Raadsvoorstel 80, Bijlage I Procedure adviesrecht raad (gewijzigd)
Tekst van het document
Bijlage I behorend bij het raadsbesluit in voorbereiding op de inwerkingtreding van de Omgevingswet van 27 januari 2022
Proces raadsadvies bij vergunningen in afwijking van het omgevingsplan In dit document schetst het college hoe de gemeente het adviesrecht van de raad zorgvuldig kan inpassen in het reguliere en het uitgebreide vergunningsproces. Het reguliere proces: De termijn voor het afhandelen van een vergunning is op basis van artikel 16.64 van de Omgevingswet standaard 8 weken en mag met hoogstens 6 weken worden verlengd. Ook als het bindend adviesrecht van de raad (artikel 16.15 Ow) aan de orde is, geldt deze termijn. Het uitgebreide proces: In uitzonderingsgevallen is de uitgebreide procedure van 26 weken van toepassing. Dit bepaalt de wet of met instemming van de aanvrager na besluit van het college.
_______________________________________________________________________ Het college treedt in overleg met de aanvrager over de te volgen procedure en voorbereiding Daarbij bespreken we wat de meest geschikte weg is voor de aanvraag: de reguliere of uitgebreide procedure. Ook de mogelijkheden van vooroverleg komen daarbij aan de orde. Op deze manier probeert de gemeente aanvragers richting de voorkeursroute te sturen. De uitgebreide procedure en het voeren van vooroverleg heeft de voorkeur bij aanvragen waarvoor raadsadvies noodzakelijk is Raadsadvies is nodig bij aanvragen met een maatschappelijke en ruimtelijke impact. Alle partijen zijn dan gebaat bij een goede voorbereiding. De gemeente bespreekt de voordelen van de uitgebreide procedure met de aanvrager. Op basis van artikel 16.65 lid 1 Omgevingswet mag de gemeente op verzoek of met instemming van de aanvrager deze procedure toepassen. Op basis van artikel 16.65 lid 4 Ow mag het college dit ook zelf doen als het plan aanzienlijke gevolgen heeft en er naar verwachting meerdere bedenkingen zijn. Voorafgaand aan dit besluit mag de aanvrager hierover zijn zienswijze kenbaar maken. Een vergunningaanvraag die het college voor advies aan de raad voorlegt, kan dus verschillende routes gevolgd hebben De uitgebreide procedure heeft de voorkeur, maar op basis van zienswijzen van de aanvrager kan daar van worden afgezien.
En vooroverleg heeft de voorkeur, maar een aanvrager is niet verplicht dit te doen. De route die is gevolgd, heeft gevolgen voor de wijze waarop het raadsadvies tot stand kan komen. Op de volgende bladzijde zijn deze routes schematisch weergegeven.
Route 1A:
Route 2A:
Vooroverleg gevoerd Aanvrager stemt in met uitgebreide procedure
Vooroverleg gevoerd Aanvrager stemt niet in met uitgebreide procedure
Route 1B:
Route 2B:
Geen vooroverleg gevoerd Aanvrager stemt in met uitgebreide procedure
Geen vooroverleg gevoerd Aanvrager stemt niet in met uitgebreide procedure
Route 1A: De voorkeursroute Deze route heeft de voorkeur uit oogpunt van zorgvuldigheid en het beperken van risico’s voor de aanvrager. In het vooroverleg zijn eventuele knelpunten weggewerkt en in de besluitvormingsprocedure kunnen alle belangen (inclusief zienswijzen) zorgvuldig worden afgewogen. Dit biedt de aanvrager de meeste zekerheid op een bevredigende uitkomst. Het college staat op basis van het vooroverleg positief tegenover de aanvraag. Processtappen op hoofdlijnen •
Het vooroverleg van aanvragen waarvoor raadsadvies verplicht is, sluit de gemeente af met een collegebesluit met informatienota aan de raad. Hierin neemt het college de overwegingen en het participatieverslag op.
•
Bij de afhandeling van het vooroverleg legt de gemeente de aanvrager uit dat een raadsadvies nodig is en adviseert de uitgebreide voorbereidingsprocedure.
•
Zodra de aanvraag binnenkomt vraagt de gemeente aan de aanvrager of deze akkoord gaat met de uitgebreide procedure (zo nee, route 2A).
•
Zodra de aanvraag binnenkomt stuurt het college een afschrift ter informatie naar de raad.
•
De gemeente legt het plan ter inzage met de mogelijkheid zienswijzen in te dienen.
•
Het college legt de conceptvergunning voor aan de raad met daarbij het voorstel hierover positief te adviseren. Dit kan via de reguliere vergadercyclus.
Route 1B: De black-box route Als een aanvrager er voor kiest om zonder vooroverleg de vergunningprocedure in te gaan, weet hij niet welke knelpunten zich voor kunnen doen. De uitgebreide procedure biedt wel ruimte om hier nog aan te sleutelen, maar dit kan stevige inspanningen vragen. Door de zienswijzenprocedure komen alle belangen wel goed op tafel. Een aanvrager die zeker is van zijn zaak, kan hier voor kiezen. Het college moet op basis van de vergunningaanvraag nog wel bepalen of hij medewerking wil verlenen. Is dit niet zo, dan wordt de aanvraag afgewezen en het onderstaande proces niet opgestart. Processtappen op hoofdlijnen •
Zodra de aanvraag binnenkomt vraagt de gemeente aan de aanvrager of deze niet eerst vooroverleg wil voeren.
•
Zo nee, dan vraagt de gemeente aan de aanvrager of deze akkoord gaat met de uitgebreide procedure (zo nee, route 2B).
•
Zodra de aanvraag binnenkomt stuurt het college een afschrift ter informatie naar de raad.
•
Het college legt het plan ter inzage met de mogelijkheid zienswijzen in te dienen.
•
Het college legt de conceptvergunning voor aan de raad met daarbij het voorstel hierover positief te adviseren. Dit kan via de reguliere vergadercyclus.
Route 2A: Geschikte route als alles klip en klaar is Een aanvrager kan er voor kiezen om na het vooroverleg níet in te stemmen met een uitgebreide procedure. Dit kan hij bijvoorbeeld doen als de uitkomst van het vooroverleg en het overleg met de omgeving klip en klaar is en zo kan worden uitgevoerd. Voor de aanvrager is dan de extra tijd voor zorgvuldige belangenafweging niet nodig. Processtappen op hoofdlijnen •
Het vooroverleg van aanvragen waarvoor raadsadvies verplicht is, sluit de gemeente af met een collegebesluit met informatienota aan de raad. Hierin neemt het college de overwegingen en het participatieverslag op.
•
Zodra blijkt dat de aanvrager niet akkoord gaat met de uitgebreide procedure, weegt het college af of ze hiertoe eenzijdig kan besluiten (als sprake is van aanzienlijke gevolgen voor de fysieke leefomgeving en naar verwachting meerdere belanghebbenden bezwaar zullen hebben; artikel 16.65 lid 4 Ow.) (Zo ja, route 1A)
•
Als géén uitgebreide procedure wordt gevoerd, moet de raad binnen 8+6 weken adviseren.
•
Als de uitkomst uit het vooroverleg volledig duidelijk is, legt het college de conceptvergunning bij de eerste mogelijkheid via de reguliere weg om advies aan de raad voor. Hierbij bestaat het risico dat de raad iets te laat beslist op de vergunningaanvraag. Dit risico is beperkt, omdat de vergunning niet van rechtswege wordt verleend aan het eind van de beslistermijn.
•
Als tijdens deze procedure toch onduidelijkheden rond de inhoud of betrokken belangen ontstaan, bestaat het risico van een negatief raadsadvies en daarmee weigering van de vergunning. Dit risico geeft de gemeente mee aan de aanvrager.
Route 2B: Snelle route; risico’s voor de aanvrager Een aanvrager die zo snel mogelijk een vergunning wil, kan het vooroverleg overslaan en niet instemmen met een uitgebreide procedure. Hij neemt daarmee wel een risico, want hij heeft dan geen inzicht in hoe door de gemeente en de omgeving naar zijn plan gekeken wordt, of een eventuele aanpassing de acceptatie door de omgeving kan vergroten en hoe de afweging van de raad gaat uitvallen. Processtappen op hoofdlijnen •
Zodra blijkt dat de aanvrager niet akkoord gaat met de uitgebreide procedure, weegt het college af of ze hiertoe eenzijdig kan besluiten (als sprake is van aanzienlijke gevolgen voor de fysieke leefomgeving en naar verwachting meerdere belanghebbenden bezwaar zullen hebben; artikel 16.65 lid 4 Ow) (Zo ja, route 1B)
•
Als géén uitgebreide procedure wordt gevoerd, moet de raad binnen 8+6 weken adviseren.
•
Het college toetst de aanvraag, alle betrokken belangen worden gewogen.
•
Als het college de vergunning wil verlenen, legt ze de conceptvergunning bij de eerste mogelijkheid via de reguliere weg voor aan de raad voor advies. Hierbij bestaat het risico dat de raad iets te laat beslist op de vergunningaanvraag. Dit risico is beperkt,
omdat de vergunning niet van rechtswege wordt verleend aan het eind van de beslistermijn. •
Als tijdens deze procedure onduidelijkheden rond de inhoud of betrokken belangen ontstaan, bestaat het risico van een negatief raadsadvies en daarmee weigering van de vergunning. Dit risico geeft de gemeente mee aan de aanvrager.