Raadsvoorstel 43, bijlage Handreiking concept post Abcoude Jan de Boer
Tekst van het document
Handreiking Brandweerpost (uitruklocatie zonder kantoorfunctie)
Veiligheidsregio Utrecht Brandweerpost
Abcoude
Datum Versie Status
6 mei 2020 2020 Concept 0
Samenvatting De brandweerpost is als operationele locatie en gemeenschapsverblijf van grote betekenis voor de Veiligheidsregio Utrecht en zijn repressief brandweerpersoneel. De brandweerposten zijn in eigendom van de gemeenten van de Veiligheidsregio. Op 4 juli 2014 zijn VRU en gemeenten overeengekomen dat alle posten omwille van veiligheid en functionaliteit aan wettelijke normen en aan een vastgesteld onderhoudsniveau zullen voldoen. De VRU streeft ernaar om samen met de gemeenten een goede werkomgeving te bewerkstelligen voor de medewerkers en vrijwilligers op de posten. Bij de voorbereiding op grootschalige verbouw- of nieuwbouwwerkzaamheden is het de taak van de VRU als gebruiker aan te geven aan welke eisen de brandweerpost dient te voldoen. Om hier inzicht in te verschaffen maakt de VRU onderscheid tussen de volgende typen brandweerposten: A. Uitruklocatie zonder kantoorfunctie (geen ‘koude’ functie). B. Uitruklocatie met kantoorfunctie (wel ‘koude’ functie). C. Uitruklocatie met dag-/24-uursbezetting en/of kantoorfunctie. Voor ieder type post wordt een standaard handreiking opgesteld. De standaard handreikingen dienen er voor om het ontwerpproces te versnellen. Hierdoor wordt er tijd en geld bespaard door niet steeds opnieuw te hoeven bedenken welke voorzieningen een brandweerpost nodig heeft om optimaal te kunnen functioneren.
Daarnaast dient deze handreiking voor eenduidigheid per post type in de gehele regio en een gelijkwaardig advies naar Gemeenten. Het proces van uitruk is het belangrijkste onderdeel van incidentbestrijding door de Veiligheidsregio. Het zwaartepunt ligt daarbij op logische loop- en rijroutes, zodat de uitruk efficiënt en veilig verloopt. Alle ruimten in de brandweerpost dienen dit proces te ondersteunen, waarbij een optimale positionering van ruimten ten opzichte van elkaar van belang is. Er moet sprake zijn van logische, logistieke stromen van mensen en materieel. Kernwoorden in de handreiking zijn: 1. Logische logistieke processen / routing: er moet sprake zijn van logische, logistieke stromen van mensen en materieel, zowel binnen als op het terrein. 2. (Bedrijfs)cultuur: tussen de medewerkers van de brandweerpost hangt een familiaire sfeer. Het is van belang dat het gebouw de medewerkers in staat stelt de sociale band te onderhouden. 3. Duurzaamheid: de brandweerpost dient duurzaam te zijn, dit uit zich in materiaalkeuze, lage beheerskosten en beheerst energieverbruik. 4. Herkenbaarheid: de brandweerpost dient op de gevel te voorzien zijn van een (verlicht) logo en tekst ‘BRANDWEER’. De gestalde voertuigen dienen dag en nacht vanaf de doorgaande weg zichtbaar en herkenbaar te zijn.
Bij de inrichting van de brandweerpost wordt gebruik gemaakt van de VRU-standaard qua kleurstelling en uitstraling.
1
5. Sober en doelmatig: onderdelen (bouwkundig, constructief, installatietechnisch) doelmatig, efficiënt, duurzaam, budgettair verantwoord te worden uitgevoerd. Visuele weergave In onderstaande afbeeldingen zijn met kleur de verschillende ruimten aangegeven. In de handreiking zal na elke ruimtebeschrijving een totaaloverzicht (3D) worden weergegeven waarin inzichtelijk is waar de ruimte zich bevindt. Onderstaande plattegronden geven een visuele weergave hoe routering m.b.t. uitruk en terugkeer (arbeidshygiëne) moet plaatsvinden.
Plattegrond logistieke route proces uitruk Brandweer
Plattegrond logistieke proces terugkeer Brandweer (Arbeidshygiëne)
2
Relatieschema
3
Inleiding Algemeen In voorliggende handreiking voor een uitruklocatie zonder kantoorfunctie van de Veiligheidsregio Utrecht zijn de wensen en eisen met betrekking tot de benodigde ruimtes en functies en hun onderlinge relatie omschreven alsmede een opgave van technische eisen. Locatiekeuze Voorafgaand aan de start van iedere renovatie/nieuwbouw van een brandweerpost dient de locatie bepaald te worden. Leidend hierin zijn de tijdnormen uit het Besluit Veiligheidsregio’s (BVR) m.b.t. de dekking (aanrijdtijden). Vanuit het meest actuele spreidingsplan is bepaald welke mensen en materieel in de betreffende locatie gehuisvest dienen te worden. De locatiekeuze wordt in samenwerking met de gemeente bepaald. Hierbij wordt tevens rekening gehouden met stedenbouwkundige ontwikkelingen in de regio welke van invloed kunnen zijn op de (toekomstige) dekking. De volgende criteria gelden bij de locatiekeuze van een brandweerpost: • Locatie dient zichtbaar te zijn voor de samenleving. • Locatie dient per fiets en auto makkelijk bereikbaar en toegankelijk te zijn. • Locatie dient voldoende parkeerfaciliteiten te hebben. • Locatie dient zodanig gesitueerd te zijn dat deze aansluit op de hoofdwegen en goede uitvalswegen in het verzorgingsgebied. • Locatie dient voorzien te zijn van een ‘schoongrondverklaring’.
• Locatie dient zodanig te zijn gesitueerd dat hij voldoet aan het besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer art. 2.22. Doel handreiking Voorliggende handreiking dient een aantal doelen, te weten: • Vaststellen van de ruimtelijke, functionele en technische eisen aan het gebouw bij renovatie/ nieuwbouw. • Basis en uitgangspunt bij het te maken ontwerp. • Basis voor kostenramingen. • Toetsingskader voor vervolgfasen voorbereidingstraject. • Basis voor contractvorming architect en/of uitvoerende partijen. Specialisme: Voor het specialisme, OVRT (oppervlaktewaterreddingsteam) wordt een afzonderlijke handreiking opgesteld. Deze aanvullende handreiking wordt als bijlage bij de (basis) handreiking gevoegd. Ontwerpproces De realisatie van de brandweerpost doorloopt een aantal fasen, waarbij het opstellen van voorliggend document in de definitiefase valt. De handreiking is het basisdocument voor de ontwerpende partijen. Dit is in eerste instantie de architect, maar ook een constructeur en een adviseur technische installaties, bouwfysica, brandveiligheid en akoestiek werken uiteindelijk mee aan de totstandkoming van het ontwerp. De 4
uiteindelijk gecontracteerde adviseurs werken gezamenlijk een voorlopig ontwerp (VO) uit dat ter afsluiting van betreffende fase inhoudelijk en financieel wordt getoetst en met een fasedocument ter goedkeuring wordt voorgelegd aan de opdrachtgever en de gebruiker (o.a. Arbo). Daarbij zijn na schriftelijke toestemming wijzigingen en bijstellingen van het plan te allen tijde mogelijk. Namens de VRU zal de projectmanager Huisvesting en een afgevaardigde van gebruikersgroep (korpsleden) deelnemen bij de nadere uitwerking van het ontwerp. Namens de VRU zal de projectmanager Huisvesting optreden als contactpersoon naar de gemeente/opdrachtgever. De VRU adviseert om een projectplan op te stellen en een projectstructuur in te richten, zijnde stuur-, project, en klankbordgroep. Op basis van het VO kan een aannemer geselecteerd en gecontracteerd worden. Daarvoor kan deze handreiking mede als contractstuk dienen. Eventuele verschillen ten opzichte van het bestek dienen schriftelijk te worden weergegeven en ter goedkeuring aan opdrachtgever en VRU te worden voorgelegd. Na accordering van het VO vindt in samenspraak met de aannemer een vertaling plaats naar een Definitief Ontwerp (DO) en vervolgens Technisch Ontwerp/bestek (TO). In beide fasen (DO- en TO-fase) worden dezelfde stadia doorlopen als in de VO-fase.
Deze fasen worden eveneens afgesloten door middel van een financiële toetsing en het opstellen en goedkeuren van een fasedocument door de opdrachtgever. Ruimtelijke- en functionele handreiking In dit hoofdstuk zijn de ruimtebehoefte en ruimtefuncties geïnventariseerd. Per ruimte worden de eisen weergegeven. Dit betreft zowel algemene eisen als eisen t.a.v. E- en W-installaties. Algemeen Ten aanzien van het gebouw wordt een aantal algemene eisen gesteld: • • • • • • • • •
Er is sprake van een (logische) directe doorloop vanaf aankomst van het personeel bij de brandweerpost tot het uitrukken vanuit de brandweerpost. Deuren in de verkeersroutes dienen voorzien te zijn van doorkijkvenster. Deuren moeten worden voorzien van een degelijke vast gemonteerde deurstopper, ter voorkoming van deur- en of wandschade De draairichting van de deuren vanuit de kleed- en verblijfruimten naar stallingsruimte, dienen open te gaan in de looprichting naar de stallingsruimte toe te zijn, tenzij er een wettelijke belemmering is (zie Bouwbesluit). Deuren die de stallingsruimte indraaien mogen geen belemmering vormen voor de vrije verkeersruimte van minimaal 1200 mm rondom het voertuig. Het gebouw is geschikt en ingericht voor dames en heren. Het gebouw moet makkelijk schoon te maken en te onderhouden zijn. Het verdient aanbeveling om tussen de stallingsruimte/kleedruimte en de overige ruimten van de brandweerpost een ‘(sanitaire) sluis’ te creëren als buffer tussen de ‘schone’ ruimten en de ‘vuile’ ruimten. Het gebouw dient te zijn gerouteerd en ingericht conform de huidige inzichten arbeidshygiëne Brandweer. Om goed uitvoering te kunnen geven aan het 5
•
onderwerp arbeidshygiëne is een duidelijke scheiding tussen schoon en vuil gebied in het gebouw noodzakelijk. Medewerkers mogen in het gebouw niet worden blootgesteld aan schadelijke gassen en dampen afkomstig uit de stallingsruimte. (voldoende ventilatie ,bronen ruimteafzuiging)
Ruimtestaten Om de omvang van een brandweerpost te kunnen bepalen zijn een aantal basisgegevens noodzakelijk. Op basis van onderstaande uitgangspunten en ruimtestaat kan er een omvang bepaald worden. Indien er op de post bedrijfsvoering en/of specialistische activiteiten plaatsvinden is tevens de aanvullende handreiking van toepassing met de daarin vermelde ruimtestaat. Algemene uitgangspunten Repressief personeel huidig 24 Man(nen) / 4 Vrouw(en) Repressief materieel 2 Voertuigen OTO locatie Nee M&L locatie Nee Specialisme oppervlaktewater Ja Specialisme 8 Man(nen) / 4 Vrouw(en) Zie verder bijlage “OVRT” (Deze personen komen uit het totaal van het huidig repressief personeel) Jeugdbrandweer Nee Jeugdbrandweer 0 Jongens / 0 Meisjes
6
1. Entree Voor zowel de inrichting van het terrein als de positie van de entree moet rekening worden gehouden met de richting van waaruit de medewerkers van de Veiligheidsregio het gebouw naderen. Er is sprake van een (logische) directe doorloop vanaf aankomst van het personeel bij de brandweerpost tot het uitrukken vanuit de brandweerpost. Kruisende verkeersstromen dienen voorkomen te worden. De hoofdentree dient een duidelijke en representatieve uitstraling als entree te hebben. In de entree bevindt zich ook het eventuele trappenhuis, SER ruimte en de meterkast.
Algemene eisen • Bij de entree dient een (inbouw)brievenbus en een bel met intercom (intercom met geïntegreerde paslezer voor toegangscontrolesysteem) te worden geplaatst. • De entree dient direct vanaf het maaiveld bereikbaar te zijn zonder dat medewerkers en/of bezoekers voor de stallingsruimte langs moeten. • Duidelijke uitstraling als entree incl. huisnummer. • Geïntegreerde schoonloopmat achter de voordeur over volle breedte voorzien. • De toegangsdeur dient voorzien te zijn van een elektronisch cilinderslot, toegangscontrolesysteem (TCS), deurdranger en een vaste knop aan de buitenzijde. • TCS dient gekoppeld te zijn aan het inbraakalarmsysteem zodat bij aanbieden TCS tag tegen de paslezer aan de buitenzijde het alarm automatisch wordt uitgeschakeld en de toegangsdeur wordt ontgrendeld. (Paslezer integreren in intercompaneel)
7
•
• •
Aan de binnenzijde dient bij het code bedienpaneel van het inbraakalarmsysteem een separate paslezer te zijn gemonteerd van TCS systeem waarbij bij het verlaten van de brandweerpost het alarm automatisch wordt ingeschakeld door het aanbieden van TCS tag. (code bedienpaneel uitvoeren zonder paslezer, hierop moet een separate paslezer van toegangscontrole systeem worden aangesloten). Let hierbij op dat naast de separate paslezer meestal ook een extra controller van het TCS benodigd is om het alarm in te schakelen. In de entree nabij de voordeur bevindt zich een wissellijst met een ontruimingsplattegrond conform de NEN 8112 ‘Leidraad voor ontruimingsplannen'. Wanden zijn voorzien van versterking voor montage van wandgarderobe(s).
Eisen E-installatie • Verlichting, inbouw LED armaturen, centraal geschakeld middels bewegingsmelder met instelbare activeringstijd, minimaal 300 lux. • 1 stuks dubbele wandcontactdozen 230V, afgemonteerd in de meterkast naast AOP media aansluiting. • 1 stuks dubbele wandcontactdozen 230V in meterkast. • 2 stuks dubbele ingebouwde wandcontactdozen 230V, verdeeld over de ruimte, montagehoogte 300 mm t.b.v. schoonmaak. • 2 stuks dubbele wandcontactdozen 230V, centraal boven plafond t.b.v. informatiescherm. • 2 stuks data aansluiting CAT 6 afgemonteerd centraal boven plafond t.b.v. informatiescherm. • 4 stuks data aansluiting CAT 6, t.b.v. toegangscontrole deur hoofdingang (binnen en buitenlezer) en t.b.v. inbraakpaneel. • 2 stuks data aansluiting CAT 6 afgemonteerd in meterkast naast AOP t.b.v. modem Ziggo. • 2 stuks data aansluiting CAT 6 t.b.v. Wifi access punt boven het plafond. • 2 loze mantelbuizen/voorzieningen tussen meterkast en technische ruimte. • 2 loze mantelbuizen/voorzieningen tussen meterkast en SER ruimte. • 2 loze mantelbuizen/voorzieningen tussen meterkast en instructieruimte. • 2 loze mantelbuizen/voorzieningen tussen meterkast en ontspanningsruimte. • 2 loze mantelbuizen (minimaal doorsnede 70 mm) muisvrij afgemonteerd in de meterkast tot 1 meter uit de gevel.
• 2 loze mantelbuizen (minimaal doorsnede 70 mm) muisvrij afgemonteerd in de meterkast tot de erfgrens. • 2 loze mantelbuizen (minimaal doorsnede 70 mm) muisvrij afgemonteerd in meterkast uitkomend bij parkeerplaatsen t.b.v. toekomstige ontwikkelingen. .(opladen elektrische voertuigen) • Aan de buitenzijde van het pand dient een intercom met geïntegreerde paslezer gemonteerd te worden met een bedieningspaneel binnen in de instructie- en ontspanningsruimte, met beeld, spraak en ontgrendeling toegangsdeur(en). • De intercom en TCS systeem dient koppel baar te zijn met het VRU netwerk. • Intercom dient voorzien te zijn van extra luide bellen in stallingruimte, kleedruimten, entree.
8
• • • • • •
Code bedienpaneel inbraakalarminstallatie direct aan de binnenzijde naast toegangsdeur voorzien. (Code bedienpaneel uitvoeren zonder geïntegreerde paslezer) 1 Geïntegreerde paslezer opnemen in intercompaneel voor TCS systeem t.b.v. het uitschakelen van het inbraakalarminstallatie, deze direct naast toegangsdeur aan buitenzijde monteren. 1 paslezer voor TCS systeem t.b.v. het inschakelen van de inbraakalarminstallatie direct naast code bedienpaneel en toegangsdeur aan binnenzijde monteren. Code bedienpaneel inbraakalarminstallatie voorzien van veegcontact zodat bij verlaten van de brandweerpost en activeren inbraakalarminstallatie alle verlichting wordt uitgeschakeld. Elektra verdeler (bouwvorm klasse 3) voorzien van een groepenkaart en aanduiding op meterkast. In meterkast een geplastificeerde gebruikersinstructie NSA ophangen.
Eisen W-installatie • Minimale ventilatie conform regelgeving. • De ruimte voorzien van (vloer)verwarming.
9
2. Kleedruimte De ruimte voor de bluskleding hoort, samen met de stallingsruimte, tot de belangrijkste ruimten in het primaire proces van de brandweer. De ruimte voor de bluskleding dient naar sekse gescheiden te zijn, snel en vrij toegankelijk te zijn bij een uitruk, zodat na binnenkomst de brandweerkleding zo snel mogelijk kan worden aangetrokken. Indien er in bouwlagen wordt gebouwd, bevindt deze ruimte zich op de begane grond.
Kleedruimte heren
Kleedruimte dames 10
Algemene eisen • Toegangsdeuren minimaal 1,20 m breed, gezien de doorloop van meerdere personen tegelijkertijd. Zo wordt het doorloopproces bevorderd. • Indien toegangsdeur kleedruimte direct vanaf buiten toegankelijk is dient de toegangsdeur voorzien te zijn van een elektronisch cilinderslot, toegangscontrolesysteem (TCS), deurdranger en een vaste knop aan de buitenzijde. • Toegangsdeur naar de stallingsruimte uitvoeren zijnde elektronische vol glas schuifdeur aangestuurd middels sensor, i.v.m. het vrijhouden van verkeersruimte om de voertuig(en) in de stallingsruimte. • TCS dient gekoppeld te zijn aan het inbraakalarmsysteem zodat bij aanbieden TCS tag tegen de paslezer aan de buitenzijde het alarm automatisch wordt uitgeschakeld en de toegangsdeur wordt ontgrendeld. (Separate paslezer toepassen) • Indien de douche- of wasruimten en de kleedruimten zich niet in dezelfde ruimte bevinden, zijn deze onderling gemakkelijk en binnendoor bereikbaar. Zie hiervoor artikel 3.22 van het Arbeidsomstandighedenbesluit. Eisen E-installatie • 2 stuks dubbele wandcontactdozen spatwaterdicht/slagvast inbouw 230V, verdeeld over de ruimte, t.b.v. algemeen gebruik. • 1 stuks dubbele wandcontactdozen spatwaterdicht/slagvast inbouw 230V, afgemonteerd boven het plafond t.b.v. lichtkrant en paraatheidsscherm. • 2 stuks data aansluiting CAT 6, t.b.v. paraatheidsscherm boven het plafond.
• 2 stuks data aansluiting CAT 6, t.b.v. Wi-Fi access punt boven het plafond in het midden van de ruimte. • Inbouw plafond LED armaturen, minimaal 500 lux, geschakeld door middel van bewegingsmelder met instelbare activeringstijd in het plafond met voldoende dekking voor de gehele ruimte. Positie verlichtingsarmaturen bepalen op basis van inrichtingstekening kledinglockers i.v.m. aanlichten looplijnen. • Noodstop schakelaar monteren naast schuifdeur naar stallingsruimte t.b.v. bediening attentieportalen. (Instelbaar tijdrelais en bekabeling tot erfgrens voorzien voor aansturing attentieportalen) Eisen W-installatie • De vloerverwarming in de ruimte bevordert het goed drogen van bluskleding en laarzen, de ruimte voorzien van een verdicht vloerverwarmingsnetwerk . (100 mm hart op hart) • De ruimte dient goed geventileerd te zijn en moet voorzien zijn van een eigen separate lucht toe- en afvoer.
11
3. Stallingsruimte De uitrukhal is een zeer belangrijk onderdeel in de brandweerpost. Er is een directe relatie met de ruimte voor bluskleding. Deze ruimte bevindt zich op de begane grond. De stallingsruimte dient voor het stallen van repressief materieel. Waar ‘deuren’ staat kan ook ‘deur’ worden gelezen.
Indeling In de stalling moet minimaal ruimte zijn voor het plaatsen van het benodigde repressief materieel. Algemene eisen • Bij een brandweervoertuig dient voldoende vrije ruimte (minimaal 1250 mm) rondom het voertuig beschikbaar zijn om de uitruk efficiënt plaats te laten vinden. • Voor de opstelplaats van een brandweervoertuig moet worden uitgegaan van een grootte van 12.0 x 5.0 meter. (lxb). • Voor de opstelplaats van een voertuig + brandweeraanhanger moet worden uitgegaan van een verlengde opstelplaats van een grootte van 20.0 x 5.0 meter. (lxb). • De stallingsruimte dient direct toegang te hebben tot de openbare weg. • Veilige verkeersroute (scheiding tussen loop- en rijwegen, zodanig dat aanrijdingen tussen personen en gemotoriseerd verkeer wordt voorkomen). • De minimale vrije doorrijhoogte van de deuren van de stallingsruimte dient 4.0 meter te zijn. • De minimale vrije doorrijbreedte van de deuren van de stallingsruimte dient 4.0 meter te zijn. 12
• •
• • • •
• • • • • • • •
Stallingsruimte moet voorzien zijn van een totale vrije overspanning (zonder kolommen) i.v.m. vrije indeling van de ruimte. Toepassen van hoogwaardig volledig transparante geïsoleerde sectionaal deuren. De deuren dienen ten aanzien van transparantie over de volledige hoogte en breedte voorzien te zijn van minimaal 4 mm hardglas. De deuren dienen voorzien te zijn van: - snellopende aandrijving met een soft start en stop systeem - signalering aan binnenzijde (rode en groene lamp) - doorloopbeveiliging - doordrukbeveiliging - kabelbreukbeveiliging - in- en uitschakelbare automatische sluiting met instelbare vertragingstijd - handmatige noodontgrendeling (ontkoppelbare motoraandrijving) die bij storing, makkelijk en snel bedienbaar is vanaf het grondvlak. - elektrisch bediening middels afstandsbediening (2 per deur) - beveiliging overheaddeuren conform regelgeving De voertuigen dienen vanaf de weg volledig zichtbaar te zijn achter de overheaddeuren. De voorste rij verlichting achter de overheaddeuren dient middels een dimbare schemerschakelaar geschakeld te worden om de voertuigen in de avond en nacht aan te lichten. De stallingsruimte dient voorzien te zijn van instelbare separate ruimteafzuiging voorzien van een minimaal 3 standen handbediende schakelaar .
De stallingsruimte dient naast ruimteafzuiging ook voorzien te zijn van bronafzuiging voor een effectieve afvoer vanaf de “bron” van de uitlaatgassen en roetdeeltjes van de voertuigen, deze dient automatisch te worden losgekoppeld bij het uitrijden van de voertuigen. Bronafzuiging (100%) dient voorzien te zijn van een automatisch start/stopsysteem (druksensor). Deze moet bij starten van het voertuig(en) automatisch activeren en zijn voorzien van instelbare naloop tijd regeling. Systeem dient geschikt te zijn voor de diverse uitlaatpijp varianten en bestand zijn tegen regeneratietemperatuur van de nieuwe voertuigen. Vloer dient voorzien te zijn van één of meerdere draingoten (in het hart van het tracé onder het voertuig, minimale lengte 6.0 meter) met voldoende afschot. De vloer in de stallingsruimte dient vloeistofdicht te worden uitgevoerd en te zijn voorzien van een certificaat. De vloer moet een stroefheidsklasse hebben van R=11. Vloer dient bestand te zijn tegen een puntbelasting van 100kN/m2. In de stallingsruimte moet een handenwasplaats worden voorzien, afgewerkt met tegels en spiegel over de volle breedte van de RVS was trog. De temperatuur in de stallingsruimte dient regelbaar te zijn tussen 15-21 graden Celsius tijdens stookseizoen.
13
Eisen E-installatie • 2 stuks dubbele wandcontactdozen spatwaterdicht/slagvast 230V, verdeeld over de ruimte per tracé voor algemeen gebruik. • 1 stuks dubbele wandcontactdoos spatwaterdicht/slagvast 230V, t.b.v. lichtkrant en beeldscherm (paraatheid). • 1 stuks dubbele wandcontactdoos spatwaterdicht/slagvast 230V, nabij waterkraan t.b.v. hogedrukreiniger. • Per tracé 1 stuks veer belaste kabelhaspel (20 meter) 230V, voorzien van een 3-polige geaarde contrastekker. • 2 stuks data aansluiting CAT 6, t.b.v. beeldscherm (paraatheid). • 2 stuks data aansluiting CAT 6, t.b.v. VRU netwerk. • 2 stuks data aansluiting CAT 6, t.b.v. Wifi access punt boven het plafond. • Per tracé 1 stuks enkele wandcontactdoos spatwaterdicht/slagvast 230V, gemonteerd tegen plafond t.b.v. 230V kabelhaspel op vrije groep (16A). • Spatwaterdichte LED armaturen, minimaal 500 lux, hotel geschakeld op bewegingsschakelaar en voorzien van overrule schakelaar. • Per tracé 1 stuks spatwaterdichte dimbare LED spot of armatuur, geschakeld op schemerschakelaar, t.b.v. aanlichten voertuigen. • 1 stuks 400 V/CEE, 16A/5P aansluitpunt per overheaddeur. • 1 stuks 400 V/CEE, 16A/5P aansluitpunt t.b.v. algemeen gebruik • 1 stuks 400V/CEE, 16A/5P aansluitpunt met werkschakelaar t.b.v. voeding besturingskast bronafzuiging. Eisen W-installatie • Draingoten dienen te worden aangesloten op een olie- en benzineafscheider.
• 1 stuks RVS spoelbak met voldoende diepte (minimaal 300 mm), minimaal 2,00 m lang met spiegel (spoelbak breed) en meerdere mengkranen (wandmontage). • 2 stuks mengkraan koud- en warmwater • 1 stuks kraan met slangwartelaansluiting, deze voorzien van een (20 meter) automatisch oprolbare slanghaspel (professionele kwaliteit) ten behoeve van reinigen voertuigen. • 1 stuks werkluchtcompressor silent uitvoering. Minimaal 8 bar werkdruk (CCFM heeft een werkdruk van 12 bar) en minimaal en inhoud luchtketel minimaal 100 liter (montage plaats in overleg met gebruiker). • Per tracé 1 stuks luchtaansluiting voorzien van kogelafsluiter tegen plafond t.b.v. luchthaspel. • Per tracé 1stuks veer belaste luchthaspel (10 meter) inclusief staubli koppeling, montage aan plafond t.b.v. het op druk houden van de luchtdrukketels van het voertuig. • 1stuks veer belaste luchthaspel (10 meter) inclusief staubli koppeling montage boven werkbank voor algemeen gebruik. • Verwarming d.m.v. vloerverwarming met eventueel bijverwarming.
14
4. Doucheruimte Na terugkomst van een uitruk kan de uitrukploeg douchen in de voor dames en heren gescheiden doucheruimten. De doucheruimten grenzen aan de kleed- en verkeersruimte. De voorruimte dient geschikt te zijn voor het plaatsen van een wastafel en wandgarderobe(s).
Doucheruimte heren
Doucheruimte dames 15
Aantal personen en indeling De ruimte voorziet in 1 doucheruimte per 10 personen, inclusief een voorruimte van waaruit de douche bereikbaar is. Er worden minimaal 2 douches gerealiseerd. Algemene eisen • Situeren naast kleedruimte. • Douche (voor)ruimte heeft geen directe inkijk, minimaal 1 douche uitvoeren als “schaamte” douche. • In de voorruimte dient een vrij ruimte (van minimaal 1000 mm) voor een hangende zit- en kapstok te worden vrijgehouden. • Wanden zijn voorzien van versterking voor montage van sanitaire supplies en wandgarderobe(s). • Ruimte voorzien van voldoende ventilatie, conform wettelijke voorschriften. • Doucheruimte voorzien van draingoot, over de volle breedte. • Deur(en) voorruimte voorzien van deurdranger(s). • De onderzijde van de deuren dienen voldoende vrij te zijn van vloer i.v.m. schoonmaak en ventilatie. Eisen E-installatie • Verlichting, waterbestendige LED inbouw armaturen, minimaal 300 lux, centraal geschakeld middels bewegingsschakelaar met instelbare activeringstijd. Eisen W-installatie • De doucheruimte moet voorzien zijn van mechanische ventilatie, voorzien van instelbare tijd- en vochtsensor. • De ventilatie heeft een dusdanige capaciteit zodat de voorruimte condens vrij blijft. • Draingoot in tegelvloer in doucheruimte.
• Centrale mengkraan met vaste douchekop op minimaal hoogte van 2.10 meter per doucheruimte opnemen, maximale afstand mengwaterleiding 5 meter. • Sensor gestuurde douchebediening centrale thermostaatkraan voor instellen warm en koud water. • Mengkraan dient te voorzien worden van een automatische spoelsysteem ter preventie van legionella. • 1 stuks vrij hangende wastafel met koud water kraan, stopkraan in de leiding van de wastafelkraan. • 1 stuks spiegel (wastafel breed) boven de wastafel. • De ruimte voorzien van vloerverwarming.
16
5. Toiletten Het gebouw dient te worden voorzien van voldoende toiletten. (conform Bouwbesluit) De toiletgroepen dienen een directe relatie te hebben met de entree en de doucheruimten. De toiletten zijn gescheiden voor heren en dames.
Algemene eisen • Situeren nabij kleedruimte en entree. • De deuren dienen voldoende vrij te zijn van vloer i.v.m. schoonmaak en ventilatie. • Wanden zijn voorzien van versterking voor montage van sanitair supplies Eisen E-installatie • Inbouw LED armaturen met EVSA, minimaal van 200 lux, geschakeld middels bewegingsmelder met instelbare activeringstijd. Eisen W-installatie • Minimale ventilatie, conform regelgeving. • Vrij hangende toiletpot(ten) met inbouwreservoir en toiletbril (heren- en damestoilet). • Sanitaire supplies voor toiletruimte: toiletrol(automaat), toiletborstel + zeep dispenser + handdoeken(automaat) + kleine afvalbak. (wandmodel). • Vrij hangende urinoirs afgescheiden middels schaamschotten (herentoilet). • Vrij hangende wastafel(s)s met koud waterkraan, stopkraan in de leiding van de wastafelkraan. • Spiegel boven de wastafel (wastafel breed). • De ruimte voorzien van vloerverwarming.
17
6. Opslagruimte OTO/M&L Het magazijn dient voor het opslaan van diverse (oefen)materialen. Vloer van het magazijn dient makkelijk toegankelijk te zijn voor rolcontainers. Na een uitruk wordt van hieruit de voorraad in de voertuigen aangevuld. In verband met dagelijkse logistieke bevoorrading dient het magazijn toegankelijk te zijn vanuit de stallingruimte (optioneel: direct toegankelijk te zijn vanuit de buitenschil).
Algemene eisen • Deur(en) magazijn voorzien van TCS garnituur. Eisen E-installatie • Verlichting LED armaturen met EVSA, minimaal 300 lux, geschakeld middels bewegingsmelder met instelbare activeringstijd. • 4 stuks dubbele wandcontactdozen spatwaterdicht/slagvast 230V, verdeeld over de ruimte, montagehoogte 1200 mm. Eisen W-installatie • Minimale ventilatie conform regelgeving.
18
7. Technische ruimten De technische ruimte dient in de locatie op een centrale logische plaats te worden gesitueerd. De ruimte dient voor het opstellen van technische apparatuur van de E- en W installaties. Deze ruimte dient te worden gesitueerd op een zo’n strategisch mogelijke plek.
Algemene eisen • Toegangsdeur voorzien van TCS garnituur. Eisen E-installatie • Verlichting LED armaturen, geschakeld middels bewegingsmelder met instelbare activeringstijd, minimaal 500 lux. • 2 stuks 230 V dubbele wandcontactdozen slagvast voor algemeen gebruik. • Aansluitpunten voor de E- en W-installatie. • Er dienen bedrade buizen in de ruimte(n) te worden aangebracht waar klokthermostaten van toepassing zijn. Eisen W-installatie • De W-installatie moet voldoen aan de huidige geldende eisen t.a.v. gasloos en BENG eisen. • Er dient een vulpunt t.b.v. de verwarming installatie aanwezig te zijn. • Circulerend leidingnet toepassen naar de diverse water tappunten. • De (vloer)verwarmingsunit dient ook in deze ruimte gesitueerd te worden.
19
8. Schoonmaakruimte Deze ruimte dient te worden gesitueerd op een zo’n strategisch mogelijke plek. Algemene eisen • Toegangsdeur schoonmaakruimte voorzien van TCS garnituur. Eisen E-installatie • Verlichting LED armaturen, geschakeld middels bewegingsmelder met instelbare activeringstijd, minimaal 300 lux. • 1 stuks dubbele wandcontactdozen spatwaterdicht/slagvast 230V, montagehoogte 1200 mm. Eisen W-installatie • Minimale ventilatie conform regelgeving.
20
9. SER ruimte De SER-ruimte is de ruimte waar alle bekabeling van het gebouw samenkomen. Tevens worden hier verschillende ICT en TCS componenten afgewerkt om de ICT diensten naar de werkplekken en deurposities te ontsluiten. Tussen de SER ruimte en meterkast een kabeldoorvoer realiseren. De bestaande hard- en software, evenals Hubs en routers worden als losse inrichting beschouwd, welke door de VRU geleverd/verhuisd zullen worden. Algemene eisen • Centraal gelegen in het pand, bij voorkeur in nabijheid meterkast. • De ruimte moet voorzien zijn van voldoende ventilatie en koeling /ventilatie. • Binnendeur voorzien van TCS garnituur. • SER ruimte is centrale plaats voor CAI, ISRA en glasvezelaansluitingen. • Bekabeling minimaal CAT 6. • Patchkast 19 inch afsluitbaar met sleutel, minimale afmeting 18U hoog en 600 mm diep en voorzien van ventilatoren. • Bekabeling afwerken in goten. • Outlets afwerken op RJ 45 panelen. • Alle outlets en RJ-45 panelen voorzien van labels. • Maximale kabellengte tussen SER en eindstation is 90 meter. • Realisatie ISRA, COAX, glasvezel, deze afwerken in patchkast. • ISRA punten doortrekken naar RJ-45 panel in patchkast • Afwerking COAX van ISRA naar AV punt in instructielokaal. • Bij meerdere SER ruimten een extra RJ45 pannel plaatsen in beide ruimte en deze met CAT6 met elkaar verbinden (Riser functie).
• Bij oplevering dient de data bekabeling en outlets gelabeld te zijn, deze dienen getest te worden op functionaliteit, oplevering middels overleggen van een (testrapport – en opleveringscertificaat) Eisen E-installatie • Verlichting LED armaturen met EVSA, 500 lux, geschakeld middels bewegingsmelder met instelbare activeringstijd. • 2 stuks dubbel ingebouwde wandcontactdozen 230V, t.b.v. TCS. • 1 stuks dubbel wandcontactdoos 230V t.b.v. patchkast. • 1 stuks 19 inch geaarde 230V stekkerdoos met minimaal 8 aansluitingen afgewerkt in de patchkast. • 2 gelabelde loze mantelbuizen van SER ruimte naar meterkast. • 2 gelabelde loze mantelbuizen van SER ruimte naar instructielokaal. Eisen W-installatie • Minimale ventilatie conform regelgeving (afzuigpunt opnemen in de ruimte). • Patchkast voorzien van (geluidsarme) ventilatoren.
21
10. Instructieruimte De instructieruimte moet een representatieve vrij in te delen ruimte zijn die geschikt is voor het geven van voorlichtingsbijeenkomsten en instructies. Ruimte moet kunnen worden samengevoegd met de ontspanningsruimte tot een grote ruimte en worden gescheiden middels geluidsarme scheidingswand(en).
Algemene eisen: • Ruimte voorzien van een vrije overspanning (zonder kolommen) i.v.m. vrije indeling van de ruimte. • Scheidingswanden dienen geluidsarm (geen spraakoverdracht), stabiel en verplaatsbaar te zijn, boven constructie scheidingswand moet de ruimte ook geluidsarm worden afgewerkt . • Scheidingswanden dienen niet te zijn voorzien van vloergeleiding, maar 2-punt ophanging per segment. • Scheidingswanden dienen in de parkeerstand zo efficiënt en compact mogelijk (in en nis) te kunnen worden opgeborgen. • Ruimte heeft vanuit verkeersruimte eigen toegangsdeur en/of een deur in de scheidingswand, afhankelijk van de indeling. • De ontspanning- en instructieruimten dienen aaneengesloten en gelijkvloers te worden uitgevoerd. • De hoogte van de ruimte onder het systeem plafond is minimaal 2800 mm. • Deuren in verkeersruimten voorzien van doorkijk functie (veiligheidsglas). • Ruimte voorzien van (elektrische) bedienbare (verduisterende) zonwering. • Er dient ruim voldoende daglicht toetreding te zijn en alle ramen dienen open te kunnen (draai/kiep principe) en te bedienen te zijn vanaf het grondvlak. 22
• •
De ramen voorzien van gordijnen, jaloezieën of lamellen. Geen dorpels.
Eisen E-installatie • 2 stuks dubbele wandcontactdozen opbouw 230V, boven plafond t.b.v. presentatiescherm. • 4 stuk dubbele wandcontactdozen inbouw 230V, t.b.v. algemeen gebruik verdeeld over de ruimte, montagehoogte 300 mm. • 1 stuks dubbele wandcontactdozen inbouw 230V, t.b.v. vaste PC-opstelling, montagehoogte 600 mm, afgemonteerd in verticale leidinggoot. • 1 stuks dubbele wandcontactdozen inbouw 230V, t.b.v. vaste PC-opstelling en mogelijkheid tot aansluiting laptop, montagehoogte 1000 mm, afgemonteerd in verticale leidinggoot. • 3 stuks lege inbouwdozen nabij vaste PC opstelling t.b.v. presentatiescherm (bediening, USB- en HDMI aansluiting), montagehoogte minimaal 1200 mm, afgemonteerd in verticale leidinggoot. • 4 stuk dimbare LED lichtschakelaars inbouw 230V, t.b.v. aanvullende (wand / plafond) verlichting verdeeld over de ruimte, afgemonteerd in verticale leidinggoot. • 2 stuks data aansluiting CAT 6 inbouw, t.b.v. vaste PC opstelling, montagehoogte 600 mm, afgemonteerd in verticale leidinggoot. • 2 stuks data aansluiting opbouw CAT 6 inbouw, boven plafond t.b.v. presentatiescherm.. • 1 stuks data aansluiting opbouw CAT 6 t.b.v. Wifi boven plafond, in het midden van de ruimte. • Het plafond voorzien van gelijkmatig dimbare LED (downlighters) inbouw(spot) armaturen 0 -> 500 lux.
• De wanden zijn voorzien van gelijkmatig over de ruimte verdeeld dimbare LED wandarmaturen 0 -> 500 lux. • Plafondverlichting dient dimbaar bij de toegangsdeur van de ruimte geschakeld te kunnen worden. • Nabij het presentatiescherm dient de LED verlichting in zones dimbaar, geschakeld te kunnen worden, ook de plafond en wandverlichting in de ontspanningsruimte. • 1 mantelbuis van verticale leidinggoot naar presentatiescherm, afmonteren boven het plafond (minimale doorsnede 70 mm). Eisen W-installatie • Ruimte moet voorzien zijn van (split)units die de ruimte kunnen koelen en (bij)verwarmen, deze moeten per ruimte instelbaar zijn. • Ruimte voorzien van vloerverwarming. • Ruimte moet binnen 15 minuten op de gewenste ingestelde temperatuur zijn. • Ventilatie middels CO2 sturing en conform regelgeving.
23
11. Ontspanningsruimte De ontspanningsruimte moet een representatieve ruimte zijn. Ruimte moet kunnen worden samengevoegd met de instructieruimte tot een grote ruimte, daarnaast door middel van scheidingswand(en) afgesloten kunnen worden van de instructieruimte. Aan de ontspanningsruimte grenst de uitgiftebalie (verder beschreven onder keuken), een zitgedeelte en een gedeelte met tafels en stoelen. Ruimte heeft een belangrijke sociale functie. Naast de basisvoorziening kan de personeelsvereniging korps specifieke wensen betreffende uitbreiding van infrastructurele zaken aanvragen, de aanvraag zal ingediend worden middels een installatie- en inrichtingstekening en een onderbouwing van de gevraagde voorzieningen. Afstemming en besluitvorming vindt hierover plaats in de project- en stuurgroep.
De keuken, uitgiftebalie en instructieruimte staan in directe verbinding met de ontspanningsruimte. Algemene eisen: • Ruimte voorzien van een vrije overspanning (zonder kolommen) i.v.m. vrije indeling van de ruimte. • Scheidingswanden dienen geluidsarm (geen spraakoverdracht), stabiel en verplaatsbaar te zijn. • Scheidingswanden dienen niet te zijn voorzien van vloergeleiding, maar 2-punt ophanging per segment. • Scheidingswanden dienen in de parkeerstand zo efficiënt en compact mogelijk (in en nis) te kunnen worden opgeborgen. • Ruimte heeft vanuit verkeersruimte eigen toegangsdeur. 24
• • • • • • •
De ontspanning- en instructieruimten dienen aaneengesloten en gelijkvloers te worden uitgevoerd. De hoogte van de ruimte onder het systeem plafond is minimaal 2800 mm. Deuren in verkeersruimten voorzien van doorkijk functie (veiligheidsglas). Ruimte voorzien van (elektrische) bedienbare (verduisterende) zonwering. Er dient ruim voldoende daglicht toetreding te zijn en alle ramen dienen open te kunnen (draai/kiep principe) en te bedienen te zijn vanaf het grondvlak. De ramen voorzien van gordijnen, jaloezieën of lamellen. Geen dorpels.
Eisen E-installatie • 1 stuks dubbele wandcontactdozen inbouw 230V, t.b.v. vaste PC-opstelling, montagehoogte 300 mm, afgemonteerd in verticale leidinggoot. • 4 stuk dimbare LED lichtschakelaars inbouw 230V, t.b.v. aanvullende (wand / plafond) verlichting verdeeld over de ruimte, afgemonteerd in verticale leidinggoot, positie nader te bepalen. • 1 stuks dubbele wandcontactdozen opbouw 230V, boven plafond t.b.v. TV-scherm. • 2 stuks data aansluiting opbouw CAT 6 inbouw, boven plafond t.b.v. TV-scherm. • 1 stuks COAX aansluiting opbouw boven plafond t.b.v. TV-scherm. • 1 stuks data aansluiting opbouw CAT 6 t.b.v. Wifi boven plafond, midden van de ruimte. • Het plafond voorzien van gelijkmatig dimbare LED (downlighters) inbouw(spot) armaturen 0 -> 500 lux. • De wanden zijn voorzien van gelijkmatig over de ruimte verdeeld dimbare LED wandarmaturen 0 -> 500 lux. • Plafondverlichting dient dimbaar bij de toegangsdeur van de ruimte geschakeld te kunnen worden. • 4 stuks dubbele wandcontactdozen inbouw 230V, t.b.v. algemeen gebruik verdeeld over de ruimte, montagehoogte 300 mm. • 1 stuks dubbel wandcontactdoos inbouw 230V, t.b.v. koffiemachine, montagehoogte 450 mm • 1 Intercompaneel t.b.v. beeld, spraak en ontgrendeling deur hoofdentree.
Eisen W-installatie • Ruimte moet voorzien zijn van (split)units die de ruimte kunnen koelen en (bij)verwarmen, deze moeten per ruimte instelbaar zijn. • Ruimte voorzien van vloerverwarming. • Ruimte moet binnen 15 minuten op de gewenste ingestelde temperatuur zijn. • Ventilatie middels CO2 sturing en conform regelgeving. • 1 Koud wateraansluiting met kraan t.b.v. koffiemachine, montagehoogte 400 mm.
25
12. Keuken Deze ruimte sluit aan op de uitgiftebalie en dient voor: - Het zetten van koffie, thee. - Het bereiden van hapjes, onder andere door middel van een magnetron en kooktoestel. - De opslag van voedselwaren, zowel koud als warm. - Het reinigen van serviesgoed. Er wordt gebruik gemaakt van een keukenblok voor het plaatsen van apparaten, en het opbergen van servies. Verder wordt er gebruik gemaakt van een vaatwasmachine, koelkast, magnetron, kooktoestel, afzuigkap en vrieskast. De uitgiftebalie sluit aan op de ontspanningsruimte om de bereide hapjes en dranken uit te serveren. De keuken dient te worden gesitueerd in relatie tot de uitgiftebalie en het magazijn van de keuken. Naast de basisvoorziening kan de personeelsvereniging korps specifieke wensen betreffende uitbreiding van keukenomvang en infrastructurele E- en W installatie onderdelen aanvragen, de aanvraag zal ingediend worden middels een installatie- en inrichtingstekening en een onderbouwing van de gevraagde voorzieningen. Afstemming en besluitvorming vindt hierover plaats in de project- en stuurgroep. Financiële middelen voor aanschaf en onderhoud van aanvullende keukenomvang en apparatuur zijn voor rekening van de PV.
26
Algemene eisen • De ruimte moet een nette en hygiënische uitstraling hebben. • De keukenapparatuur en interieur dient degelijk en makkelijk schoon te houden te zijn. • Gesitueerd naast (in) de ontspanningsruimte. • De keuken en werkblad dient van een degelijke kwaliteit te zijn (werkblad RVS of zwaar gefineerd watervast multiplex met waterkering). • Er dient voldoende LED verlichting aanwezig te zijn op het werkblad. Deze dient dimbaar uitgevoerd te worden. • Keuken dient voorzien te zijn van: - 1 grote inbouwkoelkast i.c.m. vriesladen (minimaal 3 laden); - 1 inbouwcombi magnetron; - 1 inbouwvaatwasmachine (minimaal 600 mm breed); - 1 afzuigkap; - 1 standaard (inbouw) elektrisch kooktoestel. • De keuken dient zo efficiënt mogelijk te worden ingericht met voldoende kastruimten (afgestemd met gebruiker). • De verbinding tussen de keuken en ontspanningsruimte dient te worden gerealiseerd door middel van een uitgiftebalie. Eisen E-installatie Keuken: • In de keukenruimte dienen 6 vrije elektra groepen aanwezig te zijn t.b.v. koelvrieskast, vaatwasmachine, combimagnetron, koffiemachine, afzuigkap en een (perilex) aansluiting t.b.v. het kooktoestel. • 4 stuks dubbele 230V ingebouwde wandcontactdozen verdeeld over keuken.
• Boven het werkblad in de keuken gelijkmatig verdeelde dimbare LED inbouw spots, 0 -> 500 lux, centraal geschakeld middels LED dimschakelaar op goed bereikbare en logische plaats. Eisen E-installatie Uitgiftebalie: • 2 stuks dubbele wandcontactdozen inbouw 230V, verdeeld in de uitgiftebalie. • Boven de uitgiftebalie gelijkmatig verdeelde dimbare LED inbouw spots, 0 -> 500 lux, centraal geschakeld nabij de uitgiftebalie. • 1 stuks data aansluiting CAT 6 inbouw in uitgiftebalie, t.b.v. TV – en audio. • 1 stuks COAX aansluiting inbouw in uitgiftebalie t.b.v. TV- en audio. Eisen W-installatie • In het keukenblad een RVS spoelbak met keukenmengkraan met hoge uitloop. • Een koud water aansluiting met kraan t.b.v. de vaatafwasmachine. • De keuken bij voorkeur voorzien van vloerverwarming. • De ruimte moet voldoen minimale ventilatie conform regelgeving. • Afzuigkap aansluiten op een directe afvoer naar buiten en voorzien van een 3standen schakelaar. • De uitgifteopening dient zo ruim te zijn dat de uitgiftebalie een is met de aangrenzende ontspanningsruimte.
27
13. Magazijn keuken Het magazijn dient voor het opslaan van facilitaire voorraad. Het magazijn sluit aan op de keuken. Naast de basisvoorziening kan de personeelsvereniging korps specifieke wensen betreffende uitbreiding van infrastructurele E- en W installatie onderdelen aanvragen, de aanvraag zal ingediend worden middels een installatie- en inrichtingstekening en een onderbouwing van de gevraagde voorzieningen. Afstemming en besluitvorming vindt hierover plaats in de project- en stuurgroep. Financiële middelen voor aanschaf en onderhoud van aanvullende magazijn en apparatuuromvang zijn voor rekening van de PV.
Eisen E-installatie • Verlichting LED armaturen, geschakeld middels bewegingsmelder met instelbare activeringstijd, minimaal 300 lux. • 4 stuks dubbele wandcontactdozen 230V, verdeeld over de ruimte. • Deur magazijn voorzien van (TCS) garnituur. • Geen dorpel(s). Eisen W-installatie • Minimale ventilatie conform regelgeving.
28
14. Magazijn algemeen Het magazijn dient voor het opslaan van algemeen en personeel vereniging gerelateerde voorraad. Eisen E-installatie • Verlichting LED armaturen, geschakeld middels bewegingsmelder met instelbare activeringstijd, minimaal 300 lux. • 2 stuks dubbele wandcontactdozen 230V, verdeeld over de ruimte. • Deur magazijn voorzien van (TCS) garnituur. • Geen dorpel(s). Eisen W-installatie • Minimale ventilatie conform regelgeving.
29
15. Kantoorruimte Het kantoor ( 2 werkplekken) dient voor overleg en administratieve werkzaamheden. Gebruik zal of kan gemaakt worden van computer, printer en telefoon.
Algemene eisen • De ruimte dient een nette warme uitstraling te hebben. • De ruimte moet voorzien zijn van voldoende daglicht intreding. • De ruimte dient voorzien te zijn preventieve voorzieningen m.b.t. geluid- en spraakoverdracht. • Ruimte voorzien van (elektrische) bedienbare (verduisterende) zonwering. • Er dient ruim voldoende daglicht toetreding te zijn en alle ramen dienen open te kunnen (draai/kiep principe). • De ramen voorzien van jaloezieën of lamellen. • Toegangsdeur voorzien van TCS garnituur
30
Eisen E-installatie • Verlichting LED armaturen, geschakeld middels bewegingsmelder met instelbare activeringstijd, minimaal 500 lux. • 1 stuks dubbel ingebouwde wandcontactdozen 230V, t.b.v. algemeen gebruik, montagehoogte 300 mm. • 2 stuks dubbel ingebouwde wandcontactdozen 230V per werkplek, t.b.v. computer, afgemonteerd in wand goot. • 1 x 2 stuks data aansluiting CAT 6 per werkplek, t.b.v. computers, afgemonteerd in wandgoot. • 2 stuks data aansluiting CAT 6 opbouw, t.b.v. Wi-Fi access punt boven het plafond. Eisen W-installatie • Natuurlijke ventilatie conform regelgeving. • Ruimte moet voorzien zijn van (split)units die de ruimte kunnen koelen en (bij)verwarmen. • Ruimte voorzien van vloerverwarming.
31
16. Kopieerruimte Ruimte t.b.v. opstellen printer. Algemene eisen • Ruimte dient op een logische plek nabij de kantoor- en instructieruimte gesitueerd te zijn, mag eventueel worden geïntegreerd in kantoorruimte, aantal benodigde m2 voor deze ruimte dan toevoegen aan kantoorruimte. Eisen E-installatie • Verlichting LED armaturen, geschakeld middels bewegingsmelder met instelbare activeringstijd, minimaal 500 lux. • 1 stuks dubbel ingebouwde wandcontactdozen 230V, t.b.v. printer, montage hoogte 300 mm. • 2 stuks data aansluiting CAT 6 inbouw t.b.v. printer, montagehoogte 300 mm. Eisen W-installatie • Naast vereiste natuurlijke ventilatie conform regelgeving. dient er ook een extra afzuig punt te zijn t.b.v. printer.
32
Buitenterrein In verband met de noodzaak van een snelle uitruk is het van belang dat de brandweerpost aan een doorgaande weg ligt. De inrichting van het buitenterrein dient bij te dragen aan de logistieke processen en aan een snelle en veilige aanrijuitrijmogelijkheid, voor het personeel zowel per voet, fiets of auto. • • • • • • • • •
• • • • • • • • •
Het buitenterrein is voorzien van een perceel afscheiding. Indien noodzakelijk wordt het terrein afgesloten d.m.v. een elektronisch toegangshek, aangestuurd d.m.v. TCS (gemonteerd in RVS zuil nabij hekwerk) en te bedienen via de intercom ontgrendeling. Bij verlaten van het afgesloten terrein dient het hekwerk automatisch open gestuurd te worden. Het aantal parkeerplaatsen dient gerelateerd te worden aan het minimum aantal zitplaatsen van de eerstelijns uitrukvoertuigen met een minimum van 8. 1 parkeerplaatsen t.b.v. repressieve dienstvoertuigen. De situering van de (repressieve) parkeerplaatsen en de toegang van de kleedruimten/ gebouw mag geen belemmering vormen voor uitrukkende voertuigen. Buiten op een nader te bepalen plaats een geschakelde 230V CEEbuitenaansluiting in/op de gevel aanbrengen t.b.v. opladen communicatieapparatuur dienstvoertuigen. Buiten op een nader te bepalen plaats elektrische voorbereiding treffen voor montage van een laadpaal voor toekomstige ontwikkelingen m.b.t. opladen elektrische voertuigen. Geïntegreerd in buitengevel op een nader te bepalen plaats een geschakelde 400V CEE-buitenaansluiting aanbrengen en aansluiten op de volledige Einstallatie t.b.v. extern noodstroomaggregaat. Deze voorzien van pictogram en gebruiksinstructie.
(Overdekte) ruimte geschikt voor minimaal 12 fietsen, deze voorzien van een geschakeld lichtpunt middels bewegingsmelder met instelbare activeringstijd. Bovengrondse brandkraan 60m3/h inclusief leveringsaansluitingen/aanpassingen op een nader te bepalen plaats. Containeropslag voor minimaal 3 containers van 240 liter. Bij de inrichting van het terrein dient rekening te worden gehouden met de draaicirkel van de tankspuitauto (r = 9.050mm). Ter plaatse van de uitrit van de stalling dient het niveau van de bestrating gelijk te zijn met de vloer binnen. Verzakkingen in deze aansluiting moeten worden voorkomen door gebruik te maken van de funderingsbalk in de bestrating. Zo kan bijvoorbeeld door middel van een hoeklijn of sponning een stelconplaat op de fundering worden opgelegd. Het terrein moet vlak, representatief en onderhoudsarm zijn. Bij het uitrijden naar de openbare weg dienen zo min mogelijk verkeersstromen te worden doorkruist. Bij het uitrijden naar de openbare weg krijgen de verkeersdeelnemers een vooraankondiging middels activeren van attentieportalen op de openbare weg, deze worden voorafgaand aan het uitrijden middels een drukknopbediening van uit de brandweerpost geactiveerd om het verkeer te attenderen dat de 33
• •
• • • • • • • •
verkeerssituatie wijzigt. De noodzaak voor deze voorzieningen wordt bepaald door de verkeerssituatie ter plaatse en advisering van deskundigen. Ter plaatse van de uitrit naar de openbare weg dienen geen drempels aanwezig te zijn. Op het terrein moet een wit (RAL9010) gemoffelde conische aluminium vlaggenmast, met een stelbare kantelvoet worden voorzien. Standaard masthoogte minimaal 6 meter, de mast dient te zijn voorzien van een ingebouwd liersysteem en contragewicht. Het buitenterrein bevat een gecertificeerde vloeistofdichte vloer van 15.0 x 10.0 m. t.b.v. HV- oefeningen en het reinigen van voertuigen. De vloer dient voorzien te zijn van draingoten die aangesloten zijn op de olie- en vetafscheider. Straatkolken op het (voor)terrein dienen te zijn aangesloten op de olie en vetafscheider. De minimale oppervlakte van de oefenplaats bedraagt 150 m2 (15.0 m x 10.0 m). De minimale oppervlakte voorterrein per en voor het tracé dient 50 m2 te zijn (5 m x 12 m). De oefenplaats dient rondom verlicht te zijn, bediening middels schakelaar vanuit het gebouw. Het terrein is voorzien van buitenverlichting, aangestuurd door schemerschakelaar / astroklok. Het bouwwerk is bij de toegangsdeuren voorzien van verlichting op schemerschakelaar / astroklok. Op het dak van het bouwwerk dienen voorzieningen te zijn opgenomen ten behoeve van valbeveiliging en toetreding.
34
Ruimtestaat NR. Ruimte 1 Entree 2.1 Kleedruimte heren 2.2 Kleedruimte dames 3.0 Stallingsruimte 4.1 Doucheruimte heren 4.1.1 Voorruimte heren 4.2 Doucheruimte dames 4.2.1 Voorruimte dames 5.1 Toiletten heren 5.2 Toiletten dames 6 Opslagruimte OTO/M&L 7 Technische ruimte2 8 Schoonmaakruimte 9 SER ruimte 10 Instructieruimte3 11 Ontspanningsruimte 12 Keuken 13 Magazijn keuken 14 Magazijn algemeen 15 Kantoorruimte4 16 Kopieerruimte Totaal
Fno1 Norm Aantal M2 Totaal 1 8 8 Per persoon 24 1,5 36 Per persoon (minimum van 4 m2) 4 1,5 6 Afmeting 5 x 12 meter 2 60 120 Min. 1 per 10 pers. 3 2 6 Per persoon (maximum van 16 m2) 24 0,5 12 Min. 1 per 10 pers. 1 2 2 Per persoon (minimum van 4 m2) 4 0,5 4 Minimaal 1 per 10 personen 3 2 6 Minimaal 1 per 10 personen 1 2 2 1 10 10 1 5 5 1 2 2 1 1 1 Per persoon 28 2 56 Per persoon 28 2 56 1 10 10 1 10 10 28 0,2 6 4 20 40 1 4 4 Afgerond op hele m2 fno
Aanvullende eis m.b.t. fno: - Voor fno wordt uitgegaan van een stahoogte van minimaal 2100 mm.
De tabel, ruimtestaat OVRT is ter info, aan deze (basis) handreiking toegevoegd. Hiermee wordt alleen inzichtelijk gemaakt wat het totaal benodigde vierkante meters zal zijn voor een brandweerpost met een specialisatie. Voor verder gegevens wordt verwezen naar de bijlage specialisme OVRT, bij deze basis handreiking.
1 fno: Vrij beloopbaar en indeelbare oppervlakte zonder belemmeringen (opgang, scheidingswanden etc.). 2 Afmeting technische ruimte afhankelijk van de gekozen W-installatie
3 Verzoek aan architect is om efficiënt de gevraagde ruimten op de 1 e verdieping zo te ontwerpen dat de
maximaal haalbare m2 uit het ontwerp wordt behaald m.b.t. de instructie- en ontspanningsruimte 4 Op verzoek van de gemeente wordt bekeken of een uitbreiding van het kantoor van 2 naar 4
werkplekken mogelijk is, zodat er 2 extra werkplekken gecreëerd worden.
35
402
Ruimtestaat OVRT NR. Ruimte 2 Kleedruimte 2a Kleedruimte heren 2b Kleedruimte dames 3 Stallingsruimte 4 Doucheruimte 4a Voorruimte heren 4b Voorruimte dames 5 Toiletten Spoelruimte Droogruimte AL compressorruimte
Norm
Fno* M2
Aantal
Per persoon, sekse gescheiden Per persoon Per persoon (minimum van 4 m2) Per tracé (voertuig-OVRT) Nis t.b.v. ademlucht vulbalk Minimaal 1 per 10 personen, sekse gescheiden 2x Heren 1x Dames Per persoon (maximum van 16 m2) Per persoon (maximum van 4 m2) Minimaal 1 per 10 personen, sekse gescheiden (2 x Heren / 1x Dames) Inclusief wasbakruimte samen
Totaal
12 8 4 05 1
3 3 60 3
24.0 12.0 0.0 3.0
2 1 8 4
2 2 0,5 0,5
4.0 2.0 4.0 2.0
3 1 1 1
2 8 6 6
6.0 8.0 6.0 6.0
Totaal functioneel nuttig oppervlakte (fno) voor 12 personen
137.0
Terrein: NR. buitenterrein T1 Entree T2.1 Parkeerplaats algemeen Parkeerplaats T2.2 dienstvoertuig Voorterrein (voor T3 stallingsruimten) T4 Oefenplaats T5 Fietsenstalling T6 Containeropslag Totaal
Fno6 Aantal M2 Totaal
Norm NEN 2443, minimaal 8 stuks
8
12,5
100
NEN 2443, minimaal 2 stuks Afmeting minimaal 5 x 12 meter per tracé Afmeting 15 x 10 meter Minimaal 12 fietsen Minimaal geschikt voor 3 stuks 240 liter containers
1
12,5
12,5
2 1 12
60 150 0,5
120 150 6
3
1
3 391,5
5 M² voor voertuig OVRT wordt meegenomen in de standaard handreiking (5 x 12 meter).
6 fno: Vrij beloopbaar en indeelbare oppervlakte zonder belemmeringen (opgang, scheidingswanden etc.).
36
Vormfactoren Om de behoefte aan functioneel nuttig oppervlakte (fno) te vertalen naar een bruto vloeroppervlakte (bvo) is het noodzakelijk om vormfactoren vast te leggen. De vormfactor is afgeleid uit de onderstaande ontwerpambitie: Ontwerpambitie Fno Indelingsverliezen Verkeersgebied Constructieruimte Installatieruimte Totaal
Deel van bvo 76% 3% 11% 5% 5% 100%
37
Temperatuurtabel NR.
Ruimte omschrijving 1 Entree 2 Kleedruimte 3 Stallingsruimte 4 Doucheruimte 5 Toilettenruimte 6 Opslagruimte OTO/UML 7 Technisch ruimte 8 Schoonmaakruimte 9 SER-ruimte 10 Instructieruimte 11 Ontspanningsruimte 12 Keuken 13 Magazijn keuken 14 Magazijn algemeen 15 Kantoorruimte 16 Kopieerruimte
Minimale ontwerp temperatuur in graden Celsius op ruimteniveau 15 24 15 24 20 15 15 15 18 20 20 20 15 15 20 20
Aanvullende informatie: In bovengenoemde ruimten dient er een instelbare temperatuur van 150C - 240 C gewaarborgd te worden in elk jaargetijden. De kantoor-, ontspannings- en instructieruimte moet worden voorzien van aanvullende voorzieningen (splitunits) t.b.v. snelle koeling van deze ruimten. De ontspannings- en instructieruimte moet daarnaast ook worden voorzien van aanvullende verwarming om deze ruimten snel (binnen 15 minuten) tijdelijk te kunnen optoppen. Thermische behaaglijkheid Ontwerp buitencondities: Periode temperatuur Winter -10⁰C Zomer 28⁰C
vochtigheid 1g/kg 90%RV 60% RV
38
windsnelheid 5m/s 5m/s
Kwaliteitsbeschrijving /afwerkstaat
Nr. Ruimte:
Vloer:
Wanden:
Plafond:
Schoonloopmat (geïntegreerd) / Tegels antislip R=11 Tegels antislip R=11
Spuitwerk
Systeem
Tegels
Systeem / vinylgips
Vloeistof kerende vloer, slijtvast en antislip R=11
Afneembaar en stootvast
Tegels antislip R=11
Tegels
Systeem / vinylgips
Tegels antislip R=11
Tegels
Systeem / vinylgips
1
Entree
2
Kleedruimte
3
Stallingruimte
4
Doucheruimte
5
Toiletruimte
6
Opslagruimte OTO/UML
Gladde vloerafwerking zonder voegen, slijtvast
Afneembaar en stootvast
7
Technische ruimte
Gladde vloerafwerking zonder voegen, slijtvast
Afneembaar en stootvast
8
Schoonmaakruimte
Gladde vloerafwerking zonder voegen, slijtvast
Afneembaar en stootvast
Systeem / vinylgips
9
SER ruimte
Gladde vloerafwerking zonder voegen, slijtvast
Spuitwerk (reinig baar)
Systeem / vinylgips
10 Instructieruimte
Gladde vloerafwerking zonder voegen, slijtvast
Spuitwerk (reinig baar)
Systeem / vinylgips
11
Ontspanningsruimte
Gladde vloerafwerking zonder voegen, slijtvast
Tegels
Systeem / vinylgips
12
Keuken
Gladde vloerafwerking zonder voegen, slijtvast
Tegels
Systeem / vinylgips
13
Magazijn keuken
Gladde vloerafwerking zonder voegen, slijtvast
Tegels
Systeem / vinylgips
14
Magazijn algemeen
Gladde vloerafwerking zonder voegen
Afneembaar en stootvast
15
Kantoorruimte
Gladde vloerafwerking zonder voegen / Project tapijttegels Gladde vloerafwerking zonder voegen / Project tapijttegels
Spuitwerk (reinig baar)
Systeem / vinylgips
Spuitwerk (reinig baar)
Systeem / vinylgips
16 Kopieerruimte
39
Aanvullende informatie: - Tegels tot aan het plafond. Kleur en afmeting in overleg met opdrachtgever / VRU. - Schilderwerk binnen neutrale RAL kleur in overleg met opdrachtgever/VRU - Schilderwerk buiten in overleg met opdrachtgever / VRU i.r.t. ontwerp . Voor kleur en materiaal bepaling verzoek tot aanleveren van een monsterbord door opdrachtnemer en deze ter goedkeuring voorleggen aan opdrachtgever / VRU.
Technische eisen Bouwkundig De volgende specifieke bouwkundige eisen vormen onderdeel van het ontwerp van de brandweerpost. Vloerafwerking Tegelvloeren dienen rondom te worden afgewerkt van een (gelijkwaardige) tegelplint. Waar projecttapijt of marmoleum/ linoleum / PVC is toegepast, dient deze ruimte rondom te worden afgewerkt met een plint van minimaal 70 mm in de kleur wit of gelijk aan wand- of vloerkleur. Vloerafwerking van entree, stalling-, kleed-, sanitair- en keukenruimte + magazijnen antislip volgens R-waarden in DIN 51130 (R=11). Dient te worden aangetoond door middel van certificaat. De schoonloopmat dient geïntegreerd te worden uitgevoerd. Lengte en breedte in overleg met opdrachtgever/VRU. De vloer in de stallingsruimte dient minimaal te worden uitgevoerd als een gecertificeerde vloeistofdichte vloer. De vloer van de wasplaats dient uitgevoerd te worden als een gecertificeerde vloeistofdichte vloer. Deuren De deuren die niet voorzien van een voorgeschreven deurdranger, dienen te worden uitgevoerd met een op de wand gemonteerde deurstop.
40
Installaties De volgende specifieke installaties vormen onderdeel van het ontwerp van de brandweerpost. Daar waar wetgeving onderscheid maakt in niveaus (verbouw/nieuwbouw) dient voor de betreffende installatie het nieuwbouw niveau aangehouden te worden. Afzuiginstallatie uitlaatgassen Ten behoeve van de afvoer van uitlaatgassen in de stallingruimte dient een gescheiden “bron” afzuigsysteem te worden toegepast. Die zowel de vaste stofdeeltjes als ook de schadelijke gassen afzuigt. De 100% bronafzuiging dient voorzien te zijn van een automatisch start/stopsysteem (druksensor) welke geregeld wordt door het PCUsysteem bij starten van het voertuig(en) en te zijn voorzien van instelbare naloop tijd regeling en automatisch tijdens het naar buiten rijden van de voertuigen te ontkoppelen en na een ingestelde tijd, tussen de 1-20 minuten automatische uit te schakelen. Systeem dient geschikt te zijn voor de diverse uitlaatpijp varianten en bestand zijn tegen regeneratietemperatuur. Sanitair en riolering Ten voorkoming van legionella besmetting dient de drinkwaterinstallatie (warm en koud) dusdanig ontworpen te worden dat de installatie zonder specifieke en bijzondere beheersmaatregelen legionella vrij gehouden wordt. (Onder vrij wordt verstaan: het aantal aanwezige legionella koloniën bevindt zich onder de wettelijk grenswaarden).
De rioleringsinstallaties dienen van voldoende capaciteit te zijn ten behoeven van het verwijderen van het nodige hemelwater (H.W.A.) en fecaliën/schoonmaakwater (D.W.A) Er dient rekening gehouden te worden met een gescheiden rioleringssysteem voor H.W.A en D.W.A, verder dienen in de specifieke toepassingsgebieden rekening gehouden te worden met bezinksel-, olie- en vetafscheiders. De bezinksel- /olie-/ vet- en zandafscheiders dienen op een goed bereikbare plaatsen in de rioleringsleidingen opgenomen te worden en dienen te worden voorzien van controle putten. Centrale verwarmingsinstallatie Voor de kleedruimte, stallings- en sanitair ruimte wordt vloerverwarming geëist, voor de overige ruimten is dit optioneel. Na regeling op de vloerverwarming moet per ruimte te regelen zijn. De kleed-, instructie-, ontspanning-, en kantoorruimte dient per ruimte voorzien te worden van een thermostaat. Thermostaten dienen instelbaar en programmeerbaar te zijn en voorzien te zijn van een overwerkschakelaar of aanwezigheidssensor. De ontspannings- en instructieruimte moet worden voorzien van aanvullende verwarming om deze ruimten snel tijdelijk te kunnen optoppen.