonnepanelen.
Kleine projecten met een Kleinverbruikers aansluiting kunnen altijd worden uitgevoerd omdat deze geen hinder ondervinden van de netcongestie.; Veel meer aandacht/actie op het gebied van Energiehubs en Energiegemeenschappen om zo de netcongestie te vermijden Reactie gemeente: Er ontstaat verwarring tussen de periode 2022-2040 en 2025-2040 omdat er in de Energiestrategie wordt verwezen naar de Toekomstvisie 2022-2040. De Energiestrategie gaat echter over de periode 2025-2040 en komt voort uit de ambities zoals die zijn gesteld in de Toekomstvisie. Binnen de Energiestrategie wordt de periode 2025-2040 consequent gebruikt. Op de vraag wie wat gaat doen om de realisatie van de Energiestrategie te realiseren, is gekozen om te verduidelijken welke rol de gemeente neemt bij de verschillende bouwblokken en welke acties/inzet daarbij horen. Dit is in bijlage 2 van de Energiestrategie n.a.v. de vraag van de indiener opgenomen. De doelstellingen voor 2030 m.b.t. de RES-opgave is vastgesteld door de gemeenteraad. De groengasdoelstelling en de doelstelling tot 100% duurzame elektriciteit in 2040 staan vast, maar de hoeveelheid groengas en duurzame elektriciteit die hiervoor moet worden opgewekt, staat indicatief omschreven in de Energiestrategie.
Indien uit de monitoring blijkt dat er meer of minder elektriciteit of groengas moet worden opgewekt, dan zal hierover onderbouwd worden gerapporteerd. De indiener vraagt hoeveel budget er op jaarbasis bij de gemeente en de provincie beschikbaar is om de ambities waar te maken. Over de budgetten bij de provincie kan de gemeente geen uitspraak doen. De gemeente ontvangt voor de uitvoering van het klimaatbeleid jaarlijks ongeveer €500.000,- vanuit de rijksoverheid tot en met 2030. Ook heeft de gemeente in 2025 en 2026 in totaal €100.000,- beschikbaar gesteld voor de Energiehub de Wijk 20 en incidenteel in 2025 €70.000 voor de realisatie van groengasprojecten. Als we kijken naar de vraag over zon-op-gebouw dan vraagt de indiener zich af waarom de huidige doelstelling van 0,6 TWh gehandhaafd blijft, terwijl er pas 30% van die opgave is gerealiseerd. De gemeente kiest hiervoor omdat uit het dakpotentieel blijkt dat deze doelstelling, mits alles meezit, haalbaar is. Op dit moment werken landelijke regelgeving (m.b.t. salderen) en ontwikkelingen zoals negatieve energieprijzen en netcongestie niet mee. We gaan daarbij kijken hoe we doelgerichter de meest kansrijke
2
daken kunnen ondersteunen. De indiener stelt ook dat de gemeente subsidie aan dakeigenaren met een kleinverbruikaansluiting kan geven. In lijn met het beleid zoals staat omschreven in de huidige Transitievisie Warmte en het Actieplan Duurzaamheid 2025-2027 zet de gemeente met de beschikbare middelen vooral in op isoleren en energiebesparende maatregelen. De gemeente ziet hiertoe geen financiële mogelijkheden. Tot slot stelt de indiener dat er veel meer aandacht moet zijn voor energiegemeenschappen en energiehubs in het kader van netcongestie. De gemeente ondersteunt dit van harte en neemt dit mee in de verdere uitwerking van de Dorps Energie Strategieën en de verkenning van de energiehub De Wijk 20. Conclusie: De gemeente heeft de rollen die zij inneemt en de inzet die zij pleegt om de Energiestrategie uit te voeren verduidelijkt in de Energiestrategie en hiervoor een aparte bijlage opgenomen in de Energiestrategie. De verdere punten hebben niet tot wijziging van de Energiestrategie geleid en zonodig worden meegenomen in de uitvoering van de Strategie. Zienswijze 2: Stichting Duurzaam Milieu Samenvatting zienswijze: indiener stelt een aantal punten aan de orde: Allereerst stelt de klimaatraad dat in een overheidsvisie tenminste 25 jaar vooruit moet worden gekeken en diezelfde raad bekritiseert ook de inconsistentie in het beleid van de overheid.
Bij consistent beleid in De Wolden zouden er alleen windturbines met een ashoogte van 15 meter zijn toegelaten en na een geslaagde pilot vanaf 2026 mogelijk windturbines met een ashoogte van 25 meter. Indiener stelt verder dat op grond van de herziene EPBD IV (Energy Performance of Buildings Directive) vanaf 2026 stapsgewijs de verplichte uitrol van zonnepanelen op niet voor bewoning bestemde gebouwen met een vloeroppervlak van 250 meter en meer wordt geregeld. Daardoor wordt de potentie van zon op dak groter dan de in deze strategie genoemde 0,084 TWh en zal de ingeboekte 0,06 TWh uiteindelijk met gemak worden overschreden. Volgens indiener worden in deze strategie achterhaalde gegevens gebruikt als het om zon op dak of zon op veld gaat: Tegen de tijd dat een zonneakker wordt gerealiseerd (doorlooptijd 7 jaar) is er maar iets meer dan 35 hectare multifunctionele zonneakker nodig om de opgave van 0,037 TWh te realiseren. De bewering dat het niet gaat lukken de doelstelling alleen met zon te halen deugt volgens indiener niet. Grootschalig wind is niet nodig. De ambitie om in het gasnet in 2030 alleen nog groengas te hebben is in de optiek van indiener onrealistisch.
Op basis van eigen ervaring stelt indiener dat op grond van nieuwe ontwikkelingen de behoefte aan gas sterk zal doen dalen en dat op grond van prijsontwikkeling en teruglopende terugverdientijd bij ongewijzigd beleid iedere calculerende burger uit zichzelf volledig van het gas af zal gaan. Groengas kan dan wel gebruikt worden om de elektriciteit op te wekken die voor de hoge temperatuur warmtepompen nodig is. Indiener had verwacht gelet op de nadruk die wordt gelegd op de beperkingen door de zonneladder bij de opwekking van elektriciteit, dat bij de groengas productie tenminste ook respect zou worden getoond voor de beperkingen door de circulariteitsladder. Daarnaast heeft de indiener opmerkingen in de Energiestrategie geplaatst die als bijlage bij de zienswijze is gevoegd (zie voor de volledigheid de bijlage bij de zienswijze), waaronder de suggestie om de Energiestrategie niet tot 2040 door te laten lopen, maar naar 2050. Ook geeft de indiener aan eerder al een denktank aanbevolen te hebben aan
3
de gemeente maar niet te begrijpen dat die pas na 2030 wordt ingevuld, en ook meer kans te zien in een inwonersinitiatief dan grootschalig wind. De indiener vraagt zich af waar de mogelijk nieuwe afstandsnorm van twee keer de tiphoogte van de Rijksoverheid vandaan komt. Ook stelt de indiener meerdere cijfers waar in de Energiestrategie vanuit is gegaan ter discussie, waaronder de hoeveelheid hectares aan zonne-energie die nodig is om aan de RES-doelstellingen te voldoen. De indiener stelt daarnaast dat er bij de Wijk 20 een groter potentieel ligt van 0,0274 TWh, afgaande op toekomstige ontwikkelingen van zonnepanelen. Daarnaast heeft de indiener een fout opgemerkt waar er 0,0175 in plaats van 0,00175 TWh moest staan. Reactie gemeente: De gemeente deelt de opvatting van de indiener niet dat de Energiestrategie inconsistent beleid omschrijft. Een Energiestrategie die invulling geeft aan de gemeentelijke doelstellingen om in 2040 het eigen energieverbruik ook op te wekken, geeft juist duidelijk richting aan de opgave waar we de komende jaren voor staan. Daarnaast wordt ook duidelijk een fasering aangebracht met een doelstelling voor 2030 en een doelstelling voor 2040. De gemeente deelt de opmerking van de indiener dat zon op gebouwen veel potentieel heeft. Daarom wordt er ook volop ingezet op de realisatie en de versnelling van zon op gebouwen.
Hiervoor volgt een aparte uitvoeringsstrategie. Wel blijkt uit de data waarover de gemeente beschikt (o.a. gebaseerd op luchtfoto’s) dat het potentieel op dit moment ligt op maximaal 0,084 TWh. Verder heeft de gemeente ruimte gegeven voor een alternatief plan vanuit inwoners om de techniekneutrale ambitie vanuit de RES in te vullen. Dit plan moet dan wel voldoen aan alle kaders en regelgeving, waaraan de gemeente ook moet voldoen en zoals staat omschreven in de Energiestrategie. Mocht daaruit, volgens een realistische onderbouwing, blijken dat de doelstelling dus met alleen zon gehaald kan worden, dan staat de gemeente daarvoor open. Onze inschatting is op dit moment echter dat dit niet het geval is. De indiener stelt dat de denktank pas in 2030 wordt ingericht. Dit is echter niet het geval. De denktank gaat waarschijnlijk in 2026 al van start. De indiener stelt verder dat de groengasdoelstelling voor 2030 onrealistisch is. De gemeente ziet deze doelstelling ook als uitdagend. Aan de andere kant zien we dat er veel potentieel is in onze gemeente en zien we dat er veel initiatieven zijn. Samen met de provincie, RENDO en andere partners stimuleren we dan ook de productie van groengas. Daarbij zijn we van mening dat het vergisten van bermgras bijdraagt aan onze duurzaamheidsdoelstellingen.
Groengas is immers schaars en de vraag wordt de komende jaren naar verwachting hoger met de aanstaande bijmengverplichting en het emissiehandelssysteem dat wordt uitgebreid naar de gebouwde omgeving. Ook dit draagt bij aan de reductie van CO2-uitstoot wegens een gesloten kringloop. Uiteraard staat de gemeente in het kader van circulariteit ook open voor het gebruik van groene stromen als bouw- en isolatiematerialen. De indiener heeft meerdere opmerkingen in de Energiestrategie geplaatst. De gemeentelijke doelstelling luidt om in 2040 al het energieverbruik zelf op te wekken. Dit is de reden dat de Energiestrategie tot 2040 loopt. Daarnaast staat in de Energiestrategie omschreven waarom de denktank voor alternatieve energieoplossingen vooral mogelijkheden biedt voor de opgave richting 2040. De doelstelling voor 2030 bestaat namelijk op het vlak van elektriciteit uit de RES-opgave en deze opgave is gebonden aan landelijke en regionale afspraken die door de gemeenteraad in 2021 ook zijn vastgesteld en bestaat uit de opwek van hernieuwbare elektriciteit met wind- en zonne-energie. Daarnaast wordt in de Energiestrategie gebruik gemaakt van een aantal aannames over
4
het opwekpotentieel van zonne-energie en de mogelijkheden voor agri-pv. Hiervoor is gebruik gemaakt van informatie vanuit de Wageningen University en Research (WUR). In de Energiestrategie staat omschreven van welke aannames er wordt uitgegaan. Er wordt echter ook ruimte geboden voor alternatieven, binnen de gestelde kaders. Zodoende hebben de reacties van de indiener niet geleid tot een aanpassing van de Energiestrategie. Wel is de fout omtrent de 0,00175 TWh hersteld en gewijzigd in 0,0175 TWh. Ook is in de Energiestrategie verduidelijkt waar de verwachting van een afstandsnorm van twee keer de tiphoogte voor windenergie vanuit Rijksbeleid vandaan komt. Conclusie: De zienswijze leidt niet tot inhoudelijke wijzigingen van de Energiestrategie, met uitzondering van de correctie van 0,0175 TWh en een verduidelijking m.b.t. de verwachte afstandsnormen bij windenergie.
Zienswijze 3 Samenvatting zienswijze: De indiener stelt dat de RES-opgave van gemeente De Wolden niet op democratische wijze tot stand is gekomen en dat een meerderheid van de Tweede Kamer dit voorjaar dit heeft vastgesteld. Indiener vraagt in hoeverre gemeente de Wolden de gemeenteraad van De Wolden rekening gaat houden met de landelijke actualiteit en haar opgave gaat herzien. Indiener geeft aan zich als inwoner van de gemeente zorgen te maken over de impact die de maatregelen hebben op het landschap in de gemeente en de naburige gemeenten. In het geval van eventuele windenergie bij Ruinerwold Noord wordt geen enkele rekening gehouden met het feit dat Ruinerwold een in de nota Belvedere aangewezen gebied is en dat er een Rijksgewaardeerde bescherming geldt met toezeggingen die in het Inspiratiedocument dorpsgezicht Ruinerwold zijn vastgelegd. De indiener vraagt zich af waarom de gemeente tot voor kort altijd heeft vastgehouden aan het mogelijk maken van kleine erfmolens en waarom de gemeente er nu voor kiest om hiervan af te wijken. Ook wordt gevraagd op welke manier en door wie de grote windturbines in de beleidsstukken terecht zijn gekomen.
De indiener roept de gemeente op om na te denken over serieuze opties zoals de opwek met zonne-energie die wel meetellen voor de RES-opgave en dat er creatief wordt nagedacht over hoe overcapaciteit op woningen en bedrijven benut kan worden. Ook wordt gevraagd in hoeverre de energiemix zoals in de Energiestrategie staat omschreven flexibel is, daarbij rekening houdend met innovatieve technieken. De indiener is van mening dat het begrip lokaal eigenaarschap moet worden onderbouwd met rekenmodellen, om de lusten die de lokale omwonenden van een project zouden hebben inzichtelijk te maken en relatie tot de lusten die andere partijen in deze projecten hebben. De indiener stelt dat er in de Energiestrategie geen rekening wordt gehouden met de impact op de korte en lange termijn op de gezondheid van de bewoners in de directe omgeving en vraagt hoe de gemeente eventuele (immateriële) schade die hierdoor mogelijk ontstaat denkt op te gaan lossen. Tijdens de presentatie van de concept Energiestrategie waren vooral maatschappelijke en commerciële partners van de gemeente De Wolden aanwezig. De indiener vraagt de gemeente om openheid over de rol van deze partijen en andere overheden bij de financiering van de plannen, de gemaakte afspraken en eventuele toezeggingen. De gemeente zou in de eerste plaats de belangen van haar inwoners moeten behartigen.
5
Daarnaast merkt de indiener op dat de presentatie en het ter inzage leggen van de concept Energiestrategie niet zijn aangekondigd via de gemeentelijke website, de Westervelder Wolder Courant of de nieuwsbrief De Wolden geeft Energie. Hoewel de presentatie ook bedoeld was voor inwoners, waren zij nauwelijks vertegenwoordigd; de tafels werden vooral bezet door maatschappelijke en commerciële partijen. Tot slot vraagt de indiener hoe de gemeente luistert naar inwoners die geen deel uitmaken van organisaties of belangengroepen. In de media wordt gesproken over het "stille midden" in de raad. De indiener vraagt zich af in hoeverre de gemeente beseft dat deze inwoners zich stilhouden vanwege een gebrek aan vertrouwen in de overheid en afhankelijkheid van gemeentelijke middelen en vergunningen. Reactie gemeente: De indiener stelt dat de RES-opgave ondemocratisch tot stand is gekomen. De gemeenteraad heeft in 2021 bij meerderheid ingestemd met de RES Drenthe 1.0 en hiermee is de RES en het RES-bod van de Wolden van 0,1 TWh een democratisch genomen besluit. Deze opgave blijft staan en het besluit van de Tweede Kamer heeft hier geen invloed op. Immers de opgave om in 2030 en daarna voldoende duurzame energie op te wekken blijft ook staan. De zorgen van de indiener over de gevolgen van windenergie voor de (directe) leefomgeving, het milieu, de gezondheid, etc.
komen aan de orde tijdens de verkenning naar de mogelijkheden voor windenergie. Op basis van de resultaten daarvan kan de gemeenteraad besluiten wel of niet door te gaan met de (eventuele) realisatie van windenergie. Ook de impact op de korte- en lange termijn komen hierbij in (verplichte) onderzoeken aan de orde. Zoals in de Energiestrategie staat omschreven heeft de gemeente een ruimtelijke verkenning uitgevoerd om in 2030 aan de RES-opgave te kunnen voldoen. Gezien de grote opgave die nog ingevuld moet worden heeft de gemeenteraad in september 2024 besloten om daarbij ook de mogelijkheden van windenergie te onderzoeken, naast eventueel zon-op-water bij de energiehub de Wijk 20, de erfmolens van 15 en 25 meter en de grote inzet m.b.t. zon-op-gebouwen. De RES-opgave invullen met enkel erfmolens of een groot deel daarvan is niet mogelijk gezien het grote aantal erfmolens dat hiervoor vereist is. De Energiestrategie omschrijft daarmee het bestaande beleid en de reeds vastgestelde verkenning (raadsbesluit september 2024). Er is niet besloten dat de windenergie bij Ruinerwold Noord er daadwerkelijk gaat komen. Op basis van de verkenning zal de gemeenteraad besluiten of er wel of geen windenergie komt.
In de Energiestrategie is ook ruimte gegeven voor een alternatief vanuit inwoners voor de invulling van de RES-opgave, mits dit voldoet aan alle kaders waar de gemeente zich aan moet houden. De vragen die de indiener stelt met betrekking tot lokaal eigendom en de financiële onderbouwing hiervan en de mate waarin de omgeving hiervan mee kan profiteren, komen per verkenning/onderzoek aan de orde. De ter inzagelegging en de presentatie van de concept Energiestrategie is op gebruikelijke wijze gecommuniceerd via de gemeentelijke kanalen (o.a. via sociale media en in de Wolder Courant). Daarnaast zijn inwoners, die bij het opstellen van de Toekomstvisie hebben aangegeven betrokken te willen zijn bij duurzaamheid en energie, persoonlijk per e-mail uitgenodigd. Ook zijn maatschappelijke partijen uitgenodigd. Commerciële partijen zoals ontwikkelaars zijn niet uitgenodigd voor de presentatie. Tot slot staat in bijlage 2 van de Energiestrategie omschreven welke rollen de gemeente inneemt bij het uitvoeren van de Energiestrategie. De gemeente heeft ook een persbericht uitgestuurd over de ter inzagelegging. Dit heeft onder andere online bij het Algemeen Dagblad en de Meppeler Courant gestaan. Tot slot
6
staat op onze duurzaamheidswebsite www.dewoldengeeftenergie.nl de meest actuele informatie over duurzaamheid. Conclusie: de zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de Energiestrategie, met uitzondering van de verduidelijking van de rol van de gemeente in een toegevoegde bijlage.
Zienswijze 4 Samenvatting zienswijze: De indiener stelt dat erfmolens tussen de 15 en 25 meter alleen zijn toegestaan indien de … er geen bezwaren tegen heeft. Verder mist volgens indiener in de Energiestrategie in hoeverre de energie-infrastructuur het aankan. De indiener stelt dat er rekening gehouden moet worden met wat de bevolking wil en dat de bevolking moet beslissen. Dit moet worden overgenomen in de Energiestrategie. De indiener stelt dat de RES-afspraak over ‘grootschalige’ en ‘kleinschalige’ zonnepanelen willekeurig is en moet worden aangepast. De zonnepanelen van daken op huizen zouden moeten meetellen aldus de indiener. M.b.t. de aangescherpte voorkeursvolgorde zon begrijpt de indiener niet dat de derde uitzonderingsgrond niet wordt toegepast. De Provinciale Omgevingsverordening kan volgens de indiener altijd gewijzigd worden en ook als die niet wordt gewijzigd kunnen er zonnepanelen op de landbouwgrond. Hiernaar is onvoldoende gekeken. De indiener vraagt zich af of de gemeente zuinig omgaat met het landschap, omdat de mogelijkheden naar windenergie bij Ruinerwold Noord worden onderzocht. Ook stelt men dat er niet wordt geluisterd naar de impact van omwonenden. Ook zijn m.b.t. zonne-energie niet alle opties in kaart gebracht aldus de indiener en het is onduidelijk waarom op dit moment maximaal 2 hectare aan zonneweide mag worden gerealiseerd.
De indiener stelt dat de maatregelen voor duurzame energie gelijk over de dorpen moeten worden verdeeld, zodat niet één dorp alle lasten heeft. De inspanningsverplichting met lokaal eigendom ziet de indiener als te licht. Dit moet worden verplicht, anders heeft men er niks aan. Tevens wordt gevraagd wanneer de denktank naar alternatieve energieoplossingen wordt ingericht. De indiener stelt dat in de visie wordt uitgegaan van verouderde waarden, zoals bij groengas. De waardes uit 2025 moeten altijd worden genoemd. Ook is onduidelijk waarom het niet wenselijk is om zonne-energie langs de A28 op te wekken. Dit is niet gemotiveerd. Gesteld wordt dat de RES-opgave ondemocratisch is en besluitvorming vaak buiten democratische instituties plaatsvindt, burgerinspraak beperkt is en gekozen politici te weinig directe invloed hebben in de vroege fasen, aldus de Tweede Kamer. Tot slot stelt de indiener dat de paginanummers ontbreken. Reactie gemeente: Het is voor de gemeente onduidelijk wat de indiener precies bedoeld met de passage over de erfmolens van 15 en 25 meter. De gemeente gaat ervan uit dat hierbij de omgeving of de provincie wordt bedoeld. Voor wat betreft de omgeving hebben belanghebbenden altijd de mogelijkheid om bezwaar en/of beroep aan te tekenen als er een erfmolen in de buurt wordt geplaatst.
Kijkende naar de erfmolens van 25 meter, dan wordt dit pas structureel mogelijk als de Provinciale Omgevingsverordening wordt aangepast. Met de Pilot Erfmolens wordt hieraan gewerkt. Verder wordt bij de duurzaamheidsopgave altijd rekening gehouden en samengewerkt met de netbeheerders, waarbij naar de energie-infrastructuur wordt gekeken. De netbeheerders zijn hard bezig om de energie-infrastructuur te verzwaren.
7
De indiener stelt dat de bevolking moet beslissen. De gemeente betrekt de inwoners bij alle verkenningen zo vroeg mogelijk in de vorm van een gebiedsproces om de haalbaarheid te onderzoeken. Uiteindelijk beslist de gemeenteraad, als volksvertegenwoordiging en als bevoegd gezag, of projecten wel of niet doorgaan. Voor belanghebbenden is het altijd mogelijk om in bezwaar en/of beroep te gaan. Over zonne-energie staat in de Energiestrategie omschreven waarom de gemeente het niet haalbaar acht om de volledige RES-opgave in te vullen met zonne-energie. Daarbij is ook naar alle uitzonderingsgronden gekeken. Voor agri-pv is gekeken naar hoeveel ruimte er nodig is aan de hand van cijfers van de Wageningen University en Research (WUR). Op basis van die cijfers en de beperkingen die de provincie oplegt komt de gemeente tot de conclusie dat het in onze optiek onmogelijk wordt om de volledige RESopgave met zonne-energie in te vullen. Het aanpassen van de Provinciale Omgevingsverordening is aan de provincie en vereist een zorgvuldig proces. Het aanpassen van de RES-afspraak m.b.t. kleinschalige en grootschalige zonnepanelen is voor de gemeente niet aan de orde. De momenteel maximaal toegestane 2 hectare aan zonne-energie komt voort uit de Beleidsnotitie Alternatieve Energiebronnen 2016 en is daarmee vastgesteld beleid.
Binnen de verkenning windenergie Ruinerwold Noord worden de belangen van omwonden en de eventuele impact zorgvuldig meegenomen. Om een goed beeld te krijgen van de impact van windenergie worden tijdens de verkenning de voor- en nadelen in kaart gebracht. De gebiedstafel werkt op dit moment aan een onderzoeksopzet. Een resultaatverplichting voor lokaal eigendom, zoals de indiener stelt, is wettelijk gezien niet mogelijk. De Energiewet geeft de gemeente alleen de mogelijkheid om een inspanningsverplichting op te leggen. Wel zet de gemeente zich maximaal in om het lokaal eigenaarschap te realiseren. De denktank naar alternatieve energieoplossingen gaat naar verwachting in 2026 van start. Hiervoor volgt nog een apart plan van aanpak, dat samenvalt met de Dorps Energie Strategieën. In de Energiestrategie wordt gebruik gemaakt van de meest actuele informatie en waarden. Echter, daarvoor maken we gebruik van informatie vanuit de Rijksoverheid via de Klimaatmonitor. Deze data lopen vaak twee jaar achter. Zonne-energie kan niet langs de A28 opgewekt worden omdat er onvoldoende Rijksgronden beschikbaar zijn om zonne-energie op te wekken langs de A28. Wel is er potentieel bij de N48. We hebben dit in de Energiestrategie verduidelijkt. Met betrekking tot de RES-opgave, zie hiervoor de reactie bij indiener 3, indiener 5 en indiener 8.
Aan de definitieve versie van de Energiestrategie is de paginanummering toegevoegd. Tot slot streeft de gemeente naar een zo evenredig mogelijke verdeling over de dorpen met de Dorps Energie Strategieën, maar op basis van een ruimtelijke verkenning wordt ook gekeken naar twee grootschalige opweklocaties bij de Wijk 20 en Ruinerwold Noord om hiermee aan de doelstellingen te kunnen voldoen. Conclusie: In de Energiestrategie is verduidelijkt waarom er geen zonne-energie langs de A28 kan worden opgewekt. Ook zijn de paginanummers toegevoegd. Verder leidt de zienswijze niet tot aanpassingen van de Energiestrategie.
Zienswijze 5
8
Samenvatting zienswijze: De indiener wil graag laten weten zich aan te sluiten bij de argumenten van Stichting Leefbaar Zuidwest Drenthe en roept op serieus om te gaan met de bezwaren die in de gemeenschap leven en de meer dan 1800 handtekeningen die gezet zijn onder de petitie. De indiener woont in Westerveld, maar op de rand van het gebied, en stelt dat er niet veel is onderzocht met betrekking tot gezondheid en milieueffecten van de windturbines en het zeer onverantwoord vindt om deze plannen door te zetten. Gevraagd wordt om veel kritischer te zijn op de opdracht die door de RES aan de gemeente is doorgegeven en om de inwoners te beschermen voor de schade die de turbines zullen gaan aanrichten. De indiener stelt dat het de taak van de gemeente is om de inwoners daarvoor te beschermen en hoopt dat de bezwaren serieus genomen worden, ook van de mensen die zich niet uitspreken. Reactie gemeente: Deze zienswijze richt zich op de verkenning windenergie Ruinerwold Noord. Hiervoor is onlangs een gebiedsproces gestart waarin samen met de bewoners en andere betrokkenen wordt gekeken naar de mogelijkheden voor windenergie bij Ruinerwold Noord. De verkenning wordt momenteel uitgevoerd en er wordt een onderzoeksopzet geschreven, te vinden op www.dewoldengeeftenergie.nl/windenergie.
De gebiedstafel is hiervoor ingericht en binnen dit proces kunnen vele verschillende aspecten worden ingebracht om te gaan onderzoeken. Dit betekent dat ook milieueffecten en gezondheid een plek kunnen krijgen in het onderzoek. Onze verwachting is dat dit ook zal gebeuren, maar besluitvorming moet nog plaatsvinden Aan de gebiedstafel neemt ook een afvaardiging van bewoners deel. De bewoners komen bij elkaar in het bewonersplatform. Ook voor inwoners uit de gemeente Westerveld is het mogelijk om deel te nemen aan het bewonersplatform om zodoende betrokken te zijn bij de verkenning. Op basis van het eindresultaat van de verkenning zal de gemeenteraad zich uitspreken of windenergie wel of niet wenselijk en mogelijk is. Daarbij kan windenergie uiteindelijk alleen doorgaan als het aan strenge milieu- en gezondheidseisen voldoet. Dit wordt in een Milieu Effecten Rapportage (MER) onderzocht. Verder is op verzoek van de Stichting Leefbaar Zuidwest Drenthe en Dorpsbelangen ook ruimte geboden voor alternatieve oplossingen, mits dit voldoet aan de kaders van de RES en provinciale regelgeving, waaraan de gemeente moet voldoen. De stelling dat de opdracht van de RES is doorgegeven aan de gemeente, daar kan de gemeente zich niet in vinden. De gemeenteraad heeft in 2021 zelf een RES-bod van 0,1 TWh gedaan en dit ook vastgesteld.
Conclusie: De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de Energiestrategie.
Zienswijze 6 Samenvatting zienswijze: De indiener stelt allereerst achter de doelstelling te staan die men tussen de regels door leest: verantwoordelijkheid nemen voor de eigen vervuiling. Wat de indiener betreft zou die explicieter gemaakt kunnen worden. Op papier en woorden. Het wordt volgens de indiener nu nog te veel uitgedragen door beleidsmakers én gevoeld door bewoners als een van bovenaf opgelegde plicht. De indiener ziet het initiatief bij Ansen als heel zinvol en gaat ervan uit dat het veel creativiteit en bewustzijn ontwikkelt, alsmede dat de koppeling tussen verbruik en daarvan de lasten dragen effectief is.
9
Daarnaast stelt de indiener dat er bij lokaal eigenaarschap en hoge windmolens een beperkt deel van de bevolking zeer zwaar wordt geconfronteerd met de achterkant van ons energieverbruik. Voor een deel van de omwonenden zal de gezondheid substantieel worden aangetast, hetgeen bij hen niet zal leiden tot minder energieverbruik. De indiener geeft aan dat je zou kunnen denken dat lokaal eigendom een verzachtend effect heeft, maar deze koppeling is in de praktijk afwezig. Coöperaties en investerende ondernemers zullen, zoals blijkt, vooral voor hun eigen buurt gaan. En hier en daar wat 'kruimels voor de zangvereniging'. Echte overlast laat zich niet compenseren met de formule van lokaal eigendom zoals die nu gehanteerd wordt, aldus de indiener. Verder vraagt de indiener of de invulling die de gemeente geeft aan groengas losstaat van de RES-opgave, of dat dit eerst wel kan worden gebruikt om de RES-doelstellingen te halen en daarmee tijd te kopen. Ook wordt gevraagd hoe ambitieus en concreet de plannen zijn voor energiebesparing. Dit kan alleen worden teruggevonden in de doelstellingen maar niet in beleid. Tot slot stelt de indiener dat in de conceptversie soms wordt gesproken van de opwek van eigen elektriciteit en soms van eigen energie. Elektriciteit is ongeveer 15% van het totale verbruik en kan dus niet worden verwisseld.
Reactie gemeente: De gemeente deelt de mening van de indiener dat lokale initiatieven, waarbij de gemeenschap zelf aan de slag gaat met energiebesparing en opwekking erg zinvol zijn. Daarom worden lokale energie-initiatieven ook gestimuleerd met de Dorps Energie Strategieën. Echter, om de RES-doelstellingen te behalen worden ook de mogelijkheden voor grotere opwekprojecten, zoals de energiehub bij De Wijk 20 en windenergie bij Ruinerwold Noord onderzocht. De gemeente is van mening dat de zeggenschap en de opbrengsten binnen de gemeenschap moeten blijven en dat de lusten en lasten eerlijk verdeeld moeten worden. Dit kan met lokaal eigenaarschap en goede omwonendenregelingen. Op de vraag van de indiener of groengas gebruikt kan worden om (tijdelijk) invulling te geven aan de RES-opgave, luidt het antwoord dat dit niet mogelijk is. De RES gaat over de opwek van hernieuwbare elektriciteit met wind- en/of zonne-energie. De opwek van groengas draagt bij aan de landelijke groengasdoelstelling vanuit het Klimaatakkoord van 2 miljard kubieke meter (BCM). Met betrekking tot het besparen van energie komt het beleid terug in het Actieplan Duurzaamheid en het Warmteprogramma, waarin maatregelen staan om zoveel mogelijk energie te besparen.
Deze Energiestrategie gaat enkel over de opwek van duurzame energie en maakt onderdeel uit van een totale aanpak, zoals staat omschreven in het Actieplan Duurzaamheid, waarvan het zoveel mogelijk besparen van energie prioriteit heeft. Hierbij stimuleert de gemeente energiebesparing onder andere via gunstige leningen, subsidies en advies. Tot slot wordt in de Energiestrategie gesproken over de opwek van eigen energie en eigen elektriciteit. De gemeente heeft als doelstelling om in 2030 100% van het gasnetwerk in de gemeente te vullen met groengas. Dit komt neer op 100% van het eigen verbruik. Daarnaast heeft de gemeente als doelstelling om in 2040 100% van het elektriciteitsverbruik duurzaam op te wekken. Omdat de vraag naar elektriciteit toe zal nemen (o.a. door elektrificatie warmtevoorziening, bedrijfsprocessen en mobiliteit), zal het elektriciteitsverbruik een groter percentage van het volledige energieverbruik uit gaan maken dan de huidige 15%. Conclusie: De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de Energiestrategie.
Zienswijze 7
10
Samenvatting zienswijze: De indiener maakt zich ernstige zorgen over de richting en de keuzes die de gemeente voorstelt in de Energiestrategie, met name over de inzet van industriële windturbines binnen onze gemeentegrenzen. Dit vormt een directe bedreiging voor de leefomgeving, het landschap en het vertrouwen in lokale besluitvorming. De indiener stelt dat er onvoldoende onderbouwing is voor grootschalige windprojecten in de Wolden en dat er ondanks dat het document spreekt over een verkenning naar windenergie de koers al vast lijkt te liggen richting toelating van honderden meters hoog. Daarnaast geeft de indiener aan dat er gebrekkige participatie is en de schijn van invloed en vraagt zich af hoe er sprake kan zijn van een open gebiedsproces als de richting feitelijk al vastligt. Daarbij komt dat de gemeente misleidend communiceert over lokaal eigendom. De indiener is van mening dat het bij lokaal eigenaarschap in de praktijk gaat om juridische constructies waarbij echte zeggenschap ontbreekt. Ook is er een onvolledige risicoanalyse van windenergie opgenomen. Gezondheidseffecten zoals laagfrequent geluid, slagschaduw en flikkering, verstoring van vogelroutes, schade aan landschap en waardevermindering van woningen worden niet volwaardig geadresseerd. Daarnaast is er geen aandacht voor de milieu-impact van moderne turbines met grotere rotorbladen en hogere draaisnelheden.
Deze veroorzaken veel meer materiaalafslijting, waarbij giftige deeltjes in lucht, bodem en water terecht kunnen komen. Dit is een reëel en zorgwekkend milieugevolg dat volledig ontbreekt in het concept. De indiener vraagt zich af waarom de gemeente ervoor kiest om meer productie toe te voegen (waaronder windenergie) terwijl het elektriciteitsnet overbelast is en windenergie zorgt voor onbalans, zonder eerst te zorgen voor voldoende netcapaciteit, infrastructuur en seizoensopslag. Ook geeft de indiener aan dat er druk op de besluitvorming lijkt te liggen zonder zorgvuldigheid, waarbij de indiener de gemeenteraad oproept om een moratorium op nieuwe grootschalige windenergieprojecten in te stellen totdat de landelijke milieunormen definitief zijn vastgesteld en alle juridische, ruimtelijke en maatschappelijke gevolgen in kaart zijn gebracht. Verder stelt de indiener dat er onduidelijke provinciale samenhang is, omdat de gemeente vijf gebieden openstelt voor windenergie terwijl de provincie Drenthe in de Contournota Omgevingsvisie 2024 expliciet als uitgangspunt noemt dat na realisatie van de RES-opgave geen nieuwe grootschalige zon- en windparken meer gewenst zijn. Gevraagd wordt waarom De Wolden nu een afwijkende koers volgt en of onze gemeente feitelijk wordt opgezadeld met wat elders niet meer wordt geaccepteerd.
Daarbij wordt meegegeven dat het op dit moment onduidelijk is hoeveel draagvlak er onder de inwoners is voor grootschalige windturbines en hoe hun stem wordt meegewogen. Met betrekking tot de leidende principes stelt de indiener dat de leidende principes goed klinken maar dat deze meerdere vragen oproepen. Deze vragen staan weergegeven in de zienswijze die als bijlage is meegestuurd. De indiener stelt ook dat er onduidelijkheid is over rolverdeling en belangen, omdat de energietransitie publieke, commerciële en gemeentelijke belangen raakt en vraagt zich af hoe voorkomen wordt dat deze belangen door elkaar gaan lopen of zelfs botsen. Tot slot verzoekt de indiener aan de gemeente: 1. Neem een volwaardig scenario op waarin geen grootschalige windturbines worden ingezet. Werk dit net zo gedetailleerd uit als andere opties. Denk hierbij aan bijv. zon-opdak, agri-pv, zon op water, erfmolens of opslag.
11
2. Maak de zoekgebieden publiek inzichtelijk, inclusief kaarten, afstandsnormen en ecologische criteria. 3. Organiseer een onafhankelijk burgerpanel met echte invloed. 4. Stel besluitvorming over wind uit tot de nieuwe milieunormen zijn vastgesteld. 5. Overweeg een tijdelijk moratorium op grootschalige windprojecten, in lijn met signalen vanuit inwoners. 6. Zet maximaal in op zon-op-dak, agri-PV en energieopslag. 7. Leg vast hoe inwonersbelangen worden afgewogen ten opzichte van RESdoelstellingen. Reactie gemeente: De zorgen van de indiener richten zich grotendeels op de Verkenning windenergie Ruinerwold Noord. Daarbij kan de gemeente zich niet vinden in de opmerking van de indiener dat de koers voor windenergie al vast lijkt te liggen ondanks dat de gemeente stelt een verkenning uit te voeren. Er is op dit moment geen besluit genomen of er wel of geen windenergie in De Wolden gaat komen. Hiervoor wordt de verkenning uitgevoerd met een gebiedstafel en een bewonersplatform en hierin worden ook een groot deel van de zorgen die de indiener adresseert meegenomen. Uiteindelijk zal de gemeenteraad op basis van deze verkenning besluiten of er wel of geen windenergie gaat komen. De verkenning vindt plaats in de vorm van een gebiedsproces waar een brede afvaardiging vanuit het gebied op dit moment aan deelneemt.
Een groot deel van de zorgen van de indiener kunnen binnen het gebiedsproces worden ingebracht. Binnen de verkenning windenergie en de algehele Energiestrategie bestaat ruimte voor alternatieven, mits deze haalbaar en passend zijn binnen landelijk en provinciaal beleid. Deze kaders staan in de Energiestrategie omschreven. De indiener stelt dat de gemeente kiest meer productie toe te voegen, terwijl het elektriciteitsnet overbelast is en dit leidt tot meer netcongestie en onbalans. De gemeente staat continu in overleg met de netbeheerders en het elektriciteitsnet wordt zowel op laag-, midden-, als hoogspanningsniveau snel verzwaard. Dit is nodig omdat we in de toekomst meer elektriciteit en minder (fossiele) brandstoffen gaan gebruiken. De netbeheerders geven aan dat een mix van wind- en zonne-energie wenselijk is voor het elektriciteitssysteem. Windenergie levert namelijk constanter energie (meer vollasturen) dan zonne-energie en is vaak complementair aan zonne-energie. Ook zorgt windenergie voor stroom tijdens de winter. De stelling dat windenergie per definitie leidt tot onbalans, daar kan de gemeente zich niet in vinden. Op de vraag of er wel of niet windenergie komt vindt een bredere afweging plaats dan alleen de wenselijkheid voor het energiesysteem. Denk daarbij aan de effecten op de omgeving, gezondheid, ruimte, milieu, etc., zoals eerder aangegeven in deze reactie.
Wel deelt de gemeente de opvatting van de indiener dat er ook naar opslag en verzwaring gekeken moet worden. Voor de grotere opslag werkt de provincie Drenthe aan regels, voor kleinere opslag moet de gemeente met beleid komen. Bij de energiehub De Wijk 20 wordt gekeken naar een combinatie van opwek, opslag en verbruik. Ook staat in de Energiestrategie een pilot met energiemanagementsystemen omschreven die op wijk-, buurt-, of dorpsniveau toegepast kunnen worden om energie op te slaan en slim te gebruiken om daarmee het elektriciteitsnet te ontlasten. De oproep van de indiener om een moratorium op nieuwe windenergieprojecten in te stellen totdat de landelijke milieunormen definitief zijn vastgesteld, is feitelijk al het geval. Het huidige beleid maakt geen grootschalige windenergie mogelijk. Als uit de verkenning blijkt dat windenergie kansrijk is en de gemeenteraad besluit dat windenergie wenselijk is, dan zal
12
volgens het huidige beleid de gemeente of de provincie zelf milieunormen moeten vaststellen op basis van een MER. Vervolgens zal het Omgevingsplan aangepast moeten worden om windenergie in het specifieke gebied mogelijk te maken. Dit traject staat omschreven op de gemeentelijke website: www.dewoldengeeftenergie.nl/windenergie. In de verkenning wordt gekeken naar milieuaspecten, en juridische, ruimtelijke en maatschappelijke gevolgen. Zodoende ziet de gemeente het uitroepen van een moratorium als overbodig, omdat windenergie volgens het huidige beleid niet mogelijk is en enkel de mogelijkheden naar windenergie op dit moment worden verkend. De stelling van de indiener dat de Energiestrategie niet overeenkomt met provinciaal beleid herkent de gemeente zich niet in. De indiener refereert naar de Contournota Omgevingsvisie 2024 waarin expliciet als uitgangspunt het volgende staat opgenomen: “Bij het ontwikkelen van een visie op de energievoorziening richting 2050 is het vertrekpunt dat we, nadat we de Regionale Energiestrategie Drenthe hebben gerealiseerd, geen nieuwe grootschalige zon- en windmolenparken toevoegen aan Drenthe.” (Contourennota Omgevingsvisie ‘Horizon van Drenthe’, 2024, p. 26). De Energiestrategie past binnen het provinciaal beleid, zoals ook in de Energiestrategie staat beschreven.
De verkenning naar windenergie wordt uitgevoerd om invulling te geven aan de RES-opgave. Dit uitgangspunt geldt voor alle Drentse gemeenten en totdat de RES is ingevuld is grootschalige wind- en zonne-energie mogelijk op grond van de Provinciale Omgevingsverordening. Ook stelt de indiener dat de gemeente vijf locaties voor windenergie heeft aangewezen. Dit is onjuist. De gemeente heeft geen enkele locatie aangewezen waar op dit moment windenergie kan komen. Het gebied Ruinerwold Noord is met het raadsbesluit van september 2024 aangewezen om de mogelijkheden naar windenergie te onderzoeken. De andere vijf gebieden zijn niet aangewezen, maar zijn door Pondera in kaart gebracht als mogelijkheid voor het ontwikkelen van windturbines. De gemeenteraad heeft in september 2024 geen besluit genomen over deze locaties. Deze Energiestrategie brengt daar geen verandering in. Met betrekking tot de leidende principes stelt de indiener een aantal vragen, die vooral op de concrete invulling gedurende de uitvoering en de implementatie van de verschillende bouwblokken gericht zijn. Per bouwblok wordt concreet invulling gegeven aan deze leidende principes, en deze principes vormen dus de leidraad voor de verschillende verkenningen. Met betrekking tot de rolverdeling is er een extra bijlage in de Energiestrategie opgenomen waarin de rollen die de gemeente inneemt staan omschreven.
Conclusie: De gemeente heeft de rollen die zij inneemt en de inzet die zij pleegt bij de uitvoering van de Energiestrategie verduidelijkt in bijlage 2 van de Energiestrategie. De overige punten uit de zienswijze leiden niet tot een wijziging van de Energiestrategie. Zienswijze 8 Samenvatting zienswijze: De indiener stelt dat in de Energiestrategie nog wordt uitgegaan van de RES-opgave, terwijl de Tweede Kamer heeft besloten om vanaf 2030 de RES-regio’s op te heffen omdat de democratische legitimiteit eronder ontbreekt. Daarom zou het hanteren van de opgaves die de regio’s zichzelf vrijwillig hebben opgelegd aanvechtbaar en onacceptabel zijn. De indiener stelt dat de RES-opgaven die in 2021 door de Raad zijn goedgekeurd geen grondig argument zijn voor verdere besluitvorming nu de RES-regio’s opgeheven moeten worden. Daarbij stelt de indiener dat de RES-opgaven gedreven worden door een winstoogmerk gedreven vertrekpunt voor de energiesector en de gemeente. Dit terwijl de gemeente allereerst de taak heeft om het milieu en de bevolking te beschermen. Daarbij stelt de indiener dat als
13
windturbines niet kunnen draaien, de niet gederfde inkomsten gecompenseerd moeten worden en dat die rekening bij de belastingbetaler zou komen te liggen. Ook stelt de indiener dat het begrip lokaal eigendom discutabel is en dat het onduidelijk is hoe het begrip vormgegeven moet worden. Ook stelt de indiener dat families en burgers in Staphorst nauwelijks iets ontvangen. Ook wordt er volgens de indiener geen melding gedaan van de risicofactoren voor de kwaliteit van lucht, de bodem en het water. Daarbij stelt de indiener dat de drinkwaterproblemen al groot zijn maar door slijtage en het gebruik van toxische materialen bij de rotorbladen nog groter zullen worden. Er wordt gesteld dat het waterbergingsgebied van de Oude Vaart en de drinkwatergebieden in de nabije omtrek van de zoeklocatie voor windturbines zullen veel schade gaan ondervinden. De gezondheid voor veel meer inwoners dan de lokale bevolking staat daarmee op het spel. Ook worden de landerijen waar grasopbrengst en weidegang de boeren van inkomsten moeten voorzien hierdoor geschaad. Reactie gemeente: De indiener stelt dat de RES-regio’s ondemocratisch zijn en dat met het besluit van de Tweede Kamer om de RES-regio’s in 2030 op te heffen, de RESopgave vervalt. De gemeente kan zich niet vinden in deze stelling. De RES-opgave blijft staan en dit is ook bevestigd vanuit het Nationaal Programma RES.
Opheffing van de RES-regio’s is de komende jaren niet aan de orde. De RES is zelf geen bestuursorgaan dat besluiten kan nemen. De RES is een samenwerkingsverband tussen gemeenten, provincies en waterschappen om samen met inwoners, maatschappelijke partijen, energiecoöperaties, netbeheerders en het Rijk invulling te geven aan de grote opgave m.b.t. de opwek van duurzame energie die gerealiseerd moet worden. In 2021 heeft de gemeenteraad besloten om voor 0,1 TWh aan hernieuwbare elektriciteit op te wekken en daarmee bij te dragen aan de landelijke opgave van ten minste 35 TWh, zoals afgesproken in het Klimaatakkoord. Dit is daarmee een democratisch genomen besluit. De gemeente handelt hierbij in het algemeen en het publiek belang, namelijk aan het voldoen aan de duurzaamheidsdoelstellingen zoals geformuleerd in de Klimaatwet en neemt daarbij haar verantwoordelijkheid door in 2040 het eigen energieverbruik ook te willen opwekken. Een belanghebbende heeft in Nederland bij ieder duurzaam energieproject de mogelijkheid om in bezwaar en/of beroep te gaan, zodra er een eventuele wijziging van het Omgevingsplan aan de orde is. Met betrekking tot het lokaal eigenaarschap zet de gemeente zich in op een eerlijke verdeling van de lusten en lasten. Dat moet gebeuren door zeggenschap, lokaal eigenaarschap en goede omwonendenregelingen.
Tot slot wordt in de verkenning windenergie gekeken naar de invloeden die windenergie heeft op de bevolking en het milieu. Veel van de punten die de indiener aanhaalt worden ook meegenomen in de MER. Conclusie: De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de Energiestrategie.
Bijlagen: • •
Inspraakreacties indiener 1 t/m 8 Verslag bijeenkomst concept Energiestrategie & Warmteprogramma
14