CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 35, beantwoording technische vragen RVB Van Geijnweg 2

Commissie Ruimtelijke Zaken 16 juni 2021, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: 4d. Bestemmingsplan Van Geijnweg 2 Mijdrecht, raadsvoorstel 35/21 (21.15 uur)1.812 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording vragen Ronde Venen Belang raadsvoorstel Van Geijnweg 2 Vraag 1 De nieuwe loods wordt zorgvuldig in het landschap ingepast. Hierbij is aandacht voor de nieuwe zichtfunctie van het perceel sinds de omlegging van de N201 (tekst voorstel). De nieuwe loods wordt 10 meter hoog! Het is moeilijk voorstelbaar dat met de ‘inrichting’ d.w.z. door behoud en versterking van groenelementen een passende uitstraling vanaf de N201 wordt gecreëerd, zoals in het voorstel is aangegeven. Er is ruimte voor opgaand groen, zo wordt gemeld. Is er groen dat vanaf goedkeuring van dit plan, groen dat bij gereedkoming van de bouw, die 10 meter hoge nieuwbouw de genoemde ‘passende uitstraling’ verleend, en hoe gebeurt dat dan? (Anders dan met de aanplant van jong, nieuw, groen dus) Antwoord: De nieuwe bedrijfsloods wordt circa 2 meter smaller dan de bestaande loods. Hierdoor ontstaat er ruimte om aan de kant van de watergang opgaand groen toe te passen in de vorm van (knot)elzen. Dit is een transparante groenrand die past bij de overige beplanting langs het water. Dit is vastgelegd middels een voorwaardelijke verplichting. Door het gebouw te ontwerpen passend bij de agrarische sfeer, vormt de bebouwing samen met het opgaande groen een samenhangend agrarisch cluster met een herkenbaar erfsilhouet. Het bouwplan van de nieuwe bedrijfsbebouwing gaat daarnaast uit van een neutrale kleurstelling.

De bestaande loods wordt aangepast in deze kleurstelling. Hierdoor wordt het contrast tussen de bebouwing en het landschap verkleind. Vraag 2 Is het correct dat u aangeeft dat deze machines tegen de 10 meter hoog zullen zijn of kunnen worden. Hoe groot/hoog is de grootste machine die op dit moment op de markt is? Het lijkt immers niet goed mogelijk dat een machine voor landbouwgebruik zo hoog is of wordt als een huis van 3 verdiepingen. Of is er een andere reden voor het toestaan van deze zeer hoge bebouwing, waar het bestemmingsplan van nu veel minder hoog bouwen toestaat. En welke is dat dan? Antwoord: De grotere goot- en nokhoogte is nodig omdat het bedrijf momenteel te weinig ruimte heeft en uitbreiding noodzakelijk is voor een goede voortzetting van het bedrijf. Een belangrijk aspect hiervan is inderdaad dat de machines steeds hoger en groter worden. Eén van de hoogste machines is 4 meter hoog. Met de huidige maximaal toegestane goothoogte van 4,5 meter is dit maar net mogelijk. De nieuwe goothoogte wordt 6,5 meter. Hierdoor kunnen hogere machines naar binnen en daar worden gerepareerd. Daarnaast is de hoogte van het gebouw nodig voor de bovenloopkranen. Verder komen alle functies van de te slopen bedrijfsruimte terug in de nieuwe bedrijfshal. Er komen geen nieuwe functies bij. Er komt een verdieping op het kantoor, winkel/showroom alsmede boven het magazijn.

Dat is momenteel in de te slopen loods het geval. Het nieuwe bestemmingsplan maakt geen een extra verdieping mogelijk. Boven de werkplaatsen en wasplaats komt geen verdieping. Vraag 3 Uit de bijlage Aerius berekening blijkt dat v.w.b. de berekeningen van de CO2 uitstoot inzage de Wet Natuurbescherming die berekening uitgaat van de bij de bouw te gebruiken werktuigen vanaf bouwjaar 2014/2015. Worden werktuigen bij die bouw gebruikt van oudere bouwjaren dan zal de nu berekende uitstoot niet worden gehaald. In de vergunning is er geen voorwaarde opgenomen m.b.t.

het gebruik van bouwwerktuigen zoals die in de berekening genoemd, en waarom niet? Bent u bereid dat alsnog te doen? Zo neen, waarom niet? Antwoord: Ja, de voorwaarde voor het gebruik maken van recente mobiele werktuigen wordt opgenomen in de vergunning. Het bestemmingsplan legt de bouw- en gebruiksmogelijkheden vast van een plangebied. Met het vaststellen van het bestemmingsplan wordt geen vergunning verleend. Nadat het bestemmingsplan in werking is getreden, kan door initiatiefnemer een vergunning worden aangevraagd. In de vergunning wordt opgenomen dat de bouwer gebruik moet maken van recente mobiele werktuigen. Vraag 4 In de regels is in dit planvoorstel opgenomen dat artikel 3.2 onder h, de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouw zijnde, ten hoogste 9 meter mag bedragen. Waarom is deze hoogte hier vergund daarvoor, en hoe is elders in het plangebied waar deze locatie deel van uitmaakt, de maximale toegestane hoogte. Is deze eveneens voor dit soort bouwwerken 9 meter? Zo neen, waarom hier wel en waarom is dat niet gemeld in het voorstel en waartoe dient die verhoging. Antwoord: Ja, in het vigerend bestemmingsplan Buitengebied-West is deze regeling opgenomen. De regels van het nieuwe bestemmingsplan ‘Van Geijnweg 2’ zijn gebaseerd op de regels van het bestemmingsplan Buitengebied-West.

Vraag 5 Artikel 5 van de regels geeft aan dat het betreffende gebied verwachtingswaarden heeft op archeologisch gebied geduid als 2b, 4 en 5. In het rapport van het archeologisch onderzoek wordt dat eveneens gemeld. Tevens staat in dat rapport dat vanaf 2017 het beleid van de Ronde Venen is geactualiseerd en vanaf dat moment de gronden hier geheel zouden vallen onder categorie 5! Omdat bij die categorie, 5, alleen daadwerkelijk onderzoek noodzakelijk is bij ingrepen groter dan 200 m2 en dieper reikend dan 30 cm, waarvan hier geen sprake is, is dat onderzoek niet verricht. Nu wordt in dit raadsvoorstel aangegeven dat de gronden hier, deels, wel degelijk behoren tot categorie 2. Dan dient, bij die categorie en bij werkzaamheden groter dan 100 m2 en dieper dan 30 cm wel degelijk onderzoek te worden verricht. De regels en hetgeen in het archeologisch rapport vermeld is, zijn – zo lijk het – met elkaar in tegenspraak. Graag uitleg. Antwoord: Het plangebied ligt in de archeologische waardevol verwachtingsgebieden categorie 2b, categorie 4 en categorie 5. De nieuwe loods wordt gerealiseerd op de gronden met archeologisch verwachtingsgebied categorie 5. De voorgenomen loods overschrijdt de oppervlaktemaat van 2000 m2 niet. Hierdoor kan de bedrijfsloods gebouwd worden zonder archeologisch onderzoek. Vraag 6 O.g.v.

de regels is afwijking van de bouwhoogte in dit nieuwe plan toegestaan met 10 %. Daardoor is het mogelijk dat tot bijna 11 meter hoog wordt gebouwd. (10 meter vergund plus 10 %). Hetzelfde geldt v.w.b. de 10 % toegestane extra bebouwing, het bouwvlak. Met deze opgenomen regel in dit plan is het dus mogelijk dat er ruim 180 m2 aan bouwvlak extra wordt gebouwd. Is dit meegewogen en wat heeft dat voor consequentie m.b.t. andere bedrijfsobjecten in dit plangebied.

Antwoord: Omdat het bestemmingsplan gebaseerd is op het bestemmingsplan Buitengebied-West, is de regeling uit het bestemmingsplan Buitengebied-West overgenomen. Het is zeker niet het geval dat initiatiefnemer direct gebruik kan maken van deze regeling. Het is een afwijkingsmogelijkheid. Dit betekent dat het college kan besluiten om mee te werken indien er een goede ruimtelijke onderbouwing ligt. Het huidige plan en de bijbehorende onderbouwing gaan uit van een gebouw met een goothoogte van 6,5 meter en een nokhoogte van 10 meter. Initiatiefnemer kan nadat het bestemmingsplan in werking is getreden, alleen rechtstreeks een vergunning krijgen voor een nieuw bedrijfsgebouw dat aan deze maten voldoet. Vraag 7 In totaal is volgens het nu geldende bestemmingsplan hier 2611 m2 aan bebouwing toegestaan. De nieuw te bouwen hal is ongeveer 1800 m2. Er mag 20% extra worden gebouwd. Die 20% wordt precies ‘gehaald’ zo wordt gemeld. Niet duidelijk wordt hoe groot de te handhaven op het erf aanwezige hal is, hoeveel m2. Graag dus een berekening zoals die niet in het raadsvoorstel is opgenomen van al hetgeen hier nu staat, hetgeen blijft staan en hetgeen extra gebouwd wordt. Antwoord: Het perceel bestaat uit 2 loodsen en een buitenopslag. Hieronder is schematisch de bestaande en nieuwe situatie weergeven van de hoeveelheid m2 bebouwd oppervlak.

Met 20 procent wordt de toename van het maximum bebouwd oppervlak bedoeld. Dit was 2611 m2 en neemt toe tot 3133 m2. Dit is een toename van precies 20 procent. Huidige situatie

Nieuwe situatie

Loods 1: Bestaande loods

1266 m2

1266 m2

Loods 2: Te slopen loods

1297 m2

Loods 2: Nieuwe loods

1800 m2

Werkelijk aantal m2

2563 m2

3066 m2

Toegestaan m2 bebouwd oppervlak volgens het bestemmingsplan

2611 m2

3133 m2

Vraag 8 Over de aanwezige bestaande en in het nieuwe plan te behouden loods wordt geen uitleg gegeven. bijvoorbeeld waar deze loods nu voor wordt gebruikt en gebruikt blijft worden. Deze loods heeft een hoogte van 8 meter. Wat blijft de bestemming van deze loods? Of wat wordt na gereedmaken van de nieuwe loods, de functie van de bestaande loods Antwoord: De te behouden loods wordt gebruikt voor de stalling en opslag van gebruikte en nieuwe machines. Deze functie wijzigt niet.

Vraag 9: Hoe verhoudt de veel hogere bebouwing zich met de in het gebied voorkomende en te behouden kernkwaliteiten? Immers de 20 % uitbreidingsmogelijkheden die kunnen worden toegestaan hebben betrekking op het bouwvlak en zien niet op het ‘ophogen’ van nieuwe bebouwing t.o.v. de hier bestaande reguliere bebouwing. Het aanplanten van groen zal ook niet voorkomen dat de bebouwing hier, na nieuwbouw, vanuit alle richtingen meer dan duidelijk zichtbaar uitsteekt boven de hier bestaande bebouwing. Waarom en met welke onderbouwing is/wordt voldaan aan de hier te respecteren en te koesteren landschappelijke waarden op dit punt? In de onderbouwing, de toelichting, is daaromtrent, dus m.b.t. de nieuwe hoogte, niets specifiek aangegeven of vermeld! Graag dus hierop een antwoord. Antwoord: De voorgestelde goothoogte is een meter hoger dan de gangbare goothoogte en twee meter hoger dan de gangbare nokhoogte voor agrarische bedrijfsbebouwing in het gebied. De hoogte van de nieuwe bedrijfsloods wijkt daarmee beperkt af van de agrarische bedrijfsbebouwing. Deze beperkte afwijking is nog een passende afmeting voor het gebied. Het betreft een bestaande bedrijfskavel in het buitengebied. Binnen de bestaande bedrijfsbestemming vindt de nieuwbouw plaats. Daarmee tast het de kernkwaliteiten van het landschap niet aan.

De hoogte is noodzakelijk om de bedrijfsvoering op een goede manier voort te kunnen zetten. Dit is een bedrijf met een grote binding met het agrarisch gebied. Het bedrijf onderhoudt, repareert en verkoopt agrarische voertuigen. Bereikbaarheid van de locatie voor agrarische voertuigen is een belangrijke voorwaarde voor de bedrijfsvoering. Op de huidige locatie kunnen agrarische voertuigen het pand over de binnenwegen benaderen zonder te veel hinder op de doorgaande wegen te veroorzaken. Deze plek in het buitengebied vinden wij daarom geschikt voor deze specifieke functie. Het beleid van de gemeente biedt ruimte aan bestaande bedrijven in het buitengebied om uit te breiden. Zoals aangegeven in het raadsvoorstel staat in de Economische Visie 2025 dat wordt ingezet op behoud van huidige bedrijven door waar mogelijk bedrijven te helpen in hun doorontwikkeling. In de Structuurvisie De Ronde Venen staat dat voor bestaande niet-agrarisch bedrijvigheid passende en bescheiden uitbreidingsmogelijkheden zijn. Dit is hier het geval. Het volume wordt gerealiseerd met een flauwe kap waardoor het typologisch aansluit bij de agrarische bouwstijl. De bebouwing wordt landschappelijk ingepast door het verlengen van de bomenrij langs de watergang.

De visuele impact van de nieuwe bebouwing wordt met deze beplanting verzacht, de landschappelijke structuur versterkt en de landschappelijke inpassing zorgt voor samenhang in de erfopbouw.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10252077/1