Reactie college op verzoek betrokkenheid BON-gronden
Tekst van het document
POSTADRES
Postbus 250
T
0297 29 16 16
Croonstadtlaan 111
E
gemeente@derondevenen.nl
3641 AL Mijdrecht
I
www.derondevenen.nl
3640 AG Mijdrecht BEZOEKADRES
DATUM
19 februari 2026
UW KENMERK ONS KENMERK
1249220
UW BERICHT VAN
16 februari 2026
CONTACTPERSOON
S. Jansen
DOORKIESNUMMER
0297 291616
gemeente@derondevenen.nl
ONDERWERP
Verzoek om nadere motivering, onderbouwing en dossierinzage - ontwikkeling
Geachte heer …….., Op 13 februari 2026 hebben wij uw brief ontvangen met daarin vragen over de ontwikkeling van de BONlocatie in Abcoude. Hieronder treft u uw vragen aan, voorzien van de beantwoording. 1. Beleidsbasis en planologische koerswijziging Woningbouw op de BON-gronden is in het verleden meerdere malen onderzocht, onder meer in varianten rond circa 180 woningen, maar destijds niet doorgezet wegens ruimtelijke, landschappelijke, verkeerskundige en maatschappelijke bezwaren. Dit wijst op een consistente planologische terughoudendheid. Vraag Op basis van welk nieuw formeel vastgesteld beleidskader acht het college deze ontwikkeling thans wél aanvaardbaar, en waar is deze beleidswijziging controleerbaar vastgelegd? Antwoord In het verleden was er nog geen overeenstemming bereikt tussen de ontwikkelaar en de gemeente over de ontwikkeling van de BON-gronden. Dat was de reden dat er een langere tijd geen voortgang geboekt kon worden. Inmiddels zijn partijen wel tot overeenstemming gekomen over de uitgangspunten. Om die reden is het mogelijk om dit Ruimtelijk Kader voor te leggen aan de gemeenteraad. In het Ruimtelijk Kader wordt verwezen naar de diverse beleidsstukken die van toepassing zijn (hoofdstuk 6) en op welke wijze hier invulling aan is gegeven binnen dit Kader. Het Ruimtelijk Kader zelf vormt het stuk waarop een akkoord door de gemeenteraad wordt gevraagd.
Dit is het vertrekpunt voor de verdere benodigde planologische wijziging. 2.Provinciale instemming, contouren en erfgoed De BON-gronden liggen deels buiten de rode contour en binnen de invloedssfeer van het UNESCOwereiderfgoed Hollandse Waterlinies (Stelling van Amsterdam). In publieke uitingen wordt verwezen naar een "provinciaal akkoord" inzake opschaling van het programma. Niet inzichtelijk is: wat dit akkoord exact omvat; of erfgoed- en landschappelijke waarden expliciet zijn beoordeeld; of de Rijksdienst voor het REGISTRATIENUMMER
1249220
Cultureel Erfgoed formeel betrokken is; of een volwaardige Heritage Impact Assessment (HIA) is uitgevoerd. Vragen 1. Waaruit bestaat dit provinciale akkoord concreet (document, datum, inhoud, status)? 2. Is een HIA opgesteld, door wie, met welke conclusies en bestuurlijke status? 3. Hoe is geborgd dat openheid, zichtlijnen en landschappelijke samenhang van het werelderfgoed behouden blijven? Antwoord 1 Het akkoord vanuit de provincie is opgenomen in provinciaal beleid, het zogenaamde PPWW2025. Dat is online in te zien. Programma Provinciaal Programma Wonen en Werken 2025 provincie Utrecht - Regels op de kaart - Omgevingsloket De BON-locatie is opgenomen in tabel 10. Antwoord 2 Er is een HIA opgesteld. Deze treft u als bijlage aan bij het Ruimtelijk Kader. Antwoord 3 In het Ruimtelijk Kader wordt ingegaan op de HIA en de vertaling daarvan in het Ruimtelijk Kader. Hiervoor verwijzen wij u graag naar hoofdstuk 6.4 Milieu uit het Ruimtelijk Kader. De HIA zelf is opgenomen als bijlage 5. 3.Bouwhoogte en schaal Het plan maakt bouwhoogtes tot circa 19 meter mogelijk. Dit vormt een duidelijke schaalbreuk met de bestaande bebouwing en het omliggende landschap. Hierdoor ontstaat de indruk dat financiële optimalisatie leidend is geweest bij de massaopbouw.
Vraag Welke objectieve ruimtelijke criteria rechtvaardigen deze bouwhoogtes in relatie tot schaal, karakter en identiteit van Abcoude? Antwoord De woningdichtheid van de BON-gronden is hoger dan gemiddeld het geval is in Abcoude. Dat is een bewuste keuze vanuit ons college vanwege de grote behoefte aan (betaalbare) woningbouw. De stedenbouwkundige opzet houdt rekening met de bestaande bebouwing door juist daar het grondgebonden programma op te nemen met een maximale bouwhoogte van 12 meter. Dit heeft qua opzet en dichtheid de kenmerken van het dorpse karakter. Meer richting het zuiden van het plan neemt de hoogte en daarmee ook de dichtheid toe. In Abcoude komt hoogbouw vaker voor, bijvoorbeeld bij de Plus supermarkt. Daar is ook een accent met 5 bouwlagen gerealiseerd.
REGISTRATIENUMMER
1249220 Pagina 2 van 9
4.Schaalsprong en dorpsstructuur Met circa 3000 woningen betekent toevoeging van 270-300 woningen een groei van ongeveer 10% in één fase. Dit betreft geen organische uitbreiding maar een structurele schaalsprong. Vraag Waaruit blijkt dat deze ontwikkeling het dorpse karakter, de menselijke maat en ruimtelijke samenhang niet onevenredig aantast, en welke alternatieven of faseringen zijn aantoonbaar onderzocht? Antwoord Zie het voorgaande antwoord onder punt 3 Bouwhoogte en schaal. 5.Geluid en gezondheid (A2) Tijdens de raadsvergadering is door u aangegeven dat de geluidsnormen momenteel reeds worden overschreden, dat nader onderzoek noodzakelijk is en dat onduidelijk is hoe aan de normen kan worden voldaan en wie de kosten van eventuele maatregelen zal dragen. Zolang niet is aangetoond dat aan wettelijke normen kan worden voldaan en hoe dit juridisch en financieel wordt geborgd, ontbreekt een essentiële randvoorwaarde voor besluitvorming. Vraag Hoe kan besluitvorming plaatsvinden terwijl vaststaat dat normen worden overschreden en oplossingen, verantwoordelijkheden en financiering nog niet zijn uitgewerkt? Antwoord: Het Ruimtelijk Kader is de voorloper op de planologische wijziging. Een actualisatie van de onderzoeken moet aantonen wat de daadwerkelijke belasting op de woningen is.
Indien er sprake is van een overschrijding van de normen, dan zijn er maatregelen te treffen om alsnog aan de normen te voldoen of kan besloten worden daar gemotiveerd van af te wijken (een hogere waarde toe te kennen). Dat is niet ongebruikelijk bij de realisatie van nieuwbouwwoningen. Op het moment van de vergunningaanvraag/ BOPA (de planologische wijziging) zal getoetst worden of het plan voldoet aan de wet- en regelgeving. Een vergunning wordt alleen afgegeven als dat in orde is. De kosten voor de eventueel te treffen maatregelen komen voor rekening van de ontwikkelaar. 6.Verkeer, veiligheid en infrastructuur De Piet van Wijngaerdtlaan is reeds een intensief belaste route. Omwonenden ervaren trillingen door zwaar verkeer. De toevoeging van woningen en een school zal de verkeersbelasting aantoonbaar vergroten, met piekdrukte tijdens breng- en haaltijden. Specifieke aandachtspunten: structureel touringcarverkeer voor schoolvervoer; blokkering van zichtlijnen; extra manoeuvres; cumulatieve verkeersbelasting; parkeeroverlast en mogelijk ongewenst gebruik van kiss-and-ride-plaatsen buiten schooltijden; bereikbaarheid voor hulpdiensten. Vragen
REGISTRATIENUMMER
1249220 Pagina 3 van 9
1. 2. 3. 4.
Zijn actuele nulmetingen uitgevoerd van verkeersintensiteiten en trillingen? Zijn cumulatieve verkeers- en veiligheidseffecten integraal onderzocht? Is vastgesteld dat politie-, brandweer- en ambulancecapaciteit toereikend blijft? Kunnen de onderliggende rapporten worden verstrekt? Zonder dergelijke gegevens is geen sprake van een zorgvuldig voorbereid besluit als bedoeld in artikel 3:2 Awb.
Antwoord 1 Er is voor de inschatting van de toekomstige verkeersintensiteit van de Piet van Wijngaerdtlaan gebruik gemaakt van gegevens uit het gemeentelijk verkeersmodel. Er zal in het kader van de ruimtelijke procedure nader en gedetailleerd onderzoek worden gedaan naar de verkeersintensiteit van de omliggende wegen van de Bon-locatie en een nadere toetsing aan de capaciteit van deze wegen. Het uitvoeren van nulmetingen van trillingen als gevolg van verkeer is geen standaard onderdeel van een Ruimtelijk Kader. Er geldt een vrachtwagenverbod voor de Piet van Wijngaerdtlaan. Er is geen sprake van doorgaand vrachtverkeer. Het aanwezige vrachtverkeer heeft de bestemming in de omliggende straten. Met de komst van de Bon-locatie is er geen sprake van een (significante) toename van het vrachtverkeer. Antwoord 2 Zie het antwoord op vraag 1: er is een inschatting gemaakt van de toekomstige verkeersintensiteit. Deze intensiteit is vergeleken met de grenswaarde van de capaciteit van de weg. Antwoord 3 De Veiligheidsregio Utrecht (VRU) is en wordt betrokken bij de planvorming. Bij de verdere uitwerking zal nadere afstemming plaatsvinden. De VRU toetst ook de BOPA-stukken. Verder is geen uitbreiding van politie, ambulance of brandweer noodzakelijk in verband met deze ontwikkeling.
Antwoord 4 Zie het antwoord op vraag 1: er vindt nog nader en gedetailleerd onderzoek plaats in het kader van de ruimtelijke procedure. 7.Geluid, cumulatie en leefklimaat Naast verkeersgeluid veroorzaakt een school piekgeluid. In combinatie met bestaande geluidsbronnen ontstaat mogelijk een cumulatieve belasting. Verzoek Wij ontvangen graag het integrale akoestisch onderzoek inclusief cumulatie-analyse en toetsing aan toepasselijke normen. Antwoord
REGISTRATIENUMMER
1249220 Pagina 4 van 9
Bij de vergunningaanvraag (BOPA) wordt het geactualiseerde onderzoek door de ontwikkelaar aangeleverd en zullen wij deze toetsen. Bij het verlenen van de vergunning wordt dit bekend gemaakt en gepubliceerd. Op dat moment kunt u de stukken ook inzien. 8.Natuur en soortenbescherming Bekend is dat in de omgeving beschermde soorten voorkomen, waaronder vleermuizen. Omwonenden hebben eerder correspondentie van de gemeente ontvangen waarin bouwbeperkingen zijn opgelegd vanwege hun aanwezigheid. Daarmee is het bestaan van beschermde soorten ter plaatse feitelijk erkend. Vragen 1. Zijn actuele ecologische onderzoeken uitgevoerd, inclusief seizoensonderzoek? 2. Is specifiek onderzoek verricht naar verblijfplaatsen en vliegroutes? Welke mitigerende maatregelen zijn voorzien? Antwoord 1 en 2 In de onderzoeken die hebben plaatsgevonden is het niet waargenomen. Er wordt aanvullend onderzoek verricht. Mocht blijken dat er maatregelen getroffen moeten worden, dan zal hiervoor een werkprotocol worden opgesteld. 9.Stikstof, water en natuurgebied Botshol Wij verzoeken inzage in alle relevante onderzoeken, waaronder: stikstofberekeningen (AERIUS) inclusief cumulatie en bouw- en gebruiksfase; ecologische onderzoeken; hydrologische onderzoeken; adviezen van provincie, waterschap en RCE. Graag vernemen wij tevens welke onderzoeken afgerond zijn en welke nog ontbreken.
Antwoord Hiervoor verwijzen wij naar het Ruimtelijk Kader. Alle relevante onderzoeken waar wij over beschikken zijn als bijlage opgenomen bij het Ruimtelijk Kader. Voor de vergunningaanvraag (BOPA) zullen de benodigde aanvullende onderzoeken worden aangeleverd. Op het moment dat de vergunning wordt verleend, zal deze ook gepubliceerd worden. 10.Financiële onderbouwing Voor zover bekend is de bouw van voorzieningen binnen dit plan niet afzonderlijk zichtbaar in de vastgestelde begroting. Vragen 1. Uit welke middelen worden voorzieningen gefinancierd? 2. Is een afzonderlijk investeringsbesluit genomen? 3. Wat zijn structurele financiële gevolgen? 4. Op basis van welke objectieve criteria vindt prioritering plaats?
REGISTRATIENUMMER
1249220 Pagina 5 van 9
Antwoord 1 De ontwikkeling van de woningen komt volledig voor rekening en risico van de ontwikkelaar. De gemeente heeft daarin een faciliterende rol. De gemeente zal wel de benodigde investering doen ten behoeve van de nieuwbouw van de basisschool. Hier wordt in het raadvoorstel behorend bij het Ruimtelijk Kader uitvoerig op ingegaan. Daarnaast is er naar aanleiding van vragen vanuit de gemeenteraad nog een aanvullende notitie toegestuurd. Deze treft u tussen de stukken die zijn geagendeerd voor 5 maart aanstaande. Antwoord 2 Het benodigde investeringsbesluit ten behoeve van de nieuwbouw van de basisschool maakt onderdeel uit van het raadsvoorstel dat hoort bij het Ruimtelijk Kader. De gemeenteraad wordt gevraagd hiermee akkoord te gaan. Antwoord 3 Hiervoor verwijzen wij u graag naar de stukken zoals benoemd bij antwoord 1 onder punt 10 Financiële onderbouwing. Antwoord 4 De woningbouwontwikkeling is voor rekening en risico van de ontwikkelaar. 11.Participatie en informatievoorziening Beperkte participatie-momenten, zoals enkele inloopavonden, kunnen niet zonder meer worden aangemerkt als volwaardige participatie. Omwonenden geven aan onvoldoende te zijn geïnformeerd en betrokken.
Vraag Op welke wijze acht het college de participatie zorgvuidig en representatief uitgevoerd, en welke aanvullende participatiestappen zijn overwogen? Antwoord Er heeft uitgebreide participatie plaatsgevonden, waarbij ook sprake was van getrapte besluitvorming met het oog op meer nieuwbouw binnen de gemeente. Dit is gestart met de vaststelling van ons doel om 4800 nieuwbouwwoningen te realiseren binnen De Ronde Venen. Bij dit traject heeft participatie plaatsgevonden en was inspraak mogelijk. In 2023 is de woondeal Regio Utrecht gesloten. De U10 gemeente (waaronder De Ronde Venen) hebben hierin afspraken gemaakt met het Rijk, de provincie en woningbouwcorporaties over de manier waarop met elkaar wordt gekomen tot het versnellen van de woningbouw. Ook in de afgelopen twee coalitieakkoorden wordt ingezet op meer woningbouw en het streven naar de 4800 woningen tot 2040. Recent is ook de Omgevingsvisie voor De Ronde Venen vastgesteld. Hierin zijn de locaties aangewezen waar ontwikkelingen plaatsvinden en waar ook in de toekomst nieuwbouw kan plaatsvinden. De Omgevingsvisie is in de verschillende kernen – waaronder Abcoude – toegelicht tijdens inloopavonden.
REGISTRATIENUMMER
1249220 Pagina 6 van 9
Voor het Ruimtelijk Kader, specifiek gericht op de Bon-locatie zijn in totaal twee brede inloopavonden georganiseerd. Tijdens deze avonden hebben mensen informatie kunnen ontvangen over de planvorming, waren zij in de gelegenheid om vragen te stellen en hebben zij een reactie kunnen achterlaten. Op bepaalde punten is het Ruimtelijk Kader gewijzigd naar aanleiding van de ontvangen reacties. De informatiepanelen zijn digitaal beschikbaar gesteld via de website van de gemeente. Op het moment dat er nog onduidelijkheden zijn, is er de mogelijkheid om verder in gesprek te gaan met zowel de gemeente als de ontwikkelaar. Dat heeft ook plaatsgevonden. Na de vaststelling van het Ruimtelijk Kader – richting en tijdens de BOPA-procedure - blijft de mogelijkheid uiteraard aanwezig om in gesprek te gaan met de gemeente en/ of de ontwikkelaar. 12.Visualisatie en strijdigheid met gepresenteerde uitgangspunten Tijdens de recente toelichting heeft u aangegeven dat de maximale bouwhoogte van circa 19 meter stedenbouwkundig zou aflopen naar lagere bebouwing van circa twee lagen richting de bestaande omgeving. In de op de projectwebsite door de projectontwikkelaar gepubliceerde situatietekening is een dergelijke hoogte-afbouw echter niet waarneembaar.
Integendeel, de visualisatie toont een aaneengesloten bouwmassa zonder zichtbare overgang, hetgeen feitelijk neerkomt op een gesloten bouwfront van maximale hoogte. Dit roept de vraag op of de gepresenteerde verbeelding een realistische en juridisch juiste weergave vormt van de beoogde planologische situatie. Indien de visualisatie niet overeenkomt met de werkelijke maximale planologische mogelijkheden, kan sprake zijn van onvolledige of misleidende informatievoorziening richting raad en belanghebbenden, hetgeen raakt aan het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel (artikelen 3:2 en 3:46 Awb). Verzoek Wij verzoeken u daarom expliciet te bevestigen: wat de juridisch toegestane maximale bouwhoogtes per bouwvlak zijn; waar en hoe een hoogte-afbouw planologisch bindend is vastgelegd; en of de getoonde visualisatie een waarheidsgetrouwe representatie vormt van het maximaal toegestane bouwvolume. Zonder deze verduidelijking kan niet worden vastgesteld dat de ruimteiijke effecten correct en volledig zijn beoordeeld. Antwoord Het Ruimtelijk Kader, zoals deze wordt vastgesteld door de gemeenteraad, is leidend. De ontwikkelaar zal zich aan de uitgangspunten/ bouwhoogtes uit het Kader dienen te houden bij de verdere uitwerking van het plan. 13.
Sociale verdeling, gezondheid en evenwichtige toedeling van functies Uit de stedenbouwkundige opzet blijkt dat een aanzienlijk deel van de sociale woningbouw is voorzien aan de zijde van de A2, waar sprake is van de hoogste geluids- en milieubelasting. Tegelijkertijd worden duurdere woningen verder van deze bron gesitueerd, in aantoonbaar gunstiger leefomstandigheden.
REGISTRATIENUMMER
1249220 Pagina 7 van 9
Tevens valt op dat sociale woningen op deze locatie in relatief hoge bouwvolumes en dichtheden worden gerealiseerd. Deze ruimtelijke verdeling roept fundamentele vragen op over de verenigbaarheid met het beginsel van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties zoals vereist onder de Omgevingswet, alsmede met algemene beginselen van behoorlijk bestuur, waaronder het gelijkheidsbeginsel en het zorgvuldigheidsbeginsel. Indien bekend is dat milieunormen reeds onder druk staan of worden overschreden, dient extra zorgvuldig te worden gemotiveerd waarom juist de meest kwetsbare woningcategorie op deze locatie wordt geconcentreerd. Vragen 1. Welke objectieve ruimtelijke, gezondheidskundige en volkshuisvestelijke criteria liggen ten grondslag aan deze verdeling van woningcategorieën binnen het plan? 2. Op welke wijze is beoordeeld dat ook voor toekomstige bewoners van sociale woningen sprake zal zijn van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat? 3. Is onderzocht of een evenwichtiger spreiding van woningtypen mogelijk is, en zo ja, wat de uitkomsten daarvan zijn? 4. Zonder een expliciete, draagkrachtige motivering kan niet worden vastgesteld dat het plan voldoet aan eisen van evenredigheid, ruimtelijke rechtvaardigheid en zorgvuldige belangenafweging. Antwoord 1 Hiervoor verwijzen wij u graag naar het antwoord onder punt 3 Bouwhoogte en schaal.
Antwoord 2 Bij de vergunningaanvraag (BOPA procedure) zal het plan moeten voldoen aan de op dat moment geldende wet- en regelgeving. Dat geldt voor alle delen in het gebied en dus ook de (sociale huur) appartementen. Antwoord 3 Een spreiding is vanuit stedenbouwkundig oogpunt – mede vanwege de bestaande woningbouw in de directe nabijheid van de Bon-gronden – niet wenselijk. Er is bewust gekozen voor een opbouw waarbij de hoogte zich concentreert aan de zuidzijde van het plan en richting het noorden en oosten de hoogte afneemt. Antwoord 4 Deze afweging wordt gemaakt bij de toetsing die plaatsvindt bij de BOPA-procedure.
REGISTRATIENUMMER
1249220 Pagina 8 van 9
Zoals ook per e-mail aangeboden, gaat wethouder Van Uden graag met u in gesprek over deze vragen. Ik zal u nog voorzien van een aantal nieuwe opties voor dit overleg. Met vriendelijke groet,
S. Jansen
Gemeente De Ronde Venen T 0297 29 16 16 E gemeente@derondevenen.nl
REGISTRATIENUMMER
1249220 Pagina 9 van 9