Raadsvoorstel Ontwerp wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke regeling GGDrU
Tekst van het document
Raadsvoorstel Ontwerp wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke regeling GGDrU
Raadsvoorstel Aan: de gemeenteraad Datum: 23-1-2024 Raadsvergadering: 29 februari 2024 Commissie: Samenleven, Veiligheid, Bestuur en bedrijfsvoering en Financiën Organisatieonderdeel: Team Welzijn en Samenleving Portefeuillehouder: Maarten van der Greft Naam behandelend ambtenaar: Evelien van der Wiel Registratienummer: Klik of tik om tekst in te voeren. Ter inzage: Klik of tik om tekst in te voeren. Bijlage(n): Bijlage 1: Brief van de GGDrU over het ontwerpwijzigingsbesluit Bijlage 2: Het ontwerpwijzigingsbesluit Bijlage 3: Brief met zienswijze aan de GGDrU
Onderwerp Ontwerp wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke regeling GGDrU Voorstel 1. Kennis te nemen van het ontwerp wijzigingsbesluit gemeenschappelijke regeling GGDrU. 2. Een zienswijze in te dienen op het ontwerp wijzigingsbesluit via bijgaande brief aan de GGDrU met zes verzoeken: 1. De actieve informatieplicht van het algemeen bestuur van de GGDrU naar de gemeenteraden op te nemen. 2. Op te nemen dat de gemeenteraden zienswijzen kunnen indienen over de kaderbrief en beleidsplannen. En dat het Dagelijks Bestuur daarop schriftelijk en gemotiveerd reageert met eventuele conclusies voordat het Algemeen Bestuur hierover besluiten neemt. 3. Op te nemen dat de gemeenteraden toestemming moeten geven voor en zienswijzen kunnen indienen bij het wijzigen van, toetreden tot en uittreden uit een regeling. 4. Op te nemen dat er geen inspraak voor inwoners en belanghebbenden komt, maar dat de inspraak geregeld blijft via de gemeenteraden. 5. De evaluatie van de regeling aan het eind van elke bestuursperiode te laten plaatsvinden in plaats van tenminste om de bestuursperiode. 6 De voorwaarden en gevolgen van het uittreden van een deelnemende gemeente op te nemen.
blad 1 van 4
Inleiding Op 1 juli 2022 is de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen (hierna: Wgr) ingegaan. Daarom is het nodig de Gemeenschappelijke regeling GGDrU aan te passen. Beoogd effect Het wijzigen van de Gemeenschappelijke regeling GGDrU, zodat de gemeenteraden meer mogelijkheden krijgen om hun kaderstellende en controlerende rol te versterken. Argumenten 2.1 Het toevoegen van de actieve informatieplicht van het Algemeen Bestuur van de GGDrU aan de gemeenschappelijke regeling draagt bij aan het versterken van de controlerende en kaderstellende rol van de gemeenteraad. De wethouders die het Algemeen Bestuur vormen hebben actieve en passieve informatieplicht naar hun gemeenteraden. Dit staat in artikel 169 van de Gemeentewet. In het ontwerp wijzigingsbesluit staat echter de actieve informatieplicht niet genoemd. Deze kan worden toegevoegd aan artikel 14, 30 en/of 32. Beter zou zijn om er een apart artikel aan te wijden. Voor de volledigheid is het nodig om te noemen welke informatie over de beleidsvormende fase wordt gedeeld. En voor de monitoringsfase gaat het om afspraken over moment, wijze en onderwerp van informatievoorziening. Daarbij is het belangrijk om vaker, kort en krachtig op hoofdlijnen de gemeenteraden te informeren.
2.2 Het indienen van zienswijzen op de kaderbrief en beleidsplannen versterkt de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraden, vooral als het dagelijks bestuur vroegtijdig reageert. Het indienen van zienswijzen op de kaderbrief en beleidsplannen maakt het voor gemeenteraden mogelijk om vroegtijdig te sturen op de beleidscyclus. Een gemotiveerde reactie van het Dagelijks Bestuur is een voorwaarde om het Algemeen Bestuur de zienswijzen mee te laten nemen in de besluitvorming. 2.3 Toestemming van de gemeenteraden is vereist bij het wijzigen van, toetreden tot en uittreden uit een regeling. Ook moeten gemeenteraden in de gelegenheid worden gesteld hierop zienswijzen in te dienen. Dat staat in artikel 1 lid 1 van de Wgr. 2.4 Het is mogelijk om de inspraak van inwoners en belanghebbenden te vervangen door de inspraak van gemeenteraden. Volgens de nieuwe Wgr moet er in de gemeenschappelijke regelingen vermeld worden hoe inwoners en belanghebbenden worden betrokken bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid). Het is echter mogelijk hiervan af te wijken. Dan moet vermeld worden voor welke besluiten dat geldt (Wgr art. 10 lid 7 en 8). In de huidige gemeenschappelijke regeling is al inspraak van gemeenteraden geregeld in de vorm van zienswijzen. Dit sluit goed aan bij het concept verlengd lokaal bestuur, waar de gemeenteraden de inwoners vertegenwoordigen.
blad 2 van 4
2.5 Het evalueren van de regeling aan het eind van elke bestuursperiode maakt het voor de nieuwe gemeenteraden gemakkelijker om te sturen. De VNG adviseert om een evaluatie in het laatste jaar van een bestuursperiode te houden. De evaluatie kan dan nog worden uitgevoerd met de colleges en gemeenteraden met kennis over de gang van zaken. En het advies kan dan aan het begin van de nieuwe raads- en collegeperiode gebruikt worden bij eventuele nieuwe beleidskeuzes. Dat maakt sturing door de nieuwe gemeenteraad gemakkelijker. 2.6 In artikel 9 lid 1 van de Wgr staat dat bij uittreding een aantal zaken in ieder geval moet worden geregeld. Het gaat om de voorwaarden waaronder kan worden uitgetreden. En om de gevolgen voor het vermogen van het samenwerkingsverband en de gevolgen voor het vermogen van de deelnemende gemeenten, zowel van de uittreder als de overblijvende gemeenten. Kanttekeningen 2.1 In de huidige praktijk krijgen gemeenteraden de kaderbrief en beleidsplannen al. Het wordt verplicht om in de gemeenschappelijke regeling een afweging te maken over welke besluiten zienswijzen worden gevraagd. Dit staat in artikel 10 lid 5 en 6 van de Wgr. 2.5 Als alle gemeenschappelijke regelingen aan het eind van een bestuursperiode worden geëvalueerd, worden de gemeenteraden overspoeld met evaluaties. Afstemming tussen de gemeenschappelijke regelingen kan dit voorkomen.
Ook is het mogelijk beperkte evaluaties te houden. Bijvoorbeeld van de gemeenschappelijke regeling zelf of de samenwerking en het samenwerkingsverband. Financiën Niet van toepassing Betrokkenheid en communicatie De raadsrapporteurs zijn betrokken bij het opstellen van de zienswijze. Vervolg De GGDrU heeft de gemeenteraden gevraagd om voor 15 april zienswijzen in te dienen. De GGDrU bereidt een definitief wijzigingsbesluit voor het Algemeen Bestuur van 10 juli 2024 voor. De verwachting is dat het Algemeen Bestuur de Gemeenschappelijke regeling op 4 december 2024 wijzigt. De gewijzigde gemeenschappelijke regeling treedt pas in werking nadat deze is bekendgemaakt. Evaluatie Niet van toepassing.
blad 3 van 4
Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van de gemeente De Ronde Venen,
Marco Vonk secretaris
Maarten Divendal burgemeester
blad 4 van 4