CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 35, Bijlage 4 AERIUS-berekening

Commissie Ruimtelijke Zaken 16 juni 2021, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: 4d. Bestemmingsplan Van Geijnweg 2 Mijdrecht, raadsvoorstel 35/21 (21.15 uur)2.050 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Berekening t.b.v. Wet natuurbescherming Van Geijnweg 2, Mijdrecht Gemeente De Ronde Venen

1

Gegevens over het plan: Plannaam: Datum: Projectnummer Buro SRO:

Berekening t.b.v. Wet natuurbescherming Van Geijnweg 2, Mijdrecht 19 januari 2021 SR190394

Gegevens projectbetrokkenen: Opdrachtgever:

Architectenbureau H.W. van der Laan & Roeleveld en Bos

Gegevens Buro SRO: Telefoon: E-mail: Internet:

’t Goylaan 11 3525 AA te Utrecht 030-2479198 utrecht@buro-sro.nl www.Buro-SRO.nl

2

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1

Inleiding ................................................................................................................................. 4

1.1

Aanleiding .............................................................................................................................................. 4

1.2

Projectbeschrijving ................................................................................................................................ 5

1.3

Wettelijk kader ...................................................................................................................................... 6

1.4

Leeswijzer .............................................................................................................................................. 6

Hoofdstuk 2

Verkeers- en ruimtelijke gegevens ......................................................................................... 7

2.1 Ruimtelijke gegevens .................................................................................................................................... 7 2.2 Gebruiksfase .................................................................................................................................................. 7 2.3 Bouwfase ....................................................................................................................................................... 8 Hoofdstuk 3

Berekeningen en resultaten bouw- en gebruiksfase ................................................................ 9

3.1 Gebruiksfase .................................................................................................................................................. 9 3.2 Bouwfase ..................................................................................................................................................... 10 Hoofdstuk 4

Samenvatting en conclusies .................................................................................................. 12

3

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

Op de planlocatie aan de Van Geijnweg 2 te Mijdrecht zit een bedrijf gevestigd, gericht op handel, keuring en reparatie van landbouwvoertuigen. Het voornemen is om de bedrijfsbebouwing op het perceel deels te vernieuwen en uit te breiden en om in samenhang daarmee het terrein te herstructureren. Deze ontwikkeling gaat gepaard met de uitstoot van stikstof in de gebruiks- en bouwfase. Derhalve moet in beeld gebracht worden wat de mogelijke effecten van de ontwikkeling zijn op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden. In voorliggende rapportage worden de mogelijke effecten in beeld gebracht. De onderstaande afbeelding laat de locatie zien ten opzichte van de omliggende Natura 2000-gebieden.

Ligging plangebied (rood) ten opzichte van omliggende Natura 2000-gebieden (geel, groen en blauw) (bron: Atlas leefomgeving)

4

1.2

Projectbeschrijving

Initiatiefnemer is voornemens om een bestaande bedrijfsruimte, waarin o.a. de reparatiewerkplaats is gevestigd te verwijderen en om een nieuwe ruimere, meer duurzame bedrijfsruimte te realiseren. De nieuwe bedrijfsbebouwing krijgt een omvang van 1.800 m², wat neerkomt op een uitbreiding van de totale bedrijfsbebouwing met 20%. De nieuwe bedrijfsbebouwing krijgt een goot- en bouwhoogte van resp. 6,5 en 10 m, passend bij de huidige bedrijfsvoering met grote landbouwmachines. Dat is iets hoger dan het bestaande pand die een goot- en bouwhoogte heeft van resp. 4,5 en 8 m, maar de hoogtes passen nog wel bij de schaal van dit perceel en bij de agrarische sfeer. De bebouwing vormt samen met het opgaande groen een samenhangend agrarisch cluster met een herkenbaar erfsilhouet. De bestaande en nieuwe bebouwing zal aangepast worden met een gedekte kleurstelling waarmee het contrast tussen de bebouwing en het landschap verkleind wordt. Voorts wordt hier voorzien in de realisering van 17 parkeerplaatsen. Hiertoe wordt het bestemmingsvlak enigszins in zuidelijke richting uitgebreid. Deze uitbreiding is nodig om het bedrijfsperceel op een verantwoorde wijze te kunnen inrichten en gebruiken. Het opslagterrein aan de noordzijde van het plangebied wordt verwijderd. Hier wordt de bestaande watergang verlengd wat een natuurlijke grens vormt tussen het bedrijf en het talud van de dijk.

Beoogde nieuwe situatie (bron: Buro SRO, 8 september 2020)

5

1.3

Wettelijk kader

In de Wet natuurbescherming is voorgeschreven dat voor alle activiteiten die mogelijk een negatief effect hebben op Natura 2000-gebieden een vergunning vereist is. Verzuring en vermesting is één van die mogelijk negatieve effecten. Voor ieder habitattype binnen een Natura 2000-gebied dat gevoelig is voor verzuring en/of vermesting is een kritische depositiewaarde (KDW) vastgesteld. De KDW geeft de grens aan waarboven het risico bestaat dat de kwaliteit van het habitat significant wordt aangetast door de verzurende en/of vermestende invloed van atmosferische stikstofdepositie. Door middel van het rekeninstrument AERIUS wordt de stikstofdepositie berekend als gevolg van projecten en plannen op Natura 2000-gebieden. Het rekeninstrument AERIUS was één van de pijlers van het Programmatische Aanpak Stikstof (PAS), het PAS maakt onderdeel uit van de Crisis- en herstelwet (Chw). Op 29 mei 2019 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State uitspraak gedaan omtrent het PAS. Het PAS mag niet meer gebruikt worden als basis voor toestemming voor ‘activiteiten’. Hiermee is het PAS buiten werking gesteld. Het systeem van het PAS was erop gebaseerd dat vooruitlopend op toekomstige positieve ontwikkelingen voor beschermde natuurgebieden toestemming gegeven kan worden voor activiteiten die mogelijk schadelijk zijn voor die gebieden door stikstofuitstoot.

Die toestemming ‘vooraf’, zoals het PAS mogelijk maakte, mag niet meer, aldus de RvS. Projecten en of activiteiten dienen, in afwachting van een nieuwe PAS, zelfstandig beoordeeld te worden op grond van de Wet natuurbescherming. In de uitspraak van 29 mei 2019 is ook specifiek ingegaan op de AERIUS Calculatie. In rechtsoverweging 39.3 is bepaald dat AERIUS nog wel gebruikt kan worden voor de effectbepaling op grotere (meer dan 50 meter) afstand. Voor berekeningen op kortere afstand wordt een tweede berekening met een ander rekenpakket aanbevolen. De onnauwkeurigheid van AERIUS zat voornamelijk in emissie berekeningen bij agrarische bedrijven waar het emissiepunt zich op enige hoogte bevond. In de nieuwe AERIUS module (AERIUS 2020) van oktober 2020 zijn de bezwaren van de Afdeling bestuursrechtspraak zoals verwoord in de uitspraak van 29 mei 2019 weggenomen.

1.4

Leeswijzer

Na dit inleidende hoofdstuk worden in hoofdstuk 2 de verkeers- en ruimtelijke gegevens beschreven. De uitgevoerde berekeningen en resultaten worden beschreven in hoofdstuk 3. Tenslotte wordt in hoofdstuk 4 de conclusie getrokken.

6

Hoofdstuk 2

Verkeers- en ruimtelijke gegevens

2.1 Ruimtelijke gegevens Bij een stikstofdepositieberekening wordt rekening gehouden met de Natura 2000-gebieden binnen een straal die relevant is voor de omvang van het plan. Binnen een straal van 10 km zijn twee Natura 2000gebieden aanwezig. Het Natura 2000-gebied Bolthol bevindt zich op een afstand van ca. 4,1 km. Op onderstaande afbeelding staat de ligging van het plangebied ten opzichte van het Natura 2000-gebied Bolthol weergegeven.

Ligging plangebied (rood) ten opzichte van Lingegebied & Diefdijk-Zuid (geel) (bron: Atlas leefomgeving)

2.2 Gebruiksfase De oppervlakte van de bedrijfsbebouwing neemt in de gebruiksfase verkeersbewegingen met zich mee. Voor de berekening van de totale verkeersgeneratie is gebruik gemaakt van de CROW publicatie 381 “Toekomstbestendig parkeren”. Voor het bedrijfsgebouw kan in de CROW-publicatie 381 de categorie ‘Bedrijf arbeidsextensief/bezoekersextensief (loods, opslag, transportbedrijf)’ worden gevolgd, waarbij een gemiddelde verkeersgeneratie van 4,8 verkeersbewegingen per 100 m² geldt. Voor de stedelijkheidsgraad wordt uitgegaan van ‘niet stedelijk’ in het ‘buitengebied’. De oppervlakte van de opslagloods neemt met ca. 500 m² toe. De totale toename van de verkeersgeneratie bedraagt afgerond 24 voertuigbewegingen per etmaal. De voertuigbewegingen zijn in de volgende categorieën onder te verdelen: ‘Licht verkeer’ – 12 voertuigbewegingen ‘Zwaar vrachtverkeer’ – 12 voertuigbewegingen Het verkeer rijdt via de Van Geijnweg de N201 op, waarna het verkeer opgaat in het overige verkeer. De bedrijfsbebouwing wordt niet verwarmt, waardoor deze niet meegenomen worden in de berekening.

7

2.3 Bouwfase Naast het toekomstig gebruik (gebruiksfase) is ook de stikstofuitstoot tijdens de bouwfase van het project van belang. Bij de sloop en bouw zijn gedurende enige tijd voertuigen en mobiele werktuigen aanwezig en is sprake van verkeersbewegingen van werklieden en materialen van en naar de bouwplaats. De voertuigen en mobiele werktuigen die aangedreven worden door een verbrandingsmotor veroorzaken een korte toename van de stikstofemissie. Met de sloop van het noordelijk gelegen bedrijfsgebouw en de bouw van het nieuwe bedrijfsgebouw worden verschillende mobiele werktuigen gebruikt. Er kan deels gebruik gemaakt worden van mobiele werktuigen met een bouwjaar van 2005/2006, bijvoorbeeld tijdens de sloop. Echter zal ook voor een deel gebruik gemaakt moeten worden van mobiele werktuigen met een recenter bouwjaar (vanaf 2015) om te voorkomen dat er te veel stikstof uitgestoten wordt. Voor het vervoer van personeel en materialen is een ruime aanname gedaan van 16 voertuigbewegingen aan licht verkeer, 8 voertuigbewegingen aan middelzwaar vrachtverkeer en 6 voertuigbewegingen aan zwaar vrachtverkeer per etmaal. Ook het bouwverkeer rijdt via de Van Geijnweg de N201 op, waarna het bouwverkeer opgaat in het overige verkeer. In onderstaande tabel worden de te gebruiken mobiele werktuigen beschreven. Werktuig

Draaiuren

Bouwjaar

Vermogen (kW)

Belasting (%)

Emissiefactor (g/kWh)

Shovel (sloop)

40

Vanaf 2015

150

55

0,9

Mobiele kraan (sloop)

40

Vanaf 2014

210

61

0,9

Graafmachine (sloop)

40

Vanaf 2015

150

69

0,8

Shovel

160

Vanaf 2015

150

55

0.9

Mobiele kraan

200

Vanaf 2015

210

61

0,9

Betonpomp

20

Vanaf 2014

200

69

1

Heistelling

20

Vanaf 2014

200

69

1

Graafmachine

160

Vanaf 2015

150

69

0,8

Vervoer personeel en materiaal

Licht verkeer: 16 voertuigbewegingen per etmaal Middelzwaar vrachtverkeer: 8 voertuigbewegingen per etmaal Zwaar vrachtverkeer: 6 voertuigbewegingen per etmaal

8

Hoofdstuk 3

Berekeningen en resultaten bouw- en gebruiksfase

De berekeningen zijn verricht met het web-based programma AERIUS 2020, d.d. 15 oktober 2020. Op navolgende uitsnede zijn de bronnen weergegeven die van invloed kunnen zijn op de stikstofdepositie van het initiatief. De bronnen geven aan waar een toename van het aantal verkeersbewegingen plaatsvindt en waar de mobiele werktuigen gebruikt worden tijdens de bouwfase. De AERIUS Calculator is zo ingesteld dat er geen afronding van de rekenresultaten onder de 0,05, de zogenaamde pas-drempel, plaatsvindt.

3.1 Gebruiksfase In de gebruiksfase wordt uitgegaan van één bron, welke betrekking heeft op het wegverkeer.

Bron 1 gebruiksfase Voor bron 1 is uitgegaan van een verkeersgeneratie van 24 voertuigbewegingen per etmaal, wat overeenkomt met 100% van de totale verkeersgeneratie. De route die wordt afgelegd loopt via de Van Geijnweg de N201 op. Uit navolgende afbeelding volgt dat de uitstoot door verkeer voor NO x 4,30 kg/j en voor NH3 < 1 kg/j bedraagt.

Tijdens de gebruiksfase bedraagt de totale emissie voor NOx 4,30 kg/j en voor NH3 < 1 kg/j. Uit de berekening van de AERIUS Calculator blijkt dat er voor de gebruiksfase in dit geval geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j zijn op de Natura 2000-gebieden.

9

3.2 Bouwfase Voor de bouwfase is een ruime schatting gemaakt voor het aantal verkeersbewegingen voor het vervoer van personeel en materialen en de inzet van (mobiele) werktuigen welke te vinden is in paragraaf 2.3.

Bron 1 bouwfase Voor bron 1 is uitgegaan van 100% van het bouwverkeer. De route die wordt afgelegd loopt via de Van Geijnweg de N201 op. Uit navolgende afbeelding volgt dat de uitstoot door het bouwverkeer voor NOx 4,22 kg/j en voor NH3 < 1 kg/j bedraagt.

10

Bron 2 bouwfase De tweede bron tijdens de bouwfase is afkomstig van de te gebruiken mobiele werktuigen voor de sloop en bouw. Uit navolgende afbeelding volgt dat de uitstoot door de in te zetten mobiele werktuigen voor NOx 89,44 kg/j en voor NH3 < 1 kg/j bedraagt.

Tijdens de bouwfase bedraagt de totale emissie voor NOx 93,66 kg/j en voor NH3 < 1 kg/j. Uit de berekening van de AERIUS Calculator blijkt dat er voor de bouwfase in dit geval geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j zijn op de Natura 2000-gebieden.

11

Hoofdstuk 4

Samenvatting en conclusies

Op de planlocatie aan de Van Geijnweg 2 te Mijdrecht wordt het noordelijk gelegen bedrijfsgebouw gesloopt en elders op het perceel een nieuw ruimer bedrijfsgebouw teruggebouwd. Voor de beoogde ontwikkeling is ten behoeve van de Wet natuurbescherming een AERIUS-berekening uitgevoerd. Voor de gebruiksfase is uitgegaan van een toename van 24 voertuigbewegingen per etmaal. De verkeersgeneratie valt onder de categorieën ‘licht verkeer’ en ‘zwaar vrachtverkeer’. Uit de AERIUSberekening blijkt dat er in totaal sprake is van een Nox emissie van 4,30 kg/j en een NH3 emissie van < 1 kg/j. Voor de Natura 2000-gebieden geldt dat er geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j zijn. Voor de bouwfase is een ruime schatting gemaakt voor de mobiele werktuigen die nodig zijn en het aantal verkeersbewegingen voor het vervoer van personeel en materialen. Tijdens de bouwfase worden de mobiele werktuigen ingezet om voor de sloop en bouw van de bedrijfsgebouwen. Uit de AERIUS-berekening blijkt dat er in totaal sprake is van een Nox emissie van 93,66 kg/j en een NH3 emissie van < 1 kg/j. Voor de Natura 2000-gebieden geldt dat er geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j zijn. Er kan geconcludeerd worden dat de stikstofdepositie vanwege de beoogde ontwikkeling geen significante gevolgen heeft voor de Natura 2000-gebieden.

Daarmee is er geen vergunning nodig in het kader van de Wet natuurbescherming. Met het oog op de Wet natuurbescherming is het plan uitvoerbaar.

12

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10184544/1