Raadsvoorstel 80, Bijlage IV Delegatiebesluit
Tekst van het document
Bijlage IV behorend bij het raadsbesluit in voorbereiding op de inwerkingtreding van de Omgevingswet van 27 januari 2022
Delegatiebesluit ex artikel 2.8 en 4.14 lid 5 Omgevingswet De gemeenteraad kan op basis van artikel 2.8 van de Omgevingswet de bevoegdheid tot het vaststellen van delen van het omgevingsplan delegeren aan burgemeester en wethouders. In artikel 4.14 Omgevingswet is dit geregeld voor het nemen van een voorbereidingsbesluit.
__________________________________________________________________________ De raad van de gemeente De Ronde Venen gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders (raadsvoorstel nr. 00000/00 van 27 januari 2022). gelet op artikel 2.8, 4.14 lid 5 en 4.17 Omgevingswet en de artikelen 10:13 tot en met 10:19 Algemene wet bestuursrecht; gelet op artikel 156 Gemeentewet;
Besluit:
Artikel 1 Delegatie 1. De bevoegdheid tot het aanpassen van het omgevingsplan aan omgevingsvergunningen voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit te delegeren ex artikel 4.17 Omgevingswet aan het college van burgemeester en wethouders. 2. De bevoegdheid tot het nemen van een voorbereidingsbesluit te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders.
Artikel 2 Rapportage Het college verstrekt jaarlijks een overzicht van alle tot dan toe verwerkte besluiten/wijzigingen in het omgevingsplan aan de raad.
Artikel 3 Inwerkingtreding Dit delegatiebesluit treedt in werking vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Artikel 4 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Delegatiebesluit ex artikel 2.8 en 4.14 lid 5 Omgevingswet.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente De Ronde Venen, d.d. 27 januari 2022.
De raad voornoemd, de griffier,
de voorzitter,
Toelichting Op het delegatiebesluit ex artikel 2.8 Omgevingswet
Het vaststellen en wijzigen van het omgevingsplan is een raadsbevoegdheid (artikel 1, lid 1) Met het omgevingsplan stelt de raad kaders voor de vergunningverlening en geeft de raad uitvoering aan het beleid uit de omgevingsvisie. Niet alle wijzigingen vragen om een inhoudelijke (raads)afweging (artikel 1, lid 1) Met name als een vergunning is verleend in afwijking van het omgevingsplan, bijvoorbeeld om een bouwgrens te verschuiven of een bijgebouw te bouwen. Het college heeft bij de verwerking hiervan in het omgevingsplan geen afwegingsruimte. Door deze wijzigingen aan het college te delegeren, kunnen ze sneller worden doorgevoerd (artikel 1, lid 1) Daarmee is het plan zo snel mogelijk actueel en biedt het duidelijkheid voor inwoners. Wanneer door de raad vastgesteld beleid in het omgevingsplan moet worden verwerkt, kan de raad op dat moment de bevoegdheid delegeren Denk hierbij bij voorbeeld aan het aanwijzen van kernwinkelgebieden in detailhandelsbeleid of het opnemen van specifieke regels voor bepaalde doelgroepen uit het volkshuisvestingsbeleid. Het moet wel duidelijk zijn wat precies in het omgevingsplan wordt verwerkt. Vandaar dat dit bij de besluitvorming over het beleid zelf als beslispunt moet worden opgenomen.
Bij het nemen van een voorbereidingsbesluit is snelheid geboden (artikel 1, lid 3) Met een dergelijk besluit maakt de gemeente kenbaar dat een omgevingsplanwijziging voor een gebied wordt voorbereid. De situatie wordt bevroren, zodat geen ontwikkelingen kunnen plaatsvinden in strijd met de gewenste planwijziging. De daadwerkelijke planwijziging wordt door de raad besloten. Een voorbereidingsbesluit is zelden nodig (artikel 1, lid 3) Dit is alleen aan de orde als in een gebied een planontwikkeling gewenst is én de nog geldende bepalingen uit het omgevingsplan ruimte bieden voor ontwikkelingen die de gewenste ontwikkeling belemmeren.