Raadsvoorstel 18, bijlage 4 Tweede bijlage Kindcentrum Hofland raadsvergadering 22 april 2021
Tekst van het document
Tweede bijlage bij raadsvoorstel ‘Beschikbaar stellen aanvullend investeringsbudget Kindcentrum Hofland’ raadsvergadering 22 april 2021 Vraag van CU/SGP van donderdag 15 april 2021: “Heb de beantwoording bekeken, maar volgens mij klopt de reactie onder Ad 1 (uit Bijlage bij raadsvoorstel Beschikbaar stellen aanvullend investeringsbudget Kindcentrum Hofland raadsvergadering 22 april 2021) niet. De extra post 4% nader te detailleren (218.252 ) zit er nu dubbel in; zowel in de totaalsom "overige" van ruim 6 ton als in de totaalsom B+D (want die 218k maakte al deel uit van bouwkosten B). Dus de post onvoorzien is nog steeds ca 4 ton t.o.v. die 4,3 miljoen = ruim 8%. Blijft voor ons dus staan dat de stukken op zijn minst verwarrend zijn en ook de beantwoording niet correct. Dat in combinatie met het gegoochel met die 2x 5 ton e.e.a. wel heel knullig doet over komen (op zijn best) dan wel erg ongeloofwaardig (met een andere bril). Daarnaast merken we nergens in het RV nog in de beantwoording dat er nog intenties zijn om de investering te beperken (hoe luxe wordt dit pand)?” Antwoord: Alleen de post ‘onvoorzien’ ten opzichte va de ‘Bouw- en bijkomende bouwkosten’ (E t.o.v. B+D) is afgerond 8,5%. Het is inderdaad verwarrend, aangezien het niet alleen de ‘onvoorziene kosten’ betreft, maar ook nog de ‘nader te detailleren kosten’.
Het klopt inderdaad dat de ‘nader te detailleren kosten’ al in de bouwkosten bij onderdeel B zitten. Als die eruit gecorrigeerd worden, dan is het 13,8%. Zie ook onder.
B Totale bouwkosten D Totale bijkomende kosten B+D Totale bouwkosten en bijkomende kosten E Totale stichtingskosten
Bedrag excl. btw € 3.855.787,00 € 767.487,00 € 4.623.274,00 € 5.014.694,00
B Totale bouwkosten Correctie B nader te detailleren Totale bouwkosten na correctie nader te detailleren D totale bijkomende kosten B+D Totale bouwkosten en bijkomende kosten excl. nader te detailleren
€ 3.855.787,00 € -218.252 € 3.637.535,00 € 767.487,00
6% reservering bouwkosten + bijkomende kosten (zie onderdeel E) 3% reservering meer- en minderwerk tijdens de uitvoering (zie onderdeel E) 4 % nader te detailleren (zie onderdeel B) 13% totaal onvoorziene kosten + nader te detailleren kosten
€ 275.710
Totaal onvoorziene kosten + nader te detailleren kosten B+D Totale bouwkosten en bijkomende kosten Totaal onvoorziene kosten + nader te detailleren kosten B+D Totale bouwkosten en bijkomende kosten excl. nader te detailleren 6% reservering bouwkosten + bijkomende kosten (zie onderdeel E) 3% reservering meer- en minderwerk tijdens de uitvoering (zie onderdeel E) Onvoorzien E B+D Totale bouwkosten en bijkomende kosten
€ 4.405.022,00 € 391.420
€ 115.710 € 218.252 € 609.672 € 609.672 € 4.623.274,00
13,19%
€ 609.672,00 € 4.405.022,00
13,84%
€ 275.710 € 115.710 € 391.420 € 4.623.274,00
8,47%
Resumerend (inclusief btw): Oorspronkelijk budget op basis van het
€ 5.100.000
Via Kadernota 2019 opgenomen in ge-
aantal m² x bouwprijs per m² op het prijs-
meentebegroting 2019
peil 2017 2018 – heden: Uitwerking en detaillering van het oorspronkelijke globale plan met een ontwerpteam van architect, adviseurs voor constructie, installaties en bouwfysica en samen met de scholen en de kinderopvang. Nieuwe benodigd budget op basis van het
€ 5.680.000
= € 580.000 aanvullend benodigd
gewijzigd Bouwbesluit 2021 met BENG ei-
(= 5.680.000 -/- 5.100.000)
sen + ontwerp gebonden kosten + meerkosten ‘van BENG naar ENG’ = totaal benodigd budget
€ 250.000
Zie ook toelichting hieronder
€ 120.000
Zie toelichting hieronder
€ 6.050.000
€ 950.000 totaal aanvullend benodigd (= 5.680.000 + 250.000 + 120.000)
Vraag 1 van RVB van zondag 19 april 2021: “Kan de 250.000 euro ‘ontwerpgebonden kosten’ onderbouwd worden” Antwoord: Er is bij de afronding van het VO-fase (Voorlopig Ontwerp) een kostenraming opgesteld. Hieruit zijn onderstaande aspecten gehaald die aangemerkt kunnen worden als “ontwerpgebonden” kosten (horend bij het ronde schoolgebouw): • • • • • •
Er moet in dit ontwerp uitgegaan worden van een houtskeletbouw gevelopbouw vanwege het (radiale) constructieprincipe (om te voorkomen dat de vloerplaten van de eerste verdieping door gaan zakken). Er is sprake van relatief veel staal, vanwege de radiale constructieprincipe, die voor deze ronde gebouwvorm wel logisch is. De dragende vloeren + daken zijn duurder, omdat er sprake is van zaagwerk van de kanaalplaten (vanwege de radiale staalconstructie), dus ook plaatverlies, aanstorting van de kanaalplaten en verschillen in de kanaalplaten (verschillende overspanningen). Er is sprake van relatief veel brandwerend glas vanwege de onderwijsvisie en visie van de architect (zicht van de verdieping naar beneden). Er is sprake van een luxe hoofdtrap (luie wenteltrap) met podium daarvoor. Dit is een beeldbepalend element in het ontwerp van de architect, maar tevens wel maatwerk. Er is sprake van scanbehang wandafwerking in plaats van spuitwerk. Wij adviseren om hier, ongeacht het budget, niet op te bezuinigingen. De school wilt liever ook geen ruw spuitwerk als wandafwerking (hard, slecht schoonmaakbaar).
Vraag 2 van RVB van zondag 19 april 2021: “Kan voor het verschil in kosten tussen BENG en ENG van 120.000 euro aangegeven worden, welk deel van dat bedrag bouwkundig is en welk deel daarvan installatiegebonden” Antwoord: Dit betreft nagenoeg alleen installatietechnische kosten.