Raadsvoorstel 49, Bijlage 1 bestemmingsplan en alles in een.pdf
Tekst van het document
0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,06 - 0,50 0,20 - 0,50 0,16 - 0,50 0,15 - 0,50 0,11 - 0,50 0,18 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,14 - 0,50 0,00 - 0,50 0,12 - 0,50 0,05 - 0,50 0,00 - 0,50
Klei Veen Veen Veen Veen Veen Veen Veen Veen Veen Veen Veen Veen Veen Veen
zwak puinhoudend zwak puinhoudend zwak puinhoudend zwak puinhoudend zwak puinhoudend zwak puinhoudend zwak puinhoudend zwak puinhoudend zwak puinhoudend zwak puinhoudend sporen puin zwak puinhoudend zwak puinhoudend zwak puinhoudend sporen puin
Het grondwater uit de geplaatste peilbuis 112 is op 2 oktober 2019 door dhr. P. van Achterberg zorgvuldig afgepompt en bemonsterd. De resultaten van de veldmetingen en eventuele bijzonderheden zijn weergegeven in de navolgende tabel. Tabel 5 Resultaten veldmetingen en waarnemingen tijdens monstername grondwater Peilbuis 112
Filterstelling (m-mv)
Grondwaterstand (m-mv)
pH
EGV (µS/cm)
Troebelheid (NTU)*
Bijzonderheden
1,00 - 2,00
0,45
6,2
1203
19
-
Verklaring tabel: pH: zuurgraad EGV: elektrisch geleidend vermogen *: Bij een NTU >10 dient het grondwater als troebel te worden beschouwd
Verkennend (asbest)bodemonderzoek De Hoef Westzijde 41 te De Hoef 19-2262-R01AvH
pag. 7 van 12
Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden zijn geen kritieke afwijkingen van de proceseisen opgetreden. 4.2
Uitvoering chemisch-analytisch onderzoek
In navolgende tabel is een overzicht opgenomen van de geanalyseerde grond- en grondwatermonsters en de uitgevoerde analyses. Tabel 6 Overzicht grond- en grondwatermonsters Grond
Boring met traject (m-mv)
Analyse
Toelichting
112-1
112 (0,18 - 0,50)
NENG
Zwak puinhoudende bovengrond ter plaatse van olieopslag
MM1
103 (0,00 - 0,50) 105 (0,06 - 0,50) 107 (0,20 - 0,50)
NENG
Bovengrond, zwak puinhoudend, westelijk terreindeel
MM2
109 (0,16 - 0,50) 110 (0,15 - 0,50) 111 (0,11 - 0,50)
NENG
Bovengrond, zwak puinhoudend, noordelijk terreindeel
MM3
114 (0,00 - 0,50) 115 (0,00 - 0,50)
NENG
Bovengrond, zwak puinhoudend, zuidoostelijke terreindeel,
MM4
201 (0,14 - 0,50) 301 (0,00 - 0,50) 302 (0,12 - 0,50) 303 (0,05 - 0,50)
NENG
Dempingen, zwak/sporen puinhoudend
MM5
102 (1,00 - 1,50) 106 (1,00 - 1,50) 109 (0,50 - 1,00) 114 (0,50 - 1,00) 304 (0,50 - 1,00)
NENG
Ondergrond zonder bodemvreemde materialen
Grondwater
Filterstelling (m-mv)
Analyse
Toelichting
112
1,00 - 2,00
NENW
Olieopslag
Verklaring tabel: NENG : standaard pakket grond (9 zware metalen, PAK, PCB en minerale olie), organische stof en lutum NENW : standaard pakket grondwater (9 zware metalen, vluchtige aromatische en gehalogeneerde koolwaterstoffen en minerale olie)
Verkennend (asbest)bodemonderzoek De Hoef Westzijde 41 te De Hoef 19-2262-R01AvH
pag. 8 van 12
In navolgende tabel is de interpretatie van de toetsing van de analyseresultaten van de geanalyseerde grond- en grondwatermonsters weergegeven. Daarbij zijn alleen de parameters vermeld die verhoogd zijn ten opzichte van de achtergrond- c.q. streefwaarde(n). De analysecertificaten zijn bijgevoegd in bijlage 3. In bijlage 4 is het wettelijk toetsingskader beschreven en is de uitgebreide toetsing van de analyseresultaten bijgevoegd. Tabel 7 Overschrijdingstabel grond- en grondwatermonsters Grond
Traject (m-mv)
> AW
>T
>I
0,18 - 0,50
Kobalt (0,04) Nikkel (0,17) Koper (0,09) Zink (0,12) Molybdeen (0,01) Kwik (0,04) Lood (0,29) PAK (0,01)
-
-
0,00 - 0,50
Koper (0,2) Zink (0,21) Cadmium (0,03) Kwik (0,02) Lood (0,42) PAK (0,01)
-
-
0,11 - 0,50
Kobalt (0,06) Koper (0,03) Zink (0,09) Molybdeen (-) Kwik (0,01) Lood (0,24)
-
-
0,00 - 0,50
Zink (0,13) Kwik (0,01) Lood (0,12) PAK (0,17)
-
-
MM4
0,00 - 0,50
Koper (0,12) Zink (0,13) Molybdeen (-) Kwik (0,01) Lood (0,18) PAK (0,02)
-
-
MM5
0,50 - 1,50
Zink (0,05) Kwik (0,01)
Lood (0,52)
-
Grondwater
Filterstelling (m-mv)
>S
>T
>I
112-1-1
1,00 - 2,00
Barium (0,23)
-
-
112-1
MM1
MM2
MM3
Verklaring tabel: > AW : overschrijding achtergrondwaarde(n) > S : overschrijding streefwaarde(n) > T : overschrijding voormalige tussenwaarde(n) > I : overschrijding interventiewaarde(n) : geen overschrijding (getal) : verontreinigingsfactor t.o.v. de interventiewaarde (interventiewaarde is factor 1) (-) : verontreinigingsfactor is kleiner dan 0,01
Verkennend (asbest)bodemonderzoek De Hoef Westzijde 41 te De Hoef 19-2262-R01AvH
pag. 9 van 12
5. UITVOERING EN RESULTATEN ASBESTONDERZOEK NEN 5707
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd conform BRL SIKB 2000 en de daarbij horende protocollen 2001 en 2018. De uitvoerend veldmedewerker van Inventerra, dhr. P. van Achterberg, is in dit kader geregistreerd bij Rijkswaterstaat Leefomgeving. Een groot deel van het maaiveld is verhard danwel begroeid. Derhalve kon ter plaatse het maaiveld niet worden geïnspecteerd. De maaiveldinspectie heeft zich daarom beperkt tot het terrein ter plaatse van en nabij de te graven inspectiegaten. Op het maaiveld is op een plaats een stapeltje aangetroffen van asbestverdachte golfplaten (AVM) op een tegelverharding (zie bijlage 1.2 en 1.3). Voor het overige zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Voor het asbestonderzoek zijn op 23 en 24 september 2019, in combinatie met het verkennend bodemonderzoek, 16 inspectiegaten gegraven, gecodeerd G01 t/m G16. De gaten G01 t/m G06 zijn verricht onder de gootlijnen van de op maaiveld afwaterende asbestdaken. De inspectiegaten hebben een oppervlakte van 0,3 m x 0,3 m en een diepte van circa 0,5 m-mv. Opgemerkt wordt dat de grond onder de betonverharding bemonsterd is middels een Edelmanboor (diameter 12 cm) waardoor strikt genomen minder grond geïnspecteerd is en tevens minder grond voor analyse aangeboden is aan het laboratorium dan de norm voorschrijft. Enkele inspectiegaten zijn doorgezet tot 2 m-mv.
De situering van de inspectiegaten is weergegeven op de tekening in bijlage 1.2. In bijlage 1.3 zijn enkele foto’s opgenomen. Van de inspectiegaten zijn profielbeschrijvingen gemaakt, welke in bijlage 2 zijn bijgevoegd. De opgegraven en opgeboorde grond is gezeefd/uitgeharkt. In het opgegraven en opgeboorde bodemmateriaal is visueel geen asbestverdacht materiaal in de fractie >20 mm aangetroffen. Op basis van de zintuiglijke waarnemingen en gezien het doel van het onderzoek zijn van de opgegraven grond mengmonsters samengesteld waarvan er enkele zijn geanalyseerd. De samenstelling van de mengmonsters en de resultaten van de analyses zijn in de navolgende tabel weergegeven. De analysecertificaten zijn bijgevoegd in bijlage 3. Tabel 8 Overzicht grondmonsters en analyseresultaten Mengmonster
inspectiegaten
Diepte (m-mv)
AMM01*
G01, G02
0,00 – 0,20
AMM02*
G03, G04
0,00 – 0,20
AMM03*
G05, G06
0,00 – 0,20
AMM04
G07
0,00 – 0,50
AMM05*
AMM06
*
= =
Toelichting Bovengrond, veen onder afwaterend asbestdak Bovengrond, veen onder afwaterend asbestdak Bovengrond, veen onder afwaterend asbestdak Bovengrond, klei zwak puinhoudend
Gewogen asbestgehalte Geen asbest aangetoond Geen asbest aangetoond 1,4 mg/kgds, en enkele losse vezels in de fractie <0,5 mm niet geanalyseerd
G08 0,00 – 0,50 G09 0,20 – 0,50 Bovengrond, veen zwak 1,9 mg/kgds G12 0,06 – 0,50 puinhoudend G13 0,16 – 0,50 G10 0,00 – 0,50 G11 0,00 – 0,50 Bovengrond, veen deels zwak G14 0,15 – 0,50 Geen asbest aangetoond puinhoudend G15 0,15 – 0,50 G16 0,11 – 0,50 niet geanalyseerd de aangeboden monsterhoeveelheid voldoet niet aan de eis voor het benodigde hoeveelheid droog materiaal, doordat het veen betreft met een laag droge stofgehalte
Omdat in de grove fractie (>20 mm) geen asbest is aangetoond, is een verdere berekening van het asbestgehalte in de grond niet van toepassing.
Verkennend (asbest)bodemonderzoek De Hoef Westzijde 41 te De Hoef 19-2262-R01AvH
pag. 10 van 12
6. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
In opdracht van buro SRO heeft Inventerra in september en oktober 2019 een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740 en een verkennend asbestonderzoek conform de NEN 5707 verricht op de locatie aan De Hoef Westzijde 41 te De Hoef. De locatie heeft een oppervlakte van ca. 3.800 m² en betreft een boerenerf. De aanleiding voor het bodemonderzoek is de geplande wijziging van de bestemming en nieuwbouw van een woning. Het doel is het vaststellen van de huidige bodemkwaliteit en of deze bodemkwaliteit geen belemmering vormt voor de geplande nieuwbouw. Op basis van het uitgevoerde vooronderzoek is een hypothese opgesteld met betrekking tot een mogelijke verontreinigingssituatie in de bodem, namelijk verdacht voor zware metalen, PAK, minerale olie en asbest. Op grond van de resultaten van de uitgevoerde onderzoeken wordt het volgende geconcludeerd: • De bovengrond en het grondwater ter plaatse van de olieopslag zijn niet verontreinigd met minerale olie. • De bovengrond ter plaatse van de dempingen met geringe bijmengingen aan puin (0,0 – 0,5 m-mv, MM4) is licht verontreinigd met zware metalen en PAK. • De bovengrond op het overige terrein, met geringe bijmengingen aan puin (0,0 – 0,5 m-mv) is eveneens licht verontreinigd met zware metalen en PAK.
• In de ondergrond zonder bodemvreemde materialen (0,5 – 1,5 m-mv, MM5) zijn een matige verontreiniging met lood en lichte verontreinigingen met zink en kwik aangetoond. • In het grondwater op de onderzoekslocatie (peilbuis 112) is een licht verhoogde concentratie barium vastgesteld. • Bij het uitgevoerde asbestonderzoek is visueel geen asbest aangetoond. Analytisch is geen tot ten hoogste 1,9 mg/kgds (juist boven de detectielimiet) aan asbest aangetoond. De hypothese ‘verdachte locatie’ voor zware metalen en PAK voor de algemene bodemkwaliteit is bevestigd, aangezien in de grond over het algemeen lichte verontreinigingen zijn vastgesteld. In het mengmonster van de ondergrond is een matige loodverontreiniging aangetoond. De aangetoonde mate van verontreiniging komt overeen met hetgeen op basis van de bodemkwaliteitskaart verwacht wordt als gevolg van de aanwezigheid van toemaakdek. De licht verhoogde concentratie barium in het grondwater wordt beschouwd als een natuurlijk verhoogde achtergrondwaarde. Aanvullend onderzoek (eventueel op basis van een aangepaste onderzoeksstrategie) of nadere maatregelen worden op grond hiervan naar onze mening niet noodzakelijk geacht. De hypothese ‘verdachte locatie’ voor de olieopslag en de dempingen kan verworpen worden omdat geen verontreinigingen zijn aangetoond die specifiek hieraan te relateren zijn.
De hypothese ‘verdachte locatie’ voor asbest is formeel bevestigd, aangezien in 2 mengmonsters geringe hoeveelheden asbest zijn aangetoond. De gemeten gehalten liggen juist boven de detectielimiet en daardoor ver onder de waarde van 50 mg/kgds waarboven nader onderzoek nodig is. Op grond hiervan is er naar onze mening geen aanleiding tot het uitvoeren van nader onderzoek. Vanuit milieuhygiënisch oogpunt is het terrein geschikt voor de huidige en de toekomstige bestemming.
Verkennend (asbest)bodemonderzoek De Hoef Westzijde 41 te De Hoef 19-2262-R01AvH
pag. 11 van 12
Dit onderzoek is onder Kwalibo (een onderdeel van het Besluit bodemkwaliteit) uitgevoerd. Het betreft echter géén partijkeuring. Bij afvoer van grond of verhardingsmaterialen van de locatie kan er sprake zijn van beperkingen in de hergebruiksmogelijkheden en/of van verwerkingskosten. Ook kan door derden, ongeacht de resultaten van dit bodemonderzoek, een keuring van de af te voeren partij verlangd worden en/of een onderzoek naar PFAS. Bij graafwerkzaamheden in de grond dient rekening gehouden te worden met eventueel te treffen veiligheidsmaatregelen conform de CROW-publicatie 400. Voor verdere informatie hierover kunt u zich tot Inventerra wenden.
Verkennend (asbest)bodemonderzoek De Hoef Westzijde 41 te De Hoef 19-2262-R01AvH
pag. 12 van 12
BIJLAGEN
Bijlage 1 Bijlage 1.1 Bijlage 1.2 Bijlage 1.3
Weergave onderzoekslocatie Kadastrale gegevens en omgevingskaart Situatietekening Foto’s
Bijlage 2
Boorprofielen
Bijlage 3
Analysecertificaten
Bijlage 4
Toetsingskader en toetsingswaarden
Bijlage 5
Resultaten vooronderzoek
Bijlage 6
Kwaliteitsaspecten van het onderzoek